Het moment – Een memorabele 51 km

Er was eens een loper. Ze woonde in een charmant dorp zonder bos en wilde graag eens 51 kilometer lopen. Om haar missie te volbrengen riep ze de hulp in van vijf andere lopers, zeven fietsers, een handvol toegewijde supporters en een hond. Na 51 kilometer bereikte ze haar doel. Ze leeft hopelijk nog lang en gelukkig.

Om lang te lopen kan je maar beter kinderlijk naïef zijn en uitgaan van het meest gunstige scenario. Niet denken aan beren op de weg in de vorm van verzuring, buikkrampen en klopjes in alle soorten en maten. Over het hoe en waarom van die 51 kilometer vertelde ik al eerder. Een doel hebben is leuk omdat je ergens naartoe kan leven. Zaterdag rustdag, zondag duurloopdag: dat was het plan. Zaterdag deed ik dus niet veel. Ik dronk veel water, at een stapel boterhammen en las veel pagina’s. Zondag 16 mei ging de wekker om 5u30. Wie lang wil lopen, moet vroeg opstaan. Er stonden nog eens havermoutpannenkoeken op mijn ontbijtmenu. Nadat ik die met smaak had weggewerkt, begon het aftellen. Om 9u stipt zou ik namelijk beginnen aan mijn ultra-vriendenloop en aangezien de betrokkenen mijn live-locatie konden volgen, kon ik niet ongemerkt vroeger starten. Ik had me dus strikt aan het opgegeven tijdsschema te houden.

KNTW2652

Twee minuten voor de start stond ik klaar aan de kerk in mijn dorp. Daar was helemaal niks te beleven. Ik denk dat het slechts zelden gebeurt dat iemand er al gierend van de adrenaline selfies staat te maken in een provisoir startvak. Het weer zat alleszins mee. Ja, dit moest en zou onze dag worden! Om 9u stipt ging ik van start. Traditiegetrouw liep ik mijn eerste kilometers zogezegd ingehouden, maar eigenlijk veel te snel. Ik zou 18 kilometer alleen lopen via mijn woonwerkloopverkeer. Omdat die kilometers grotendeels off-road liepen, beschouwde ik ze als een niet te onderschatten onderdeel van mijn loopavontuur. Bovendien had ik niet echt rekening gehouden met de wind die mij in het vizier kreeg tussen de velden. Op zo’n momenten zit de wind altijd tegen. Ik was dan ook heel blij toen ik na een solo van anderhalf uur een eerste gezelschapsloper kreeg: niemand minder dan mijn jeugdvriendin Elizabeth. Na een pittige verhuismaand had zij toch de energie gevonden om wat kilometers mee te draaien. Ook jeugdvriend Rembert voegde zich bij ons en natuurlijk was er ook mama op de fiets. Ik vergat helemaal dat ik al een halve marathon gelopen had.

ADAG8737

De sfeer in mijn privé-peloton was zo goed dat ik de route wat uit het oog verloor, net op een punt waar ik wat minder thuis was. We zouden namelijk langs Murielle lopen, maar ik miste een afslag, waardoor we een stukje moesten freestylen en zelfs teruglopen om Murielle op te pikken. Inmiddels sloeg de verhuisvermoeidheid toe bij Elizabeth, maar wie haar een beetje kent (ik dus), weet dat zij een opper-bikkel is die blijft gaan. Met drie vriendjes en een mama liep ik dus richting Parkpoort. Vanaf daar liep ik alleen verder met Murielle. We passeerden langs een enthousiaste Pieter-Jan en Joost, die met de ramen wijd open een stevige beat door de Leuvense straten lieten weerklinken. Het was duidelijk dat zij ervaring hebben met de muzikale ondersteuning bij loopevenementen. Wat verder sloot Marike zich fietsend aan en ging het verder richting Arenberg in Heverlee. Heel vertrouwd terrein, aangezien het vijf jaar mijn (loop)habitat geweest is. Mijn geliefde Heverleebos lieten we links liggen en dan was het alweer tijd om afscheid te nemen van Murielle. Ik vervolgde mijn route langs mijn oude straat in Heverlee. Nog bekender terrein dus. Zo bekend dat ik vergeten was dat je daar anderhalve kilometer lang stevig omhoog loopt. Mijn onvermijdelijke pré-30km-klop was een feit. Ik voelde wat buikkrampen, besefte dat ik nog een heel eind te gaan had en ik wist: ja, dit is duurlopen.

OFIQ2468

Ik moest nog een halve marathon rond kunnen draaien, dat lukte wel, maar toch: het deed pijn. Heel raar is dat niet. Ik lijk dat onderdeel van duurlopen echter altijd wat te vergeten. Gelukkig kon ik de Sigarenberg in Herent – sinds de Everestprestatie van Seppe ook wel Mount Odeyn genoemd – redelijk gezwind naar beneden lopen. Langs de spoorweg ging het verder richting Vaart. Terwijl we een eerste (en enige) buitje over ons heen kregen, begon ik af te tellen naar het gezelschap van fris lopersbloed. Een nieuwe lichting lopers diende zich namelijk aan: niemand minder dan Roos en papa. In hun gezelschap liep ik al ettelijke kilometers, zag ik al behoorlijk wat sterretjes en stierf ik zelfs al meerdere doden. Het deed me echter plezier om weer langs de Vaart, mijn Vaart, te lopen: een stuk asfalt waar ik honderden duurkilometers liep. Toen Seppe nog een stukje meefietste waren we plots als gezin compleet. Wat een verrassing!

NYIO6640

HOIO6508

Zo gezellig als het klinkt, zo lastig had ik het wel. Dat familieloopje voelde allesbehalve aan als een koffiekransje in intieme kring. Ik had er ondertussen een kilometer of 38 opzitten en ik stelde mezelf oprecht de vraag waarom ik niet “gewoon” een marathon had kunnen lopen, want dan was ik er nu bijna. Die 9 kilometer die ik langer zou lopen, leken een marathon op zich. Ik had beter moeten trainen, dat schoot meermaals door mijn hoofd. Onzin natuurlijk, want ik liep nog altijd een stevig tempo aangezien ik mijn marathon kon afklokken op 3u43. De lange staart die de marathon kreeg, kostte me steeds meer energie. Ik keek reikhalzend uit naar mijn laatste supportersclub: An, Wim, Lieselore, Reinout én Milo. Na de ellendige kasseien in Wakkerzeel met 47 kilometer op de teller zag ik hen: hyper-enthousiast en extreem aanmoedigend met gepersonaliseerde opschriften en al! Dit was wat ik nodig had om die 51 kilometer af te haspelen. De laatste loodjes deden pijn, maar desondanks kon ik genieten van het mooie gezelschap dat ik rond me had. Aan de finish in Rotselaar stonden Niko, Peter, Leah en mijn eigen peter Mark. Jawadde zeg, een looptocht van 51, 14 kilometer in 4u33. De zon scheen, de vlaggetjes hingen uit en ik was een tevreden mens.

