Loperspraat – Hoe wij samen even helden waren in Houffalize

Ik ben soms geneigd om sorry richting mijn voeten te mompelen als ik ze opsluit in schoenen die hen úren gevangen zullen houden. Mijn schoenen aantrekken voor een sportief avontuur is een haast sacraal moment omdat het onvoorstelbaar lijkt dat ik die schoenen weer zal uittrekken – vloekend om de dubbele knoop – en dat het dan achter de rug is. Zo ook op zaterdagochtend 8 juli 2023 omstreeks 7u30. Ik trek mijn rood-paarse trailschoenen aan met als doel er 69 kilometer mee te gaan lopen in en rond Houffalize. Ik heb er nooit over getwijfeld om ook dit jaar de langste afstand van de La Chouffe trail te lopen. Mijn bijna 9 uur durende run (+walk +climb) van vorig jaar werd een onvergetelijke ervaring waar ik nog heel vaak met de glimlach aan terugdacht. Compagnon Pieter dacht er net zo over en ook Roos zwichtte weer voor de verleiding van de ultra. Sam voelde eveneens de ultra-kriebel en zou zijn debuut maken op de 50 kilometer. Met vier aan de start, gezellig!

Het doet eventjes pijn als zaterdagochtend om 4u30 de wekker gaat. Roos en ik maken ons op voor het ontbijt, eentje met een view op de bosachtige omgeving en startzone. Sam sluit aan bij ons noodzakelijke eetfestijn. In alle vroegte een duurloopontbijtje verzetten: het blijft een vak apart. Op het menu staat een wit carrébrood met honing voor Sam, sandwiches met choco voor Roos en een wit hoevebrood met appelstroop voor mij. De vroege vogels proberen van de koele temperatuur te genieten aangezien het een hete dag beloofd te worden. Ergens in het bos lijken nog late vogels actief te zijn. We horen een stevige beat die doet vermoeden dat er een rave party gaande is. Sams fomo steekt de kop op en we kunnen hem nog net bedwingen om gewoon met ons koffie te drinken. Dan is het tijd om ons echt klaar te maken. Roos en ik lopen allebei met de Salomon Active Skin 8 trailvest. We vullen onze soft flasks en denken na over hoe we onze gels en andere sportvoeding zullen wegstoppen in de stoffen voorraadkamer. Team Trail gaat richting de start.

We treffen Pieter en diens familie bij de startzone. Speaker Hans Cleemput is ook van de partij en zorgt voor de nodige ambiance. Met dit goede gezelschap voel ik me in tegenstelling tot vorig jaar best relaxt aan de start. Ik zal namelijk met Sam en Pieter vertrekken. De jongens doen nog een laatste stressplasje en dan is het tijd om af te tellen. C’est parti! Van een rustige aanloop is geen sprake. We kunnen meteen aan de bak met een off-road klimmetje. Het parcours is namelijk gewijzigd ten opzichte van vorig jaar. Sommige stukken zijn nog hetzelfde, maar we lopen ook in de andere richting. Mijn parcoursvoorbereiding beperkt zich tot een oppervlakkige vergelijking van de lus die ik vorig jaar liep en de lus die ik dit jaar voor de benen geworpen zal krijgen. Ik zie het wel als ik er ben, die gedachte. Pieter is daarentegen grondig voorbereid. Er kwam zelfs Google Streetview aan te pas. De boys lijken naar boven te vliegen. Na 2 kilometer loop ik een paar meter achter hen aan te hijgen terwijl zij aan de babbel zijn. Ik moet er nog wat in komen, zeg ik als ze vragen of het wel gaat.

WhatsApp Image 2023-07-09 at 22.28.51 (3)

Na een kilometer of 4 krijgen we de eerste aanmoedigingen van het supportersteam van Pieter. We hebben er zin in en ik heb inmiddels ook het goede tempo te pakken. Aan footage zal er vandaag trouwens geen gebrek zijn. Pieter filmt met de GoPro, Sam vlogt met zijn gsm en Stijn zorgt voor dronebeelden. Mijn bijdrage is om er nadien een mooi verhaal van te maken – bij deze dus. Na 11 kilometer keuvelen (en verdorie snel lopen) is onze eerste rivieroversteek een feit: we bereiken de eerste bevoorradingspost. Pieters familie vertelt dat Roos ook goed vertrokken is en dat ze het helemaal zag zitten. Mooi! Honger of dorst heb ik niet, maar ik werk toch braaf een gelletje weg en ik drink wat. Vorig jaar lag hier de laatste bevoorradingspost op kilometer 58. Best gek om hier nu met frisse benen te zijn. Terwijl Pieter zijn innerlijke kompas laat spreken en ik hem romantisch aankijk, doet Sam zich te goed aan het bevoorradingsbuffet.

WhatsApp Image 2023-07-09 at 22.28.51 (9)

We zetten onze tocht verder met z’n drietjes, alsof we al heel ons leven samen trails lopen. Onze zes benen vormen een geoliede machine. Het is te zeggen: met twee mannen voor mij, hang ik mijn karretje aan. Met tijd en snelheid zijn we niet bezig. Al babbelend lopen we een klimmetje op, echt alsof het niks is. Ondertussen praten we over de marathon en het leven. Lopen lijkt als vanzelf te gaan en op een dag als vandaag is dat wat je nodig hebt. De eerste keer dat we zonder beschutting lopen, voelen we ook de zon prikken. We vertrokken met een aangename 20 graden, met de kilometers zal ook de temperatuur toenemen. Er worden natuurlijk ook grapjes gemaakt over mijn indrukwekkende en helaas ook talrijke valpartijen vorig jaar. Toch ben ik het niet die als eerste tegen de vlakte gaat, die eer is weggelegd voor Pieter. Als kersverse sportkinesitherapeut geeft hij een demonstratie valpreventie: met een zwierige doorrol kan hij het contact met de grond tot een minimum beperken en blijft zijn val zonder gevolgen.

WhatsApp Image 2023-07-09 at 22.28.50 (5)

Het parcours scoort hoge punten bij mij. Na 17 kilometer lopen we langs het water als een bekende stem aan de overkant ons iets toeroept: Roos! Ze zit ons net niet op de hielen, maar het is duidelijk dat zij ook een gezwinde start genomen heeft. Bijna 2 uur gelopen en het lijkt hier de goed-nieuws-show te zijn. Het afscheid is echter nabij. De eerste stevige beklimming van de dag is er eentje die me net iets te bekend voorkomt: een rotsachtige ondergrond waarbij je goed moet kijken hoe en waar je je voeten zet. Een klim die ik als een slak met astma naar boven ga. Het uitzicht stelt niet teleur. Ook voor de afdaling die volgt is de boodschap om alert te blijven. Na 19,5 kilometer splitst het olijke trio zich. Sam neemt de afslag voor de 50 km. Pieter en ik zullen in duo onze tocht verderzetten. We geven elkaar een pakkerd en huppakee daar gaan wij. De volgende bevoorradingspost ligt op km 25. Ik krijg daar te horen dat ik als tweede vrouw loop, waar ik niet al te veel aandacht aan probeer te schenken, de dag is immers nog heel lang.

e97a2dfa-c9cb-43dc-a9a2-6309c35713bb

Na de honeymoon-fase sijpelt stilaan de realiteit door. Pieter en ik zijn ruim 2,5 uur onderweg en we hebben al behoorlijk wat hoogtemeters overwonnen. Semi-moeiteloos, zo voelde het, maar nu beginnen we de afstand en het terrein te voelen. We laten ons daar niet te veel door uit ons lood slaan. Het nieuwe parcours blijft hoge ogen gooien. We worden aangenaam verrast door het type ondergrond waar we over lopen. Wat dacht je bijvoorbeeld van een mosweg (heel zacht aan de voeten)? Of een gerooide vlakte vol dorre dennentakken voor het betere springwerk? De hoofdrolspeler in dit decor is telkens weer de dennenboom in al zijn verschijningsvormen. Dennen hebben vaak iets triestig, alsof ze continu neerslachtig zijn, meer dood dan levend, maar toch gaat er ook een enorme kracht uit van de lange, smalle snuiter die niet kapot te krijgen is. Behalve dan door de letterzetter.

Gelukkig hebben ze sporadisch ook geasfalteerde wegen in Dardennen. Als ik asfalt onder de voeten heb, dan loop ik altijd door, zelfs met hellingsgraad. We naderen het middaguur, de zon komt steeds hoger te staan en laat zich vaker opmerken. Aan sfeer en gezelligheid geen gebrek. Pieter vertelt wat meer over zijn fietstrainingen. Op mijn vraag of hij zich nu meer fietser dan loper voelt, kan hij geen antwoord geven. Hij doet het allebei even graag. Voor mij kan er niks op tegen lopen. Liefst lang, zoals ik nu aan het doen ben. Stilaan treedt er een derde personage naar de voorgrond: de maag van Pieter. Na 30 kilometer zegt hij een paar keer dat er iets moet gebeuren met die maag. De maag moet zich eens gaan keren. Helaas zal de maag van Pieter een bepalende rol in dit schouwspel spelen. Nu nog niet. Er is eerst een glansrol voor mijn papa die over superkrachten beschikt. Tijdens een trail kan hij bijvoorbeeld uit het niets verschijnen. Dat mirakel voltrekt zich rond kilometer 33. Ik zie in de verte een verschijning, ik knipper met mijn ogen en ik zie dat het mijn eigenste pappie is die onze passage vastlegt op beeld.

bf2577c3-ade3-4e1c-85f3-cdef20964c67

Bij de bevoorrading op kilometer 36 zijn onze beider families aanwezig. Ik krijg nogmaals de bevestiging dat ik in tweede positie loop. De flesjes worden weer gevuld, er gaan wat Clif bloks in de mond. Ik pas voor het aanbod van de vriendelijke vrouwen op de post die sandwiches met kaas, hesp of hummus in de aanbieding hebben. Pieters maag zit al helemaal niet te wachten op iets van voeding. Later zou ik horen dat hier al een kotspartijtje plaatsvond. Bij nader inzien misschien het begin van het einde, maar dat wisten wij toen nog niet. We hervatten onze weg weer. De kilometers zitten in het lijf, daar is geen ontkomen aan. Mijn loophonger is echter nog lang niet gestild. Ik merk jammer genoeg ook dat Pieter het steeds lastiger krijgt. De maag wil niet mee, de maag keert zich veel te veel en veel te heftig. Pieter kan niks meer binnenhouden. Het zijn niet het soort problemen waar je nog ruim 30 kilometer mee wil rondlopen bij een temperatuur van 30 graden.

Voor dit verslag kan ik behoorlijk accuraat reconstrueren hoe ver we gevorderd zijn in ons avontuur, maar op het moment zelf is er iets vreemds met hoe de tijd verloopt. Het lijkt alsof je een soort van immuniteit creëert voor tijdsbesef. De tijd is op dat moment irrelevant. Ondertussen wordt de afstand tussen Pieter en mij letterlijk steeds groter. Ook op goed beloopbare stukken verliest hij meer terrein. Ik kan nog niet onder ogen zien dat de break-up onvermijdelijk is. Kilometer 38 blijkt uiteindelijk beslissend te zijn. Allereerst is daar mijn kroniek van een aangekondigde valpartij. Niks ergs gelukkig. Ik heb een schram op mijn linkerknie (die nog getekend is door een Ardeense steen van vorig jaar) en eentje op mijn scheen waar zich meteen een stevige bult aftekent. Een bult op een scheen, ik wist niet eens dat het kon. Pieter loopt een meter of 50 achter mij en heeft niet door dat ik gevallen ben. Als we weer bij elkaar zijn, zegt hij dat ik vooral mijn eigen tempo moet aanhouden en niet bij hem moet blijven. Lastig! Ik verzeker me er eerst van dat hij oké is en niet flauw zal vallen. De scheiding is definitief, we zullen elkaar pas aan de finish terug zien. Een nostalgisch gevoel bekruipt me als ik denk hoe we met z’n drieën aan dit avontuur begonnen. Babbelend, lachend, lopend. Het lijkt een eeuwigheid geleden.

