Het moment – Een familieweekend en trailrun in Houffalize

Het familieweekend behoort in de meeste gezinnen tot het vaste curriculum. Bij ons is dat niet anders. We vullen dat echter in op geheel eigen wijze. Vergeet de gezelschapsspelletjes, barbecues en oeverloze discussies. Ik geef jullie graag een inkijk in een typisch weekend bij mijn familie.

De bestemming is afhankelijk van de sportieve activiteit die centraal staat. Wij zijn een familie met een duidelijke missie. Ieder familielid heeft enige vrijheid om de dag in te vullen, maar de neuzen staan wel in dezelfde richting. Het programma wordt grotendeels bepaald door wat er op sportief vlak gepresteerd moet worden. Op 13 juli zakten wij af naar Houffalize, dat al voor de derde keer gaststad was van ons familieweekend. Vorig jaar liepen mijn papa en ik er de 50 km La Chouffe trail, tot op heden onze enige ultra loopervaring. Mijn broer won toen zo eventjes de 28 km trail. Dit jaar was diezelfde papa trailloper van dienst op de 28 km samen met Roos.

IMG_2265
Geen La Chouffe trail zonder foto bij de La Chouffe kabouter!

Voor marathons trok ik met mijn mama en zussen al vaak naar Nederland en ook Frankrijk (Parijs) deden we aan. De sportieve agenda van mijn broer biedt heel wat exotische mogelijkheden. We lieten de kans om een familieweekend te spenderen in Dubai of Texas aan onze neus voorbij gaan, maar zochten hem wel al op in Lanzarote, Kopenhagen en natuurlijk Zofingen (Zwitserland) waar hij in september weer zal strijden voor de wereldtitel duatlon. Allen daarheen!

De accommodatie is basic: geen luxe of tierlantijntjes. Aangezien er ernstig gesport wordt, is de extra badkamer in Houffalize een grote meerwaarde. Verder is het belangrijk dat er een mogelijkheid is om koffie te maken, pannenkoeken te bakken en boterhammen te smeren. Sport op televisie kunnen volgen is ook niet onbelangrijk. Voor de grote honger trekken wij er graag op uit om van de lokale keuken (meestal Italiaans) te genieten.

Een familieweekend is bij ons geen verplichting. Het is waarschijnlijk eenvoudiger om wereldleiders samen te krijgen voor de G8 dan onze familie te verenigen binnen een sportief kader. Het principe is bijgevolg dat iedereen die aanwezig kan zijn meer dan welkom is. Last minute aansluiten kan altijd. We zijn dus nooit voltallig, maar steeds present met een behoorlijke delegatie.

Mijn papa zorgt voor de vrolijke en culturele noot. Meestal staat hij niet echt te springen voor de sportieve activiteit waar hij voor ingeschreven is. Ik weet niet of hij deelneemt omwille van zijn vaderlijke plicht of dat het eerder jeugdig enthousiasme is. Hij heeft ook steeds wat historische kennis paraat en kan zelfs vragen beantwoorden aangaande de plaatselijke fauna, flora en natuurverschijnselen.

IMG_2266
Dit is letterlijk het toeristisch hoogtepunt van Houffalize: een indrukwekkend uitzichtpunt.

Dit jaar sloot hij ook zijn trail af op vrolijke (en geheel eigen) wijze: vlak voor de finish koos hij ervoor om niet het gebaande pad van de brug te nemen, maar via het water naar de finish te klauteren.

Voor een intensieve parcoursverkenning daags voor de wedstrijd moet je dan weer bij mijn mama zijn. Over die wereldleiders gesproken: ze kunnen nog iets leren van haar minutieuze aanpak. Vergelijk de parcoursverkenning gerust met het uitzetten van een militaire operatie. Elke route moet immers tot in de puntjes worden uitgedacht zodat de aanwezige pionnen (supporters) strategisch kunnen worden ingezet. Haar trouwe compagnon (of slachtoffer) van dienst is Marike. Zoals ik al zei: we zijn een familie met een duidelijke missie. Wie niet deelneemt aan het evenement staat in voor de bevoorrading en heeft de eer van de supporters te verdedigen.