TZSR1037

Lopen blijft een eenvoudige en veelal eenzame bezigheid. Juist daarom hou ik er zo van en kon ik ook eens zo hard genieten van die hele entourage rond mij. Op zondag 16 mei was lopen een teamsport. Mijn vriendenloop bracht me meer dan verwacht. De beleving was intens, de ontroering eens zo groot. Het was een moment om stil te staan bij het feit dat ik al zeven jaar een afstandsloper ben. Zeven jaar van gaan-gaan-gaan, van pieken en dalen, soms aan mezelf voorbij lopen, maar bovenal lopen met hart en ziel. Ik loop nu meer dan ooit omdat ik er gelukkig van word. Ik loop ook omdat ik er anderen mee hoop te inspireren: dat je niet moet voldoen aan een slankheidsideaal om een duurloper te zijn, dat je moet durven dromen en dat je soms gewoon moet doen. Ik besef dat ik dankbaar moet zijn omdat ik een lijf heb dat dit fysiek aankan. Ik besef dat ik deze loper geworden ben dankzij een bende lieve mensen om me heen, die me niet alleen steunen, maar ook blij zijn als ze deel kunnen uitmaken van mijn dromen. Een dikke merci is hier dus op zijn plaats: voor zij die erbij waren, voor zij die vanop afstand en van thuis uit hebben meegeleefd. Voor mijn trouwe lezers en mijn volgers. Jullie zijn de beste!

XHLJ2131

Waarom ik vanavond zeker naar het Eurosongfestival kijk

Ik werd deze week vaak wat meewarig aangekeken als ik me enthousiast uitliet over het Songfestival. Vooral omdat ik oprecht enthousiast was en zonder enige schroom vertelde dat ik genoten had van de halve finales en de bijhorende Spotify-lijst. Het Songfestival is voor mij geen guilty pleasure (één van die woorden waar ik een hekel aan heb), maar een ongegeneerd pleziertje. Ik geef jullie graag vijf goede redenen om vanavond af te stemmen op Eurovision en enkele uren voor de tv te hangen.

  • Omdat het Songfestival bij onze immer enthousiaste noorderburen doorgaat. Dat hebben ze te danken aan de verdiende winnaar van 2019: Duncan Laurence. Rotterdam is bovendien één van mijn favoriete Nederlandse steden waar ik heel mooie (loop)herinneringen aan heb. Op deze blog kon ik meegenieten hoe Eurovision de Rotterdamse buurten vorm en kleur gaf.
  • Omdat het Songfestival het feest van de diversiteit is. Europa is er gekleurd, genderfluïde en meertalig. Alles kan, alles moet zelfs. Ook binnen de drie minuten dat een euro-song duurt, voert diversiteit vaak de boventoon. Go_A brengt met een unieke zangtechniek (die klinkt als een schreeuw) Oekraïense folklore in een elektronisch jasje als ode aan de natuur. De Italiaanse rockband (met Deense naam) Måneskin won de Eurostory Best Lyrics Award en toont daarmee aan dat je ook stilistisch verfijnd kan roepen.
  • Omdat het Songfestival naast een visueel spektakel zeker ook een podium is voor uitstekende zangers. De Franse (met Servische roots) Barbara Pravi raakt mij keer op keer met haar klassieke chanson Voilà (dat simpelweg gaat over het leven). De Zwitserse inzending Gjon’s Tears brengt een ballade mét dancemoves waarbij je je afvraagt hoe hoog een mens kan zingen. Adembenemend hoog, zo blijkt!
  • Omdat het Songfestival nu meer dan ooit symbool staat voor hoop. De hoop op een gelijkwaardige behandeling voor elke burger, de hoop op een betere wereld, eentje waar we weer bijeen mogen komen om naar een feestje te gaan. Natuurlijk staat zo’n festival bol van de clichés en schuilt er onder de kilo’s glitter een commercieel verpakte boodschap. We zijn allemaal voor de underdog, janken een potje over de liefde, houden een vurig pleidooi voor een duurzamere wereld en we breken een lans voor female empowerment. Hell no, I am not your honey: zoals de Maltese Destiny het met opzwepende Charleston-vibes weet te brengen. Hoe kan je daar iets op tegen hebben?
  • Omdat het Songfestival het ideale familieprogramma op zaterdagavond is. Mijn eerste levendige Songfestival-herinnering gaat terug naar het jaar 1996 toen Lisa del Bo ons land vertegenwoordigde met Liefde is een kaartspel, een liedje dat Seppe en ik stiekem heel goed vonden. We mochten chips eten voor de tv en lang opblijven. Ik zorgde voor de puntenlijsten. Vooral papa had een ongezouten mening over elke act. Voor hem mocht het niet te traag en kwelerig zijn. We maakten kennis met vriendjespolitiek en we vonden het heel onrechtvaardig dat Malta wél in het Engels mocht zingen. Vanavond kijk ik, net zoals twee jaar geleden, samen met Roos en Sien. Douze points voor sfeer en gezelligheid!

Loperspraat – De ultieme vriendenloop

Zeg Joke, had jij nu geen ambitieuze loopplannen voor het voorjaar? 
Jazeker! Ik kon namelijk niet nog eens een voorjaar laten passeren zonder groot loopproject (grijnst). Daarom onderneem ik zondag nog eens een stevige looptocht. Het doel: 51 kilometer van Tienen tot in Rotselaar via bekend terrein en in goed gezelschap.

Oké, 51 kilometer: WAAROM?
Tja (denkt na) omdat ik daar zin in heb. Als ik een marathon loop, dan wil ik een duidelijk omlijnd concept mét een doel. En ik kon dus niet echt iets bedenken dat aan die voorwaarden voldeed. Bovendien is een marathon lopen voor mij toch altijd wat beladen. Na mijn ultraloop in december besefte ik dat low-profile 50 kilometer lopen, gewoon omdat het kan en mag, echt leuk is. Ik kwam dus tot de conclusie dat langer dan een marathon lopen voor mij vrijblijvender aanvoelt dan een marathon zelf (lacht).

En dat gezelschap, wat mogen we daar van verwachten?
Als er iets is wat ik het afgelopen jaar meer dan ooit heb leren waarderen, dan is het lopen in gezelschap. In deze tijden is het de kunst om te denken in mogelijkheden in plaats van in beperkingen. Probeer in normale omstandigheden maar eens agenda’s af te stemmen op een zondag om bij vrienden en familie tijd te claimen om een stukje mee te lopen of fietsen: onmogelijk! Wel, nu is er ruimte in die agenda’s. Ik zou zelfs durven zeggen dat mensen blij zijn dat iemand een zot plan heeft waar ze bij kunnen aansluiten. Dat is ook wat ik zag tijdens die straffe looptocht van mijn broer: zoals wel vaker was dat inspirerend. Het wordt dus een ultra looptocht als ode aan de vriendschap: de ultieme vriendenloop.

