De blog – Over twee jaar schrijven

Hip hip hoera voor mijn blog die deze week zijn tweede verjaardag vierde! Wat in 2018 begon als een project waarvan ik niet wist hoe het zou uitdraaien, is nu uitgegroeid tot een volwaardige vrijetijdsbesteding. Al twee jaar deel ik op deze plek wat van mijn leven. Al twee jaar lang schrijf ik heel regelmatig over uiteenlopende onderwerpen. Al twee jaar lang beleef ik daar veel plezier aan. Ik leer er nog steeds veel uit. Tijd om de balans op te maken. Wat leerde ik en waar ben ik trots op?

  • Mijn familie is altijd goed voor een straf verhaal. Ze doen dat niet om mij te plezieren en mijn blog van inhoud te voorzien, maar ze nemen de complimenten graag in ontvangst. Het kost mij relatief weinig moeite om die verhalen neer te pennen. Inspirerende mensen: die ouders, broer en zusjes van mij.
  • Ook zonder sociale media vinden lezers van diverse pluimage hun weg naar deze plek, al is het wellicht minder talrijk dan als ik mijn digitale nest zou aanprijzen via die kanalen. Daar voel ik echter weinig voor. Grootse principes schuilen daar niet achter. Mijn motto is: wie me zoekt, zal me uiteindelijk wel vinden.
  • Inspiratie zit echt overal. Op momenten dat ik denk dat ik ben uitgeschreven, stoot ik altijd (meestal al lopend) op iets waarvan ik denk: vreemd, dat ik hier niet eerder over verteld heb. Ideeën schieten wel eens als paddenstoelen uit de grond.
  • Het is steeds makkelijker om trouw te blijven aan mezelf. Ik schrijf hier over wat mij bezighoudt en intrigeert. Ik durf daarin steeds meer mijn eigen weg te gaan. Goede leescijfers zijn mooi meegenomen, maar mogen niet primeren. Wat ik hier schrijf ben ik zelf. Vreemde hersenkronkels inbegrepen.
  • Ik kan in alle eerlijkheid over mijn persoonlijke pieken en dalen vertellen zonder mijn diepste zielenroerselen online te gooien. Uiteraard gooi ik hier niet alles te grabbel.
  • Schrijven werkt louterend en helpt me mijn gedachten op orde te krijgen. Als er structuur is op papier, dan ook een klein beetje in mijn hoofd. Het voelt goed om op gezette tijden te schrijven en op die manier toch een soortement dagboek bij te houden om zo nu en dan in terug te lezen.
  • Hoewel ik nooit journalistieke ambities heb gehad, voelt het alsof ik verslaggever ben van mijn eigen leven. Soms lees ik elders een artikel en denk ik: damn, dat had ik graag zelf geschreven. Mijn respect voor professionele schrijvers is er nog groter op geworden.
  • Als ik het kan, dan kan echt iedereen een website maken en beheren. Slechts zelden ontglipt mij een zachte vloek als mijn digitale skills me in de steek lijken te laten. Of de technologie. Onthoud: het is altijd de schuld van de technologie.
  • Mijn blog beleeft de grootste piek de week na de Hel van Kasterlee. Zowel deelnemers als toeschouwers hebben dan blijkbaar behoefte aan levensechte verhalen over die gebeurtenis. Zelfs onbekenden blijken fan van mij als sporter te zijn. Hoe cool is dat?
  • Onder andere na afloop van de Hel kreeg ik heel wat hartverwarmende persoonlijke berichten via mijn blog. Weet dat ik die stuk voor stuk koester. Op momenten dat het tegenzit, lees ik ze en verschijnt er spontaan een glimlach op mijn gezicht.

Bedankt, lieve lezers! Zonder jullie zou dit plekje nooit zo warm aanvoelen. Daar drink ik een koffie op. Cheers!

 

 

Een bericht en vraag voor jullie

Lieve lezertjes

Ik weet dat het dinsdag is, maar verder is tijd een flou begrip tijdens de quarantaine. Dagen lijken naadloos in elkaar over te gaan. Een weekdag lijkt op een weekenddag en vice versa. In het weekend ga ik naar de bakker, in de week wacht ik op de post. Er is een voor-corona en er komt ook een na-corona. Ik vertelde al dat ik mijn familie en leerlingen mis, wat echter niet wegneemt dat ik me bovenal prima vermaak. Het was lang geleden dat ik nog eens het grote kruiswoordraadsel in de weekendkrant kon maken, ik heb geen zwervend wasgoed dat de weg naar de kast niet vindt, ik dweilde zelfs mijn terras. Ik kijk films, online opera, de vlogs van Viktor Verhulst en ik lees boeken. Ik verbaas me over het repertoire aan slaaphoudingen van mijn kat Ada. Ik bekeek een documentaire over de Amazone en de Nijl. Ik stapte bijna op het vliegtuig om te gaan backpacken toen ik me realiseerde dat ik mijn verhuis moet voorbereiden die eind mei zal plaatsvinden. Deze periode beschouw ik dan ook als een intens afscheid van het appartement waar ik vijf jaar woonde.

Kortom, het gaat goed met mij. Ik hoop van harte dat ook jullie gespaard bleven van verdriet en grote zorgen, dat jullie er in slagen om dit leven meestal oké te vinden omdat het ook niet eeuwig zal duren. Mijn tegeltjeswijsheid voor nu is Koester wat je hebt, maar ook wat je mist.

