Waarom ik ook vanavond zeker naar het Eurosongfestival kijk

Ik noemde het Eurosongfestival vorig jaar nog een ongegeneerd plezier en daar blijf ik bij. Hier volgt dus weer een onverbloemd pleidooi om vanavond af te stemmen op Turijn, waar het Eursongcircus dit jaar is neergestreken dankzij de rockers van Måneskin. Door de tegenkantingen en soms zelfs venijnige opmerkingen die ik her der opving voel ik me eens zo zeer gesterkt in mijn liefde voor Eurovision. Eerlijk gezegd begrijp ik het zogenaamde probleem niet echt. Alsof de doorsnee muzikale keuze van de Vlaming volgens mij getuigt van goede smaak. Alsof dat erg is. Ik geef mij dus maar wat graag over aan het extravagante gebeuren dat het Songfestival is. Een dikke vette “ja”aan de dramatiek en nog volmondiger “ja” aan het positivisme! Na de topeditie van vorig jaar hield ik mijn hart wel een beetje vast voor een mogelijke deceptie dit jaar. En, eerlijk is eerlijk, ik was na de eerste halve finale dinsdag niet meteen laaiend enthousiast. Daar kwam tijdens de tweede halve finale verandering in. Ik geef jullie nog eens vijf goede redenen om je vanavond ook helemaal in de Eurosongwereld onder te dompelen.

  • Omdat op het Songfestival uitersten naadloos in elkaar vloeien. Probeer maar eens een song te schrijven die heel Europa (Australië hoort daar ook bij) kan behagen én je culturele eigenheid in de verf zet. Breng een straffe zangprestatie mét toeters en bellen. Vertel een persoonlijk verhaal dat relevant is voor iedereen (de break up song blijft gigantisch populair). Zing in je eigen taal én in het Engels. Eurosong is een en-en verhaal van show met stijl. Of meerdere muzikale stijlen, dat kan natuurlijk ook, waarbij je helemaal zelf beslist wat stijlvol is. Heerlijk!
  • Omdat op het Songfestival diversiteit, solidariteit en gelijkwaardigheid de norm blijven. Politieke statements zijn niet toegelaten, maar toch is de actualiteit nooit ver weg. Ook in de Eurosong-bubbel voel je in alles de steun voor Oekraïne. De leden van de band Kalush Orchestra zijn nauw betrokken bij de oorlog en ze brengen met het veelzijdige Stefania een ode aan alle moeders. Daarnaast blijft hoop de boventoon voeren. De hoop op een betere toekomst voor alle buitenbeentjes, voor iedereen die op de één of andere manier anders is. Ook als witte cisgender vrouw vind ik dat een heel belangrijke strijd die nog steeds gevoerd wordt. En als Stefan van Estland zingt dat er Hope is dan durf ik dat ook te geloven.
  • Omdat het Songfestival vocaal en muzikaal voor ieder wat wils biedt. Aangezien een lied niet langer dan 3 minuten mag duren, is het zaak van meteen te beklijven. Dat kan met een warme stem zoals die van de Zwitserse Marius Bear en zijn Boys Do Cry. Je kan ook inzetten op een meeslepende singer-song-vibe zoals Snap van de Armeense Rosa Linn. Of er is de werkelijk fenomenale Cornelia Jakobs van Eurosong-grootheid Zweden. Met Hold Me Closer brengt zij een ongeziene ballad met ballen.
  • Omdat het Songfestival een ode is aan alles met een hoek af (en laat ik daar nu toevallig heel erg van houden). Noem het edgy of bold: op het Songfestival wordt out of the box denken naar een hoger niveau getild. Zo ben ik fan van de Noren die met Subwoolfer een aanstekelijke act brengen inclusief cartoonesk wolvenmasker. Give That Wolf A Banana is dan ook een oorwurm van jewelste zonder onderliggende boodschap. Gefascineerd en geïntrigeerd ben ik dan weer door de Servische Konstrakta die In corpore sano zingt terwijl ze aan een waskom zit. Ze doet dat omdat ze bekommerd is om het Servische zorgsysteem en onrealistische schoonheidsidealen. Point taken.
  • Omdat het songfestival ook een feestje van België en Nederland is. Onze Jérémie Makiese is een topgast die met Miss You een knaller van een performance neerzet. Onze noorderburen verdienen alleen al een prijs omdat ze met S10 voor het eerst sinds 12 jaar weer in het Nederlands zingen. S10 bewijst dat de Nederlandstalige zangeressen het helemaal voor het zeggen hebben. De diepte is dan ook een schot in de roos. Net zoals de outfit van de jonge zangeres (die wat dat betreft toch een streepje voor heeft op Jérémie). Laten we elkaar gewoon die twelve points geven, want ook dat is Eurosong: België en Nederland die met elkaar verbroederen.

Mijn douze points voor sfeer en gezelligheid schenk ik nu al aan Roos en Niko, want wij kijken vanavond samen!

Het moment – Klein geluk #4

Ik hou verrassend veel van maandagen*. Doorgaans zijn het productieve dagen waarop ik me weer fris en fruitig voel om een nieuwe week aan te vatten. Vandaag kregen wij zowaar een dagje vrij. Reden te meer om er helemaal voor te gaan. De zon had duidelijk iets goed te maken na een stormachtige zondag. Ik zat op de fiets, liep een rondje en besefte dat het begin van 2022 er echt mocht zijn. Vooralsnog geen grootste gebeurtenissen, maar heel wat kleine geluksmomenten lagen zomaar voor het rapen. De zaadjes zijn geplant, benieuwd wat er binnenkort geoogst kan worden.