Heb je je hier de afgelopen maanden dan grondig op voorbereid?
(aarzelt) Ja en nee. Ik fiets en loop altijd wel behoorlijk wat, maar specifieke marathontrainingen liet ik achterwege. Geen intervals of lange duurlopen dus. Mijn woonloopwerkverkeer beschouwde ik als een test om te zien of ik het betere duurloopwerk nog in me had zonder doorgedreven training. Ik had toch het idee dat mijn conditie nog bovengemiddeld goed was en gaf mezelf dus groen licht voor een uitdaging van dit formaat.

We zijn benieuwd naar het verhaal achteraf. Veel succes!
Bedankt! Ik zal er een sportieve lap op geven en als dat tegenvalt: dan is het verhaal achteraf eens zo interessant.

Het portret – Brief aan mijn liefste meter Sien Eggers

Liefste meter

Jij wordt vandaag 70 jaar. Ik ben er 35. Dat betekent dubbel geluk, samen 105 jaar en ontelbaar veel verhalen over ons samen, van vroeger en van nu.

Er valt veel te zeggen over de 35 jaar dat ik je nu ken. Dat we je als kind Tante Sien noemden, maar dat je eigenlijk de tante van onze papa bent en onze groottante (dat is goed, want groter dan tante, zoals je het zelf zegt). Je bent altijd heel duidelijk mijn meter geweest. Dit is mijn petekind! Zo stel je mij al een heel leven voor aan iedereen en dan ben je ook echt trots. Nog steeds, zelfs nu de schattigheid er bij mij af is. Mijn petekind is een titel die ik draag als een eervolle vermelding. Ma filleule, dat zocht je op toen we twee jaar geleden samen naar Parijs gingen, want ook daar moest je natuurlijk kunnen zeggen dat we niet zomaar twee vrouwen samen onderweg waren.

Je bent niet weg te denken uit mijn jeugdherinneringen en die van mijn broer en zussen. Onze logeerpartijen bij jou in Brussel zijn onvergetelijk. Legendarisch zelfs. We denken daar allemaal met een heel warm gevoel aan terug. Bij Tante Sien logeren dat was een all-in verwenpakket dat altijd volgens hetzelfde stramien verliep. We aten wortelpuree en spaghetti. We gingen ondergoed kopen in de GB, we mochten allemaal iets kiezen in de speelgoedwinkel en we gingen de eenden brood geven in het park van Zotte Charlotte. We keken naar E.T. (Marike en jij weenden altijd) en naar een video met drie tekenfilms (eentje ging over een vis die spijbelde en op café ging roken). Later vertelde je mij dat je soms onzeker was omdat je altijd hetzelfde deed met ons. Wij hadden echter niets liever. Altijd hetzelfde bij Tante Sien, dat was gewoon perfect.

Je had toen een heel druk leven. Je was altijd hard aan het werk, reed van hot naar her op de meest onregelmatige tijdstippen, maar als ik jarig was, dan kwam je altijd. Het was pas echt feest als Tante Sien kwam. We vonden je niet alleen zorgzaam en grappig, maar ook fascinerend omdat je een heel ander leven had dan onze ouders. Je woonde alleen in de stad met twee katten die alles mochten, we hoorden je soms Frans spreken, je droeg een bril (nu niet meer), je smeerde boter op je boterhammen (net zoals papa) en je rookte (nu niet meer). Je nam ons mee naar de wereld van het theater waar we ook aan iedereen werden voorgesteld. Je legde ons in de watten. Je vond alles wat we vertelden oprecht interessant. Je entertainde ons en je toonde ons iets van de wereld wat wij niet kenden. Ik kijk nog altijd naar je op omdat je alles met de juiste woorden kan zeggen. En als je het niet weet, dan zeg je dat ook gewoon.

Je werd steeds bekender als actrice. Ook daar leerden wij veel van. Spontane tv bestaat niet en bekende mensen zijn naast hun bekendheid ook gewone mensen. De meesten toch, want het is hier geen Hollywood! We leerden ook dat acteren een hard vak is dat respect verdient, dat de glitter en glamour vaak ver weg zijn. Eén vraag krijg ik heel vaak voorgeschoteld: is die in het echt ook zo grappig? Ik ben er nog altijd niet uit wat het beste antwoord is. Je bent namelijk geen live In de gloria of Lydia Protut. Je bent grappig omdat je durft te zeggen wat je denkt, omdat je een verhaal echt kan brengen (soms met grote-zaal-stem) en omdat je dankzij je scherpe observatievermogen de kleine gebaren van mensen kan imiteren. Jou alleen maar tv-grappig noemen doet te kort aan wie je echt bent. Je bent geen actrice die ook grappig is in het echte leven. Je bent een inspirerende vrouw met een rijk leven die ook actrice is. En grappig.

Zoveel jaren later is er veel en tegelijkertijd weinig veranderd. De oude gewoontes hebben plaatsgemaakt voor nieuwe tradities. We gaan samen naar het theater. Roos en ik blijven logeren met oudjaar, als het Eurosongfestival is en met de 20 kilometer van Brussel. Verjaardagen vieren we ook samen. We zien elkaar nu veel meer en raken nooit uitgepraat. Je bent nog steeds apetrots op ons allemaal en je prijst ons de hemel in aan ieder die het wel en niet horen wil. Door ouder te worden besef ik dat je naast die fascinerende persoonlijkheid ook een mens bent met verdriet, dat acteurs vaak een dunne huid hebben waardoor er veel binnenkomt, dat alleen zijn niet gemakkelijk is, dat het je niet altijd mee zit in het leven. Ongeluk is intens, ongeluk dat kan aanslepen. Toch vind ik het bewonderenswaardig hoe jij in het leven staat. Je durft, doet en blijft dromen. Over wonen op de Champs Elysées, om maar iets te noemen.

Ik hoop dat ik op mijn 70e met evenveel vuur in het leven zal staan. Dat ik net zo ondernemend zal zijn en dat ik met net zoveel plezier terug kan blikken op mijn carrière en ook vooruit, naar wat nog komt. Ik hoop dat ik als meter van Leah evenveel kan betekenen. Dat ik ook een luisterend oor zal zijn, dat ik haar op mijn manier zal kunnen boeien en een rol zal kunnen vervullen in haar leven. De lat ligt hoog, ik denk dat je zelf te weinig beseft hoe belangrijk je voor mij bent.

Liefste meter, je wordt 70 (en daar is niks aan te doen, dat zeg je zelf). Ik wens je een heel gelukkige verjaardag!

