The Chain: ik was vastberaden om met Joni en Hans over die finishlijn te lopen en liefst van al een beetje snel ook. De Leuven Marathon bewees dat een marathon zich niet laat vastleggen in plannen en scenario’s. Dat ambitie mooi is, maar de realiteit soms harder. Na 3 uur en 32 minuten liep ik uiteindelijk met Joni en Roos hand in hand onder de finishboog. Uitzinnig van blijdschap dat de verlossing nabij was. Ik ben nooit eerder zo diep moeten gaan om de eindmeet te halen. Ik heb na 30 km op een dixi gezeten. Ik heb gewandeld in bevoorradingsposten en op het einde ook als het bergop ging. Ik was op. Totaal kapot. Nooit eerder was ik zo stijf. Mijn 21e marathon was zonder meer de zwaarste die ik gelopen heb. Leuven bleek een monster van een marathon te zijn.
Bellezza e bruttezza is de naam van een lopende expo in Bozar die wij vorige week bezochten. De renaissancekunstenaar had zowel een obsessie met schoonheid als met lelijkheid. Schilders portretteerden geïdealiseerde vrouwen en maakten beeltenissen van al wat of wie lelijk was. De Leuven Marathon toonde ook die twee gezichten. Na 19 april 2026 weet ik hoe beestachtig verschrikkelijk 42,195 km lopen kan zijn, maar ook hoe lief en schitterend Leuven is. Ik hinkel nu tussen die twee gedachten. Ik moet bekomen van wat mij overkomen is – ik zei meermaals: ik heb dit nog nooit meegemaakt! – en ik ben ook heel blij met wat Leuven mij gebracht heeft.
Ik dacht eerst: over deze marathon zal ik héél snel uitgepraat en -geschreven zijn. Ik kwam, zag en liep me kapot in Heverleebos. Of was het al in Leuven zelf? Of werd ik gewoon koud gepakt door de marathon zoals iedereen dat wel eens meemaakt? Juist die ongeziene instorting verdient ook een verhaal. Er valt net heel veel te vertellen over hoe het gaat als het helemaal niet goed gaat. Mijn blog is het leven zoals het is. Verwacht je aan een uitgebreid verslag. Zoals steeds in geuren en kleuren.
En Hans? Die kende een moeizame start en kwam helemaal onder stoom in Heverleebos. Je bent een trailloper of niet. Hij maakte de comeback van het jaar: na 25 km kreeg ik mijn voeten amper nog voor elkaar en pikte hij zijn wagentje vrolijk weer aan. Ik kon hem gelukkig overtuigen om door te lopen op jacht naar dat PR. Hij finishte in een heel straffe 3 uur en 21 minuten.
Dank je wel, Leuven! Je was zo ontzettend lief voor mij! Dank je wel aan alle bekende gezichten die mij langs de kant aanvuurden. Evenzeer bedankt voor alle onbekenden die mij vooruit schreeuwden dat ik zo goed bezig was (terwijl mijn gevoel iets heel anders zei). Bedankt aan mijn vriendjes en familie ter plaatse voor de onvoorwaardelijke steun, in goede en in zware tijden. Mijn eeuwige dank aan Roos (we zijn geëindigd zoals we begonnen zijn), Joni (sorry voor alle sorry’s) en Hans (de knapste en liefste loopraket).
Ik liep al 20 marathons en ondertussen durf ik daar schaamteloos trots op te zijn. Rotterdam en Parijs vormen vandaag het decor van twee iconen aan de marathonhorizon. Ik liep ze elk 3x. Parijs is ongetwijfeld de mooiste stadsmarathon. Je start op la plus belle avenue du monde, want chauvinistisch als de Fransen zijn schuwen ze de grote woorden niet, om dan 10 bijzondere stadskilometers te lopen tot aan het Château de Vincennes. Dan volgen heel mooie stukken langs de Seine met zicht op de Notre-Dame en de Eiffeltoren om via het Bois de Boulogne te finishen met zicht op de Arc. Het is een marathon die erin slaagt om maximaal voeling te houden met de stad. Geen omleidingen langs saaie bedrijventerreinen of identiteitsloze waterlopen. Rotterdam daarentegen herbergt objectief gezien veel meer saaie kilometers, maar toch ben ik het er helemaal mee eens dat het De Mooiste is. De sfeer is werkelijk ongezien. Het is een magische marathon die nog heel lang nazindert. De marathon van Parijs zal ik waarschijnlijk niet meer lopen omdat die te groot en duur geworden is. Voor Rotterdam wil ik dit najaar mijn kans in de loterij nog eens wagen.
Deze zondag is dus een marathonfeestdag, ook al moet ik zelf nog een weekje wachten voor ik aan de bak mag in Leuven. Ik vraag me af waar ik mijn perfecte marathon liep. Als ik door mijn mentale marathonarchief grasduin, vind ik het antwoord zeker niet in Parijs. Hoe onvergetelijk de ervaring daar telkens was, ik zag er ook altijd heel zwaar af. Als het niet door de warmte kwam, dan wel door de tunnels of de oplopende stukken. Ik leek me er altijd aan iets te mispakken. Nochtans liep ik er 2x een felbevochten PR. De Paris Marathon verkocht zijn vel altijd heel duur, waardoor ik met een zweem van ontgoocheling achterbleef. In 2019 liep ik er mijn 10e marathon die mij veel voldoening bracht, maar ik hield er ook een trombose en longembolie aan over. Perfect kan je dat niet noemen.
Wanneer is een marathon perfect? Veel lopers zullen antwoorden: als alles volgens plan verloopt. Ik zou een stapje verder willen gaan: als de marathon je plan overstijgt. Als lopen het enige is wat telt en dat grote plan naar de achtergrond verdwijnt. In oktober 2016 liep ik de marathon in Brussel. Het parcours was zwaar – op z’n Brussels – met 377 hoogtemeters. Ik liep alleen, had krampen in mijn buik en ik was helemaal niet tevreden met de schoenen van Saucony waar ik toen mee liep. En toch kon ik gewoon gedachteloos blijven lopen. De marathonwetten hadden die dag geen vat op mij. De pijn die ik voelde kon mij niet raken. Ik vloog zo bij mijn 4e marathon naar 3u22. Zowaar 5 minuten sneller dan mijn, zogenaamde “eens en nooit meer”, sub 3u30 die ik dat voorjaar liep in Rotterdam samen met papa. Die marathon van Brussel in 2016, die ik verder niet documenteerde, is heel lang overeind blijven staan als mijn strafste prestatie.
Een andere imperfecte perfecte marathon was die van Rotterdam in oktober 2021, de post-corona editie zeg maar. Ik verlegde daar mijn grenzen en deed wat ik jarenlang voor onmogelijk had gehouden: onder de 3u20 duiken. En hoe! Er was niet echt een plan, want het stond in de sterren geschreven dat ik zou knallen. Ik ging uiteraard te voortvarend van start. Juist omdat ik helemaal niet bezig was met wat nog komen zou, liep ik zo lekker. Onbezonnen stortte ik me in het avontuur. Ik kende een stevig verval de laatste kilometers, maar ook dat kon de dikke vette glimlach van mijn gezicht niet doen verdwijnen. Ik finishte in 3u07. Dat ik tijd verloren had door die snelle start kon me echt niet schelen. Het was een race die ik planloos liep, niet zonder slag of stoot, maar net daarom was het een grote liefdesverklaring aan de marathon.
In april 2023 stond ik in Rotterdam aan de start met een heel duidelijk plan: onder de 3 uur lopen. Na 2 km wist ik dat het binnen was. Hoe arrogant om dat te kunnen denken, maar ik voelde het gewoon: dit werd mijn dag en elke kilometer bevestigde dat. Ik liep volgens plan de eerste helft wat sneller dan de tweede. De laatste kilometers kreeg ik schrik om te vallen, want alleen pech kon mijn plan dwarsbomen. Ik liep gecontroleerd uit en, braaf volgens plan, rijfde ik mijn sub3 binnen. De perfecte race? Ik zat niet lekker in mijn vel en was doodongelukkig toen ik nadien thuis was. Die 2u58 stond achter mijn naam, de klus was geklaard en daarmee was de kous af. Ik deed simpelweg waar ik voor getraind had, maar het gevoel was er niet.
De marathon waar alles voor mij samenviel, dat was natuurlijk mijn triomf van Antwerpen in oktober 2023. Die prestatie belichaamt de marathonperfectie. Ik had geen plan of geen doel. Ah nee, want mijn sub3 was binnen, dus er moest helemaal niks. Natuurlijk wist ik wel dat ik vrijwel moeiteloos mijn tempo’s liep en dat nóg een sub3 een reële mogelijkheid was. Ik liep daar de marathon van mijn leven. Tot over mijn oren verliefd trouwens (en nog steeds). De pijn leek niet door te dringen. Ik was niet bezig met tijd en tempo, keek amper op de klok. Geen reken- en denkwerk met kilometers en seconden. Alleen maar die voeten die over het asfalt tikten. Ik liep en liep en liep en ik bleef dat doen tot die laatste lijn naar de finish. De perfectie: dat je alleen de vreugde voelt dat je aan het lopen bent. Makkelijk gezegd als het een marathon is waar je én op het podium staat én je snelste tijd loopt, maar het zal toch voor altijd dat ultieme onbezonnen gevoel zijn dat ik koester.
Ik wens alle lopers en hun supporters in Rotterdam en Parijs een onvergetelijke ervaring! Dat iedereen de marathon mag lopen die perfect is naar de eigen wensen. En als het niet zo is: wees dan onnoemelijk fier op wat je vandaag getoond hebt. Wij duimen alvast voor de broers Van Roy in Parijs!
