De race – Het ging hard in Den Haag

Je hoeft geen zonnebril te zijn om dolgelukkig te worden van een zondag die zijn naam eer aan doet. Al helemaal als die week gekenmerkt wordt door herfstweer en je die dag een snelle halve marathon wil lopen als voorbereiding op je marathon. Zondag 25 september was een sportieve hoogdag waarvan de prelude zaterdag werd ingezet door Roos en Seppe in Berlijn (waarover later meer). Zelf was ik samen met mijn maatje Sam in Den Haag om er deel te nemen aan de eerste post-corona editie van de CPC Loop in Den Haag: een halve marathon van de Haagse binnenstad, richting de kust over de boulevard tot aan de pier en dan weer terug de stad in. De CPC is voor mij persoonlijk een wedstrijd met een beladen geschiedenis. Ik zag er af terwijl ik met volle teugen genoot van kakelverse PR’s, maar ik beleefde er ook pure loophorror toen ik in 2018 na 3,15 kilometer moest opgeven met een kapotte enkel. Bovendien is Den Haag me als stad om tal van redenen erg dierbaar. Het zou dus hoe dan ook een bijzondere dag worden.

Onze zondag begint vroeg zodat we kunnen zien hoe Remco Evenepoel zich in Australië tot wereldkampioen wielrennen kroont. Vervolgens voelen we de marathonvibes in Berlijn en kijken we vol bewondering hoe loopmachine Eliud Kipchoge zijn eigen wereldrecord op de marathon met maar liefst 30 seconden scherper stelt. Als klap op de vuurpijl zien we live op de Duitse televisie hoe Seppe zich een weg richting de finish knokt om er zijn PR op de marathon te verbeteren. Als Sam en ik om 13u richting het Malieveld vertrekken voor de start van de CPC hebben we dus al heel wat sportieve emoties doorstaan. De omstandigheden voor onze eigen race zijn best ideaal: de temperatuur is gunstig, er staat een voorzichtig zonnetje en weinig wind. Het is kortom mogelijk om mijn 1u27 van in Rotterdam te verbeteren, drie weken voor de marathon zou dat een heel mooie opsteker zijn. Terwijl Sam in het startvak nog een bijdrage levert aan de aftermovie (hij moet onder de startboog op zijn horloge kijken), gieren de zenuwen door mijn lijf.

SYFX7296

Als het startschot weerklinkt en ik me op gang trek, vind ik vrijwel meteen een goede tred. De benenwagen heeft er zin in. Mijn hoofd is dolblij dat ook dit evenement eindelijk weer plaatsvindt. De eerste kilometers vliegen zoals steeds voorbij. Ik loop kilometertijden rond de 3’50” waarvan ik weet dat ik ze geen halve marathon kan volhouden. Ik probeer vooral ontspannen te lopen, niet meteen hard door te duwen en me zeker niet op te blazen. 5 kilometer heel snel lopen deed ik al vaker, de kunst is om het nu 21,1 kilometer vol te houden. Ik hoop uiteindelijk om met een gemiddelde onder de 4’03” te kunnen finishen om zo 1u25 op de klok te zien verschijnen. Lekkâh bezag zie ik op een aanmoedigingsbord van een toeschouwer en ik besef dat het ook echt lekker gaat. Wat zijn er trouwens ontzettend veel supporters langs de kant en wat zijn ze enthousiast! Elke Joke die me wordt toegeroepen geeft me een boost. Het gaat goed, het gaat echt goed! Halverwege de wedstrijd malen mijn benen nog steeds onverzettelijk door. Ik weet dat het erin zit. Vandaag ben ik de Warrior waar Oscar and the Wolf over zingt.

Ik kijk uit naar de passage langs het strand in Scheveningen, maar de weg ernaartoe is verraderlijk. Bovendien loop ik alleen en voel ik dus ook het minste zuchtje wind. Als ik puffend afdraai richting de boulevard word ik voorbijgelopen door een man met een plan. Hij geeft me wijze raad: Keep breathing, you’re doing well. Just breathe deep down to your toes. En, braaf als ik ben, doe ik dat. Hij heeft gelijk. Ik moet gewoon goed en diep blijven ademen. Tot in mijn tenen, waarom ook niet? Ik krijg het desondanks erg lastig. De supporters op de boulevard zijn dun bezaaid. Hoe geweldig het ook is om met zeezicht te kunnen lopen, je kan hier echt je tanden op stukbijten. Ik voel me opgelucht als ik uiteindelijk weer rechts afdraai en wind in de rug heb. De benenwagen heeft wat aan snelheid ingeboet, maar hij draait nog. Ik blijf gefocust in mijn cocon zitten. Ik blijf lopen. En ademen. Mijn neef Maarten kan mijn laatste kilometers op de fiets volgen. Het is nu echt strijden om zo dicht mogelijk bij die 4 minuten te blijven. De laatste rechte lijn richting finish lijkt eindeloos. Ik werp een blik op mijn horloge en besef dat ik nét wel of nét niet onder de 1u25 kan duiken als ik écht alles geef. Dat doe ik. Ik finish in 1:24:54 met een gemiddelde snelheid van maar liefst 3’59” per kilometer. Waanzin!

FFHF6737

Hoe meer wedstrijden ik loop en hoe sneller ik ook ben gaan lopen, hoe meer ik besef wat lopen voor mij betekent. Het doet iets met mij, telkens weer. Ik ga momenteel mentaal door een heel moeilijke en donkere periode, waardoor ik het eens zo moeilijk vind om te vatten dat ik sportieve hoogtepunten van deze aard kan en mag beleven. Het is niet vanzelfsprekend dat lopen mij nog steeds zo blij kan maken. Dat heb ik niet zo zeer te danken aan mijn getrainde benenmolen. Lopen dat is ervaren en intens beleven. Soms helemaal gefocust vanuit mijn loop-cocon, maar toch vooral om die loopvreugde te delen met dierbaren om me heen. Voor nu dus een heel grote shout-out naar mijn goede vriend Sam die op korte tijd een heel waardevolle rol is gaan spelen in mijn verhalen. Ere wie ere toekomt: Sam krijgt daarom het laatste woord in dit raceverslag waarin hij vertelt hoe hij zijn eerste CPC beleefd heeft.