IMG_2257
Alle hens aan dek aan de bevoorradingspost op kilometer 16! De jongeman met het witte petje met opschrift “Seppe” is Peter, de vriend van Marike.

Onze familieweekends leiden heel vaak tot spontane ontmoetingen met sportieve lotgenoten. We kunnen nogal enthousiast zijn en hebben oog voor ieder die ons pad kruist. Zo spraken wij in Houffalize onder andere met de speaker van dienst (of moet ik zeggen huisvriend Hans?) en de medewerker die de startboog moest opruimen. Ook wisselden we ervaringen uit met collega traillopers bij de Italiaan (die lokale specialiteiten dus) waar we het weekend afsloten. Sociale beestjes die Odeynen.

De gedachte – Over de zin en onzin van inspirational running quotes

Sometimes the best runs come on days you didn’t feel like running.
One run can change your day, many runs can change your life.
If you can run a mile. You can run a marathon. – Nike

Don’t just chase your dreams. Run them down!
Run. Find yourself.
Just do it. – Nike
Just run.

IMG_2304
Begin dit jaar scheurde ik deze pagina uit Runner’s World. Een krachtige, optimistische boodschap. 2018 wordt mijn jaar, wat dat ook moge betekenen. Zo niet, dan volgend jaar wel.

Het vergt weinig moeite om inspirational of motivational quotes over lopen of eender welke andere bezigheid te verzamelen. Zowel Google als Pinterest leveren een overvloed aan zoekresultaten op die ons wijze, al dan niet ludieke, lessen proberen mee te geven. Waar je ze aanvankelijk enkel aantrof in hippe koffiebars, vind je ze nu in elke winkel die wat eigenheid en lifestyle wil uitstralen. Het is trouwens opvallend dat er in het algemeen gekozen wordt voor de Engelse benaming inspirational quote. Als het gaat over inspireren of motiveren lijken de begrippen boodschap, citaat of spreuk de lading niet te dekken. Ook de mededeling zelf lijkt pas inspirerend te zijn als die Engels klinkt.

De zin van zulke quotes is dat ze op gebalde en vaak humoristische wijze een waarheid kunnen weergeven. Vaak is dat een positieve boodschap die ons aanzet van het leven te genieten: Eat cake, it’s somebody’s birthday somewhere. Ook enig realisme is niet vreemd. Life’s a bitch bijvoorbeeld. Het leven kan hard en gemeen zijn. Waarschijnlijk zou dezelfde boodschap in het Nederlands anders klinken. Het klinkt stoer, maar minder provocerend om het Engelse bitch te gebruiken. Een Nederlands equivalent zal sneller vulgair overkomen. Anno 2018 vloeken we in het Engels.

Vaak bevatten ze ook een dosis zelfspot: I don’t need an inspirational quote, I need coffee. Neem die inspirerende (on)zin vooral niet te serieus en geef mij maar een koffie. Motiverende spreuken zijn decoratie, een originele versiering met een dikke knipoog. Je gaat uiteindelijk ergens iets drinken omdat de koffie daar goed smaakt en het personeel vriendelijk is, niet omdat de slogans aan de muur zo catchy zijn. Dat er dan een glimlach op je gezicht verschijnt omdat je iets van jezelf herkent in een hippe uitdrukking, is alleen maar mooi meegenomen.

