Het gerief – Voedzame versnaperingen in reepvorm

Voor een klein of wat groter hongertje tussen de maaltijden door is de versnapering uitgevonden. Een grappig woord eigenlijk. Op mijn lagere school werd het gebruikt voor de koek of het stuk fruit dat werd uitgedeeld tijdens de speeltijden in de voor- en namiddag. Destijds was het voor mij dus een archaïsch synoniem voor een zoet (lekker) of gezond (noodzakelijk) tussendoortje. Het woord versnapering dook voor het eerst op in de Nederlandse taal in 1637. Geen toeval dat de mensch in de bloeiende Gouden Eeuw behoefte kreeg aan een knabbel om een knagend buikgevoel te verhelpen. Tegenwoordig eet ik mijn stuks fruit meestal ’s ochtends en een prinsenkoek, chocoas of centwafer heb ik al heel lang niet meer van dichtbij gezien. Voor mijn toch behoorlijk actieve levensstijl heb ik wat voedzamers nodig. Welkom in mijn wondere wereld der versnaperingen.

Het Nederlandse merk Bolletje straalt gezelligheid uit. Als nuchtere Vlaming vind ik de teksten op hun verpakkingen soms net iets te lifestyle klinken. Zo zouden de bakkertjes van Bolletje al 150 jaar met plezier naar het werk gaan. Op de repen staat ook een bakker afgebeeld die graan vervoert met zijn bakfiets. Lekker authentiek. In 1867 bestond de burn-out niet. Wat er ook van aan is: die bakkertjes bij Bolletje weten hoe een goede granenreep moet smaken. Klassieke muesli- of granenrepen missen vaak wat bite en zijn mij te zoet. De stevige havermoutrepen van Bolletje maken hun naam helemaal waar. Het is zonder meer een lekkere koek van havermout en volkorenmeel zonder kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen. En mocht je er nog aan twijfelen: je bent goed bezig! Dat staat toch op de verpakking.

Diezelfde ijverige bakkers maakten ook zogenaamde noten & granenrepen voor wie het nog verantwoorder wil. De voedingswaardetabel leert mij dat deze repen nog meer vezels en minder suiker bevatten dan de klassieke havermoutrepen. De hazelnoot en spelt variant is een smakelijke reep waar je je tanden niet op kapot kan bijten. Ze zijn ook wat groter en met de noten heb je ook niet de neiging om een tweede reep in overweging te nemen. Zo hoort een versnapering te zijn. Oh ja: de bakkers van deze repen gaan elke dag met een goed gevoel aan de slag. Wat geweldig voor ze!

Wie het allemaal nog puurder en natuurlijker wil, zal bij Nakd ongetwijfeld zijn gading vinden. Dit is een Brits merk dat sinds 2016 ook de Nederlandse en Belgische markt veroverde. Nakd draagt milieubewustzijn hoog in het vaandel. Hun repen bevatten geen toegevoegde suikers, zijn geschikt voor veganisten en ook nog eens glutenvrij. Wat zit er dan wel in? hoor ik jullie denken. 100% natuurlijke ingrediënten, is het antwoord. Denk aan noten, fruit, dadels en rozijnen in heel veel verschillende combinaties. De repen zijn samengeperst en zacht van textuur. Mijn favoriet is de cashew cookie, die enkel cashewnoten en dadels bevat. That’s it. Een voedzame versnapering met veel smaak. Toegegeven: je moet wel openstaan voor dit soort pure repen. Het koekgevoel is namelijk ver weg.

De repen van Eat Natural zijn de Rolls Royces onder de verantwoorde versnaperingen. Net als Nakd heeft dit merk Engelse roots. Net als Bolletje brengen ze ook ontbijtproducten op de markt. De repen zijn glutenvrij en ook Eat Natural zweert bij natuurlijke ingrediënten zonder toegevoegde rommel. Simple… isn’t it? Zoals ze zelf zeggen. De repen zijn met ruim 1 euro per stuk wat aan de prijzige kant, maar hun geld wel meer dan waard. Ik kies meestal voor de protein packed repen die door een hoog gehalte aan pinda’s heel wat eiwitten leveren. De pindanootjes zorgen voor een stevige bijt. Niet iedereen houdt daar van. Mij smaken ze keer op keer bijzonder goed. Ik eet ze niet dagelijks, maar ze zijn ideaal voor bij de koffie na het sporten.

