Het moment – De tol van de onvoorspelbaarheid

En toen werd het dus plots echt stil. Door de verscherpte corona-maatregelen blijven we plichtbewust braafjes thuis en proberen we uit te blinken in social distancing, een begrip waar we tot voor kort nog nooit van hadden gehoord. Waar ik het aan het begin van de week nog onwezenlijk vond dat ik twee weken geleden een halve marathon liep in Nederland, lijkt het nu onvoorstelbaar dat ik vorige week nog met mijn leerlingen in de klas zat, wetende dat de lessen opgeschort zouden worden. Naïef als ik was, kon ik het toen nog ongegeneerd jammer vinden dat mijn voorjaarsmarathon werd uitgesteld. Ik kon nog semi-zorgeloos 30 kilometer lopen en nadien aan tafel zitten met mijn familie. Ondenkbaar in de huidige fase. We staan nu wellicht voor de grootste uitdaging: het gewone leven verderzetten in lockdown light versie.

Mijn persoonlijke coronasituatie is de volgende. Ik woon alleen met mijn twee katten, die zich uiteraard van geen kwaad bewust zijn. In de mate van het mogelijke probeer ik van thuis uit voor school te werken. Ik las al drie boeken. Het stevigere huishoudelijke werk liet ik vooralsnog links liggen. Ik ga dagelijks lopen of fietsen. Ik maak me niet schuldig aan hamsteren en hoop dat ik met mijn 15 rollen wc-papier nog wel eventjes voort kan. Mijn gemoed kent dalen en pieken. Alleen wonen is nu echt wel heel alleen. Het is next level alleen zijn. Hoewel tijd, voorheen nog een kostbaar goed, nu op een plateautje wordt aangeboden, voelt het als een vergiftigd geschenk dat we noodgedwongen moeten aanvaarden. In theorie heb ik nu wel tijd voor de verwaarloosde to-do’s die lang werden uitgesteld onder het mom geen tijd voor. In de praktijk staat mijn hoofd daar (nog) niet naar.

Het coronavirus voelt soms als een zwaard van Damocles dat me boven het hoofd hangt. In De Morgen las ik dat het de onvoorspelbaarheid is die dit virus gevaarlijk maakt: wetenschappers en artsen weten relatief weinig over Covid-19 en hoe het zal evolueren. Voor ieder van ons geldt ongeveer hetzelfde: de onvoorspelbaarheid van deze ongeziene situatie boezemt ons angst in. Wat voordien een vanzelfsprekendheid was, wordt nu een bekommernis. Zo is een eenvoudige bezigheid als boodschappen doen van elke alledaagsheid verheven. Een bezoek aan de supermarkt werpt prangende vragen op. Wanneer ga je? Zal de rij niet te lang zijn? Hoe leeg zullen de rekken zijn? Ik ben geen panikeur, verre van, maar zelfs voor mijn nuchtere ik voelt het ongemakkelijk aan om plannen te maken op lange termijn. Zullen de lessen hervat worden na de paasvakantie? Zullen we in de zomer op vakantie kunnen gaan? Koffiedik kijken moet de vaakst gebruikte uitdrukking zijn van de afgelopen weken. Omdat het onvoorspelbaar is wanneer de besmettingen in België een piek zullen bereiken, weten we ook niet in welke situatie ons land, en dus ook ons individuele leven, zich over een paar weken zal bevinden.

Er is gelukkig ook een positieve kant aan dit verhaal. De natuur kan op adem komen omdat vliegtuigen en auto’s in de garage blijven staan. Huizen worden van onder tot boven opgeruimd. Honden werden nog nooit zo vaak uitgelaten. Small talk bij de bakker voelt aan als een echt gesprek. Met respect voor de social distance haalt een ieder van ons dagelijks moeiteloos de kaap van de 10.000 stappen. Fietsen, loopschoenen en inline skates die eerder nog stof lagen te vangen, worden prompt gebombardeerd tot onze nieuwe beste vrienden. Het knikje onder lopers lijkt hartelijker, het fietsverkeer hoffelijker. Voor velen voelt dit waarschijnlijk aan als een herkansing voor de te vroeg gesneuvelde goede voornemens. We lijken ons massaal klaar te stomen voor een nationale conditie- en gezondheidstest. Hoewel ik het bos niet langer voor mij alleen heb, kan ik die omhelzing van de buitensport alleen maar toejuichen. Op voorwaarde dat we dan niet de auto nemen om naar park of bos te gaan en dat de nodige afstand gerespecteerd wordt.

Ik zei al eens dat de metaforische waarde van de marathon onuitputtelijk is. Zo ook voor de uitzonderlijke situatie waarin we ons nu bevinden. De marathon is een race van alleen en toch ook samen. We zitten allemaal in ons eigen leventje vast, maar iedereen is wel aan boord van hetzelfde schuitje. Alleen door simpelweg de ene voet voor de andere te zetten, zullen we alleen en ook samen de finish bereiken. Daar is wilskracht voor nodig, want die inspanningen wegen eerder mentaal dan fysiek door. We zullen doorgaan, zo luidt het devies van niemand minder dan Ramses Shaffy (en inmiddels ook van Radio 1). We kunnen daar nog een schepje bovenop doen. De heer Shaffy heeft ook een lied met als titel We leven nog. Alleen Ramses Shaffy kan zo overtuigend dramatisch zingen dat je niet anders kan dan er spontaan bij te glimlachen.

IMG_2291b

Het moment – Wat ik leerde in februari

We krijgen vandaag een extra februaridag cadeau. Een schrikkeldag die probeert om in de voetsporen te treden van zijn beduchte voorgangers in deze turbulente weermaand. Behalve een hittegolf werden we geconfronteerd met zowat elk denkbaar klimatologisch element. Voor de actieve buitensporter is het adjectief uitdagend hier dan ook op zijn plaats. Dat nam niet weg dat februari, in tegenstelling tot het slakkengangetje van januari, aan sneltreintempo voorbij raasde. Het was een leerrijke maand op verschillende fronten. Op school verbaasden mijn leerlingen me met hun kennis over het coronavirus en hun pessimistische blik op de toekomst. Ik kan jullie vertellen dat de klimaatbezorgdheid nog steeds leeft onder de jeugd. Daarnaast trainde ik vrolijk verder voor mijn Rotterdam marathon die nu met rasse schreden nadert. Vandaag liep ik een halve marathon en tikte ik in februari zo eventjes 275 loopkilometers af. Er was het afgelopen anderhalf jaar geen maand waarin ik meer kilometers liep. Hier volgen mijn lessen van februari 2020.

10 graden is een ellendige temperatuur
Vorig jaar eindigde februari met temperaturen die verdacht veel op zomer leken. Ik ging in korte broek fietsen in een kurkdroog bos. Natuurlijk zette het weer ons toen vakkundig op een vals spoor. Er volgde nog een winterprik in maart. De afgelopen februarimaand kenmerkt zich door de verraderlijke temperatuur van 10 graden: voor een zweter als ik is dat te warm om je echt winters te kleden, maar ook te koud om het idee te hebben dat het voorjaar wordt. Noch-vlees-noch-vis-temperaturen kortom. Tel daar wat regen en wind bij op en je lijkt op elk moment verkeerd gekleed te zijn.