Het ontbreekt me dezer dagen niet aan inspiratie, al heb ik wel een verzoek voor jullie. Zijn er onderwerpen die ik nog onbeschreven liet? Is er iets wat je graag van mij zou weten? Zijn er praktische of filosofische vragen die ik dringend moet beantwoorden? Is er een reeks waar ik heel snel een vervolg op moet schrijven? Welk aartsmoeilijk dilemma zou je mij willen voorschotelen? Vragen staat vrij! Laat hieronder een reactie achter of stuur me een bericht. Ik kijk uit naar jullie antwoorden!

Tot slot heb ik nog een vrolijke tip voor jullie. Artistieke collega Pol maakte een aanstekelijke compilatie van de Work From Home bezigheden van leerlingen en leerkrachten van mijn school. Live muziek, zang, dans, zwoele poses en trampolinekunsten. Zoveel talent op onze school, zo blij dat dit mijn team is. Ik word er helemaal warm van.

Hou jullie goed en tot snel!

Joke
X

 

 

Het moment – En nu op naar 2020!

Lieve lezers

Op kerstdag maakte ik een boswandeling. Een zeldzaamheid, want ik begeef me eigenlijk nooit op wandeltempo door het bos. Het deed me oprecht deugd om zonder verwachtingen mijn ene voet voor de andere te zetten, zonder snelheid te maken, zonder vooropgesteld doel en verdere planning in mijn hoofd. De zon scheen zelfs en ik ging op een bank zitten. Ik hield geen terugblik op mijn jaar. Er schoten geen grootse ideeën door mijn hoofd. Voor eventjes was het gewoon heel fijn om op die bank te zitten. Tot ik me weer verveelde en verder wandelde.

Mijn prestatie in de Hel van Kasterlee zindert nog na. Ik doorstond heel wat emoties tijdens mijn strijd van bijna 12 uur. Na de opluchting overheerst nu het warme gevoel dat ik kreeg door de complimenten en overdonderend mooie woorden uit verschillende hoeken. Sport dat is emotie, twijfel daar maar niet aan. Heel wat mensen vonden hun weg naar mijn blog en lieten een hartverwarmend bericht achter. Zelfs als ik diep nadenk, vind ik niet de juiste woorden om uit te drukken hoeveel deugd mij dat doet.

2019 was een vurig jaar. Het ging soms van hard, harder, hardst waarbij ik mezelf al eens uit het oog verloor. Soms voelde ik me onoverwinnelijk on top of the world, soms een mislukkeling die alleen maar in de zetel wilde liggen. Ik werd ontroerd, verbaasd en diep geraakt door wat ik las en zag. Ik huilde dikke tranen van miserie, maar ook onzichtbare tranen van tevredenheid. Ik liep en fietste, soms alsof mijn leven ervan afhing, meestal omdat het gewoon zo plezierig was. Ik leerde dat wie zich kwetsbaar durft op te stellen geen zwakkeling is. 2019 was kortom een jaar waarin ik mezelf weer wat beter leerde kennen, in goede en kwade dagen.

2020 staat ongeduldig aan de deur te wachten. Binnenkomen doet het sowieso. Het viel me op dat 2020 er handgeschreven uitziet als zozo. Ik hoop dat het jaar voor jullie allesbehalve zozo mag zijn. Dat het een jaar mag worden van zooooo en ohzo! van zo, dat nemen ze me niet meer af en van hehe, zo is het wel weer mooi geweest. Ik wens jullie vooral heel veel van het kleine. Een joggingbroekmoment, een spinnende kat op schoot, een lekkere boterham met kaas (of iets anders), een mooi bos en veel liefde in al zijn verschijningsvormen. Ik wens jullie ook een beetje van het grootse. Zo nu en dan een moment waarop je boven jezelf en het universum uitstijgt. Zoek niet wat je niet kan of durft, maar doe waar je al vaak aan dacht. Denk eens goed na. Doe wat goed voelt. Doe vooral.

Bedankt voor alles! Jullie zijn geweldig!

Joke
X

 

 

Het moment – Schrijftalent gespot in de klas

Schrijver, journalist, avonturier, Lost Generation, Nobelprijswinnaar. Het is onmogelijk en zelfs ronduit oneerbiedig om Ernest Hemingway te beschrijven in amper zes woorden: welgeteld één woord per decennium dat Hemingway de literatuur van de 21e eeuw gestalte gaf. In zes woorden kan je het turbulente leven van de in Chicago geboren Amerikaan niet vatten. Geen woord over zijn bewogen leven in Parijs tijdens de roaring twenties. Geen woord over zijn twee huwelijken en drie zonen. Geen woord over zijn betrokkenheid tijdens de wereldoorlogen en de Spaanse Burgeroorlog. Geen woord over zijn trieste levenseinde dat getekend werd door alcohol en depressies. Geen woord over zelfdoding. Nochtans was het Ernest Miller Hemingway himself die – zo wil het verhaal – op café een weddenschap met vrienden afsloot omdat hij beweerde een verhaal van slechts zes woorden te kunnen schrijven. For sale, baby shoes, never worn krabbelde hij neer en de weddenschap was gewonnen.