27f1d637-b54c-440a-b8c6-0968e2d6cce5

Ik sta er alleen voor. De enige weg is die voor mij, soms vooruit, soms naar boven. Ik kijk uit naar het marathonpunt. Dat slaat natuurlijk helemaal nergens op, maar als marathonloper blijft die 42,2 km een dingetje. Ik vind ondertussen aansluiting bij Daniël uit Zeeland die indruk maakt met zijn atletische postuur. Hij vertelt hoe deze trail een eerste echte test is voor de meerdaagse trailwedstrijd in Wales waar hij in september aan zal deelnemen. Hij verbleef recent nog 3 weken in Aruba en met een luchtvochtigheid van 85% kon hij daar acclimatiseren aan de warmte. Ik leg mijn marathon af in 4 uur en 30 minuten, ruim een half uur sneller dan vorig jaar. Meteen dient zich een volgende aangename verrassing aan. Mijn ouders en Niko staan daar in the middle of nowhere. Ze vertellen dat Pieter slechts 5 minuten achter me loopt en Roos, de dappere krijger, een luttele 8. Het doet me goed om te horen dat mijn maatjes zo dicht bij me in de buurt blijven en dat ze klaar staan om me op te rapen, mocht dat nodig zijn. Roos zal Pieter uiteindelijk voorbij lopen op kilometer 43. Ook zij heeft daar een beetje hartpijn van.

Ik kan hier nu wel achteloos zeggen dat ik een marathon gelopen heb, de waarheid is dat ik die ook voel. Net zoals de zon. Dit doet pijn, dit is traillopen ten voeten uit. Ik vervolg mijn weg en kijk uit naar de volgende bevoorradingspost op kilometer 46 aan de brouwerij van Achouffe. 4 kilometer lijkt niet ver weg, tot ik een pad krijg voorgeschoteld waar ik echt helemaal niks mee kan. Keien en stenen in alle soorten en maten, langs het water, een heel smal pad dat op en neer gaat. Ik kan lopen noch doorstappen. Dit haalt de vaart er helemaal uit, samen met de moraal. Plots voel ik ook de tijd tikken. Of beter gezegd: voorbij kruipen, want zo traag lijk ik vooruit te gaan. De bevoorrading aan Achouffe brengt ook niet wat ik ervan verwacht. Het is er wat hectisch omdat het ook een post is voor de traillopers van de 28 km, die in grote getalen aanwezig zijn. Bovendien mis ik Marike en haar gezin die hier ter aanmoediging zouden staan. Zij blijken helaas 50 meter verderop te staan, aan een route waar enkel de 50 km lopers passeren (wat zij dus niet door hebben). Het overkomt de beste supporters. Marike en Peter zullen wel een rol van betekenis spelen voor Pieter, die na lang twijfelen besluit om bij hen in de auto te stappen. Het is helemaal op. De maag wil niet mee, het lichaam is leeg. De strijd staken is de enige juiste beslissing. Aan hen de taak om de Verloren Zoon veilig thuis te brengen.

1b84aa0a-efaa-4de9-bc7b-d6c99caea832

Aan de bevoorrading hoor ik twee 28 km lopers tegen elkaar zeggen: nog een klein stukkie en we zijn er! Die uitspraak is een zaadje dat een paniekwolk in mijn hoofd plant. Ik maak me uit de voeten en volg de pijlen. Maar zijn dat wel de juiste pijlen?! Heb ik geen splitsing gemist?! 23 km lopen is niet bepaald een klein stukkie?! Ik ben omringd door 28 km lopers! Ik ben hopeloos verkeerd gelopen! Weg droom van de 69 km! De paden zijn bovendien smal, inhalen is erg lastig. Ik krijg het goede ritme niet te pakken. Het is trouwens warm – heet! – zei ik dat al? De moed zinkt me in de schoenen. Ik krijg gelukkig wel weer  voor eventjes compagnie. Ludovic liep de eerste uren van de race bij de koplopers. We hebben het over de marathon (ik heb het eigenlijk altijd over de marathon als ik onderweg met lopers praat). Een babbel is de ideale afleiding voor de donkere wolken in mijn hoofd. Ik krijg weer wat hoop op een goede afloop. We zien ook samen af. Zei ik al dat het warm was? Na een kilometertje of 2 in elkaars gezelschap loop ik wat verder uit. Ludovic zal uiteindelijk 20 minuten na mij finishen.

Als ik begin af te tellen naar kilometer 50 – een getal dat ik niet vaak zie verschijnen op mijn Garmin – besef ik dat ik in de greep van de getallen ben. Ik kan de afstand niet loslaten. Ik kijk vaker dan me lief is naar mijn pols om te kijken hoeveel kilometers er op de teller staan. De volgende bevoorradingspost is pas op kilometer 60. Ondertussen blijft een stemmetje in mijn hoofd zeggen dat ik verkeerd ben gelopen. Mijn buik vertelt heel andere dingen. Ik ben niet misselijk, maar heb wat krampen en ik voel veel spanning in de buikzone van al het vocht dat ik moet bijtanken. Hierdoor loop ik continu met een ongemakkelijk gevoel rond. Vreemd genoeg vind ik door die spannende cocktail van fysieke ongemakken en mentale onzekerheid wel een vorm van berusting. Ik moet het gewoon maar afwachten. Blijven lopen waar het kan, erop rekenen dat die buik stabiel blijft en pijltjes volgen. Wie weet komt het dan gewoon goed.

7835a341-f906-41d2-a35c-e64dcb3ade02

Na 51 kilometer bereik ik het vergane BMX-parcours in Houffalize. Vaste prik bij de La Chouffe trail, maar normaal gezien aan het begin van de race. Lopen is hier onmogelijk. De hellingsgraad is een uitdaging, net zoals de ondergrond. Ik kan me niet voorstellen dat mensen hier vrijwillig hun leven riskeren op een fiets. Dit is waanzin! Werkelijk overal liggen stenen op los zand. Elke loper wordt omringd door een stofwolk die je het zicht ontneemt. Ik moet echt uit mijn doppen kijken, want bij gebrek aan kracht en wendbaarheid vraagt een goede coördinatie eens zoveel energie. Er is amper beschutting, de meters kruipen voorbij. Het woord loden hitte heb ik bewust bewaard voor dit moment: de warmte slaat in als een bom. Verzengend, alom aanwezig, laat hier alsjeblieft snel een einde aan komen. Met +50 km in de benen gebeuren de dingen echter niet snel. Ik moet geduld hebben. Een enthousiaste supporter zegt me dat ik er nog zo fris uitzie. Er hangt een zweetwalm rond mij, maar ik snap wel wat ze bedoelt. Ik ben nog niet morsdood gelopen. Ik heb nog de puf om te zuchten en mijn frustratie uit te drukken. Ik zie zelfs de humor van deze absurde situatie in. Hoe zwaar dit ook is, ik besef dat het mij eigenlijk nog goed afgaat.

Na 53 kilometer loop ik door Houffa-city. Steeds vaker zie ik lopers langs de kant van de weg zitten of staan. Volledig bij bewustzijn, maar toch wezenloos voor zich uitstarend, puffend, hijgend, gebogen over hun stokken. Het asfalt en de bebouwing lijken hittebronnen te zijn die hun warmtestralen afgeven op mijn al oververhitte lichaam. En dan valt er plots een opluchting van jewelste uit de lucht. Mocht ik er nog toe in staat zijn, ik zou een vreugdesprongetje maken als ik het splitsingsbord zie: de lopers van de 50 en 69 kilometer mogen nog een lus maken van 14 kilometer. De 28’ers mogen binnenlopen. Ik loop en wandel een stukje mee met Hein die met zijn 19 jaar (dit is geen typefout) de jongste deelnemer op de 69 kilometer is. Hij heeft het zwaar, maar ik kan niet anders dan mijn bewondering uitspreken. Roos loopt op dat moment een kwartier achter mij. Ze moest op het BMX-parcours vechten tegen de misselijkheid, maar de hemel klaart weer op als ze een waterijsje krijgt van haar metgezel van de dag.

20f8a07b-d28e-4fe1-82c4-9019c4259383

Hoe zwaar ik het ook heb, mijn benen willen lopen waar ze kunnen. Ze worden op hun wenken bediend. Ondertussen ben ik ook Daniël weer een aantal keer tegengekomen. We zijn harmonica-lopers zoals Roos dat later zal noemen: we lopen soms samen, dan loopt de één weer voor de andere, maar ver zijn we nooit uit elkaars buurt. Ik tel ondertussen af naar kilometer 60 en de felbegeerde bevoorradingspost. Elke kilometer splits ik daarvoor op in stukjes, zo is ook 56,5 km een mijlpaal, want alle beetjes helpen om het doel te bereiken. Elke meter moet gelopen worden, zij het steeds strammer. Lopen is wat schudden en waggelen, een lichaam dat zich telkens moeizaam op gang trekt, maar dan wel in beweging kan blijven. Lopen heeft bovendien het grote voordeel tegenover stappen dat je een verfrissend windje over je huid voelt aaien. Over een zanderig wegje kruis ik eerst Erwin die me zegt dat Pieter heeft moeten opgeven. Nog wat verder is daar dan mijn eigen vadertje, die het niet kan laten om een stukje mee te lopen. Hij weet zijn moment wel te kiezen. Ik zeg dat hij nu echt geen hartaanval mag krijgen, want zowel mentaal als fysiek ben ik niet capabel om levensreddende handelingen te ondernemen. Met een hartslag van 140 zal dat niet meteen gebeuren, verzekert hij me.

Kilometer 60 voelt aan als de laatste mijlpaal, vanaf dan kan ik beginnen dromen van de finish. Met papa aan mijn zijde zie ik in de verte de tent van de laatste post opdoemen. De 6 is een feit. Ik kan even pauzeren. Mama en Niko staan met hun rug naar het parcours. Ze zijn volledig in de ban van een bende rode wouwen in jaagmodus. Ik snap hen wel: het is daar dat de ware actie plaatsvindt. Aan de tent komen één voor één lopertjes aangestrompeld met hun ziel onder de arm. Compleet op. Ik laat me gewillig helpen om mijn flesjes bij te vullen. Ik ben kapot, echt kapot, maar toch zie ik het nog zitten. Tijd zat. Ik kan zelfs nog lopen. Volgens Erwin, Pieters vader, is het nu gewoon binnenlopen. Ik tuur in de verte of ik Roos zie naderen. Ze zal uiteindelijk een half uur na mij arriveren op de laatste post. Daar krijgt ze een zouttablet van mijn ouders, die als heuse dealers elke loper op dat moment van zoutpillen voorzien.

1fcb61fe-20c1-4f1a-b6ff-7a5a621b74f0

Ik doe 1 uur en 20 minuten over de laatste 9,5 kilometer. Er volgt nog een idyllisch rivieroversteekje en ook al is alles relatief beloopbaar, lopen doet pijn. Ik maak met mezelf de afspraak dat ik elke nieuwe kilometer lopend moet beginnen en dat ik vanaf de halve kilometer weer begin te lopen. Zo loop ik altijd stukken van 600 à 700 meter, gevolgd door een wandelpauze. Ik heb pijn, de hitte eist z’n tol, maar ik besef ook hoeveel beter ik dit kan doorstaan. Vorig jaar moest ik me de laatste 20 kilometer zo hard pushen om te blijven gaan. Nu is er nog steeds een grote zin en wil om te lopen. Heel geleidelijk aan nader ik zo het einde van mijn avontuur. Helaas heb ik door mijn beperkte parcourskennis geen idee op welke manier we naar de finish zullen lopen. De staart is langer, maar wel beter dan ik had durven hopen: anderhalve kilometer over goddelijk asfalt! Dit is lopen zoals ik het ken.

Als ik aan de aller-aller-allerlaatste afdaling begin en het enthousiasme van speaker Hans hoor, kan ik niet anders dan glimlachen. Ik ben een half uur sneller dan vorig jaar. Ik heb mijn tweede plaats kunnen consolideren. Mensen wat heb ik afgezien! Toch was dit zonder meer een triomftocht. Ik ben onmiskenbaar echt een beetje meer trailloper geworden. Door de adrenaline (geen idee waar die verstopt zat), voel ik geen pijn meer en fladder ik vrij als een vogeltje de berg af. Ik zie en hoor mijn familieleden. Als een gelukkig mens kom ik na 8 uur en 22 minuten over de finish, goed voor een 18e plek overall. Loopcompagnon Daniël finisht een minuut voor mij. Pieter is al fris gedoucht en omgekleed. Zijn maag is tot rust gekomen. En dan is het wachten op Roos. Na 9 uur komt ze over de eindmeet: een uur sneller dan vorig jaar. Wat een prestatie! Ze is tot tranen geroerd, ze is diep gegaan, ze heeft doorgezet. Haar maatje van de dag was Wouter die altijd de juiste woorden op het juiste moment had. Team Trail kan tevreden terugblikken.