Sluit je niet op omdat het stormt
Pistolets op zondag werd vervangen door storm op zondag. Elke stormdag heb ik gefietst en gelopen, waardoor ik durf te concluderen dat het uiteindelijk wel meeviel. Op de fiets beperkte ik mijn verplaatsing tot wat praktisch noodzakelijk was. Al lopend legde ik mezelf geen beperkingen op. Ook vandaag werd ik tijdens mijn halve marathon getrakteerd op een scherpe tegenwind tijdens mijn laatste kwart. Mijn ervaring is dat je niet heel veel trager loopt in de wind. Als je alleen loopt, boet je wel wat in aan loopplezier. Toen ik vorige week samen met Roos de wind pal op de neus kreeg langs de Demer kon dat de pret absoluut niet drukken. Wie zijn gezond verstand gebruikt, kan heus de deur wel uit tijdens stormweer.

Sneeuw is niet één en al romantiek
Woensdag begon idyllisch. Ik stapte mijn bed uit, zag sneeuwvlokjes dwarrelen en heel voorzichtig vormde er zich een bescheiden sneeuwtapijtje. Op de radio weerklonk De eerste sneeuw van Jan De Wilde. Ik was helemaal klaar voor twee dagen sneeuwpret. Na de middag stond er een looptraining met versnellingen op het programma. Ik stelde vast dat de sneeuw vooral nattigheid genereerde op de paden en tegen beter weten in hoopte ik dat ik donderdag alsnog door de sneeuw zou kunnen lopen. Wat toen echter uit de lucht viel, was het slechtste van twee werelden: extra natte en ijskoude regen. Ik liet me niet tegenhouden en trok naar het bos voor wat een ontspannen loopje zou moeten worden. Donderdag 27 februari gaat de geschiedenis in als depri-loopje van 2020. Het bos lag er mistroostig bij. Mijn kleding werd al snel nat en zwaar. Ik dacht zelfs dat ik het koud zou gaan krijgen. In plaats van loslopen, leep ik mijn benen juist stijf te lopen. De eerste sneeuw was niet wat ik ervan verwacht had.

Snel lopen zit net zo goed tussen je oren
Ter voorbereiding van mijn marathon loop ik wekelijks intervals op mijn marathontempo. De eerste intervaltrainingen overtroffen mijn verwachtingen ruimschoots. Mijn benen voelden fris en quasi moeiteloos kon ik in drie blokken een stevig tempo aanhouden. Vorige week liep de benenwagen stroever en gooide ik het idee van een intervaltraining aanvankelijk overboord. Ik kwam op die beslissing terug en hield me voor te beginnen met één kilometer te versnellen. Dat ging beter dan verwacht. Uiteindelijk legde ik dezelfde training af als de weken voordien en evenaarde ik de tijden die ik liep met de superbenen van toen. Gisteren voelde mijn benen weer minder fris, maar ook deze keer kon ik nog steeds behoorlijk hard lopen. Dat is geen pleidooi om tekenen van vermoeidheid te negeren, wel dat een eerste gevoel bedrieglijk kan zijn. Als een bepaald tempo eenmaal in je benen zit, heb je niet altijd superbenen nodig om dat van stal te kunnen halen.

Luister eens naar een podcast
Mijn broer Seppe heeft naast een blog ook een podcast met zijn vrienden van De Jogclub. Elke vrijdag verschijnt er een nieuwe aflevering van De Jogclub met een andere gast. De afgelopen week heb ik de tijd genomen om achterstallige podcasts bij te luisteren. Zo heb ik me laten inspireren door de avonturen van onder andere Matthieu Bonne (één van de achttien Belgen die het kanaal overzwom en later ook deelnemer van Kamp Waes), Michel Wuyts (naast wielerverslaggever ook gedreven marathonloper), Olivier Sels (over de 1200 kilometer lange fietsuitdaging Parijs-Brest-Parijs) en Willem Van Schuerbeeck (Belgische topmarathonloper). Warm aanbevolen!

 

 

 

Het moment – En nu op naar 2020!

Lieve lezers

Op kerstdag maakte ik een boswandeling. Een zeldzaamheid, want ik begeef me eigenlijk nooit op wandeltempo door het bos. Het deed me oprecht deugd om zonder verwachtingen mijn ene voet voor de andere te zetten, zonder snelheid te maken, zonder vooropgesteld doel en verdere planning in mijn hoofd. De zon scheen zelfs en ik ging op een bank zitten. Ik hield geen terugblik op mijn jaar. Er schoten geen grootse ideeën door mijn hoofd. Voor eventjes was het gewoon heel fijn om op die bank te zitten. Tot ik me weer verveelde en verder wandelde.

Mijn prestatie in de Hel van Kasterlee zindert nog na. Ik doorstond heel wat emoties tijdens mijn strijd van bijna 12 uur. Na de opluchting overheerst nu het warme gevoel dat ik kreeg door de complimenten en overdonderend mooie woorden uit verschillende hoeken. Sport dat is emotie, twijfel daar maar niet aan. Heel wat mensen vonden hun weg naar mijn blog en lieten een hartverwarmend bericht achter. Zelfs als ik diep nadenk, vind ik niet de juiste woorden om uit te drukken hoeveel deugd mij dat doet.

2019 was een vurig jaar. Het ging soms van hard, harder, hardst waarbij ik mezelf al eens uit het oog verloor. Soms voelde ik me onoverwinnelijk on top of the world, soms een mislukkeling die alleen maar in de zetel wilde liggen. Ik werd ontroerd, verbaasd en diep geraakt door wat ik las en zag. Ik huilde dikke tranen van miserie, maar ook onzichtbare tranen van tevredenheid. Ik liep en fietste, soms alsof mijn leven ervan afhing, meestal omdat het gewoon zo plezierig was. Ik leerde dat wie zich kwetsbaar durft op te stellen geen zwakkeling is. 2019 was kortom een jaar waarin ik mezelf weer wat beter leerde kennen, in goede en kwade dagen.

2020 staat ongeduldig aan de deur te wachten. Binnenkomen doet het sowieso. Het viel me op dat 2020 er handgeschreven uitziet als zozo. Ik hoop dat het jaar voor jullie allesbehalve zozo mag zijn. Dat het een jaar mag worden van zooooo en ohzo! van zo, dat nemen ze me niet meer af en van hehe, zo is het wel weer mooi geweest. Ik wens jullie vooral heel veel van het kleine. Een joggingbroekmoment, een spinnende kat op schoot, een lekkere boterham met kaas (of iets anders), een mooi bos en veel liefde in al zijn verschijningsvormen. Ik wens jullie ook een beetje van het grootse. Zo nu en dan een moment waarop je boven jezelf en het universum uitstijgt. Zoek niet wat je niet kan of durft, maar doe waar je al vaak aan dacht. Denk eens goed na. Doe wat goed voelt. Doe vooral.