GBDN2837

Mijn initiële idee was om de halve marathon in Brussel op 2 oktober als tune-up race te lopen, een laatste race voor de marathon in Amsterdam. Den Haag was nieuw voor mij en ik dacht: waarom ook niet? Het is een vlak parcours waar ik minstens mijn PR van 1u19 zou kunnen verbreken dat ik dit voorjaar gelopen heb op de halve marathon in Gentbrugge. Mijn A-goal was zelfs om gemiddeld 3’40” per kilometer te lopen en onder de 1u18 te finishen, maar dat zou ik laten afhangen van mijn hartslag. Het begin van de race ging heel vlot. Als je op hartslag loopt, kom je niet meteen aan je beoogde hartslag. Ik wist dat die rond de 185 moest blijven om me niet op te blazen, na een kilometer zat ik daar al aan. Mijn eerste kilometertijden schommelden tussen de 3’30” en 3’35”, dat ging vlot en voelde heel gemakkelijk. 

Toen ik aansluiting vond bij een groepje, was mijn hartslag weer wat lager en zakte ook mijn tempo wat. 100 meter voor ons liep nog een groepje en ik kon dus de keuze maken of ik hier zou blijven lopen of de oversteek zou maken naar de andere groep. Ik dacht: kijk, het is een halve marathon en het is niet meteen een ramp als je wat tijd verliest, het is geen marathon waarbij je dan nog 10 kilometer volledig leeg moet doorlopen. Het leven is aan de dapperen, dus ik heb de oversteek proberen maken. Mijn hartslag steeg weer tot 187, wat ik wel aan zou moeten kunnen voor de rest van de race. Rond kilometer 10 vond ik aansluiting bij het groepje waar ook de vierde vrouw van de race liep. Daar kon ik 4 à 5 kilometer bijblijven. Vlak voor de boulevard begon de groep te versnellen op een lastig punt in de race. Mijn hartslag steeg nog wat en uiteindelijk heb ik moeten lossen. Die vrouw is uiteindelijk ook gefinisht in 1u16. Mijn tempo zakte tot 3’50” per kilometer wat ik ook voelde aan mijn cadans. Het venijnige stuk van het parcours liep wat bergop naar de boulevard. Daar stond ook veel minder publiek dan in de stad.

IUFH9841

Na 16,5 kilometer draaide ik terug naar de stad en was het doorbijten tot aan de finish. Maarten heeft nog een stuk met mij kunnen meefietsen, wat heel leuk was en ook echt hielp. De laatste 3 kilometer waren lang. Je ziet de gebouwen van Den Haag centrum al liggen, maar je bent er nog niet. Ik wist dat ik niet onder de 1u17 zou kunnen lopen, mijn PR verbeteren zou wel lukken. Ik heb me op het einde niet helemaal kapot gelopen omdat ik mezelf niet meer pijn wilde doen om er nog wat seconden af te krijgen. Ik finishte uiteindelijk in 1:18:25, waar ik tevreden mee ben. Dat ik wat ben stilgevallen, komt denk ik omdat ik in het begin toch iets te veel heb gepusht. Ik ben wel echt diep gegaan. Toen ik op adem was gekomen, keek ik op de tracker en zag ik dat Joke nog maar een kilometer moest lopen en ik wist dat zij heel blij zou zijn met haar tijd.

Ik liep deze race met dezelfde schoenen als waar Kipchoge die ochtend in Berlijn zijn wereldrecord op de marathon liep. Daar werd ik ook een paar keer op aangesproken voor de wedstrijd. Ik ga ze wel niet dragen bij mijn marathon omdat ze net wat smaller aanvoelen dan de vorige versie. De sfeer van de CPC vond ik top! Het was mijn eerste wedstrijd in Nederland en ik werd nog nooit zoveel aangemoedigd tijdens een race (behalve toen ik als 12-jarig jongetje de 20 km van Brussel liep samen met mijn mama). Ik voelde het nu echt elke keer als mijn naam geroepen werd, onbewust versnelde ik dan en dat deed deugd. Dit evenement is ook echt supergoed georganiseerd. Met een 7000 deelnemers aan de halve marathon is de start ook niet zo overwhelming als bij de 20 kilometer van Brussel. Organisator NN heeft duidelijk veel kennis van zake, het is een geoliede machine die weet hoe een evenement georganiseerd moet worden. Ik ben wel benieuwd naar de sfeer van de marathon in Amsterdam, al denk ik dat die wat minder zal zijn vanwege het vroege vertrekuur en het herfstweer. Ik kijk er naar uit!

IFSG8883

Loperspraat – Mijn sportieve najaar van 2022

Ik weet niet meer wat ik juist verwachtte van 2022. Of ik het überhaupt aandurfde om verwachtingen te koesteren nadat we de afgelopen jaren lesjes in nederigheid moesten ondergaan. Corona was het zwaard van Damocles boven ons hoofd. Een dreiging aan een paardenhaar. Je wist nooit echt goed hoe je leven er over een paar weken zou uitzien. In ieder geval is 2022 het jaar waarin ik weer à la carte en als vanouds aan loopevenementen kan deelnemen. Sterker nog: het bleek een jaar te zijn waarin ik de ene na de andere loopwedstrijd kon winnen en PR’s weer wat scherper stellen op diverse afstanden. Het begrip lange afstand kreeg bovendien een extra dimensie door de trail in Houffalize die Roos en ik liepen. Behoorlijk grensverleggend allemaal. Ik ga het najaar echter niet dartend doorbrengen geïnspireerd door het succes van Dancing Dimi. Er zal gelopen worden, gefietst ook, door de wind door de regen, door de modder en liefst ook door alles heen. Mijn sportieve honger is nog niet gestild.

De CPC Loop in Den Haag zal altijd een bijzonder plekje in mijn hart hebben. Nu is in mijn hart best wel een grote ruimte gereserveerd voor loopevenementen en is dat plekje dus niet exclusief voor de CPC voorbehouden. Den Haag is Den Haag: altijd een goed idee, altijd weer leuk om er tijd te kunnen doorbrengen in familiale sferen. De CPC is daarenboven een prachtige halve marathon waar je nooit echt weet wat je kan verwachten. Op 8 maart 2020 liepen Roos en ik onze laatste CPC voor de wereld even op slot ging en het onvoorstelbaar leek dat mensen ooit nog in een grote massa zouden mogen samenkomen. Gek genoeg is de CPC ook de wedstrijd waar we het langst moesten wachten op een revival-editie. 25 september gaat het dan echt weer gebeuren en raas ik (hopelijk toch) over dat ongelooflijke parcours van de city-pier-city, in gezelschap van de zeebries die mee dan wel tegenwerkt. Naast de plaatsing op de kalender is deze editie ook anders omdat Roos er niet aan de start zal staan. Zij zal een avontuur van een heel andere orde beleven met Seppe, waarover later meer. Gelukkig zullen haar schoenen gevuld worden door die van Sam, waarover ook later meer.