Joke

Loperspraat – Waarover ik praat als ik over Den Haag praat

Een zondag in maart en geen CPC Loop in Den Haag, dat doet pijn. Het weer is  grillig maarts. De herinneringen aan de CPC die vorig jaar nog op de valreep kon doorgaan liggen vers in het geheugen omdat enkele dagen later een lockdown – al dan niet light – werd afgekondigd. De scholen gingen dicht, het land een beetje op slot, maar wij hadden Den Haag nog op zak. Ik heb lang nagedacht over wat ik kon vertellen over een zondag in maart zonder CPC en wat dat voor mij betekent. Misschien kon ik het hebben over wat ik nog niet vertelde? Al snel bleek dat bitter weinig schrijfstof op te leveren. Ik kon schrijven wat ik juist niet mis van de CPC of waarom ik Den Haag juist heel erg mis? Ook dat kon de lading van mijn gedachten niet helemaal dekken. Ik ga dus voor de chaotische benadering: wat schiet er door mijn hoofd als ik aan Den Haag en de CPC denk?

  • De autorit met Roos en de gewoontes die daarbij horen: verkeerschaos rond Antwerpen, beheerst rijgedrag in Nederland, High Way Den Haag zingen, een kwalitatieve koffiestop mét versnapering (Roos trakteert mij als onkostenvergoeding), heel vaak een herinnering ophalen Weet je nog toen? De volgende keer dat we onderweg zijn volgt ongetwijfeld Weet je nog toen we in augustus met 35 graden zonder airco wegsmolten in de auto?
  • De aartsmoeilijke kledingdilemma’s waar we mee geconfronteerd worden. Maart is een uitdagende maand op vestimentair gebied. Het weer zit op de wipplank tussen winters fris en veelbelovend voorjaars. Bovendien gaat de CPC Loop pas om 14u van start en zie je die dag zowel wind, regen als stralende zon. Het is dan vooral zaak om heel veel soorten kleding in je sporttas te proppen. Ik liep de CPC zowel in een heel blote als in een heel bedekte outfit. We komen daarom altijd belachelijk zwaar gepakt en gezakt aan bij onze familie.
  • De magie van het Malieveld, eigenlijk gewoon een heeeeel groot grasveld dat het kloppend hart van de CPC vormt. Meestal is het er ook modderig, vaak heeeeel modderig.
  • De wind die wij dus totaal niet kunnen inschatten. We vertrouwen daarvoor op de kennis van de locals (onze familie). Het is duidelijk dat wij niet aan zee wonen.
  • Hoe we altijd barsten van het zelfvertrouwen om op de fiets onze weg te vinden in Den Haag, maar dat altijd het onvermijdelijke moment aanbreekt dat Roos de gps moet inschakelen.
  • De AH XL in de Elandstraat waar we een fantastische shoppingervaring beleven. Roos heeft altijd schrik dat de witte bolletjes uitverkocht zullen zijn die ze nodig heeft als ontbijt.
  • Het brede scala aan emoties die de CPC teweeg brengt. Gaande van euforie tot diepe teleurstelling.
  • Irene die ons in de watten legt door voor ons te koken en een lekker bed op te maken. We kunnen met haar ook altijd goed bijbabbelen over de gebeurtenissen in onze familie.
  • Maarten is onze oudste neef en hoewel we intussen allemaal saai volwassen zijn, blijft het heel leuk om hem te plagen. Met zijn kleurrijke outfits bijvoorbeeld, maar ook hoe hij zich altijd als een gek moet haasten om dan nét op tijd of nét te laat te zijn. Roos en ik staan meestal te wachten tot het startvak opengaat, Maarten staat 10 minuten voor het startschot nog aan te schuiven om zijn borstnummer op te halen.
  • Onze neefjes Senne en Lev kijken inmiddels niet meer verschrikt op als de nichtjes van papa aan de deur staan. Ondertussen kunnen ze ook onze Vlaamse tongval begrijpen en waarderen ze ons heel erg als supporters tijdens de kinderloop.
  • De finale van Wie is de mol? blijkt steevast plaats te vinden op de dag voor de CPC. Zo kregen wij de afgelopen jaren steeds de ontknoping mee en dus ook de verraste blikken van Senne en Lev. We leerden vooral dat het begrip BN’er erg rekbaar is.
  • Een halve of hele marathon heeft altijd een verraderlijke staart. In Den Haag is die altijd nog venijniger dan je denkt. Je loopt naar de zee, maar moet dan ook weer terug. De wind is daarbij een bondgenoot, dan wel vijand. Bovendien is de laatste strook naar de finish een optische illusie: twee kilometer lang ben je in de waan dat je er bijna bent (en ja, we weten wel dat een halve marathon 21,1 kilometer is). Twee kilometer is erg lang als je het zwaar hebt.
  • Na de finish pas ik altijd voor de warme thee die wordt aangeboden. Gekke Nederlanders!

Wat zou het al fijn zijn als we binnenkort weer de grens over mogen voor een volstrekt essentieel familiebezoek!

IMG_3933b

Het portret – 42 topvrouwen

Ik word omringd door sterke vrouwen. Mijn mama, zussen en metekind krijgen niet toevallig een prominente rol in mijn verhalen. Ik heb echter ook bijzonder leuke tantes en een meter die niet alleen een bekende kop heeft, maar vooral een bijzonder groot hart. Ik denk nog vaak aan mijn Oma, die er niet meer is, maar steeds aanweziger lijkt te zijn. Ik heb hartsvriendinnen die ik gewoon vriendjes noem. Ik heb collega’s waar ik niet alleen goed mee kan samenwerken, maar vooral goed mee kan praten. Elke man wordt geboren uit een vrouw. Dat zegt eigenlijk genoeg.