Bedankt voor alles! Jullie zijn geweldig!

Joke
X

 

 

Over mijn luxueuze koffiemomenten

Koffie en ik: wij zijn heel goede vrienden. Ik dronk mijn eerste koffie toen ik een jaar of 16 was op kampeervakantie met de familie in Engeland omdat de wind er al eens voor zorgde dat ik achter mijn boek zat te koukleumen. Ik dronk dus koffie met veel melk om me te verwarmen. Nu begint mijn dag altijd met koffie. Niet omdat ik een shot cafeïne nodig heb om wakker te worden of de dag aan te kunnen, maar omdat mijn uitgebreide ontbijt gewoonweg niet compleet is zonder koffie. Ook later op de dag heb ik nood aan koffiemomenten. Koffie drinken dat is namelijk een rustmoment inbouwen: eventjes zitten en tot jezelf komen. Zonder overdrijven, dankzij mijn sacrale koffiemomenten kon ik de afgelopen maanden het hoofd koel en boven water houden.

Ik zet mijn koffie op de ouderwetse manier: met een voorverwarmde filter waar je heet water over giet in een voorverwarmde mok. Slow coffee heet dat in hippe middens. Dangerous coffee zou ook een geschikte benaming kunnen zijn, want ik verbrandde me al eens lelijk door een wankele filteropstelling. Er was een tijd dat ik in de supermarkt koos voor merken waarvan ik dacht dat ze kwalitatief hoogwaardige koffie afleverden. Die koffie smaakte, maar gaf me ook een klef mondgevoel achteraf. Alsof de cafeïne zich had vastgezet op mijn tong. Dit is waar de échte kwaliteitskoffie zijn intrede doet in mijn verhaal. Ik leerde namelijk dat die verbrande smaak in je mond te wijten is aan de (te) hoge temperatuur waaraan zulke koffies worden gebrand. Producenten doen dit om kosten uit te sparen bij het selectieproces. Hun geoogste koffiebonen worden minder streng beoordeeld, waardoor ook slechte bonen de selectie halen. De aanwezigheid van één slechte koffieboon kan de smaak van een grote hoeveelheid verpesten. De koffie wordt bijgevolg aan een hogere temperatuur gebrand opdat je dit niet zou proeven.

IMG_1773b

De beste koffie koop je bij koffie (& thee) Onan in Leuven. Ik stapte er eens binnen voor een cadeautje en kocht toen ook voor mezelf een zakje kwaliteitskoffie. In de eerste plaats omdat ik niet onbewogen bleef bij de uitleg van Chloé over hun nauwe samenwerking met lokale koffieboeren in onder andere Brazilië en India. Bij Onan weten ze exact waar hun koffiebonen vandaan komen, hoe die groeien en in welke omstandigheden ze geoogst worden. Het oogst- en selectieproces verloopt manueel, waardoor de lokale boeren een correcte prijs krijgen en een topproduct kunnen afleveren. Vervolgens worden de koffiebonen verscheept naar België, alwaar ze door Chloé ter plaatse worden gebrand. Heel veel liefde voor een product en net zoveel vakmanschap: een gouden combinatie. Je moet ook geen kenner zijn om het verschil te proeven. Al bij mijn eerste Onan-koffie proefde ik een groot verschil. De smaak van de koffieboon overheerst en niet de verbranding daarvan. Sindsdien kies ik resoluut voor de enige echte koffiekwaliteit: die van Onan.

Een andere en even belangrijke reden om een bezoek te brengen aan koffie & thee Onan is de altijd (al-tijd) hartelijke bediening van Chloé en het personeel dat ze tewerkstelt. Met de glimlach serveren ze de heerlijkste koffies en voorzien ze je van professioneel advies. Chloé en ik delen overigens hetzelfde geboortejaar. Dat schept uiteraard een band. Bovendien ken ik haar ook al van toen ik nog studeerde en zij als student werkte bij de bakker waar ik vaak kwam. We go way back dus. Ik bewonder haar ondernemerschap en de vakkennis die ze bezit. Koffie is niet zomaar een product dat ze verkoopt. Koffie zit in haar hart. Dat merk je als ze bijvoorbeeld vertelt over de verschillende smaken die je kan waarnemen in een bepaalde variëteit, over haar reizen naar de koffieplantages en de problemen waar de boeren mee kampen (olifanten die van een berg sleeën om er maar één te noemen). Alsof dat nog niet volstaat, lijkt Chloé ook over een onuitputtelijke bron energie en enthousiasme te beschikken. Nergens smaakt de flat white dan ook zo goed.

Voor al wie mij nu net heel graag op de koffie wilde vragen: ik ben geen koffiesnob, dus nodig me maar gewoon uit. Niets is zo gezellig als samen koffie drinken. Ik beschouw koffie wel als een luxeproduct. Als je beseft hoe arbeidsintensief de productie van een zakje kwaliteitskoffie is, dan is het niet meer dan normaal dat die dubbel zoveel kost als een pakje uit de supermarkt. Het is juist omgekeerd: gewone koffie is te duur voor wat het product eigenlijk is. Koffie is een edele drank die je met liefde moet maken en met aandacht moet drinken. En cafeïne is echt niet des duivels. Integendeel, niet alleen binnen een sportief kader wordt vaak gewezen op de weldadige effecten van cafeïne. Alles met mate. Tot slot geef ik jullie nog de ultieme cadeautip mee: koffie of thee van Onan! Check snel hun website voor de mooiste giftboxen!

IMG_1749b

Je vindt Onan in de Parijsstraat 28 in Leuven. Maandag tot zaterdag open van 8u30 tot 17u45. Op zondag vanaf 12u. Ook bij het warm aanbevolen Noordoever aan de Vaartkom wordt de koffie van Onan geserveerd en verkocht. Allen daarheen!

 

Het moment – Schrijftalent gespot in de klas

Schrijver, journalist, avonturier, Lost Generation, Nobelprijswinnaar. Het is onmogelijk en zelfs ronduit oneerbiedig om Ernest Hemingway te beschrijven in amper zes woorden: welgeteld één woord per decennium dat Hemingway de literatuur van de 21e eeuw gestalte gaf. In zes woorden kan je het turbulente leven van de in Chicago geboren Amerikaan niet vatten. Geen woord over zijn bewogen leven in Parijs tijdens de roaring twenties. Geen woord over zijn twee huwelijken en drie zonen. Geen woord over zijn betrokkenheid tijdens de wereldoorlogen en de Spaanse Burgeroorlog. Geen woord over zijn trieste levenseinde dat getekend werd door alcohol en depressies. Geen woord over zelfdoding. Nochtans was het Ernest Miller Hemingway himself die – zo wil het verhaal – op café een weddenschap met vrienden afsloot omdat hij beweerde een verhaal van slechts zes woorden te kunnen schrijven. For sale, baby shoes, never worn krabbelde hij neer en de weddenschap was gewonnen.

