Het moment – Wat ik dit schooljaar heb geleerd

30 juni: dé laatste schooldag. Wat maakten we weer veel mee in schooljaar 2021-2022. Na 2 heel atypische schooljaren, waarbij zowel leerkrachten als leerlingen zochten en worstelden om zichzelf te herontdekken, was dit een schooljaar van voorzichtige eerste keren. We konden in de klas blijven zitten en elkaars gezicht weer zien. We mochten zelfs op (meerdaagse) uitstap gaan. Met vlagen voelde het aan alsof het vroeger was. Al kan ik niet anders dan hier meteen een heel grote MAAR aan toe te voegen. Vergis u namelijk niet: de druk op het onderwijs is reëel. Het lerarentekort is geen hoax, maar bittere realiteit, een symptoom ook van de negatieve spiraal waarin het onderwijs verzeild is geraakt en – als we niet opletten – aan kan bezwijken. Als het schip niet snel van koers verandert, dan knalt het keihard op die ijsberg. Laten we dus met z’n allen ons best doen om het tij te keren. Dit is wat ik dit schooljaar in en rond de klas geleerd heb.

  • Over scheepsrampen gesproken. Is die ramp met de Titanic eigenlijk echt gebeurd? vroeg een leerling zich luidop af.
  • Met de vijfdejaars van humane wetenschappen gingen we twee dagen naar Keulen. We bezochten musea en beklommen de Dom, maar de mooiste herinneringen heb ik aan het samen onderweg zijn en aan tafel zitten in de jeugdherberg: authentieke momenten waarbij je je als leerkracht (al is het voor even) deel van een familie voelt.
  • Jongeren kunnen echt niet weerstaan aan de verleiding van fastfood. Op 500 meter van de school ging een nieuwe McDonalds open die uiteraard meteen een heel grote afzetmarkt vond. Ook in Keulen was het al vette hap wat de klok sloeg.
  • Een schooluitstap die er bij mij echt in hakte, was het bezoek aan Fort Breendonk: een bikkelharde geschiedenisles over het sinistere regime waaraan 3590 gevangen tijdens de Tweede Wereldoorlog onderworpen werden. Aan het verhaal van Israël Neuman (gevangene 22) denk ik nog vaak terug en telkens weer grijpt het me naar de keel.
  • Het engagement van leerlingen lijkt elk schooljaar te groeien. Dat je als jongere bekommert bent om de klimaatopwarming is inmiddels de norm. Bovendien blijven ook Black Lives Matter, vrouwenrechten en LGBTQIA+ hot topics. Deels is dat eigen aan het heterogene publiek van onze school, deels is dit het bewijs dat de jeugd van tegenwoordig het misschien echt anders en beter wil doen dan voorgaande generaties.
  • Jongeren zijn heus niet vies van wat poëzie. Gedichtendag 2022 was er eentje om in te kaderen. Toen we vorige maand in de boekenclub de roman De hemel is altijd paars bespraken bleek – geheel tegen mijn verwachting in – dat dit veelgeprezen debuut met poëtische inslag gesmaakt werd door een brede groep diverse lezers. Met name de beeldende taal van Sholeh Rezazadeh werd erg gewaardeerd.
  • De overtreffende trap van chill is ziek chill. Een boek kan oogopenend of meesleurend zijn. Je kan in plaats van een sollicitatiegesprek ook een socialisatiegesprek aanvragen. En bij het woord prangender werd gevraagd wat voor type een pran-gender dan wel is.
  • Leerlingen kiezen heel vaak een boek enkel op basis van de titel. Doorgaans worden ze dan aangetrokken door allesomvattende (thematische) woorden als Liefde, Geluk of Vriendschap. Logischerwijze leidt die beperkte lezing wel eens tot een teleurstelling. Ik kreeg eveneens best vaak te horen dat er te veel seks (of erotica zoals een leerling het verbloemd probeerde te zeggen) voorkomt in een boek. Te veel?
  • Het nummer Porselein van Yasmine is behoorlijk gekend en geliefd bij jongeren omwille van de kwetsbaarheid waar de song over gaat. Ook hierachter schuilt een vorm van engagement: de normalisatie van psychische zorg voor iedereen.
  • De voorbije twee corona-schooljaren hebben zowel een positieve als negatieve invloed gehad op het lesgebeuren. De digitalisering heeft een aantal zaken absoluut vergemakkelijkt, maar er is ook een keerzijde van de medaille. Vooral ouders verwachten inmiddels dat we bovenop de klaspraktijk nog een volwaardige digitale stroom aanbieden. Ook lijken we via ons scherm altijd present te moeten staan, waardoor de school nog vaker je eigen huiskamer binnendringt: nefast voor de work-life balance en de werkdruk.
  • Je mag leerlingen nooit onderschatten. Ze zijn echt in staat om boven zichzelf uit te stijgen. Als leerkrachtenteam mag je nooit de pretentie hebben om labels te plakken of negatieve toekomstvoorspellingen te maken.
  • Er is (terecht!) veel aandacht voor de individuele zorg voor leerlingen. Het onderwijs heeft echter een gebrek aan zorg en begeleiding voor leerkrachten. Hoe wil je mensen aan boord houden als er amper reddingsboeien of zwemvesten op het droge liggen? Het is een probleem dat verankerd zit in het systeem, aangezien een school zelf moet roeien met de (weinige) beschikbare riemen.
  • Dat het respect en de waardering voor het lerarenberoep tanende is, dat ondervindt elke leerkracht. Iedereen die graag in het onderwijs wil staan om veel vakantie te hebben: kom het team vooral versterken, want we hebben je nodig! Denk er wel aan dat een leerkracht niet alleen aan het werk is binnen de schoolmuren. Er ging na de paasvakantie geen weekend voorbij waarin ik niet ernstig gewerkt heb. Het is eigenlijk intriest dat ik steeds de neiging heb om te vermelden dat ik eerder 50 dan 40 werkuren (van 60 minuten) per week aftik.
  • Als je je in woelige wateren bevindt, koester je eens zo hard de collega’s die een klankbord zijn, een vrolijke noot en een vriend in en naast de school. Je begrepen en gewaardeerd voelen zorgt ervoor dat het je soms echt lukt om de vloedgolven al surfend te doorstaan.

IMG_7992b

IMG_7682b

IMG_7687b

IMG_7693b

IMG_7974b

Ik wens iedereen oprecht een schitterende zomer toe, een deugddoende vakantie en de oh-zo-verdiende rust en ontspanning waar je lang naar hebt uitgekeken.

Loperspraat – Waarom ik nooit een echte trailloper zal zijn

Houffalize lonkt. Over 20 dagen staan Roos en ik aan de start van de La Chouffe trail: een looptocht van 68 kilometer met ook nog eens 2080 te overbruggen hoogtemeters. Een nieuw grensverleggend loopavontuur dat zich ver buiten de comfortzone van de marathon bevindt. Niet dat marathons lopen voor mij moeiteloos of pijnvrij aanvoelen, maar ik weet wel behoorlijk goed waar ik me aan kan verwachten en hoe ik me daarvoor kan klaarstomen. Bij een trailrun van dit kaliber is dat helemaal anders: hoe goed ik me ook probeer voor te bereiden, het voelt als een grote sprong in het diepe. Al ben ik ook niet helemaal aan mijn proefstuk toe. In 2017 liep ik al eens 50 kilometer in Houffalize en in 2019 liep ik me helemaal kapot op de 36 km. Ik ondervond toen telkens dat trail running toch een heel eigen discipline is binnen het loopwereldje. Als gedreven marathonloper werd ik keihard met de beperkingen van mijn loopcapaciteiten geconfronteerd.

Hoe dan ook vind ik traillopers zonder twijfel de sympathieksten der lopers. Nergens is de sfeer aan de start zo amicaal als bij een trailrun. Ze hebben het niet over een wedstrijd of een race. Ze klagen of zuchten ook niet als ze onderweg zijn. Ze houden van de natuur in al z’n facetten. Avontuur en beleving zijn belangrijker dan een tijd of resultaat neerzetten. Een trailloper lijkt kortom zenner dan zen in het leven te staan. Als gewoon lopertje kan ik alleen maar houden van die (wellicht geromantiseerde) kenmerken waar de trailloper voor staat. Helaas zal ik nooit een echte trailloper zijn en daar heb ik vijf goede redenen voor.

