Een postkaart uit Tienen

Dag lieve lezertjes

Ik schrijf jullie vanuit mijn vakantiestek in Tienen. Het eten is hier lekker en de koffie proeft zoals thuis. Door mijn boeken straalt de Italiaanse zon. De wifi is van uitstekende kwaliteit en op tv kan ik alle Belgische zenders ontvangen! Roos bleef logeren en eventjes voelde mijn eigen slaapkamer daardoor als een hotel, maar dan een pak ruimer. Veel hartjes voor het Hageland, de ideale uitvalsbasis om te lopen en fietsen. Warm aanbevolen zo’n thuisvakantie!

Belgische zomergroet
Joke X

IMG_5650b

IMG_5638b

IMG_5652b

IMG_5624b

IMG_5609b

IMG_5630b

IMG_5717b

IMG_5632b

Het moment – Mijn tips voor een geslaagde vakantie

Als leerkracht is het zonder meer een privilege om twee maanden zomerstop te mogen consumeren. Je zou me daarom een expert in zomervakanties kunnen noemen. Ik ben niet de persoon van de bijzondere reisbestemmingen, maar wel degene die zich prima thuis vermaakt en blij is met de uitstappen die zich aandienen. Toch overvalt de zomervakantie mij elke 1e juli. Hoe langer ik lesgeef, hoe minder goed het mij lukt om de klik van werk- naar vakantiemodus te maken. De flexibiliteit die het afgelopen corona-schooljaar vergde, de hectiek van de maand juni en de heftige emoties die ons soms overspoelen missen hun weerslag niet. Momenteel bevind ik me daarom nog in de decompressie-fase. Ik heb tijd nodig om school los te laten. Ik ben moe, soms zelfs wat lusteloos en ik kan me nog niet overgeven aan pure ontspanning. Gelukkig weet ik dat dit van voorbijgaande aard is.

Ik begrijp wel waarom mensen tijdens hun vakantie weg willen gaan. Het is als de reset-knop indrukken: verplicht op een ander ritme leven, weg van de routine thuis, weg van de klusjes en to-do’s die liggen te wachten. Er gaat namelijk ook iets dwingends uit van vakantie: eindelijk heb je nu die tijd waar je zo lang naar uitkeek. Nu moet je écht dat boek lezen of die film kijken en is er écht geen excuus meer om korte metten te maken met de rommel in de garage. Ik maak daarom allerhande lijstjes: van leuke en van nuttige dingen. Zo heb ik toch het gevoel dat ik de teugels in handen heb. Om de week op een productieve noot te beginnen zijn maandagen voorbehouden voor al wat nuttig is. Verder blijven lezen en bewegen heel belangrijk, kijk ik naar de Tour, spendeer ik tijd met vrienden en familie en drink ik koffie. Veel koffie. Ik geef jullie graag nog enkele laagdrempelige vakantietips voor wie het niet ver wil zoeken. 

Stuur eens een kaartje om iemand een fijne vakantie te wensen, vanuit je staycation-locatie of zelfs als je op daguitstap bent. Niets is zo fijn als je brievenbus openen en er een handgeschreven kaartje in te vinden dat belachelijk lang onderweg is geweest.

Neem je loopschoenen mee, waar je ook heen gaat. Lopen op verplaatsing is altijd een verrijking, ook als je gewoon bij vrienden gaat logeren. De veldweggetjes en het asfalt op een ander ogen net dat tikje pittoresker dan je eigen platgetreden paden. Zelfs als je niet de kans hebt om een looprondje te maken, dan kunnen loopschoenen hun nut bewijzen als comfortabel schoeisel.

IMG_5427b

Bak eens een cake, bijvoorbeeld een frisse citroencake volgens mijn eigen recept. Meng 120 gram gesmolten boter met 3 eieren. Voeg er 250 gram suiker aan toe en het sap van één citroen. Wie echt fancy wil zijn, gaat natuurlijk ook voor wat citroenzeste. Goed roeren tot een homogeen mengsel. Voeg 250 gram (spelt)bloem toe en 2 theelepels bakpoeder. Tot slot maakt 250 gram plattekaas het deeg compleet. 50 à 55 minuten de oven in op 180 °C. Smakelijk!

Maak eens een wandeling in je eigen buurt en loer eens – subtiel – bij de buren binnen (zij doen dat namelijk ook bij jou). Ik voel me altijd meer verbonden met mijn dorp als ik er doorheen wandel. Zo kwam ik tot de vaststelling dat mijn buurt wordt getypeerd door poorten en rolluiken: ieder voor zich op z’n lapje grond, lekker Vlaams. Maak ook eens foto’s van je buurt, bij voorkeur tijdens golden hour. Je zal ervan versteld staan hoe Instagram-proof je (al dan niet spreekwoordelijke) achtertuin blijkt te zijn en als dat niet zo is, heeft ook dat weer z’n charme.