Ik legde Hemingway’s ver doorgedreven vorm van flash fiction voor aan mijn leerlingen van het vijfde jaar. De eerste vraag was: is dit wel een verhaal? De meningen waren verdeeld. Langs de ene kant hoorde ik een duidelijke nee omdat er geen personages zijn, je helemaal niets weet en die zes woorden net zo goed een betekenisloos zoekertje in de krant zouden kunnen zijn. Langs de andere kant gingen er ook heel wat stemmen op voor de verhalende waarde van deze korte zin. Hemingway’s zes woorden roepen een beeld op: een vader en moeder verliezen een kind en bieden de voorziene schoentjes te koop aan. Je voelt de leegte en het verdriet, ook al staan die er niet. Een leerling concludeerde dat zes woorden geen verhaal vormen, maar dat ze wel een verhaal kunnen vertellen. Laat net dat de kern zijn van een six word story ofte zes-woorden-verhaal.

Ik daagde de vijfdejaars leerlingen uit om een verhaal van exact zes woorden te schrijven. Omdat je ware creativiteit niet aflevert op bevel was het een vrijblijvende taak en een bescheiden wedstrijd onder het mom: wie is de Hemingway van onze school? Om een verhaal te vertellen met zes woorden moet je vertrekken vanuit een groter verhaal. In de klas bedachten leerlingen dus een overdaad aan dramatische situaties. Dat grotere verhaal werd vervolgens steeds kleiner en korter tot er een minimum aan woorden overbleef. Een schrijfoefening waarbij je meer moet schrappen dan schrijven, zonder dat de lezer het gevoel krijgt dat er betekenisvolle woorden zijn weggelaten. Het is een delicaat evenwicht tussen net genoeg vertellen om je lezer te prikkelen zodat die een concrete situatie voor ogen krijgt en voldoende mysterie behouden zodat de verbeelding het verhaal kan vormen. Een zes-woorden-verhaal overstijgt ook de gevatte quote.

Er bevindt zich duidelijk heel wat creatief schrijftalent onder mijn leerlingen en daar kan ik niet anders dan heel gelukkig van worden. Kiezen tussen 22 parels was een aartsmoeilijke opdracht. Uiteindelijk mochten alle leerlingen van het vijfde jaar hun stem uitbrengen, net zoals mijn collega’s Nederlands en de directie. Schrijven is schrappen en kiezen is ook verliezen. Het viel meteen op dat enkele verhalen er bovenuit staken en afgetekend de leiding namen. De nummer 1 liet zich niet van de troon stoten. Voor de ereplaatsen ging het lang haasje over. Gisteren werden de prijzen uitgereikt en de winnaars bekend gemaakt. Ga nu goed zitten en geniet van de beste verhalen. Winnaars Staf en Lucas staan uiteraard bovenaan.

Laatste halte, laatste regen, eerste tranen – Staf & Lucas
Ik en jij, maar nooit wij – Firdaous
Eén sms, schreeuwende banden, akelige stilte – Dante
Enkel mijn ogen zagen de waarheid – Amber
Wil niet weten wie me vasthoudt – Wica
Edelachtbare, u hebt de verkeerde voor – Maud
Hij traint elke dag, toch ontspoord – Ben
Jouw ogen, mijn blik, een ogenblik – Sarie & Seppe
Beroofd: kindertijd – Syrië – Oeganda – India – Zweden – Emely
Dromend zag ik hoe jij stierf – Lucas

IMG_1654b
Kasper (plaatsvervanger van Amber), Staf, Lucas, Wica, Dante en Maud: de top 5!

Wil je nog meer lezen en weten over Ernest Hemingway? Groot gelijk! Lees dan een echt boek van de meester. A Farewell to Arms is één van die boeken die mij tot tranen toe beroerd heeft: een verhaal dat heel diep sneed en waar ik nog vaak aan terugdenk. Ook de unieke sfeer van Fiesta: The Sun Also Rises kan ik zo weer oproepen. Als het iets luchtiger mag zijn, kijk dan vooral naar Woody Allens Midnight in Paris (al is het voor de Parijse scenery). Een (mislukte) schrijver met een romantische ziel is met zijn verloofde in Parijs. Vol weemoed verlangt hij naar de literaire wereld van de jaren twintig tot hij op een avond nietsvermoedend belandt in die roaring twenties. Hij ontmoet er kleurrijke sleutelfiguren waaronder Scott F. Fitzgerald (schrijver van The Great Gatsby), Gertrude Stein, Pablo Picasso en een baldadige Ernest Hemingway. Warm aanbevolen!

 

Het moment – De halve marathon in Brussel met Roos

In 2014 begonnen Roos en ik samen te lopen om iets aan onze ondermaatse conditie te doen. Ons ultieme doel was de 20 kilometer van Brussel tot een goed einde te brengen. Dankzij dat project zagen we samen af en babbelden we vooral ook heel wat af. In mei 2014 liepen wij dus voor het eerst in ons leven 20 kilometer. Het zaadje van de marathondroom was geplant: een jaar later liepen we zij aan zij onze eerste marathon. We liepen nog stratenlopen, halve marathons en nog meer marathons, maar steeds minder vaak in elkaars gezelschap. In 2019 is dat allemaal anders. We haspelden samen trailtrainingen af en liepen gezusterlijk onze vijfde 20 kilometer van Brussel. Over exact een week zullen we 4,5 jaar na ons debuut nog eens samen een marathon lopen. Als generale repetitie liepen we daarom vorig weekend de halve marathon van Brussel. Ik ben namelijk Roos’ persoonlijke haas, pacer of tempomaker die ten allen tijde het hoofd koel houdt, de klok in de gaten houdt en steeds de juiste aanmoediging heeft. Dat straffe zusje van mij heeft dat allemaal niet nodig, maar we zijn nu eenmaal graag in elkaars gezelschap.

img_1387b.jpg

De Brusselse straatstenen kennen voor onze voeten geen geheimen meer. Ons doel was in eerste instantie om het goede marathongevoel te pakken te krijgen en als het even kon ook Roos’ persoonlijk record van 1:43 op de halve marathon scherper te stellen. Voor wie het nog niet opmerkte: Roos verkeert in bloedvorm, dus een scherpe tijd zat er zeker in. Gelukkig zag ze pas gisteren hoe Eliud – King of Marathon – Kipchoge naar een fenomenale 1:59:40 snelde in Wenen. De eerste mens die onder de 2 uur dook op de marathon, kon namelijk beroep doen op maar liefst 41 hazen die elkaar afwisselden zodat Kipchoge telkens in het intieme gezelschap van 7 tempomakers liep. Roos moet het over een week 42,2 kilometer lang en ruim 3,5 uur stellen met mij. Wij hebben wel één groot voordeel ten opzichte van Kipchoge: wij zijn zussen, bloed- en zielsverwanten. We kunnen elkaar heel goed aanvoelen en inschatten. Ik kan Roos tot het uiterste drijven: door de muur, zonder dat ze zich opblaast. Of ik daarom gelijk ben aan 41 wereldtoppers uit de atletiek, dat laat ik in het midden.