Ik blijf bergop lopen een opgave vinden. Ik hou echt heel erg van de natuur en de bergen, maar dan vooral om ernaar te kijken of erover te lezen: lang leve Paolo Cognetti! Als ik hoogtemeters maak, gaat er in mijn lijf een waarschuwingssignaal af: pas op! hoogtemeters! de motor moet harder draaien! Ik ga een strijd aan met de berg (of heuvel of glooiing of wat dan ook), want mijn lijf wil een tempo aanhouden. Ik ben de loper met de krachtige motor die zich focust op de juiste cadans om dan als een metronoom mijn voeten over het asfalt te laten tikken. Trailrunning daarentegen dat staat voor een duizelingwekkend aantal intervals, een overdaad aan variatie en onvoorspelbaarheid op alle gebieden.

Ik ben als de dood voor teken en heb een hekel aan alles wat vliegt, kruipt en steekt. Laat een grizzlybeer of everzwijn mijn pad kruisen: ik weet hoe ik adequaat moet handelen. Insecten daarentegen kunnen mij echt gek maken. Nu denk je waarschijnlijk dat het redelijk aanstellerig is om je druk te maken over insecten als het melkzuur tot achter je oren zit. Wel, net dan word ik hypergevoelig voor de terreur die insecten kunnen veroorzaken. Je neemt natuurlijk wel je voorzorgen om ongedierte op een afstand te houden, maar door al dat gezweet (behoorlijk extreem bij mij), ben je gewoonweg een insectenmagneet. Bij de trail in 2019 werd ik in mijn gezicht (!) door drie verschillende insecten gestoken. Ik hield daar nét geen nachtmerries aan over.

Ik drink en eet zelden tijdens een looptraining. Wie hier al langer mijn marathonverslagen leest, weet dat hoe vaker ik marathons liep, hoe heftiger mijn lichaam reageerde op sportgels en -drank. Bij mijn eerste marathon kon ik het perfecte voedingsschema aanhouden, bij mijn laatste twee marathons consumeerde ik 3 gels en een beetje water. Die minimale voedingsinname geeft mij voldoende energie om tot het einde te blijven gaan zonder dat er een wild feest ontstaat achter mijn buikwand. Een persoonlijk succesrecept dat regelrecht indruist tegen elk voedingsadvies. Aangezien ik in Houffalize makkelijk een uur of 9 onderweg zal zijn, is eten en drinken niet minder dan een bittere noodzaak. Ik ben er nog niet helemaal over uit hoe ik dat ga aanpakken.

Ik vind het lastig om tijd en snelheid helemaal los te laten, hoe graag ik ook de vrouw van de beleving wil zijn. Je kan een gemiddeld tempo tijdens een trail run niet vergelijken met wat je bij eender welke andere wedstrijd loopt. Om deze 68 km af te tikken, geeft de organisatie ons 11 uur de tijd. Dat is best strak. In 2019 had de eerste vrouw 9 uur en 18 minuten nodig om de finish te halen. In 2021 was dat slechts 6 uur en 57 minuten. Het is met andere woorden heel moeilijk om in te schatten wat voor mij haalbaar is. Ik wil zeker geen bepaalde tijd of plaats in de rangschikking halen, maar een indicatieve richttijd zou me een stukje controle geven over wat me te wachten staat en hoe ik me verhoud tot die 11 uur.

Ik vind de eenzaamheid van het traillopen soms best akelig. In 2017 kreeg ik mijn papa zo ver om te vergezellen tijdens die 50 km omdat ik schrik had om verloren te lopen. Dit jaar was het eigenlijke plan om de 68 km samen met Roos af te leggen, qua zussenmoment zou dat wel kunnen tellen. Inmiddels zijn we echter tot de conclusie gekomen dat het – al die gezelligheid ten spijt – verstandiger is om het ieder voor zich aan te pakken zodat we elk ons eigen lichaam kunnen volgen. Een dag alleen zijn schrikt mij op zich niet af, ook de Hel van Kasterlee is in se een eenzame bezigheid. Bij een trail bevind je je echter verder weg van de bewoonde wereld. Voor iemand die in een vingerknip een waslijst aan rampscenario’s kan bedenken, boezemt dat toch behoorlijk wat angst in. Gelukkig heb ik vooral ook heel veel zin in dit avontuur. Juist omdat je alleen maar grenzen kan verleggen door er eens los over te gaan. Naast de angsthaas schuilt er ook een optimist in mij die ervan uitgaat dat het op de één of andere manier wel in orde komt. Een goed verhaal, een La Chouffe en een familiaal weekend levert Houffalize ons sowieso op.

Met een speciale dankjewel aan Sam en Joséphine die met hun vrolijke hoofden op de foto (en ook vorige week in het echt) tonen wat een groot plezier off-road lopen kan zijn!

De gedachte – Over 8 bijzondere vrouwen

Welke persoon heeft een belangrijke – zo niet de belangrijkste – invloed gehad op de maatschappij waarin wij vandaag leven? Wie was een groots influencer avant la lettre? Die vraag moesten mijn vijfdejaars beantwoorden tijdens hun spreekexamen Nederlands. Ze kregen 2 minuten de tijd om hun gekozen persoon met vuur te verdedigen. Enkele grote namen die elk jaar terugkeren zijn Napoleon Bonaparte, Isaac Newton, Nelson Mandela, Rosa Parks en Elon Musk. Elk jaar zijn er ook heel wat originele of zelfs gedurfde keuzes. Zo werden dit jaar onder andere Pierre Kompany, Karen Damen, Stromae, Anne Frank, Eminem en William Shakespeare uitvoerig de hemel in geprezen. Dat zo ongeveer alles kan en mag moge bij deze dan ook duidelijk zijn. Ik selecteerde voor jullie 8 bijzondere vrouwen uit de spreekexamens en baseerde me voor onderstaande tekst hoofdzakelijk op wat mijn leerlingen vertelden. Mijn geschreven woorden hier heb ik dus te danken aan hun gesproken woorden.

Jane Austen kwam in de overgangsperiode tussen de 18e en 19e eeuw op voor het recht van vrouwen om ongehuwd en intelligent te zijn. Ze rekende af met de sentimentele vrouwenromans van haar tijd waarin de traditionele rolpatronen bestendigd worden. In haar romans wilde ze de absurditeit tonen van de cultuur waarin ze leefde. Op die manier werd ze niet alleen de grondlegger van een literaire romantraditie, maar ook één van de eerste vrouwen die geld kon verdienen door boeken te schrijven. Anno 2022 zijn haar vrouwelijke personages nog steeds levensecht en herkenbaar. Ze was een vrouw die het aandurfde om tegen de maatschappij in haar eigen koers te varen.

Vesta Stoudt stuitte als arbeider op een heel praktisch probleem toen ze munitiekisten verpakte in de Tweede Wereldoorlog. De kisten waren namelijk te stevig dichtgeplakt waardoor soldaten aan het front ze in het heetst van de strijd niet snel konden openen. Ze kreeg het lumineuze idee om stukken stof te bewerken zodat ze een hoge plakkracht hadden, maar toch scheurbaar zouden zijn. Op die manier werd een waterdichte, scheurbare tape ontwikkeld die geldt als het prototype van de duct tape. En zeg nu zelf: als zelfs de NASA rampen kon voorkomen door duct tape te gebruiken, kan je dan niet eigenlijk alles fiksen met die wonderlijke plakband?

Marie Stopes startte het debat rond anticonceptie. Als paleobotanicus onderzocht ze aanvankelijk steenkool en varens, maar haar boek Married Love bracht in 1918 heel wat te weeg. Ze hield een pleidooi voor anticonceptie om ongewenste zwangerschappen tegen te gaan omdat ze ook tegen abortus was. Ze werd de eerste vrouwelijke docent aan de Universiteit van Manchester. Samen met haar man richtte ze uiteindelijk ook een anticonceptie-kliniek op in Londen waar vrouwen advies konden krijgen over geboortebeperking. Haar nalatenschap zet zich nog steeds in om wereldwijd ongewenste zwangerschappen te voorkomen.