  • Aftellen naar de geboorte van babybroer die zich voorlopig nog veilig verstopt in de buik van Marike. Roos en ik organiseerden een naaiweekend in mijn atelier waarbij we alle creatieve registers opentrokken om de nieuwkomer in onze familie van het nodige gerief te voorzien. Zussentijd van de hoogste kwaliteit!
  • Bezoek krijgen van Leah en Marike. Met mijn huisdieren kan ik natuurlijk dik scoren bij een 2,5-jarige. Een keer of 20 was het van Ada aaien (en die liet dat gedwee gebeuren). Alsof het de normaalste zaak van de wereld was, sopte die kleine Lee vervolgens haar speculaas in de chocomelk.
  • Mijn jeugdvriendin Elizabeth die voor de tweede keer mama werd. Julian kreeg een zusje met de prachtige naam Sienna. Zelden zag ik zo’n mooie baby. In de zomer zijn Eli en ik van plan om samen mountainbiketochtjes te maken.
  • Niets dan lovende woorden van de pers over de nieuwe theatervoorstelling van mijn meter die Simone de Beauvoir vertolkt. Ga dat zien!
  • Dromen van Parijs en nog beter, de marathon in Parijs met Roos. Plannen maken, een hotel boeken en de Thalys reserveren… dit lijkt wel 2019. Mensen toch, wat hou ik van de marathon en alles wat die teweeg brengt.
  • Fietsen en lopen met de zon op mijn snoet. Soms ook met wind, daar moeten we eerlijk in zijn, of met regen. En waarom niet 20 kilometer gaan lopen als het weer ronduit stormachtig te noemen is? Wel, om uiteindelijk verzopen, maar toch vooral heel voldaan thuis te komen. Zondag niet gaan lopen dat behoort niet tot de mogelijkheden.
  • Lek rijden langs de Grote Gete en binnen no time weer een redder in nood die mij verder helpt met een te grote binnenband. Held van dienst was de 73-jarige Felix. En ja, ik weet het, zou ik in 2022 niet op alles voorbereid zijn? Nu heb ik mijn lesje écht geleerd. Ik kocht een voorraadje binnenbanden (maatje 27,5) en was best trots toen ik er ook in slaagde om mijn achterband helemaal zelf te vervangen.
  • Een werkdag beginnen met een fietstocht van 20 kilometer, een looprondje van 6 kilometer en dan met lichte spanning, maar wel overdreven energiek in de klas staan. ’s Ochtends sporten dat voelt als voorsprong nemen.
  • Vier keer per week met frisse tegenzin, maar wel heel gedisciplineerd mijn oefeningen van de kinesitherapeut afwerken. De muziek bij uitstek om dat op te doen is die van Queen.
  • De comeback van de debardeur: ik ben fan. Het leek wel elke dag Dikketruiendag met dank aan de ventilatie in de klas en de hallucinante energieprijzen (ook dat nog). De verwarming thuis staat natuurlijk aan, maar toch liever een warmere trui dan een graadje hoger.
  • Stromae die muziekgeschiedenis schrijft door zijn aangrijpende L’enfer live in het journaal van TF1 te brengen. Geef die man alsjeblieft een standbeeld!
  • Ook de revival van de vrouwelijke Nederlandse muziek stemt me hoopvol en goedgezind. Hartjes voor Froukje, Meau en Merol.
  • Een literaire klassieker klein krijgen: op 1 januari begon ik met elke dag voor het slapengaan een paar pagina’s te lezen in het onleesbare (en daardoor ook slaapverwekkende) Ulysses. Bleek het vorige week toch niet toevallig 100 jaar geleden te zijn dat James Joyce zijn modernistische klassieker schreef! Maak je geen illusies: het is wel degelijk onleesbaar, maar ik zit toch maar mooi op pagina 230 en blijf volharden.
  • Gedichtendag op school: wat een plezier! En ook een gesprek in de klas over het gebruik en het nut van een nachtkastje, een meubelstuk dat duidelijk nog niet aan populariteit moet inboeten.
  • De bloei en groei in mijn tuin. Ik vraag me nu af of de natuur overdreven optimistisch is en een inschattingsfoutje heeft gemaakt dan wel een feilloos gevoel voor timing heeft.
  • Ik denk deze dagen veel aan Oma, want die zei altijd dat je het lengen van de dagen begint te voelen met Lichtmis. En natuurlijk heeft ze gelijk.

IMG_7349b

IMG_7340b

IMG_7309b

*Dinsdagen daarentegen, dat vind ik vaak zware dobbers om te verteren.

De muziek – De 5 van 2021

Ik ging eigenlijk vertellen waarom ik al anderhalf jaar zo graag zonder muziek loop. Tot ik besefte dat ik alleen maar kan zeggen dat ik meer tot rust kom als ik muziekloos loop, juist omdat ik zo verknocht ben aan muziek op alle andere momenten van mijn dag. Voilà, bij deze is dat gezegd. December, dat is lijstjestijd en laat deze madame nu echt een grote fan zijn van een spectrum aan lijstjes. Ik keek dus reikhalzend uit naar mijn Spotify wrapped, waar niet geheel verrassend ook mijn brother met zijn podcast een plaats in heeft, hoe dan ook een uitgelezen lijst om de winter mee af te trappen.

Mijn muzikale aura is rustig en melancholisch. Met 6414 luisterminuten was Spinvis mijn favoriete artiest, gevolgd door Mumford & Sons (leesmuziek), Ramses Shaffy (kook- en werkmuziek), Johnny Cash (werkmuziek) en Damien Rice (kom-tot-rustmuziek). Uitmuntend gezelschap, alleen jammer dat het zo mannelijk is. Mijn 5 topnummers van 2021 zijn eveneens een weerspiegeling van de uiteenlopende genres die ik beluister.

  1. Voilà van Barbara Pravi 
    162 keer luisterde ik naar de nummer 2 van het Songfestival. Oui oui oui et je ne regrette rien! Een stralende nummer 1 omdat het een chanson is dat mij meteen raakte en een kippenvelmoment bezorgde toen ik Barbara Pravi’s performance zag. Eurosong, dat is kleur en hoop, nog steeds in deze bange en bizarre tijden. Neem daarbij de allesomvattendheid die verscholen zitten achter een voilà (dit is wie ik ben en dat is goed zo) en je begrijpt waarom het zo goed bij mij past.
  2. Madame van Claude Barzotti
    Mijn kansen om in de tuin te luieren, lezen en zonnen waren beperkt in juli. Als ze er waren, dan was er deze klassieker van een Belg met Italiaanse roots die blijkbaar vooral in Canada naam en faam verwierf. Ook tijdens mijn wandelingen was Claude graag van de partij. Madame is, net als ik, een product van de eighties. Ik ben er nog altijd niet uit of ik het nu gewoon klef, dan wel hopeloos wanhopig of toch eerder zeemzoet romantisch vind. Hoe dan ook helemaal iets voor mijn melancholische aura.
  3. Spectrum (Say My Name) van Florence + The Machine en Calvin Harris
    Yes, Florence staat in mijn top 5! Al is het dan met een samenwerking met een Schotse DJ. Ik luisterde vooral naar deze song op de fiets. Omdat de explosieve cocktail van positiviteit en oerkracht zo aanstekelijk werkt. 3 minuten en 35 seconden voel ik mij dan onoverwinnelijk. Florence heeft Calvin daar trouwens niet per se voor nodig: ook het originele nummer is een toppertje!
  4. Hey Brother van Avicii
    Ach ja, wat kan ik nog meer vertellen over mijn liefde voor Avicii? Dat die onverwoestbaar is dus. En dat Hey Brother, ook zonder echt diepgaande lyrics, voor mij een symbolisch lied blijft over de broeder- en zusterliefde. Meer hoeft dat niet te zijn.
  5. Winter Winds van Mumford & Sons
    Ik ben blij dat ook iets van mijn leesmuziek het tot in de top 5 heeft geschopt. Straf eigenlijk, want Mumford & Sons luister ik enkel in het najaar (net als Leonard Cohen). Leesmuziek dat is trouwens geen minderwaardig label. Leesmuziek is de ultieme sfeermuziek die mij in staat stelt me onder te dompelen in een andere wereld (en op sommige dagen moet een mens daar wel moeite voor doen).