Zondag 6 oktober was het weer om in de zetel te liggen en vooral niet buiten te komen. Behalve als je een halve marathon in Brussel gaat lopen. Een loper weet dat wat regen echt geen kwaad kan. We gingen van start onder een grijs wolkendek en snelden er meteen hard van door. De loophonger was groot. Voor de ambiance zorgden we vooral zelf, want veel toeschouwers waren er niet te zien. Na enkele kilometers was de eerste adrenaline gaan liggen en dwongen de tunnels ons te temporiseren. Dat nam niet weg dat we nog steeds aan een behoorlijk tempo door Ter Kamerenbos stormden. Vervolgens beloofde ik Roos 6 kilometer lang een fijne afdaling om nog eens goed door te jassen. En of dat gebeurde: we werden gelanceerd en liepen Roos’ snelste kilometertijd ooit. Niet meteen het soort records dat je moet lopen tijdens een halve marathon, maar we leken over vleugels te beschikken.

Toen we na 15 kilometer door Vorst liepen, vroeg ik aan Roos hoe hard ze aan het afzien was op een schaal van 1 op 10. Haar antwoord was een 7, wat me niet meer dan normaal leek in die fase van de wedstrijd. Ik wist toen al dat een verbetering van haar record een feit zou zijn. Voor we afsloegen naar de Tervurenlaan, zat Roos op een 8,5 op de Schaal van Afzien. Het was nu vooral belangrijk om haar zo goed mogelijk over de Tervurenlaan te loodsen: een stevige en verraderlijk lange kuitenbijter van 1,5 kilometer. In mijn zog beet Roos terug. De berg kreeg haar niet klein. De boog van het Jubelpark doemde op in de verte. Ik gaf ons een halve kilometer om op adem te komen en nog een laatste snelle kilometer uit de benen te persen. Hand in hand overschreden we de finish in een sterke 1:40:36. Roos had haar record verbeterd met maar liefst drie minuten. Jawadde!

IMG_1396b

Ik liep niet mijn snelste halve marathon in Brussel, maar ik maakte een halve marathon zelden zo bewust mee. Uit mijn loopervaring leerde ik vooral hoe fijn het is om fit te zijn. Dat je dan een snelle halve marathon kan lopen zonder daar al te veel zorgen over te hebben. Dat je dan ook nog eens kan genieten van het parcours. Dat je dan niet eens opmerkt dat het vies regenweer is. En bovenal: hoe bijzonder het is dat je dat in het gezelschap van je zus kan doen. Wat vijf jaar geleden een zot plan was, is nu de bron van het ene schitterende zussenmoment na het andere. Lang leve de zusterliefde! Op naar Brugge!

IMG_1391b

Het moment – En toen was Leah er

Dinsdag 20 augustus 2019 was een mooie zomerdag die nog stralender werd toen ik het verlossende nieuws kreeg dat de dochter van Marike en Peter geboren was. Ze kreeg de prachtige naam Leah. Na Laurien en Vik is ze het derde kleinkind van mijn ouders. Ik werd voor het eerst meter, Seppe werd voor het eerst nonkel en Roos werd voor de derde keer tante. Familie-uitbreiding dat is altijd een heuglijke gebeurtenis. Roos en ik liepen dan ook met gehaaste pas door de ziekenhuisgangen met Niko in ons zog. Liefst van al hadden we iedereen die ons passeerde door elkaar geschud en geroepen dat onze zus (!) een baby (!) had gekregen (!). En toen zagen we Leah dus voor het eerst. Met sprekend gemak overtrof ze de verwachtingen. Er schoot van alles door me heen. Ik wilde haar tot in het kleinste detail bestuderen zodat ik nooit zou vergeten hoe ze er haar eerste uren uitzag. Ik wilde de kersverse ouders vastpakken en niet meteen loslaten om te laten weten hoe fier ik op hen was. Uiteindelijk deed ik alles een beetje, denk ik.

KLCT9356

De zwangerschap werd in intieme familiale kring aangekondigd op kerstavond. Toen het nieuws officieel was, konden we openlijk aftellen naar de komst van de garnaal, zoals Roos en ik haar aanvankelijk noemden. Zo groot was ze namelijk in het prille begin. Roos en ik smeedden heel veel plannen: we zouden de garnaal de wereld laten zien, alle creatieve en sportieve registers opentrekken, een tante-dag per maand opeisen en ga zo maar verder. We waren er rotsvast van overtuigd dat die garnaal een jongen zou zijn. Ik droomde zelfs eens dat de baby de naam Louis kreeg. Tot Peter via de telefoon gevleugelde woorden sprak: ijsje, ijsje, ijsje, wij krijgen een meisje! We trokken meteen een nieuw blik met plannen open en een nieuwe fase in het grote aftellen was aangebroken. Wachten kan lang duren.

WKQU1013

In maart kreeg ik van Marike een lief kaartje met de vraag of ik meter wilde zijn van hun eerstgeborene. Wat een eer! Tijdens het marathonweekend in Parijs bespraken we uitvoerig onze naamvoorkeuren. Ik overliep alle leerlingen die de afgelopen jaren in mijn klas hadden gezeten en ik bedacht ook de waanzinnigste namen die slechts matig enthousiast onthaald werden. In mei bevond ik me als meter in een geprivilegieerde positie. Ik kreeg het ontwerp van het geboortekaartje te zien mét De Naam. We gingen naar de stoffenwinkel en stelden een kleurenpalet samen voor de doopsuikerzakjes en enkele onmisbare babyspullen waar ik als creatieve meter voor zou zorgen. Op basis van het ontwerp en de kleuren van het geboortekaartje kozen we voor wit-zwarte stoffen met okerkleurige of gouden accenten en driehoekjes. Het was de eerste stap van een top secret missie waar we later over zouden communiceren als codewoord sesam, een vondst van Peter. Ik praat graag, maar ik zwijg ook graag als er geheimen gedeeld worden. Om Roos op een dwaalspoor te zetten, verkondigde ik af en toe dat de baby Veronica zou heten en later schudde ik zelfs Kuki uit mijn mouw. Heel geloofwaardig was dat niet.

IMG_0943b

De prototypes voor de doopsuikerzakjes werden eind juni unaniem goedgekeurd door de ouders in spe, mede dankzij de stijlvolle gouden Leah-labels. Ik maakte drie verschillende zakjes: een klein ritszakje, een sleutelhangerzakje volgens dit patroon en een stropzakje. Nadien voegde ik nog sleutelhangers toe aan het assortiment. De timing voor Leahs komst was perfect. De zomervakantie begon en ik trok me een week terug in mijn hobbykamer. Er rolden niet alleen zo’n 90 zakjes van onder mijn naaimachine, maar ook naamslingers, dekentjes en aankleding voor het park. Een wolkenkussen bijvoorbeeld, anno 2019 onmisbaar voor elke pasgeborene. Zo zagen ook de eerste stuks van de exclusieve Flat White Petite collectie het levenslicht: babykleding die ik maakte met restjes van zelfmaakprojecten voor mezelf. Leah zal dus kunnen twinnen en zelfs trinnen met de voltallige familie.