IMG_3194b

In de categorie energierepen ben ik helemaal fan van Clif bars. Let wel: dit zijn repen die speciaal werden ontwikkeld om te nuttigen binnen een sportief kader. Feed your adventure, kan je dan ook op de verpakking lezen. De repen zijn met andere woorden energierijk en dus ook calorierijk. De filosofie van dit Amerikaanse merk is even eenvoudig als geniaal: oprichter Gary beet tijdens het fietsen in een energiereep en was ervan overtuigd dat hij een betere reep zou kunnen maken. Dat deed hij dus. Met succes! Clif bars zien er appetijtelijk uit en zijn ongelooflijk smaakvol. Als je weet dat er een hele voedingsfilosofie achter schuil gaat en dat de makers enkel gezonde ingrediënten gebruiken met respect voor het milieu, smaken ze zelfs nog beter. Probeer ze eens en kies dan zelf een favoriete smaak uit het rijke aanbod. Het merk werd overigens genoemd naar Gary’s vader Clifford. Nog eens scoren voor een familiemens als ik.

Tot slot heb ik nog een troef achter de hand. Mijn zus Marike is namelijk een waar bakwonder. Haar oeuvre beslaat zowel minder verantwoorde klassiekers als gezonde verzoekjes. Wij kunnen vragen, zij bakt. Steeds met kunde en veel liefde. Ze schuwt het gezonde experiment niet. Ik ben gewillig proefkonijn. Versnaperen maar!

Noot: ik betaalde alle repen zelf. Dit bericht kwam dan ook tot stand na een uitgebreide keuring en proefperiode. De repen van Bolletje zijn te koop bij Albert Heijn. Nakd en Eat Natural vind je tegenwoordig in diverse supermarkten. Clif bars zijn online te koop en bij AS Adventure.

 

 

De kleurrijke vedetten van het najaar

Potiron, pumpkin of Kürbis: in eender welke taal klinkt pompoen als pure poëzie. Een ode aan de pompoen als de herfst zijn intrede doet: bijster origineel is het niet. Het doet echter niets af aan de oprechte gevoelens die ik koester voor één van de mooiste en ook meest veelzijdige groenten. Als Le Creuset liefhebber hou ik van oranje in de keuken. Bovendien kan je met pompoen niks verkeerd doen. Het is een dankbaar ingrediënt dat zich in elk potje laat verwerken. Lang leve het seizoen van de pompoen!

Ik heb pompoen te lang geassocieerd met de veel te dikke, melige en smakeloze soep die in de lagere school gemaakt werd als het herfstfeest was. Het heeft tijd gekost om mij over die traumatiserende smaakervaring te zetten. Toen ik jaren geleden eens een pompoen kreeg (een pompoen in de groentetuin komt namelijk nooit alleen), wist ik niet beter dan er soep van te maken. Die soep leek in de verste verte niet op de brij die ik lang geleden moest wegwerken. Zo kreeg de pompoen een nieuwe kans in mijn leven. Het geheim van goede soep is zelfgemaakte bouillon en voldoende kruiding. Mijn overheerlijke P4-soep bestaat uit prei, pastinaak, pompoen en puntpaprika. De groenten aanstoven in een grote kookpot en overgieten met groentebouillon. Zachtjes laten pruttelen, mixen en kruiden. Serveren kan met linzen of kikkererwten, eventueel koriander en een toefje ricotta.