Hippe uitdrukking of gevatte uitspraak zijn juistere benamingen voor het fenomeen inspirational quote. Ik denk namelijk niet dat zulke gezegdes je echt inspireren of motiveren om iets te doen wat je daarvoor niet deed. Neem nu de Just do it van Nike (vergelijkbaar met de Yes, we can van Obama). Het betekent zoveel als: begin er aan. Doe het gewoon. Blijf niet eeuwig twijfelen en afwegen, maar ga ervoor. Ga gewoon eens lopen. Trek het je niet aan dat je zal zweten en wat stramme spieren zal hebben. Just run. Het lijkt me onwaarschijnlijk dat iemand na het lezen van twee of drie krachtige woorden effectief de loopschoenen aantrekt en denkt: ach ja, waarom niet? Niemand zal gemotiveerd zijn om voor een marathon te trainen als je met heel veel moeite uit het niets eens een mijl loopt omdat een quote dat gezegd heeft. Daarom zijn de woorden motivational en inspirational niet helemaal op hun plaats. Het is pas als je al gemotiveerd en geïnspireerd bent om te lopen dat je zal beamen dat de beste runs soms uit onverwachte hoek komen. In een hip jasje klinkt dit als: Sometimes the best runs come on days you didn’t feel like running.

We leven kortom niet in een wereld waarin de impact van enkele woorden zo groot is dat mensen plots rigoureus het roer omgooien en beginnen lopen omdat ze overtuigd zijn dat het hun leven zal veranderen nadat ze ergens One run can change your day, many runs can change your life aan de muur zagen hangen. Een hippe spreuk klinkt gewoon goed, is vaak grappig en moet herkenbaar zijn. Het kan ook een herinnering zijn aan een belangrijke boodschap voor jezelf, zoals mijn persoonlijke Dit wordt jouw jaar. De waarde van woorden is ook persoonlijk en zal afhangen van wie ze uitgesproken heeft. Als dat iemand is die je inspireert of simpelweg interesseert dan worden ze meteen krachtiger. Passion is not a chance, it’s a choice is een citaat van Eliud Kipchoge, de beste marathonloper van het moment. Een man die nog steeds een bescheiden leven leidt met zijn gezin in Kenia en waarvan ik oprecht geloof dat hij nog steeds heel veel plezier haalt uit elke kilometer die hij loopt. Als ik deze woorden zou horen uit de mond van Christiano Ronaldo dan zouden ze voor mij persoonlijk niets betekenen of toch veel minder. Sorry, Christiano.

Hang je muur dus vooral vol met wat voor jou belangrijk is of goed klinkt. Iedereen heeft zijn eigen waarheden. De inspirerende en motiverende kracht van mensen en plaatsen is gigantisch. Maak er gebruik van. Laat pretentie achterwege. Ga zeker geen slechte koffie drinken omdat de omgeving zo hip is. En als je een hekel hebt aan al die inspirerende nonsense: just don’t care.

Loperspraat – Hoe ik op geheel eigen wijze begon te lopen

In februari 2014 werd ik een vrouw met een plan. Een groots sportief plan: ik zou in mei de 20 km van Brussel lopen. Het idee kwam er onder invloed van mijn jongste zus Roos. Samen zouden we onze sportieve grenzen verleggen. Ik was toen 28 jaar en sportiviteit bleef op dat moment in mijn leven beperkt tot fietsen voor praktisch gebruik en af en toe paardrijden. Hoog tijd voor verandering dus.

Ik had nochtans het goede sportieve voorbeeld van thuis meegekregen. Ik herinner me heel goed dat we als kind gingen wandelen en leerden fietsen langs de Vaart. Later fietsten we dan mee als mijn moeder een rondje ging joggen (zoals ze dat zelf noemt). Later begonnen we dan zelf ook dat rondje te lopen (of joggen). Tijdens mijn jeugd stond ik bekend als een goede loper. Op de middelbare school ging ik twijfelen aan mijn sportieve mogelijkheden. Ik kon immers niets met een bal. In tegenstelling tot mijn klasgenoten maakte ik een innerlijk vreugdedansje als er gelopen moest worden. Het was de enige sport waarin ik opmerkelijk beter was dan anderen. Ik ben toen ook beginnen paardrijden en mountainbiken. Rond mijn 16e heb ik samen met mijn broer Seppe bij een atletiekclub gezeten. Toen begon ik ook wat langere afstanden te lopen: een uur, een uur en een kwartier. Ik blonk zeker niet uit in snelheid, maar merkte wel dat ik van nature een groot uithoudingsvermogen leek te hebben. En zelfs als ik niet echt kon volgen, dan was opgeven geen optie.