Oktober dat is marathonmaand. Ik ben er nog steeds niet over uit of ik nu eerder het type voorjaars- dan wel najaarsmarathonloper ben. Op 16 oktober sta ik hoe dan ook aan de start van de Amsterdam Marathon. De marathon waar ik mezelf in 2017 een beetje kapot liep langs de Amstel, waar ik een keer door het Vondelpark vloog en er een keer door strompelde en me ook realiseerde dat Amsterdam over veel bedrijventerrein beschikt. De start- en finishzone in het Olympisch stadion konden me wel bekoren. Uiteraard ga ik voor een verbetering van mijn 3:06 in Parijs. Het is mogelijk, maar dat is nooit een garantie dat het ook echt zal gebeuren. Ik vertel later ongetwijfeld nog eens wat uitgebreider over mijn voorbereidingen en verwachtingen van Marathon N°15. Wie eveneens in Amsterdam aan de start zal staan is mijn maatje Sam. We leerden elkaar kennen tijdens de voorbereiding van de Paris Marathon en sindsdien deelden we loop- en ander vreugde en leed. Voor Sam is het z’n derde marathon en met een PR van 2:59 gaat ook hij resoluut voor een verbetering van z’n besttijd. Hij kan dat, daar ben ik heel zeker van.

Na de najaarsmarathon begint dan weer het betere ploeg- en modderwerk voor mijn decemberdoel. Ik ben nog steeds van mening dat mountainbiken een zomersport is, maar blijkbaar ben ik nog steeds zo gek te krijgen om ook in de kille maanden met Juan op pad te gaan. Mijn lopersbenen zullen dus heel wat extra kilometers op de fiets malen. Op 13 november staat de halve marathon van Kasterlee op het programma (waar ik vorig jaar als derde eindigde). Het regent doorgaans die dag, net zoals de andere 29 dagen van november meestal het geval is. En jawel, op 18 december neem ik dan weer deel aan de Hel van Kasterlee. Zoals verwacht krijgt het drieluik dus een sequel. De editie van 2021 was om heel wat redenen erg bewogen, waardoor ik tot de conclusie kwam dat ik nog niet klaar ben om het Hel-hoofdstuk af te sluiten. Bovendien belooft deze 20e editie een bijzonder feestelijke te worden: omwille van dat ronde getal en omdat Seppe zijn 10e overwinning kan binnenrijven. Hoe vet zou dat zijn?! De zomer geeft ons vandaag al een voorproefje van de herfst: I say yes to the regenjas, want er is immers genoeg om naar uit te kijken!

Het moment – Leven als Belgische god in Nederland

Ik had het geluk om 10 dagen lang vakantie te kunnen nemen in Den Haag: de mooie stad waar mijn neef Maarten met zijn gezin woont, de stad van de CPC, van zee en strand en tonnen gezelligheid. Een stad ook waar het zomerklimaat met verfrissende bries mij op het (zweterige) lijf geschreven was. Omdat ik in een vorig leven in Leiden studeerde kan ik mezelf niet bepaald een Nederland-leek noemen. Een jaar of 15 geleden was ik er echter van overtuigd dat het nooit zou werken tussen Nederland en mij. Dankzij mijn uitjes naar Den Haag ben ik weer helemaal gewonnen voor onze noorderburen en ja, ook voor hun directheid. Ik vond in Den Haag werkelijk alles wat ik nodig had om me in vakantiesferen onder te dompelen. La vie en rose in Nederland dus.

Nederland mag dan de naam hebben eerder laag te scoren op de gastronomische schaal, ik had daarover helemaal niks te klagen. Uit eten ging ik niet, wel deed ik talloze terrasjes met koffie en wijn. Wat me opviel was de populariteit van het nul punt nul biertje. Zowel op café (de kroeg) als in de supermarkt was er een uitgebreid en divers bieraanbod zonder of met een minimaal alcoholpercentage. Zelf werd ik een tevreden mens van de uitgebreide keuze aan wijnen per glas die ook nog eens betaalbaar waren. De koffiesnob in mij kon eveneens haar hartje ophalen. Ik dronk heerlijke cappuccino’s en flat whites zonder er de hoofdprijs voor te betalen. Na enkele dagen bombardeerde ik café Emma op het Regentesseplein tot mijn stamcafé. Daar had ik meerdere goede redenen voor: het was letterlijk om de hoek van mijn verblijfplaats, ik kon er terecht voor een goeie koffie én voor een wijntje, op het terras was er altijd wat te beleven, het personeel was vriendelijk en de klanten erg divers. Op hetzelfde plein ging ik ook twee keer de mezze-schotel halen bij Ali’s Incredible Lebanese Sandwiches, werkelijk een smaakexplosie! Op het strand genoot ik dan weer van de beach-vibes bij strandpaviljoen Zuid, waar steevast trots de Nederlandse vlag wapperde, maar de zon immer stralend was.

IMG_8862b

IMG_9078b

Wat mijn horeca-beleving helemaal naar een hoger niveau tilde was de joviale en steeds inventieve manier van bedienen. Met name café Emma leek daar een patent op te hebben. Daar werd niet simpelweg gevraagd wat je wil drinken (dat zou te alledaags zijn), maar kreeg je een andere pertinente vraag voorgeschoteld: wat kan ik voor jou betekenen? Nog beter vond ik de aanpak van de jongeman die met veel zin voor dramatiek en dito armgebaren voor het terras ging staan en uitriep: heeft er hier iemand mijn hulp nodig? Ook fijn vond ik het als mijn drankkeuze positief bevestigd werd met een oprechte Lekker! Als gevolg daarvan wilde ik als exotische Vlaamse natuurlijk even creatief en lyrisch uit de hoek komen als mij gevraagd werd of alles naar wens was. Ik heb soms vast vreemde dingen gezegd.

Om helemaal in het moment te zitten, besloot ik om op een terras niet in mijn boek weg te duiken. Vakantie is juist niks doen. Op een terras betekent dat dus zitten, wat drinken, je ogen de kost geven en je oren spitsen voor de gesprekken rondom je. Een mooie bijkomstigheid is dat Nederlanders doorgaans luid en goed gearticuleerd spreken, dat ik Nederlands best goed kan begrijpen en dat er toch met weinig schroom over gevoelens of delicate onderwerpen gepraat wordt. Een Belg doet dat liever met de rolluiken strak naar beneden en gedempte stem. Ik hing aan de lippen van twee vrouwen die hun vriendschap na enkele jaren weer opnamen en vergezeld van hun twee teckeltjes een jaar of 30 aan hondenliefde bespraken. Ik volgde een sollicitatiegesprek in heel informele sfeer (een biertje, lekker!). Geen soap kon op tegen de zenuwachtig ogende man die op zijn date wachtte (het was hun derde afspraakje, zij was net gaan kamperen in Frankrijk). Toen zij eindelijk arriveerde schreeuwde alles in zijn lichaamstaal dat hij hopeloos zijn hart verloren had aan haar, maar helaas vrees ik dat zij hem minder zag zitten. De stakker! Nederlanders zijn goede verhalenvertellers. Als buitenstaander die weldra van het Haagse toneel zou verdwijnen, voelde ik me ook niet bezwaard om al die gesprekken te absorberen. Ook dat is voor mij vakantie: opgaan in de anonimiteit van de grote stad.