Tot slot, nog eervolle vermeldingen voor de nummers die ik de afgelopen maanden vaak op repeat zette: Rise van Lost Frequencies, Het grote geheel van Bart Peeters, Pepas van Farruko, Because the Night van Patti Smith, Don’t Cry For Me Argentina van Julie Covington en Snowman van Sia.

Het boek – Patti has the power!

Patti Smith in trefwoorden: Amerikaanse – veelzijdig artiest – Robert Mapplethorpe – People Have The Power – Chelsea Hotel. Toen ik haar boek Just Kids las, stelde ik me de vraag hoe het in godsnaam mogelijk was dat ik Patti Smith nu pas ontdekt heb. Ik had nochtans kunnen weten dat ze mij zou bekoren omdat Florence & The Machine, één van mijn muzikale heldinnen, een nummer schreef over Patricia, aka Patti. Uiteindelijk was het een fragment in Alleen Elvis blijft bestaan (gekozen door Marieke Lucas Rijneveld) dat me er vrijwel meteen toe aanzette om Just Kids uit de ongelezen boekenkast te nemen. In het fragment is te zien hoe een timide en zichtbaar ontroerde Patti Smith enthousiast wordt onthaald door een koor om samen People Have The Power te zingen. Ik was meteen verkocht.

Ik verwachtte van Just Kids in de eerste plaats dat het een autobiografisch boek zou zijn over het lastige groeiproces dat inherent verbonden lijkt te zijn met het artiestenleven, over Patti die zich een weg baant door het turbulente Amerika van de jaren 60 en 70, hoe ze na een armoedige periode uiteindelijk succesvol wordt en dan beseft dat niets zo relatief is. En ja, ook wel een boek over de Amerikaanse fotograaf Robert Mapplethorpe, want die staat op de cover en de twee hadden een innige band. Just Kids is echter zoveel meer dan interessante non-fictie. Wanneer Robert Mapplethorpe in 1989 sterft aan de gevolgen van aids belooft Patti Smith om hun verhaal te vertellen. Just Kids dus, over hoe ze elkaar toevallig leren kennen als twintigers, over hoe hun levens vanaf dan onvermijdelijk en onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, over hoe ze elkaars artistieke loopbanen beïnvloeden en hoe hun vriendschappelijke liefdesrelatie of liefdevolle vriendschap als een rode draad alles aan elkaar rijgt. He was the artist of my life. Our work was our children.

De afgelopen weken had ik helaas weinig tijd om te lezen. Ik werk hard, ik sport veel. Ik tel af naar een laatste sportieve exploot van dit jaar en, ik geef het niet graag toe, naar de kerstvakantie. Ik snak naar rust terwijl die vervloekte crisis alles blijft overschaduwen en overspoelen. Gelukkig was Patti er. ’s Avonds nam ze mij bij de hand en mocht ik door haar ogen naar het leven kijken. Ze toonde me de rijke geschiedenis van Hotel Chelsea (wat ik dan weer kende van Leonard Cohen). Ze vertelde over het ontstaan van haar androgyne looks. Hoe je in de artistieke wereld net zo goed een evenwicht moet vinden tussen erbij horen zonder je eigenheid te verliezen. Ik zag hoe de dood van Jimi Hendrix en Andy Warhol haar aangrepen. We waren zelfs samen in Parijs om het graf van Jim Morrison te bezoeken op Père Lachaise.

We needed time to figure out what all of this meant, how we were going to come to terms and redefine what our love was called. I learned from him that often contradiction is the clearest way to truth. Ik vond heel veel schoonheid en berusting bij Patti Smith: precies wat ik nodig had. Als dat niet volstond was er de muziek van de Godmother of Punk die zowel ongetemd, explosief als poëtisch is: ook precies wat ik nodig had. Niet alles moet in hokjes passen en het is helemaal oké om je gevoel te volgen. Thank you, Patti. 

Waarom ik vanavond zeker naar het Eurosongfestival kijk

Ik werd deze week vaak wat meewarig aangekeken als ik me enthousiast uitliet over het Songfestival. Vooral omdat ik oprecht enthousiast was en zonder enige schroom vertelde dat ik genoten had van de halve finales en de bijhorende Spotify-lijst. Het Songfestival is voor mij geen guilty pleasure (één van die woorden waar ik een hekel aan heb), maar een ongegeneerd pleziertje. Ik geef jullie graag vijf goede redenen om vanavond af te stemmen op Eurovision en enkele uren voor de tv te hangen.