IMG_0977b

Leah is nu ruim een week oud. Ze is zonder enige twijfel de knapste, liefste en bijzonderste baby die ik al ooit gezien heb. Het straffe is dat ze daar helemaal niets voor moet doen. Ze is voorbeeldig als ze vredig in de wieg ligt te slapen. Ze is een net meisje als ze een heel bescheiden babyscheetje laat. Ze is schattig als ze met een voldane blik dicht tegen mama aan van haar maaltijd bekomt. Ze is ontzettend knap als ze ogenschijnlijk nonchalant met haar blauwe ogen in het rond kijkt. Haar charme is ongezien.

IMG_0927b

Wij hebben het niet alleen getroffen met ons nichtje, zij heeft het ook getroffen met haar ouders. Peter laat geen moment onbenut om te cocoonen met zijn dochter. Hij houdt uitgebreide statistieken bij over haar gewicht en de voedingen. Marike moedert en zorgt voor Leah alsof ze nooit anders gedaan heeft. Samen zijn ze toegewijde ouders die met veel liefde en geduld een warm nest geven aan hun dochter. Toen Seppe voor het eerst vader werd, viel het me ook op hoe makkelijk hem dat afging. Ik gloei van trots als ik mijn broer of zus in die ouderrol zie. Ze zijn de papa en mama die volledig in lijn ligt met hun karakter. Ondanks dat alles anders is, lijkt het daardoor alsof er eigenlijk helemaal niks veranderd is. Ik heb zelf geen kinderen en ik weet niet of dat zal veranderen. Nu ben ik meter en die rol neem ik ter harte. Ik kan niet wachten om Leah voor te lezen en met haar door het bos te wandelen. Ik ben nu al stapelverliefd op haar. Hou jullie vast, ze komt eraan: Leah gaat de wereld veroveren.

IMG_0972b

Het moment – Een bezoek aan de Kazerne Dossin in Mechelen

Een bezoek aan de Kazerne Dossin zou voor iedereen verplichte kost moeten zijn. Je zou er opnieuw en opnieuw moeten langsgaan zodat een vreselijk deel van onze geschiedenis niet vergeten wordt. Tot die conclusie kwam ik maandag nadat ik het museum verliet. Ik ben spendeerde er 2,5 uur samen met mama. We waren danig onder de indruk. De militaire kazerne stamt uit de 18e eeuw en beleeft een gitzwarte periode tijdens de Tweede Wereldoorlog. Tussen juli 1942 en september 1944 was het een deportatiecentrum waar ruim 25.000 Joden en enkele honderden Roma en Sinti gedeporteerd werden naar het concentratiekamp van Auschwitz-Birkenau. Amper 5% overleefde de horror. Lang geleden bezocht ik de Dossinkazerne al eens met school. Ook dat bezoek hakte er flink in. Als leerkracht besef ik hoe belangrijk herinneringseducatie is. Nu besef ik dat die ook verder dan het onderwijs moet reiken.

In een korte introductiefilm krijg je te zien dat jodenhaat van alle tijden is. De Jood zit als slechterik diepgeworteld in ons verleden. Reeds in de middeleeuwen worden Joden gestigmatiseerd en bruut vermoord, net zoals heksen. Karikaturale afbeeldingen presenteren hen als bedriegers en dieven. Voor de doorsnee middeleeuwer stond het als een paal boven water dat het Joden waren die Christus eigenhandig aan het kruis hebben genageld en ook de aanleiding hebben gegeven tot die vreselijke daad. Judas, de verrader, zou ook een Jood zijn. Kortom: de Jood is de grote boeman en bijgevolg ook pineut van de westerse geschiedenis. In de introductiefilm wordt ook verwezen naar andere genocides uit de 20e eeuw. Ze tonen aan dat als de ander gedehumaniseerd wordt, de gevolgen niet te overzien zijn.

IMG_0872b

Op de eerste verdieping van het museum staat de historische achtergrond van het nazisme en de aanleiding tot Hitlers vervolging van de Joden centraal. Het mechanisme van de massa wordt blootgelegd. Bij een gigantische foto van joelende festivalgangers op Tomorrowland lees je hoe de kracht van de massa werkt: je eigen “ik” verdwijnt, je wordt opgeslokt en meegesleurd in de euforie. De totalitaire dictatuur die in 1933 ontstaat in Nazi-Duitsland maakt daar handig gebruik van. Stelselmatig worden Joden steeds meer rechten ontnomen. Ze mogen zich enkel onder heel strikte voorwaarden in het openbare leven vertonen. Ze mogen hun beroep niet meer uitoefenen en moeten naar aparte scholen gaan. Ze worden kortom steeds meer de ander, steeds minder mens. Volgens Hitler zijn ze een zwak ras dat verjaagd moet worden om het bloed te zuiveren.

Op de tweede verdieping staat angst centraal. Joden worden ook in België geviseerd en opgejaagd. Als de Tweede Wereldoorlog losbarst, zijn ze voorgoed hun recht op een eigen leven kwijt. Vluchten, onderduiken of je vreselijke lot ondergaan? Je kinderen achterlaten of mee de dood in sleuren? Het zijn hartverscheurende beslissingen die je moeilijk een keuze kan noemen. De cijfers over de Dossinkazerne zijn bikkelhard. Met elk mensonterend transport vanuit Mechelen werd een duizendtal Joden vervoerd naar Auschwitz-Birkenau. Soms overleeft niemand het concentratiekamp. Hoogst uitzonderlijk zijn er 30 overlevenden. Het museum eindigt op de derde verdieping dan ook met dood als centrale thema. Tal van portretten, brief- en beeldfragmenten geven een gezicht aan de gruwel. Die individuele verhalen hebben overeenkomsten, maar uiteindelijk is elk verhaal uniek. Elk mensenleven is immers uniek. Elk mensenleven dat verloren is gegaan, is er één te veel.

