Duatlonspecial – Mijn weg naar de Hel #3

Mijn weg naar de Hel is geplaveid met goede voorbereidingen. De afgelopen dagen maakte ik nog fiets- en loopkilometers, maar kwam ik vooral op adem van het harde trainingslabeur van de maand november. Er kwam wat tijd vrij om na te denken over heikele sportvraagstukken en praktische voorbereidingen te treffen. Een lange duatlonwedstrijd van dit formaat betekent immers ook dat je heel wat te regelen hebt op organisatorisch niveau, waaronder sportkleding, -voeding en materiaal. Bovendien is er een belangrijke taak weggelegd voor het ondersteunend team, dat natuurlijk ook graag op voorhand weet waar het aan toe is. Ik hoop dat een voorbereid mens er in dit geval meer dan twee waard is.

In Kasterlee zal ik voornamelijk lopen als het nog/al donker is. Daar heb ik ruime ervaring mee dankzij mijn ochtendlijke looptrainingen, maar ik oefende dit ook al eens met Roos op de fiets, aangezien zij mijn persoonlijke begeleider zal zijn tijdens de afsluitende 30 kilometer. We kozen een onverlicht parcours uit met lange stroken om zo onze verlichting te testen. In eerste instantie vonden we dat die volstond. Mogelijk is een extra lamp toch nodig omdat ik me niet wil laten vangen door de verraderlijke putten in Kasterlee. Voor de gelegenheid stelden we natuurlijk een aparte playlist samen die uit de box kan schellen. Variatie en opzwepend zijn de codewoorden van ons repertoire. Avicii en Florence mogen niet ontbreken op ons feestje, maar ook chansons, kleinkunst, een dosis pop en het stevigere werk (Highway to Hell!) zijn van de partij. We bespraken ook enkele rampscenario’s en wat te doen “in geval van”. Ik zei het al: je kan maar beter op werkelijk alles voorbereid zijn.

Een week geleden oefende ik de wedstrijdonderdelen al eens met mijn eigen vagevuur-training. Het was zwaar, maar ik doorstond de beproeving. Ik testte toen onder andere uit of ik vlot kon lopen met mijn fietsbroek (ja) en of de Clif bloks een waardige afwisseling waren met sportgels van Squeezy (ja). Inmiddels heb ik het kledingvraagstuk voor 90% opgelost. Het weer is echter een doorslaggevende factor en voorlopig ziet dat er niet gunstig uit. Zowel koude als regen zullen zondag aanwezig zijn. Mijn regen- en winddichte petje en handschoenen zullen met andere woorden van pas komen. Dan is dat de investering toch waard geweest, denk ik maar. Wat de voeding betreft ben ik er nog niet helemaal uit of ik een hele dag ga overleven op sportvoeding of toch ook iets anders ga proberen weg te werken tijdens het fietsen. Lastig, want ik kan niet inschatten hoe mijn lichaam zal reageren op 120 kilometer mountainbiken.

Dat gure weer boezemt me wel angst in. Ik fietste al vaak in regen en wind, maar vandaag kreeg ik nog iets anders voorgeschoteld: een intense regenbui die wel een kwartier aanhield met als resultaat dat ik meteen doorweekt was. Goed dat mijn fiets al eens voorgespoeld werd, maar het kostte me veel moeite om positief te blijven en dit als een nuttige les te beschouwen. Ik stelde me voor hoe het zou zijn als ik nog uren doorweekt zou moeten fietsen en dat was toch even slikken. Gelukkig heb ik mijn trainingen lichamelijk goed verteerd. Ik heb geen noemenswaardige klachten. Dit werd ook bevestigd door mijn kinesitherapeut. Zij gaf me 100% groen licht om er voor te gaan in Kasterlee. Kijk, dat geeft toch veel vertrouwen. Ik ging deze week nog eens overdag in het bos lopen omdat ik echt behoefte had aan zo’n plezierloop. Aanvankelijk schrok ik van het kale Heverleebos door de vele gekapte bomen, maar uiteindelijk overheerste een triomfantelijk gevoel dat alleen lopen me kan geven. Vooral aan mijn loopvorm voel ik dat al die trainingen hebben geloond. Ook hier geldt weer: geen idee wat ik daar over een week mee ben.