  • Omdat het Songfestival bij onze immer enthousiaste noorderburen doorgaat. Dat hebben ze te danken aan de verdiende winnaar van 2019: Duncan Laurence. Rotterdam is bovendien één van mijn favoriete Nederlandse steden waar ik heel mooie (loop)herinneringen aan heb. Op deze blog kon ik meegenieten hoe Eurovision de Rotterdamse buurten vorm en kleur gaf.
  • Omdat het Songfestival het feest van de diversiteit is. Europa is er gekleurd, genderfluïde en meertalig. Alles kan, alles moet zelfs. Ook binnen de drie minuten dat een euro-song duurt, voert diversiteit vaak de boventoon. Go_A brengt met een unieke zangtechniek (die klinkt als een schreeuw) Oekraïense folklore in een elektronisch jasje als ode aan de natuur. De Italiaanse rockband (met Deense naam) Måneskin won de Eurostory Best Lyrics Award en toont daarmee aan dat je ook stilistisch verfijnd kan roepen.
  • Omdat het Songfestival naast een visueel spektakel zeker ook een podium is voor uitstekende zangers. De Franse (met Servische roots) Barbara Pravi raakt mij keer op keer met haar klassieke chanson Voilà (dat simpelweg gaat over zijn wie je bent in het leven). De Zwitserse inzending Gjon’s Tears brengt een ballade mét dancemoves waarbij je je afvraagt hoe hoog een mens kan zingen. Adembenemend hoog, zo blijkt!
  • Omdat het Songfestival nu meer dan ooit symbool staat voor hoop. De hoop op een gelijkwaardige behandeling voor elke burger, de hoop op een betere wereld, eentje waar we weer bijeen mogen komen om naar een feestje te gaan. Natuurlijk staat zo’n festival bol van de clichés en schuilt er onder de kilo’s glitter een commercieel verpakte boodschap. We zijn allemaal voor de underdog, janken een potje over de liefde, houden een vurig pleidooi voor een duurzamere wereld en we breken een lans voor female empowerment. Hell no, I am not your honey: zoals de Maltese Destiny het met opzwepende Charleston-vibes weet te brengen. Hoe kan je daar iets op tegen hebben?
  • Omdat het Songfestival het ideale familieprogramma op zaterdagavond is. Mijn eerste levendige Songfestival-herinnering gaat terug naar het jaar 1996 toen Lisa del Bo ons land vertegenwoordigde met Liefde is een kaartspel, een liedje dat Seppe en ik stiekem heel goed vonden. We mochten chips eten voor de tv en lang opblijven. Ik zorgde voor de puntenlijsten. Vooral papa had een ongezouten mening over elke act. Voor hem mocht het niet te traag en kwelerig zijn. We maakten kennis met vriendjespolitiek en we vonden het heel onrechtvaardig dat Malta wél in het Engels mocht zingen. Vanavond kijk ik, net zoals twee jaar geleden, samen met Roos en Sien. Douze points voor sfeer en gezelligheid!

Het portret – 42 topvrouwen

Ik word omringd door sterke vrouwen. Mijn mama, zussen en metekind krijgen niet toevallig een prominente rol in mijn verhalen. Ik heb echter ook bijzonder leuke tantes en een meter die niet alleen een bekende kop heeft, maar vooral een bijzonder groot hart. Ik denk nog vaak aan mijn Oma, die er niet meer is, maar steeds aanweziger lijkt te zijn. Ik heb hartsvriendinnen die ik gewoon vriendjes noem. Ik heb collega’s waar ik niet alleen goed mee kan samenwerken, maar vooral goed mee kan praten. Elke man wordt geboren uit een vrouw. Dat zegt eigenlijk genoeg.

Dank je wel Agatha Christie voor je boeken die ik verslond
Dank je wel An Lemmens voor je dierenliefde
Dank je wel Angèle voor je opgestoken middenvinger
Dank je wel Carson McCullers voor je boek over eenzaamheid
Dank je wel Catherine Van Eylen voor je eigenzinnige kledingkeuze
Dank je wel Celia Groothedde voor je mening over feminisme
Dank je wel Chloé van Koffie Onan voor je liefde voor het vak
Dank je wel Cindy de postbode voor alle pakjes die je brengt
Dank je wel Coco Chanel voor je vernieuwende blik op mode
Dank je wel Connie Palmen voor je ontroerende woorden
Dank je wel Edith Piaf voor het spijt dat je nooit had
Dank je wel Elizabeth Batts voor de kracht die je bezat
Dank je wel Ellen Deckwitz voor je welbespraaktheid
Dank je wel Florence Welch voor je soundtrack van mijn leven
Dank je wel Frida Kahlo voor je kleurrijke persoonlijkheid
Dank je wel Hilde Van Mieghem voor de strijd die je voert
Dank je wel Hind Eljadid voor de moed die je hebt
Dank je wel Joke Van Leeuwen voor de wereld die je creëert
Dank je wel Julie Cafmeyer voor je column over grote liefdes
Dank je wel Kate Winslet voor de vrouwen die je een stem gaf
Dank je wel Kathelijn, mijn kinesist, voor je heilzame handen
Dank je wel Kathrine Switzer voor je daad van verzet
Dank je wel Leen Demaré voor je persoonlijke verhaal
Dank je wel Lies van de hulpgevangenis voor je engagement
Dank je wel Maaike Cafmeyer voor je speech recht uit het hart
Dank je wel Margaret Atwood voor het donkere beeld dat je zag
Dank je wel Maud Vanhauwaert voor de dichter die je ons geeft
Dank je wel Maureen van contact tracing voor je begrip
Dank je wel Maya, mijn kapper, voor je oprechte interesse
Dank je wel Michelle Obama voor de hoop die je geeft
Dank je wel Mieke, van op de markt, voor het brood dat je bakt
Dank je wel Naomi Sluijs voor de stoffencollectie die je ontwerpt
Dank je wel Nino Haratischwili voor je onvergetelijke epos
Dank je wel Ottessa Moshfegh voor je verfrissende literatuur
Dank je wel Paulien Cornelisse voor je grappen over taal en mos
Dank je wel Pink voor de rock star die je bent
Dank je wel Simone de Beauvoir voor je blik op vrouw-zijn
Dank je wel Sofie Lemaire voor je innemende persoonlijkheid
Dank je wel Sophie Calle voor je fijnbesnaarde kunstboek
Dank je wel Virginia Woolf voor je onvergetelijke personages
Dank je wel Yentl en de Boer voor je liedjes over mannen
Dank je wel Zaz voor hoe je zingt over Parijs

De muziek – Wat ik zoal beluisterde in 2020

Ik vertelde al behoorlijk wat over 2020. Zoals dat ik het afgelopen jaar een dubbele verhouding kreeg met muziek door de aanwezigheid van Spotify in mijn leven. Enerzijds kon ik er intens in opgaan, anderzijds was het soms te veel en beluister ik dus helemaal geen muziek meer als ik ga lopen om beter te kunnen horen wat er in mijn hoofd omgaat. De omstandigheden van dit bijzondere jaar hadden ook een invloed op wat er zoal door de box schalde. Ik zat vaker thuis, dus was het des te belangrijker dat de sfeer goed zat. Hier volgen mijn ultieme luistermomenten van 2020.