1a27d1bc-86ff-4b55-8a00-837f8c4192f7-1

Nog enkele weetjes:

  • het gewijzigde parcours was volgens mijn Garmin 69,5 kilometer lang en telde 1747 hoogtemeters (300 minder dan vorig jaar), we maakten 3x een rivieroversteek
  • mijn schoenen met GoreTex hadden als nadeel dat het rivierwater er minder goed uit kon en mijn voeten bijgevolg wat langer in de nattigheid sopten, daardoor eindigde ik met twee blaren op mijn rechtervoet, een primeur
  • mijn voeding was eerder beperkt: ik at 1 gel, 2 repen Clif bloks (= 3 gels), 2 sneetjes peperkoek en 4 Tuc-koekjes
  • ik dronk in totaal een liter of 8, gezien de temperatuur is dat niet absurd veel
  • mijn singlet was na een uur kletsnat van het zweet, maar het droogde ook telkens weer, ik stonk echt heel erg, net zoals de meeste lopers had ik afgetekende zoutranden op mijn kleding (ik kreeg trouwens geen zoutpil van mijn ouders)
  • de onbetwiste Koningin van de La Chouffe trail is de Luxemburgse Shefi Xhaferaj, ze won overtuigend in een tijd van 7u11 en moest slechts één man laten voorgaan, wat een vrouw!
  • er stonden in totaal 130 lopers aan de start van de 69 kilometer, 101 haalden de finish, waaronder 16 vrouwen
  • ik droom stiekem van de Chouffe-kabouter-trofee die de winnaar krijgt, zo lang Shefi meedoet, is dat echter niet haalbaar, de Duitse Anja Berners werd trouwens 3e en finishte amper 5 minuten na mij
  • complimenten voor Niko die een hele dag met z’n schoonouders in de auto op pad was en toch enkele discussies over de juiste route in goede banen moest leiden, op de laatste bevoorradingspost gaven ze nog een lift aan een deelnemer die uit de race stapte
  • Roos was tevreden met haar nieuwe trailvest en de bijhorende soft flasks, tijdens haar voorbereiding probeerde ze ook eens trailstokken uit (ze is altijd in voor een extra attribuut), maar dat was geen succes
  • het supportersteam van Pieter bestond uit: zijn ouders, Erwin en Sybille, zijn nonkel en tante (die eigenlijk geen nonkel en tante zijn), vriend Stijn (die eruit ziet als zijn broer maar dat dus niet is), diens vriendin Yara en de hond Herman (een obese Bordercollie), we love Herman!
  • ik sleepte mijn 40 ml insectenspray niet voor niks mee, na 61 kilometer werd ik achtervolgd door een zoemend iets en kon ik me eens lekker laten gaan met de spray
  • Sam finishte zijn 50 kilometer in 6 uur en 11 minuten, zijn laatste 9 kilometer waren een lijdensweg, eens zo sterk dat hij het heeft gehaald!
  • Stijn (niet de broer van Pieter) maakte zondag zijn debuut op de 36 kilometer, hij zag af, maar deed het wel gewoon, chapeau!
  • Marike & Niko beleefden een heel plezierige 2 uur en 6 minuten tijdens hun 17 kilometer trail op zondag, het loopplezier spat van de foto’s (al zal Niko, die door Roos als vrouw werd ingeschreven, dat niet toegeven)
  • Seppe finishte zondag zijn Iron Man in het Zwitserse Thun als 22e, ook hij zag enorm af van de hitte
  • over Zwitserland gesproken: Pieter zal in september in Zofingen aan de start staan voor de Powerman lange aftandsduatlon, waar Seppe zal strijden voor een derde wereldtitel

WhatsApp Image 2023-07-09 at 22.28.50 (1)

1af8ca7e-66d0-461f-81ee-7c9a7cde16b0

12648aed-598c-43d6-8170-df287a8d7472

Loperspraat – 7 voorbeschouwende nieuwtjes op de La Chouffe trail

Ik liep in de maand juni 352 kilometers bij elkaar. Een daggemiddelde van 11,73 kilometer tussen alle schoolhectiek door: stevig, al zeg ik het zelf. Voor mij is kilometers malen een noodzaak om in het trailgevoel te groeien. De ervaring van vorig jaar heb ik op zak, maar geeft me geen garanties om ook dit jaar die 69 kilometer tot een goed einde te brengen. Ik sta er gelukkig niet alleen voor. Team Trail is een bont allegaartje lopers dat wordt gesteund door hun familie en aanhang ter plaatse. Zaterdag en zondag worden er verschillende afstanden gelopen onder het toeziend oog van de La Chouffe kabouter. Ik loods jullie door de voorbeschouwing aan de hand van heel wat nieuwtjes.

  • Volgens mijn Garmin liep ik vorig jaar in Houffalize 67,05 kilometer met 2131 hoogtemeters. Dat ik 950 meter minder liep dan de officiële afstand kon mij gestolen worden. Zaterdag staan er ons 69 kilometers trail-plezier te wachten over een gewijzigd parcours. Dat kilometertje extra loop (of strompel) ik met plezier om zo mijn afstandsrecord wat scherper te stellen. Met temperaturen die richting de 30 graden gaan, wordt het hoe dan ook een zwoele editie.
  • Ik loop een trail en ik neem mee: mijn Salomon rugzak met binnen handbereik Clif bloks, gels met tropische smaken, een drinkbeker en 1 liter water in soft flasks. Op mijn rug draag ik een half litertje extra water, insecten- én ontsmettingsspray. Na mijn valpartijen vorig jaar liep ik een uur of 4 met een bloedende schouder, gehavende knieën en wonden in mijn gezicht. Een eerste ontsmettingsronde was toen welkom geweest. Mijn voeten zal ik hullen in de paarse Nike React Pegasus Trail 4 GTX die ik in de Vogezen al aan een uitgebreide test onderwierp.
  • Roos staat net zoals vorig jaar ook aan de start van de 69 kilometer. Haar voorjaar kenmerkte zich door een consistente trainingsarbeid. Met een ultra in de benen is zij ultra-voorbereid. De trail in Florenville was de eerste test voor haar nieuwe trailrugzak, samen met een nieuwe pet werd die helemaal goedgekeurd. De boterhammetjes voor onderweg zal ze dit jaar achterwege laten. Als beproefd taperingrecept koos Roos voor een vierdaagse Rock Werchter. Ze is met andere woorden helemaal klaar om deze trail te shinen!
  • Marike zal zondag de 17 kilometer voor haar rekening nemen en zo – eindelijk – haar langverwachte debuut op een loopevenement maken. Door overmacht miste ze namelijk al 3x de 10 Miles in Antwerpen. Een nieuw doel op korte termijn was nodig: waarom dan geen 10,6 mijl over onverhard en heuvelachtig terrein? Naar eigen zeggen is ze de snelheid kwijt waar ze in april voor getraind had. Ze kan wel rekenen op een paar nagelnieuwe trailschoenen van Nike en de steun van haar voltallige gezin. Als dat haar geen vleugels geeft?
  • De fans van Seppe zijn er in Houffalize aan voor de moeite. Ze kunnen hem zondag wel aan het werk zien als deelnemer aan de Ironman in het Zwitserse Thun. Ongetwijfeld goed voor weer een straffe prestatie op dat al heel straffe palmares, amper 7 weken nadat hij 15e werd op de Ironman in Lanzarote.
  • Mijn schoonbroertjes Niko en Peter zullen wel van de partij zijn. Peter (van Marike) fietst naar Houffalize, een rit die hij aan moet kunnen na zijn Granfondo avontuur in de Alpen. Twee weken geleden legde hij daar 186 kilometer af met 5530 hoogtemeters, waaronder een beklimming van de legendarische Alpe d’Huez. Niko (van Roos) kennen jullie dan weer als de voetballende vedette van de Remy Boys. Hij is zondag de gezel van Marike en krijgt met 17 km trailfun meteen een serieuze beproeving voorgeschoteld. Al helemaal als je weet dat Niko bij hoog en laag beweert dat hij echt niet graag loopt. Ik ben benieuwd hoe dat spanningsveld zal uitdraaien.
  • Last but not least, zal ik zelf in gezelschap van de jonge garde lopen. Allereerst heb ik Pieter aan mijn zij: redder, steun en toeverlaat die ik vorig jaar als bij toeval tegenkwam tijdens de La Chouffe trail. Samen zullen we proberen om die 69 kilometer klein te krijgen. Pieter heeft trouwens iets te vieren, want hij studeerde net af als kinesitherapeut. Toch wel een praktisch beroep als je je aan een sportieve uitdaging waagt. Maatje Sam liep vorig jaar de 28 kilometer in Houffalize en gaat zaterdag voor de 50 kilometer. Zijn marathons loopt hij in minder dan 3 uur en bij ons trailavontuur in de Vogezen waren we samen 3 uur en 45 minuten onderweg. Hij zal dus wat langer bezig zijn dan die atletische benen van hem gewend zijn. De eerste 20 kilometer kunnen we in ieder geval met z’n drieën afwerken. Goed gezelschap is van onschatbare waarde.

Bij deze zijn de zaadjes geplant voor een rijke oogst aan trailverhalen. Alvast bedankt om eens aan Team Trail te denken. Op naar Houffa!

Loperspraat – Waarom ik me een beetje meer trailloper voel

Wie zomer zegt in de familie Odeyn, die zegt ook de La Chouffe trail in Houffalize. We bouwden inmiddels een rijke familiegeschiedenis uit met ons vaste stekje in de Ardennen: dochter-vader momentjes, heroïsche prestaties en supporters die op het scherpst van de snee onherbergzaam gebied moeten trotseren om hun lopers aan te vuren. In Houffa gebeurt het allemaal. Nochtans was het voor mij niet meteen liefde op het eerste gezicht met de La Chouffe trail. Of misschien kan ik beter zeggen dat de trailtak van het lopen altijd een grote aantrekkingskracht op mij heeft uitgeoefend, maar dat ik er ook eens zo hard op foeter. Tot vorig jaar, Roos en ik liepen toen de waanzin voorbij met 68 pittige trailkilometers. We leerden er Pieter en zijn familie kennen, een nieuwe ultratrail-traditie was geboren. Je mag dat gerust ook vermoeiend vinden.

Ik legde al eens uit waarom ik nooit een echte trailloper zal zijn. Eens marathonlopertje, altijd marathonlopertje. Toch bleek de positieve ervaring van vorig jaar een kantelpunt te zijn in mijn relatie met traillopen. Ik voel me zowaar een beetje meer opgewassen tegen het geweld van de bergen. Ironisch genoeg kwam ik door drie valpartijen niet ongehavend uit de strijd, maar kreeg ik toch meer vertrouwen in mijn kunnen op een geaccidenteerd parcours, over mijn vaardigheid om over een rotsblok te klimmen en door een rivier te waden. Ik kan makkelijker in het moment van de trail genieten zonder de berg te verwensen. Ik ben niet meer panisch voor stekende insecten. Ik leerde de onvoorspelbaarheid van een dagtocht te omarmen. Wie daar zeker ook een bijdrage aan geleverd heeft, is Katja. We leerden elkaar kennen in september tijdens de wijnloop in Houwaart. Zoals haar positieve ingesteldheid en enthousiasme aanstekelijk werken, zo ook het plezier dat zij ervaart als ze bergop loopt. Een snelle marathon zit zonder twijfel in haar benen, maar haar adem dat zijn hoogtemeters en de natuur.

IMG_1418b

De eerste jaarhelft van 2023 bracht mij al twee prachtige trailervaringen. Flashback naar de maand April met de A van Ambitie. De aanloop naar mijn Rotterdam marathon liet zich kenmerken door een gebrek aan vertrouwen, maar op 16 april gebeurde het: ik knalde naar mijn eerste sub-3. Een weekje later liep ik de 10 Miles. Goed voor een nieuwe recordtijd op de kilometer en een blij weerzien met Antwerpen. Nog een week later was ik met Sam in de Vogezen waar we ons waagden aan de Trail du Grand Ballon: 32 kilometer en 1320 hoogtemeters. De gelijkenissen tussen de Vogezen (grote broer) en de Ardennen (kleine broer) zijn treffend, maar de Vogezen zijn net wat imposanter. Je kan er nergens naast de bergen kijken. Je komt ogen te kort om de adembenemende omgeving te vatten. De afstand van 32 km bleek de juiste keuze te zijn: uitdagend genoeg om er voor naar Frankrijk te trekken en de uitzichtloosheid, die voor mij eigen is aan traillopen, te ervaren. Doenbaar om ook als marathonloper mét een marathon in de benen en zonder trailstokken aan te kunnen.