Hou het veilig en neem je mondmasker mee. De coronacijfers doen het op alle vlakken goed, maar enige voorzichtigheid is nog steeds op z’n plaats. Gebruik je verstand. Als we dat allemaal blijven doen, komt er echt een dag dat corona ons leven niet meer bepaalt.

Maak er iets moois van deze zomer!

IMG_5423b

Het moment – Een memorabele 51 km

Er was eens een loper. Ze woonde in een charmant dorp zonder bos en wilde graag eens 51 kilometer lopen. Om haar missie te volbrengen riep ze de hulp in van vijf andere lopers, zeven fietsers, een handvol toegewijde supporters en een hond. Na 51 kilometer bereikte ze haar doel. Ze leeft hopelijk nog lang en gelukkig.

Om lang te lopen kan je maar beter kinderlijk naïef zijn en uitgaan van het meest gunstige scenario. Niet denken aan beren op de weg in de vorm van verzuring, buikkrampen en klopjes in alle soorten en maten. Over het hoe en waarom van die 51 kilometer vertelde ik al eerder. Een doel hebben is leuk omdat je ergens naartoe kan leven. Zaterdag rustdag, zondag duurloopdag: dat was het plan. Zaterdag deed ik dus niet veel. Ik dronk veel water, at een stapel boterhammen en las veel pagina’s. Zondag 16 mei ging de wekker om 5u30. Wie lang wil lopen, moet vroeg opstaan. Er stonden nog eens havermoutpannenkoeken op mijn ontbijtmenu. Nadat ik die met smaak had weggewerkt, begon het aftellen. Om 9u stipt zou ik namelijk beginnen aan mijn ultra-vriendenloop en aangezien de betrokkenen mijn live-locatie konden volgen, kon ik niet ongemerkt vroeger starten. Ik had me dus strikt aan het opgegeven tijdsschema te houden.

KNTW2652

Twee minuten voor de start stond ik klaar aan de kerk in mijn dorp. Daar was helemaal niks te beleven. Ik denk dat het slechts zelden gebeurt dat iemand er al gierend van de adrenaline selfies staat te maken in een provisoir startvak. Het weer zat alleszins mee. Ja, dit moest en zou onze dag worden! Om 9u stipt ging ik van start. Traditiegetrouw liep ik mijn eerste kilometers zogezegd ingehouden, maar eigenlijk veel te snel. Ik zou 18 kilometer alleen lopen via mijn woonwerkloopverkeer. Omdat die kilometers grotendeels off-road liepen, beschouwde ik ze als een niet te onderschatten onderdeel van mijn loopavontuur. Bovendien had ik niet echt rekening gehouden met de wind die mij in het vizier kreeg tussen de velden. Op zo’n momenten zit de wind altijd tegen. Ik was dan ook heel blij toen ik na een solo van anderhalf uur een eerste gezelschapsloper kreeg: niemand minder dan mijn jeugdvriendin Elizabeth. Na een pittige verhuismaand had zij toch de energie gevonden om wat kilometers mee te draaien. Ook jeugdvriend Rembert voegde zich bij ons en natuurlijk was er ook mama op de fiets. Ik vergat helemaal dat ik al een halve marathon gelopen had.

ADAG8737

De sfeer in mijn privé-peloton was zo goed dat ik de route wat uit het oog verloor, net op een punt waar ik wat minder thuis was. We zouden namelijk langs Murielle lopen, maar ik miste een afslag, waardoor we een stukje moesten freestylen en zelfs teruglopen om Murielle op te pikken. Inmiddels sloeg de verhuisvermoeidheid toe bij Elizabeth, maar wie haar een beetje kent (ik dus), weet dat zij een opper-bikkel is die blijft gaan. Met drie vriendjes en een mama liep ik dus richting Parkpoort. Vanaf daar liep ik alleen verder met Murielle. We passeerden langs een enthousiaste Pieter-Jan en Joost, die met de ramen wijd open een stevige beat door de Leuvense straten lieten weerklinken. Het was duidelijk dat zij ervaring hebben met de muzikale ondersteuning bij loopevenementen. Wat verder sloot Marike zich fietsend aan en ging het verder richting Arenberg in Heverlee. Heel vertrouwd terrein, aangezien het vijf jaar mijn (loop)habitat geweest is. Mijn geliefde Heverleebos lieten we links liggen en dan was het alweer tijd om afscheid te nemen van Murielle. Ik vervolgde mijn route langs mijn oude straat in Heverlee. Nog bekender terrein dus. Zo bekend dat ik vergeten was dat je daar anderhalve kilometer lang stevig omhoog loopt. Mijn onvermijdelijke pré-30km-klop was een feit. Ik voelde wat buikkrampen, besefte dat ik nog een heel eind te gaan had en ik wist: ja, dit is duurlopen.