Renaissance van Franse muziek
Ik heb altijd iets gehad met Franse muziek. Jacques Brel kende ik als kind al dankzij mama, Brel-fan van het eerste uur. In 1997 slaagde de band Manau erin om een Franse hit te scoren bij de jeugd. La tribu de Dana was dan ook de single die ik cadeau kreeg bij mijn eerste cd-speler. Toen ik studeerde was ik helemaal in de ban van het chanson. Charles Aznavour, Edith Piaf, Georges Brassens, Charles Trenet… Uren en uren aan een stuk luisterde ik verzamelcd’s. In 2020 draaide mijn playlist “Frans” op Spotify eveneens overuren. Bij gebrek aan een trip naar Parijs, dan maar de muziek. Het album Paris (2014) van Zaz vind ik bijvoorbeeld een schot in de roos. Ook haar nummer Eblouie par la nuit is een voltreffer. In de zomer ontdekte ik Les yeux revolvers van Marc Lavoine, dat uit het gezegende jaar 1985 komt. Met Kerstmis gingen Roos en ik uit ons dak op Les lacs du Connemara gedurende de volle 6 minuten (inclusief het elektronische riedeltje op het einde). Ideaal om de kerstdis te verteren.

Filmmuziek in alle soorten en maten
Door de lockdown in het voorjaar keek ik behoorlijk wat films. Nog steeds niet absurd veel, maar toch meer dan gewoonlijk. Ik zag Joaquin Phoenix schitteren in Joker en in Her: twee films met een aantrekkelijke soundtrack. De film die in 2020 de diepste indruk naliet was Portrait de la jeune fille en feu. De eindscène (waarin niets spectaculairs gebeurt) keek ik een keer of 10 na elkaar. Als ik nu Summer in G Minor van Antonio Vivaldi  luister, voel ik nog steeds zowel ingehouden als uitbarstende opgekropte emoties. Er zit waarheid in de uitspraak dat de beste liefdesfilms queer zijn. Daarom ontbreekt in mijn afspeellijst “Film” ook A Love That Will Never Grow Old van Emmylou Harris niet uit de soundtrack van Brokeback Mountain, waar ik destijds twee weken vanonder de voet was. Call Me By Your Name (zag ik in 2018) had een soortgelijk effect, mede dankzij Sufjan Stevens en het lichtjes kleffe Lady, Lady van Giorgio Moroder.

De enige echte zomerhit
Het zal haar jeugdigheid zijn die Roos een neus voor hits geeft. In volle lockdown introduceerde zij dé zomerhit van 2020: Kings and Queens van Ava Max, dat (bij gebrek aan een songfestival) de Eurosong-vibe perfect weet te vatten: een begrijpbare opbeurende tekst, stevige beat en oorwurm van jewelste. Catchy heet zoiets. Kings and Queens mocht dus ook niet ontbreken toen we in september letterlijk de champagne ontkurkten om te toosten op onze verjaardagen. Aan alle koninginnen zonder koning: we popped champaign and raised a toast! 

Leesmuziek in bed
Het afgelopen jaar ontdekte ik het plezier van lezen in bed, ’s ochtends welteverstaan, als ik niet naar school moet. Ook hier zat de voorjaarslockdown voor iets tussen. In de herfstvakantie trok ik me nog meer terug in mijn eigen universum en begon ik de dag steevast met koffie in bed, gevolgd door een paar leesuren. De gelukzaligheid overvalt me weer als ik aan die momenten terugdenk: hoe de wereld lijkt te bestaan uit mijn slaapkamer met mijn bed als epicentrum. Tijdens die leesuren luisterde ik ook muziek. Liefst iets waar melancholie in doorklinkt. Leonard Cohen bijvoorbeeld omdat die gewoon altijd goed is. Ook de jonge Ier Dermot Kennedy vervult die rol met verve. In de kerstvakantie (her)ontdekte ik ook Mumford & Sons en dan vooral hun eerste album Sigh No More waarop Winter Winds de sfeermaker van dienst is. Als het over melancholie gaat, dan mag ook onze Belgische trots Tamino niet ontbreken. Als zijn Sun May Shine door de kamer dwarrelde en er dan heel voorzichtig een zon door bomen spiekte, viel alles op z’n plaats.

De doorbraak van de podcast
Ik ben een podcastluisteraar geworden door De Jogclub, de sportieve podcast van mijn broer en Robrecht Paesen. Sinds ik dagelijks behoorlijk lange fietstochten maak naar mijn werk kreeg ik er heel wat podcastluistertijd bij. Ook als ik aan de slag ben in mijn atelier beluister ik een podcast. Inmiddels zijn dat vooral boekenpodcasts. Mijn collega Murielle stak ik al aan met het verslavende Drie boeken, waarin Wim Oosterlinck aan een bekende mens vraagt welke drie boeken we volgens haar of hem moeten gelezen hebben. Daar kwam ook nog de Bende van het boek bij met Sarah en Trees die telkens één of meerdere boeken bespreken onder het genot van taart en thee. Tot slot luister ik ook naar Boeken FM, de literaire podcast van uitgeverij Das Mag en De Groene Amsterdammer, al was het omdat Nederlanders die op hoog en kritisch niveau spreken over boeken me onherroepelijk terugvoeren naar mijn opleiding als literatuurwetenschapper in Leiden. Luisteren hoe anderen over boeken praten, doet lezen: geloof me maar.

De muziek – Over een jaar op Spotify

Ik zeg wel eens dat ik in de digitale prehistorie leef aangezien ik er een stormachtige haat-liefde verhouding met mijn laptop, tv en smartphone op na hou. De tijd die ik achter schermen doorbreng, is best vermakelijk en informatief, maar het zijn mijn boeken die me diep weten te raken. Ook mijn iPhone is een geweldig tof speeltje dat ik tegelijkertijd wel eens uit het raam zou willen keilen omdat het constant een overdaad aan prikkels op me afstuurt. Zo kan ik gerust een keer of 50 per dag het weerbericht checken. Totaal overbodig. Ik heb bovendien een hekel aan apps en het feit dat ik er te pas en te onpas eentje moet installeren. De digitale wereld is voor mij zowel een bron van kennis en vertier als van onrust.