Ik had de afgelopen week ook tijd om orde op zaken te stellen in huis. Weken aan een stuk dagelijks sporten liet wel sporen na. Zo moest ik vaker boodschappen doen om de voorraden op peil te houden. Ik bakte dan ook heel wat havermoutpannenkoeken, at kilo’s pompoenen, bakken plattekaas en joeg er een pot pindakaas door met heel veel volkorenboterhammen. Veel trainen betekent namelijk goed en veel eten. De praktische rompslomp was ook niet van de poes. Mijn wasmachine draaide overuren aan sportkleding en handdoeken. Ik ondernam geen pogingen meer om sportkleding in de kast te leggen, maar sorteerde dit functioneel zodat ik meteen zocht wat ik nodig had buiten de kast. Mijn hal was omgetoverd tot een multifunctionele kleedkamer: allerhande gerief, waaronder handschoenen in verschillende diktes en mijn Stance sokken lagen er uitgestald. Handdoeken en krantenpapier lagen binnen handbereik voor als ik weer eens doorweekt thuiskwam. Niet heel gezellig, maar wel uitermate praktisch. Inmiddels is het sportschoolgehalte van mijn woning weer tot een minimum beperkt en heb ik ook op huishoudelijk gebied de touwtjes stevig in handen.

De komende week moet ik dus nog enkele knopen doorhakken. Ik zal ook maar wat kaarsen branden in de hoop zo geen al te rampzalig weer af te kunnen dwingen voor zondag. Bovenal zal ik proberen om de week ontspannen en goed uitgerust door te komen. Examens afnemen en verbeteren beschouw ik dan maar als een welkome afleiding. Ik ben de eerste om te zeggen dat je moet vertrouwen in je voorbereidend werk. De zenuwen omzetten in een positieve focus: dat is de boodschap. Kan een mens ooit klaar zijn voor de Hel?

Duatlonspecial – Mijn weg naar de Hel #2

Mijn voorbereidingen naar de Hel lopen op hun eind. Heel rouwig ben ik daar niet om. In mijn vorige bericht vertelde ik over de zware trainingsmaand november. Ik moest niet heel diep gaan, maar vooral lang in het zadel zitten. Kilometers maken zoals dat heet. Vaak als het donker was of als het weer zich van z’n herfstigste kant toonde. Het was een uitdaging om mijn tijd zo optimaal mogelijk te besteden, aangezien ik ook bergen schoolwerk te verzetten had. De afgelopen week vormde de bekroning van mijn intensieve fietsmaand met een weektotaal van maar liefst 320 fietskilometers. Naar analogie met mijn vorige vergelijking fietste ik dus deze week tot in de banlieue van Parijs. Gelukkig, want ik zou niet kunnen aanzien hoe mijn geliefde Arc de Triomphe vernield werd. Hoe dan ook stond er vandaag een bijzondere training op de planning.

Ik ben van het principe dat je het maar beter zwaar kan hebben op training zodat je op het ergste voorbereid bent. Lastige weersomstandigheden (zon, regen, wind of sneeuw) schuw ik niet. Daarom loop ik dus bijvoorbeeld 33 kilometer als alles tegenzit. Trainen onder zware omstandigheden maakt mij mentaal sterker en daar put ik vertrouwen uit. Sportieve uitdagingen worden namelijk voor een aanzienlijk deel in je hoofd bevochten. Als het op training altijd leuk is en vlot gaat, is dat mentale deel onvoldoende voorbereid. Daarom zou ik twee weken voor de Hel een vagevuur-training afwerken. Die term bedacht ik uiteraard zelf: een training tussen hemel en hel als generale repetitie. Ik zou met andere woorden een halve Hel lopen en fietsen om mezelf en het herfstweer nog eens keihard tegen te komen.

Met een halve Hel bedoel ik dat ik de helft van elk individueel onderdeel zou afleggen. Zo vertrok ik dus vanochtend om 8u met een auto vol fiets- en loopmateriaal naar het park van Tervuren. De echte Hel vertrekt om 8u, maar om nu ook al in het donker te vertrekken, daar had ik even geen zin in. Mijn eerste deel van de generale repetitie bestond uit 7,5 kilometer lopen. Ik had mijn lange fietsbroek al aan om uit te testen of die ook comfortabel zat bij het lopen. Dat scheelt namelijk werk tijdens de wissel. Rond 8u30 vertrok ik voor een eerste rondje langs de vijvers. 7,5 kilometer lopen: dat kan ik ondertussen moeiteloos. Mijn fietsbroek deed prima dienst als loopbroek. De voorspelde regen bleek slechts lichte motregen te zijn, dus ik had er best zin in. Na deze vlotte start was het tijd voor een wissel naar fietskleding. Vervolgens zou ik, net zoals in de Hel, vijf fietsrondes afwerken over voornamelijk off-road terrein.