Ik legde Hemingway’s ver doorgedreven vorm van flash fiction voor aan mijn leerlingen van het vijfde jaar. De eerste vraag was: is dit wel een verhaal? De meningen waren verdeeld. Langs de ene kant hoorde ik een duidelijke nee omdat er geen personages zijn, je helemaal niets weet en die zes woorden net zo goed een betekenisloos zoekertje in de krant zouden kunnen zijn. Langs de andere kant gingen er ook heel wat stemmen op voor de verhalende waarde van deze korte zin. Hemingway’s zes woorden roepen een beeld op: een vader en moeder verliezen een kind en bieden de voorziene schoentjes te koop aan. Je voelt de leegte en het verdriet, ook al staan die er niet. Een leerling concludeerde dat zes woorden geen verhaal vormen, maar dat ze wel een verhaal kunnen vertellen. Laat net dat de kern zijn van een six word story ofte zes-woorden-verhaal.

Ik daagde de vijfdejaars leerlingen uit om een verhaal van exact zes woorden te schrijven. Omdat je ware creativiteit niet aflevert op bevel was het een vrijblijvende taak en een bescheiden wedstrijd onder het mom: wie is de Hemingway van onze school? Om een verhaal te vertellen met zes woorden moet je vertrekken vanuit een groter verhaal. In de klas bedachten leerlingen dus een overdaad aan dramatische situaties. Dat grotere verhaal werd vervolgens steeds kleiner en korter tot er een minimum aan woorden overbleef. Een schrijfoefening waarbij je meer moet schrappen dan schrijven, zonder dat de lezer het gevoel krijgt dat er betekenisvolle woorden zijn weggelaten. Het is een delicaat evenwicht tussen net genoeg vertellen om je lezer te prikkelen zodat die een concrete situatie voor ogen krijgt en voldoende mysterie behouden zodat de verbeelding het verhaal kan vormen. Een zes-woorden-verhaal overstijgt ook de gevatte quote.

Er bevindt zich duidelijk heel wat creatief schrijftalent onder mijn leerlingen en daar kan ik niet anders dan heel gelukkig van worden. Kiezen tussen 22 parels was een aartsmoeilijke opdracht. Uiteindelijk mochten alle leerlingen van het vijfde jaar hun stem uitbrengen, net zoals mijn collega’s Nederlands en de directie. Schrijven is schrappen en kiezen is ook verliezen. Het viel meteen op dat enkele verhalen er bovenuit staken en afgetekend de leiding namen. De nummer 1 liet zich niet van de troon stoten. Voor de ereplaatsen ging het lang haasje over. Gisteren werden de prijzen uitgereikt en de winnaars bekend gemaakt. Ga nu goed zitten en geniet van de beste verhalen. Winnaars Staf en Lucas staan uiteraard bovenaan.

Laatste halte, laatste regen, eerste tranen – Staf & Lucas
Ik en jij, maar nooit wij – Firdaous
Eén sms, schreeuwende banden, akelige stilte – Dante
Enkel mijn ogen zagen de waarheid – Amber
Wil niet weten wie me vasthoudt – Wica
Edelachtbare, u hebt de verkeerde voor – Maud
Hij traint elke dag, toch ontspoord – Ben
Jouw ogen, mijn blik, een ogenblik – Sarie & Seppe
Beroofd: kindertijd – Syrië – Oeganda – India – Zweden – Emely
Dromend zag ik hoe jij stierf – Lucas

IMG_1654b
Kasper (plaatsvervanger van Amber), Staf, Lucas, Wica, Dante en Maud: de top 5!

Wil je nog meer lezen en weten over Ernest Hemingway? Groot gelijk! Lees dan een echt boek van de meester. A Farewell to Arms is één van die boeken die mij tot tranen toe beroerd heeft: een verhaal dat heel diep sneed en waar ik nog vaak aan terugdenk. Ook de unieke sfeer van Fiesta: The Sun Also Rises kan ik zo weer oproepen. Als het iets luchtiger mag zijn, kijk dan vooral naar Woody Allens Midnight in Paris (al is het voor de Parijse scenery). Een (mislukte) schrijver met een romantische ziel is met zijn verloofde in Parijs. Vol weemoed verlangt hij naar de literaire wereld van de jaren twintig tot hij op een avond nietsvermoedend belandt in die roaring twenties. Hij ontmoet er kleurrijke sleutelfiguren waaronder Scott F. Fitzgerald (schrijver van The Great Gatsby), Gertrude Stein, Pablo Picasso en een baldadige Ernest Hemingway. Warm aanbevolen!

 

Daar zijn ze dan: de faq!

Ik kon niet langer achterblijven. Een website zonder frequently asked questions, kortweg faq, is als een een verjaardag zonder taart of ontbijten zonder koffie. Uiteindelijk ging ik nog redelijk lang faq-loos door het leven. Ik had er namelijk nooit bij stilgestaan dat er überhaupt vragen zijn die vaak aan mij gesteld worden. Ze kwamen echter meteen tevoorschijn toen ik er eenmaal over begon na te denken. *tromgeroffel en trompetgeschal*
Op deze pagina kan je vanaf nu veelgestelde vragen mét antwoorden terugvinden.

En vrees niet, vragen staat nog steeds vrij. Het is niet omdat ik nu kan verwijzen naar “mijn faq” dat jullie geen vragen meer op mij mogen afvuren. Ik zal ze met de glimlach beantwoorden. Verwacht niet dat ik ooit een Q&A* video zal opnemen, want zo hip ben ik echt niet.