Dank je wel Agatha Christie voor je boeken die ik verslond
Dank je wel An Lemmens voor je dierenliefde
Dank je wel Angèle voor je opgestoken middenvinger
Dank je wel Carson McCullers voor je boek over eenzaamheid
Dank je wel Catherine Van Eylen voor je eigenzinnige kledingkeuze
Dank je wel Celia Groothedde voor je mening over feminisme
Dank je wel Chloé van Koffie Onan voor je liefde voor het vak
Dank je wel Cindy de postbode voor alle pakjes die je brengt
Dank je wel Coco Chanel voor je vernieuwende blik op mode
Dank je wel Connie Palmen voor je ontroerende woorden
Dank je wel Edith Piaf voor het spijt dat je nooit had
Dank je wel Elizabeth Batts voor de kracht die je bezat
Dank je wel Ellen Deckwitz voor je welbespraaktheid
Dank je wel Florence Welch voor je soundtrack van mijn leven
Dank je wel Frida Kahlo voor je kleurrijke persoonlijkheid
Dank je wel Hilde Van Mieghem voor de strijd die je voert
Dank je wel Hind Eljadid voor de moed die je hebt
Dank je wel Joke Van Leeuwen voor de wereld die je creëert
Dank je wel Julie Cafmeyer voor je column over grote liefdes
Dank je wel Kate Winslet voor de vrouwen die je een stem gaf
Dank je wel Kathelijn, mijn kinesist, voor je heilzame handen
Dank je wel Kathrine Switzer voor je daad van verzet
Dank je wel Leen Demaré voor je persoonlijke verhaal
Dank je wel Lies van de hulpgevangenis voor je engagement
Dank je wel Maaike Cafmeyer voor je speech recht uit het hart
Dank je wel Margaret Atwood voor het donkere beeld dat je zag
Dank je wel Maud Vanhauwaert voor de dichter die je ons geeft
Dank je wel Maureen van contact tracing voor je begrip
Dank je wel Maya, mijn kapper, voor je oprechte interesse
Dank je wel Michelle Obama voor de hoop die je geeft
Dank je wel Mieke, van op de markt, voor het brood dat je bakt
Dank je wel Naomi Sluijs voor de stoffencollectie die je ontwerpt
Dank je wel Nino Haratischwili voor je onvergetelijke epos
Dank je wel Ottessa Moshfegh voor je verfrissende literatuur
Dank je wel Paulien Cornelisse voor je grappen over taal en mos
Dank je wel Pink voor de rock star die je bent
Dank je wel Simone de Beauvoir voor je blik op vrouw-zijn
Dank je wel Sofie Lemaire voor je innemende persoonlijkheid
Dank je wel Sophie Calle voor je fijnbesnaarde kunstboek
Dank je wel Virginia Woolf voor je onvergetelijke personages
Dank je wel Yentl en de Boer voor je liedjes over mannen
Dank je wel Zaz voor hoe je zingt over Parijs

Het gerief – Twee tassen vol zussenliefde

De afkoelingsweek van het secundair onderwijs deed zijn naam alle eer aan. Dag en nacht vroor het de stenen uit de grond. Ik ging dagelijks – zorgvuldig ingepakt – lopen om van de sneeuw en de zon te genieten. Zaterdag zette ik mijn eerste vakantiedag in met een namiddag in mijn atelier, ofte 24 karaats kwali-tijd. Voor elk van mijn zussen zou ik een gepersonaliseerde tas maken. Een tas naaien voor iemand is namelijk een daad van onversneden liefde. Vergelijk het met koken voor iemand die je graag hebt: dan snij je een wortel ook tederder in stukjes. Als ik dus een tas voor mijn zussen maak, dan vloek ik nooit. Elk steekje zit extra stevig vast dankzij de zussenliefde. Je mag dat gerust klef noemen. De creatijd werd een contemplatief moment omdat mijn zussen in gedachten intensief bij het maakproces betrokken waren. Ik besefte weer hoe hard ik ze mis nu onze momenten samen schaarser dan ooit zijn. Zondag legde ik de laatste hand aan de tassen en trok ik naar de Kempen voor een verlaat verjaardagsfeestje van Marike. Twee uur lang op veilige afstand van het vuur en vooral elkaar zitten om nadien stinkend van de rook en met koude voeten weer in de auto te stappen. Ook dat is liefde. Ook dat is samenzijn anno 2021.

IMG_4234b
A sewing room with a view

IMG_4285b

Ik vroeg vooraf aan Roos of ik Marike blij zou maken met een grotere handtas dan wel met een klein heuptasje. Marike is met alles blij en dat is echt zo, maar een grote tas zou ze wellicht vaker gebruiken, antwoordde Roos. Ik koos daarom tweemaal voor het beproefde recept van de Trixie trail tas: een onontbeerlijke handtas in elke garderobe. Zelfs vandaag gaat een mens immers nog de deur uit. Twee keer dus een identiek patroon met een verschillende uitvoering. Ik maakte inmiddels al behoorlijk wat tassen van diverse afmetingen (waarvan drie Trixies). Mijn nieuwe devies luidt dan ook dat een tas maar zo goed is als z’n binnenkant. Een huis mag nog zo mooi zijn langs de buitenkant, je voelt je er pas echt in thuis als je er je spullen ook fatsoenlijk kwijt kan. Een tas maken begint voor mij daarom met het personaliseren en praktisch aankleden van de voering. De echte luxe is voorbehouden voor het interieur.

IMG_4244b

IMG_4243b

Voor Marike vertrok ik vanuit het allerlaatste restje kurk dat ze anderhalf jaar geleden zelf uitkoos voor de eerste Trixie die ik voor haar maakte. Ik vulde aan met een dry oilskin van Merchant & Mills in de kleur kaki. Al zou ik eerder zeggen munt ontmoet olijf. Oilskin, mensen, is dé jassen- en tassenstof bij uitstek: waterafstotend met een robuuste, doch elegante uitstraling. Ik voel bij die stof een Scandinavische vibe, denk: organisch kleurgebruik in stijlvol minimalisme. Of zoiets. De grijze voering in linnenlook met glitter sluit perfect aan bij het geheel. Het kleine giraffenritstasje garandeert orde in de grote tas. Die stof is dan weer een knipoog naar het geheime Leah-project van alweer anderhalf jaar geleden. Langs de buitenkant zijn de grillige gouden lijnen van de kurk de blikvanger. Om mijn marketingcampagne te besluiten, zou ik deze tas een classy allrounder noemen.

IMG_4254b

Roos gaf me zelf een stuk bronzen namaakleer dat ik als basis kon gebruiken. Ik vulde wederom aan met dry oilskin, deze keer in de kleur olijf, al zou ik eerder zeggen cognac en laat die kleur nu net Roos’ kleurenpalet domineren. De binnenkant werd gevoerd met een wondermooie luxe katoen van Fragile die zijn geheimen onthult achter een gouden rits. Langs de buitenkant stelen de franjes de show. Boho chic of het Wilde Westen: het is maar wat je er in wil zien. Zelf kies ik voor stijlvolle glamour met een edgy touch. Ook Roos kreeg er natuurlijk een twinning tasje bij: nog maar eens een Maurice. Och, wat hou ik van die man!

IMG_4276b

Het belangrijkste DIY-advies voor wie zelf een tas wil maken, is om er je tijd voor te nemen en jawel: om het geheel met liefde en geduld te assembleren. De moeilijkheid zit hem namelijk in de verschillende lagen én materialen die je moet doorstikken om de tas stevigheid te geven. Tot slot ga ik ook helemaal los in de details, want the devil is in the details. Daarom liet ik mijn naaimachine ritslabels “schrijven” met het toepasselijke SIS. Sis of sisje, dat is hoe wij – klef als we kunnen zijn – elkaar noemen. Wie zich het mocht afvragen: onze broer noem ik redelijk consequent Bro. Ik voel hier terstond een idee voor een men bag ontstaan.