OFIQ2468

Ik moest nog een halve marathon rond kunnen draaien, dat lukte wel, maar toch: het deed pijn. Heel raar is dat niet. Ik lijk dat onderdeel van duurlopen echter altijd wat te vergeten. Gelukkig kon ik de Sigarenberg in Herent – sinds de Everestprestatie van Seppe ook wel Mount Odeyn genoemd – redelijk gezwind naar beneden lopen. Langs de spoorweg ging het verder richting Vaart. Terwijl we een eerste (en enige) buitje over ons heen kregen, begon ik af te tellen naar het gezelschap van fris lopersbloed. Een nieuwe lichting lopers diende zich namelijk aan: niemand minder dan Roos en papa. In hun gezelschap liep ik al ettelijke kilometers, zag ik al behoorlijk wat sterretjes en stierf ik zelfs al meerdere doden. Het deed me echter plezier om weer langs de Vaart, mijn Vaart, te lopen: een stuk asfalt waar ik honderden duurkilometers liep. Toen Seppe nog een stukje meefietste waren we plots als gezin compleet. Wat een verrassing!

NYIO6640

HOIO6508

Zo gezellig als het klinkt, zo lastig had ik het wel. Dat familieloopje voelde allesbehalve aan als een koffiekransje in intieme kring. Ik had er ondertussen een kilometer of 38 opzitten en ik stelde mezelf oprecht de vraag waarom ik niet “gewoon” een marathon had kunnen lopen, want dan was ik er nu bijna. Die 9 kilometer die ik langer zou lopen, leken een marathon op zich. Ik had beter moeten trainen, dat schoot meermaals door mijn hoofd. Onzin natuurlijk, want ik liep nog altijd een stevig tempo aangezien ik mijn marathon kon afklokken op 3u43. De lange staart die de marathon kreeg, kostte me steeds meer energie. Ik keek reikhalzend uit naar mijn laatste supportersclub: An, Wim, Lieselore, Reinout én Milo. Na de ellendige kasseien in Wakkerzeel met 47 kilometer op de teller zag ik hen: hyper-enthousiast en extreem aanmoedigend met gepersonaliseerde opschriften en al! Dit was wat ik nodig had om die 51 kilometer af te haspelen. De laatste loodjes deden pijn, maar desondanks kon ik genieten van het mooie gezelschap dat ik rond me had. Aan de finish in Rotselaar stonden Niko, Peter, Leah en mijn eigen peter Mark. Jawadde zeg, een looptocht van 51, 14 kilometer in 4u33. De zon scheen, de vlaggetjes hingen uit en ik was een tevreden mens.

TZSR1037

Lopen blijft een eenvoudige en veelal eenzame bezigheid. Juist daarom hou ik er zo van en kon ik ook eens zo hard genieten van die hele entourage rond mij. Op zondag 16 mei was lopen een teamsport. Mijn vriendenloop bracht me meer dan verwacht. De beleving was intens, de ontroering eens zo groot. Het was een moment om stil te staan bij het feit dat ik al zeven jaar een afstandsloper ben. Zeven jaar van gaan-gaan-gaan, van pieken en dalen, soms aan mezelf voorbij lopen, maar bovenal lopen met hart en ziel. Ik loop nu meer dan ooit omdat ik er gelukkig van word. Ik loop ook omdat ik er anderen mee hoop te inspireren: dat je niet moet voldoen aan een slankheidsideaal om een duurloper te zijn, dat je moet durven dromen en dat je soms gewoon moet doen. Ik besef dat ik dankbaar moet zijn omdat ik een lijf heb dat dit fysiek aankan. Ik besef dat ik deze loper geworden ben dankzij een bende lieve mensen om me heen, die me niet alleen steunen, maar ook blij zijn als ze deel kunnen uitmaken van mijn dromen. Een dikke merci is hier dus op zijn plaats: voor zij die erbij waren, voor zij die vanop afstand en van thuis uit hebben meegeleefd. Voor mijn trouwe lezers en mijn volgers. Jullie zijn de beste!

XHLJ2131

Het moment – Ontwaakt uit mijn winterslaap

Ik voelde al lente in januari, al was het sporadisch. Tussen de regenbuien en het miezerweer gebeurde het soms dat de natuur z’n uiterste best deed om er desondanks iets moois van te maken. Heel behoedzaam, dat wel, om je vooral geen valse hoop te geven. Januari moet zowat de lelijkste maand van het jaar zijn. Je ziet vooral modder en dorheid. Het is zoeken naar een sprietje groen in een palet van bruin. Als je bovendien met de fiets naar het werk gaat, dan is januari een behoorlijk harde noot om te kraken. Mijn kilometers op de steenweg waren knokkilometers. Februari kenmerkte zich dan weer door een diepvriesweek mét sneeuw om er nadien een portie onversneden lente overheen te gooien. Van beide genoot ik intens. Ik liep met een heel grote glimlach door de sneeuw: toch na een kilometer of 2, als mijn innerlijke thermostaat aansloeg, en ook het voorproefje lente zorgde ervoor dat ik in een opperbeste stemming verkeerde.