Het stormt op zee. Metershoge golven komen op ons af. We worden verblind door een striemende regen. De wind giert om ons heen. We zijn stuurloos. Roeien met de riemen die we hebben en hopen dan maar dat we niet zullen verzuipen of alsnog keihard op die ijsberg botsen. De minister, die ons de haven zou kunnen binnenloodsen, kijkt veilig toe vanaf het vasteland. Ze tuurt in de verte en krabt eens onder haar kin. In plaats van Windkracht 10 gewijs een reddingsteam op ons af te sturen, keert ze ons de rug toe en zegt: zo zullen ze tenminste leren zwemmen.
Het is echt zo dramatisch gesteld met “ons” onderwijs, want het onderwijs: dat zijn wij allemaal. Ik vind dat heel erg en onrechtvaardig. Het lerarentekort wordt steeds nijpender. Scholen zitten in afgeleefde accommodaties en moeten elk jaar besparen op werkingsmiddelen. Er is geen perspectief op beterschap. De plaatsen en ondersteuning voor kinderen met specifieke zorgnoden zijn beperkt. Sterker nog: zij krijgen het signaal dat ze wat harder hun best zullen moeten doen in de toekomst, want als ze het echt willen, kunnen ze heus wel mee met de meute. Er wordt langs alle kanten gesnoeid. Er worden eisen gesteld en oordelen geveld door zogenaamde stuurlui die vanaf de kust de betweter uithangen, maar nog nooit hebben geproefd dat de zee zout is.
Als je een schip wil bouwen, roep dan geen mensen bij elkaar om hout te verzamelen, het werk te verdelen en orders te geven. Laat ze in plaats daarvan verlangen naar de eindeloze zee. Antoine de Saint-Exupéry
Ik werk nu mijn 2e schooljaar als leerondersteuner bij een leersteuncentrum. Dat houdt in dat ik op een aantal scholen kinderen en jongeren ondersteun met autisme (-kenmerken) of emotionele en gedragsproblemen. Wij staan als organisatie voor een inclusieve schoolomgeving, waarin elk kind er toe doet en elk kind maximale ontplooiingskansen krijgt. Dat heeft niets te maken met pleiten voor een niveauverlaging, wel met een individuele aanpak waarbij iedereen dezelfde kansen krijgt om dezelfde hoge doelen te halen. We werken daarvoor op een coachende manier met zowel leerlingen, leerkrachten als een schoolteam.
Ik doe mijn werk echt doodgraag. Het is echter heel onzeker hoe onze functie, met de huidige hervormingen die op tafel liggen, ingevuld zal worden. Niemand kan zeggen wat er op ons af komt. De storm zal niet meteen gaan liggen. Die onzekerheid boezemt mij ook angst in. Maar ik zou mezelf niet zijn als ik me niet zou vastklampen aan dat ene stuk drijfhout om er dan van uit te gaan dat de zon heel voorzichtig wel weer eens zal gaan schijnen. Ik ben Kate Winslet als Rose, maar dan zonder stervende Leo. Waar wij vorig jaar een officiële Dag van de Leerondersteuner mochten vieren in maart, leek die dit jaar met stille trom voorbij te dobberen. Reden te meer om vanuit mijn megafoon op zee te roepen waarom ik zo van mijn job hou. Omdat ik nu eenmaal van de zee hou en dat altijd zal blijven doen.
Ik zie fantastisch inspirerende leerkrachten aan het werk. Zowel minder als meer ervaren mensen die het vuur aan de lont durven te steken. Sommigen kozen heel bewust voor het onderwijs, anderen raakten er via een zijweg in verzeild. Het mooie is dat je verschillende stijlen ziet en dat dan keer op keer de conclusie is dat een aanpak die werkt er eentje is waarbij je dichtbij jezelf en dichtbij je leerlingen blijft. Verbinding is altijd de sleutel tot succes!
Ik krijg de kans om zelf nog eens op de schoolbanken te zitten. Echt letterlijk. Mijn werk speelt zich namelijk maximaal op de klasvloer af. Tijdens de turnles in het 6e leerjaar kan ik mijn volleybaltechnieken opfrissen, maar ook mijn inhoudsmaten bij wiskunde. Integralen laat ik vrolijk aan mij voorbij gaan. Ik leer iets over de bodem en platentektoniek bij aardrijkskunde of ik denk mee na over een stelling voor het betoog. De grenzen van mijn parate kennis dacht ik gelijk te stellen met die van een 14-jarige. Tot het bij wiskunde over merkwaardige producten ging. Kortsluiting.
Ik voel me meestal nuttig in wat ik doe. Niet dat ik altijd en voor iedereen betekenisvol kan zijn, laat staan een verschil kan maken, maar ik probeer er wel te zijn. Voor iedereen dus. Ook voor zij bij wie ik veel weerstand voel. Hij zit hier niet op zijn plaats! Zij is hopeloos, zal het nooit begrijpen! Het mooie is dat je verschillende partijen op één lijn probeert te krijgen. Dat is op z’n zachtst gezegd uitdagend. Maar als je dan bij die jongen die in zichzelf gekeerd is, plots wat vrolijkheid bespeurt of als je merkt dat er simpelweg zijn om te luisteren ook iets betekent, dan moet je dat binnen nemen. Bovendien krijgen we de kans om op schoolniveau te werken aan een gedragen zorgbeleid. Op beide niveaus is het de kunst om vooruitgang te willen zien.
Ik ervaar autonomie en veel vertrouwen in mijn job. Ik hang vast aan de structuur van het schoolse leven, maar ik beslis wel zelf hoe ik mijn agenda binnen die tijd organiseer. Zowel van de scholen waarmee ik werk als van mijn eigen team krijg ik het volste vertrouwen dat ik mijn werk goed en grondig doe. Er is heel veel overleg over wat kinderen nodig hebben waarbij mijn inbreng als expert naar waarde wordt geschat. Bovendien ben ik lid van een warm team dat mij ondersteunt door soms ook gewoon dat luisterend oor te zijn.
Ik leer kinderen en jongeren met een sterke eigenheid kennen. Of ze nu wel of geen diagnose hebben, de leerlingen die ik ondersteun zijn op de één of andere manier anders. Ze kijken anders naar de dingen, ze ervaren die vaak ook anders, maar ze bulken net zo goed van de talenten. Jezelf leren kennen en naar waarde schatten is dan eens zo uitdagend. Met name die eigenheid, die ik ook bij mezelf herken, maakt dat ik zo graag met die jongeren werk. Ik leer elke dag bij. Mijn werk is een ode aan het anders zijn en trouw blijven aan je eigen gekkigheid.
10 jaar geleden was ik 30 en Roos 23. We waren serieus gebeten door de loopsport, in volle voorbereiding voor de Rotterdam Marathon, mijn 3e en Roos’ 2e marathon. Het eerste weekend van maart reden we voor het eerst naar Den Haag. De TomTom hing met een zuignap aan het autoraam, zo ging dat in die tijd. Naar Den Haag rijden was niet minder dan een missie. Zouden we zonder onder de tram te belanden veilig en wel aankomen bij onze neef Maarten? Het antwoord was gelukkig en volmondig “ja”. Onze schattige neefjes Senne en Lev van 7 en 5 deden de deur open en keken wat verschrikt naar de nichtjes van papa. We kwamen namelijk een nachtje logeren om op zondag 6 maart 2016 voor het eerst deel te nemen aan de CPC Loop, dé halve marathon van Nederland. Een nieuwe familietraditie was geboren.
De CPC bracht ons veel verhalen van de strafste soort. We liepen er meermaals PR’s en ook wel eens onszelf in de vernieling. De wedstrijd werd eens afgelast door de wind en was het laatste massa-evenement 4 dagen voor België in lockdown ging in 2020. Bij de comeback in het najaar van 2022 was Sam van de partij en zat Roos in Berlijn voor de skeelermarathon. Ook maatje Pieter trok eens ten strijde door de city-pier-city. We trotseerden er vaak herfstig regenweer, soms een stralende zon, maar vooral veel wind. Het Malieveld werd een grasveld met mythische proporties. Ik was zelfs zo gek om de CPC 2x in de zomer te lopen, op eigen houtje dus, toen ik op vakantie was in Den Haag en ik mijn parcourskennis wilde testen. Het gekke was dat het CPC-gevoel mij zelfs op het voetpad bekroop.
De neefjes zijn inmiddels tieners. Maarten en Irene wonen niet meer in het huis met de magnolia. Roos heeft een baby die bijna één jaar is. En ik vond Hans. De liefde voor de CPC bleef al die tijd overeind. Het is dan ook een ijzersterke formule: een halve marathon met stads- en zeezicht, een ongelooflijke organisatie en dat alles binnen een warm familiaal kader. We waren er daarom als de kippen bij om ons in te schrijven voor de 50e jubileumeditie. Geen digitale wachtrij is te lang als je de CPC wil lopen. Zaterdagochtend 14 maart stapten we meer dan goedgeluimd in de auto. Geen GPS meer aan het raam, ik laat me rijden tegenwoordig. Een vaste waarde is daarentegen dat het wisselvallige weer zich niet laat voorspellen. We vertrokken met gietende regen in Tienen, maar gaandeweg trok het wolkendek open en werd het zonniger hoe dichter we onze bestemming naderden.