Scanvaart2
Mijn vader en ik aan de Vaart in de jaren 80.

Van mijn 18e tot mijn 28e heb ik nooit regelmatig gelopen. Af en toe kende ik een opflakkering en kwamen mijn loopschoenen weer uit de kast, maar ik haalde er niet voldoende plezier uit om het vol te houden. Vermoedelijk was dat te wijten aan mijn aanpak. Ik ging voor de korte pijn. Niks opbouwen, meteen een half uur lopen. Meer een survival of the fittest in plaats van een runner’s high. Zo herinner ik me ook een periode dat ik met Roos een rondje van 50 minuten ging lopen. Nu weten we dat die ronde zo’n 8 kilometer is. Een pittige afstand voor iemand die jaren niet gelopen heeft. Ik was dan ook uitgeput na zo’n inspanning.

Ben ik voor die 20 km van Brussel dan anders beginnen trainen? Nee, helemaal niet. Zelfs in het pre-Start-to-run-tijdperk was een geleidelijke opbouw niet aan mij besteed. Zo gebeurde het dus dat ik ergens in februari 2014 samen met Roos 5 kilometer op de Finse piste ging lopen. Afzien ja, maar niet kapot gaan. Mijn trainingsaanpak was eenvoudig: ik zou 3 à 4 keer per week gaan lopen. De duur zou ik laten afhangen van het gevoel. Ik had geen GPS-horloge of app om tijd en afstand te meten, maar nam mijn oude Nokia gsm mee om te timen hoe lang ik liep. Naar mijn idee toen al best professioneel. Na een paar weken liep ik vlot een uur. Ik liep vaak samen met mijn zus en we bouwden onze afstand steeds wat uit. Als ultieme test zouden we eens anderhalf uur lopen. Een memorabele training omdat we er niet beter op hadden gevonden dan een route te nemen die we vaak te paard aflegden. Goede wegen voor ruiters zijn zelden goede looppaden. Het mag een wonder heten dat we toen ongeschonden uit de strijd kwamen. De test was geslaagd en wij voelden ons klaar voor het grote doel.

IMG_2190
De Vaart anno 2018. Ondertussen fiets ik zonder zijwieltjes. Ik heb nog steeds een mandje, maar sleep mijn knuffel niet meer overal mee naartoe.

Heb ik dan ongestraft kunnen opbouwen van nooit naar anderhalf uur lopen? Nee, helemaal niet. Na twee maanden trainen kreeg ik last van mijn achillespees. Ik mankte zelfs. Ook hier was mijn aanpak totaal verkeerd. In eerste instantie negeerde ik het trekkerige gevoel in mijn enkel en ik zweeg in alle talen: dat zou wel overwaaien. Niet dus. Gelukkig was daar mijn zus Marike, een kinesitherapeut uit de duizend. Ik moest oefeningen doen en vooral blijven bewegen. Hoewel het er aanvankelijk niet zo rooskleurig uitzag, verbeterde mijn blessure plots zienderogen. Met dank dus aan de gouden handen van mijn zus. Anderhalve week voor de Grote Dag ging ik bij wijze van test 13 km lopen op de Finse piste. Weer zo’n geweldig onverantwoord idee, maar de test was geslaagd.

De 20 km van Brussel liepen Roos en ik uiteindelijk in 1:59:58. We hadden een klopje gekregen tussen 14 en 16 kilometer, maar de laatste kilometers vlogen we de Tervurenlaan op. Zo hard dat we niet beseften dat het daar serieus omhoog gaat. Ik heb me ongeveer een week bovennatuurlijk gevoeld. Het was het begin van een heel mooi loopverhaal. Wie had ooit gedacht dat we een jaar later samen een marathon zouden lopen? Wij toen zeker niet.