IMG_4225b

Ik ga er prat op om me niet af te zetten tegen de winter. Als je de wintermaanden als deprimerend en onmenselijk bestempelt, dan lijkt het me een bijzonder zware klus om die tijd door te komen. Ik hou van de afwisseling die de seizoenen bieden. Elke maand heeft iets. De winter, dat is gezelligheid. Zowel om binnen te zitten met de gordijnen dicht, als om er in alle vroegte op uit te trekken nog voor de wereld wakker is. Inmiddels weet ik ook dat ik heus wel bestand ben tegen wat regen en wind. Het meest vermoeiende aan de wintermaanden vind ik het denkwerk dat erbij hoort. Je moet je constant wapenen tegen een kracht van buitenaf, zowel jezelf, je huis, als je huisdieren. Dat vreet energie.

In de winter heb je een warme deken om je heen die je noodgedwongen warm houdt, maar als die dan weer af kan, voel je plots hoe licht je eigenlijk bent. Juist door de impact van de winter kan ik het voorjaar meer naar waarde schatten. In het voorjaar is het zoveel gemakkelijker om goed gezind te zijn, om de juiste kleding aan te trekken, om de dag aan te vatten, om naar buiten te trekken en simpelweg tevreden te zijn. Ook op sportief vlak biedt het voorjaarsweer niets dan voordelen. Allereerst stijgt de curve van het fietsgenot exponentieel. Voor je plezier maak je geen fietstocht als het kwik onder nul kruipt. Ik ging dus weer vaker de baan op met Juan, mijn onovertroffen Orbea mountainbike. Letterlijk de baan op, want als ik modder kan vermijden, dan doe ik dat ook. Juan kan het trouwens uitstekend vinden met Herman, de koersfiets van Roos. Gelukkig maar! Als ik na zo’n fietstocht en bijbabbelmoment leeggereden thuiskom, is mijn geestelijke batterij weer helemaal opgeladen.

IMG_4362b

Mijn loopkilometers bleven de afgelopen maanden constant. Ik loop regelmatig een duurloop van 18 kilometer die ik afwissel met kortere loopjes. Geen echte excessen dus, best gematigd voor mijn doen. Op kledingniveau bevind ik me in een transitiefase. Mijn Nike Pegasus trailschoenen met Gore Tex bewezen hun dienst in de sneeuw, maar ook mijn nagelnieuwe belachelijk witte Zoom Fly’s konden een eerste keer van stal in het nieuwe jaar. Ik schipper nog wat met de lengte van broek en shirt. De uitspraak die ik me de afgelopen weken vaak liet ontvallen was: als ik eenmaal naar kort ga, wil ik niet terug naar lang. Mijn club van loopvriendjes werd ook weer een beetje groter. Elizabeth is de naam van mijn nieuwste loopmaatje. Met dat nieuwe valt het overigens wel mee, aangezien we elkaar al een leven lang kennen. Elizabeth gebruikt me graag als stok achter de deur om een looprondje te maken (die invloed blijk ik wel eens te hebben op mijn omgeving). Er is veel wat ik waardeer aan mijn jeugdvriendin: als sporter is dat ongetwijfeld haar onverzettelijkheid en bikkelharde doorzettingsmentaliteit. I like! Een dikke yes dus aan het samen sporten en aan het buiten zijn!

IMG_4351b

Het moment – Schrijftalent gespot in de klas #2

De Poëzieweek van 2021 was me het weekje wel. Ik zat in quarantaine met Gedichtendag, testte gelukkig twee keer negatief en kon dus blij als een kind maandag weer aan het werk. Het voelde aan als een “terug naar school” van heel lang weggeweest, zo eentje waarbij de nacht overbodig lijkt en je stuiterend van de adrenaline om 5u30 uit je bed springt. Of hoe een mens in deze tijden al dolgelukkig is als ie gewoon naar z’n werk mag om het leven in al z’n normaalheid te omarmen. Gewoon is nu al heel wat. Wat later dan verwacht kon ik dus op school de laureaten van de zes-woorden-verhaal-wedstrijd in de bloemetjes zetten. Tradities zijn er namelijk om in ere te houden en ook dit schooljaar ging ik weer op zoek naar de Ernest Hemingway onder mijn leerlingen van het vijfde jaar.