IMG_9089b

IMG_9002b

Als je in Nederland bent, dan wil je natuurlijk fietsen. Op vakantie wandel ik graag zonder doel rond in een stad, in Den Haag ging ik soms doelloos fietsen. Al blijft het wel uit je doppen kijken in de grote stad. Er zijn tramsporen, auto’s en fietsers die uit alle richtingen lijken te komen. Mijn lieftallige Tony viel wat uit de toon naast de alomtegenwoordige omafietsen. Ook bleek de e-bike nog niet heer en meester der rijwielen te zijn en is de Nederlander duidelijk nog niet toe aan de fietshelm. Zelfs kinderen zag ik vaker zonder dan met een fietshelm. Volgens mijn Rotterdamse vriendin Machteld is dat zo omdat fietsen in Nederland zo ingeburgerd is dat je het kan vergelijken met een helm dragen bij het tandenpoetsen. Ze was het wel met me eens dat fietsen (ook in Nederland) heel wat meer risico’s inhield dan je dagelijkse mondhygiëne.

Wat ‘s-Gravenhage (de officiële naam) helemaal onweerstaanbaar maakt is de nabijheid van de zee. Op mijn eerste vakantiedagje ging ik een kijkje nemen op het drukkere strand van Scheveningen (omwille van de pier en het CPC-gevoel), de dagen erna was ik altijd te vinden op het veel rustigere zuiderstrand. Wat een ambiance daar! Zowel ’s ochtends als ’s avonds werd er gezwommen en dat werkte zo aanstekelijk dat zelfs een niet-watterrat als ik vond dat ze de zee in moest. Ook daar moet je wel zelf gewoon uit je doppen kijken. Er zijn verschillende vlaggen die aanduiden hoe gevaarlijk de zee is. De rode vlag staat voor een “zeer gevaarlijke zee”, maar dan mag je nog steeds het water in. Wie het veilig wilde spelen, moest wachten op de geelrode vlag, want dan waren de redders aanwezig. Om het kwartier reden die in een auto over het strand om te kijken of ze niemand van de verdrinkingsdood moesten redden. Soms was er trouwens gewoon geen vlag. Geen idee hoe je dat moest interpreteren. Ik liep en wandelde heel vaak langs de vloedlijn. Ik keek naar de rauwdouwers die meeuwen zijn en hoe ze boven de strandgangers helikopteren. Ik las op het strand en tegen de duinen (in totaal 5 boeken). Ik legde me zelfs eens op een handdoek om gewoon een beetje te liggen en naar de lucht te turen. Het moet niet gekker worden.

IMG_8967b

IMG_9006b

Naast één paar sandalen, één paar slippers, één paar espadrilles en twee paar sneakers nam ik ook drie paar loopschoenen mee. Ik trok dan ook 8 keer mijn loopschoenen aan. Wat de kustlijn in Nederland zo mooi maakt, is dat die nog meer aanvoelt als een natuurgebied. Ik liep door het Westduinpark, het Oostduinpark en het Zuiderpark, telkens ook stukken door de stad en over het strand. Geen meter stelde me teleur. Op zondag 31 juli fietste ik naar Rotterdam om er de halve marathon te lopen. Het zomerse gevoel was echter wat zoek bij de #yoursummerrun omdat het een miezerige, zelfs ietwat regenachtige dag was. Bovendien was het de eerste keer dat dit evenement georganiseerd werd en dat merkte je wel een beetje. Drie weken na mijn trailavontuur in Houffalize wist ik niet goed wat ik van een snelle halve marathon op asfalt mocht verwachten. Na een vlotte eerste helft en vervolgens een eenzame strijd tegen de wind tikte ik op de legendarische Coolsingel af op 1u27, waar ik niet anders dan tevreden mee kan zijn. Met wind tegen (die verduivelde wind!) fietste ik terug naar mijn Nederlandse thuis. Kijk, ook dat is een voordeel van Den Haag: dat het voor een ervaren steenwegrijder als ik slechts een fietstocht van 25 km verwijderd is van Rotterdam.

IMG_8926b

IMG_9134b

Ik genoot kortom heel erg van Het leven zoals het is – Den Haag. Met toch een beetje hartpijn maakte ik woensdagochtend nog wat kiekjes van het Regentessekwartier. Ik besefte dat ik echt een mooie vakantie had beleefd en dat de wereld op het Regentesseplein gewoon blijft draaien als ik er niet ben. Vakantie is ook: boordevol herinneringen en inspiratie, volledig doordrongen van die prachtige stad, dolblij zijn dat je weer thuis bent. In Tienen dus, of all places.

Loperspraat – Waarover ik praat als ik over Den Haag praat

Een zondag in maart en geen CPC Loop in Den Haag, dat doet pijn. Het weer is grillig maarts. De herinneringen aan de CPC die vorig jaar nog op de valreep kon doorgaan liggen vers in het geheugen omdat enkele dagen later een lockdown – al dan niet light – werd afgekondigd. De scholen gingen dicht, het land een beetje op slot, maar wij hadden Den Haag nog op zak. Ik heb lang nagedacht over wat ik kon vertellen over een zondag in maart zonder CPC en wat dat voor mij betekent. Misschien kon ik het hebben over wat ik nog niet vertelde? Al snel bleek dat bitter weinig schrijfstof op te leveren. Ik kon schrijven wat ik juist niet mis van de CPC of waarom ik Den Haag juist heel erg mis? Ook dat kon de lading van mijn gedachten niet helemaal dekken. Ik ga dus voor de chaotische benadering: wat schiet er door mijn hoofd als ik aan Den Haag en de CPC denk?