Harriet Tubman geldt als een voorbeeld voor niemand minder dan Barack Obama en Martin Luther King. Zelf kon ze ternauwernood ontsnappen aan een leven als slavin. Slavery is the next thing to hell zei ze daarover. Om die reden hielp ze tijdens Amerikaanse Burgeroorlog honderden slaven ontsnappen aan hetzelfde gruwelijke lot. Later streed ze voor de afschaffing van de slavernij en een algemeen stemrecht. Vandaag de dag wordt ze nog steeds beschouwd als één van de grote Amerikaanse vrouwen met Afrikaanse roots en vormt ze ook een inspiratiebron voor de Black Lives Matter beweging.

Rihanna belichaamt de diversiteit. De zangeres uit Barbados is niet alleen één van de meest succesvolle artiesten, ze is daarenboven een rolmodel voor jongeren. Ze bracht een genderinclusieve lingerielijn op de markt, foundation voor donkere tinten en ze is begaan met het klimaat. Ook tijdens haar zwangerschap maakte ze van de gelegenheid gebruik om te ijveren voor de normalisatie van blote zwangere buiken. Met al die initiatieven doorprikt ze het vooroordeel van de zingende modepop. En vooral: er is een Rihanna-song voor elke stemming.

Leymah Gbowee won in 2011 de Nobelprijs voor de Vrede. Ze was mede-oprichter van de Liberiaanse vredesbeweging die ervoor zorgde dat er een eind kwam aan de Liberiaanse Burgeroorlog in 2003, waardoor er in 2005 voor het eerst een vrouwelijke Afrikaanse president kwam. Ze begeleidde ook getraumatiseerde kindsoldaten en hekelde de positie van de vrouw in de maatschappij. Ze streeft ernaar om bruggen te slaan tussen het christelijke geloof en de islam. Onder meer Malala Yousafzai beweert dat ze één van de sterkste vrouwen is die de wereld heeft veranderd.

Frida Kahlo kennen we omdat ze haar eigen kleurrijke werkelijkheid schilderde terwijl ze het merendeel van haar leven aan bed gekluisterd was. Ze is ook de vrouw met de unibrow die getrouwd en biseksueel was. In haar uiterlijk schuwde ze de mannelijkheid niet. Zo rekende ze op haar eigen manier af met het westerse schoonheidsideaal. Ze was een feministe in hart en nieren die er niet voor terugdeinsde om vrouwelijke problemen die als taboe werden beschouwd bespreekbaar te maken. Voor de huidige generatie is ze het toonvoorbeeld van hoe je onder alle omstandigheden vooral trouw moet blijven aan jezelf. Inmiddels lieten al heel wat artiesten zich door haar kunst en persoonlijkheid inspireren.

Marsha P. Johnson was een dragqueen uit New York die vocht voor gelijke rechten. Als iemand die zich anders dan anders voelde, was ze bekommerd om de verschoppelingen van de maatschappij. Ze bood onderdak aan tal van minderheidsgroepen en ontfermde zich over hen. Ook vandaag is ze nog steeds een toonaangevend figuur in de LGBTQIA+ community. Ze wordt geroemd om haar bijdrage in de strijd voor het homohuwelijk en de acceptatie van coming-outs. Ook het feit dat de maand juni Pride Month is, hebben we aan haar te danken. In 1992 werd haar lichaam aangetroffen in de Hudson na een pride optocht. Zelfmoord volgens de politie. Moord volgens velen.

Een grote dankjewel aan Marin, Senna, Fien, Ona, Sari, Joske, Hanne, Febe, Elly en Marit voor hun inspirerende bijdrage!

Het moment – Stijlvol en sportief met Flo in Brussel

Mijn leven verzamelt zich tegenwoordig in een hoop tassen en zakken. Fietsen, lopen, werken en altijd een beetje onderweg zijn: het vraagt wel wat organisatie. Om de juiste sleutels op zak te hebben, het gepaste schoeisel en ook de kleding voor de modus van het moment. Zo kleed ik me dus makkelijk een keer of 5 per dag om en sta ik net zo vaak spullen van de ene tas naar de andere over te hevelen. Nu ik ook weer vaker op een sportevenement ben, kwam ik tot de vaststelling dat ik als tassenfan van het eerste uur nood had aan een classy sporttas. Ik mag dan wel een coole sportzak van Nike hebben, als DIY-er kom je pas echt thuis in een zelfgemaakte tas. Hoog tijd voor weer wat onversneden creativi-tijd in mijn Flat White atelier.

Ik vertelde al vaker over mijn kledingcollectie van Flat White. Jassen, tassen en sweaters blijven de key-items van mijn zelfontworpen garderobe. Ik kan echt niet naar Parijs gaan zonder één of meerdere sweaters en liefst ook een jas van eigen hand. Geen Parijs ook zonder Maurice (bij de marathon was hij er als vanouds weer bij). Maurice had echter een elegant zusje nodig, net zo praktisch en fashionable, maar een maatje kleiner. Enter de Flo sporrtas volgens een patroon van WISJ. De handtas-versie maakte ik al 2 jaar geleden. Je weet wel: in de tijd dat we met z’n allen inhuizig moesten blijven, dat er stiekem ook best veel tijd was voor eigen dingen en dat online stoffen shoppen een volwaardige hobby was voor mij.

IMG_8196b

IMG_8197b

IMG_8199b

Wat altijd terugkeert als ik een tas maak is dat ik net zoveel uren nadenk over de perfecte stoffencombinatie als dat ik daadwerkelijk achter de naaimachine zit. Net zoals dat er altijd een moment aanbreekt dat ik denk: doorbijten en werken! Het is dan worstelen om al die lagen stof netjes onder de persvoet te krijgen zodat het resultaat niet alleen mooi is, maar ook stevig. Het binnenstebuiten gekeerde gevaarte dat voor mij ligt lijkt dan in de verste verte niet op een tas. Toch is het ook hoe mijn kleine Flootje geboren werd. Instant verliefdheid, ook dat is een terugkerend gevoel als die tas dan eigenlijk staat en als het nog meer geworden is dan waar je op gehoopt had.

Voor Flo koos ik als basisstof resoluut voor een lichte denim. In april liet ik me in Le Bon Marché namelijk inspireren door het onbetaalbare IRO Paris waar ze werkelijk fenomenale stukken hadden ontworpen met lichte jeans die zowel stug als soepel oogde. Voor het colour-block effect met de onderkant koos ik een washed canvas (een alternatief voor oilskin). De voering is dan weer een dekbed uit de kringwinkel dat ik verknipte. Flo is ook een ode aan mijn streepjesliefde. Mijn motto is niet voor niets: een dag geen streepjes gedragen, is een dag niet geleefd. Omdat de duivel in de details zit, mochten knipogen naar mijn vorige collecties niet ontbreken: yes, a touch of leopard! Ik heb nu eenmaal graag dat de dingen bij elkaar passen, dat creëert rust en harmonie in de chaos die het leven vaak is.

IMG_8201b

IMG_8217b

Flo was nog geen dag oud toen ze al mee mocht op de fiets en trein voor het loopfeest der loopfeesten: de 20 km van Brussel. Zowel voor Roos als voor mij was het de 7e keer dat we in Brussel aan de start stonden. De 20 van Brussel: dat is een iconische wedstrijd voor ons. Omdat we onszelf daar vonden als lopers. Omdat lopen en Brussel ons al zoveel gebracht heeft. We hadden nog een openstaande vacature voor zakkendrager, een taak die mama dit jaar met verve op zich nam. En of het weer een feestdag was! Roos bevestigde haar toptijd van het najaar met 1u32 en ik ging als een speer naar 1u20 (en 57 seconden) waarmee ik eindigde in de top-20. En bovenal: het was genieten! Flo was erbij en keer ernaar. Net zoals Maurice van Parijs is, zo is Flo van Brussel. Waar blijft die tas voor Tervuren en Den Haag?

b318b96e-b5cb-48ed-9076-9f0530a12384

Ik kocht al mijn stoffen en fournituren bij LanaLotta in Leuven: the place to be voor al je naaiprojecten groot en klein.

Het portret – Brief aan mijn jarige Tante Hilde

Liefste Tante Hilde

Jij wordt vandaag 70. Een getal waar je misschien zelf wat van schrikt, maar laat me heel duidelijk zijn: voor mij ben je geen haar veranderd. Je bent nog steeds de energieke, ondernemende en immer enthousiaste tante zoals ik die al mijn leven lang ken.