IMG_4296b

Weet je wat helemaal zo mooi is aan mijn zussen? Ik wist wel dat ze blij zouden zijn met hun tas, maar ze slagen er dan toch in om die blijdschap te overtreffen en zo overdreven dankbaar te zijn dat je je bijna gaat schamen dat je zelf zoveel plezier hebt gehad tijdens het maakproces.

IMG_4278b
Uiteindelijk is het natuurlijk Leah die de show steelt. Jong geleerd is oud gedaan.

Loperspraat – Mijn sportieve plannen voor 2021

Je zou kunnen zeggen dat 2020 ons vooral leerde dat het nutteloos is om plannen te maken in onzekere tijden. Wel, ik denk dat het in zulke tijden juist extra belangrijk is om plannen te maken, mits je er niet halsstarrig aan vasthoudt en je bereid bent om ze eender wanneer bij te sturen. Plannen maken, dat geeft richting en houvast. Ook provisorische plannen geven hoop. Een plan dat anders loopt dan verwacht, is geen mislukking, maar een koerswijziging. Dat het schip blijft varen, is al heel wat.

Er zijn plannen waarvoor ik afhankelijk ben van organisaties. De evenementensector richt z’n pijlen op het najaar. De Rotterdam Marathon van april 2020 werd een tweede keer verplaatst: 24 oktober 2021 is de nieuwe afspraak. De CPC Loop in Den Haag, een vaste waarde van het voorjaar, hoopt dit jaar een septembereditie te kunnen houden. In België plant de 10 Miles een najaarseditie, zwijgt de 20 km van Brussel in alle talen en gokt de Brussels Marathon op 3 oktober 2021. Leuk allemaal, maar aangezien een sportwedstrijd een massa-evenement blijft, durf ik daar ook niet al te veel op te hopen. Het zou geweldig zijn als het lukt, het is geen ramp als dat niet zo is. Hetzelfde geldt voor de La Chouffe trail in juli die mogelijk doorgaat binnen het format van de vrije en gespreide start. Mijn geslaagde 50 km smaakte naar meer en wie weet vind ik dat wel in Houffalize. De vraag is of een logeerpartijtje met de familie dan verantwoord is.

Het competitieve element van een wedstrijd miste ik helemaal niet. Wel de bijhorende trein- en automomentjes met Roos, het samen onderweg zijn, samen strategisch aanschuiven bij dixi’s en samen praten over onze loopervaring. Samen herinneringen maken dus, dat gemis voelde ik tot in mijn kleine teen. Ik kijk uit naar het moment dat we er weer volledig niet-essentieel op uit kunnen trekken. Mijn zussen verwachten natuurlijk een gek plan om samen naar toe te werken. Elkaar naar een snelle 3 kilometer schreeuwen, lijkt me daarom een mooi speerpunt van het voorjaar. Ik hoop ergens de komende maanden ook weer een marathon te kunnen lopen op eigen initiatief. Als ik wild mag dromen, dan graag in en rond Den Haag. Omdat Den Haag dus ons Parijs in Nederland is. Ook hier is enig voorbehoud op z’n plaats. Plezier- en dus ook marathonreisjes behoren momenteel niet tot de mogelijkheden. Niet alle dromen hoeven echter bedrog te zijn.

Samen sporten is tegenwoordig een fijner alternatief dan samen in een tuin te zitten koukleumen. In gezelschap lopen of fietsen heb ik daardoor nog meer naar waarde leren schatten. Een beetje eenzaamheid en kluizenaarschap is mij niet vreemd, maar mijn innerlijke mens haalt heel veel energie uit samen actief zijn. Er zijn mijn pauzeloopjes op school met collega’s Bart en Murielle, er zijn fietstochten met Rembert, er zijn de zussenloopjes en binnenkort ook een loopje met Elizabeth. Al lopend babbel je op een nog spontanere manier. Ik zou zelfs durven zeggen dat je al babbelend ook op een spontanere manier loopt.

Oh ja. Hoe zit het nu met die witte schoenen? Ik was misschien iets te optimistisch – of ronduit naïef – toen ik verkondigde dat het met de viezigheid wel zou meevallen. Ik droeg ze sindsdien niet meer. Het merendeel van mijn looppaden is voorzien van een verraderlijk vies modderlaagje, waar mijn trailschoenen wel weg mee weten, maar mijn witte schoenen nachtmerries bezorgt. Laat hen dus maar zorgeloos dromen van vlakke en propere asfaltwegen. Ook die tijd komt er weer aan. Geduld.

Oh nee, geen Hel van Kasterlee 2020!

Dat de Hel van Kasterlee vandaag niet doorgaat, is erg begrijpelijk: het is 10 graden en droog, mogelijk zelfs zonnig. In de Hel regent het of sneeuwt het, is het grijs en grauw, krijgen de begrippen “modder” en “koude” een tweede en derde dimensie. De Hel is afzien en genieten. Vandaag geen sporthal, geen Ben en Hans, geen strijd en glorie. Vandaag bloedt het sporthart van Team Odeyn en aanverwanten. Dit jaar dus geen uitgebreid verslag over helse ervaringen in Kasterlee. Ik denk dat ik zelfs de modder, de nattigheid en mijn open geschuurd zitvlak zal missen. Naar aanleiding van deze bijzondere dag vuurde ik enkele vragen af op mijn familieleden (inmiddels zijn ze dat gewend). Meermaals kreeg ik te horen: je kan de Hel niet beschrijven, je kan niet uitleggen wat het is als je er nooit bent geweest. Maar kijk, in tijden van crisis doen we toch een poging.

Ik geef eerst het woord aan Valerie, mijn schoonzus, mama van Laurien (4) en Vik (1) en zoveel meer dan de vrouw van Seppe. De week voor de Hel is het voor ons gezin minder druk dan de weken ervoor omdat Seppe dan juist minder traint. Wij zijn dan vooral met het weer bezig en alle mogelijke denkpistes die daarbij horen. Ik ben in die week ook altijd jarig. Afhankelijk van hoe dicht mijn verjaardag bij de Hel valt, is de feestmaaltijd eerder vettig of mager. De dag van de Hel zelf wordt met de jaren juist spannender. Ik geloof altijd in Seppe, aan hem twijfel ik nooit, maar ieder jaar opnieuw moet alles ook meezitten en mag je geen materiaalpech hebben. Het geluk moet altijd aan je zijde staan. Aan elke Hel-editie heb ik een speciale herinnering: ik heb twee keer zwanger langs het parcours gestaan, er was de eerste keer met Laurien en de eerste keer met Vik erbij. Dat maakt het extra bijzonder. Sinds vorig jaar leeft Laurien ook heel hard mee met haar papa. Tijdens de wedstrijd is ze dan wat opgejaagd en vraagt ze altijd: gaat papa winnen? Ze is heel blij als ze mee op het podium mag. 