Tot een jaar geleden was ik op muzikaal vlak uitgerust met een uit de kluiten gewassen (lelijke) retro cd-speler mét cassettedeck. Een klep openen en een cd’tje opleggen: ik zag eerlijk gezegd het verschil niet met al die hipsters die zweren blij hun platenspeler. De tand des tijds kreeg echter steeds meer vat op mijn cd-speler. Hij kon steeds minder cd’s lezen en afspelen. Ik zat kortom met een bakbeest van een toestel in huis waar ik slechts een heel beperkte selectie muziek mee kon afspelen. Ik besefte dat de tijden waren veranderd. Daarom kocht ik een hoogwaardige Ultimate Ears BOOM 2 box en maakte ik in een wip en een zucht een Spotify-account aan. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit van mijn muziekbeleving steeg exponentieel. Spotify leek de hemel op aarde voor mijn brede muzikale smaak. Ik was verkocht.

Ik ben nog steeds verkocht, laat daar geen twijfel over bestaan. Ik zou echt niet meer zonder Spotify kunnen. Voor 120 euro per jaar heb je met een premium account toegang tot een onuitputtelijke bron van muziek: oldies, popmuziek, klassiek, opera, podcasts en het zwaardere werk… je vindt het er echt allemaal. Ik beleefde één van mijn eerste vreugdemomentjes toen ik het album Famous Blue Raincoat van Jennifer Warnes opdiepte dat op cd uitkwam in 1988 en inmiddels dus totaal onvindbaar is in schijfvorm. Hetzelfde geldt voor het album Vandaag uit 2004 waarin wijlen Yasmine met verve liedjes van grootmeester Leonard in het Nederlands brengt. Gewaagd, maar geslaagd! Om maar te zeggen: je vindt écht alles op Spotify. Al snel vulde ik de schappen van mijn digitale bibliotheek met mijn muzikale helden: Florence, Hozier, Spinvis en Leonard om er maar enkele te noemen. Ook begon ik afspeellijsten samen te stellen met de veelzeggende titels oldies, Frans, hits en film. Recent maakte ik voor en met Roos de afspeellijst Lastig gesprek aan met welklinkende nummers als Great War, We Drink Your Blood en Stand Up and Fight. Zei ik al dat Spotify echt een schatkamer aan muziek is?

Gaandeweg begon ik mijn cd’s wel een beetje te missen. Cd-rekken vind ik doorgaans afgrijselijk in een interieur, maar dat neemt niet weg dat ik lades vol heb met schijfjes waar ik nooit afscheid van zal kunnen nemen. Het album So Far, So Good van Bryan Adams bijvoorbeeld, dat ik kreeg toen ik een jaar of 15 was. Mocht je er nog aan twijfelen: Bryan Adams is nog altijd top. Hij katapulteert me recht naar mijn tienerjaren toen een cd nog een waardevol object was waar je makkelijk 800 Belgische franken voor kon neertellen, een slordige 20 euro. Ik denk nostalgisch terug aan hoe ik ging rondneuzen in cd-winkels om te kijken voor welk plaatje ik kon gaan sparen. Ik herinner me ook nog bijzonder goed hoe ik me 2 jaar geleden naar de cd-winkel haastte toen de nieuwe van Florence was uitgekomen. Ik mis kortom het tastbare aspect van een cd. Dat je echt iets in handen hebt, een folie die je moet losprutsen, een boekje met lyrics en artistieke foto’s en het gezoem van de speler vlak voor het eerste nummer weerklinkt. Spotify maakt alles zo gemakkelijk voor mij dat ik het muziekwereldje ook minder moet volgen. Met een simpele druk op het scherm kan ik namelijk een nieuwe plaat van een favoriete artiest meteen beluisteren. Muziek is zo vanzelfsprekend en toegankelijk geworden dat er ook een stukje magie verdwenen is. Dat vind ik best jammer.

Dit jaar schreef ik hier opvallend minder over muziek. Deels valt dat te verklaren door de uitzonderlijke status die dit jaar met zich meedraagt: er zijn nu eenmaal minder bijzondere momenten, want alles kabbelt een beetje verder. Geen loopevenementen en uitjes met de familie die voorzien worden van een unieke soundtrack. Er is dus minder muziek verankerd in mijn geheugen. Bovendien zorgt ook de overdaad van Spotify er voor dat ik uren per dag naar een mix van muziek kan luisteren. Ik ben niet meer gebonden aan één album in één volgorde, maar aan een collectie die geshuffled wordt. Individuele nummers krijgen daardoor minder kans om eruit te springen. Alles wat ik luister is zogenaamd een favoriet. Het overzicht dat Spotify me recent bezorgde (2020 wrapped) met mijn meest beluisterde nummers van het afgelopen jaar bevestigt dat: het is een mix van alle nummers uit de lijsten (en albums) die ik vaak heb geluisterd. Toen ik in mei verhuisde ging ik plots zonder muziek lopen. Aanvankelijk was dat puur om praktische redenen, inmiddels heb ik echt geen behoefte meer aan muziek tijdens het lopen. Simpelweg omdat ik al vaak genoeg muziek luister, thuis of op de fiets. Ironisch genoeg leerde ik dus door Spotify dat het soms ook heel fijn kan zijn om helemaal geen muziek te beluisteren. Omdat ik dan beter kan horen wat er in mijn hoofd omgaat. Lang leve de muziek! Lang leve de stilte!

De muziek – Mijn awards van 2019

De Oscar-uitreiking heeft ook dit jaar geen presentator. Jammer, ik had die taak graag op mij genomen. Blijkbaar zijn mijn gegevens niet tot in Amerika geraakt of dachten ze dat mijn kandidatuur een grap was. Gelukkig kan ik hier op eigen houtje prijzen uitreiken aan de muziek die voor mij bepalend was in 2019. Ik vertel het meest over mijn sportieve belevenissen, maar deel soms ook iets over creatieve projecten, wat ik zoal meemaak als leerkracht en welke boeken het lezen meer dan waard zijn. Ik verbaas me er soms zelf over hoe al die bezigheden naadloos in elkaar op gaan. Al lopend kan ik plots een heel goed idee krijgen voor op school, waar ik dan weer geïnspireerd word om een bepaald boek te lezen of een geniale DIY-sweater-ingeving krijg. Die wisselwerking vind ik ook terug bij de muziek die ik beluister. Op het einde van 2019 ontdekte deze digitale fossiel de wondere wereld van Spotify. Nog meer redenen om de vetste hits af te wisselen met diepgravende muziek en opera, waar ik me sinds kort in verdiep. In mijn hoofd vormen al die genres een boeiende melange. Ik zei het al vaker: er is muziek voor elk moment. Dit was mijn soundtrack van 2019.