Ik spreek je hier nu wel aan als Tante Hilde, maar in onze kindertijd was je gewoon Hilde. Ik heb me laten vertellen dat het toen blijkbaar modern was om die tante-titel niet expliciet te benoemen. Gewoon Hilde is trouwens niet juist: je was Hilde van “Noël en Hilde” en ook “Ons Hilde”, zoals mama haar 7 jaar oudere zus noemt. Als kind wisten we dat als Ons Hilde belde, mama minstens een uur aan de telefoon hing en dat een tussenkomst niet tot de mogelijkheden behoorde. Ons Hilde mocht dan wel in Nederland wonen met haar Noël en drie kinderen, een familiefeest was pas een echt feest als jullie er waren. Noël en jij luisterden altijd met veel interesse naar wat wij te vertellen had. Maarten, Katrien en Sander sloofden zich uit voor hun jongere nichtjes en neefje. Een nog groter feest was de tijd waarin wij met ons gezin bij jullie in het exotische Nederland oudjaar vierden. Dat leverde straffe verhalen op om op school te vertellen (ze staken daar vuurwerk af op straat!), wat echter het meest bleef plakken was de gastvrijheid en gezelligheid van jullie gezin. We noemden je dan wel geen tante: je was dat gewoon in elke vezel van je lijf.

Seppe en ik vonden het heel sympathiek dat jij in Nederland altijd de Belgische wilde blijven. Je supporterde voor de Rode Duivels en stemde ook voor België met het Eurovisiesongfestival. Zo was je zelfs in mijn jongste herinneringen een vrouw van de wereld. Ondertussen zag je er al heel veel van en je nam er ook al heel veel van mee naar huis. In Parijs mochten wij aan den lijve ondervinden dat de verleiding van de souvenir voor jou om elke hoek loert. Of het nu gaat om een Noorse trui of Afrikaanse oorbellen: het belandde ooit eens in jouw koffer. Zo gebeurde het ook dat ik een magnetenverzameling heb, want souvenirs kopen voor anderen is zo mogelijk nog leuker. Daarnaast ben je ook een vrouw die haar wereld kent. Je bent belezen. Je hebt een mening en bent op de hoogte van de Belgische, Nederlandse én wereldpolitiek. Je spreekt met net zoveel overtuiging Frans als dat je Herents spreekt. Je bent overal even communicatief en sociaalvaardig. Jij zal je nooit laten vangen door een barrière van eender welke aard.

Sinds 2019 zijn onze levens ook vervlochten door de marathon. Je maakte toen namelijk je debuut als deel van onze marathoncrew in Parijs. Je had meteen door dat die marathon voor mij bittere ernst was. Samen met Roos ging je zaterdag oefenen voor het supporterspunt in Bois de Boulogne. Je vond het de normaalste zaak van de wereld dat er dan getimed moest worden hoe lang het duurde om van een metrostation naar het parcours te stappen. Nadien was je oprecht geëmotioneerd door het hele gebeuren. Je besefte wat een marathon met een mens doet. Je pakte me vast en sprak de legendarische woorden: het was een eer om erbij te mogen zijn. Het stond dus in de sterren geschreven dat wij in familiaal verband terug naar Parijs zouden gaan voor een marathon. Ook vorige maand begreep je als geen ander hoe belangrijk die marathon voor mij is. Heel je omgeving was op de hoogte van de snelle marathontijden van je nichtjes. Na afloop had je liefst van al iedereen aan de Arc de Triomphe aangeklampt om op te scheppen over onze prestaties (in het Frans, dan wel Herents).

Jij mag dan niet wezenlijk veranderd zijn, jouw leven werd de afgelopen jaren wel flink door elkaar geschud. Zo puur en onversneden als je emoties zijn, zo is ook je empathisch vermogen ongezien. Je hebt de naam om nogal snel in de emotie te zitten, maar wat jou echt typeert is je veerkracht. Nog voor je op pensioen ging had je al veel zorgen om en voor Noël, van wie je ook vroeger dan verwacht afscheid moest nemen. Je verloor de man van je leven. Het was plots Hilde zonder Noël. Gemakkelijk was dat niet, maar Ons Hilde, die ging door – met een snik en een lach – en vond opnieuw de liefde bij Bert.

In Parijs zei je me dat je herkenning en ontroering vindt in wat ik schrijf, wel: ik kan alleen maar heel blij zijn met het stukje Hilde Artoos dat in mij zit. Omdat we allebei houden van een Frans chanson met drama (en van drama tout court). Omdat we allebei een zwak hebben voor iet of wat gedurfde kleding. Omdat we allebei hard in de dingen op kunnen gaan (liefst van al gaat het hard). Je toont mij bovenal wat het betekent om zus te zijn, om samen een familie te vormen en dat je die mensen die intens met je meeleven moet koesteren.

Liefste Tanteke, dankzij jouw weerbaarheid twijfel ik er geen seconde aan dat die gebroken enkel jou er niet van zal weerhouden om snel weer in conditie te zijn. En wat zal dan het volgende plan zijn? Een reis met Bert? Een wandeltocht met Ons Alma? Of een marathonavontuur met je nichtje? Dat grote feest met je kinderen en 8 geweldige kleinkinderen zal dan eens zo memorabel zijn. Op jouw gezondheid!

Maak er een schitterende dag van en laat je vooral heel goed vieren!

Joke

Het moment – Terug naar Tervuren

Er was een tijd dat Tervuren mijn achtertuin was. Ik woonde in Heverlee en bij gebrek aan een tuin werd het park van Tervuren mijn groene hangplek. Dichterbij huis was er uiteraard ook veel groens te vinden*, maar ik hield juist van die fietstocht van 13 kilometer. Ik nam koffie mee, een goed boek en dan kon ik gerust een paar uur ongestoord op mijn bank zitten. Bovendien bulkte Tervuren van de herinneringen. Ik was diep onder de indruk toen ik in oktober 2015 tijdens de marathon van Brussel rond de vijvers van het park liep. Het zal dus ergens rond die tijd zijn dat mijn liefde voor Tervuren in alle hevigheid tot bloei is gekomen. Ik moest naar Tervuren als ik buitensporig gelukkig was, maar ook als ik eens ongegeneerd wilde janken. Het park was er om mij op te vangen, in goede en slechte tijden, want – zoals het gaat met grote liefdes – tussen Tervuren en mij was het onvoorwaardelijk.

De marathon van Brussel zou ik uiteindelijk 3x lopen en telkens was daar die magie van het park. Ik ging dan ook op het parcours trainen (al stelde dat weinig voor). Het kan dus geen toeval zijn dat ik de marathon van Brussel, hoe zwaar die ook is, minder leek te voelen dan elke andere marathon die ik liep. In diezelfde periode behoorde een fietstocht naar Brussel (25 km) mét passage door het park ook tot mijn repertoire van uitstappen. Toen ik in in de zomer van 2018 zonder echt plan begon te trainen voor de Hel wist ik dan ook niet beter dan heel vaak naar Tervuren of Brussel te fietsen. De mountainbikeroutes in het Zoniënwoud waren mij op het lijf geschreven (lees: ze zijn toegankelijk). Tervuren is nog steeds de enige plek waar ik me als mountainbiker helemaal in m’n element voel. Ik fietste er zowel onder een loden zon als in de sneeuw. Ik hield er ook mijn generale repetities voor de Hel door er te gaan lopen-fietsen-lopen. Het is eigenlijk simpel: mocht de Hel in Tervuren doorgaan, mijn kansen op winst zouden exponentieel toenemen.

YENV7826

Het Zoniënwoud neemt zijn eretitel serieus en je kan het qua grandeur niet vergelijken met een doorsnee bos. Ook voor de loper biedt het groene Tervuren niks dan voordelen: je kan er makkelijk freestylen zonder hopeloos verloren te lopen en de variatiemogelijkheden zijn onuitputtelijk. Je kan er hoogtemeters overwinnen zonder het moordende klim- en klauterwerk van de Ardennen. Voor elke trail waar ik me op voorbereidde was “Tervuren” dan ook steevast het antwoord op de vraag: waar moet ik gaan trainen? Toen ik twee jaar geleden naar Tienen verhuisde verdween Tervuren wat van mijn radar. Mijn steenwegkilometers vormen al een behoorlijk deel van mijn fietstrainingen en ik heb een eigen achtertuin (met gras dat altijd te hoog staat). Maar – zoals het gaat met grote liefdes – uit het oog was niet uit het hart.