  • De autorit met Roos en de gewoontes die daarbij horen: verkeerschaos rond Antwerpen, beheerst rijgedrag in Nederland, High Way Den Haag zingen, een kwalitatieve koffiestop mét versnapering (Roos trakteert mij als onkostenvergoeding), heel vaak een herinnering ophalen Weet je nog toen? De volgende keer dat we onderweg zijn volgt ongetwijfeld Weet je nog toen we in augustus met 35 graden zonder airco wegsmolten in de auto?
  • De aartsmoeilijke kledingdilemma’s waar we mee geconfronteerd worden. Maart is een uitdagende maand op vestimentair gebied. Het weer zit op de wipplank tussen winters fris en veelbelovend voorjaars. Bovendien gaat de CPC Loop pas om 14u van start en zie je die dag zowel wind, regen als stralende zon. Het is dan vooral zaak om heel veel soorten kleding in je sporttas te proppen. Ik liep de CPC zowel in een heel blote als in een heel bedekte outfit. We komen daarom altijd belachelijk zwaar gepakt en gezakt aan bij onze familie.
  • De magie van het Malieveld, eigenlijk gewoon een heeeeel groot grasveld dat het kloppend hart van de CPC vormt. Meestal is het er ook modderig, vaak heeeeel modderig.
  • De wind die wij dus totaal niet kunnen inschatten. We vertrouwen daarvoor op de kennis van de locals (onze familie). Het is duidelijk dat wij niet aan zee wonen.
  • Hoe we altijd barsten van het zelfvertrouwen om op de fiets onze weg te vinden in Den Haag, maar dat altijd het onvermijdelijke moment aanbreekt dat Roos de gps moet inschakelen.
  • De AH XL in de Elandstraat waar we een fantastische shoppingervaring beleven. Roos heeft altijd schrik dat de witte bolletjes uitverkocht zullen zijn die ze nodig heeft als ontbijt.
  • Het brede scala aan emoties die de CPC teweeg brengt. Gaande van euforie tot diepe teleurstelling.
  • Irene die ons in de watten legt door voor ons te koken en een lekker bed op te maken. We kunnen met haar ook altijd goed bijbabbelen over de gebeurtenissen in onze familie.
  • Maarten is onze oudste neef en hoewel we intussen allemaal saai volwassen zijn, blijft het heel leuk om hem te plagen. Met zijn kleurrijke outfits bijvoorbeeld, maar ook hoe hij zich altijd als een gek moet haasten om dan nét op tijd of nét te laat te zijn. Roos en ik staan meestal te wachten tot het startvak opengaat, Maarten staat 10 minuten voor het startschot nog aan te schuiven om zijn borstnummer op te halen.
  • Onze neefjes Senne en Lev kijken inmiddels niet meer verschrikt op als de nichtjes van papa aan de deur staan. Ondertussen kunnen ze ook onze Vlaamse tongval begrijpen en waarderen ze ons heel erg als supporters tijdens de kinderloop.
  • De finale van Wie is de mol? blijkt steevast plaats te vinden op de dag voor de CPC. Zo kregen wij de afgelopen jaren steeds de ontknoping mee en dus ook de verraste blikken van Senne en Lev. We leerden vooral dat het begrip BN’er erg rekbaar is.
  • Een halve of hele marathon heeft altijd een verraderlijke staart. In Den Haag is die altijd nog venijniger dan je denkt. Je loopt naar de zee, maar moet dan ook weer terug. De wind is daarbij een bondgenoot, dan wel vijand. Bovendien is de laatste strook naar de finish een optische illusie: twee kilometer lang ben je in de waan dat je er bijna bent (en ja, we weten wel dat een halve marathon 21,1 kilometer is). Twee kilometer is erg lang als je het zwaar hebt.
  • Na de finish pas ik altijd voor de warme thee die wordt aangeboden. Gekke Nederlanders!

Wat zou het al fijn zijn als we binnenkort weer de grens over mogen voor een volstrekt essentieel familiebezoek!

IMG_3933b

Het moment – Vakantie in Den Haag

De kans is reëel dat Den Haag dit jaar de enige plek zal zijn waar ik over de landsgrenzen heen zal overnachten. Zo wordt 2020 niet alleen het jaar van afstandsleren, lockdowns en mondmaskers, maar zeker ook van Den Haag. Roos en ik spendeerden het afgelopen weekend net geen 48 uur in de administratieve hoofdstad van Nederland. Een mini-vakantie over de grens omdat Den Haag echt alles (en zelfs meer) te bieden heeft waar wij samen zo van kunnen genieten. Daarom besloten we dat Den Haag ons Parijs in Nederland is. Wie ons een beetje kent, weet dat dat het grootste compliment is dat we een stad kunnen geven. En om het gemis van Parijs wat te verzachten: in Den Haag is alles zo vlak als een biljarttafel en kan je ook nog eens heel fijn (en veilig!) fietsen. Hoewel ik het Frans wel wat mis, vindt Roos het bovendien mooi meegenomen dat ze er ook nog eens dezelfde taal spreken. Het relaas van ons weekend leest bijgevolg als een onvervalste lofzang op onze favoriete Nederlandse stad.

IMG_3219b

Toen we in 2016 onze eerste CPC Loop liepen, konden we niet vermoeden dat Den Haag het tot een volwaardige vakantiebestemming zou schoppen. We voelden ons natuurlijk heel erg welkom bij onze neef Maarten en diens gezin en “de klik” met de stad was er meteen. Die CPC werd de jaarlijkse aanleiding om een weekend bij Maarten, Irene, Senne en Lev te spenderen. Intussen hebben we al zoveel mooie familieherinneringen aan die weekends en de junglekamer van Lev (waar Roos en ik altijd mogen logeren) dat het lopen soms zelfs bijzaak lijkt te worden (en dat zeg ik niet snel). We twijfelden dan ook niet om eens zomertijd in Den Haag door te brengen: in het huis van Maarten & Co, helaas zonder hun gezelschap, aangezien ze zelf op vakantie waren.

IMG_3191b

Een groot pluspunt van Den Haag is de nabijheid van de zee: extra mooi meegenomen bij tropische temperaturen. Het enige euvel dat we moesten overwinnen, was de autorit naar het noorden. Mijn auto heeft namelijk geen airco (ja echt). In de praktijk betekende dit dat de eerste ernstige zweetuitbraken een feit waren op de Brusselse ring. Kleine domper op de zweetvreugde was bovendien dat onze favoriete tussenstop, zijnde de La Place net over de grens, blijkbaar de deuren gesloten heeft zonder ons – trouwe klanten – hiervan persoonlijk op de hoogte te brengen. Yes, we zouden onze eindbestemming nog sneller bereiken! Eenmaal aangekomen verwonderden we ons nog eens over de prachtige woning waar we mochten verblijven. We trokken iets frisruikender aan en sprongen op de fiets richting zee. In Nederland is fietsen echt kinderspel: werkelijk overal staan wegwijzers. Volgens Belgische normen vonden wij de drukte in Scheveningen-bad “gezellig druk”. Geen idee welke kleurcode hier zou bij horen. Ik haalde wat herinneringen op aan hoe ik als kind een begenadigd en succesvol schelpenverzamelaar was. Roos luisterde aandachtig, zoals ze dat altijd doet. We eindigden onze dag op een gezellig terras waar ook het eten ons geenszins teleurstelde.