Tot slot: mijn lievelingskleur is blauw (en Le Creuset oranje). Mijn lievelingsdier is een kat. Mijn lievelingsgetal is 13. Mijn lievelingsvak op school is taal. Niet zo frequently asked, maar net zo belangrijk.

*Questions and Answers, een filmpje dus waarin je zogenaamd spontaan vragen beantwoordt.

 

 

Hoera, de blog is één jaar!

Op een symbolische vrijdag 13 juli 2018 ging mijn blog online. Daar ging natuurlijk een proces van maandenlang getwijfel aan vooraf. Ik heb al vaker gemerkt dat als ik ideeën of bedenkingen eenmaal deel met de buitenwereld de knoop eigenlijk is doorgehakt. Door iets uit te spreken, besef ik dat verandering geen kwaad kan en dat ik het maar beter kan proberen. Na één jaar online schrijven over wat mij bezighoudt, (want dat is bloggen uiteindelijk) heb ik nog helemaal niets moeten wijzigen aan mijn uitleg waarom ik schrijf. Wel heb ik me gerealiseerd dat schrijven best een complex en tijdrovend proces is. Het is niet niks wat ik op school van mijn leerlingen vraag. Om die reden heb ik dit schooljaar bij elke schrijfopdracht geprobeerd om concreet uit te leggen hoe je dat nu aanpakt: een goede tekst schrijven. Dat iets soms lastig is of tijd vraagt, betekent overigens niet dat het niet leuk is. Integendeel. Na één jaar durf ik zonder enige gêne te zeggen dat ik graag schrijf. Het geeft voldoening om mijn gedachten te ordenen. Het is bevrijdend om onbeschaamd vreemde hersenkronkels te delen. Het is plezierig om ook online terug te blikken op mijn sportieve avonturen. Kortom een leerrijk project, elke dag weer.

Toen ik vorig jaar dus uiteindelijk besliste om een blog te beginnen, pakte ik eerst ouderwets pen, potlood en een schriftje ter hand. Alles begint met goede ideeën (vergeet dat niet!) en die had ik in overvloed. Zo ontstonden er verschillende onderwerpen en categorieën. Uiteindelijk begon ik ook teksten te schrijven die ik mogelijk online kon zwieren. Toen was er weer twijfel. Ik wist niet hoe mijn stem op papier klonk of zou moeten klinken. Welke toon moest ik aanslaan? Had ik eigenlijk wel iets te vertellen? Hoe zouden mijn digitale woorden klinken voor mensen die mij niet kennen? Ik besprak die twijfel met Roos die mijn bedenkingen meteen vakkundig wegwuifde door te zeggen dat ik er al te veel over aan het nadenken was. Ik zette me dus over de drempel heen, schreef mijn eerste vier blogposts en na een dracht van enkele maanden werd mijn blogbaby geboren. De positieve reacties van mijn familieleden deden me deugd. Het mooiste compliment kreeg ik echter van jeugdvriendin Frea. We kennen elkaar al ruim 30 jaar, ongeveer ons hele leven dus. Zij maakte mijn blogproces van dichtbij mee en stuurde me enkele dagen na de eerste posts mooie woorden. Als iemand die me al zo lang kent, zegt dat ik oprecht over kom, dan durf ik dat te geloven.

Ik vertelde al eens dat ik aanvankelijk niet van plan was om ook over boeken en muziek te schrijven. Dat gaat ook in tegen het algemeen blogadvies om je op één specifieke doelgroep te richten en je blog dus te beperken tot een afgebakend onderwerp. Ik heb echter weinig toe te voegen aan de praktische informatie over lopen die overal te vinden is. Eigenzinnig als ik soms ben, sloeg ik dat advies dus in de wind. Ik schrijf graag een verhaal over wat ik zie, hoor, ervaar, beleef en opvang. Lopen is een onmisbare activiteit in mijn leven die verder reikt dan het sportieve element. Het is gelukkig niet het enige dat er toe doet in mijn leven. Daarom voelde het onnatuurlijk om mezelf te beperken tot de kilometers die ik loop (en nu dus ook fiets). En zo geef ik dus al eens boekentips, schrijf ik over mijn muzikale idolen en het leven op school. Niet iedereen zal alles interessant vinden, maar dat is helemaal niet erg.

Als ik elk van de 124 teksten die hier inmiddels verschenen nog eens zou nalezen, zou ik ongetwijfeld hier en daar nog iets kunnen wijzigen. Details welteverstaan. Al bij al sta ik nog steeds achter elke tekst die hier te lezen is. Elk onderwerp vormt op een andere manier een uitdaging. Bij een verslag van een marathon wil ik zo goed mogelijk weergeven wat ik heb doorgemaakt zonder dat het al te langdradig wordt, want dat is een marathon nu eenmaal. Bij een kritische kanttekening wil ik met een open geest een doordachte argumentatie opbouwen zonder dat ik al te drammerig overkom. Lastig soms, maar uitdagingen zijn er om aan te gaan. Juist door de variëteit aan onderwerpen blijft het voor mij boeiend om te schrijven. Ik kan dan ook onmogelijk een favoriete post of rubriek aanduiden. De portretten die ik over mijn familieleden schreef, vallen duidelijk goed in de smaak. Met name de tekst over mijn Oma – die overleed op Kerstmis – leek bij heel wat lezers een gevoelige snaar te raken. Oma valt natuurlijk niet te vatten in slechts 1000 woorden, maar toch lukte het me wonderwel om zowel mijn verdriet als haar warmte te vatten. Als ik die tekst terug lees, voelt het alsof ik weer eventjes dichter bij haar ben. Zonder blog zou dat eerbetoon nooit hebben bestaan.