In november kwam ik weer terecht in Tervuren tijdens mijn Frans Claes mountainbike-avontuur. Ik besefte toen dat ik Tervuren had gemist in mijn leven. De liefde laaide weer in alle hevigheid op. Tervuren werd opnieuw een item in mijn agenda. Met dank aan Tony, die de 35 kilometer laat aanvoelen alsof het slechts de 13 zijn van weleer. Ook met dank aan de fantastische koffiecaravan die je aan de ingang van het park kan vinden. Voor onze laatste duurtraining voor de marathon sleepte ik Roos mee naar Tervuren. Ze had het zwaar, dat arme zusje van mij. Ik liep als een zottin in haar natuurlijke habitat en Roos snakte naar adem. Een week geleden liep ik wederom als een wildevrouw door het Zoniënwoud tijdens de Fura 10 Miles. Een wedstrijd die Roos en ik drie keer eerder liepen toen we helemaal into stratenlopen waren (ook weer een periode in mijn leven). 1 uur en 8 minuten had ik nodig om de 16 kilometer af te leggen en zowaar een wedstrijd te winnen in mijn geliefde Tervuren. Het was een besef-moment van jewelste: dat ik de afgelopen jaren zoveel in en rond Tervuren heb meegemaakt en dat ik het nooit voor mogelijk had gehouden dat er een periode zou aanbreken waarop ik wedstrijden zou winnen. Misschien moest het wel gewoon zo zijn – zoals het gaat met grote liefdes.

IMG_8060b

*Ik was en ben nog steeds ook een heel grote fan van Heverleebos, Bertembos (wel opletten voor hazelwormen!) en het park van Arenberg.

Waarom ik ook vanavond zeker naar het Eurosongfestival kijk

Ik noemde het Eurosongfestival vorig jaar nog een ongegeneerd plezier en daar blijf ik bij. Hier volgt dus weer een onverbloemd pleidooi om vanavond af te stemmen op Turijn, waar het Eursongcircus dit jaar is neergestreken dankzij de rockers van Måneskin. Door de tegenkantingen en soms zelfs venijnige opmerkingen die ik her der opving voel ik me eens zo zeer gesterkt in mijn liefde voor Eurovision. Eerlijk gezegd begrijp ik het zogenaamde probleem niet echt. Alsof de doorsnee muzikale keuze van de Vlaming volgens mij getuigt van goede smaak. Alsof dat erg is. Ik geef mij dus maar wat graag over aan het extravagante gebeuren dat het Songfestival is. Een dikke vette “ja”aan de dramatiek en nog volmondiger “ja” aan het positivisme! Na de topeditie van vorig jaar hield ik mijn hart wel een beetje vast voor een mogelijke deceptie dit jaar. En, eerlijk is eerlijk, ik was na de eerste halve finale dinsdag niet meteen laaiend enthousiast. Daar kwam tijdens de tweede halve finale verandering in. Ik geef jullie nog eens vijf goede redenen om je vanavond ook helemaal in de Eurosongwereld onder te dompelen.

  • Omdat op het Songfestival uitersten naadloos in elkaar vloeien. Probeer maar eens een song te schrijven die heel Europa (Australië hoort daar ook bij) kan behagen én je culturele eigenheid in de verf zet. Breng een straffe zangprestatie mét toeters en bellen. Vertel een persoonlijk verhaal dat relevant is voor iedereen (de break up song blijft gigantisch populair). Zing in je eigen taal én in het Engels. Eurosong is een en-en verhaal van show met stijl. Of meerdere muzikale stijlen, dat kan natuurlijk ook, waarbij je helemaal zelf beslist wat stijlvol is. Heerlijk!
  • Omdat op het Songfestival diversiteit, solidariteit en gelijkwaardigheid de norm blijven. Politieke statements zijn niet toegelaten, maar toch is de actualiteit nooit ver weg. Ook in de Eurosong-bubbel voel je in alles de steun voor Oekraïne. De leden van de band Kalush Orchestra zijn nauw betrokken bij de oorlog en ze brengen met het veelzijdige Stefania een ode aan alle moeders. Daarnaast blijft hoop de boventoon voeren. De hoop op een betere toekomst voor alle buitenbeentjes, voor iedereen die op de één of andere manier anders is. Ook als witte cisgender vrouw vind ik dat een heel belangrijke strijd die nog steeds gevoerd wordt. En als Stefan van Estland zingt dat er Hope is dan durf ik dat ook te geloven.
  • Omdat het Songfestival vocaal en muzikaal voor ieder wat wils biedt. Aangezien een lied niet langer dan 3 minuten mag duren, is het zaak van meteen te beklijven. Dat kan met een warme stem zoals die van de Zwitserse Marius Bear en zijn Boys Do Cry. Je kan ook inzetten op een meeslepende singer-song-vibe zoals Snap van de Armeense Rosa Linn. Of er is de werkelijk fenomenale Cornelia Jakobs van Eurosong-grootheid Zweden. Met Hold Me Closer brengt zij een ongeziene ballad met ballen.
  • Omdat het Songfestival een ode is aan alles met een hoek af (en laat ik daar nu toevallig heel erg van houden). Noem het edgy of bold: op het Songfestival wordt out of the box denken naar een hoger niveau getild. Zo ben ik fan van de Noren die met Subwoolfer een aanstekelijke act brengen inclusief cartoonesk wolvenmasker. Give That Wolf A Banana is dan ook een oorwurm van jewelste zonder onderliggende boodschap. Gefascineerd en geïntrigeerd ben ik dan weer door de Servische Konstrakta die In corpore sano zingt terwijl ze aan een waskom zit. Ze doet dat omdat ze bekommerd is om het Servische zorgsysteem en onrealistische schoonheidsidealen. Point taken.
  • Omdat het songfestival ook een feestje van België en Nederland is. Onze Jérémie Makiese is een topgast die met Miss You een knaller van een performance neerzet. Onze noorderburen verdienen alleen al een prijs omdat ze met S10 voor het eerst sinds 12 jaar weer in het Nederlands zingen. S10 bewijst dat de Nederlandstalige zangeressen het helemaal voor het zeggen hebben. De diepte is dan ook een schot in de roos. Net zoals de outfit van de jonge zangeres (die wat dat betreft toch een streepje voor heeft op Jérémie). Laten we elkaar gewoon die twelve points geven, want ook dat is Eurosong: België en Nederland die met elkaar verbroederen.

Mijn douze points voor sfeer en gezelligheid schenk ik nu al aan Roos en Niko, want wij kijken vanavond samen!

Het portret – Wat mijn moeder zoal doet

Moeders en mama’s, ze zijn er in alle soorten en maten. Ze vegen monden af en luisteren een heel leven lang naar wat die te zeggen hebben. Mijn eigenste mama behoeft hier weinig introductie meer aangezien ze vaak in mijn verhalen opduikt. Momenteel herstelt ze van een operatie aan haar knie zodat ze hopelijk snel weer als vanouds kan lopen en fietsen. Ze moet ook mijn papa een beetje missen, want die verblijft nog in het ziekenhuis om te bekomen van een hartoperatie. Mijn oudertjes zijn dus heel even minder mobiel dan hoe we ze kennen. Het staat niet ter discussie dat daar snel verandering in komt! Speciaal voor deze Moederdag volgt hier een lijstje van wat mijn moeder zoal doet.