Categorie: ingetogen met een donker randje
Winnaar: Leonard Cohen en het volledige album Thanks for the Dance
In januari regeerden grijze wolken over mijn gedachten. Op de tonen van Tamino’s Sun May Shine verlangde ik naar zonnigere tijden en lichtheid. Tijdens mijn duurlopen werd ik telkens weer geraakt door Gale Song van The Lumineers. Onder de tropische juli-zon zocht ik vaak mijn toevlucht in het bos. Het romantische My Wild Sweet Love van de Zweedse zussen van First Aid Kit paste perfect in dat decor. Al zonnebadend ging ik ook helemaal op in Famous Blue Raincoat, gezongen door Jennifer Warnes die erin slaagt om dit lied meer dimensie te geven dan Grootmeester Cohen zelf. Uiteindelijk gaat hij wel met de prijs lopen. Het album Thanks for the Dance werd zorgvuldig samengesteld door zoon Adam met een verbluffend resultaat tot gevolg. Elke noot is juist, elke noot komt binnen.

Categorie: Nederlandstalig en als het kan ook absurd
Winnaar: Spinvis
Het universum van Spinvis blijft mij intrigeren, thuis of op de fiets, in de gietende regen of onder een stralende zon: het is altijd raak. In februari ging ik naar de theatershow In werkelijkheid met de ondertitel Spinvis Solo. Dat klopte niet helemaal, want Erik de Jong werd bijgestaan door Saartje Van Camp die al jarenlang meedraait in het Spinvis-circus. Beide spelen ze veel verschillende en ook de meest bizarre muziekinstrumenten (een zaag om er maar eentje te noemen). Het optreden was een wonderlijke ervaring waar populaire deuntjes, poëzie en heel wat hoeken af elkaar ontmoetten. Helemaal mijn ding dus. Daarom kan ik ook de bijzondere wereld die het cabaretduo Yentl en de Boer creëert heel erg waarderen. Hun bekendste nummer Ik heb een man gekend is zowel gevat, grappig als ontroerend.

Categorie: oldie van het jaar
Winnaar: I’m Still Standing van Elton John
Dankzij de zogeheten papa-muziek zijn wij goed thuis in New wave en bij uitbreiding alle muziek van de eighties. Camouflage van Stan Ridgway blijft mijn persoonlijke favoriet. Ik beluister dat vaak als ik ’s ochtends naar school fiets (vraag me niet waarom). De schoonheid van On Top of the World van Carpenters viel mij plots op toen ik het op een donkere decemberavond op de radio hoorde. Omdat het ook ’s ochtends op de radio speelde toen Roos en ik op weg waren naar Kasterlee (naar een plek die ze daar De Hel noemen) kreeg het nog meer betekenis. Het ultieme kerstlied is wat mij betreft Happy New Year van ABBA dat in 1980 the end of a decade aankondigde. De oldie die mij het afgelopen jaar de grootste energieboost bezorgde is I’m Still Standing van Elton John. Samen met Roos ontdekte ik dit lied dankzij de film Sing. Inmiddels doopten we het om tot “het lied van de marathon van Parijs”. Dat was in april mijn tiende marathon, waar ik toch vooral aan mezelf toonde dat ik er nog sta.

Categorie: muzikale ontdekking
Winnaar: The Cat Empire
Ik hoorde Brighter Than Gold in juli op de radio (de zoveelste ontdekking dankzij dit medium) en beluisterde het heel vaak toen ik in Parijs de hittegolf trotseerde met Tante Sien. The Cat Empire is een Australische band met Felix Riebl als leadzanger. Inmiddels draaide ik zowel hun album Steal The Light als Stolen Diamonds grijs. De zin Close your eyes and run uit de song Kila heb ik heel vaak luidkeels uitgeroepen (alvorens me ervan te vergewissen dat niemand me kon zien). The Cat Empire is instrumentaal boeiend door de blazers en drumpartijen, een tikje zwoel en opzwepend, heel herkenbaar, maar ook heel eigenzinnig. Tijdens de laatste kilometers van mijn helletocht weerklonk Still Young uit de box die Roos om haar nek droeg: het moment waarop ik tot in mijn kleinste teen opluchting, euforie en dankbaarheid om dit unieke familiemoment voelde. Eentje om nog heel lang te koesteren.

Categorie: hit van het jaar
Winnaar: Dancemonkey van Tones & I
In mei bracht ik met een longembolie een nacht door op de spoedafdeling. Ik hield me sterk en zei mezelf steeds weer dat er geen enkele indicatie was dat ik dood zou gaan. Toen ik daar achter mijn gordijntje mezelf nog maar eens probeerde te overtuigen dat er echt niets erg aan de hand was, overviel mij een intens gevoel van eenzaamheid. Met mijn hoofdtelefoon beluisterde ik het huilerige Someone You Loved van Lewis Capaldi, waarop mijn traankanalen eens goed werden doorgespoeld. Ik noem dat nu nog steeds mijn ziekenhuislied. Tijdens mijn lange fietstrainingen in november luisterde ik in het weekend heel vaak naar de radio. Ik kende de hitlijsten op een bepaald moment zo goed dat ik zelfs de nieuwste single van Céline Dion kon meezingen, die hier absoluut geen vermelding verdient. Ik begaf me kortom op glad ijs. Zowel Memories van Maroon 5, de nieuwe (en zo mogelijk nog kleffere) van Lewis Capaldi Before You Go en Outnumbered van de Ier Dermot Kennedy ben ik nog lang niet beu gehoord. Dancemonkey is mijn onbetwiste nummer 1 omdat zelfs een die-hard niet-danser als ik er steeds weer zin van kreeg om te dansen.