Inmiddels is pompoen niet weg te denken uit mijn kookpotten. Het aanbod lijkt dan ook steeds groter te worden. Waar je het vroeger moest doen met een onhandig groot formaat van de gewoonste soort, wordt het pompoengamma in eender welke supermarkt jaarlijks uitgebreider. Ik word daar blij van: die eerste pompoenenoogst in de supermarkt. Dit jaar is ook de oogst van mijn mama’s groentetuin een succes. Al heeft ze wel duchtig gevloekt op de butternuts die de halve moestuin overwoekerden en gekruist waren met de courgettes. Zo werden de buttergettes geboren. Misschien volgend jaar wel dé hype in gezondheidsland.

IMG_3130b

Laat één ding duidelijk zijn: pompoenen zijn voedzaam en gezond. Het is hier geen foodblog (mocht dat even niet meer duidelijk zijn), dus om een lang nutritioneel verhaal kort te maken: er zitten alleen maar goede dingen in pompoenen. Powerbrandstof is het, voor elk lichaam en elke activiteit. Mijn favoriete varianten zijn de kastanjepompoen (potimarron: hoe mooi klinkt dat?) en de butternut, de vader en moeder van de oranje familie. Ze vormen het hoofdaandeel van mijn wekelijkse pompoenconsumptie. Ik draai ze dan ook in quasi elk gerecht. De crown prince is een bijzondere meneer met majestueuze hermelijnen mantel om zijn oranje vruchtvlees en kroonjuwelen te bedekken. Spaghettipompoen kan mij ook bekoren, maar doet me denken aan voedingshypes waarbij we geen koolhydraten meer mogen eten en dan maar moeten zwichten voor de bloemkoolcouscous of spaghettislierten van pompoen.

Als salade voor de lunch kan ik geroosterde pompoen uit de oven van harte aanbevelen. Blokjes pompoen op een bakplaat uitstrooien. Kruiden met tijm, peper, zout en onder de grill zetten. De basis van de salade is geraspte wortel (gekleurde wortels zijn tegenwoordig ook echt in), gekookte sperziebonen en rauwe (punt)paprika. Tja, pompoen en paprika: dat zijn nu eenmaal vriendjes voor het leven. De salade afwerken met wat olijfolie en eventueel ricotta. Soms gaar ik pompoen ook met andere groenten in een ovenschaal. Hou rekening met de gaartijd per groente en snij de stukken dan wat grover of fijner. Olijfolie en kruiden toevoegen, goed mengen en op 180 graden in de oven plaatsen.

Mijn onbetwiste specialiteit zijn pruttel- of stoofpotjes met pompoen. Ik zou hier een aparte blog over kunnen beginnen. Serieus. De mogelijkheden zijn onuitputtelijk. Alles begint met rode ui of prei. Vervolgens pastinaak en een pompoen naar keuze toevoegen en aanstoven, nog wat zoete puntpaprika en pruttelen maar. Ook met rode bietjes, rapen of groene groenten kan de pompoen het uitstekend vinden: spinazie, broccoli, erwtjes of courgette om er maar enkele te noemen. Zo nu en dan moet je overgieten met wat water of bouillon zodat alle ingrediënten garen. Je kan niet echt iets verkeerd doen met de cuisson. Beetgaar of aan de platte kant: het smakenpalet zit altijd goed. Pompoen met curry en kurkuma is een gouden combinatie als je de oosterse toer wil op gaan. Rijst, pasta of zoete aardappel zorgen voor extra brandstof.

Ik kwam de afgelopen week recepten tegen voor pompoencake, – brood en zelfs – pannenkoeken. Daar heb ik me nog niet aan gewaagd. Zo gedreven ben ik nog niet als foodie, maar het zal ongetwijfeld smaken. Is er dan helemaal niets slechts te zeggen over pompoenen? Het enige minpuntje dat ik kan bedenken, is de harde schil van de kastanjepompoen. Geen te grote stukken willen schillen en behoedzaam te werk gaan is hier de boodschap. Mindfulness in de keuken: ook daar zorgt de pompoen voor. Een no-nonsense vedette is het, de ster van elke maaltijd. Smakelijk!