hel

Ik was er ook bij in 2011 toen Seppe voor het eerst deelnam en meteen derde werd. Die afstanden leken mij toen immens. Ik was toen echt ongerust of dat het wel zou goedkomen. De dag zelf vind ik nu heel tof, die dag gaat ook heel snel voorbij. Er zijn veel mensen die ik één keer per jaar zie en spreek op dezelfde plaats. We worden ook altijd heel vriendelijk ontvangen door Ben en Hans. Ik krijg daardoor altijd het gevoel dat wij mee een deel zijn van Kasterlee. De gezelligheid die de sport daar uitstraalt kan je ook moeilijk uitleggen aan iemand die het nog nooit heeft meegemaakt. Echt uniek. Sinds we kinderen hebben, gaan Seppe en ik niet meer samen naar huis, maar we bespreken onze dag nadien wel heel uitgebreid na. Vanaf de zijlijn kan ik niet inschatten hoe het voor hem geweest is. Seppe vertelt dan hoe hij alles beleefd heeft, want er is veel meer gebeurd dan wat ik gezien heb. Ik vertel dan wie ik gesproken heb en waar de gesprekken over gingen. Hoe vaak Seppe nog zal deelnemen aan de Hel? Geen idee! Zo lang hij er zin in heeft, maar ik denk dat die zin niet snel over zal zijn. Na 10 overwinningen zijn er nog veel ronde getallen te behalen. 

hel4
Seppe aan de start in 2019

Seppe Odeyn  – broer (9 deelnames, 8 zeges)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. winter – modder – feest
2. Wat zal je het meest missen? de hele voorbereiding die afgesloten wordt in de sporthal
3. Wat zal je het minst missen? de stress die eraan voorafgaat
4. Hel-weetjes? in eerste instantie wilden ze de Hel nog extremer maken, de mama van Rob Woestenborghs won één van de eerste edities, de officiële aankomst ligt net buiten de sporthal: als het dus ooit aankomt op een sprint ligt daar de meet
5. Wat ga je vandaag doen? ik ga om 8 uur het startschot geven voor zij die de Hel op eigen houtje doen, ik ga de fietsronde eens lopen om te kijken hoe de Hel geweest zou zijn

DSC03201
Papa in actie in 2018

Jan Odeyn – papa (5 deelnames, 4 x supporter)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. trainen – doen – ondergaan
2. Wat zal je het meest missen? de start en aankomst, de laatste weken als je minder moet trainen en Alma elk weertype positief vertaalt in een voordeel, dat het goed gaat met Seppe en Joke tijdens de wedstrijd, het hoogtepunt als Seppe mij inhaalt en iets zegt, de overdreven positieve aanmoedigingen van Marike bij het laatste lopen en Alma die dan niets zegt omdat het nog lang gaat duren, de pintjes na de aankomst
3. Wat zal je het minst missen? het trainen en ongerust zijn over ziek worden of een blessure krijgen
4. Hel-weetje? i
n de douche herkennen ze me als de pa van Seppe
5. Wat ga je vandaag doen? me bezighouden met mijn modelbouwvliegtuigen

IMG_0603
Seppes overwinning in 2014 toen ik voor het eerst supporter was

Alma Artoos – mama (ontelbare keren supporter)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. familiedag – spannend – kou
2. Wat zal je het meest missen? Het gevoel dat één dag aanvoelt als één lang uur zonder eet- of hongergevoel (of misschien is die dag tijdloos), maar ook omroeper Hans. Het besef dat al die deelnemers helden zijn en daar een heel jaar voor trainden, de eerbied voor elke atleet. Ik vind het totaalpakket van de Hel perfect.
3. Wat zal je het minst missen? de spannende periode ervoor of misschien ook niet
4. Hel-weetje? (noot van de redacteur: mama had zoveel weetjes dat ik een selectie heb gemaakt) Jan en ik hadden op voorhand veel gesprekken over het weer, ik werd echt een meester-voorspeller om hem gerust te stellen: wind droogde de grond uit, regen was ook goed, want het zand kwam vaster te liggen, vriesweer was ideaal, want het zand lag nog vaster, dooi was dan weer goed om de ondergrond terug zachter te maken. Mijn voorspellingen werden alsmaar beter naarmate dat de Hel dichterbij kwam. Ik vertrok van het bestaande weerbericht en zette dat dan om in een gunstige voorspelling.

5. Wat ga je vandaag doen? het wordt een gewone zondag, denk ik. Misschien fietsen naar de Kempen?

FVAS2774

Mark Artoos – onze nonkel, mijn peter (4 deelnames, 1x supporter)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. afzien – genieten – nagenieten
2. Wat zal je het meest missen? vooral de sfeer ter plekke zowel voor, tijdens als na de wedstrijd, maar misschien nog leuker is de roze wolk de week erna en de vele verhalen van andere deelnemers en supporters: daar kan je nog lang van nagenieten
3. Wat zal je het minst missen? de trainingen van de maand november, die zijn lastig omdat je al zolang bezig bent en omdat het ook de zwaarste zijn, het weer is dan niet zo aangenaam meer en dan ben ik het trainen echt beu!
4. Hel-weetje? bij darmproblemen en een gebrek aan wc-papier kan een geschreven kerstlijstje van Marike ook een oplossing zijn
5. Wat ga je vandaag doen? sporten, want de training voor de Hel 2021 begint!

YGBX6086
Die zusjes van mij, zelfs goedlachs in regenponcho

Roos Odeyn – zus (8x supporter, waarvan 2x als mijn coach)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. familie – emotie – sport
2. Wat zal je het meest missen? De hel is een bijzondere dag. De fierheid op je familie. De pracht en kracht van een sport die je een hele dag kan aanschouwen, want het zijn zotten! Dat iedereen die over de rode loper naar binnen loopt een held is.
3. Wat zal je het minst missen? de eigen organisatie van kledij, voeding, drank, fietsen, lichten en voldoende batterijcapaciteit, het lege gevoel de dag erna: doodmoe en nog vol emoties 
4. Hel-weetjes? wij hebben altijd een fietstas vol zelfgemaakte wafels van Marike bij en als je heeeeeel vroeg komt, kan je gewoon aan de sporthal parkeren

5. Wat ga je vandaag doen? Herinneringen ophalen, beetje treuren. Blij zijn dat ik niet zo vroeg op moet staan.

DSC03200
Ikzelf in actie (lachend?!) in 2018

Marike Odeyn – zus (7x supporter, waarvan 5x als coach van papa)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. kou – familie – spanning
2. Wat zal je het meest missen? picknick maken, vroeg vertrekken en dan mama zoeken om een eerste update te krijgen over het wedstrijdverloop, het moment dat de familieleden gefinisht zijn, ze tevreden zijn over hun prestatie en het gevoel dat het dus ook een goed kerstfeest zal zijn
3. Wat zal je het minst missen? kou, modder, het gevoel dat je iets heel belangrijk aan het vergeten bent
4. Hel-weetje? Als ik mama bel om haar te vragen waar ze is, dan ziet ze mij meestal staan, maar ik haar niet, dus dan roept ze door de telefoon. Ik ben hier! Nee! Nee, hier! Je bent niets met die aanwijzingen door de telefoon.  