  • ze zette me na een lijdensweg van 24 uur op de wereld, gaf me de borst, de allerbeste papa en alle geborgenheid die ik nodig had
  • ze schonk me een broer en twee zussen
  • ze vertelde zelfverzonnen verhaal over onze knuffelberen en verjoeg krokodillen op de trap
  • ze leerde ons dat eenden maar tot 3 kunnen tellen
  • ze bracht ons gezonde voedingsprincipes bij, leerde ons sorteren en composteren
  • ze spendeerde elke schoolvakantie met ons en deinsde er dan niet voor terug wat te klussen in huis
  • ze leerde ons de koers en de Olympische Spelen kennen
  • ze toonde ons hoe je zelfs met een beperkte kennis van het Engels uitstekend je plan kan trekken in Angelsaksisch gebied
  • ze breide truien en hielp ons met onze eigen breiwerkjes
  • ze stimuleerde ons om te lezen
  • ze droogde onze pubertranen
  • ze toonde ons de geneugten van het joggen en fietsen langs de Vaart
  • ze zocht eigenhandig in prille internettijden naar de opleiding Literatuurwetenschap en stimuleerde mij om die te volgen omdat ze geloofde dat ik dat kon
  • ze stuurde haar vier kinderen de wereld in
  • ze zet een telefoon naast haar bed zodat we haar ook ’s nachts kunnen bereiken
  • ze heeft een onvoorwaardelijk vertrouwen in ons kunnen
  • ze geeft al eens een uiteenzetting over welke muziek nu wel of niet tot de échte kleinkunst behoort
  • ze zorgde voor haar eigen moeder zoals ze dat voor haar kinderen deed
  • ze mist haar moeder
  • ze drinkt koffie, eet pistolets en taart met haar eigen broer en zussen
  • ze staat met ongezien enthousiasme een dag in de wind, kou, hitte of regen om haar kinderen te steunen bij hun zotte sportieve plannen, in binnen- en buitenland en zelfs als ze dan Parijs-Roubaix moet missen
  • ze benoemt talenten waarvan ik zelf niet geloof dat ik ze heb
  • ze rijdt mijn gras af en verricht het stevigere snoeiwerk
  • ze weet als geen ander wat duursporten inhoudt
  • ze biedt aan om ’s nachts op mijn zetel te slapen of een beveiligingsronde te doen als dat mijn onrust zou kunnen wegnemen
  • ze is een liefdevolle, toegewijde en fantastische bomma voor mijn nichtjes en neefjes
  • ze is op pensioen met de man van haar leven

Een heel mooie zondag gewenst, liefste mamaatje!

De race – Paris Marathon april 2022

  • De cijfers: mijn 14e marathon tikte ik af in een nieuw PR van 3:06:33 (het kan geen toeval zijn dat ik dat deed met nummer 3067), goed voor een 86e plaats en een 17e plaats in mijn leeftijdscategorie
  • De voorbereiding: het ging zoals altijd hard met fietsen-lopen-werken, maar bovenal deed het deugd om me weer helemaal old-school op de marathon te kunnen storten
  • De race: bij gebrek aan frisse benen en een onbezonnen hoofd moest ik vertrouwen op de overschakeling naar marathonmodus, ondanks de verraderlijke hoogtemeters en dankzij een adembenemend Parijs lukte dat behoorlijk
  • De herinnering: de verbondenheid, verbroedering & verzustering, Parijs dat écht altijd Parijs zal zijn
IMG_7753b
Aan kleur geen gebrek met Roos in je leven.

Wat voorafging
Surfend op mijn marathongolf van oktober en met de heropleving van het competitieve sportleven beslissen Roos en ik in een somber november om ons in te schrijven voor de marathon van Parijs. Kwestie van een mooi vooruitzicht te hebben. Ik passeerde eerst nog langs de Hel, waardoor ik in januari opgelucht ademhaalde omdat ik me weer enkel op het lopen kon focussen. Niet dat ik de fiets links liet liggen, integendeel, maar afstandslopen is en blijft mijn core business. Mijn voorbereidingen verliepen naar wens, hoewel ik meer meer dan eens aan mezelf voorbij liep. Ik voelde dat de combinatie hard werken en sporten met daarbij de nodige stress een tol begon te eisen. Parijs kroop dichterbij en de onzekerheid sloeg genadeloos hard toe. Een eerste tik van de vrouw met de hamer was een feit. Dat had ik geheel aan mezelf te wijten: ik moest en zou in de buurt van die ongelooflijke 3:07 van Rotterdam komen om aan mezelf te bewijzen dat dat geen toevalstreffer was. Of hoe een mens zich onnodig veel druk kan opleggen.

IMG_7786b
Op zaterdag zochten en vonden wij de magische groene lijn die Roos meteen aan een test onderwierp.

Vlak voor de start
In het holst van de nacht gaat de wekker op kamer 304 van Hotel Joke. Twee dappere marathonlopertjes hebben een eerste missie: op dit belachelijk vroege uur boterhammen eten. Ontbijten voelt eerder aan als nachtelijk snacken. Roos eet voor het eerst sinds lang nog eens confituur op de boterham. Er is bovendien een peperkoek van de beste bakker en gelukkig ook koffie. Om 6 uur treffen we Sam aan beneden in het hotel. Met z’n drietjes trekken we naar de metro, wellicht net iets te uitgelaten voor dit onchristelijke uur op een zondagochtend. We stappen uit bij de Arc de Triomphe en wauw: wat ziet die er magnifiek uit bij het ochtendlicht. Sam geeft en passant nog een interview aan de radio. We trekken richting finishzone om onze bagage af te geven en we maken om de beurt gebruik van de heel propere dixi’s (stressplasjes). Voor we echt helemaal ontspannen worden, is het tijd om richting start te gaan. Sam en ik vertrekken helemaal vooraan in startvak rouge met objectif 3u. Roos moet met 3u30 net wat meer geduld hebben om aan haar 42,2 te mogen beginnen. Het afscheid van Roos is onvermijdelijk. We geven elkaar een dikke pakkerd, roepen wat in elkaars oor en gaan dan elk onze weg. Er zijn slechtere plaatsen om te wachten dan op de Champs Elysées. Al is het wel steenkoud! Zelfs een warmbloedige persoon als ik moet z’n mond dichthouden om niet te staan klappertanden. Als ik om 8u23 over de startlijn loop is daar het besef dat het begonnen is.

IMG_7811b
Sam, rijzende ster van de Franse radio.

De race
Ik had Sam in het startvak alvast succes gewenst, maar hij sprak toen de profetische woorden dat ik nog niet zo snel van hem af zou zijn. Sam is naast een snelle ook een heel intelligente loper waar ik nog veel van kan leren. Ik vertrek eigenlijk standaard te snel, Sam houdt zich in om dan te versnellen. Wij lopen dus zij aan zij over de Champs Elysées, voorbij de Obelisk die in de stellingen staat, richting Place Vendôme, rond de opera over Rue de Rivoli. De eerste kilometers van de Paris Marathon zijn ongelooflijk mooi, al helemaal met de zon die haast verblindend tussen de gebouwen straalt. Mama en Tante Hilde hebben postgevat op kilometer 5. Vertrouwde gezichten onder de supporters zien geeft altijd een adrenalineboost, zelfs als je die nog niet echt nodig hebt. We lopen naar Bastille (wederom: wauw!), waar Jona staat, de vriendin en eerste supporter van Sam. Onze weg gaat verder richting het Chateau en Bois de Vincennes. We lopen rond de 4’15”, wat voor mij eigenlijk 5 seconden te snel is, maar in vergelijking met mijn eerste 10k in Rotterdam voelt het alsof ik met de rem op loop. Het is leuk, het is gezellig en Parijs is prachtig, maar ik voel na een kilometer of 8 al een stramme achillespees én hamstrings in mijn rechterbeen. Mijn benen zijn duidelijk niet fris. Als ik vandaag een goeie marathon wil lopen, dan zal ik het ironisch genoeg niet van die benen moeten hebben. Er is nog iets dat me wat dwarszit. In Rotterdam liep ik ontspannen, zorgeloos en naïef (daar gaan we weer), maar nu is het dus eerder gespannen, bezorgd en bedenkelijk. Ik heb het echt wel naar mijn zin, maar ik voel aan alles dat het geen dag is waarop ik ongestraft met mijn krachten kan woekeren (als dat al ooit kan bij een marathon). Ik moet zuinig lopen, wat ik duidelijk niet aan het doen ben. In deze fase van de marathon ben ik eigenlijk al veel te hard aan het nadenken.

Na 12 kilometer naderen we het indrukwekkende Chateau de Vincennes. Sam gaat versnellen en is zo galant om dat aan mij mee te delen. Tot over 30 kilometer! zegt hij. Vreemd genoeg klinkt dat op dat moment niet eens zo heel ver weg. In het Bois de Vincennes valt het mij vooral op hoe selectief mijn geheugen het parcours gememoriseerd heeft. Ja, het is daar mooi groen, maar ook wel saai en de eerste oplopende stukken dienen zich aan. Ik blijf er nog steeds een stevig tempo op na houden, aan dat stijve rechterbeen probeer ik niet te veel aandacht te schenken. Kilometer 15 zou zowel voor Sam als voor Roos een verrassend en venijnig tikje uitdelen. Sam wordt dan misselijk en moet daar een kilometer of 10 mee verder lopen, Roos krijgt er een acute en best wel verontrustende kniepijn die op wonderbaarlijke wijze gelukkig weer wegtrekt na een paar kilometer. Om maar te zeggen: het venijn van een marathon zit ‘m niet alleen in de staart, ook de eerste helft moet je altijd lopen.