De opdracht was wederom simpel, doch uitdagend: schrijf een six word story, een verhaal dus in amper zes woorden. Alle leerlingen van het vijfde konden nadien stemmen, alsook hun leerkrachten en al mijn collega’s Nederlands. Ik moet zeggen dat het dit jaar nog moeilijker was om te kiezen tussen al dat moois. Het wemelde namelijk van de originele vondsten. Ik kon niet anders dan concluderen dat mijn leerlingen barsten van het literaire talent. Toch was er ook een collega die me bezorgd en ook wel lichtjes verwijtend vroeg waarom ik zo’n donker en depressief thema had gekozen voor de verhalen. Euh? Ze ging er namelijk van uit dat ik de leerlingen doelbewust in de richting van het drama had geduwd en dat de meeste zes-woorden-verhalen daarom zo beladen waren. Nee dus, maar het blijkt nu eenmaal aantrekkelijker te zijn om met weinig woorden een dramatische gebeurtenis op te wekken.

IMG_4185b

Ook onder de leerlingen ontstond er wat onenigheid. Sommigen vonden dat je een onderscheid moest maken tussen een poëtische en een verhalende zin en dat sommige verhalen om die reden geen verhaal waren. Toen er van mij een pasklaar antwoord op die vraag werd verwacht, gniffelde ik wat onnozel. Ik kon in deze kwestie niet voor opheldering zorgen. De discussie an sich vond ik prachtig. Leerlingen die praten over de grens tussen poëzie en proza, wat kan ik me meer wensen? Genoeg gepraat. Tijd om te lezen!

Dit is de top 10:

Tranen vloeiden, het was mijn schuld – Lien
Haar stappen dansten mijn schaduw na – Fleur
Ik zag NIETS in dit alles – Louise
Eén brug, twee ogen, drie tellen – Nelson
Vrijdagen waren van ons, beloofde je – Marieke
Onbekenden overdag, verliefden in de nacht – Ella
Die dag werd de stilte oorverdovend – Nel
Witte jurk vervangen door een zwarte – Kaat
Wij zijn hier maar te gast – Marit
De zoete verslaving van de ellende – Matteo

De origineelste inzending kwam ongetwijfeld van Timi die Domov můj, zničen navždy kvůli ně schreef, wat Tsjechisch is voor Mijn huis voor altijd verwoest door hen.

Gelukkige Gedichtendag!

Joepie! Het is weer Gedichtendag!

Uitgerekend tijdens een Poëzieweek met als thema Samen zit ik in quarantaine, een verregaande vorm van alleen zijn. Geen leerlingen in de klas, maar achter een scherm. Geen familie in het echt, maar via de telefoon. Ik ben gelukkig niet ziek en legde ook een eerste negatieve test af. Kortom: ik red me wel. Laat dit alsjeblieft de enige Gedichtendag zijn die ik in isolement moet doorbrengen. Het gekke is wel: door gedwongen alleen te zijn, voel ik me ook juist heel erg samen. Samen met mijn zussen die ook in quarantaine zitten. Juist omdat we samen zijn geweest, moeten we nu alleen zijn. Of hoe samen en alleen best goede vriendjes kunnen zijn. Hoog tijd om de poëzie weer te laten spreken, want om het met de woorden van Maud Vanhauwaert te zeggen: Poëzie is een genre dat wonderwel past in de zotte samenleving van vandaag.

Life on Mars

Was zo graag samen
gevallen
maar iedereen viel
apart

was zo graag samen gevallen
maar iedereen viel apart
alleen
wij

was zo graag samengevallen
maar iedereen viel apart
alleen wij
sprongen naar de sterren.

Peter Verhelst (2009)

Het moment – En nu op naar 2021!

Lieve lezers

Precies een jaar geleden hoopte ik dat 2020 voor jullie niet zozo zou zijn. Vandaag hoop ik van harte dat het juist wel zozo was, dat je met andere woorden gespaard bleef van het leed dat COVID-19 heet. Zozo dus, dat is niet schitterend, ook niet rotslecht. In een crisisjaar dat voor altijd in ons geheugen gebeiteld zal zijn, lijkt me zozo meer dan prima.

Er valt veel te zeggen over 2020 (zo begon ik ook enkele kerstkaarten). We werden om het hoofd geslagen met cijfers en #flattenthecurve. We leerden over de positiviteitsratio, het reproductiegetal en het mondmasker. De cijfers van mijn jaar zeggen iets anders. Ik las 63 boeken. Al lopend en fietsend legde ik 9413 kilometer af. Er was mijn 1:33 in Den Haag en de 3 enige nachten die ik buitenshuis in die stad sliep, samen met Roos. Er waren 3 cavia’s. Ik werd 35 en mijn liefde voor postcode 3300 werd bezegeld met een 3:32. Kort samengevat: ik las veel, ik liep veel en er was veel liefde. Ik geloof in het geluk van de 3 in elk van die cijfers.