6c572f8b-04a3-48ec-ae5a-14563dbe0773

In mei dreef ik mijn loopkilometers weer op, maar mijn lijf had een iets rustigere maand voor ogen. Ik werd geplaagd door rugpijn en stijve hamstrings. Lopen hielp om de boel los te krijgen, al waren het ook die inspanningen die ik telkens weer voelde. Kortom een vies vicieus cirkeltje. Conditioneel en tempogewijs had ik niets te klagen. Ook de 20 kilometer van Brussel bewees dat er nog wel degelijk peper in mijn benen zat. Mijn spieren zeiden iets anders. Bij het begin van elk loopje voelde ik me een stijve hark die amper paslengte kon maken. Ik heb op een bepaald moment echt gedacht dat mijn leeftijd me parten begon te spelen. Gelukkig was daar weer mijn geweldige kinesitherapeut Kathelijn die zich vooralsnog geen zorgen maakte. Met wat extra oefeningen en behandelingen zou ook dit wel weer loslopen. En Kathelijn die heeft uiteindelijk altijd gelijk.

bf59ff24-7589-4363-9ac6-716b2e4a039c

De doorstart van mijn voorjaar maakte ik deze maand. Ouderwets kilometers malen en overal duurloopmogelijkheden zien, dat doet mij altijd goed. Dankzij Joni, trotse ambassadeur van Florenville, liepen Roos en ik ook de Trail d’Orval. We kozen voor de afstand van 28 kilometer en 700 hoogtemeters in de hoop vertrouwen te tanken voor ons La Chouffe avontuur van 69 kilometer drie weken later. En of het een succes was! De omgeving was prachtig, maar vooral: ondanks de hoogtemeters was het parcours goed beloopbaar. Ik zou het zelfs een tempotrail durven noemen. Op voorhand had ik mezelf weinig kans gegeven om binnen de 3 uur te finishen. Uiteindelijk bleek dat ik “slechts” 2 uur en 44 minuten nodig had om de finish te bereiken, wat me ook de eerste plek opleverde. Roos kwam eveneens blakend van het zelfvertrouwen als 5e over de meet. Op basis van die positieve ervaring trok ik een aantal conclusies: 1) ik kan best goed een berg op lopen 2) een technische afdaling is minder mijn ding 3) obstakels zijn voor mijn korte benen groter dan voor mensen met lange benen 4) ik struikel al eens 5) als ik kan lopen, ligt mijn basissnelheid hoog.

De afgelopen weken stapelden de duurlopen zich op. Ik kijk dus reikhalzend uit naar de La Chouffe trail op 8 juli. Het gezelschap zal trouwens eens zo schoon zijn. Roos (skeeler-ster en ultra-fenomeen) en Pieter (compagnon de route sinds 2022) tekenen weer present voor de 69 km. Sam (maatje 4ever) waagt zich met de 50 km aan zijn eerste ultra-ervaring. Niko (awesome schoonbroertje) en Marike (the one and only) zullen er debuteren op de 17 km. Om nog maar te zwijgen over het supportersgeweld. Stof genoeg om later deze week nog wat meer voor te beschouwen!

3fe04a6c-7e66-421f-9300-5251b49b5dfa

Loperspraat – Lessen in loopetiquette

Hoewel ik eigenlijk niet van grote mensenmassa’s hou, kan ik toch intens genieten van het tumult bij een grootschalig sportevent. De massa boezemt mij angst in, maar laat ook de euforie en het loopgeluk door mijn lijf razen. Bij mijn eerste 20 kilometer van Brussel was ik bang dat er paniek zou uitbreken in een tunnel en dat mensen vertrappeld zouden worden. Elke keer als ik tijdens een evenement een tunnel in loop, schiet dat schrikbeeld een seconde door mijn hoofd. Mensen kunnen namelijk rare dingen doen als ze zich in een massa bevinden of voortbewegen. Die grilligheid van de mensenmassa ondervond ik weer eens toen ik op 28 mei voor de 8e keer de 20 van Brussel liep. Met 1u22 liep ik mijn tweede snelste editie (en heb ik dus absoluut geen jankrecht), wat nadien overheerste was toch de frustratie. Ik werd de eerste 5 kilometer zo vaak gehinderd dat ik, die een patent heb op de kanonskogelstart, mijn start helemaal miste.

Een chaotische startfase is deels te wijten aan de organisatie: die moet er immers voor zorgen dat het een fijn en veilig evenement is voor iedereen op elke plaats van het parcours. Net zo goed ligt er ook een verantwoordelijkheid bij elk van de 40.000 deelnemers. Roekeloos loopgedrag, die term schoot door mijn hoofd toen ik het Ter Kamerenbos in liep. Tussen het zuchten en hijgen door begon ik na te denken over loopetiquette. Lopen in Brussel op verkeersvrije wegen leek net zo chaotisch te zijn als het autoverkeer er doorgaans is. Tirer votre plan! Doe maar je ding en zolang we geen brokken maken, is alles pais en vree. Dat werkt dus niet voor mij. Er zijn behoorlijk wat overeenkomsten tussen een loper die zich in de menigte begeeft en hoe een autobestuurder zich in het verkeer dient te gedragen. Ik pleit voor hoffelijkheid in het verkeer. Ook als loper zonder spiegels en richtingaanwijzers, maar met een arsenaal aan andere communicatiemiddelen. Enkele lesjes in loopetiquette dus, zowel tijdens het grote sportevent als voor je dagelijkse training rond de kerktoren.

Respecteer het startvak dat bij jouw tempo hoort. Als jij volgens jouw tijd wordt ingedeeld in startvak 3, dan moet je geen halsbrekende toeren uithalen om koste wat kost in startvak 1 te staan. Wie op de snelweg liever 90 km/u rijdt, blijft ook netjes op de rechterrijstrook. Het is een kwestie van logica dat de snelste lopers vooraan staan. Iedereen is namelijk gebaat bij een vlotte doorstroming. Niemand houdt ervan te moeten zigzaggen tussen de lopers door, niemand houdt ervan om continu voorbij geracet te worden.

Ellebogenwerk hoort niet bij lopen. We halen dan wel geen snelheid vergelijkbaar met een sprinter in de koers, ook een val aan 14 km/u blijft niet zonder gevolgen. Duwen en dringen zijn echt uit den boze. Net zoals de deur dichtdoen als je een bocht aansnijdt. Ook plots remmen of stilstaan (in de bevoorrading bijvoorbeeld) zonder te kijken of er iemand achter je zit, kan erg hinderlijk zijn voor de medelopers. Wie invoegt, geeft voorrang aan de lopers in beweging. Respecteer de natuurlijke looplijnen en anticipeer hierop als je een manoeuvre maakt.

Bumperkleven kan alleen met wederzijdse toestemming. Zowel al fietsend als lopend heb ik een hekel aan ongewenste en onbekende zogklevers. Bij bekenden is dat natuurlijk een heel ander verhaal. Sikke en de stoomtrein van Amsterdam bijvoorbeeld, maar ook hoe Roos tijdens de marathon van Brugge met haar kin op mijn schouder liep: er ontstaat een prachtig verbond als je je laat leiden of iemand vooruit kan trekken. Soms ontstaan zulke coöperaties ook spontaan tijdens een loopwedstrijd. De betrokken partijen moeten dan wel expliciet instemmen: hetzij in beknopte verwoordingen, hetzij met niet mis te verstane lichaamstaal.

IMG_1755b

Hou je vochtafscheiding privé. De natuur is geen openbaar toilet. Wildplassen kan alleen als het écht niet anders kan. Doe het dan met een minimum aan blootstelling. Hou privé wat privé is door beschutting te zoeken. Spuwen of snuiten kan alleen als je volgens het spiegel-spiegel-schouder -principe rond je kijkt en er zich in een straal van 3 meter niemand in de schietbaan bevindt.

Wees altijd vriendelijk voor je medeloper. Knikken, altijd beleefd knikken! Iedereen die je pad kruist verdient minstens een blik van begroeting, of dat nu bekend dan wel onbekend volk is. Ook een bekende of onbekende supporter die je een persoonlijke aanmoediging geeft, verdient minstens jouw blik en opgetrokken mondhoeken (afhankelijk van de wedstrijdfase waar je je in bevindt). Een loper die met pech langs de kant staat, roep je even toe of alles oké is. Het spreekt voor zich dat iemand die in nood verkeert altijd op je hulp kan rekenen.

De weg is voor en van iedereen. Oh ja, ik kan mij zeker ergeren aan andere weggebruikers. Of ik nu in de auto, op de fiets of in de loopschoenen zit. Wandelaars die met z’n tweeën een weg van 3 meter breed inpalmen en je bel niet horen. Loslopende honden die jou eerder in de mot hebben dan hun baasje. Fietsers die mij onverantwoord dicht en hard voorbij sjezen. Ik heb me al lopend ongetwijfeld ook al schuldig gemaakt aan overdreven snelheid op het voetpad waardoor een ander zich een bult schrok. Uiteindelijk hebben we allemaal evenveel recht om van het bos te genieten of om de weg te gebruiken. Met een hoffelijke houding zou ook de wereld van de actieve of sportieve beweger er heel wat beter uitzien. Amen.

Loperspraat – Over het voorjaar van Marike

Mijn zus Marike is een onmisbare schakel in onze familie. Ze is even zorgzaam als dat ze een doorzetter is. Ze loopt dan wel geen marathons, maar ze moet op geen enkel vlak voor ons onder doen. Onderschat haar dus vooral niet. In april 2020 liep ze al eens een 10 Miles op eigen houtje. Over toewijding gesproken. Eén zwangerschap en drie jaar later zal het over twee weken dan echt gebeuren: met drie zussen aan de start van de echte 10 Miles in Antwerpen. Momenteel leidt Marike bij haar thuis de ziekenboeg, maar ze vond toch nog even tijd om wat te vertellen over haar (sportieve) voorjaar.

Leah (3 jaar) heeft nieuwe schoenen waar ze volgens haar heel snel mee kan lopen. Ze doet regelmatig een wedstrijd tegen zichzelf. We moeten haar aanmoedigen en natuurlijk wint ze altijd. Emil (1 jaar) zet al een paar stappen. Volgens Kind en Gezin kan je pas stappen als je 10 stappen achter elkaar zet, echt stappen kan hij dus nog niet. Ik hoop dat het hem snel zal lukken, want het lijkt me vervelend als je altijd moet kruipen. Ik lees nu trouwens het boek Ouders onder hoogspanning van Marie-Anne Vanderhasselt. Het gaat over stress, wat het in je lichaam teweeg brengt en waarom kinderen zo een reacties kunnen uitlokken. Heel boeiend. In mijn kine-praktijk (Kine Odeyn in Voortkapel) gaat het goed. Mijn collega Eva is echt top! Het is leuk om samen met haar over de problemen van patiënten na te denken. We komen heel goed overeen, zowel op persoonlijk als professioneel vlak.

Mijn voorbereiding voor de 10 Miles verliep eerst heel vlot. Het is leuk als je voelt dat je steeds fitter wordt. Deze week kon ik niet veel lopen omdat ik alleen thuis was. Gisteren was ik bij mam en pap en kon ik daar gaan lopen terwijl zij op de kinderen babysitten. Heel grappig om mijn looproute van vroeger nog eens te lopen, maar ik was echt niet in vorm. Ik liep 3 kilometer en stapte toen naar huis. Dat doe ik normaal nooit! Vroeger liep ik trouwens altijd met muziek, maar nu heb ik liever wat rust aan mijn hoofd. Ik vind een looptraining niet altijd leuk. Als het mooi weer is kan ik er wel van genieten. Vertrekken vind ik het moeilijkste. Daarom leg ik mijn sportkleding (allemaal oude of gekregen spullen) altijd klaar, dat helpt om de drempel te verlagen.

IMG_9180b

Als kinesitherapeut behandel ik van de beenspieren het vaakst de kuitspier. Het voordeel is dat je daar makkelijk aan kan omdat die niet te diep ligt. Voor lopers zou ik qua core stability sowieso bruggetjes aanraden: eindeloos veel variaties, dus voor ieder wat wils. Ook oefeningen voor de gluteus medius mogen niet ontbreken. Dat is een spier langs de zijkant van je billen die heel belangrijk is voor de stabiliteit. Tot slot is dit ook nog een goede oefening: je staat op één been en houdt je andere been gestrekt achter je om het vervolgens voor je lichaam gebogen te houden.