Den Haag binnenrijden is altijd een beetje thuiskomen. De neefjes schrikken inmiddels niet meer als ze ons zien, maar zijn blij met de grote doos Belgische koffiekoeken. Hans en ik trokken de stad in via onze vaste fietsroute, gewoontediertjes als we zijn. Maart toonde zich inmiddels van zijn grilligste aard door zo nu en dan geheel onverwacht een pittig buitje uit de wolken te schudden. Er hingen dus grijze wolken boven het Malieveld waar we ons nummer gingen ophalen. De eventsite (zoals dat zo mooi heet) was wat anders ingericht met een entree (Nederlanders houden van Franse woorden) langs de zijkant. Daarna konden we het niet laten om nog wat boeken te gaan shoppen bij De Vries Van Stockum en er volgde een uitgebreide kijksessie op de mode afdeling van De Bijenkorf. De avond voor onze race was een borrel niet aan de orde, maar koffie met taart ging er wel in bij Café Emma. We schoven nadien onze voetjes onder tafel ten huize Maarten, de meest onveranderde factor in heel dit verhaal over tradities en gewoontes. Chaos en gezelligheid troef.
Sinds vorig jaar start de halve marathon niet in de late namiddag, maar om 11u30: het ideale uur als je in Den Haag logeert en je niet voor dag en dauw je bed uit wil. Om 10 uur vertrekken we met de fiets richting Malieveld. Er is regen voorspeld, maar die heeft zich vermomd als een stralende zon. Het blijkt het ideale loopweer te zijn met een bescheiden 10 graden, een zonnetje en relatief weinig wind. De meeuwen juichen ons vrolijk tegemoet. Op het Malieveld is het heerlijk druk. De kinderlopen zijn net achter de rug, de 5 km wedstrijd staat op het punt te vertrekken. We droppen onze spullen in de locker (vooral mijn spullen eigenlijk) en gaan richting startvak 1. Geen inhaalrace voor Hans dit jaar! We zijn allebei voorzichtig om onze ambities uit te spreken, aangezien het al bijna een jaar geleden is dat we nog een race op straat liepen. Er is altijd dat dubbele gevoel van enerzijds willen genieten van wat lopen is en anderzijds ook het volle pond te willen geven om te kijken waar je staat.
Even een promopraatje. De halve marathon is een prachtige afstand! Toegankelijk, maar niet alledaags. Haalbaar, maar niet vanzelfsprekend. Je hoeft geen gekke dingen met voeding en drinken te doen, zowel voor als tijdens de race. Je kan diep in het krachtenarsenaal tasten zonder dat je dat meteen heel zwaar bekoopt. Een dodelijke, maar verleidelijke cocktail van afstand en snelheid. Het parcours van de CPC zou ik als mijn broekzak moeten kennen, al kan ik me verschuilen achter het excuus dat er de laatste jaren wel wat wijzigingen zijn doorgevoerd. CPC staat voor city pier city, omdat je van de binnenstad over de boulevard richting de pier van Scheveningen loopt en dan terug de stad in. Starten gebeurt ook dit jaar – traditiegetrouw – op de Koningskade. De zon doet de oranje banners eens zo hard oplichten. Ik voel mijn 9e CPC-start kriebelen tot in mijn kleine teen. Er zijn dit jaar een pak meer deelnemers (de wedstrijd was alsnog na een paar uur uitverkocht). Daardoor is de startprocedure aangepast volgens het flessenhals-principe. Het zal absoluut de juiste keuze blijken te zijn om loopplezier en -comfort te garanderen. Wat ook nieuw is: we slaan snel linksaf waardoor de eerste 2 kilometer “nieuw” zijn. Ik leer ook echt een nieuw stukje Den Haag kennen, want vergis je niet: ik ken daar heus niet elke straatsteen.
Na 10 jaar ben ik tot de conclusie gekomen dat de CPC zich laat indelen in 4 blokken. Het eerste blok: de start van km 1 tot 7. Sfeer troef! Dikke rijen mensen juichen je toe die eerste kilometer. Je lijkt te joggen, maar in wezen vlieg je. Lopen gaat als vanzelf. Je gaat door relatief bekende straten, een groot feest van herkenning. Een moment van stilstaan en kort rouwen om de plaats des onheils waar ik in 2018 na 3 km stilstond met een enkelblessure. Het is dan verder lopen, een heel goed gevoel tanken en zoeken naar wat een comfortabel tempo is zonder door te duwen. Uit de praktijk blijkt echter dat ik pas na dit eerste blok weet of ik niet té voortvarend ben gestart. Het begin van de CPC, dat is eigenlijk altijd goed. Zo ook nu. Ik weet dat Hans wat sterker en sneller is, dus ik zie zijn blauwe Hoka-petje meter per meter afstand nemen. Zelfs als hij na 6 kilometer al een aardige voorsprong bij elkaar heeft gelopen, blijf ik om de zoveel tijd zoeken naar dat blauwe petje dat op en neer beweegt. Natuurlijk heb ik wel een richttempo voor vandaag. Op basis van mijn pistetrainingen denk ik gemiddeld onder de 4’30” per kilometer te kunnen blijven. Het eerste deel lijkt dat te bevestigen. Ik loop steady tussen de 4’20” en 4’25”. Het geeft de burger moed.
Kilometer 8 tot en met 14 noem ik het “uur” van de waarheid. Je bent in een wat saaier stuk van de stad (nooit iets slechts over Den Haag!). De benenwagen begint de inspanning te voelen. 38 hoogtemeters op 21,1 km lijkt verwaarloosbaar, maar ze bevinden zich bijna allemaal in dit deel van het parcours. En ja, dan voel je dat dus wel. Je loopt ook richting de zee, maar het duurt altijd langer dan je denkt vooraleer je daar bent. Zee betekent ook dat de wind plots kan oplaaien uit een richting die nooit echt gunstig lijkt te zijn. In deze fase bepaal je of je chill zal drijven, gezapig zal dobberen of genadeloos zal verdrinken. 10 jaar CPC ervaring leert mij dat ik hier vooral het hoofd fris moet houden. Ik mag niet gaan doorduwen als ik voel dat het zwaarder wordt, ik moet blijven zoeken om mijn tempo te kunnen consolideren en de Cielo’s hun werk laten doen. Waar ik hier vorig jaar tijd begon in te leveren, wat aanvoelde als een slag van de molen, blijf ik dit jaar dapper overeind. Zelfs op de wat zwaardere stukken blijf ik netjes onder mijn beoogde tijd. De metronoom is back in business. Op mijn eigen manier vlieg ik tussen de meeuwen door naar de zee.
Tijd voor het pronkstuk: van kilometer 15 tot 17 loop je dus langs de zee, niet over het strand, wel langs de boulevard (den dijk zoals wij in België zeggen). Een verraderlijk stukje waarbij de kunst is om te genieten van het feit dat je loopt met zeezicht, zonder je blind te staren op de kilometertijden die onvermijdelijk wat trager zijn. Het loopt namelijk wat omhoog en de ondergrond is oneffen. We hebben geluk! De wind staat hier in de rug. Ik blijf dus lopen! Ik ben zo enthousiast dat ik niet anders kan dan een sportgel aannemen van de enthousiaste meiden van Upfront. Het blijkt er één met appelsmaak te zijn, dat is het proberen waard. Le nouveau Joke est arrivée en duwt met een paar slokken die gel naar binnen. Waarom ik dat misschien niet beter had gedaan? We zijn net een bevoorradingspost met water gepasseerd en dit is wel degelijk een gel van de plakkerige soort die water nodig heeft.
Als je dan na 17 kilometer uiteindelijk rechts afdraait, richting de stad is de grande finale ingezet. Die loopt eerst lichtjes bergaf en gaat dan via wat keren in een redelijk rechte lijn richting finish. De Badhuisweg is een finale-waardige laan. Het is hier nog 4 kilometer letterlijk alles geven zonder jezelf de pleuris in te lopen, maar wel hard genoeg om er letterlijk elke druppel zweet te kunnen uitpersen. Dat lukt nog steeds behoorlijk. Ik blijf heel nette kilometertijden lopen. De buit is nog niet binnen. Ik voel elke vezel in mijn lijf werken, maar ik ben blij dat ik elke vezel in mijn lijf aan het werk krijg. Met zicht op de iconische skyline van Den Haag is het aftellen tot je eindelijk linksaf mag slaan om te finishen. Het doet pijn, echt waar, maar ik geniet. Als er iets is wat ik heb geleerd van 11 jaar wedstrijd lopen, dan is het dat je dat moment van de finish altijd moet capteren. Het is niet en zal nooit vanzelfsprekend zijn om weer maar eens een halve marathon af te tikken.
Ik klaar de klus uiteindelijk in 1u33. Wat verder voor mij zie ik Hans in de finishzone. We zijn min of meer in elkaars buurt gebleven. Hans heeft afgeklokt op een knappe 1u32 en neemt dus een mooi PR mee naar huis. De zon schijnt nog steeds, we zijn weer samen. Tijd om na te praten en te recupereren. Het leven is goed! We nemen afscheid van ons Den Haag en natuurlijk onze familie, maar niet voor te lang. En of we wat hebben om op terug te blikken! Niets dan lof in de eerste plaats voor de organisatie, die was feilloos te noemen. De drukte op het parcours was perfect gedoseerd. Ik liep nooit echt alleen, maar ook niet in een hinderlijke massa. Ook na de finish was de doorstroom en drukte behoorlijk ideaal te noemen. Duimpjes omhoog voor alle sympathieke vrijwilligers die dit loopfeest mogelijk maakten.