Lieve lezers, ik wil jullie stuk voor stuk bedanken. Een blog zonder lezers zou immers een heel eenzame bedoening zijn, een beetje zoals praten tegen een betonnen muur of in de oneindigheid. Bedankt voor jullie aanwezigheid, jullie steun en enthousiasme. Merci voor de reacties! Op naar een nieuw blogjaar. Vandaag eten we taart. Santé!

 

Bericht 100 op een sportieve hoogdag

Op 13 juli 2018 werd mijn blog geboren. We zijn nu bijna negen maanden verder en dit is mijn honderdste bericht. 100 berichten, goed voor zo’n 88.000 woorden. Ik droomde onlangs dat mijn blog in boekvorm verschenen was. De cover was afgrijselijk: donkergele letters op een gele ondergrond. Ook in mijn droom vond ik dat spuuglelijk. Ik vind het wel toepasselijk om deze symbolische blogpost op een hoogdag voor de loper en fietser te plaatsen. Om 10u wordt namelijk het startschot gegeven van de marathon van Rotterdam die zichzelf De Mooiste noemt. Publieksfavoriet Abdi Nageeye hoopt het Nederlandse record van 2:08:16 scherper te stellen. Belgische trots en Europees kampioen Koen Naert wil zich in Rotterdam plaatsen voor de Olympische Spelen 2020 in Tokyo. Ik duim volop voor loopmaatje An die eveneens aan de start staat in Rotterdam. De marathon is live te volgen via NPO1. Ik zeg: kijken! En als je niet weet wat er in de namiddag op het sportieve programma staat, dan heb je de afgelopen dagen onder een steen geleefd.

Mijn leven is niet drastisch veranderd sinds ik op regelmatige basis mijn gedachten en verhalen hier neerschrijf. Al vertelde ik ook in mijn 42e bericht dat ik mijn blog niet als iets geheel vrijblijvend beschouw. Ik leg mezelf al eens druk op om iets te publiceren. Het ontbreekt me zelden aan inspiratie, maar veelal aan tijd. In het najaar had ik veel te vertellen over de marathon in Brussel, mijn derde plaats in de Hel en vooral hoe ik me daarop voorbereidde. In januari heb ik dan ook even gedacht dat mijn (online) verhaal verteld was. Ik maak elke maand een ruwe planning van onderwerpen waar ik over kan schrijven, maar ik merk dat mijn teksten vooral organisch ontstaan. Vaak treedt er uit onverwachte hoek plots een bepaald onderwerp naar de voorgrond en genereert dat weer nieuwe ideeën. Zo lag de focus in februari vooral op mijn leven als (lopende) leerkracht.

Door honderd teksten te schrijven kreeg ik meer inzicht in hoe een schrijfproces bij mij verloopt. Zo kost het me meer moeite om de juiste woorden te vinden in periodes dat ik wat worstel met mezelf. Ik lijk dan onzekerheid te bespeuren in elk woord dat op mijn scherm verschijnt. Het kost me weinig moeite om te schrijven over mijn loopverhalen en ook de goed gesmaakte portretten van mijn familieleden vloeiden relatief vlot uit mijn virtuele pen. Dat neemt niet weg dat elk bericht me de nodige tijd kost. Een blogpost moet kunnen groeien in mijn hoofd. Ik moet op een ongedwongen manier informatie en ideeën kunnen verzamelen. Het zal jullie niet verbazen dat lopen en fietsen een ideale generator vormen. Tijdens het sporten kunnen er plots zinnen door mijn hoofd vloeien die ik dan met behulp van ezelsbruggetjes probeer te onthouden tot ik thuis ben. Als ik over een onderwerp wil schrijven en die ideeën komen niet spontaan naar boven, dan zet ik het in de frigo voor later.

Ik probeer er niet al te veel bij stil te staan wie wat hier allemaal leest. Soms vraag ik me af hoe ik overkom bij mensen die mij niet in het echte leven kennen. Hoewel ik bijvoorbeeld geen klager wil zijn, ben ik me ervan bewust dat ik het hier vaak heb over mijn twijfels en onzekerheden. Ik stel me soms kwetsbaar op, maar ik deel ook niet mijn allerdiepste zielenroerselen met het wereldwijde web. Daarnaast ben ik soms ook overdreven enthousiast en heb ik vaak een duidelijk omlijnde mening. Ik denk dat die twee uitersten mij wel typeren als mens in het echte leven en dat ik hier dus een redelijk waarheidsgetrouw beeld van mezelf schets. Uit de statistieken van mijn blog leerde ik dat de portretten die ik schreef over mijn familieleden telkens veel bezoekers trokken en mijn leeservaringen duidelijk wat minder. Dat houdt me echter niet tegen om over boeken te blijven schrijven. Ik ga immers ook geen familieleden verzinnen om er nog meer in de spotlights te kunnen plaatsen. De inspiratie ligt overal voor het grijpen.