Ik was al vaak supporter bij sportevenementen in de familie, maar ik nam zelf nog nooit deel aan een evenement zoals de 10 Miles. Ik ken Antwerpen eigenlijk ook niet zo goed. Tijdens ons zussenweekend in Antwerpen toonden Joke en Roos wel waar we zouden lopen. Ik ben benieuwd wat dat zal geven! Ik vind het vooral tof om zo eens iets met mijn zussen te doen. Met de tijd ben ik niet echt bezig. Soms kijk ik eens hoeveel minuten ik heb gelopen per kilometer (dat doen echt sporters blijkbaar), maar dat valt toch tegen als je een sportieve familie hebt. Ze dagen je natuurlijk wel uit, want ik zou anders nooit meedoen aan de 10 Miles. Anderzijds zie je ook hoeveel opofferingen er moeten gebeuren om straffe prestaties neer te zetten. Ik loop omdat ik me dan beter of fitter voel, maar niet voor die extreme prestaties. Momenteel heb ik dus geen ambitie om een marathon te lopen. Misschien als mijn kinderen wat groter zijn.

IMG_1085b

Ik hoop te kunnen gaan supporteren voor Roos en Seppe bij De Jogclub Ultra in Herent. Voor het marathonweekend in Rotterdam hebben Roos en mama de planning gemaakt. Ik ben chauffeur van dienst. Zowel zaterdag als tijdens de marathon op zondag volg ik gewoon. In 2016 was ik er ook bij in Rotterdam toen Joke, Roos en papa er aan de start stonden. Ik durf die marathonervaringen al eens te verwisselen, dus ik moet goed nadenken om die herinnering weer op te halen. Ik weet nog dat ze papa eerst kwijtraakten in het startvak (en hem weer vonden) en ook dat mama en ik een heel strak schema hadden om alles met de metro te kunnen volgen. Ik kijk er sowieso naar uit!

Het volledige team van Jokeloopt bedankt je en wenst je nog een schitterend voorjaar toe, Marike!

Loperspraat – Sloffen of snelle schoenen?

Ik zit met een schoenendilemma dat er eigenlijk geen is. Vier paar loopschoenen zijn namelijk potentiële marathonkandidaten. Eigenlijk is het een uitgemaakte zaak, ik zal mijn Rotterdam Marathon lopen met de schoen waarvan bewezen is dat het de snelste is: de bekende Nike Vaporfly. Gevoelsmatig zou ik liever voor een andere schoen kiezen. Hoe dat zo komt leg ik graag uit aan de hand van een tripje in de wondere wereld der loopschoenen.

Eerst een stukje context. Zoals ik bij mijn FAQ uitleg, loop ik sinds een jaar of 6 uitsluitend met Nike loopschoenen. Simpelweg omdat Nike mij zelden heeft teleurgesteld. Het is een merk dat mij steeds aangenaam weet te verrassen. Natuurlijk ben ik soms wel eens nieuwsgierig naar wat andere merken te bieden hebben (Hoka bijvoorbeeld), maar de noodzaak om die uit te testen is er vooralsnog niet. Voor nu vind ik alles wat mijn loophartje begeert bij Nike. Het basismodel van Nike is de Pegasus, die binnenkort zijn feestelijke 40e editie uitbrengt. Wat mij betreft is dat de perfecte standaardschoen waar heel wat lopers content mee zullen zijn. Mijn zussen bijvoorbeeld. De Pegasus bestaat ook in een Shield versie: die is water- en windafstotend, een slecht-weer-schoentje dus. In 2019 zag de Pegasus Trail het levenslicht: het comfort van de Pegasus in de vorm van een degelijke off-road schoen. Een echte trailloper zal wellicht eens hartelijk lachen met die schoenen, maar ik was meteen fan. Het zijn voor mij de ideale winterschoenen: licht, maar stevig aan de voet met voldoende grip om Vlaamse modderige toestanden de baas te kunnen. Zomerse Ardense omstandigheden behoren ook tot de mogelijkheden. Mijn favoriete schoen van het moment is de React Pegasus Trail 4. Ik ben nog nét niet gek genoeg om daar een wegmarathon mee te lopen.

Dan presenteer ik jullie nu de vier (acht dus) schoenen waar ik wel een marathon mee zou willen lopen. Ik koop al mijn schoenen zelf, sterk afgeprijsd dat wel, maar voor het schoenenspecial-idee vermeld ik ook de prijs én het gewicht (zelf gewogen op mijn keukenweegschaal – measured in the lab, zoals ze bij Nike zeggen). Hoe lichter de schoen, hoe meer je betaalt: de Vaporfly heeft een kiloprijs van 702 euro. Au.

IMG_8135b
De Zoom Fly 4 toen nog kakelvers uit de doos

Nike Zoom Fly 4 – 159,95 euro – 245 gram

Voordelen: de veelzijdige rots in de branding! Met zijn drie voorgangers liep ik al heel wat marathons. Ik ben een fan van het eerste uur. Een loopschoen die dus vertrouwd aanvoelt. Alsof je een turnpantoffeltje draagt, maar wel met een heel goede demping.

Nadelen: ik liep er geen wedstrijden mee, waardoor ze voor mij ook niet aanvoelen als écht snel. Het zijn de perfecte schoenen om gevarieerde trainingen mee af te leggen. Dit paar is bovendien een jaar in de roulatie (wel met een winterstop), maar heeft dus al wat kilometers op de teller.

IMG_1071b
De Tempo Next% bovenaan rechts, omringd door z’n vriendjes

Nike Air Zoom Tempo Next% – 199,95 euro – 238 gram

Voordelen: de knaller van 2022! Een heerlijke schoen waar ik heel wat records op liep. Keer op keer het gevoel had ik het gevoel dat ik vloog, zo ook bij mijn laatste marathon.

Nadelen: aan de zijkant van de zolen is de slijtage zichtbaar, logisch met het aantal wedstrijdkilometers dat ik ermee liep. Bovendien zijn ze ook best zwaar omdat er dus geen carbon in zit. Met pijn in het hart voelt dit paar voor mij toch te veel als een af- en uitgelopen zaak. I am so sorry, darlings.

IMG_1068b
De Vaporfly vliegmachines

Nike Zoom X Vaporfly Next% 2 – 249,95 euro – 178 gram

Voordelen: wetenschappelijk bewezen de snelste! Elke marathonloper, ongeacht stijl of niveau, heeft profijt bij deze ultrasnelle schoen met carbonplaat. Ook bij mijn eerste piste- en intervaltraining met deze schoen kon ik niet om de ongelooflijke responsiviteit heen. Traag lopen behoort niet tot de mogelijkheden.

Nadelen: bij de twee halve marathons die ik ermee liep, merkte ik helemaal niks van de aanvankelijke wauw-factor, uiteraard valt dat te verklaren door de gure omstandigheden van die races. Ook ondervind ik lichte hinder van het kussen in de hiel (dat ook andere Zoom Fly modellen hebben) dat over een eeltplekje schuurt.

IMG_1056b
De Infinity React met wit en rood: nooit een echt geslaagde kleurcombinatie

Nike Infinity React 3 – 159,95 euro – 272 gram

Voordelen: ongeëvenaard draagcomfort! Het zijn schoenen die altijd heerlijk zitten, of je er nu mee loopt, wandelt of op de trein zit. Ze bieden heel wat demping en voelen stabiel aan. Op mijn aanraden kocht Roos ze ook. Mét resultaat, zowel in Den Haag als in Gent ging ze er heel hard mee.

Nadelen: ik liep er nog geen echt lange afstanden of snelle trainingen mee. Het comfort dat ze bieden heeft ook een prijs in het gewicht: het zijn relatief zware schoenen. Ook het bovenwerk is eerder dik te noemen. Totaal irrelevant, maar toch: schoonheidsprijzen zal je er niet mee winnen.

IMG_1074b
De snelle schoenenoogst 2022-2023

Loperspraat – 20 vragen over het voorjaar van Roos

Moeten er nog vragen zijn? Jazeker en maar liefst 20 stuks aan het adres van mijn niet zo kleine zusje Roos. Over haar leven en lopen nu de eerste twee maanden van het nieuwe jaar achter de rug zijn. Over het kleine geluk en de grote dromen. Stof genoeg om al eens te kijken naar wat 2023 bracht en hopelijk nog brengen zal. Ik doe altijd mijn best om mijn familieleden niet té veel te belasten met al die vragenstellerij, maar ik kreeg nu toch weer te horen dat sommige vragen moeilijk waren. Aan de antwoorden is daar in ieder niks van te merken.

Heb je dit jaar al geskeelerd?
Spijtig genoeg nog niet. Je hebt een combinatie van droge en schone wegen nodig. Dus geen bladeren of modder en geen nattigheid. Skeeleren is ook het veiligst in daglicht dus de weekdagen vallen ook al weg. Ik hoop er snel weer mee te kunnen starten.

Hoe gaat het op je werk?
Prima. Weer lekker druk. Ik had sinds januari veel werk met wat extra opdrachten, die zitten er voorlopig op.

Welk loopevenement wil je nooit (meer) missen?
De CPC is altijd zo een leuk weekend, een blijvertje. Maar de loop zelf viel al vaak tegen. Nog nooit echt kunnen schitteren. De 20 kilometer van Brussel blijft mijn lievelingswedstrijd, want daar is alles begonnen. Ook al erger ik me elk jaar blauw aan de wandelaars en buggy’s tussen de lopers, het is zo een fijn evenement!

Op maandag 10 april loop je De Jogclub Ultra van maar liefst 59 kilometer. Waarom?!
Na Parijs vorig jaar wou ik geen nieuwe marathon meer plannen omdat die naar mijn idee boven verwachting goed was geweest. Ik had ook zoveel plezier beleefd aan het supporteren bij de marathon van Berlijn en later Amsterdam dat ik me prima voelde in die supportersrol. Maar anderzijds geeft dat aanschouwen toch altijd een prikkel om er weer zelf voor te gaan. Met dat getwijfel in mijn hoofd kreeg ik aan het einde van het jaar een stevige sinusitis te pakken en een geforceerde tussenribspier, dat bleef maar aansleuren en ik had het gevoel al achterstand te hebben in mijn trainingen alvorens te zijn gestart. Toen ik me uiteindelijk ging inschrijven was de marathon van Rotterdam uitverkocht. Toen besliste ik om de Jogclub Ultra mee te doen. Het voelt nu niet aan als een plan B, maar als een plan A. Het is ook weer een nieuwe uitdaging, je kan het dus niet beter of slechter doen, wat het ook wel minder stresserend maakt.

Wat was je zwaarste training tot nu toe?
Mijn 25 km loop. Niko zijn geweldig pannenkoekenontbijt wierp al na enkele kilometers op, de stukjes bos die ik had gepland, vielen me meteen zwaar. Ik had geen echte route uitgestippeld dus moest vaak stoppen om me op mijn gsm te oriënteren. Toen ik uiteindelijk de weg gevonden had, kwam de wind opsteken en kwam daar nog regen bij. En toen begonnen mijn darmen te rommelen, vreselijk! Ik was zo blij toen ik ons huis zag staan.

Welk type trainingen voelen nooit als een opgave?
Wanneer de zon schijnt, de benen fris zijn en Spotify de perfecte sfeer creëert. Ik kan al lopend DJ’en. Dan dwalen mijn gedachten weg en kan ik over alles dromen, denken, plannen maken… Geweldig!

Wat vind je het leukste en wat het moeilijkste aan trainen voor een groot doel?
Een doel motiveert om weer kilometers te tellen en extra te lopen. Je klaarstomen voor een groot doel is iets bijzonders. Het vraagt toch altijd wat planning en organisatie. Elke zondag is het weer kijken: wanneer ga ik wat lopen en hoeveel? Als je dan eens veel andere bezigheden hebt in een week dan vind ik het echt een uitdaging. Maar uiteindelijk lukt het dan toch altijd om de kilometers te lopen zoals gepland, ook al moet je daar soms vroeg voor opstaan of na het werk nog lang voor lopen.

Loop je soms in gezelschap?
Niko vervoegt me steeds vaker. Sinds kort ook Joni, onze nieuwe loopvriend en voetbalvriend van Niko. Altijd leuk om samen te lopen. Al moeten de tempo’s wel matchen. Sorry meisje, maar lopen met jou is echt afzien!