IMG_3200b
Roos en haar ontbijtkommen.

Zaterdag begonnen we met een stevig ontbijt. Vervolgens brachten we een bezoekje aan De Bijenkorf. De gewoonte wil dat we daar zelden iets kopen, maar vooral veel wooninspiratie stelen met onze ogen. We gingen solden shoppen in de Hema (Roos kocht vier ontbijtkommen) en brachten nog een bezoek aan boekhandel Van Stockum (ik hield me in en kocht niets). Als lunch gingen we voor koffie en taart bij Bagels en Beans, die hebben aan ons een heel goede klant als we in Nederland zijn. Tijd om weer naar zee te vertrekken. We besloten naar het wat rustigere Zuiderstrand te fietsen. Daar kwam ik zelf iets te weten wat ik nog niet wist over Roos: zij loopt het liefst met waterschoenen over het strand omdat ze die scherpe randjes in het zand zo vervelend vindt. Na een stevige wandeling (ik blootvoets) zetten we ons neer bij strandpaviljoen Zuid. We dronken lauw Belgisch bier uit een kartonnen beker en – geloof het of niet – het smaakte fantastisch! ’s Avonds genoten we van een diner bij gastropub Van Kinsbergen. Ik denk dat we aan de meest ideale tafel zaten op het gezelligste plein van Den Haag. Eentje om te onthouden!

IMG_3204b

We eindigden de dag op een plek waar ons hart een beetje sneller gaat slaan. Het Malieveld is voor de Hagenezen wellicht slechts een groot grasveld waar al eens een manifestatie plaatsvindt. Voor ons is het dé plek van de CPC: start, finish, zenuwen, dixi’s en veel emoties. In maart is het Malieveld een bruine vlakte waar regenlaarzen best handig zouden zijn. In de zomer is het grasveld dus gewoon groen en hebben de bomen bladeren. Het voelde onwezenlijk dat we hier amper vijf maanden geleden nog een halve marathon liepen. De herinneringendoos ging weer open en we bespraken uitgebreid en met veel inleving onze laatste lijn en bocht naar de finish. Geïnspireerd door het Malieveld begonnen we zondagochtend met een bescheiden looprondje. De benen voelden stram aan, maar liepen zoals altijd los. Na ons ontbijt maakten we nog een fietstocht door het Westduinpark. Onze conclusie: in België kunnen we veel leren van de Nederlandse kust. Nog maar eens veel duimpjes omhoog voor de faciliteiten van Den Haag. We beseften vooral dat we nog veel te ontdekken hebben in de stad waar we steeds beter onze weg kennen. Hoe zou Den Haag er eigenlijk uitzien in de herfst?

IMG_3211b
Zeg nooit NOOIT grasveld tegen het Malieveld!

P.S. Sorry Machteld en Jelle dat we Den Haag voorlopig verkiezen boven Rotterdam.
Sorry Murielle dat Roos het Nederlands verkiest boven het Frans.

De race – Een nieuw PR op de halve marathon in Den Haag

Soms beleef je een moment waarop alles – volstrekt onverwacht – in de juiste plooi valt. Alle opgestapelde bekommernissen en stress ebben weg en wat overblijft zijn schelpjes van dankbaarheid omdat je hebt kunnen doen wat je het liefste doet. In mijn geval is dat (hard) lopen, een klein beetje de grenzen opzoeken en vooral heel veel bij mijn familie zijn. Zondag 8 maart 2020 was zo’n dag. Ik liep de halve marathon van de CPC Loop in Den Haag in een nieuw PR van 1:33:56. Ondanks de harde wind en de angst voor blessureleed die mij al ruim een week in een stevige greep hield. Ik maakte dus schoon schip met mijn traumatische ervaring tijdens de CPC twee jaar geleden. Toen stond ik na exact 3,15 kilometer langs de kant van de weg met een kapotte enkel. Ik kon niet meer steunen op mijn linkerbeen. Stappen werd hinkelen. Mijn voorjaar van 2018 viel volledig in het water. De impact van die gebeurtenis is tweeledig. Langs de ene kant werd ik een bewustere en daardoor ook wel gelukkigere loper. Langs de andere kant hou ik in mijn hoofd altijd rekening met een doemscenario. Zondag was eindelijk de dag aangebroken dat mijn CPC-trauma werd omgezet in een CPC-triomf.

Zoals de traditie het wil, zakten Roos en ik zaterdag af naar Den Haag om tijd te spenderen met onze neef Maarten en zijn gezin. Een korte toer door het geweldige Den Haag mocht niet ontbreken op ons programma. Zondagochtend werden we wakker in de junglekamer van ons neefje Lev, die samen met zijn broer Senne zou deelnemen aan de 2,5 kilometer. Levs enthousiasme was eerder beperkt. Een uur voor de start vroeg hij hoopvol of de CPC niet was afgelast (net zoals vorig jaar), maar helaas voor hem: zelfs het coronavirus kon niet beletten dat er gelopen zou worden. Zo vertrokken we voor een eerste keer richting Malieveld om Lev en Senne aan te moedigen tijdens hun wedstrijd. Die neefjes van ons deden dat fantastisch, ook al liepen ze onder een bewolkte hemel met een heel strakke wind. Na een koolhydraatrijke lunch trokken Roos en ik weer richting Malieveld. Nu om Maarten aan te moedigen op de 10 kilometer. In tegenstelling tot zijn zoon Lev had Maarten er wel zin in. Dat hij amper had getraind, was dan ook een klein detail. Zijn prognose was om op karakter te finishen rond het uur. Uiteindelijk konden wij onze oudste neef nog een stevige high five geven richting finish, die hij na 51 minuten bereikte. Een knappe prestatie!