IMG_0876b
Deze grijze muur heeft enkele gekleurde portretten: die van Holocaust-overlevers

Verspreid over het museum hoor je in vijf delen de beklijvende getuigenissen van vijf overlevers. Ik volgde het verhaal van Marie Pinhas. Ze werd in 1931 geboren in Griekenland en emigreerde een jaar later met haar ouders naar België. Het gezin woont in Laken, waar beide ouders werken. Marie heeft nooit beseft dat zij Joods was. Op school werd ze la petite Grecque genoemd en thuis wordt het joodse geloof niet gevolgd, maar het christelijke. Om die reden weigert haar vader hen als Joden te laten bestempelen. Ook als de dreiging toeneemt, probeert hij angstvallig hun Joodse identiteit te verhullen. Het gezin duikt onder, wordt verklikt en belandt in juli 1944 in de Dossinkazerne. Ze maken deel uit van het 26e en laatste transport vanuit Mechelen naar Auschwitz. Voor de medische keuring komt Marie oog in oog te staan met engel des doods, Josef Mengele. Ze liegt over haar leeftijd, waardoor ze niet rechtstreeks naar de gaskamers gaat, maar slavenarbeid moet verrichten: haar enige kans om te overleven. Ga naar Marie luisteren om het volledige verhaal te horen. Je zal een kranige dame zien die op haar veertiende abrupt volwassen werd.

IMG_0889b

We eindigden bij de kunstinstallatie Left Luggage van Willy Baeyens. Hij zocht een manier om zijn bezoek aan de Dossinkazerne te verwerken en begon daarom ingetogen olieverfportretten te schilderen van Joodse kinderen die de Holocaust niet overleefden. Uit het ene schilderij ontstond een volgend. Dit resulteerde uiteindelijk in ruim 100 portretten die in oude reiskoffers werden geplakt. De koffers liggen semi-nonchalant over de ruimte verspreid alsof ze uit een vrachtwagen zijn gevallen. In een filmpje geeft de kunstenaar uitleg bij de totstandkoming van de installatie. Ik had gemakkelijk een uur kunnen kijken naar die schilderijen. Ze hebben me diep geraakt, net zoals het verhaal van Marie dat deed.

img_0891b.jpg

Meer informatie over de Dossinkazerne vind je hier. Wacht niet te lang als je Left Luggage wil bewonderen: deze tijdelijke expo is nog tot 15 september gratis te bezichtigen tijdens de openingsuren van het museum.

Het moment – De hittegolf trotseren in Parijs

Parijs transformeerde afgelopen week tot het Saint-Tropez van het Noorden. Toen ik met mijn liefste meter Sien plannen maakte voor een vierdaagse in Parijs was een temperatuur van rond de 40 °C niet meteen wat we in gedachten hadden. Hittegolf of niet: Parijs is altijd een goed idee. Maandag vertrokken wij dus in Brussel voor wat een memorabele reis zou worden en veruit mijn heetste citytrip. Donderdag sneuvelde het hitterecord en gaf de thermometer er een verschroeiende 42,6 °C aan. Parijs was daardoor een warmere plaats dan pakweg Luxor of Djibouti. Helemaal nieuw was die hittegolf voor mij niet. Toen ik in 2014 de eerste keer met Roos naar Parijs ging, belandden we ook in tropische sferen. Dat betekende bakken en braden, heel veel water drinken (en niet moeten plassen), met opgezwollen handen en voeten toch dagelijks een stevige voettocht ondernemen (onze Parijs-oriëntatie stond nog niet op punt) om dan ’s avonds op een bank aan de metro een zak chips leeg te vreten (zouten aanvullen) en bij de eerste slok vin die we dronken al meteen in de wind te zijn. Ik was dus gewaarschuwd.

IMG_0343b
Het Parijse straatbeeld verveelt nooit!

Maandagmiddag kwamen Sien en ik met zo’n 32 °C aan in Hotel Joke en die naam is geen grap. In 2015 verbleef ik er al eens met Roos: een hotel met zo’n naam kan gewoonweg niet tegenvallen. Net zoals de andere hotels van de Astotel-keten is ook Joke een aanrader. In de eerste plaats omwille van de uitstekende ligging aan de voet van Montmartre, vlakbij de metro en op wandelafstand van de Opéra en Jardin des Tuileries. De kamers zijn frivool aangekleed en beschikken over een mini-bar met gratis frisdrank en water. Bovendien is het personeel heel vriendelijk en krijg je er echt een thuisgevoel. Een bijkomend voordeel was de uitstekende airconditioning waarover het hotel beschikte. Op onze eerste dag maakten we een korte wandeling langs en door Galerie Lafayette en over het imposante Place Vendôme om op een nabijgelegen pleintje een koffie te drinken. De avond sloten we af in het immer bruisende Montmartre waar we dineerden bij brasserie Le Vrai Paris. We proostten op ons beider geluk en onze eerste dag in Parijs was meer dan geslaagd.

YAII3854

De volgende ochtenden trok ik er telkens op uit voor een looprondje door Parijs. 7 uur mag dan wel als een onchristelijk vroeg vakantie-uur klinken voor sommigen, met 25 °C bleek dit het koelste moment van de dag te zijn: uiteraard is dat nog steeds broeierig warm loopweer. Ik val in herhaling als ik zeg dat lopen in Parijs altijd een succes is, ondanks de vele stoplichten en de smalle voetpaden met verraderlijke steentjes, ondanks mijn toch wat stramme benen en ochtendhoofd. Mijn vaste loopronde gaat in rechte lijn naar Arc de Triomphe waar ik altijd even moet uithijgen omdat het 2 kilometer lang een verraderlijk oplopend stuk is. Ik vervolg mijn weg dan over de Champs Elysées, langs de Seine om dan door de Tuileries over Place Vendôme terug richting hotel te lopen. Een rondje van zo’n 8,5 kilometer. Het venijn zat hem niet alleen in het begin richting Arc, maar ook op het einde, waar ik zo’n 800 meter bergop moest lopen (Montmartre, weetjewel) tot aan het hotel. Een zweterige, maar echt wel de beste start van de dag in Parijs en de ideale basis voor een geslaagd ontbijtbuffet.

IMG_0371b

Sien was lang geleden al eens in Parijs. Ze viel nu als een blok voor de charme van de Champs Elysées. Hier zou ik wel kunnen wonen, liet ze zich meermaals ontvallen. Ook in andere wijken zag ze zichzelf aarden, maar de prestigieuze boulevard droeg haar voorkeur weg. We gingen op de Champs shoppen bij Petit Bateau en dronken wat verderop een dure koffie. Sien was eveneens onder de indruk van Le Bon Marché, het classy grootwarenhuis met bijhorende Grand Epicérie dat gelegen is in mijn favoriete wijk Saint-Germain des Prés. Ze vond er twee nieuwe vriendinnen onder de charmante verkoopsters, vereeuwigde hen op de foto en beloofde plechtig in september terug te komen. Donderdag was onze laatste en heetste dag. We kozen daarom voor een Seine cruise (in Parijs noem je dat geen ordinaire boottocht): een goede keuze, zo bleek. We vonden beschutting voor de ultra krachtige stralen van de zon en toen ik Kate Winslet-gewijs op het dek ging staan, zorgde een briesje voor wat verkoeling.