Bedankt, lieve lezers, om hier zo af en toe of juist heel vaak te komen lezen. Geniet van de zon, trek er op uit of blijf gewoon lekker in de zetel zitten. Ik wens jullie een schitterende zondag toe!

 

Gelukkige Gedichtendag!

Morgen is het Gedichtendag en dat is de aftrap van de Poëzieweek. Tom Lanoye verzorgt voor die gelegenheid het Poëziegeschenk getiteld Vrij – Wij? dat volledig in lijn ligt met het thema van de Poëzieweek: vrijheid. Zeg maar: poëzie, is dat geen complex gezweef en moeilijk doen met taal? Nee, in het geheel niet. Zoals ik hier al vertelde, leerde ik van Ellen Deckwitz dat poëzie de dingen niet gewoon zegt zoals ze zijn omdat de dichter de boodschap juist zo precies mogelijk wil weergeven. Poëzie vind je bovendien overal en is er voor iedereen. De Poëzieweek is een reden te meer om in de klas alle poëtische registers open te trekken.

Als lezer en leerkracht Nederlands past het wellicht binnen het plaatje om ook een poëzieliefhebber te zijn. Toch heb ik lange tijd weinig gehad met gedichten. Poëzie sprak me aan als cultureel-historisch product, maar het kon me niet echt raken. Zo vond ik tijdens mijn studies de achtergrond en het mysterie van Shakespeares sonnetten uitermate boeiend en het dramagehalte van die overvolle zinnen vond ik wel iets hebben. Waar ik echter meteen helemaal overspoeld werd door de veelzijdigheid van de magische wereld der literatuur, bleef poëzie lang een gesloten koffer die ik slechts sporadisch opende. Als tienerboekenmeisje las ik wel poëzie omdat ik het idee had dat het erbij hoorde. Als literatuurwetenschapper had ik niet de ambitie om De Poëzie te leren kennen. Het paste ook niet binnen mijn leespatroon. Lezen doe ik bij voorkeur lang aan een stuk om helemaal in een boek te kunnen kruipen. Ik weet nu dat je poëzie niet leest zoals een boek.

De poëtische vlam ontsprong ook niet meteen toen ik les begon te geven. Ik was wederom vooral gefascineerd door de tijdsgeest die bijvoorbeeld middeleeuwse dichters weergeven. Ik heb poëzie leren waarderen zoals ik koffie heb leren drinken: eerst met veel melk zodat ik niet echt koffie proefde. Gedichten die dus behapbaar zijn en iets herkenbaars oproepen omdat ze vaak inspelen op de grote emoties. De vergelijking gaat misschien niet helemaal op, want ik ben een verfijndere koffiedrinker dan dat ik een connaisseur van de poëzie ben. Inmiddels word ik wel helemaal lyrisch van een klassieker als het Egidiuslied, een pareltje uit het Middelnederlands waarin de zanger/dichter (ook toen waren die grenzen dun) het gemis van zijn vriend Egidius uitdrukt en daarbij hoe vreselijk oneerlijk het leven is. Ik zeg wel eens tegen mijn leerlingen (met enige overdrijving, want zo ben ik) dat ik een heel schooljaar les zou kunnen geven over dat gedicht.

Als ik in de klas poëzie bespreek dan vertel ik eerst dat je een gedicht niet moet willen begrijpen zoals het verhaal van een film. Je moet de poëzie durven ondergaan. De sleutel ligt niet in de analyse of interpretatie, maar in wat het teweeg brengt. Dat kan een eenvoudige glimlach zijn, een bedenkelijke frons of grimas, een steek van herkenbaarheid of helemaal niets natuurlijk. Er zijn drie dingen die opvallen als mijn leerlingen (met name de vierdejaars) uit poëziebundels gedichten selecteren. Ten eerste kiezen ze meestal voor iets wat kort is, zonder al te moeilijke woorden en met een duidelijke structuur: melk en suiker in de koffie dus. Op een tweede niveau grijpen ze naar absurde gedichten die spelen met de genrekenmerken: willekeurige klanken bijvoorbeeld of een parodie op het sonnet. Mevrouw, dat is toch geen poëzie: dat kan ik ook! Wat echter vooral opvalt is dat leerlingen erin slagen om zelfs in de dikste bundel in een mum van tijd gedichten te detecteren die verwijzen naar de lichamelijke liefde. Zij lijken hier een zesde zintuig voor te hebben en kunnen dan plots heel goed tussen de regels lezen. Poëzie is dan gewoon het feest van de dubbelzinnigheid.

Aan mij is er geen dichter verloren gegaan. Laat mij het maar bij lezen en uitleggen houden. Ik ben een grote fan van dichteres Maud Vanhauwaert. Enkele jaren geleden sloot zij Iedereen beroemd af door mensen op straat te verrassen met poëzie. Ik toon die fragmenten in de klas omdat ze aantonen hoe iets heel geks tegelijkertijd ook doodnormaal kan klinken. In 2015 won Maud Vanhauwaert de Herman De Coninck publieksprijs met Wij zijn evenwijdig.

maudvanhauwaert

Leve de poëzie! Geef er deze week een poëtische lap op!