IMG_3452
Die arme Juan was helemaal besmeurd en had dus een grondige wasbeurt nodig.

De eerste fietsronde viel meteen goed tegen. Op de kilometers vlakke asfalt waar ik normaal vlot zou kunnen rijden, stond een harde tegenwind. Wind is de grootste vijand van de fietser. De moed zonk me in de fietsschoenen. Tot overmaat van ramp begon het ook nog eens harder te regenen en waren mijn voeten al in modderklompen veranderd na amper 10 kilometer. Ik vervloekte mezelf voor dit verduivelde plan. Er was echter geen weg terug: het vagevuur had me opgeslokt. Na één ronde was ik al behoorlijk doorweekt. De tweede ronde werd het gelukkig droger en vond ik mijn ritme. Zoals verwacht liep het minder soepel in de derde ronde. Ik schakelde lomp en zat vaak maar wat te stampen. Het voordeel van dat vermoeiende stuk met de wind op kop was dat mijn jasje inmiddels droog was geblazen. Elk nadeel heeft zijn voordeel! De optimist in mij was terug van de partij. De laatste twee rondes begon ik wat stramheid te voelen, maar ik kon wel vlot blijven ronddraaien. Als gemiddelde wilde ik meer dan 20 kilometer per uur gemiddeld halen. Uiteindelijk legde ik mijn vijf fietsrondes af aan bijna 22 kilometer per uur. Missie 2 was geslaagd.

Het slotstuk van het vagevuur waren twee looprondes van samen 15 kilometer. Weer een wissel, maar mijn broek vol modder en natte sokken hield ik aan. Ik dacht niet te lang na en vertrok als een pijl uit een boog voor de finale. Het geeft een vreemd gevoel in je benen om te lopen vlak nadat je uren op de fiets hebt gezeten. Je lijkt de cadans van het fietsen te willen volgen, die natuurlijk veel hoger ligt. Mijn benen lieten zich echter niet kennen en leken me te willen bewijzen dat ze naast al dat gefiets toch primair gemaakt zijn om mee te lopen. Ik kon nauwelijks geloven dat ik aan mijn marathontempo liep en dat ook volhield. Al snel begon ik echter ook te voelen dat ik te weinig had gedronken op de fiets. Ik zette door, bleef gaan en finishte op een stevige beat van Dimitri Vegas & Like Mike. Het zat erop. Ik had geproefd van de hel en ik heb het gehaald.

In totaal heb ik vandaag vijf uur gesport. Conditioneel kon ik dat perfect aan. Ik heb geen spierpijn, maar voel wel in mijn lichaam dat ik lang bezig ben geweest. De grootste uitdaging voor de echte Hel zal zijn om goed in te delen en niet te veel vooruit te denken. Het werkt niet bepaald motiverend als je gaat uitrekenen hoeveel uren of tientallen kilometers je nog te gaan hebt. Nu ik dit in mijn eentje heb gepresteerd, durf ik te zeggen dat mijn hoofd alvast klaar lijkt te zijn voor het grote werk. De komende week zal een overgangsweek zijn waar ik me nog moet bekommeren om enkele praktische voorbereidingen. De druk zal sowieso wat van de ketel gaan zodat er minder moet. Wat rust en ontspanning zijn meer dan welkom.

Loperspraat – Door regen en wind in november

Er was de afgelopen maand geen ontkennen meer aan: het is nu echt herfst en ik ga echt een lange duatlon lopen en fietsen in december. November 2018 gaat officieel de geschiedenis in als de maand waarin ik de kaap van de 1000 fietskilometers overschreed. Ik fietste exact 1002 kilometer en liep nog een bescheiden 147 kilometer. Om me daar iets bij te kunnen voorstellen, zocht ik wat afstanden op. Google Maps zegt me dat ik tot in Parijs 345 kilometer zou moeten fietsen (dat zou me 18,5 uur kosten). Ik ben dus naar Parijs gefietst om er een Tour etappe af te leggen, nog enkele plaatselijke rondes te fietsen om te kunnen finishen aan de Arc de Triomphe en dan terug naar huis te peddelen. Jammer genoeg was november ook de maand van het snertweer en de duisternis. De heroïek was dus vaak ver te zoeken.