Na 9 CPC’s is het niet eenvoudig om een objectieve analyse te maken van mijn prestatie. De omstandigheden zijn altijd weer anders, net zoals de sportieve agenda. Er valt ook weinig peil te trekken op hoe mijn halve marathon zich verhoudt tot de marathon die erop volgt. Ik liep razendsnelle marathons zonder uitschieter op de halve. Dat je iets meet, betekent voor mij ook dat er nog heel veel is dat je niet weet. De cijfers zeggen dat ik al vaker sneller liep dan mijn 1u33, vorig jaar bijvoorbeeld. Ik heb aan de verleiding kunnen weerstaan om daarom te zitten kniezen omdat ik deze halve marathon zo constant heb kunnen lopen. Ik voelde me op geen enkel moment verzwakken en kon mijn goede start vasthouden tot aan de finish. Mijn traagste kilometer liep ik in 4’28”, mijn snelste in 4’21”. Ik ben trager dan vorig jaar, toen ik sneller vertrok, maar ook een groter verval liet optekenen. Met het oog op de marathon over 3,5 week denk ik dat sterk kunnen blijven belangrijker is dan een snelle start.
Toch even een kritische noot. De CPC werd voor het eerst gelopen in 1975, maar vrouwen mochten pas meedoen vanaf 1980. Over 5 jaar vieren we dus pas het echte jubileum. Hoe dan ook ben ik blij dat ik al 10 jaar CPC geschiedenis mocht meemaken. In 2022 speelde Sam een rol in de aftermovie van de CPC. Hij werd gevraagd om in het startvak naar zijn horloge te kijken. Een onvergetelijke acteerprestatie. Dramatiek en aftermovies zijn goede vriendjes, maar trop is echt te veel. De aftermovie van dit jaar is er zo over dat je denkt: dit is ironisch bedoeld. En toch klopt één citaat als een bus: it’s a memory we recreate each year. Deel van de traditie is het herbeleven van herinneringen en dat gaat dan van hoe we ons niet met de fiets konden oriënteren tot de magnolia die telkens weer in bloei staat begin maart. Volgend jaar wordt de CPC gelopen op 14 maart, de dag dat mijn opa 100 jaar geworden zou zijn. Het zal mijn 10e CPC zijn. Ik voel hier nu al geweldig veel symboliek ontstaan.
Als je in een niet-wintersportland sport in de winter, dan betekent dat door regen en modder baggeren. In een wintersportland daarentegen levert het feeërieke plaatjes op van het helderste wit en besneeuwde bergtoppen. Op televisiebeelden is geen spatje modder te bespeuren. Zoals dat meestal gaat, miste ik het begin, maar plots overkwam het mij en was ik volledig in de ban van de Olympische Winterspelen Milano-Cortina die zondag officieel werden afgesloten. Dat er gespeeld werd in en rond Milaan had zeker en vast een grote invloed op mijn enthousiasme. Italië! Land van hoop en optimisme! Mijn eerste vaststelling: wintersporters zijn waaghalzen, topatleten met een hoek af die onbesuisd aan hoge snelheden een berg af gaan en zich op glad ijs begeven. Wintersporten is altijd een delicate evenwichtsoefening op het scherpst van de schaats. Dit is wat mij – dankzij vele uren kijkplezier – zal bijblijven van de Winterspelen Milano-Cortina 2026.
Wintersporters dragen doorgaans kleding die hun lichaam volledig bedekt, dat is logisch. Als je stijl wil uitstralen met enkel het onderste deel van je gezicht, dan blijkt een perfect getrimde snor de oplossing te zijn of twee gestylede haarlokken die onder je helm uitpieken.
De coolio’s van de wintersport, dat zijn natuurlijk de snowboarders. Yeah! Ze dragen geen strakke kleding, maar houden het los en baggy. Het hesje met hun nummer dragen ze ook op de coolst denkbare manier: één arm erdoor, één erboven. Yeah!
Mijn liefde voor sporten met stokken is nog wat gegroeid. Als een jekko op ski’s de berg af knallen en dan die stokken aan weerszijden: dat straalt zowel kracht als nonchalance uit. Mijn ski-ervaring is beperkt, maar ik herinner me dat ik zelfs als tiener skiën stoerder vond dan snowboarden. Het zit ‘m in de stokken.
Er werden stokken weggegooid. Eén van de memorabele beelden was de Noorse skiër Atle Lie McGrath die door één klein foutje genadeloos werd afgestraft. Weg gouden medaille. Hij ontdeed zich van zijn ski’s om dan onder het lint door van de piste te stappen. Helemaal in z’n uppie de sneeuw in. Het leek wel een kunstwerk.
Van alle Olympische wintersporten denk ik dat langlaufen mij het best zou liggen. Lange afstand weliswaar. Harken en krabben, soort van lopen op sneeuw, niet te zot naar beneden gaan om dan totaal uitgeput wat van het landschap mee te krijgen. Ik zie het voor me.
Het eerste fenomeen dat ik – en bij uitbreiding de wereld – leerde kennen was Johannes Klaebo: maar liefst 6 gouden medailles op korte en lange langlaufafstanden neemt hij mee naar Noorwegen. Hij loopt een berg op alsof het niks is en verpletterde daarmee de concurrentie. Ik zie wel wat fysieke gelijkenissen met mijn broer. Tot nader order kon ik hem niet overtuigen de switch te maken.
Biatlon is een fascinerende wintersport. Je vertrekt met een geweer op je rug om de longen uit je lijf te langlaufen en dan zowel staand als liggend met een beperkt aantal kogels 5x een doel te raken. Het blijft een sport met een wapen en, alle respect voor de atleten, om die reden zou ik toch enkel voor het ski-gedeelte kiezen.
Er was een nieuwkomer in de Olympische wintersportfamilie: ski-mountaineering, ook wel skimo genoemd. Spektakel gegarandeerd! Hans vergeleek het met trailrunning. Op ski’s een berg met behoorlijke hellingsgraad oplopen door een soort van labyrint, ski’s uitdoen, de trap nemen, terug in je ski’s klikken om naar beneden te glijden. Je kan het zo gek niet bedenken of het bestaat al.
Het allerhardst ging ik op in het kunstschaatsen. Enter het volgende fenomeen: de Amerikaanse “Quad God” Ilia Malinin. Tegen alle verwachtingen in ging hij ten onder in zijn lange kür. De gedoodverfde winnaar moest tevreden zijn met een 8e plaats. Sport is bikkelhard. In het afsluitende schaatsgala zette hij een prestatie van jewelste neer met de emotionele performance getiteld “Fear”.
Onze Belgische kunstschaats-sterren schitterden aan de Milanese hemel. Zowel Olympisch debutante Nina Pinzarrone als “routiné” Loena Hendrickx reden een prachtige lange kür na een door blessureleed gedomineerde aanloop naar de Spelen. Hoe geweldig is het dat wij als niet-schaatsland twee kunstschaatsers van wereldniveau hebben?
Dé performance bij de vrouwen was die van Alysa Liu. Op een zonovergoten nummer van Donna Summer (what’s in a name) schaatste ze zich in een gouden jurk een weg naar het goud. Alysa Liu is een fenomeen op schaatsen mét een persoonlijkheid. Ze stopte met kunstschaatsen op haar 16e omdat ze andere dingen wilde doen, begon er terug mee op haar 18e om 2 jaar later Olympisch kampioen te worden. Je voelt en ziet het plezier dat zij beleeft. Ik zeg: ongekend!
Ook de paren in het kunstschaatsen spreken tot de verbeelding. Hallo zeg, wat spelen die allemaal klaar op ijs! De lassolift en de dodenspiraal zijn opgelegde elementen die iets lijken te zeggen over het gevaar van dat in elke beweging schuilt. Het Japanse paar Riku Miura en Ryuichi Kihara was wat mij betreft de verdiende winnaar, al was het om de emotionele comeback die ze maakten na een mindere korte kür.
Drama. Ik denk dat ik daarom zo van kunstschaatsen houd. Het zit niet alleen in de choreografie en de muziek, maar zeker ook in de kleding. Zoals steeds is de lijn tussen “perfect gedoseerd dramatisch met voldoende blingbling” en “een kitscherige overdaad aan nepblinkers” dun.
En dan toch nog een kanttekening bij mijn euforie over kunstschaatsen: het is een sport die helaas ook wordt gekenmerkt door coaches of trainers die geschorst worden omwille van grensoverschrijdend gedrag, schandalen en schorsingen door dopinggebruik en de meest uitzichtloze blessures.
IJshockey was de enige sport waar ik niet langer dan twee minuten naar kon kijken. Het is eerder een vechtsport voor grofgebekte aso’s dan een spel met regels en respect. Mannen die elkaar uitmaken voor bruidsmeisje, ik zal er nooit een greintje sympathie voor hebben.
De Belgische medaillespiegel mocht dan tegenvallen, ik heb daar als kijker niet zo’n last van. Ik geniet net zo goed van de Nederlandse overmacht op schaatsen. De sappige verhalen lagen ook voor het rapen, zowel bij het langebaanschaatsen als de short track waren er misnoegde atleten, rivalen en stiekemerds binnen een team. Het leven zoals het is: de schaatsbaan.
Een groot applaus voor Astrid Demeure en Tess Elst, de VRT sportankers die zowel ter plaatse als in de studio glansprestaties neerzetten!