2019 noemde ik een vurig jaar, van gaan-gaan-gaan met vallen en opstaan. 2020 zou ik omschrijven als voortkabbelend. Natuurlijk waren er tranen, was er stress, angst en frustratie. Ik was nog vaker alleen. Ik moest mijn werk uitoefenen in steeds veranderende omstandigheden die verre van ideaal waren en nog steeds zijn. Ik zag mijn familie weinig. Voor de verandering liep ik echter niet keihard tegen een muur die ik vakkundig zelf had opgebouwd. Er maakte zich een berusting en tevredenheid van mij meester waarvan ik niet wist dat ze ergens diep in mij verscholen waren. Ik bleef niet hangen in wat ik mis en waar ik faalde. Ik kreeg meer ruimte en rust in mijn hoofd. Het leven kabbelde verder. Ik volgde de stroom en dat was best oké. Nee, ik gebruik dus geen grove woorden om 2020 samen te vatten. Al heb ik het volste begrip voor zij die dat om de één of andere reden wel doen. Ik ben een gelukzak.

Tot slot wil ik jullie nogmaals oprecht bedanken voor het blogplezier dat ik ook in 2020 mocht ervaren. Ik kon dit jaar geen ellenlange raceverslagen uit mijn pols schudden. Ik zag nog minder van de wereld dan in een normaal jaar. Ik schreef zelfs minder berichten, maar wat verscheen werd wel gretiger gelezen. Weet dat ik elke bezoeker koester, al is het bezoek sporadisch dan wel frequent. Elk gelezen bericht geeft me nog steeds voldoening. Dank je wel daarvoor.

Maak er een mooi einde van. Hou het veilig, wees lief voor elkaar en de dieren. Lees een boek. Maak een wandeling. Laat het leven en ook dit eindejaar gezellig kabbelen. Koester de gezapigheid. Op een dag komt er weer meer deining op het water. Mogelijk wacht er een vloedgolf van geluk. Misschien is het een wonderlijke waterval. Laat je meedrijven op de stroom.

Ik wens jullie het allerbeste toe voor 2021.

Joke
X

Het moment – Klein geluk #3

Oh ja, ik heb soms het gevoel dat de wereld naar de verdoemenis is en bijgevolg ook mijn eigenste leven. Reden te meer om stil te staan bij alles wat mij vervult met blijdschap, bij alles wat voldoening geeft en mijn mondhoeken naar boven tilt. Bovendien wachtten mijn lente– en winterverzamelingen van kleine gelukjes smachtend op een herfstvariant, uiteraard gekleurd door de huidige coronaperikelen. Carpe diem, count your blessings of probeer blij te zijn met wat er wél is. Hier gaan we.

  • de zon die onverwacht of harder schijnt dan het weerbericht voorspelde
  • steeds meer loop- en fietsroutes ontdekken waardoor ik beetje bij beetje een gedetailleerder beeld krijg van regio 3300 waar ik nu een half jaar woon
  • de natuur in de Grote Getevallei, een oase van rust
  • bescheiden modderspetters op mijn kuiten die me onder de douche het gevoel geven dat ik vuil ben, maar die niet zo talrijk zijn dat je overal in huis modder terugvindt
  • alle gerief van de Nike Trail collectie, ik word er heel hebberig van
  • met wat koud op het lijf gaan lopen, na een kilometer volledig opgewarmd zijn en als je dan thuis aankomt, je niet meer kunnen voorstellen wat “het koud hebben” betekent
  • na een looprondje zoveel inspiratie hebben dat ik hijgend boven een schrift sta om al die fantastische ideeën op te schrijven
  • een eekhoorn die gezwind de weg oversteekt of een koe die me sympathiek nastaart
  • loopkilometers tijdens vrije momenten op school met mijn sportieve collega’s Bart en Murielle
  • de leerlingen terugzien na de herfstvakantie en luisteren naar hun besoignes
  • de creatieve werkjes die mijn vierdejaars maakten over een boek, de trots op hun gezicht als je daar vol bewondering naar kijkt
  • een jongen die niet graag leest horen vertellen dat hij Het is de liefde die we niet begrijpen van Bart Moeyaert echt een goed boek vond omdat hij er veel over kon nadenken
  • de podcast Drie boeken beluisteren op de terugweg van school, hierdoor zoveel boekeninspiratie opdoen dat ik bij thuiskomst meteen naar mijn ongelezen-kast sprint om er enkele titels uit te vissen
  • boekenplannen maken, nadenken over welke boeken ik wil kopen en lezen, altijd maar lezen, altijd ook méér willen lezen
  • lezen en meteen aansluitend gaan lopen, waardoor ik het gevoel heb dat ik nog in dat boek aan het lopen ben 
  • koken met de crown prince, de koning der pompoenen
  • berekenen wat de maximale afmetingen van mijn kerstboom kunnen zijn: dit jaar zie ik het groots
  • ondanks alle maatregelen toch uitkijken naar de gezelligheid in eigen huis van de kerstperiode
  • kaartjes sturen: altijd een goed idee!
  • FaceTimen met Marike en Leah, die dan vaak in een wilde bui is 
  • creatieve projecten en nieuwe plannen maken met Roos, u hoort nog van ons!
  • wat kilometers mee fietsen met mijn broer Seppe tijdens de 151 kilometer lange looptocht (dit is geen typefout) door het Hageland die hij zaterdag aflegde in een goeie 14 uur: zowel zot als inspirerend
2_22021123_odeyn_FKT
Foto: Robrecht Paesen @ Be Movi