Liep je al in korte broek?
Nee, wel al in T-shirt.

Wat verwacht je volgende week van de CPC halve marathon in Den Haag?
Ik heb het even opgezocht en ik heb er nog nooit een echte toptijd neergezet. Daar hoop ik verandering in te brengen. Ik heb zin om eens echt te scheuren door die straten van Den Haag. Ik heb zelfs een beetje een wedstrijdplan gemaakt. Al hoop ik dat die tussenribspier niet weer gaat verzuren.

Zien we je ook weer aan de start in Houffalize?
Tuurlijk.

Als tijd, geld en middelen geen probleem zijn, wat is dan je grootste (en stoutste) sportieve droom?
Heel moeilijke vraag. Ik dacht eerst aan meer kleding van Saysky, haha. Weinig ambitieus ben ik precies. Uitdagingen zoals de marathon van New York of Boston zeggen me niks, alsook die extreme uitdagingen zoals Marathon des Sables. Misschien dan eerder een bijzondere natuurloop in de bergen, al heb ik een hekel aan bergop lopen.

Wat eet en drink je vlak na een zware training?
Chocomelk en dan gewoon waar ik heel veel zin in heb. Dat kan variëren. Ik heb nog wel wat te leren qua voeding, denk ik.

Welke songs kleuren het begin van 2023?
Out of My Head van First Aid Kit staat op repeat. Verder probeer ik me in te luisteren op Rock Werchter 2023.

Welke kleur droeg je dit jaar al het vaakst?
Haha, geen antwoord mogelijk. Hetzelfde als altijd denk ik.

Las je dit jaar al een boek?
Ik las heel wat vakliteratuur en begon in een boek. Ik zit toch al 10 pagina’s ver.

Wie zijn je favoriete masked singers?
Champignon en Hippo.

Op welk DIY-project ben je het meest trots?
Onze zelfgemaakte dierenmagneten voor Emils 1e verjaardag vind ik fantastisch goed gelukt. Mijn wilgenhut in de tuin is ook best geslaagd. Verder is mijn jeans broekpak een parel in wording.

Hoe vierde je de 1e verjaardag van Emil?
Met frieten en stoofvlees. Hij was wat slechtgezind op zijn verjaardag, maar dat is helemaal oké. Ik heb geklonken met zijn papfles. Mijn eerste jaar als meter zit er dus op. Ik neem mijn rol best ernstig.

Welke eigenschappen van je familieleden benijd je het meest?
De snelheid, de discipline en de kracht die Joke en Seppe hebben op sportief vlak. Een vat dat nooit leeg kan zijn. Altijd blikken karakter in de berging. Ons Marietje is dan weer specialist in het leiden van een chaotisch leven: ze kan met één schoen aan haar hele huishouden doen en dan pas de tijd nemen om haar tweede schoen aan te doen. Hilarisch, maar uiteindelijk deinst ze daardoor nooit terug voor nog meer chaos en krijgt ze ook alles geregeld. Ze is veel onbevreesder. Mama en papa zijn daar weer echt het voorbeeld van de kleine gelukjes. Hoe je leven geweldig kan zijn als je er samen in slaagt om de perfecte compost te maken.

Het volledige team van Jokeloopt bedankt je en wenst je nog een schitterend voorjaar toe, Roos!

Loperspraat – Mijn sportieve voorjaar van 2023

Ik zou niet graag als januari door het leven gaan. Geen enkele andere maand krijgt zoveel gesakker te verduren. Er is opvallend veel gezucht aan het begin van dat nieuwe jaar. 31 dagen waarin het onvermijdelijk winter is en de zomer nog lichtjaren ver weg lijkt te zijn. Het kan sneeuwen, regenen en hard waaien. Ik heb het eigenzinnige karakter van januari echter heel erg leren waarderen. Het is een maand die beloftes inhoudt. De maand van Gedichtendag ook en heel wat jarige vriendjes. De maand bij uitstek om plannen te maken, te dromen van meer en een goede basis te leggen voor wat nog komen zal. Januari dat is de draad weer oppikken. De zon die ook gewoon weer gaat schijnen. Het leven dat z’n gangetje gaat.

Op sportief vlak is januari voor mij altijd een maand waarin ik me weer op en top loper voel. Fietsen is dan een leuk extraatje. Een aangename manier om me te verplaatsen tussen Tienen en Leuven of de omgeving te verkennen. Ondanks de soms barre weersomstandigheden voelt fietsen dan niet als training. Zo maakte ik al weer kilometers met de mountainbike (Juan dus) die volledig gerecupereerd is van zijn Hel-avontuur. Mijn eerste rit van het jaar was meteen goed voor 112 kilometer waarvan een 20-tal in het gezelschap van Seppe die ik als bij toeval tegenkwam in Tervuren. Tony kreeg dan weer een noodzakelijk groot onderhoud cadeau om te kunnen shinen op zijn 1e verjaardag. De steenweg vraagt veel van een fiets. Ja, ik fiets dus nog, beleef er ook plezier aan, maar mijn sportieve DNA is en blijft dat van een loper. Januari is overigens ook altijd een maand waarin ik opvallend vaker in gezelschap ga lopen en dan besef hoe fantastisch het is om dat samen te kunnen doen. Aan mijn dierbare loopvriendjes: graag meer van dat!

Mijn eerste wedstrijd van het jaar heb ik ook al achter de rug: de 21 kilometer lange Hageland run in de omgeving van Holsbeek. Met 500 modderige hoogtemeters meteen een stevige binnenkomer. Ik finishte als tweede en hoewel ik trager liep dan vorig jaar (modder!) kon ik wel met volle teugen genieten van het sportieve jaar dat zich weer op gang trekt. De volgende wedstrijd dient zich pas in maart aan. Dan trek ik samen met Roos naar Den Haag voor de CPC Loop die dit jaar weer als vanouds in maart doorgaat. De CPC, wat kan ik er nog over zeggen? Dat het een unieke halve marathon is? Dat Den Haag een geweldige stad is? Dat ik altijd weer blij ben als ik daar naartoe kan gaan? En oh ja, dat ik dankzij mijn snelle tijd van in september (5 cruciale seconden) me als subtopper kon inschrijven? Een absolute primeur! Het wordt vooral ook uitkijken naar Roos die erop gebrand is te knallen in de Haagse binnenstad. Ik hoorde haar al meermaals zeggen dat ze nog iets recht te zetten heeft in Den Haag. Wordt ongetwijfeld vervolgd dus.

Het piekmoment van het voorjaar is traditiegetrouw de maand april (een maand die ik wel graag zou zijn). Op 16 april staat de marathon van Rotterdam op het programma. Mijn 16e marathon, mijn derde keer Rotterdam waardoor die stad zich bij Brussel en Parijs kan voegen om samen mijn illustere Big Three te vormen. Rotterdam herbergt een marathon die tot de verbeelding spreekt. Een bijzonder snel parcours met vooral een ongeziene sfeer. Elke keer weer ook een ongeziene lijdensweg langs de Kralingse Plas en een even onvergetelijke finish op de Coolsingel. Rotterdam is één groot loopfeest. Sam staat er trouwens ook weer aan de start, net zoals de gebroeders Van Roy. Roos wilde zich eigenlijk graag inschrijven, twijfelde door de ziektekiemen die door haar lijf woedden om dan vast te stellen dat de marathon al was uitverkocht. Ze schakelde snel en besloot om voor De Jogclub Ultra te gaan op maandag 10 april: maar liefst 59 kilometer lopen over de mountainbikeroute van Seppe in het Herentse. Ik kijk er naar uit om eens voor haar paraat te staan langs de kant van de weg. Om haar vooruit te schreeuwen en te volgen. Ook dat zijn sportieve plannen waar een mens naartoe kan leven.

Ik ga er de komende weken alles aan doen om dat lichaam van mij in topvorm te kneden zodat ik in Rotterdam een gooi kan doen naar de magische sub-3. Een marathon lopen in minder dan 3 uur dus. Om dat doel te bereiken moet ik per kilometer 2 seconden sneller lopen als in Amsterdam. Dat is veel én weinig tegelijkertijd. Ik trek me op aan het feit dat marathonmeester Eliud Kipchoge op 37-jarige leeftijd een wereldrecord liep op de marathon in Berlijn. Amper een week na de marathon sta ik met mijn twee zussen aan de start van de 10 Miles in Antwerpen. Een plan dat in de koelkast stond sinds 2020 (en waar Marike dat jaar haar eigen invulling aan gaf) zou dus 3 jaar na datum realiteit te worden. Een gezusterlijke Odeyn-trein op Antwerpse bodem, dat moet waanzinnig zijn!

Verder volgt er hopelijk wat trailplezier met echte bergen, een 20 kilometer door Brussel en een stratenloopje hier en daar. Geloof me maar als ik zeg dat elk seizoen een loopseizoen is. Ik verklaar de jacht op avontuur, goede verhalen en snelle tijden bij deze voor geopend.

Loperspraat – Mijn sportieve najaar van 2022

Ik weet niet meer wat ik juist verwachtte van 2022. Of ik het überhaupt aandurfde om verwachtingen te koesteren nadat we de afgelopen jaren lesjes in nederigheid moesten ondergaan. Corona was het zwaard van Damocles boven ons hoofd. Een dreiging aan een paardenhaar. Je wist nooit echt goed hoe je leven er over een paar weken zou uitzien. In ieder geval is 2022 het jaar waarin ik weer à la carte en als vanouds aan loopevenementen kan deelnemen. Sterker nog: het bleek een jaar te zijn waarin ik de ene na de andere loopwedstrijd kon winnen en PR’s weer wat scherper stellen op diverse afstanden. Het begrip lange afstand kreeg bovendien een extra dimensie door de trail in Houffalize die Roos en ik liepen. Behoorlijk grensverleggend allemaal. Ik ga het najaar echter niet dartend doorbrengen geïnspireerd door het succes van Dancing Dimi. Er zal gelopen worden, gefietst ook, door de wind door de regen, door de modder en liefst ook door alles heen. Mijn sportieve honger is nog niet gestild.

De CPC Loop in Den Haag zal altijd een bijzonder plekje in mijn hart hebben. Nu is in mijn hart best wel een grote ruimte gereserveerd voor loopevenementen en is dat plekje dus niet exclusief voor de CPC voorbehouden. Den Haag is Den Haag: altijd een goed idee, altijd weer leuk om er tijd te kunnen doorbrengen in familiale sferen. De CPC is daarenboven een prachtige halve marathon waar je nooit echt weet wat je kan verwachten. Op 8 maart 2020 liepen Roos en ik onze laatste CPC voor de wereld even op slot ging en het onvoorstelbaar leek dat mensen ooit nog in een grote massa zouden mogen samenkomen. Gek genoeg is de CPC ook de wedstrijd waar we het langst moesten wachten op een revival-editie. 25 september gaat het dan echt weer gebeuren en raas ik (hopelijk toch) over dat ongelooflijke parcours van de city-pier-city, in gezelschap van de zeebries die mee dan wel tegenwerkt. Naast de plaatsing op de kalender is deze editie ook anders omdat Roos er niet aan de start zal staan. Zij zal een avontuur van een heel andere orde beleven met Seppe, waarover later meer. Gelukkig zullen haar schoenen gevuld worden door die van Sam, waarover ook later meer.

Oktober dat is marathonmaand. Ik ben er nog steeds niet over uit of ik nu eerder het type voorjaars- dan wel najaarsmarathonloper ben. Op 16 oktober sta ik hoe dan ook aan de start van de Amsterdam Marathon. De marathon waar ik mezelf in 2017 een beetje kapot liep langs de Amstel, waar ik een keer door het Vondelpark vloog en er een keer door strompelde en me ook realiseerde dat Amsterdam over veel bedrijventerrein beschikt. De start- en finishzone in het Olympisch stadion konden me wel bekoren. Uiteraard ga ik voor een verbetering van mijn 3:06 in Parijs. Het is mogelijk, maar dat is nooit een garantie dat het ook echt zal gebeuren. Ik vertel later ongetwijfeld nog eens wat uitgebreider over mijn voorbereidingen en verwachtingen van Marathon N°15. Wie eveneens in Amsterdam aan de start zal staan is mijn maatje Sam. We leerden elkaar kennen tijdens de voorbereiding van de Paris Marathon en sindsdien deelden we loop- en ander vreugde en leed. Voor Sam is het z’n derde marathon en met een PR van 2:59 gaat ook hij resoluut voor een verbetering van z’n besttijd. Hij kan dat, daar ben ik heel zeker van.