Bijzondere vermeldingen
Zowel het nieuwe album van Hozier met een glansrol voor Nina Cried Power en dat van Avicii stelden niet teleur. Andere vaste waarde Florence en haar machine was ook in 2019 heel vaak van de partij. Ik ontdekte onze Belgische trots Angèle en haar vrouwen-powerlied Balance ton quoi. Counting Stars van OneRepublic maakt nog steeds deel uit van mijn duurlooplijst, want everything that kills me makes me feel alive. Ik hoop me in 2020 eens zo onoverwinnelijk te voelen als SIA beschrijft in Unstoppable.

img_1860b.jpg

De gedachte – En nog bedankt voor de cultuur!

Het zijn barre, bittere ijskoude tijden voor het culturele landschap in Vlaanderen. Nadat minister-president Jan Jambon bekendmaakte dat er duchtig gesnoeid zal worden in de subsidies voor de culturele sector barstte er hevig protest los. Terecht. Jambon is immers ook cultuurminister. De grootste bezorgdheid is een besparing van 5 miljoen of maar liefst 60% op projectsubsidies. De impact daarvan is enorm. Volgens acteur Michael Pas wordt het voor jonge kunstenaars vrijwel onmogelijk om aan de slag te gaan omdat net die projectsubsidies een kweekvijver vormen voor aanstormend artistiek talent. Vergeet niet dat ook gevestigde gezelschappen ooit klein begonnen. De duimschroeven worden aangehaald en de kaasschaaf vakkundig gehanteerd. De culturele sector bloedt en dat raakt mij.

Naast onderwijs en zorg moet er, wat mij betreft, ook overheidsgeld gebruikt worden opdat ons culturele leven zou floreren. Ik kan mij geen cultuurloos leven voorstellen. Dit jaar ging ik naar de opera (voor het eerst), bezocht ik theatervoorstellingen, concerten en comedyshows. Altijd brengt dat iets teweeg. Ik vind daarin een vorm van ontspanning die ik niet uit sport of mijn dagelijks leven kan halen. Cultuur is voor mij verlichting en een stukje schoonheid. Het geeft mijn leven zowel diepgang als luchtigheid. Ik zie en hoor iets bijzonder, word geraakt, denk na, denk nog wat verder na en ben dan verrast over een gevoel dat uitgesproken is. Je mag dat raar of zelfs belachelijk vinden. Het getuigt echter van geen stijl om mij dan als een elitaire linkse trut te bestempelen, want dat is hoe overtuigde cultuurfanaten dezer dagen worden afgeschilderd. De culturele sector zou slechts een uiterst selecte groep van de Vlaamse bevolking bereiken.

Niemand is verplicht om deel te nemen aan het culturele leven, maar de cijfers liegen er niet om. Cultuur kent een brede waaier aan verschijningsvormen. Je hoeft niet naar de opera of het ballet te gaan om aan cultuur te doen. Ook naar de bioscoop gaan, een monument bezoeken of een musical bijwonen, valt onder de algemene noemer cultuur. Daarenboven tonen de cijfers aan dat cultuur beleven los staat van een politieke voorkeur. Met andere woorden: niet alleen linkse rakkers zijn cultuurliefhebbers. Je kan het daar niet mee eens zijn en de besparingen terecht vinden. Volwassenen kunnen namelijk van mening verschillen. Ze kunnen daar dan over spreken en naar elkaar luisteren. Wat ik echter tenenkrommend vind, is de bagger die theatermakers en acteurs de afgelopen dagen over zich heen kregen. Filip Brusselmans van Vlaams Belang beet op Radio 1 de spits af door acteurs af te schilderen als een stelletje onbekwame speelvogels die zich bij voorkeur naakt op een podium God wanen. Hij beriep zich op de provocatieve voorstelling Mount Olympus van de al even omstreden theatermaker Jan Fabre. Allemaal de schuld van de linkse pamperpolitiek dat dit soort verderfelijk amusement gefinancierd wordt met overheidsgeld. Hoog tijd dus om daar paal en perk aan te stellen.

Ik viel achterover van zoveel klinkklare nonsense. Weet die mens eigenlijk wel wat cultuur inhoudt? Waar haalt hij het lef vandaan om op basis van één ongegronde aanname de volledige theaterwereld door de mangel te halen? Helaas was hij niet de enige die zich laatdunkend uitliet. De denigrerende toon waarop er via diverse media gesproken wordt over acteurs is stuitend en ronduit choquerend. Theater maken is een ambacht. Toneel spelen is een vak. Het is een stiel die onmetelijk veel oefening en toewijding vereist. Aan een theatervoorstelling gaat een maandenlange en vooral ook intensieve voorbereiding vooraf. Acteurs passeren niet royaal langs de kassa nadat ze ocharme twee uur in de spotlights smoelen staan trekken. Ze draaien lange werkdagen op niet-reguliere tijdstippen omdat ze iets mooi en uniek willen geven aan hun publiek. Iets dat vluchtig, maar echt is. Dag na dag, in goede en slechte tijden. Iedereen die daar anders over denkt, zou eens een paar dagen mee op tournee moeten gaan om het het reilen en zeilen van de theaterwereld te ervaren. Vel dan je oordeel.

Laat mij geen vakken vullen in de supermarkt, straten aanleggen, longen transplanteren of de Europese Commissie leiden. Laat mij voor de klas staan. Ieder zijn vak en ook ieder zijn hobby. Elke mens heeft uiteindelijk behoefte aan ontspanning (en ontroering) op zijn eigen manier. Zo heb ik helemaal niets met voetbal, maar betaal ik net zo goed onrechtstreeks voor de veiligheidsmaatregelen die bij zulke wedstrijden genomen moeten worden. Mij goed. Het is echter problematisch dat we een minister van Cultuur hebben die (op Bokrijk na) weinig affiniteit lijkt te hebben met die bevoegdheid. Hij heeft de deur hard dicht geknald terwijl onze vingers er nog tussen zitten en roept pro forma: seg en nog bedankt he! Besparen op cultuur, dat is besparen op ons gevoel. Het is een stukje schoonheid dat verzwolgen wordt in het donkere woud van de verzuring. Omarm de rijke Vlaamse cultuur in al zijn facetten. Koester het acteertalent van onze vruchtbare eigen bodem. Grootmeester Leonard Cohen liet deze week nog postuum van zich horen met zijn nieuwste album Thanks for the dance. In eigen land kan ik alleen maar rechtstaan, hard in mijn handen klappen en vanuit het diepst van mijn hart zeggen: bedankt voor de cultuur. Het is een genoegen om jullie publiek te mogen zijn.