Februari is een feestmand. Hans mocht op 6 februari de aftrap geven met een kroon op zijn hoofd. Hip hip hoera voor Koning Hans! Laat vrijdag nu toevallig mijn favoriete dag zijn en een jarige op vrijdag, dat creëert mogelijkheden om op verplaatsing te vieren. Wij dus op naar Den Haag – want dichtbij en altijd goed. Voor de derde keer verbleven we er in de Van Swietenstraat aan het Koningsplein: sfeer en gezelligheid, het is Den Haag ten voeten uit. Na een vlotte autorit met onze vaste tussenstop kwamen we in de Haagse avondspits terecht. Indrukwekkend! Hoe dan ook, jarig zijn zonder een toertje te gaan lopen: dat kan echt niet. We trokken dus onze loopschoenen aan voor een rondje in de schemer richting Malieveld om alvast wat van de CPC te proeven.
De avond was nog jong en waar we al heel de week naar uitkeken, dat was borrelen bij café Emma op het Regentesseplein. Café Emma, mensen, ik zou een boek kunnen schrijven over welke gesprekken je daar oppikt omdat het publiek er zo divers is en luid genoeg spreekt om er je oor aan te hangen. Deze keer waren het een vriend en vriendin die lekker aan het kletsen waren. Zij: behoorlijk dominant in het gesprek. Hij: vond het allemaal wel prima. Ik onthoud de woorden ongekend en bloedirritant om toe te voegen aan mijn verzameling woorden die een (overdreven) sterk gevoel uitdrukken. Wij bestelden een biertje en ongekend lekkere vegan oesterzwambitterballen. In Nederland maken ze bitterballen en kroketten van werkelijk alles. Gelukkig voor ons ook in vegetarische variant. Het was een feestelijke avond en die avond was nog steeds jong toen we onze mezzeschotel mét extra falafel gingen afhalen bij Ali. In onze knusse studio dronken we champagne, klonken we op de jarige en het goede leven.
Jullie voelen al aan dat het een feestweekend was, want zaterdag begonnen we met een heerlijk ontbijt dankzij de onovertroffen bakkunsten van Pompernikkel (en ook wel een broodje van de Appie). Een goede bodem leggen is belangrijk voor wie een winkeldagje voor de boeg heeft. Onze eerste stop was de Piet Heinstraat, waardoor we allebei met het gelijknamige lied (zijn naam is klein) in ons hoofd zaten. Je vindt er wijnwinkel Marius, die aan heel wat Haagse horecazaken wijn levert en inmiddels ook voor ons een vast adres geworden is. Een mooi voorbeeld van dat een speciaalzaak niet per se duur hoeft te zijn. Vervolgens gingen we naar boekhandel De Vries Van Stockum in de Passage. Voor we het goed en wel beseften, stapten we met een stapeltje boeken naar buiten, waaronder de nieuwe Herman Koch en Julian Barnes. In de Passage zit ook kookwinkel Oldenhof. Ongekend! Noem iets dat met koken en de keuken te maken heeft en het wordt er verkocht. Denk zowel aan een magneet die een pak miniatuurpasta is, aan een theedoek of een Italiaans hoogwaardig espressoapparaat. Oldenhof heeft voor ieder wat wils en dus vonden wij er een cadeau voor Marike, die woensdag haar kaarsjes mocht uitblazen. We gingen niet voor de pastamagneet.
De zon scheen trouwens en op zaterdagnamiddag is het ongekend druk in Den Haag. Wij baanden ons een weg naar De Bijenkorf. Hans kocht er schoenen en ik dook in het ondergoed. Tot slot gingen we nog langs bij distilleerderij Van Kleef voor een fles limoncello en dan was het echt wel tijd voor een koffietje met gebak bij Emma. Alsof we nog niet genoeg stappen hadden gezet, gingen de loopschoenen weer aan. We hadden de zee immers nog niet gezien. Het werd een donker rondje over een onverlicht duinpad en langs een behoorlijk wilde zee. Een bijzondere ervaring die ik in mijn uppie nooit zou ondernemen. De ideale loopschoen voor een weekendje Den Haag dat is zonder meer de Bondi van Hoka: stabiel en dempend, heerlijk allround in stad en zand. Je zit er eigenlijk altijd goed mee als je niet per se snelheidsrecords wil verbeteren.
Ook deze avond was nog jong. Na een borrel op het Koningsplein gingen we met de fiets naar de snackbar. Hoewel we op 200 meter van een frietkot wonen, gaan wij in België nooit naar de frituur. Een wat drogere Nederlandse friet met een kaassoufflé en vegetarische kroket, dat smaakt toch erg goed op z’n tijd. Onze Nederlandse dag was trouwens Belgisch getint, want we volgden Belpop op de Belgische Radio 1. Een top 100 van Belgische muziek met ook best weer wat Nederlandse invloeden. Hoe Belgisch is Novastar bijvoorbeeld? Arno ging voor de 5e keer met de winst lopen met Dans les yeux de ma mère. We luisterden naar een geshuffelde versie van die 100 nummers, waarbij bleek dat Hans – een kind van de seventies – de Belgische muziek in al zijn diversiteit zeer goed kent. Hij is een man met vele talenten, maar dat wisten jullie al.
Onze zonnige zondag begonnen we weer met een ontbijt van Pompernikkel en nadien gingen we op de koffie bij Maarten en Irene, onze Haagse familie. Er is altijd veel om over bij te praten. Daarom is het eens zo fijn dat we elkaar snel terugzien voor het traditionele logeerpartijtje met de CPC. Wij vertrokken in Den Haag richting Wassenaar naar Museum Voorlinden. In november waren we er nog voor de expo van Mark Manders, maar dit bezoek was van het impulsieve soort. Uitgerekend langs de snelweg zagen we namelijk reclame voor de Franse Claire Tabouret. Een vrouw met een achternaam als een kruk, dat wekt meteen interesse. We voelden aan dat we dit niet wilden missen, wat een heel juiste inschatting bleek te zijn. Als er één Den Haag tip is die je echt moet onthouden, dan is het wel Museum Voorlinden. Gelegen op een prachtig domein aan de duinen met een tuin ontworpen door Piet Oudolf en grazende koeien die het schilderij compleet maken. Naar Voorlinden gaan, is een andere wereld binnenstappen.
Het was dus Claire Tabouret die ons op slinkse wijze hierheen had gelokt. Ze is een Franse kunstenaar die lange tijd in Amerika heeft gewoond. Een kind van de jaren tachtig dat altijd geweten heeft dat ze zou gaan schilderen. In de vernieuwde Notre-Dame in Parijs kan je binnenkort glas-in-loodramen van haar hand gaan bewonderen. Haar tentoonstelling in Voorlinden heet Weaving Waters, Weaving Gestures en bundelt werk van de afgelopen 10 jaar. In de eerste zaal waren we al meteen verkocht door haar onconventionele zelfportretten die een statement vormden om vrouwen in de kunst naar de voorgrond te brengen. In de tweede zaal was water het overkoepelende thema. Ik begon toen al te fantaseren waar ik thuis een werk van haar zou kunnen ophangen (wat als) of toch op z’n minst een paar postkaarten. Haar kleurgebruik en stijl zijn zo apart, zo wondermooi dat het beklijvend is om naar haar werken te kijken.
Wij gaan wel vaker naar een museum en ik hou daar altijd een goed gevoel aan over. Claire is mijn onbetwiste nummer 1. Ze heeft een heel gevoelige snaar geraakt. Woorden en foto’s schieten eigenlijk altijd te kort als je kunst wil beschrijven, zowel wat je ziet als wat dat met je doet. Naast het esthetische aspect was ik ook enorm geboeid door de manier waarop ze als kunstenaar aan de slag gaat met alternatieve materialen. Zo zagen we prachtig beschilderde vazen van haar hand en landschapsschilderijen op een canvas van nepbont. Eén van die werken had ze dan weer door een Frans atelier laten omzetten naar een gigantisch handgeknoopt tapijt. Dat gebeurde ook met één van haar schilderijen. Het resultaat was ronduit verbluffend. Ik bedoel: ongekend. Claire Tabouret was de kers op een al rijkelijk gedecoreerde verjaardagstaart. Je kan haar nog bewonderen in Voorlinden tot 31 mei. Ik zeg: ga dat zien!
We sloten af met de expo Stilte in de storm. Een verzameling uiteenlopende werken van diverse kunstenaars met als overkoepelend thema “de kracht van stilte”. Juist de variatie is de kracht van zo’n expositie. Je ziet moderne werken waar je even om moet lachen zoals een doodgewone deurbel met naamkaartje “Heaven”, maar net zo goed indrukwekkende installaties die op een eenvoudige manier een ingewikkeld verhaal vertellen. Wij pasten voor de performance art van Marina Abramović, waarbij je op een bankje een uur lang rijst en linzen mag tellen met een noise-cancelling hoofdtelefoon op om de stilte in je hoofd op te zoeken. We bleven vooral plakken bij de opstelling van een bepakt figuur die in alle eenzaamheid door de sneeuw stapt, een creatie van het Scandinavische kunstenaarsduo Elmgreen & Dragset.
Laat je vooral niet afschrikken door de setting van een museum of expositie. In een brochure lees ik vaak dingen waarvan ik denk: hm, ik ben hier te simpel voor, ik mis iets. Kunst bezoeken kan op het eerste zicht moeilijk of elitair lijken, maar eigenlijk is het heel eenvoudig: je moet alleen je ogen de kost geven. En geloof het of niet, we moeten in maart terug naar Voorlinden als we in Den Haag zijn voor de CPC. De catalogus van Claire Tabouret was nog niet te koop en die willen (moeten) we toch echt hebben als aandenken. Moe, maar helemaal voldaan reden we terug naar huis. Den Haag – dichtbij, altijd goed en ongekend de moeite.