Na de najaarsmarathon begint dan weer het betere ploeg- en modderwerk voor mijn decemberdoel. Ik ben nog steeds van mening dat mountainbiken een zomersport is, maar blijkbaar ben ik nog steeds zo gek te krijgen om ook in de kille maanden met Juan op pad te gaan. Mijn lopersbenen zullen dus heel wat extra kilometers op de fiets malen. Op 13 november staat de halve marathon van Kasterlee op het programma (waar ik vorig jaar als derde eindigde). Het regent doorgaans die dag, net zoals de andere 29 dagen van november meestal het geval is. En jawel, op 18 december neem ik dan weer deel aan de Hel van Kasterlee. Zoals verwacht krijgt het drieluik dus een sequel. De editie van 2021 was om heel wat redenen erg bewogen, waardoor ik tot de conclusie kwam dat ik nog niet klaar ben om het Hel-hoofdstuk af te sluiten. Bovendien belooft deze 20e editie een bijzonder feestelijke te worden: omwille van dat ronde getal en omdat Seppe zijn 10e overwinning kan binnenrijven. Hoe vet zou dat zijn?! De zomer geeft ons vandaag al een voorproefje van de herfst: I say yes to the regenjas, want er is immers genoeg om naar uit te kijken!

Loperspraat – Hoe wij voor even helden waren in Houffalize

In Houffalize vind je geen idyllisch sprookjesbos. Je ziet er vooral heel veel dennenbomen en met wat geluk een kabouter. Op zaterdag 9 juli werd Houffa voor twee zussen echter een magische plek. Als je hard je best doet en doorzet dan kan je boven jezelf uitstijgen door een droom na te jagen. Toen Seppe in het najaar van 2020 de 158 kilometer lange GR Hageland route liep, ging er iets kriebelen bij Roos en mij. 100 kilometer lopen: hoe zot zou dat zijn? Zo werd het zaadje geplant om een ultra trail te lopen in Houffalize omdat we daar al enige trailervaring hadden opgedaan. Voor we ons aan die 100 kilometer waagden, zouden we voor de 68 km lange La Chouffe trail gaan. Soms is de grens tussen een grootse droom of een geschift plan behoorlijk flou. Als je op het punt bent aanbeland om een droom om te zetten in een daad, dan wordt dat plan plots een afschrikwekkende berg waarvan je niet weet of en hoe je erover zal geraken. Naast een goede voorbereiding vraagt het sowieso ook heel veel moed om in Houffalize 68 kilometer te lopen met 2000 hoogtemeters. Daar gewoon aan de start staan was al een kleine overwinning op zich.

Om 8u beginnen we aan de onderneming van de dag. Met drie Odeynen aan de start, want ook Seppe koos last minute voor de langste La Chouffe afstand. De eerste kilometers lopen over de ravel die Houffalize met Bastogne verbindt: 2 asfaltkilometers die we als aanloopje gepresenteerd krijgen. Na wat draaien en keren, springen en stijgen, volgt een eerste pittige afdaling waarbij ik al goed moet nadenken hoe ik mijn voeten best neerzet. In 2017 dook papa hier als een ongeleid projectiel naar beneden. Als ik na een handvol kilometers Houffalize-city doorkruis, lopen er voor mij twee mannen al babbelend met een flukse doch ontspannen tred, alsof ze casual aan het loslopen zijn. Ik besluit me wat achter hen te verschuilen om zo te kunnen meesurfen op hun relaxte houding. Als ik halvelings bij hun gesprek inpik, heb ik niet eens echt door dat we over het (toch wel gevreesde) BMX-parcours lopen, waarna ook een heel venijnige klim volgt. Ik kom te weten dat Pieter een marathonloper is en dat Jari traint voor een ultra trailrun in Zwitserland.

DWIX8772

Bij mijn vorige trails in Houffalize zonk de moed me al in de schoenen na 10 kilometer. Ik vond niet de goeie cadans (logisch, het is trailrunning), blies mezelf helemaal op en ik voelde de verzuring veel te snel. Vandaag moet dat anders. Mijn mantra wordt: lopen is leuk. Lopen is wat ik kan, wat ik graag doe en elke meter die ik loop brengt me sneller bij m’n doel dan elke meter die ik stap. Lopen is leuk! Lopen is leuk! Wat verderop haak ik mijn karretje weer aan bij Pieter die alleen loopt, tot hij stopt voor een eerste bevoorrading van zijn ouders. Zelf kijk ik uit naar het eerste bevoorradingspunt aan de brouwerij van Achouffe op kilometer 16. Het is daar best druk, maar de sfeer is zoals steeds gemoedelijk. Ik vul mijn water bij, steek snel wat eten in mijn mond en zie hoe Pieter mij aan een rotvaart voorbij racet. Die zie ik nooit meer terug, denk ik bij mezelf. Niks bleek minder waar. Ik vervolg mijn weg langs het water over een best goed begaanbaar pad. Een moment van onoplettendheid wordt meteen afgestraft als ik plat op mijn buik val. Mijn knie en hand zijn wat geschaafd, maar ach: als het dat maar is. Ik heb mijn les wel geleerd. Niks bleek minder waar. En ook nog steeds: lopen is leuk, zeker als dat het enige is waar je mee bezig moet zijn.

Na een paar kilometer loop ik weer samen met Pieter en zijn we vertrokken voor een heel lang avontuur samen. Pieter is met zijn 22 jaar de op één na jongste deelnemer van het pak. Hij loopt in competitieverband afstanden van 10 km tot de hele marathon. Vorig jaar liep hij in Houffalize de 36 km. Bovendien is hij ook een laatstejaars student kinesitherapie (in een sportieve context heb je daar veel meer aan dan met een leerkracht op pad te zijn). We mogen dan wel anderhalve generatie schelen, de snotneus en de oude bes vinden elkaar helemaal als (marathon)lopers onder elkaar. Als liefhebbers van het vlakke wegdek hebben we ook het ideale excuus om ons low-profile op te stellen: we zijn maar marathonlopers! Ik probeer mijn mantra ook aan Pieter op te leggen: we moeten lopen positief blijven benaderen, dat zal later nog lonen. Ik ben verder echt niet bezig met het tempo dat we per kilometer halen en met hoeveel (of hoe weinig) kilometers er al op de teller staan. In mijn hoofd ben ik nog behoorlijk fris. Hoe dan ook ben ik minder onder de indruk van de omstandigheden dan enkele jaren geleden. Mijn lichaam beaamt dat. Die positieve boodschap wil ik zeker aan mijn ouders overbrengen die samen met Niko (mijn lieve schoonbroertje) paraat staan bij de waterpost op kilometer 25. Ik krijg daar ook te horen dat ik als tweede loop en Roos als vierde. Dit is geen competitie, maar wel een bevestiging voor ons, de marathonlopers, dat we goed bezig zijn.

LFWT3725

Hoe leuk ik lopen nog steeds vind, het is niet zonder risico. Rond kilometer 28 lopen we (weer maar eens) langs de Ourthe over een smal pad met behoorlijk wat sprongetjes en obstakels. Ik maak een onschuldige schuiver met mijn voet langs de waterkant, ik kan me nét niet vastklampen aan een boom en voor ik het goed en wel besef, glij ik op mijn buik met mijn hoofd richting de Ourthe. Hier en daar probeer ik me nog wat tegen te houden, maar er is amper houvast, de kant is te steil. Na een glijpartij van een meter of 3 slaag ik erin om met mijn voeten eerst in het water te landen. Ik krijg een stevige hand aangereikt van redders Frederik en Pieter om naar boven te klimmen. Weer wat schaafwonden rijker besef ik nu echt dondersgoed hoe snel het gebeurd kan zijn en hoe dit ook minder fortuinlijk had kunnen aflopen. Er zijn plaatsen waar je tientallen meters naar beneden glijdt en minder zacht landt. Ik voel de adrenaline weer stromen. Lopen mag dan wel leuk zijn, ik neem me voor om nog beter uit mijn doppen te kijken. Al is dat echt geen evidentie: er lijkt geen meter te passeren waarbij er niet iets uit de grond steekt, er is geen paadje (als dat er al is) zonder bult, put of steen (rots). Trailrunning is zonder meer een prachtige sport omdat je op een heel primaire manier van lopen kan genieten net omdat het een bepaalde focus vraagt.

Pieter en ik, wij blijven gaan. Elke kilometer zeggen we allebei eens dat we toch echt wel goed bezig zijn. De benen worden natuurlijk wat strammer, maar al bij al kunnen we nog steeds behoorlijke stukken lopen. Dat geeft de loper moed. Aan sfeer en gezelligheid dus geen gebrek. Als we op km 35 zitten, zeg ik al lachend dat de marathon kan beginnen. Het is nu uitkijken naar de bevoorrading van kilometer 36. Terwijl Pieters vader (die garagist is) daar bezig is een vastgereden auto uit de berm te trekken, spoelt de stagiaire-kine mijn wonden uit. Na een paar minuten zetten we onze weg verder. Het parcours kent echter geen genade. De kilometers kruipen voorbij omdat we heel wat steile stukken moeten overwinnen. Hoewel mijn compagnon best vaak struikelt, slaagt hij er altijd in om recht te blijven. Ik daarentegen ga nog een derde keer tegen de grond. Met net te weinig schwung spring ik op een betonblok waardoor ik achter de rand blijf haken en met een harde smak op het beton knal, een klap die ik opvang met mijn rechterschouder en -kaak. Het is zo’n val waarbij je je hoofd eventjes hoort kraken. Ik krijg weer een helpende hand aangereikt. Het beton is (logischerwijze) niet mals geweest voor mij. Mijn beide knieën liggen nu open, mijn schouder en gezicht bloeden. De carrosserie is met andere woorden gehavend, maar de spirit om te blijven gaan is er nog steeds. Ik neem mezelf voor de derde keer voor om nóg beter uit mijn doppen te kijken.

ISQW0254

Stilaan begint er een dip te komen in ons aanvankelijk niet-aflatende enthousiasme. De kilometers gaan tergend traag voorbij en we hebben nog niet eens onze marathon gelopen (we kunnen het niet laten om die erbij te betrekken). Het lijf begint meer pijn te doen en het kost steeds meer moeite om dat in gang te trekken. We zijn al 5 uur onderweg. Het dringt door dat we nog een lange weg te gaan hebben. Je zou kunnen denken dat op een bepaald moment de verveling toeslaat bij een onderneming van dat kaliber. De realiteit is dat je snakt naar verveling, maar helemaal opgeslokt bent door wat je aan het doen bent: pijlen zoeken en volgen, een spoor kiezen, wat klimmen over boomstammen of over rotsblokken, heen en weer lopen, op en neer lopen, drinken, bergop stappen en naar adem happen omdat het zo steil is, niet weten hoe je een afdaling moet nemen en dan pijn hebben aan je verzuurde pikkels. Het is totaal irrelevant, maar we lopen onze marathon in 5 uur en 25 minuten.

XXGB3800

Aan de waterpost van kilometer 46 is wederom een goede ambiance, maar ons vat is best leeg. We moeten nog 20 kilometer overbruggen. Hoe lang zal dat nog duren? Hoe lang kunnen wij nog blijven gaan? De volgende mijlpaal is die van de 50 kilometer, 6 kilometer daarna volgt dan de laatste bevoorrading. We hebben iets nodig om ons aan vast te klampen. Als kilometer 50 een feit is wordt er echter geen vuurwerk ontstoken. We vervolgen onze weg, soms naast elkaar, soms achter elkaar. We blijven wel zeggen en denken dat we goed bezig zijn. Ik probeer mijn mantra bij te stellen van “lopen is leuk” naar “lopen is efficiënt”. 100 meter lopen, al is het traag, gaat altijd sneller dan 100 meter stappen. Hoogtemeters kunnen we amper nog lopend verwerken. Met als gevolg dat we ons binnen één kilometer gemakkelijk een keer of 6 terug op gang moeten trekken. Dat doet pijn, steeds een beetje meer. Op kilometer 52 doemt plots een bekende man op uit het niets: papa! Mijn supportersteam staat op post en dat geeft toch weer een heel klein beetje vleugels. Ze schrikken wel wat van mijn beschadigde aangezicht, maar ik loop nog steeds tweede en niemand minder dan Roos Odeyn – the one and only – is de nummer 3. De marathonlopertjes rechten hun rug en gaan voor de zoveelste keer terug op pad.