Begin november was het nog heerlijk toeven op mijn warme marathonwolk. Ik mocht dan wel wat verblind zijn door de marathonliefde, ik was ook verstandig en gaf mijn lichaam de nodige rust om te bekomen van die 3u24 in Brussel. Een volledige week, dat zijn dus zeven (7!) dagen, ging ik niet lopen. Een unicum in mijn carrière als marathonloper. Ik kroop wel de fiets op en maakte een mooie start voor wat de maand van de mountainbike zou worden. De zon scheen, het gras was nog wat groen, de bomen droegen een kleurrijke bladerjas en ik genoot met volle teugen van mijn fietstochtjes. Goh, wat was het leven toen mooi.

Op zaterdag 10 november stond er een eerste belangrijke afspraak in Kasterlee op de agenda. Samen met mijn papa en nonkel zou ik het parcours van de Hel gaan verkennen. De groepsverkenningen maken officieel deel uit van de organisatie. Er wordt eerst 15 kilometer gelopen en vervolgens een mountainbikeronde van 23 kilometer afgelegd zodat je een idee hebt wat je mag verwachten op de Grote Helledag. Ik was op voorhand gewaarschuwd: voor velen is dit een toonmoment van explosiviteit op de fiets. Met die wetenschap besloot ik mij (met een serieus ei in mijn broek) volledig te verschuilen achter mijn status als vrouw. Ik posteerde mij achteraan de tweede groep in de hoop daar iet of wat mijn eigen tempo te kunnen rijden. Mijn twee bodyguards offerden zich gewillig op om mij te vergezellen. Al bij al ben ik niet ontevreden over mijn verkenning. De stress raasde door mijn lichaam, maar toch slaagde ik erin om de kalmte te bewaren, goed te schakelen en elke heuvel en bocht naar behoren te nemen. Ik viel niet stil en knalde niet tegen de grond. Missie geslaagd.

IMG_3337b

Het weekend daarna trok ik er niet met Juan op uit. Hij was namelijk enkele dagen weg voor onderhoud. Even wat me-time voor Juan en zijn tandwielen, hij had het nodig. Ik miste hem heel erg toen ik met mijn klassieke damesfiets twee dagen na elkaar naar Brussel fietste voor een bijscholing. Wat een leuk idee en nuttige training leek in mijn hoofd, bleek in de praktijk een loodzware taak en uitputtingsslag te zijn. Daags nadien liep ik de halve marathon in Kasterlee, een tweede positieve ervaring met de Kempische zandgrond en een fijn familiemoment.

Vorig weekend kon ik mijn nieuwe fietskleding voor het eerst uittesten. Ik investeerde namelijk in een paar degelijke handschoenen en echt regengerief. Voor die gelegenheid kwam het dus mooi uit dat het regende. Het begon veelbelovend. Met de Lage Landenlijst 3 in mijn oren en mijn uitmuntende regenkleding zat ik met wat verbeelding in een tent waarop zachtjes de regen tikte. Alleen een koffie ontbrak, maar het was best gezellig daar in mijn waterdichte cocon. De regen stopte echter niet. Na ruim twee uur op de fiets moest ik concluderen dat mijn kleding wat klam begon aan te voelen. Na drie uur kon ik niet meer ontkennen dat ik doorweekt was. Na vier uur was ik thuis en redelijk onderkoeld. Wat als een klein feestje begon, eindigde toch in een serieuze beproeving.

Op zondag kon mijn geluk dan ook niet op toen ik kon trainen in gezelschap. Ik zakte wederom af naar de Kempen, waar Marike woont. Zij zou me vergezellen tijdens mijn looptraining. Het was de eerste keer dat ik samen met haar liep. Met gezwinde pas loodste ze me langs de lokale highlights om me na een eerste ronde verder te begeleiden op de fiets. Intussen was haar vriend Peter zich al aan het klaarstomen voor de mountainbiketraining die hij voor mij in petto had. Na een pauze hees ik me in het zadel en trokken Peter en ik naar de mountainbikeroute in Herentals. Van daaruit fietsten we door de bossen naar Kasterlee. Dit was zonder twijfel de meest geslaagde training van de maand. De Kempen bieden een afwisselend parcours met niet al te veel hoogtemeters, maar toch voldoende uitdaging. Peter is de ideale compagnon de route. Hij heeft niet alleen fietservaring te over en een coole mountainbike met hoog retrogehalte, maar hij geeft me ook nuttige tips en aanmoedigingen. Wat wil een mens nog meer?

