Vorrei essere un’italiana, chiamami Gloria!*

Ik dacht iets te schrijven over onze reis. Na 2 dagen in Martigny besefte ik: dit is een verhaal op zich! De vakantieverhalen bleven zich opstapelen. Naast het campingleven en onze trailavonturen is er nog één aspect van de vakantie waar ik intens van genoten heb: het Italiaans! Er was een tijd (toen ik nog niet in Italië was geweest) dat ik het blasé vond om jezelf italofiel te noemen en te dwepen met het Italiaans. Om een taalcursus Italiaans te volgen zodat je dan bij de Italiaan in het Italiaans kan bestellen. Ik was zo niet. Ja, Italiaans is een mooie taal, maar ook wel makkelijk om er lyrisch over te zijn. Tegendraads als ik kan zijn, trad ik liever naar buiten met mijn liefde voor het Duits, een taal die meer positivisme nodig heeft dan dat eeuwige Italiaans. Ik wil niet per se anders zijn, maar het zit in mijn bloed om toch op de één of andere manier de ander te willen vertegenwoordigen.

Jullie voelen het al komen: dat is voltooid verleden tijd. Ik wil een cursus Italiaans volgen. Ik wil aan de Duolingo om elke dag met het Italiaans bezig te kunnen zijn zodat ik op z’n minst in het Italiaans kan bestellen bij de Italiaan en dat ik in Italië wat verder kom dan due cappuccino, wat fout is, want het is due cappuccini of cappu in de volksmond. Het begon allemaal in Milaan, waar ik tot de verrassende vaststelling kwam dat ik geschreven Italiaans heel goed begrijp. Met dank aan het Frans natuurlijk. Hans en ik imiteerden de stem van de metro, als vanzelf gingen we luider en met meer grimassen spreken. Het gaat echter mis als je zelf iets probeert te zeggen of gesproken Italiaans probeert te begrijpen. Door de snelheid zijn de woorden bijlange niet zo herkenbaar. Gesproken Italiaans leidt een eigen leven.

Italia is hoe dan ook een land dat tot de verbeelding spreekt. Alleen al de herkenbaarheid ervan op een blinde kaart is veelzeggend. Iedereen kent De Laars! In de 19e eeuw emigreerden miljoenen Italianen met de Italiaanse keuken als ultiem handelsmerk. Daardoor kan je min of meer overal ter wereld gaan eten bij Den Italiaan. Ook in de Europese geschiedenis is Italië toonaangevend. Ik denk aan de Italiaanse invloed op de renaissance en de modewereld. Italianen lijken het in elke sportdiscipline goed te doen. Of dat nu met een bal of in de sneeuw is. Zo bulkt ook elke Italiaanse stad van de geschiedenis en bezienswaardigheden. Als grote fan geef ik uiteraard de Italiaanse literatuur een vermelding in de eregalerij. Tutto è Italia.

Voor mij is Italië een land van chaos troef waar de emoties hoogtij vieren. De gesprekken zijn er altijd geanimeerd en doorleefd. Hartelijkheid altijd dat tikkeltje hartelijker. Een bongiorno is nooit zomaar een goedendag. Claxonneren is er net zo goed een taal. De polizia steekt je op de snelweg vrolijk langs rechts voorbij en op de afrit staat een verkeersbord dat zegt dat je er niet mag inhalen – want anders doe je dat toch gewoon! Ik dacht dat het woord macho uit het Italiaans afkomstig is, maar dat klopt niet: het is van Spaanse herkomst. Desalniettemin is de Italiaan een vat vol uitersten. Explosief van aard en tegelijkertijd zacht als een eitje. 2 bonken van kerels die op een terras witte wijn drinken met een bruscetta erbij, dat kan gewoon. Ik las eens een artikel waarin werd uitgelegd dat de Italiaanse cultuur wel tegen een spottend stootje kan, juist omdat ze altijd zo dominant is geweest. We hebben allemaal ergens een boon voor de Italianen, het is nooit een volk in verdrukking geweest.

En dan kom ik dus bij die fameuze Italiaanse taal. Een taal met een overdaad aan klinkers en klanken die alle kanten op stuiteren. Woorden leven bij het motto: hoe langer hoe beter! Die overdaad zie je ook op verkeersborden. Daar staat dan zoveel tekst op dat je denkt: ik krijg dit niet gelezen, enkele pictogrammen zouden handiger geweest zijn. Tot je het verkeersbord ziet dat aangeeft dat er file is. Doorgaans is dat een afbeelding van 3 auto’s achter elkaar: duidelijk genoeg, die staan in een rijtje aan te schuiven. In Italië is dat bord groter en staat het VOL met auto’s. Ik had ettelijke pogingen nodig om die auto’s te kunnen tellen. Wel, schrik niet: het zijn er 14! Op 1 verkeersbord dus. Veel woorden en dramatiek, ik kan daar alleen maar voor vallen.

De uitgelezen manier om als leek wat op te steken van gesproken Italiaans, is natuurlijk de muziek. Voor de vakantie stelde ik een playlist samen met de naam Tutta l’Italia, verwijzend naar het kitscherige nummer van Gabry Ponte, Italiaanse dj en producer. Op die lijst stond veel Paolo Conte en andere klassiekers zoals Zucchero en Umberto Tozzi. Laura Pausini mocht uiteraard ook niet ontbreken, net zoals Lucio Corsi die voor de hedendaagse touch zorgde. De zwierige en zangerige taal hielp in gezongen vorm om op onze uitspraak te werken door simpelweg na te zingen. Het was ook een oefening om woorden in gesproken vorm te herkennen. Ik zat er zo hard in dat ik me op een bepaald moment tot Gloria wilde laten omdopen, want paste dat eigenlijk niet veel beter bij mij? Onder die impuls kozen we ook resoluut voor Felicità en Sarà perché ti amo als muziek voor onze huwelijksceremonie. Het kleine geluk en de geneugten van verliefd zijn in een eighties Italiaans designerjasje!

Muzikaal drama volgens de perfectie gedoseerd en opgebouwd: ik viel als een blok voor het nummer Vivo per lei van Andrea Bocelli en Giorgia. Ik leerde er veel van. Andrea Bocelli bracht mij in mijn kindertijd voor het eerst Italiaans bij door zijn hit Con te partirò, wat niet bepaald een opbeurend nummer is, maar de tenor die niet kan zien maakte wel indruk op mij. In dit nummer blendt zijn zalvende stem fantastisch met die van Giorgia. Vivo per lei betekent Ik leef voor haar. Zij is geen vrouw, maar de muziek. Het is een duet waarin de troostende kracht van muziek bezongen wordt. De tekst toont ook aan hoe in het Italiaans een persoonlijk voornaamwoord – hier io (=ik) – al naargelang het uitkomt, wel of niet gebruikt kan worden. Wat een taal toch! Als klap op de vuurpijl verdiepte ik me in het privéleven van onze Andrea en dat bleek veel spannender dan verwacht. De saillante details zal ik jullie besparen, want ik bevind me niet in de positie om te oordelen over leeftijdsverschillen in een relatie.

Het is inmiddels 2 maanden geleden dat we in Italië waren. Ik ga heel eerlijk zijn: ik heb niks met Duolingo gedaan, noch ben ik ingeschreven voor een taalcursus. Het is Italia zelf en de Italianen die zwier en zwang geven aan hun taal, dat kan ik nooit met evenveel overgave oefenen aan de keukentafel. Wat rest is de helende kracht van de muziek. Tutta l’Italia!

* Ik wil een Italiaanse zijn, noem me Gloria!

Plaats een reactie