Hoera! Het is de poëzie die de mist in ons hoofd en het grijzedweilenweer kan doen vergeten. We vieren vandaag Gedichtendag met het thema “metamorfose”. Ellen Deckwitz schreef het Poëziegeschenk 2026. Ik ga heel eerlijk zijn: ik heb de poëzie de afgelopen tijd zwaar verwaarloosd. Vanaf vandaag breng ik daar verandering in. Ik luister namelijk altijd naar wat Ellen Deckwitz te vertellen heeft. Ellen wie? Ellen Deckwitz is een Nederlandse alleskunner. Ze praat, dicht en schrijft. Ze tovert het ene na het andere genre uit haar pen. Een vrouw met humor en een mening, een vrouw naar mijn hart dus. Ze is een onvermoeibare poëzie-ambassadeur. In haar boek Olijven moet je leren lezen legt ze uit hoe je van gedichten kan leren genieten. Ik heb kortom al veel van Ellen Deckwitz geleerd. Ze heeft bovendien cavia’s. En mensen met cavia’s die zijn eigenlijk bij voorbaat sympathiek.
Haast je dus naar de boekenwinkel om poëzie te kopen en het Poëziegeschenk van Ellen Deckwitz cadeau te krijgen!
Eerste metamorfose
Op een dag werd je verliefd. Je vel dwong je op een strooptocht naar troost,
een ander om als een branddeken over je heen te trekken.
Hormonenroedels raasden door haarvaten, werden sledehonden in een sneeuwstorm,
de ander liet eeuwenoude kuren in je ontwaken, je eiste blaren
op je heupen, wilde een navel vol laten lopen met jouw zweet.
Je zenuwen werden een woud aan toortsen en in de verte schemerde nog ergens een citaat
uit het Hooglied, dat hartstocht beklemmend is als het rijk van de doden
maar er was alleen nog maar de ander. Je botten die nieuwe botten wilden maken,
op een dag werd je verliefd. Het was magisch en fantastisch, en ik bleef achter.
Wat een nieuws: jij wordt vandaag 30 jaar! Geboren op 8 januari 1996, het zou een koude maandag geweest zijn. Nu weet jij natuurlijk dat ik graag een verband leg tussen iemands persoonlijkheid en de dag waarop die geboren werd. In jouw geval stemt mij dat tot nadenken. Jij, een maandag?! De productieve laten-we-de-week-maar-ernstig-beginnen-dag waarop doorgaans niet al te veel bijzonders gebeurt? Tot mij te binnen schoot dat jij me eens op een koude maandag in december hebt gebeld of ik die avond mee wilde naar een concert van Zwangere Guy in de AB. Jij laat het leven niet begrenzen door de dagen van de week. Elke dag is een mogelijkheid. Elke dag is een kans om er iets bijzonders van te maken. Jij kan elke dag van de week zijn.
4 jaar geleden leerden we elkaar kennen op een koude, natte zondag in januari in Holsbeek bij de Naturarun, één langgerekte modderloop. Je sprak me voor de start aan, had mijn blog ontdekt en zo ook dat ik lesgaf op de school waar jij een leerling was geweest. Jij haalde mij onderweg in. Ik won de wedstrijd. Nadien gaf je toe dat je mij als mikpunt genomen had, maar dat je toch diep was moeten gaan om me voorbij te lopen. Ondanks ons leeftijdsverschil bleken we heel wat raakvlakken te hebben. Een paar maanden later stonden we samen klappertandend in het startvak op de Champs Elysées voor dé Paris Marathon. Aan de finish vierden we met Roos erbij. We beleefden samen iets heel wezenlijks. Onze vriendschap nam een raketstart en daardoor was je eigenlijk ook meteen deel van de familie.
We zijn in veel opzichten tegenpolen. Ik woon in het dorp, jij in de grote stad. Jij wil zoveel mogelijk mensen ontmoeten en de wereld zien, ik ben het honkvaste gewoontedier. Jij staat een nachtje door te stampen op techno, ik dans alleen met Hans in de keuken. Jij bent de man die zelfs onder de douche naar een podcast luistert, ik ben de vrouw die radiostilte nodig heeft. We zijn het cliché van de extravert en de introvert die elkaar naadloos aanvullen. Zowel vertellers als luisteraars, zowel denkers als doeners.
Jij bent een immer bescheiden alleskunner en alleswiller die werkelijk elke kans aangrijpt om iets mee te maken of om de wereld een beetje beter te begrijpen. Het leven lacht je toe, dat is zo, maar het zou te makkelijk zijn om je weg te zetten als een zorgeloos zondagskind. Juist omdat het leven niet altijd mild voor jou is geweest, wil je het nu eens zo hard leven. Jouw fomo draait niet om erbij willen zijn of gezien willen worden, je ziet elk moment als potentieel interessant. Ik kijk vol bewondering toe hoe jij met een oprecht open blik rondom je kijkt, hoe je je kwetsbaar kan opstellen en ook barst van het potentieel. Toujours invaincu! om het met Stromae te zeggen, jou op het lijf geschreven. Je bent bovendien een vriend die heel veel geeft en, ik zou haast zeggen op een ouderwetse manier, een vriendschapsband ook echt koestert.
Wij overbruggen onze generatiekloof met gemak. Op geen enkele manier voelt het aan alsof onze vriendschap door ons decennium verschil niet in evenwicht zou zijn. Met Hans erbij zullen we in de zomer dus als dertiger, veertiger en vijftiger op pad zijn om 100 km aan te tikken. Hoe bijzonder is dat? Ik kijk nu al uit naar de urenlange bijbabbelsessie en de muzikale verrassingen die je voor ons in petto zal hebben. Het mooie is: met jou erbij stijgt het entertainmentgehalte, maar mag het net zo goed saai zijn. Juist door samen zo’n intense sportieve momenten te beleven, weet je ook echt wat je aan elkaar hebt. Heel veel, dat weet ik al langer.
Geniet van jouw dag! Vandaag toevallig een donderdag, maar wat doet jou dat? Vandaag zeg ik: cheers! en gefeliciteerd! Morgen klinken we op jouw gezondheid en ineens ook op de vriendschap en het leven. Op alles eigenlijk en ineens ook op elke dag. Omdat jij ook zoveel bent in één persoon. Hieperdepiep hoera!
Ik heb altijd van lijstjes en vraagjes gehouden, om zelf te stellen en te beantwoorden. Om me te laten inspireren en om te willen vatten wat eigenlijk niet te vatten is. Een lijstje is geen Heilige Graal van wat waarheid is, maar een momentopname van wat op dat moment belangrijk is. Daarom presenteer ik jullie, liefste lezers, de eindejaarsvraagjes die ik voorlegde aan mijn sympathiek panel van loopvriendjes. Ik vroeg wat hun 2025 van geur, kleur en smaak voorzag en polste alvast naar wat het nieuwe jaar mag brengen.
Roos – de immer enthousiaste en ondernemende sportieve kleine zus
Welke sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven? – De eerste keer terug lopen. Het gevoel van euforie dat ik het nog kon. Dat heerlijke gevoel van terug die cadans te voelen, de hartslag in de hoogte. Zalig. – Mijn eerste trail in gezelschap van Marike. Het was stralend weer, het parcours prachtig en ik was ongelofelijk in mijn nopjes. Ik heb vooral veel genoten en was me er enorm van bewust hoe bijzonder het was, terug lopen en op avontuur gaan. – Ik had tijdens mijn zwangerschap soms wel schrik dat mijn passie voor lopen zou afnemen, maar dat is gelukkig niet gebleken. Het is wat meer zoeken naar tijd en het vraagt allemaal om meer planning, maar het lukt om terug te lopen en iets op te bouwen. Het is nog meer iets geworden waar ik bewust voor kies om er tijd voor te maken. Dat maakt dat heel gewone loopjes ook vaak heel bijzonder kunnen zijn.
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Ik heb Sam Fender grijs gedraaid in de aanloop van zijn optreden op Rock Werchter, tot mijn grote teleurstelling werd dat de dag ervoor afgezegd. Daar kan ik nog altijd om balen.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? Het was een jaar met minder wilde avonturen en uitstappen en dat was helemaal prima. Mijn koffie thuis, is nog altijd van de beste, mijn eigen melkopschuimer en dan afwerken met een beetje cacao. Toppie.
Welke luister-, lees- of kijktips heb je? Sam Fender natuurlijk. Ik lees veel boeken met Marilou. Er bestaan geweldige kinderboeken. Mijn absolute favoriet van het moment De jurk van Haas, dat behoort tot de reeks van de Eikenbosverhalen. Het gaat over een haas die vestimentaire problemen heeft om naar een feest te gaan. Het is een boek met flapjes. Marilou kreeg het boek voor Sinterklaas van Bomma, die weet natuurlijk mooie boeken uit te kiezen. Ik zit nu al klaar voor een nieuw seizoen Huis Gemaakt, haha! Ik houd van verbouwprogramma’s, maar of het nu een must see voor iedereen is, dat laat ik in het midden.
Waar kijk je naar uit in 2026? Er is zoveel om naar uit te kijken. Ik kan zeker enkele zaken opnoemen, maar dan ga je weer enkel de grootste plannen noemen terwijl het niet al te zot hoeft te worden.
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? Naast een goede gezondheid en nog andere clichés zeker ook mildheid! Dat heb ik bedacht nadat ik tot de orde werd geroepen als een driejarige nadat ik een wat onhandig manoeuvre deed met de fiets. Mildheid voor jezelf en voor je omgeving.