Na dit aangename intermezzo krijgen we plots het gezicht te zien van de loper met het rode shirt die we al heel lang zo nu en dan voor ons uit zagen lopen. We vinden aansluiting bij Vincent die nog met een heel soepele tred loopt, uitermate positief is en trailstokken heeft. Alle tekenen die er voor ons, wannabe traillopers, op wijzen dat we hier met een ervaren ultra trailloper te maken hebben. Vincent wuift dat meteen weg. Ook bescheidenheid is een eigenschap van de trailloper: hij is namelijk niet bepaald aan z’n proefstuk toe. In december liep hij de Bello Gallico van maar liefst 160 kilometer en zelfs dat deed hij niet voor het eerst. Als je hem ziet gaan, dan denk je echt dat lopen ook na 55 kilometer nog leuk is. Vincent wordt de nieuwe metronoom. We proberen te lopen als hij loopt en vinden het veroorloofd om te stappen als hij dat doet. Bij onze laatste rivieroversteek blijkt ook hoe onervaren Pieter en ik door de Ourthe waden, alsof we vastgelijmd zijn aan de bodem, heel behoedzaam voetje voor voetje om vooral niet uit te glijden. Vincent daarentegen lijkt over water te kunnen lopen. Niet veel verder gebeurt er nog een mirakel als we zowaar een volle kilometer aan een stuk kunnen lopen. Het kost echt heel veel moeite, maar het doet ook deugd omdat je meteen voelt dat het zelfs met die ganzenpas de snelste manier is om afstand te overbruggen.

Op die manier bereiken we de laatste bevoorrading op kilometer 56. We maken dankbaar gebruik van het korte stukje asfalt dat we voorgeschoteld krijgen voor we ons weer into the wild begeven. We maken ook weer schaamteloos gebruik van Vincent als wegkapitein. Ik probeer me enkel te focussen op zijn tred, niet te veel meer na te denken en mijn kapotte benen te negeren. Ik beeld me in hoe we met z’n drieën aan een elastiek hangen en hoe die mij vooruit trekt. Helaas voel ik ook dat het elastiek achter mij onder steeds meer spanning komt te staan. Als ik achterom kijk, zie ik dat Pieter het steeds lastiger krijgt en terrein verliest. Moet ik nu verder lopen zonder mijn maatje? Moet ik stoppen en op hem wachten? Ook dat lijkt tegennatuurlijk. Ik loop, ik kan lopen, lopen is niet echt meer leuk, maar nog steeds de snelste manier om die finish te bereiken. Ik focus me dus op de weg die voor mij ligt, op het rode shirt en die fantastische rug van Vincent.

Rond kilometer 60 voelt het eindelijk alsof het einde in zicht is. Vincent heeft duidelijk nog meer overschot en loopt inmiddels een goed stuk voor mij. Al spoort hij me onbewust wel nog aan om voor de sub 9 te gaan. Er is inmiddels ook een kakelvers blik lopers over het parcours uitgeschud: de staart van de 14 km wedstrijd. Al puffend, waggelend en strompelend haal ik er nog heel wat in. Zelfs op de allerlaatste klim op kilometer 62 die er heel stevig in hakt. Ik heb amper nog kracht in m’n benen en moet zelfs twee keer halthouden om goed in te ademen en met een laatste restje moed naar boven te klimmen. Stilaan sijpelt het door dat er een einde komt aan dit waanzinnige avontuur. Met die gedachte slaag ik er nog in om een volle kilometer aan een stuk te lopen. Op de allerlaatste geaccidenteerde afdaling neem ik geen enkel risico om te vermijden dat ik nog eens tegen de grond zou gaan. Ik zie de finish, ik hoor mijn supporters roepen en fluiten. Ik kan dan ook niet anders dan met een heel grote glimlach onder de gele Arc de Triomphe door te lopen. Ik ben 2e vrouw en 26e overall in 8 uur en 53 minuten. Dit is echt te zot voor woorden!

RCNE4312

JRLU2554

Wat overheerst is de opluchting: het zit erop en het is gelukt. Bovendien heb ik er alles uitgeperst wat erin zat. En dan is het wachten op Pieter, die had het nog heel zwaar gehad de laatste kilometers waardoor hij noodgedwongen heel veel heeft moeten stappen. Het maakt allemaal niet uit, want ik ben apetrots op zijn prestatie. Zonder zijn gezelschap zou ik deze dag zonder twijfel een pak minder positief hebben doorstaan. En dan is het wachten op dat straffe zusje van mij. Jawel hoor, ze loopt daar zo eventjes als derde over de finishlijn! Ik heb nooit getwijfeld aan haar kunnen, ik weet dat ze kan bikkelen als geen ander, maar ik ben toch diep onder de indruk. Wat een tour de force! Achteraf hoorde ik dat ze na 6 kilometer al dacht: dit lukt nooit! Ze was niet alleen een uur langer onderweg, ze was ook helemaal op zichzelf aangewezen omdat ze amper in gezelschap had kunnen lopen. Nog helemaal high van alle emoties staan we daar dus met ons tweeën te blinken (en stinken) op het podium, een scenario waar we zelfs in onze stoutste dromen geen rekening mee hadden gehouden.

HPYB8384

Wat gebeurde er trouwens met Seppe? Die miste als koploper van de race een pijl en kwam daardoor ongewild op het parcours van de 47 km wedstrijd terecht (die hij officieus won). Toch wel een kleine domper op de feestvreugde. Toen Roos en ik finishten was Seppe al lang terug in hometown Herent waar hij ook al 40 kilometer was gaan fietsen. Ik zei dat er drie Odeynen aan de start stonden, eigenlijk waren het er de volle vier. Omdat onze zus Marike zo intens met ons heeft meegeleefd. Omdat zij een onmisbare schakel is bij de uitvoering van al die wilde dromen. Omdat we zonder haar nooit compleet kunnen zijn. Het is zoals de drie musketiers die eigenlijk ook met vier waren.

Voor de start zei Roos met een lachje: denk eraan, good vibes only! De dikke knipoog moet je er zelf bij denken, want ik heb een hekel aan die quote (als in: zo werkt het niet in het leven). Nu overweeg ik toch om die in het groot en breed in huis op te hangen. Misschien moet ik hem zelfs op m’n arm laten tatoeëren. Soms is het wel degelijk zo simpel. Alleen ontstaat die positieve ingesteldheid niet op commando. Je moet zelf de omstandigheden creëren waarin de goede vibes toonaangevend zijn. Ik heb die in de eerste plaats te danken aan de afleiding die ik vond bij mijn loopmaatje van de dag. Ook heb ik geleerd van mijn vorige deelnames in Houffalize dat het weinig zin heeft om te foeteren op de bergen. Daardoor kon ik met momenten oprecht genieten van alles wat we onderweg hebben gezien en meegemaakt. De Ardennen zijn adembenemend mooi. We hebben panoramische uitzichten gehad waar geen postkaart tegenop kan. We hebben wandelwegen belopen waar ik me anders nooit aan zou wagen.

Ik vind het moeilijk om deze ervaring te vergelijken met een marathon lopen of deelnemen aan de Hel van Kasterlee. In mijn ervaring is het grote verschil met de duurinspanning van de marathon of van een eindeloze winterduatlon dat die monotoner van aard zijn. De voorspelbaarheid ervan ligt wat hoger. Je kan op voorhand en tijdens de race beter anticiperen op mogelijke obstakels (zowel mentaal als fysiek). De pijn van je verzuurde benen neemt gestaag toe, maar het blijft wel dezelfde pijn. De strijd die je voert in je hoofd is eveneens redelijk onveranderlijk. Je moet en zal blijven lopen (of fietsen) en dat is zonder meer kei hard afzien. Trailrunning is de sport van 50 shades of afzien. Tijdens een trail besef je dat “afzien” zich aandient in diverse veranderlijke verschijningsvormen. Afzien is: overal in je lijf rare pijntjes hebben en dan beseffen dat je nog een lange weg te gaan hebt. Afzien is: je wil nog steeds vooruit. Afzien is ook: lopen en dan plots een berg moeten beklimmen met rotsachtige uitstekers. Afzien is: willen lopen, maar niet kunnen. Afzien is ook: kunnen lopen, maar niet willen. Afzien is: een kilometer verdelen in 10x 100 meter en dan ook 10x verrast zijn met wat je voor de voeten krijgt. Afzien is ook: blij zijn dat het branderige gevoel van de schaafwonde op je knie de verzuring tijdelijk verdringt. Afzien is: dat je eigenlijk niet meer weet hoe je je voelt.

Tot slot kreeg ook het begrip “doorzetten” voor mij een bredere invulling. Je bent geneigd om bij doorzetting te denken in termen van vechten, strijden en knokken. Het is echter onmogelijk om uren aan een stuk in vechtmodus te zijn. Tijdens een trail ervaar je dat doorzetten vooral ondergaan is. Je neerleggen bij het feit dat wat je aan het doen bent zwaar is. Aanvaarden dat je lichaam en geest het lastig hebben. Je moet niet in de clinch willen liggen met de berg of de grilligheid van het landschap (die strijd win je immers nooit), maar het laten begaan. Een dikke vette les in go with the flow, ook als er heel weinig flow blijkt te zijn. Om er meteen een les mindfulness bij te gooien: door die houding zat ik ook veel meer in het moment. Als ik het zwaar heb tijdens een marathon dan zoek ik de afleiding buiten datgene waar ik mee bezig ben. Nu was de tocht zelf de afleiding. Wat ik heb meegemaakt tijdens die 8 uur en 53 minuten in Houffalize is zonder meer een rijke en onvergetelijke ervaring. Dit is uiteindelijk waarom ik loop: om herinneringen te maken, grenzen op te zoeken, om op avontuur te gaan en dat te kunnen delen met ieder die mijn pad kruist. Mocht je er nog aan twijfelen: lopen is leuk. Juist om die reden is de droom van de 100 kilometer nog even levendig.

SCXR9338

Nog enkele weetjes:

  • er stonden 114 gekken aan de start van de 68 km, waaronder 8 vrouwen, 96 deelnemers haalden de finish
  • een diepe buiging voor de Luxemburgse Shefi Xhaferaj die amper 7 uur en 10 minuten nodig had om 68 km af te haspelen, wat een vrouw!
  • we staken in totaal 4x de Ourthe over, de ene keer al langer en dieper dan de andere, Pieter en ik liepen ook 2x verkeerd
  • in vogelvlucht waren we op het verste punt slechts een kilometer of 12 van Houffalize verwijderd, kan je nagaan hoeveel lussen en kronkels we hebben gemaakt
  • oh ironie 1: één van de eerste gesprekken met Pieter ging over de vele hoogtemeters van de Paris marathon, dat zijn er zeker 100!
  • oh ironie 2: tijdens een trail run hard ten val komen op een betonblok
  • ik ben een fan van de reeks Earth’s Greatest Rivers, na tientallen kilometers langs en dito uitzichten op de Ourthe vind ik dat die rivier echt een eigen documentaire verdient
  • ik dronk onderweg 5 liter en at relatief weinig: 2 repen Clif bloks (het equivalent van 4 gels) en 4 sneetjes peperkoek
  • bij de bevoorrading op km 36 maakte Pieter een plaspauze, mannen kunnen volgens hem altijd plassen
  • op sommige plekken kruisten heel wat wandelaars ons pad, die staarden mijn geschaafde en vuile kop wel eens raar aan (begrijpelijk)
  • Marike zei na afloop heel stellig dat we haar nooit zullen kunnen overtuigen voor een trail run van dit formaat
  • Running Up That Hill van Kate Bush is voor eeuwig en voor altijd verbonden met Houffalize
  • de wondzorg van de EHBO-post liep een jaar of 20 achter, ik kreeg niet meer dan wat ontsmetting en moest smeken om een pleister, gelukkig hebben wij in de familie heel wat expertise in de hoedanigheid van mijn schoonzus Valerie
  • de actiefoto’s die Sportograph onderweg nam, lijken een zombie-filter te hebben: zowel Roos als ik zagen asgrijs en nooit eerder hadden we zo’n uitgesproken nekspieren
  • dit verslag schrijven kostte me veel meer tijd dan de trail lopen, ik had tijd nodig om alles te reconstrueren en op te schrijven (je maakt zoveel mee!), maar ook om onder woorden te brengen wat dit voor mij betekent