Het moment – De Suikermarathon

Zondag 11 oktober 2020 liep ik mijn twaalfde marathon. Voor het eerst was dat geen officiële race, maar een eigen initiatief. Ruim 42 kilometer zou ik dus afhaspelen met vertrek en finish zo ongeveer aan mijn voordeur. Door de perfecte duurloop van 32 kilometer die ik op mijn verjaardag liep, had ik het gevoel dat mijn duurloopgeluk voor 2020 nu wel een beetje was opgebruikt. Zou de uitvoering van dit koppige idee echt in de buurt komen van de ultieme marathonervaring? Het antwoord op die vraag is volmondig Ja, absoluut. Zondag was de marathon heel lief voor mij. Na 3u32 had ik mijn versie van de Suikerroute gelopen. Mijn twaalfde marathon zal ik me niet herinneren als mijn meest memorabele race, maar wel als veruit de meest ontspannen en vanzelfsprekende marathonervaring.

Het aller-aller-allergrootste voordeel van een marathonstart in je eigen straat is dat je van je eigen wc gebruik kan maken. Voor iemand die toch een beetje aan dixi-angst lijdt, is dat heel mooi meegenomen. Mijn vaste pre-start gewoontes en rituelen bleken bijna allemaal overbodig. 30 minuten voor ik eraan zou beginnen, zat ik nog in mijn pyjama naar een samenvatting van de London Marathon te kijken. Roos kwam toe, ik trok toch een ander plunje aan en we laadden de fietstassen in met onze bevoorrading. Voor Roos bestond die uit een banaan en koffie (gekke combinatie), voor mij uit sportgels en water. Verschil moet er zijn. Om 9u zou het virtuele startschot weerklinken aan de kerktoren. Geen gedrum in het startvak of gebabbel aan het hek, maar wij tweeën en Sia met Unstoppable. Echt een toplied om toch een beetje het idee te hebben dat je in the zone komt. Toen was het van Oké, zullen we nu vertrekken? en weg waren wij.

FLDN7724

Onderweg naar Goetsenhoven scheen de zon en dat was best een verrassing. Er werd namelijk regen voorspeld. We konden er nu maar beter van genieten, dachten we, want wie weet wat we nog over ons heen zouden krijgt. Helemaal niets, zo zou later blijken. Hakendover leverde ons kerk 3 (ik zei al dat de Suikermarathon net zo goed de Acht Kerken Marathon zou kunnen heten). Normaal gezien weet ik redelijk exact hoeveel kilometer ik op welk punt gelopen heb. Nu herinner ik me vooral wat Roos en ik hebben besproken (onder andere: een pompom als sleutelhanger). Van een adrenaline-rush was geen sprake. Ik liep. Roos fietste. Wij praatten. Nooit eerder was een marathon zo kinderlijk eenvoudig. Twee plaspauzes later stond onze vierde kerk in Oplinter. Ik denk dat ik toen een kilometer of 17 gelopen had. Ik wist ongeveer waar het halfway-point zich zou bevinden. Ik wist ook dat de wind op die weg waarschijnlijk tegen zou zitten. Het was echter de zon die zegevierde en die wind kon me echt niet deren.

JARZ0210

Als er marathons gelopen worden, dan kan mama natuurlijk niet op het appel ontbreken. Zij zou ons tegemoet fietsen in Sint-Margriete-Houtem. Zo breidde ons peloton dus een beetje uit. Met z’n drieën trokken we naar Vissenaken (kerk 6). Roos vervulde haar rol als manusje-van-alles met glans. Ze was zowel coach, als bevoorrader, als chef telefonie (drie telefoontjes met twee familieleden), als dj.  Een gedetailleerde beschrijving hoe ik me kilometer per kilometer voelde en wat er zoal door mijn hoofd schoot, kan ik niet geven. Mijn rechterbil en hamstrings zijn al enkele maanden aan de stijve kant en dat was nu niet anders. Het ging goed, ik was niet bezig met mijn tempo of de tijd, maar ik zag wel dat ik heel constant aan het lopen was. We liepen van Breisem naar Kumtich en die zon, die bleef maar schijnen terwijl wij op pad waren.

NHRK0131
Daar! Daar is de finish!