5. Wat ga je vandaag doen? bakken of in de tuin werken

hel6
Seppe op het podium in 2018, wat zullen we ook de Sikke (toen de nummer 3) missen!

Peter Dries – Kempenaar en partner van Marike (6x supporter)
1. Beschrijf de Hel in drie woorden. familiefeest – tijdschema’s – motivatiecoaches
2. Wat zal je het meest missen? de emotionele ontlading en de tranen van ontroering als ik mijn schoonbroer over de meet zie komen als winnaar, trots en opgelucht dat na weken meeleven je eindelijk weet: hij doet het, hij doet het!
3. Wat zal je het minst missen? het vroege opstaan, mijn wagen die stonk naar zure melk nadat Marike vergat om het dopje goed op de melkfles te draaien
4. Hel-weetje? ik moest eens naar Heist-op-den-Berg rijden toen Marike haar handtas op de veloroute had laten staan, uitslapen was geen optie 

5. Wat ga je vandaag doen? het stalen ros van stal en mountainbiken!

hel2

Wat ik vandaag zelf ga doen? Ik ga het gemis proberen weg te lopen, door nog eens een echt lange looptocht te ondernemen. Ik denk aan mama’s wijze woorden: die Hel mogen ze ons echt geen twee keer afpakken! Amen.

Loperspraat – En hoe is het nu met de zussen?

Aan sportieve plannen geen gebrek het afgelopen jaar. Het schoentje wrong echter bij de mogelijkheid om ze uit te voeren. Zo werd 2020 niet het jaar van de zussenmarathon en ook niet het jaar van Marikes kennismaking met de 10 Miles, althans niet de evenementenvariant van die middellange afstand. Het was uiteindelijk een jaar om eens zo hard te genieten van het feit an sich dat we zo nu en dan met ons drietjes (viertjes) mochten en konden lopen. Zondag was één van die schaarse momenten. We maakten gezusterlijk nog eens kilometers met Leah in de buggy. Ondanks de wind, de berg op en de modder was het een loopje om de batterijen weer helemaal mee op te laden. Met mijn zussen lopen, dat is namelijk altijd een klein feestje. Als kinesitherapeut en ergotherapeut zijn zij bovendien zorgwonders in barre tijden. Ik geef hen dus graag het woord om te vertellen hoe het hen sportief vergaat.

Hier hoor je Roos: ik heb sinds kort last van mijn heup, dat is gekomen door de klompen die ik moet dragen als ik op de Covid-afdeling van het ziekenhuis werk. Als ik loop, merk ik niks van die heup, maar ’s avonds speelt het wel op. Ik denk dat ik dus eens een bezoekje aan de kine moet brengen. Ook zonder wedstrijden of evenementen ben ik de afgelopen periode blijven lopen volgens mijn vast patroon, zo tussen de 30 en 40 kilometer per week. Ik loop geen echt lange afstanden en ook voor de intervaltrainingen pas ik voorlopig. Ik heb wel het idee dat ik in vorm ben als ik nu een wedstrijd zou lopen. Door alle maatregelen leef ik volgens een strak ritme en ben ik altijd goed uitgerust. Ja, er zit dus wel wat in de tank, denk ik.

Ik heb nog geen doelen voor 2021 gesteld. Als ik één wedstrijd van ons repertoire zou moeten kiezen, dan zou ik gaan voor de La Chouffe trail in Houffalize in de zomer. Dat is ook ons familieweekend en dus een hele happening. Zo’n trail lopen doet ook minder pijn dan al die snelle wedstrijden. De 10 Miles in Antwerpen zou ik eigenlijk ook wel heel graag lopen omdat dat gewoon al langer geleden is. Symbolisch zou het heel mooi zijn als de CPC Loop in maart door kan gaan omdat dat de laatste wedstrijd waar we dit jaar aan konden deelnemen. Ik weet ook wel dat dat niet realistisch is. We hebben het dit jaar al zo vaak gehad over die wedstrijd omdat het één van de enige is die we nog kunnen nabespreken. Wat ik mis aan wedstrijden lopen? Dat gevoel om eens echt diep te gaan, dat je de dag nadien wat stijfjes bent, de euforie ook die je dan voelt, de nabespreking en uitgebreide analyse. En natuurlijk ook het uitstapje dat je dan hebt, een dag weg zijn, daar wat rondhangen, de hele beleving van samen met andere lopers te zijn. Zien lopen doet lopen. Dat geeft je loopleven echt een boost.

Ik fiets nu ook elke week regelmatig. Dankzij de fietsknooppunten-app ontdekte ik al mooie routes in de omgeving. Ik werd ook al door veldwegen gestuurd. Niet ideaal als je met een gewone koersfiets rijdt. Op de fiets heb ik echt altijd koude voeten. Mijn fiets is ook heel snel vuil omdat ik geen spatborden heb. Dat vraagt dus wel wat onderhoud. Inline skaten is met dit weer ook echt geen optie. Modder en regen zijn slecht voor de wieltjes. Bij lopen is het weer minder bepalend.

Dit is wat Marike vertelt: ik ga nu meestal ’s ochtends lopen op nuchtere maag. Dat is voor mij gemakkelijk omdat ik dan geen rekening hoef te houden met mijn eten. Ik reageer namelijk allergisch op gluten in combinatie met een inspanning en kan dus 4 uur voor ik ga lopen geen gluten eten of ik heb het zitten. Het nadeel van ’s ochtends lopen, is dat het niet echt vooruit gaat. Ik heb al wel geprobeerd om te versnellen, maar dat ging echt niet. Omdat ik ook allergisch ben voor de kou is fietsen in de winter voor mij geen optie. Op zondag ga ik soms nog met Leah in de buggy lopen. Dat is nu ook wat ingewikkelder met haar maaltijden, het vraagt wat meer denkwerk. 

Ik weet nog niet echt wat ik in 2021 wil doen op loopgebied. Waarschijnlijk zullen mijn zussen wel weer een uitdaging bedenken en dan kan ik me daarvoor inzetten. Ik vond het wel jammer dat de 10 Miles dit jaar niet door kon gaan. Daar had ik echt wel naartoe geleefd en getraind. Ik heb die 16 kilometer wel snel op m’n eentje kunnen lopen, dus ik voel nu de stress om dat dan beter te doen tijdens een evenement. We zien wel wat het geeft. Dat we dit jaar geen marathon hebben gelopen, vind ik op zich niet heel erg, want daar was ik helemaal niet mee bezig toen het land in lockdown ging en alles werd afgelast.

Bedankt voor de update, zusjes! Ik kijk al uit naar ons volgende samen-loopje!