Loperpraat – Over planning en organisatie in tijden van chaos

Ik heb eigenlijk geen tijd om deze blogpost te schrijven. Het zijn immers drukke tijden. Op professioneel vlak betekent de maand november traditiegetrouw bergen werk verzetten op en voor school. Bovendien werkte ik enkele dagen op de Boekenbeurs en volg ik dit weekend een bijscholing. Dat ik dan ook nog eens 9 trainingen per week probeer in te plannen voor mijn eerste duatlon over 4,5 week helpt mijn agenda niet bepaald vooruit. In tijden van chaos word ik onrustig als ik het idee krijg achter de feiten aan te hollen. Ik ontwikkelde dan ook verschillende methoden om drukte te handhaven en stress tot een minimum te beperken. Dat werkt. Meestal toch.

Enkele jaren geleden las ik David Allens bestseller Getting Things Done – How to Achieve Stress-free Productivity. Net zoals The Seven Habits of Highly Effective People van Stephen R. Covey is dit boek hét standaardwerk om te leren hoe je tijd nuttiger en efficiënter te besteden en komaf te maken met uitzichtloze to-dolijstjes. Allen gebruikt de benaming stuff om alles aan te duiden wat ons bezighoudt en mogelijk stress veroorzaakt. Denk hierbij aan werkgerelateerde deadlines en dingen die je niet mag vergeten, maar net zo goed huishoudelijke beslommeringen en karweitjes of persoonlijke beslissingen die je aandacht vragen. Daarnaast heeft iedereen ook grootsere projecten en ideeën die niet meteen uitgevoerd moeten worden. Als al dat stuff niet gecentraliseerd wordt opgeslagen, dan zal ons geheugen herinneringen blijven doorsturen over waar je allemaal aan moet denken, waardoor het onoverzichtelijk wordt wat je nu juist moet doen en stress vrij spel krijgt. Allen noemt dit de gevreesde open loops.

Om je productiviteit te verhogen moet je dus ten allen tijde vermijden dat die losse flarden blijven ronddwalen en stress uitlokken door één duidelijke plaats te hebben waar ze allemaal gestockeerd worden. Dit magazijn kan je op digitale of papieren wijze organiseren en het moet aangekleed worden met verschillende rekken. Daarenboven moet je ervoor zorgen dat je enkel concrete acties noteert. Schrijf op je to-dolijst dus niet trip Parijs, maar denk na wat de eerstvolgende concrete actie is die je moet ondernemen om die trip te plannen. Bijvoorbeeld dat je je zus moet bellen om een datum vast te leggen. Elke actie die minder dan twee minuten in beslag neemt, moet je ook meteen uitvoeren. Voor mij was die werkwijze wel een eye opener. Ik realiseerde me dat ik stress en onrust ervaar als ik geen grip heb op het werk dat gedaan moet worden en de dingen die ik wil realiseren.

Als ik mijn weekplanning opmaak dan moet die realistisch en concreet zijn. Uit ervaring leerde ik dat het het geen voldoening geeft als je planning is in het weekend ga ik examens maken. Je kan namelijk nooit heel het weekend productief zijn en je zal altijd het idee hebben dat je niet genoeg hebt gedaan. Ik bepaal dus per dag hoeveel uur ik kan werken en specificeer welk examen klaar moet zijn. Hetzelfde geldt voor sport: ik bereken hoeveel uren ik gelopen of gefietst wil hebben en ik spreid die trainingen zo verstandig mogelijk over de beschikbare tijd. ’s Ochtends gaan lopen vind ik dan ook een win win situatie omdat het een nuttige training is waardoor er overdag tijd vrijkomt. Als het enigszins kan, probeer ik om to-do’s te combineren. Zo is mijn verplaatsing met de fiets naar de bijscholing in Brussel meteen ook een training.

Eén van mijn geliefde motto’s is dat geen tijd heel vaak betekent geen prioriteit. David Allen noemt het learn to prioritise. Ik vind het belangrijk om tijd vrij te maken voor de dingen die voor mij belangrijk zijn. Rust en momenten van ontspanningen horen net zo goed gepland te worden. Als ik een uur voor school heb gewerkt, heb ik daarna bijvoorbeeld een kwartier om een koffie te drinken en de boekenbijlage van de krant te lezen. Ook lezen is een activiteit die ingepland wordt als het druk is. Een boek verdient het niet gelezen te worden in ontelbare stukken en brokken. Bewuste leesmomenten garanderen een positieve leeservaring. Al is het soms verleidelijk om me letterlijk op te sluiten in mijn werkbubbel, sociaal contact helpt ook om de zinnen te verzetten. Na wat ontspanning ga ik des te productiever aan de slag. Tijd maken om te koken en te eten is voor mij ook prioritair. Goed eten geeft weer energie om verder te gaan.

Haast en spoed zijn ook in tijden van een overvolle agenda zelden goed. Elke minuut is kostbaar, maar dat betekent niet dat je in een constante modus van gehaastheid moet verkeren. Integendeel. Diverse vormen van lompheid en impulsiviteit loeren dan om de hoek. Zo sloeg ik deze week de deur van de fietsenstalling zo enthousiast dicht dat mijn sleutelbos ertussen geklemd zat en ik bijgevolg dus eens goed moest in- en uitademen om dit euvel de wereld uit te helpen. Dat momentje van helder nadenken loonde. De positivo in mij probeert ook de essentie van mindfulness te bedrijven in het dagelijks leven. Bewust bezig zijn dus met wat je doet. In het moment leven. Blij zijn met mijn werk en de bezigheden die ik heb. Als mijn benen moe zijn op de fiets, dan concentreer ik me bijvoorbeeld op de muziek in mijn oren of ik neem de omgeving rond mij op. De herfst levert mooie mind pictures op. Geen gebrek aan verwondering. Van lopen word ik gelukkig, zei ik dat al?