LLYU8167

De CPC Loop was dit jaar aan zijn 45e editie toe, nadat de geplande feesteditie vorig jaar werd afgelast door het voorspelde stormweer. Het was dus drie jaar geleden dat ik de finish kon halen van deze halve marathon die van de Haagse city naar de Scheveningse pier terug de city in loopt: CPC dus. In maart 2017 had ik daar 1 uur, 35 minuten en 25 seconden voor nodig. Een PR dat drie jaar lang onaantastbaar en duizelingwekkend snel leek. Zowel Roos als ik voelde de zenuwen stevig door ons lijf gieren. We werkten nog een smerig banaantje weg en bespraken onze racetactiek. Voor Roos was het simpel: zij wilde haar PR van 1:40 evenaren dat ze liep in Brussel en waaraan ik een bijdrage kon leveren. Zelf was ik er nog steeds niet uit wat mijn raceplan zou zijn. Enerzijds wilde ik lekker saai op veilig spelen: finishen in een acceptabele tijd zonder iets te forceren, zonder kans op een toptijd, zonder kans op enige vorm van teleurstelling. Anderzijds besefte ik ook dat dit het uitgelezen moment was om voor eens en altijd komaf te maken met het CPC-spook uit mijn verleden door een harde halve marathon uit mijn benen te schudden. Dat zou bovendien een mooie opsteker zijn richting Rotterdam marathon.

Stiekem heb ik altijd wel geweten dat ik het volle pond zou geven, met het risico dat ik op seconden of zelfs minuten van dat PR zou stranden. Het leven is aan de durvers, dus ik ging er snel van door toen het startschot weerklonk. Door allerlei omstandigheden had ik de afgelopen week een heel beperkt aantal kilometers gemaakt, waardoor mijn benen fris aanvoelden. Ik ging hard, maar liep soepel. Na twee kilometer stevende ik regelrecht af op de plek des onheils: de Groot Hertoginnelaan, waar ik in 2018 abrupt tot stilstand kwam en een DNF achter mijn naam liet optekenen. Heel even voelde ik de paniek van toen. Ik kon die ook weer snel achter me laten door met een stevige vaart verder over het parcours te denderen. Rond kilometer 8 kreeg ik een eerste aanmoediging van Maarten. Ik stelde vast dat mijn benenwagen het nog uitstekend deed.

IMG_2240b

Vroeger kon ik schijnbaar moeiteloos snel lopen. De enige verklaring die ik heb voor dat fenomeen is onbezonnenheid. Dat feestje blijft echter niet eindeloos duren. Op een dag kom je jezelf eens goed tegen en sluipen er onzekerheden in je hoofd. Onbesuisd hard lopen lukt dan niet meer. Je hebt wat naïviteit nodig om een snelle race te kunnen lopen. Zondag lag die in mijn onwetendheid omtrent het kilometertempo waaraan ik mijn vorige halve marathon in Den Haag gelopen had. Ik dacht dat dit rond de 4’25” moest liggen. Na 10 kilometer concludeerde ik daarom dat ik een heel klein beetje voor lag op mijn recordschema. Ik dacht dus dat het erom zou spannen. Halverwege de wedstrijd waren we nog steeds op weg naar de zee. Moeiteloos snel lopen zat er niet meer in. Ik hoopte dat ik mijn verval zou kunnen beperken tot aan kilometer 15. Vanaf dan zouden we immers de wind in de rug hebben. Misschien kon ik dan nog wat tijd terug winnen. Tussen kilometer 11 en 15 was het bikkelen geblazen. Ik stampte mij een weg over de boulevard (de dijk, zoals we in België zeggen), probeerde wat te genieten van de zon die scheen, maar ik voelde vooral mijn benen branden. Ik slaagde er behoorlijk in om mijn focus niet te verliezen. Ik klampte me vast aan het vooruitzicht van die 15 kilometer en ploegde dus voort. In plaats van 4’25” plakte ik eerder tegen de 4’30” aan. Ik probeerde mezelf op te peppen en wilde niet teleurgesteld zijn als ik mijn 1:35 barrière niet kon doorbreken.

Rond kilometer 16 kreeg ik nogmaals een aanmoediging van Maarten. Ik sprak met mezelf af dat ik niet op mijn horloge zou kijken naar de tijd die genadeloos weg tikte, kwestie van mezelf niet te veel op te jagen. Dat hield ik vol tot kilometer 18. Mijn verbazing was groot toen een eenvoudige rekensom me leerde dat ik perfect op schema lag om een nieuw record te lopen. De laatste 3 kilometer waren echter allesbehalve een walk in the park. De wind deed er alles aan om tegen te zitten. We liepen in een rechte lijn, die eindeloos leek te duren, op ons doel af. Met de wind pal op de neus drie kilometer buigen, maar niet breken: het leek schier onmogelijk te zijn. Van mijn gewenste versnelling was geen spoor te bekennen. Ik dacht nog aan SIA’s Unstoppable, maar in plaats van een Porsche with no breaks, leek ik eerder een Citroën met de handrem op. Uiteindelijk kwam die laatste bocht naar links er dan toch en liep ik af op de finishboog. Een laatste blik op mijn horloge zei me dat ik nog onder de 1:34 kon duiken als ik mij Usain Bolt gewijs richting de meet zou pushen. Mijn sprint leek op die van een stervende zwaan. Ik perste het laatste restje karakter uit mijn benen en klokte af op 1:33:56. WAUW. Dit had ik niet zien aankomen! Ik liep anderhalve minuut van mijn drie jaar oude PR. 21,22 kilometer liep ik aan een gemiddeld tempo van 4’26”. Nog steeds klinkt dat onwezenlijk snel.

IMG_2232b
Roos heeft het nog steeds zwaar.

Na de finishzone was het wachten op Roos. Haar blik sprak boekdelen. Ze finishte in een snelle tijd van 1:42:56, maar dat kleine zusje van mij was toch vooral teleurgesteld. Ze was slachtoffer geworden van het vuile spel dat de wind had gespeeld. Vooral tijdens die ellendige laatste kilometers had ze tijd verloren. Het voelde daar alsof ze geen meter vooruitkwam omdat ze een kar moest voorttrekken. Gelukkig had ze veel steun gekregen van Maarten, die ons gevoel bevestigde dat de wind het ons knap lastig had gemaakt. Hij merkte ook fijntjes op dat Roos nog steeds gemiddeld veel sneller had gelopen op haar halve marathon dan hij op de 10 kilometer. Met Maarten als gids op de fiets kregen we nog een laatste sightseeing tour door Den Haag.

Mocht het nog niet duidelijk zijn: Den Haag is een stad die een bezoek verdient. De CPC is een wedstrijd die op de bucketlist van elke loper hoort te staan. Ik ben diep gegaan tijdens mijn halve marathon. De verzuring in mijn benen is zelfs na twee rondjes loslopen nog steeds aanwezig. Wat overheerst is de euforie. En of de Rotterdam marathon nu wordt afgelast of niet: dit pakken ze mij niet meer af.