Joni – kan ons nog eventjes jaloers maken met prachtige loopplaatjes uit Ierland
Welke sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven? Zonder twijfel de Wicklow Ecotrail, met start en finish in Bray, onze hometown in Ierland. 47 kilometer en 1800 hoogtemeters door ronduit prachtige landschappen. Gietende regen, maar uitzonderlijk goede benen en een ijzersterk gevoel. Sport was dit jaar meer dan anders een uitlaatklep. Een manier om orde te scheppen in de dagelijkse project-chaos en verantwoordelijkheden.
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Die kwam er pas laat op het jaar, met het album van Yong Yello en Rosalía (Taylor Swift was helaas een teleurstelling). We waren jammer genoeg net te laat voor tickets voor het optreden van Rosalía in Antwerpen. Het absolute hoogtepunt was echter het concert van Amble in Wexford, in de zomer, amper een paar weken nadat we hun album ontdekten. Zo’n avond die perfect klopt, en nog lang blijft nazinderen.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? De beste koffies kwam van ‘The Swans on the Green’ wat dé favoriete ontbijtplek blijft van de Waterleau collega’s, vlakbij de site. Mijn collega Toon passeert er elke ochtend trouw voor twee iced lattes. Ik ben er vrij zeker van dat ze dankzij de Waterleau passage hun uitbreiding hebben kunnen financieren. In Bray zelf heeft ‘Gata Nera’ ons hart gestolen. Uitgebaat door Italianen die al een tijd in Bray wonen en ondertussen ook vrienden zijn geworden. Jana passeert er meermaals per week om op te warmen na haar zwemmetje in zee. En dan zijn er natuurlijk nog de eigenaars van onze BnB. Echte koffiekenners, die elke instelling van hun machine tot in de puntjes beheersen. Een koffiemoment met hen is altijd een plezier en vaak vergezeld van verse scones.
Welke luister-, lees- of kijktips heb je? Omdat ik dit jaar dagelijks anderhalf uur in de auto zat, heb ik heel wat podcasturen op de teller staan. Maandag begon steevast met Welkom to the AA, gevolgd door de wekelijkse populaire sportpodcasts. Op woensdag kijk ik altijd uit naar Achter De Schermen. Dat vaste ritme werkte verrassend rustgevend in de auto, maar toch ga ik het autorijden het minst missen van heel het Ierland avontuur. Het boek Ierland van Peter Vandermeersch is een klepper, maar heel vlot geschreven en heel herkenbaar voor ons. Na het lezen van zijn boek kan je je helemaal inleven in ons avontuur en wil je ongetwijfeld zo snel mogelijk naar Ierland afreizen! Derry Girls is dan weer een meer van de pot gerukte serie op Netflix over een paar schoolkinderen die zich afspeelt tijdens de troubles; grappig, maar ook met een paar leerrijke referenties naar het verleden!
Waar kijk je naar uit in 2026? Naar onze terugkeer naar België, al willen we tegelijk ook nog maximaal genieten van de laatste maanden in Ierland. Van de gewoontes die we hier hebben opgebouwd en vooral van de vriendschappen. Ik kijk ook uit naar tijd voor middagloopjes, de marathon van Leuven, een festivalzomer, en wie weet zelfs een 100 km met Roos!
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? Meer tijd met vrienden, meer momenten in de natuur en af en toe een echte gsm detox. Soms is dat alles wat nodig is.
Simon – sportbeest en gevoelsman van het mooie leven
Welke sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven? – De marathon in Leuven was qua beleving in de stad een absoluut hoogtepunt. Door een blessure heb ik niet gepresteerd waar ik voor getraind had, maar ik ben wel heel blij met de unieke ervaring. – Na mijn hartablatie me kunnen kwalificeren voor het WK gravel in Singen (NL) op een bijzonder lastige omloop die eerder voor de klimmers was gemaakt. – Op de Gran Fondo van Pamplona gefietst met Miguel Indurain en in de kopgroep gezeten met Louis Leon Sanchez.
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Clouseau leg ik niet heel veel op, maar heeft me emotioneel enkele keren geraakt, zowel op Marktrock als in het Sportpaleis met ‘Altijd heb ik je lief’.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? Ik heb niet meer nodig dan een zonnig terras en aangenaam gezelschap.
Welke luister-, lees- of kijktips heb je? Het heruitgezonden ‘Lili & Marleen’ geeft me veel jeugdsentiment en nostalgie.
Waar kijk je naar uit in 2026? Op 13 januari ga ik terug onder het mes voor een nieuwe ablatie. Hoop terug te kunnen sporten zonder hartkloppingen/stoornissen en dus gezond te mogen zijn.
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? In deze woelige tijden hoop ik dat er snel weer ‘vrede’ is en dat de Russen niet doorgaan, ik wil niet denken aan een mogelijke WOIII.
Hans – mijn mannetje en doorgaans betrokken partij in mijn verhalen
Welk sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven? – Het absolute hoogtepunt was om samen met Joke de Trail Godefroy in Bouillon te lopen. Dat was Jokes eerste 100 kilometer trail en het was heel bijzonder om samen met haar dat avontuur aan te gaan. Hoe we dit samen beleefd en volbracht hebben was ook een mooie illustratie van het mooie en sterke koppel dat wij zijn. – Verder vond ik het ook bijzonder om voor de allereerste keer de CPC halve marathon te lopen in Den Haag. En hoewel ik met het startnummer dat ik overgenomen had in de allerlaatste wave moest vertrekken en mijn wedstrijd één lange inhaalrace was (ik ben zelf nog nooit zo weinig ingehaald tijdens een wedstrijd) heb ik echt wel genoten van de sfeer en het parcours. – Last but not least was het EK marathon tussen Brussel en Leuven ook van het type “kippenvel”. Hoewel ik nooit een échte marathonloper zal worden wegens teveel asfalt en te weinig kilometers, vond ik dit toch wel een heel speciale wedstrijd met enorm veel sfeer. De bloedende tepels nam ik er met veel plezier bij.
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Tja, dat vind ik een moeilijke vraag. We hebben samen naar heel wat artiesten geluisterd, vaak als “voorbereiding” voor een optreden dat we zouden bijwonen; Bryan Adams, Robbie Williams, Barbara Pravi, ZAZ… Verder hadden we ook nog onze “Duitse playlist” en de “Bouillon playlist” die regelmatig de revue mochten passeren, vaak in de auto. En dan was er Pommelien die er op een of andere manier in geslaagd is heel wat luisteruren te kapen bij ons allebei. Last but not least waren ook de vaste waarden als Leonard Cohen en Froukje nooit ver weg.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? Zonder twijfel in Den Haag, maar zeker ook thuis, gezellig samen in de zetel.
Welke luister-, lees- of kijktips heb je? Ik heb het voorbije jaar weer heel wat gelezen. Ik verwacht dat ik voor het einde van het jaar de kaap van 50 boeken zal halen, dus het zijn vooral leestips die ik kan delen. De volgende boeken prijken met stip aan de top van wat ik gelezen heb in 2025, en dat betekent wel wat want ik heb eigenlijk nauwelijks boeken gelezen die ik niet goed vond;
I.M. (Connie Palmen)
De herinnerde soldaat (Anjet Daanje)
De menselijke smet (Philip Roth)
Zwarte september (Sandro Veronesi)
Waar kijk je naar uit in 2026? – Op sportief vlak: naar de Trail Alsace by UTMB, een dikke 100 km rennen door de Elzas samen met Joke. En ik wil in september nog eens een gooi doen naar de Legends Great Escape trail 200 km na mijn DNF in 2025 door een ongelukkige val. – Op familiaal vlak: naar een tweede kleinkind in juni. – En uiteraard naar alle leuke kleine en grote momenten samen met mijn liefste schat; samen lummelen, lopen en lezen, koffie en lekkere wijntjes drinken, musea, theater en concerten bezoeken, vakantie, Den Haag…
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? Vrede, liefde, vriendschap en een warme thuis
Pieter – multisporter en Chouffemaatje met bijzonder sympathieke familie
Welk sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven? Het is lastig om slechts één moment te kiezen uit 2025, een jaar waarin het op sportief vlak nooit heeft stilgestaan, zowel voor mijzelf als voor de mensen om me heen. Daarom buig ik de vraag een beetje om en kies ik voor twee topweekends! – Het La Chouffe-weekend is sowieso altijd een hoogtepunt. Dit jaar verkende ik vrijdag op de fiets zeven uur lang de wegen tussen Borchtlombeek en Houffalize met mijn ‘halfbroer’ Stijn. Zaterdag hebben we ons geamuseerd met het supporteren voor Hans, Sam en Joke op de lange trail. Zondag mochten Stijn en ik Lisa vergezellen tijdens haar eerste stapjes in de trail wereld op de 36 km. Hoe langer ik sport, hoe meer ik geniet van samen actief zijn met mensen om wie ik geef, in plaats van alleen te focussen op mijn eigen wedstrijden. – Het tweede weekend was natuurlijk de marathon van Lisa in Valencia! Ze is nu officieel een Marathon Woman. Het was prachtig om te zien hoe ze groeide tijdens haar voorbereiding en hoe ze, ondanks wat kwaaltjes, karakter toonde en er volledig doorkwam.
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Als ik mijn Spotify Wrapped mag geloven ben ik helemaal betoverd door Herman Van Veen. Met ‘Toveren’ stond hij op 1 met 145x beluisterd! Toch kies ik tijdens het sporten voor de ‘goede’ marginale remixen van Soundcloud.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? Tegenwoordig op de indoortrainer of tijdens de sporadische coffee rides. Maar het best was hij toch in Gaios een klein stadje op het eiland Paxos waar boten spotten de grootste bezigheid was.