Van nature ben ik een goede organisator, maar minstens een even goede uitsteller. Ik onderneem soms pas grondige actie als de deadline in mijn nek hijgt. Natuurlijk draait mijn planning soms dus ook hopeloos in de soep. Op momenten dat het water me echt aan de lippen staat, ga ik eens bij mijn katten te rade: mijn persoonlijke zenmasters en slapende hoopjes gelukzaligheid. Het is niet toevallig dat er tegenwoordig zoveel zelfhulpboeken verschijnen waarin katten het ultieme voorbeeld van een stressvrij leven zijn. Tot een duif hun blikveld betreedt.

De blog – Hoera voor blogpost 42!

Op vrijdag 13 juli 2018 ging mijn blog online en verscheen het eerste bericht op jokeloopt. Dit is bericht 42: een symbolisch getal op mijn persoonlijke marathonmedium, jullie begrijpen dat wel. 42 berichten op ruim 10 weken tijd… Ik durf hieruit te concluderen dat ik snel uit de startblokken ben gevlogen. Al zal dat mijn trouwe lezers niet echt verbazen. Bij mij is het wel vaker alles of niets. Een blog beginnen om daar elke maand iets op te publiceren, vind ik de moeite niet waard. Dat ik dit tempo niet eeuwig blijf volhouden, is een zekerheid. Hoog tijd voor een moment van zelfreflectie.

Creatieve projecten pakken zelden helemaal uit zoals je voor ogen had. De blog in mijn hoofd was praktischer van aard. Mijn blessureleed was in het voorjaar nog vers en pijnlijk. Schrijven en delen zou soelaas bieden. Dat draaide allemaal net even anders uit. Mijn looptrainingen schoten vanaf juli als paddenstoelen uit de grond. Ik had de verhalen maar te plukken en kon de kleurrijke oogst delen. Geen blog als pleister op de wonde dus. Ik besefte dat ik weinig zou kunnen toevoegen aan het praktische verhaal rond lopen en ging voluit voor mijn eigen verhaal. Misschien soms een vreemd en onsamenhangend verhaal vol kronkels, maar wel helemaal hoe ik in het leven sta. Toen ik in augustus ook nog eens de mountainbike herontdekte, ontstonden er sportieve plannen van een heel andere aard. Een overdaad aan stof tot schrijven!

Ik was aanvankelijk ook niet van plan om iets met boeken te doen op mijn blog. Het begon met een subtiele boekentip in de kantlijn. Daarna begon ik pagina’s te creëren en bedacht ik dat het wel handig zou zijn om hier een online boekenlijstje te publiceren voor geïnteresseerden. Dat kon wel wat opsmuk met foto’s gebruiken. Voor ik het goed en wel besefte, trok ik op een hete zomerdag met een zware tas vol boeken naar het bos en stond ik schaamteloos boeken te fotograferen in allerlei composities. Daags nadien deed ik dat nog eens over, want de foto’s konden beter. De zomer slaagde niet alleen op sportief vlak met vlag en wimpel, maar ook op literair. En zo werd nog meer stof tot schrijven geboren!

Foto’s? Daar zou ik toch niet aan meedoen? Ook dat pakte wat anders uit. Het bos is een dankbaar decor en het schitterende zomerlicht zorgde ervoor dat ik zelfs met mijn oude iPhone en zonder bewerking een – naar mijn normen – behoorlijk resultaat kon bekomen. Het bleef niet bij een bosuitstap met boeken, maar ik zeulde ook eens vijf paar schoenen en zo’n vijftien paar Stance sokken mee om op de gevoelige plaat te verenigen, nadat ik enkele weken daarvoor mijn familieleden al een fotoshoot had opgelegd. Mijn eigen woning met gestructureerde boekenchaos bleek verrassend veel decormogelijkheden te bieden. En voor wie het zich zou afvragen: als ik in huis foto’s maak, moet ik meer moeite doen om mijn katten niet op de foto te krijgen dan wel.

Ik vergeleek mijn blog eens met een online hobbykamertje waar ik kan uitstallen wat ik aan de wereld wil tonen. Die 42 blogposts kwamen echter niet uit de lucht vallen. Ik haal veel plezier uit het bedenken, plannen en uiteindelijk schrijven van mijn teksten, maar dat vraagt ook behoorlijk wat tijd. Als ik mezelf niets opleg, dan gebeurt er naar mijn zin te weinig. Ja dus, ik heb ook al gestrest over mijn blog. Het blijft een gekke gedachte om actief bij te dragen aan het wereldwijde web. Vooralsnog heeft schrijven enkel een positieve invloed gehad op mijn belevenissen. Op naar een volgende reeks van 42 berichten!

Een speciale merci aan Frea, die mijn laatste blogtwijfels wegnam en mij een groot compliment gaf!
Een bijzondere dankjewel aan mijn familie voor de tonnen inspiratie!
Bedankt lieve en trouwe lezers om mijn verhalen te volgen. Bedankt voor jullie warme reacties online en in het echt!