Op kilometer 35 waren we in Oorbeek, waar mama zich vol lof uitsprak over On Top of the World en Voici les clés (de muziek was écht goed), terwijl ik riep dat de marathon nu echt kon beginnen. Er volgde een avontuurlijk weggetje langs het water. Na 37 kilometer drong plots het besef door dat het er eigenlijk al bijna op zat. De enige hindernis die ik nog moest overwinnen, was een kuitenbijter die wel een prachtig zicht opleverde. Ik liet me niet kennen en benutte de afdaling om nog wat tempo te maken. Roos zette het opzwepende Great War van Sabaton op en sprak de legendarische woorden: en nu gaan we nog eventjes vechten. Ik dacht vooral dat ik er echt van moest genieten. Geen publiek of finish waar je naartoe gezogen wordt, maar net zo goed en net zo echt de marathon. Mijn marathon. De finishlijn lag in een doodgewone woonstraat achter de kerk. Op exact 42,2 kilometer zette ik de tijd stil. Nooit eerder liep ik een marathon op slechts twee sportgels en 750 ml water, zonder buikkrampen en met een negatieve split van een minuut. Missie meer dan geslaagd.

Ik weet nu ook dat je geen medaille nodig hebt om marathoneuforie te ervaren. Ja, ik voelde echt dat pure geluk van de marathon. De grootsheid en de eenvoud van de prestatie. Een klein beetje en voor heel even de heldin van de dag (van postcode 3300). Waar je in wedstrijdomstandigheden na de finish je bagage moet gaan afhalen en met de kou op het lijf nog wat wandelkilometers moet afleggen, kon mijn herstel nu meteen beginnen met een warme douche. Marike en Leah sloten nog aan op de bescheiden afterparty met pistolets en taart. Zondag 11 oktober werd ook om die reden een dag om in te kaderen en te etaleren in de familiegalerij. Mijn gelopen route bleek de vorm van een hart aan te nemen. Een groot hart voor mijn liefste familie (jullie zijn de besten!), voor de marathon en voor “als we maar gezond zijn”. Lang leve de marathon! 

WZCP4380

Het moment – Terug naar school!

Op 1 september ging ik dus terug naar school. Zoals altijd met kloppend hart. Dit mag dan mijn elfde schooljaar zijn, zo’n vers schooljaar maakt mij altijd weer een beetje zenuwachtig. Stel je eens voor dat samen met de zomer mijn leerkrachten-skills verdwenen zijn?! Elk jaar denk ik dus: zal ik dat nog wel kunnen, zo voor een klas staan? Er is ook elk jaar weer de opwinding van het “nieuwe” en de ochtendroutine (die nog geen routine is) die daar bij komt kijken. Er gaat niets boven ’s ochtends je schoolspullen verzamelen en op de fiets stappen. Met kloppend hart. Ik voel me dan altijd weer een beetje bijna 12 en denk met weemoed terug aan maandag 1 september 1997: de dag dat ik zelf naar de middelbare school ging, de grote school, zoals wij thuis zeiden. Die gebeurtenis is voor mij dan weer onlosmakelijk verbonden met de dood van Lady Diana, die de dag ervoor om het leven kwam in Parijs. Om maar te zeggen: een eerste schooldag maakt behoorlijk wat los bij mij. Nog steeds.

Eenmaal op school maakt de spanning heel snel plaats voor herkenning. Er zijn de onzekere eerstejaars op de speelplaats, het blije weerzien tussen klasgenoten, de niet aflatende cool die sommigen uitstralen, er is heel veel gebabbel, wat geroep en uitgelaten gelach in de gangen. Er is ook wat gelatenheid en blikken die niets aan de verbeelding over laten: daar gaan we weer. Vanaf de eerste minuut dat ik weer in een klaslokaal sta met een groep leerlingen voor mijn neus, is er de opluchting: ah ja, zo gaat dat in de klas. Ook met mondmaskers. Daar wordt volop aan gefrunnikt en af en toe wat over gezeurd, maar ze fungeren gelukkig niet als demper van het enthousiasme en de impulsiviteit. Ik prijs me elk jaar gelukkig met de vierde- en vijfdejaars die ik als mijn leerlingen mag beschouwen.

Na anderhalve schoolweek is ook mijn kennis weer op peil. Zo werden de seizoensfinale en recentste ontwikkelingen in Thuis uitvoerig uit de doeken gedaan. Ik kreeg te horen dat ik met mijn bijna 35 jaar echt nog heel jong ben, want onze ouders zijn in de veertig, dat is pas oud! Ik leerde kung fu van taekwondo onderscheiden. Ik kreeg tekst en uitleg over de voor- én nadelen van de Snapchat-update. Ik kwam te weten dat er zoiets als BookTok bestaat: influencers die boeken promoten op TikTok. We praatten veel over boeken en dat varieerde van een leerling wiens lievelingsboek het aartsmoeilijke Tongkat van Peter Verhelst was tot een bijzonder overtuigende Ik haaaa-aaaat lezen. Kortom: ik ben weer helemaal mee met de wereld.

Mensen, wat is het fijn om terug op school te zijn. Daar kan geen circulatieplan of laag-risico-contact iets aan veranderen.