Ik ben alvast opgelucht als ik halverwege op mijn horloge zie dat ik geen nieuw PR op de halve marathon gelopen heb zoals ik dat in Rotterdam deed. 1u31 is eigenlijk nog steeds te snel als split time, maar ik probeer het positief te bekijken: er is nog ruimte voor verval (hoe oneerbiedig dat ook klinkt). Ik begin af te tellen naar kilometer 25, waar mama en Tante Hilde zullen staan. We lopen ook weer helemaal het echte Parijs in. De ambiance langs het parcours begint ondertussen op gang te komen, want het eerste uur was die toch eerder bescheiden van aard te noemen. Letterlijk met het nodige tromgeroffel maak ik mijn opwachting langs de kade van de Seine. Jawel, dit is prachtig lopen! Als ik mijn supporters nader, ga ik onbewust altijd sneller lopen, dat is nu niet anders. Mama en Tante Hilde staan geconcentreerd tegen de zon in te kijken. Ik zie hen eerder dan zij mij, maar het enthousiasme is er niet minder om.

2995306f-8eac-422f-9831-72875dbc7fb5
Met supporteren kan je echt niet vroeg genoeg beginnen in onze familie. Leah had ook een vlaggenstok met aanmoedigingen, maar ze ging daar nogal wild mee tekeer.

Wat je als toerist in Parijs niet weet, is dat er tunnels zijn langs de Seine. Tot vier keer toe moeten we een tunnel in met dan telkens weer een stevig klimmetje. Met ruim 26 kilometer op de teller hakt dat er goed in. Jongens toch, wat een ellende! Ik krijg flashbacks naar 2017 en 2019, waar het licht in mijn hoofd toch eventjes uitging met die tunnelmiserie. Ik voel me ook schuldig dat ik deze cruciale parcourskennis niet gedeeld heb met Sam en Roos (al zal achteraf blijken dat zij de tunnels beter konden verteren dan ik). Net zoals bij mijn vorige deelnames krijg ik het zwaar te verduren op dit deel van het parcours. Zelfs al loop je op kilometer 30 langs de Eiffeltoren en is dat best een indrukwekkend zicht. Mijn tempo loopt wat terug. De vermoeidheid is voelbaar en het is nu echt duidelijk dat die benen van mij geen al te beste dag hebben. In mijn bovenbenen voel ik de verzuring toeslaan. Wat me wel hoop blijft geven is dat mijn tempo niet zo hard terugvalt als in Rotterdam. Ook voel ik me mentaal sterker dan toen ik rond die dodelijke Kralingse Plas liep. Ik probeer me, ondanks die twee stijve harken, te concentreren op een soepel loopritme, ik zoek afleiding in mijn omgeving, ik blijf tegen mezelf zeggen dat ik dit kan, dat dit er nu eenmaal bij hoort. Ik denk aan iedereen die met mij meeleeft. Ik denk aan Sam die voor mij loopt, aan Roos die achter mij loopt. Ik denk aan de finish, maar nog niet te veel. Ik probeer kortom om het hoofd in strijdmodus te houden.

Ik denk dat één van mijn sterktes als loper is dat ik, ongeacht de omstandigheden, heel lang kan blijven lopen met alle ongemakken die daarbij horen. Ik durf wel te zeggen dat mijn lichaam gemaakt is om duurinspanningen te leveren. Ja, ik kan dus halsstarrig blijven lopen als elke vezel in mijn lichaam zegt dat het mooi is geweest. Helaas is dat geen kwestie van een knop om te schakelen. Op karakter blijven lopen mag dan heel eenvoudig klinken, het kost mij ook elke meter weer heel veel energie en doorzetting om te volharden, zelfs al deed ik dat al heel vaak. Rond kilometer 34 volgt een pittig klimmetje vlak voor we het Bois de Boulogne indraaien. Na de horror van de tunnels is dit eigenlijk maar een onnozel muggenbeetje in het wegdek. Ik kan het er nog wel bij hebben. De eerste kilometers door dat beruchte Bois verlopen best goed. De zon schijnt nog steeds. Er zijn heel veel aanmoedigingen en in mijn hoofd kan ik een paar mooie plaatjes schieten.

Na 35 kilometer voel en denk ik van alles door elkaar. Ondanks de toenemende verzuring voel ik ergens ook nog iets van souplesse in mijn loopbeweging. Ik moet mezelf nog steeds continu blijven aandrijven om die benen draaiende te houden. Met gezwinde pas gaat het niet, maar de terugval blijft binnen de perken en dat geeft me moed, al is het nog steeds ook loodzwaar. Ik probeer niet meer naar mijn kilometertijden te kijken, maar me vooral te concentreren op mijn tred. Als je in de kop van de race loopt, zie je amper miserie om je heen. Iedereen loopt nog aan een behoorlijk tempo. Het lijkt alsof ik de enige ben die zo zwaar aan het afzien is. Iedere loper is heel erg in zichzelf gekeerd, gefocust op de eigen strijd om dat lichaam in beweging te houden. Ook met 38 kilometer in de benen is “blijven lopen” het enige wat je kan doen om de finish zo snel mogelijk te bereiken.

Eindelijk is daar kilometer 40. Ik probeer van het moment te genieten, maar dat is lastig met mijn verzuurde pikkels. Ik snak naar de finish. Ik wil een bewijs zien dat het er echt bijna op zit. We moeten nog een rotonde nemen en het voelt alsof ik noch de kracht, noch de coördinatie heb om een bocht te nemen. Waar oh waar is die finish? Er volgt nog een laatste krappe bocht over kleine steentjes en jawel hoor: de groene boog doemt op. Ik kijk op mijn klok en zie dat mijn marge beperkt is. Onder luid gejoel sleep ik me naar de finish. Mijn rechtervoet (die van dat tegenwerkende been) landt op de finishmat en dat was meteen de laatste stap die ik vandaag kan zetten. Incroyable! Ik ben er weer geraakt. Ik heb mijn PR met een minuut scherper gesteld en breng daarmee mijn recordtijd terug naar Parijs.

528dcdd5-44fd-444c-930f-3709a679ccba
Sam en ik, of moet ik zeggen: The Real Sam en ik?

Ik ben een tevreden mens, maar het is eigenlijk nog mooier om de vreugde te kunnen delen met bekende gezichten. Eerst is er een blij weerzien met Sam, onze superman, die zijn missie volbracht en 2:59:32 liep. Terwijl we op Roos wachten, spreken we met Sams supporters en horen we hoe zij de race hebben beleefd. Via de tracking zien we dat Roos perfect op schema ligt om haar sub 3:30 binnen te halen. We halen onze bagage op en gaan dan terug zo dicht als we bij de finish mogen komen. En daar komt ze dan, onze supervrouw, dat kleine, waanzinnig straffe zusje van mij. Gehuld in een groene plastic poncho als wondercape en helemaal in tranen van de ontlading. Ze kan niet geloven dat ze 3:26:35 gelopen heeft. Ik knijp heel hard in haar arm, want het is echt zo. Wat een dag!

IMG_7823b
Supervrouw Roos met haar wondercape
IMG_7838b
Parijs, stad van de zussenliefde. 2×2 zussenduo’s met elk 7 jaar leeftijdsverschil. We misten Marike wel heel hard.