Waar kijk je naar uit in 2026? Mijn zus trouwt in de zomer en in oktober staat mijn eerste Ironman gepland dus 2026 zal zeker weer een goed gevuld jaar worden!
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? Een sportief en gezond jaar! Waar ze kunnen genieten van alles rond hun en hopelijk door de sport of andere hobby’s mensen kunnen leren kennen waar ze nog veel plezier mee kunnen beleven, zoals ik met Joke en alle anderen doorheen de jaren.
Sam – alleskunner en met hem erbij is alles een feest
Welk sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven? Het WK wielrennen in Rwanda mogen beleven was een droom waar ik al jaren lang mee in mijn hoofd zat en het was een unieke ervaring die me nog jarenlang zal bijblijven. Niet alleen omdat het indrukwekkend was om de beste wielrenners ter wereld aan het werk te zien, maar ook omdat het het eerste WK wielrennen in Afrika was. Hoewel er veel controverse hing rond het WK, was het een ronduit prachtige ervaring voor iedereen die er bij was!
Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025? Ik ben een fervente fan van muziek luisteren terwijl ik werk, zonder lyrics weliswaar, daardoor beheersen Hans Zimmer, Ludovico Einaudi, Gibral Alcocer en soortgelijken mijn hitlijsten. Daarbuiten was ik dit jaar vooral onder de indruk van de nieuwe albums van Bad Bunny en Dave. Zeer verschillende muziek, maar beide muzikanten slagen erin om met hun unieke stijl de kleine en grote momenten van het leven te vertellen.
Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best? De Chouffe na de Chouffe trail begint stilaan toch een traditie te worden. Ik ben geen fan van bier, maar na een hele dag lopen in de warmte is er toch weinig dat beter smaakt! Zeker als je het kan delen met de vrienden waarmee je de hele dag op pad was.
Welke luister-, lees- of kijktips heb je? Voor de muziekliefhebbers raad ik de podcast ‘Fela Kuti: Fear No man’ aan, in 12 afleveringen word je meegenomen door het leven van de grondlegger van Afrobeat en leer je in een klap ook veel bij over de geschiedenis van Nigeria. Als je de artist Fela Kuti nog niet kent, zal het een fijne ontmoeting zijn met zijn muziek! Voor de mensen die meer fan zijn van Nederlandstalige podcasts, raad ik ‘Op zoek naar Marlotte aan’. Ik wil er niet te veel over zeggen, want dat zou de spanning spoilen, maar wees klaar voor een plotwending in elke aflevering. Ten slotte kan ik als kijktip ‘Le choix de Sonia’ meedelen. Het is het verhaal van een vrouw die in de nasleep van de aanslagen in Parijs 10 jaar geleden voor een keuze stond die de rest van haar leven zou bepalen. Ze toont het gezicht van iemand die niet wou buigen voor de angst die terrorisme ons probeert in te wrijven. Nog maar te zien tot 14 februari 2026 op VRT max, dus snel bij zijn!
Waar kijk je naar uit in 2026? Op loopvlak was 2025 een iets minder jaar dan 2024, blessures hebben iets te vaak roet in het eten gegooid. Ik hoop dus vooral op een blessurevrij jaar in 2026 met als hoogtepunt de 100 km trail in La Chouffe in juli met mijn favoriete loopmaatjes Hans en Joke. Daarnaast kijk ik er ook enorm naar uit om samen met mijn vriendin Sintija in haar thuisland haar eerste marathon te lopen tijdens de marathon van Riga!
Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026? Geluk begint in het hoofd, ik wens dus iedereen voornamelijk een goede mentale gezondheid toe en dit zou voor sommige wereldleiders waarschijnlijk ook helpen 😉
Zondag 21 december 2025 was de kortste dag van het jaar. Met een graad of 10 deed niets vermoeden dat dit het begin van de winter was en bovendien de donkerste dag. Als de zon schijnt in Kasterlee, dan doet ook niets vermoeden dat je daar in de hel bent beland. Ik had me nochtans op het ergste voorbereid. Onder mijn jas droeg ik een soort herdersgilet waarmee je zelfs in een tochtige stal toasty warm blijft. Mocht dat niet volstaan, dan had ik in de auto nog een extra jas en handschoenen (beide officieel m’n warmste exemplaren). Na 100 meter wandelen deed ik m’n muts uit en gingen ook een paar knopen van de jas open. In 2017 was ik voor het laatst als supporter aanwezig in de Hel van Kasterlee en de 4 edities dat ik ging supporteren waren ronduit bar te noemen. Maar nu voelde ik het vuur van de hel dus branden.
Lang verhaal kort: de Hel van Kasterlee wordt de zwaarste winterduatlon ter wereld genoemd: een urenlange strijd in en rond een sporthal, wat zanderige bosjes en velden in de Kempen. Op het programma staat 15 kilometer lopen, 125 kilometer mountainbiken om af te sluiten met een loopnummer van 30 kilometer. Je bent daar makkelijk een dag zoet mee, afhankelijk van het weer natuurlijk dat in putje winter doorgaans bikkelhard is. De Hel is een familie-evenement pur sang omdat mijn broer Seppe die iconische wedstrijd al 10x kon winnen. Mijn papa en ik deden ook 4x mee. Ik maakte mijn debuut in 2018 toen ik in een sneeuweditie naar een bronzen medaille kon lopen en fietsen. Onvergetelijk! Mijn laatste deelname dateert van 2022, toen was het ijzig koud, maar wel betoverend mooi (en de race voor mij veel te snel).
Ik keerde dus terug als supporter. Seppe zou namelijk bij zijn 13e deelname op zoek gaan naar een 11e titel. Hans kende De Hel alleen van de verhalen en wilde het spektakel ook wel eens live beleven, goed wetende dat daar een risico aan verbonden was: zin krijgen om zelf deel te nemen. Het parcours lag er razendsnel bij en dat betekende dat Seppe in een kopgroep van 4 om 11u al 70 km had gefietst. Met de familie verzamelden we in Het Bosje: een dennenbosje achter de sporthal wat door de verfrissende boslucht en de pittoreske dennenappels echt promotie is voor mountainbiken in de winter. De relatieve warmte was een veelbesproken onderwerp en natuurlijk ook Seppe zelf die als een jekko op een Orbea over het parcours raasde. Eveneens familietraditie langs de zijlijn dat is de uitgebreide bevoorrading van Marike. Denk aan een buffet in camionette-stijl: belegde pistolets, platgedrukte, maar wel heel lekkere croissants, zelfgebakken wafels en koekjes. De eigen energie op peil houden is net zo belangrijk om als supporter het beste van jezelf te kunnen geven.
Met 4 koplopers op de fiets zou de race beslist worden in het afsluitende loopnummer. Natuurlijk gun ik mijn broer de overwinning het allermeest. Anderzijds vind ik dat je ook als supporter met niet-winnen moet kunnen omgaan als je een decennium lang zus van de winnaar bent geweest. Seppe zou het moeten hebben van zijn raketstart bij de 30 km, dat was mijn voorspelling. Het was dan ook even schrikken en slikken toen Nick Peers op indrukwekkende wijze, met soepele tred en vastberaden blik, als eerste de tent uitkwam. Seppe volgde op ongeveer een halve minuut. Dat lijkt niet veel, maar begin er maar aan om zo’n gat dicht te lopen als je al ruim 4 uur topsport in de benen hebt zitten. Dankzij de live tracking konden we de race op de voet volgen. Na 2,5 km was Seppe al tot bij Nick gelopen. Op de beelden achteraf zouden we zien hoe hij twee venijnige versnellingen nodig had om de enige koploper van toch wel een beetje zijn Hel van Kasterlee te worden. Na de passage aan de sporthal (het loopnummer bestaat uit 2 rondes van 15 km) en een behoorlijk ruime voorsprong was het duidelijk: Seppe was overtuigend op weg om zijn 11e overwinning binnen te halen. Na 6 uur en 34 minuten mocht hij de deur van de Hel weer openen om op de rode loper binnengehaald te worden. Het klinkt allemaal dramatisch en het is nog eens zo beklijvend als je het live meemaakt: uit je dak gaan op Kind van de duivel en Highway to Hell om te beseffen dat het toch fantastisch is om in het kamp van de winnaar te zitten. Wat een ongelooflijke tour de force van die broer! Een raket, ik zei het al.
Kriebelt het nu om zelf nog een keer mee te doen? Dat is dubbel. Enerzijds: ja natuurlijk! omdat het een ongelooflijke zotte race is om als atleet deel van uit te kunnen maken. Anderzijds: nee natuurlijkniet! omdat ik weet hoeveel tijd en energie het van je najaar vraagt om die vele (donkere en natte) trainingsuren op de fiets te maken. Bovendien is ook in de Hel van Kasterlee de trend van alle loopevents zichtbaar. Er wordt een steeds groter en professioneler publiek bereikt. De looptijden zijn belachelijk snel, de mountainbikes steeds duurder en de carbonschoen een evidentie. Ik heb me altijd al geïntimideerd gevoeld in die omgeving, ik heb het gevoel dat ik me er nu nog minder zou thuis voelen als loper die ook wel eens wil fietsen.
Het fotografische bewijs van ons moment in de Hel komt niet alleen van mezelf, maar ook van Roos en Leah, die ook weer van de partij was en samen met Emil liefst van al eet om de verveling tegen te gaan. Gelukkig staken wij ook ons beste beentje voor om de jeugd te vermaken, een rondje foto’s maken hoorde daar bij. Het was een geslaagde dag in Kasterlee.