 

Het moment – Een looptocht door Den Haag op eigen wijze

Zondag 10 maart zou ik afrekenen met mijn demonen door de halve marathon van de CPC Loop in Den Haag uit te lopen en niet na 3 kilometer geblesseerd aan de kant te staan. Dat was het plan. Soms denk ik wel eens dat plannen er zijn om gewijzigd te worden. De wedstrijd werd namelijk afgelast vanwege de slechte weersomstandigheden: van een plottwist gesproken. Nietsvermoedend vertrokken Roos en ik zaterdag in een goed gevulde auto met twee fietsen, veel zelfgemaakte tassen en nog meer loopkleding. De highway Den Haag (zoals wij die snelweg op de tonen van Highway to Hell noemen) bracht ons in een vloeiende beweging bij onze Nederlandse familie. Toen we zondagochtend vernamen dat de wedstrijd was afgelast, waren we vastbesloten om onze loopkilometers op Haagse bodem af te leggen. We liepen uiteindelijk onze eigen CPC Loop door een beetje regen en wind en hielden er een prachtig weekend aan over.

Bij deze bombardeer ik Den Haag officieel tot mooiste stad van Nederland. ‘s-Gravenhage is met ruim 500.000 inwoners de grootste Nederlandse kuststad. De nabijheid van het strand is meteen ook één van de troeven van de administratieve hoofdstad van onze noorderburen. Het stadscentrum biedt diverse shoppinggelegenheden en trendy horecazaken. Vaste waarden voor ons zijn een bezoekje aan De Bijenkorf en de Bagels & Beans. Het Haagse straatbeeld wordt getypeerd door statige woningen. De standing van de stad is overal voelbaar. Vanaf het centrum ben je op een kwartier fietsen aan het strand van Scheveningen. In tegenstelling tot de doorsnee Belgische badstad wordt de boulevard (een chiquer woord voor dijk) niet ontsierd door lelijke hoogbouw. De halve marathon vertrekt vanuit de binnenstad een stukje langs de boulevard en de bijhorende pier terug naar de stad: city – pier – city, ofte CPC. Jullie begrijpen dat dit een bijzonder mooi halve marathonparcours is.

IMG_3948
Stance sokken zijn ook geschikt voor het strand!

Roos en ik zakten al voor de vierde keer af naar Den Haag voor de CPC. Tradities zijn er om in ere te houden, maar enkel bij ons debuut in 2016 bereikten we allebei de finish. Ik had op voorhand met heel veel (doem)scenario’s rekening gehouden, maar niet met een afgelaste wedstrijd. Toen ik zondagochtend ontwaakte in het grote bed met camouflagenet van mijn (achter)neefje Lev hoorde ik de regen al iets te hard naar mijn zin op het dak tikken. Ook Roos kon niet anders dan vaststellen dat het net zoals vorig jaar een natte editie zou worden. Ze nam haar gsm erbij om het weerbericht op te zoeken: vooral in het zuiden van het land (waar wij ons dus niet bevonden) werden er harde windstoten voorspeld. Rond het middaguur zou de ergste regen achter de rug zijn. Aangezien onze wedstrijd pas om 14u30 van start ging, rekenden wij dus op een alles overweldigende opklaring. Enkele minuten later zag Roos dat er geen start zou zijn. De organisatie had om 7u een email gestuurd dat de wedstrijd was afgelast omdat de veiligheid van de lopers niet gegarandeerd kon worden.

Wij hadden meteen onze bedenkingen bij de drastische beslissing om de wedstrijd af te gelasten. Met heel veel moeite konden wij een beetje wind ontwaren in de struiken buiten. Daarenboven spendeerde ik in Kasterlee maar liefst 11 uur in barre weersomstandigheden en liep ik ook al eens een marathon bij 30 graden. Slecht weer is dus niet per se een domper op de feestvreugde voor ons. Nadat het ontbijt was verteerd, vertrokken wij met de routetips van Maarten en Irene voor onze geheel eigen invulling van de CPC. Wij kunnen namelijk wel tegen een (wind)stootje en we wilden aan den lijve ondervinden hoe slecht die weersomstandigheden waren vooraleer ons definitieve oordeel uit te schreeuwen. Er het beste van maken: dat is waar wij met momenten in excelleren. We maakten eerst een klein ommetje langs de plek des onheils van vorig jaar: dé plaats waar mijn persoonlijke drama zich voltrok. Er stond nog geen ereteken voor de volharding die ik heb getoond tijdens mijn revalidatie, dus we moesten ook geen bloemen achterlaten. Vervolgens trokken we verder richting de kust. Ik maakte een cruciale vergissing in onze beoogde route en zo liepen we niet in een rechte lijn naar het strand van Scheveningen, maar naar dat van Kijkduin.

IMG_3955

Soms pakken vergissingen verrassend goed uit. Zo ook deze. Na een kilometer of 5 zagen we plots de zee opdoemen en voelden we ook een krachtige wind. Het kostte ons heel wat moeite en een stevige zandstraling om een klein stukje tegen de wind in op het strand te komen. Wat een plezier om plots langs de kustlijn te staan met onze voeten in de schelpen! Met de wind in de rug zouden we richting Scheveningen lopen, waar ook het officiële CPC parcours langskomt. Het leek alsof er een gigantische haardroger achter ons aanzat, want we werden vooruit geblazen. Omdat zand hoe dan ook een zware ondergrond blijft, zetten we onze weg verder via een mooi geasfalteerd pad door de duinen. We bereikten Scheveningen en maakten een vreugdesprongetje toen plots de zon doorbrak. Ons vermoeden werd bevestigd: er stond wat wind, maar niet in die mate dat het gevaarlijk was om je op de boulevard te begeven. Heel wat mensen kuierden gezellig rond en we zagen geen terrasstoelen in het rond vliegen. We gingen een stukje de pier op en liepen via de haven terug richting centrum. Na 22,3 kilometer zat onze CBDPC Loop erop: city, beach, dunes, pier, city.

Dit was zonder twijfel de meest gevarieerde duurloop die ik al liep. Wat een parcours, wat een ervaring! Omdat ik toch behoorlijk gestresseerd toe had geleefd naar deze wedstrijd, geef ik toe dat het in eerste instantie voelde alsof ik een lastige confrontatie uit de weg kon gaan. Dit alternatief leverde me enkel voordelen op: ik liep een nuttige training aan Roos’ zijde. Toen het later in de namiddag ook nog eens heel hard begon te regenen, waren wij er helemaal niet rouwig om dat we droog en wel in de auto zaten. Volgend jaar is er weer een kans om sportief te schitteren in Den Haag, maar voor nu kunnen wij nog nagenieten van een sportief en familiaal hoogstaand weekend.

IMG_3945