De conclusie
Het is een understatement om te zeggen dat ze in Frankrijk trots zijn op hun hoofdstad. In het startvak weergalmde elke minuut wel eens Paris, la plus belle ville du monde. Als je de marathon van Parijs loopt, dan kan je niet anders dan hen gelijk geven. Het parcours is indrukwekkend mooi. De “maar” zit in de niet te onderschatten hoogtemeters en de pavés die je her en der voor de voeten krijgt. De organisatie is top, al viel het me wel op dat er in vergelijking met pre-coronatijden amper beveiliging of seingevers langs het parcours stonden. Dat leidde soms tot gevaarlijke oversteekmanoeuvres van voorbijgangers. Twee jaar geleden had je in Frankrijk het juiste papier met stempel nodig om je buitenshuis te begeven, nu is het van laissez-faire en à l’aise. De supporters in Parijs kunnen nog wat leren van de Rotterdammers. Aan sfeer is er echter geen gebrek: die zit simpelweg in de stad zelf. Tot slot formuleerde Roos na afloop een prachtige marathonwijsheid. Ze zei dat hoe hard je ook probeert om voorbereid te zijn op elk scenario van een marathon, je altijd iets onvoorspelbaars tegenkomt. De marathon staat kortom altijd garant voor verrassingen. Het is ook de kunst om daarmee om te gaan.

IMG_7891b

IMG_7874b

Enkele weetjes

  • Op de marathon expo kochten Roos en ik nieuwe sokken van Incylence in bleu-blanc-rouge, waar we allebei onze marathon mee liepen.
  • Zo koud als het was aan de start, zo warm was het in het hotel, zelfs met de verwarming op 18°. Je zou haast denken dat energie gratis is in Frankrijk.
  • We keken ’s avonds in onze kamer naar Mask Singer en The Voice op TF1. Fransen hebben een heel groot gevoel voor dramatiek en theatraliteit, op het smakeloze af.
  • Op zaterdag kreeg Roos, net zoals in Rotterdam, een duivenkak over zich heen. We beschouwen dit nu als een gunstig voorteken van hierboven.
  • Bij gebrek aan vergelijkingsmateriaal weet ik niet of ik de Champs Elysées echt la plus belle avenue du monde vind, sowieso wel la plus iconique.
  • Ik hield me bij deze marathon weer aan een minimaal voedingsschema met 3 sportgels: eentje op 7, 14 en 22 kilometer. En ja, het waren nog steeds die vervallen gels waar ik ook Rotterdam en de Hel mee doorstond.
  • Het is fantastisch dat de fiets stilletjes aan terrein wint in Parijs. Ik vind het alleen onbegrijpelijk dat die kleine gevaarlijke paaltjes van de fietspaden niet ingepakt waren op het marathonparcours.
  • Roos dacht tijdens de race veel aan haar kersvers petekindje Emil (die supporteren voor zijn meetje al heel ernstig neemt) en aan Julien, haar eigen peter en een fanatieke loper die een paar weken geleden overleed.
  • Naast mijn marathon PR brak ik ook twee andere records: een weekrecord aan stappen (137.601) en aan slaapgebrek. Hoezo een gebrek aan frisheid?
  • De Keniaanse Judith Jeptum schreef met 2:19:48 de overwinning op haar naam, evenals de Ethiopiër Deso Gelmisa die 2:05:07 afklokte. Ik herbekeek de race van de profs inmiddels en herbeleefde alles opnieuw. Heerlijk!
  • Op Medal Monday spendeerden Roos en ik tijd in Le Bon Marché. We voedden er onze innerlijke mens bij de boulangerie (ik nam een kaneelbroodje, Roos een madeleine) en we lieten onze creatieve geesten volop inspireren door de nieuwste modetrends. Het was vooral IRO Paris dat veel oooh’s en aaah’s van ons kreeg. Helaas onbetaalbaar.
  • Voor de gelegenheid maakte ik twinning sweaters (grijs/luipaard/goud) die ook matchten met de medaille. IRO Paris mag me altijd een job aanbieden.
  • Drie jaar geleden maakte Tante Hilde voor het eerst onze marathongekte mee in Parijs. Ze sprak toen de legendarische woorden “het was een eer om erbij te mogen zijn”. Omdat ik dat zo mooi vond, kreeg ik deze keer een plechtige brief waarin ze het nog eens zwart op wit schreef. Eentje om te koesteren!
  • Naast de ervaringen van je eigen eerstelijns crew, is het na afloop ook fantastisch om te horen hoe anderen ons vanop afstand hebben gevolgd. Een bijzondere vermelding gaat naar Dirk, fan en inspirator van het eerste uur. Hij volgde onze tracking op de voet en keek simultaan naar de live-beelden voor een optimale supportersbeleving van thuis uit.

IMG_7867b

Het moment – 3 PR’s en 4 seizoenen in Parijs

Natuurlijk stelde Parijs niet teleur. Parijs overtreft werkelijk altijd je verwachtingen. Je hoeft daar echt geen 42,195 kilometer voor te lopen, al helpt het wel om je verbonden te voelen met die zotte stad en de tienduizenden lopers die op zondag 3 april 2022 aan de start stonden van de Paris Marathon. Op die bewuste dag waren er 2 keer 2 zussen, 3 PR’s en 4 seizoenen. Ik stelde vast dat hoe meer marathons ik loop, hoe meer ik geconfronteerd word met de wispelturige aard van dat marathonbeest. Nooit eerder stond ik zo onzeker te koukleumen in het startvak. Ik ben dan ook nog helemaal overdonderd door alles wat die marathon weer gebracht heeft. Na 14 marathons, waarvan 3x Parijs, zou je denken dat ik wel voorbereid ben op die intensiteit. Niks is minder waar. Wat een marathon teweeg brengt dat zindert nog lang na. Wat een unieke belevenis! Wat een fantastisch parcours! Maar ook: wat een pijn!

Jullie horen het al, er valt wederom heel veel te vertellen over vier dagen Parijs inclusief marathonavontuur. Over de onwaarschijnlijk straffe prestatie van mijn zusje Roos die met een tijd van 3u26 maar liefst 10 minuten van haar PR af liep. Over Sam, die we in het begin van het jaar leerden kennen als een gedreven loper en die we alleen al voor het fijne gezelschap in ons marathonkamp opnamen. Met 2u59 denderde ook hij af op een PR: werkelijk fenomenaal! Er valt natuurlijk ook heel wat te zeggen over mijn eigen felbevochten PR. Ik had in Parijs 3 uur 6 minuten en 33 seconden nodig om de finishlijn met zicht op de Arc de Triomphe te halen. Een dikke minuut winst dus, maar wel eentje waarvoor ik door een muur of 10 moest heen lopen, onder andere in dat verdomd lastige Bois de Boulogne. Zo wondermooi als Parijs is, zo hard kan het ook toeslaan.

Met dank aan de aprilse grillen schotelde het weer ons à la carte de 4 seizoenen voor. Sneeuw op vrijdag, een stralende zon met frisse temperaturen op marathondag en tussendoor een verraderlijk koud windje tegen een blauwe wolkenlucht. Vrijdagochtend hoorde ik op de radio Four Seasons In One Day van Crowded House. Een song doorspekt met de nodige melancholie die achteraf gezien de perfecte samenvatting bleek te zijn van mijn vierdaagse in Parijs. Niet alleen beleefden we klimatologisch gezien de 4 seizoenen, ook mijn gemoedstoestand en marathon waren een samenspel van gelaagde emoties. Waar de zon schijnt, valt er ook schaduw. Enerzijds ben ik echt wel ontzettend blij met wat Parijs mij weer gebracht heeft. In het klassement eindig ik als 86e vrouw van de 8390 en 17e in mijn leeftijdscategorie: cijfers waarvan ik amper kan vatten dat ze over mij gaan. Anderzijds knaagt er heel wat. Het afgelopen weekend hoorde ik mezelf vaak tegen anderen zeggen dat je nooit de perfecte marathon kan lopen, ik verwacht dat echter wel van mezelf. Ik wil niet verwaand of ondankbaar overkomen, maar de criticus in mij voert de afgelopen tijd te veel het hoogste woord en ik krijg er amper een speld tussen.

Uiteraard volgt later deze week nog een uitgebreid raceverslag. Voor nu wil ik jullie graag nogmaals hartelijk bedanken voor de vele aanmoedigingen, de lieve woorden, het betere duimwerk, de kaarsen die gebrand werden, maar bovenal: het oprecht meeleven met mijn loopavonturen. Voor, tijdens en na de marathon schoot er heel veel door mijn hoofd: naast die knagende onzekerheid, was ik me ook meer dan eens ten volle bewust van al die trouwe volgers die mij door de jaren heen hebben gevonden, die me steeds blijven opzoeken en vinden. Ik blijf het heel bijzonder vinden dat ik die rol mag vervullen in jullie levens. Een grote en nog steeds even gemeende dankjewel daarvoor!