IMG_0505b

Gelukkig waren we ons toen niet bewust van de beproeving die ons boven het hoofd hing. Nadat we op het heetst van de dag naar het Gare du Nord stapten, bleek de verzengende hitte ook een grote impact te hebben op het spoorverkeer. Onze Thalys had een uur vertraging. Al snel werd duidelijk dat het daar niet bij zou blijven. Er kon tijdelijk geen enkele trein aankomen of vertrekken op het station. Regelrechte treinellende dus. Onder de glazen verkapping in het station was het bovendien amper uit te houden. Het was een sauna waar steeds meer volk strandde. De chaos nam toe toen een gedeelte van het station werd afgezet omdat er een verdacht pakket werd aangetroffen. Het ongenoegen onder de reizigers groeide en de aanvankelijk gelaten sfeer sloeg om. Plots was het zaak om een plekje te bemachtigen op de eerstvolgende Thalys die in Brussel-Zuid zou stoppen. Na een wachttijd van 4 uur en evenveel liters zweet, lukte het ons om een stoel richting België te claimen. Om 23 uur kwamen we uitgeteld aan in Bruxelles-Midi waar papa en Roos (hoe kan het ook anders) redders van dienst waren die ons veilig en wel naar huis brachten.

IMG_0464b
Sien deed twee vaststellingen: de Fransen drinken alleen goede wijn, bier is verfrissender dan wijn

Ik had het natuurlijk liever een graad of 10 koeler gehad in Parijs. Langs de andere kant is het hitterecord in Parijs meemaken ook een ervaring, net zoals vastzitten in het station. En Roos had weer eens gelijk: Parijs stelt echt nooit teleur.

IMG_0380b

Mijn recept voor een geslaagde zomervakantie

Aaah vakantie! Het kostte me zoals gewoonlijk enkele dagen om te wennen aan het idee dat ik de komende twee maanden niet ga werken en dat ik uitkijk over een zee van vrije dagen. Zelfs na al die jaren went dat bijzondere gevoel niet en heb ik tijd nodig om te acclimatiseren. Ik bracht deze week 24 uur aan de zonnige Noordzee door met mijn mama. We wandelden over het strand, dronken koffie, aanschouwden een zeilrace, aten garnaalkroketten en sloten de dag af met een veel te groot ijsje op de dijk. Mama vertrok de volgende dag in alle vroegte voor een Touretappe naar huis (175 kilometer!) en ik trok erop uit voor een heerlijke looprondje over het strand. De vakantiemodus was een feit. Zoals ik helemaal op kan gaan in mijn werk en sport, kan ik ook duchtig overdrijven in vakantie consumeren. Er komt immers tijd vrij die nuttig gespendeerd kan worden aan andere projecten en dus blijft mijn activiteitenpeil constant. Ik deel graag met jullie mijn (niet zo geheime) ingrediënten voor een geslaagde zomervakantie.

IMG_0070b

Het eerste ingrediënt zal weinig verbazing oogsten. Sport, beweging, activiteit: noem het zoals je wil, maar er moet wel iets gebeuren. Op een eerste niveau zijn dat trainingen: lopen en mountainbiken met het oog op de sportieve plannen van heel dichtbij (de La Chouffe trail) en iets verder weg (de marathon in Brugge en de Hel van Kasterlee). Het fijne van vakantie is dat je die gunstig kan plannen. Een duurtraining moet je bijvoorbeeld niet per se op zondag doen als het dan net heel warm is. Bovendien is het ook makkelijker om te herstellen en bekomen van de inspanningen.  Op een tweede bewegingsniveau maak ik in vakantietijden veel fietstochten met mijn stadsfiets zodat activiteit gecombineerd wordt met een andere vorm van ontspanning. Zo vertelde ik vorig jaar al in geuren en kleuren waarom ik zo hou van een fietstocht naar Tervuren en Brussel, maar ook Mechelen behoort tot de actieradius van mijn Cortina. Er is echt heel veel in eigen streek te ontdekken op de fiets.

Mijn tweede basisingrediënt is net zo essentieel. Ik kan me namelijk geen vakantie voorstellen zonder culturele bezigheden en plannen. Er moet in eerste instantie gelezen worden. Zo simpel is het. In de vakantie heb ik net iets minder besognes aan mijn hoofd en is er tijd om lang onafgebroken aan een stuk in een boek weg te kruipen. Ik begon de vakantie sterk en las deze week (hou je vast) al drie boeken. Dit tempo hou ik wellicht niet vol, maar ik moet hoe dan ook een inhaalmanoeuvre inzetten om mijn zelf opgelegde quotum van 50 boeken op jaarbasis te halen. Door de drukte in de maanden mei en juni kwam ik toen helaas amper aan lezen toe. Sinds kort ben ik ook in het bezit van een Museumpas. Voor 50 euro kan je daarmee een jaar lang zowat alle musea in België bezoeken. Hoog tijd dus om af te rekenen met mijn museumgerelateerde drempelvrees. Nog dringender tijd om eindelijk eens het MAS te bezoeken en zoveel meer. Jullie begrijpen ook dat een museumbezoek zich ideaal laat combineren met een uitstap op de fiets. Om de culturele verzadiging rond te krijgen, probeer ik in de vakantie ook meer films te kijken, wat ik tijdens het schooljaar te weinig doe.

IMG_0098b
Lezen! Lezen! Lezen!

In dat hoofd van mij is continu iets aan het borrelen. Mijn succesrecept is niet compleet zonder creatieve projecten. Ik maak al eens tassen en mijn gepersonaliseerde Flat White travel set dient dringend uitgebreid te worden met een rugzak en hip heuptasje. Ook voor in huis heb ik nog tal van ideeën die ik hoop te kunnen uitvoeren. Voor een nakende Parijs-trip heb ik nog enkele kledingwensen te vervullen. Op bloggebied ben ik nog bijlange niet uitgeschreven. Prioriteit nummer 1 is momenteel mijn metekindje dat zich ergens in augustus zal aandienen. De Flat White Petite collectie zag al het levenslicht, maar er is natuurlijk meer op til. Creativiteit komt daarenboven ook van pas om een taak in huis tot een goed einde te brengen: administratie ordenen bijvoorbeeld of een kast herorganiseren. Saaie, maar noodzakelijke klusjes die niet zo lastig zijn als je even de tijd neemt om er doordacht aan te beginnen.

Mogelijk zijn jullie al moe geworden door deze bespreking van mijn vakantieplannen. Als geen ander ben ik me ervan bewust dat de ingrediënten sport, cultuur en creativiteit pas echt tot hun recht komen met een gezonde dosis rust. Mijn vakantietijd besteed ik liefst niet al slapend in bed. Rusten en kalm-aan-doen dat is buitenshuis een koffie drinken of gaan lunchen in goed gezelschap. Naar Parijs gaan. De tuin van een familielid confisqueren om er mijn leesburcht op te trekken. Met mijn katten in de zetel liggen en hen onnozele verhalen vertellen. Foto’s maken van boeken en de plaats waar ik die lees. Mijn finishing touch is de saus van familie en vriendschap waar ik mijn vakantie rijkelijk mee overgiet. Geloof me: er is heel veel moois in aantocht!

IMG_0065b