Noot: mijn wekelijkse groenteconsumptie is groot, maar niet zo gigantisch als de afgebeelde compositie.

Het gerief – Stance loopsokken

Lopersvoeten zien af. Naast een degelijk paar schoenen verdienen ze dan ook goede sokken. In het prille begin liep ik met sokken van Nike. Ik had daar niets op aan te merken. Tot mijn broer me zijn sokken van Stance toonde. Die zagen er niet alleen comfortabel uit, maar ook heel cool. Een maand later kocht ik op de expo van de Antwerp 10 Miles mijn eerste paar Stance. Ik lapte elke loopregel aan mijn laars (loopschoen in dit geval) en trok ze meteen aan om de wedstrijd te lopen. Ze zaten geweldig en op de terugweg kocht ik dan ook mijn tweede en derde paar. Het kan soms snel gaan bij mij. Ik draag die bewuste sokken nog vaak en liep er inmiddels ook marathons mee.

IMG_2636

Stance – houding of attitude – is een jong Amerikaans merk dat the uncommon thread als mantra heeft. Ze brengen sokken voor iedereen op de markt: jong en oud, man en vrouw, atleet of bankzitter. Hun collecties vallen steeds op door het bijzondere, vaak kleurrijke design. Een Stance sok herken je meteen. Voor hun bedrijsfilosofie verwijs ik jullie graag naar hun hippe website. Waarschuwing: fancy terminologie zoals rocket science, gratitude en human spirit vliegt je om de oren.

IMG_2232
Mijn stoere Stance running crew: Jan, Roos, Alma, Peter & Marike

Waarom zijn Stance sokken nu zoveel beter?

Stance sokken zijn vervaardigd uit een uitzonderlijk materiaal. Het knitwear voelt soepel, maar toch stevig aan. De sokken hebben de ideale dikte. Je trekt ze aan in een vlotte beweging en ze zitten ongelooflijk goed rond je voeten. Zelfs als je ermee door een rivier loopt (jawel, dat deed ik al meermaals – La Chouffe trail), blijven ze droog aanvoelen. Ze zijn daarom geschikt voor elk weertype en elk seizoen.

IMG_2615

Stance sokken gaan heel lang mee. Mijn eerste paren zijn enkele jaren oud en hebben er dus al heel wat kilometers en wasbeurten op zitten. Ze hebben echter nog niet ingeboet aan draagcomfort. Van dichtbij zie je wel dat ze wat vaker gewassen zijn, maar ze blijven dezelfde perfecte fit hebben.

IMG_2235
Naast veel mooie sokken hebben wij ook veel mooie benen in de familie.

Stance sokken kennen ook op esthetisch niveau hun gelijke niet. Ze vallen op door hun eigentijdse look, soms gewaagde kleuren en originele motieven. Exit effen fluo, enter Stance. De veelheid aan designs zorgt ervoor dat je een passend paar sokken hebt voor elke loopoutfit. Ik beken: ik kick daar wel een beetje op. Twee keer per jaar komt er een nieuwe collectie uit. Elk design verschijnt in een korte en lange versie. Verzamelen maar!

IMG_2619

Praktisch: de prijzen variëren van 12,95 tot 19,95 euro. Dat is de gangbare prijs voor technische loopsokken. Je kan Stance kopen bij Runner’s Lab en Vedette Sport, zowel online als in de echte winkel. Rechtstreeks bij Stance bestellen kan ook, maar dan komen er wel kosten bij.

Ik gaf al een bescheiden kapitaal uit aan Stance. Al mijn sokken zijn dus zelf betaald of cadeau gekregen van familie.

IMG_2227
Noot: mijn zus Marike staat hier te pronken met een paar geleende Stance, want ze is de enige van onze familie die geen eigen paar heeft en koppig met de goedkoopste sokken van een supermarktmerk blijft lopen.

IMG_2246