November was een grensverleggende maand van hard labeur, zowel op professioneel als sportief vlak. Mijn organisatie liet me niet in de steek. De menselijke machine of machinale mens bleef draaien. Hoewel dat zeker ook voldoening geeft, beginnen de trainingen wel door te wegen. Die intensieve voorbereiding blijkt namelijk best een eenzame missie. Naast werken en trainen staat mijn leven on hold. De vele trainingsuren in de duisternis, wind en regen maakten het voor de optimist in mij niet gemakkelijk om sportplezier te ervaren met elke gefietste of gelopen kilometer. Ik ging maar liefst 10x ’s ochtends lopen en snak nu dus echt naar een ontspannen loopje in het bos bij daglicht. Gelukkig is het maar één keer per jaar november. December brengt ongetwijfeld wat meer rust, ontspanning en familiemomenten.

 

Duatlonspecial – Mijn weg naar de Hel #1

Een onheilspellende titel, maar over drie weken is het zo ver: de Hel van Kasterlee. Een duatlon waarin ik opeenvolgend 15 kilometer lopen, 118 kilometer mountainbiken en nog eens 30 kilometer lopen zal afwerken. Althans, dat is toch de bedoeling. Ik kan een marathon lopen, maar of ik dan nog eens ruim zes uur kan fietsen? Dat is een vraag die me de laatste weken bezighoudt en de nodige stress bezorgt. Het plan werd gesmeed in augustus, toen ik mijn papa’s mountainbike kon gebruiken. Fietskilometers waren meer dan welkom in een post-blessure periode waarin ik zuiniger omsprong met mijn loopkilometers. Inmiddels zijn we drie maanden verder. Tijd om een eerste balans op te maken over mijn nieuwe bezigheid.

Mountainbiken is een geweldige sport! Allereerst is het een buitensport die je mogelijkheden om (groene) plekken dichtbij en wat verder weg te ontdekken uitbreidt. Dankzij de talrijke goed bewegwijzerde mountainbikeroutes die je quasi overal kan terugvinden moet je je hoofd niet breken over hoe je gaat fietsen. Handig voor iemand met een oriëntatievermogen als het mijne. Bovendien kan je kiezen hoe zwaar je het jezelf wil maken. Hard en onbesuisd vlammen is een optie. Op het gemakje naar boven peddelen kan net zo goed. Sommige afdalingen vallen onder de categorie uitdagend, andere kan je bij wijze van spreken met de ogen dicht naar beneden rijden. Als je geen zin meer hebt in het off-road gebeuren dan leent een mountainbike zich perfect tot kilometers malen op het vlakke. Er is een fietstraining voor elk weerstype en elke gemoedstoestand.

De afgelopen weken probeerde ik dagelijks kilometers af te leggen al lopend, fietsend of een combinatie van beide. Ik ontdekte heel wat voordelen van fietsen ten opzichte van lopen. Een training met de fiets voelt als een kleine uitstap. Je kan je immers verder verplaatsen en bent minder gebonden aan vaste routes. Het steekt niet op een handvol kilometertjes meer of minder. Bovendien kan je ook meer meenemen op de mini-reis. Bagage zou ik het niet noemen, maar als je niet weet of een jasje nodig is, dan stop je dat dus gewoon ergens weg. Een korte pauze nemen om iets te eten of om een sanitaire stop te maken, is de normaalste zaak van de wereld. Je hebt nooit dorst als fietser. Als ik na mijn werk nog anderhalf uur ga fietsen, vind ik dat minder vermoeiend dan als ik dezelfde tijd zou gaan lopen. Op de mountainbike springen is laagdrempeliger. Met vermoeide benen fiets je gewoon wat gezapiger. Met vermoeide benen lopen blijft lastig, zelfs als je traag loopt.

Ik heb het geluk dat ik van mijn ouders een prachtige startuitzet voor de mountainbiker in de schoot geworpen kreeg. Dat ik niet zelf heb moeten beslissen welke fiets ik nodig had, beschouw ik dan ook als een groot voordeel. Ik heb namelijk niets met het technische aspect. Voor alles wat verdergaat dan een band oppompen en een ketting smeren, wend ik me maar wat graag tot het kennis- en expertiseteam van onze Orbea-familie. Het scheelt natuurlijk ook dat mijn papa mijn mountainbike (Juan dus) door en door kent. Dat specifieke materiaal ervaar ik dan ook als een nadeel van fietsen tegenover lopen. Mountainbiken is duurder. Niet alleen de fiets en het onderhoud zelf, maar ook fietskleding kan behoorlijk geprijsd zijn. Ik kreeg heel wat kleding van mijn mama en had natuurlijk ook loopgerief dat kon dienen. Intussen wordt het kouder en natter en investeerde ik in een goed regenjasje (duur!), een lange fietsbroek (duur!) en degelijke handschoenen (duur!). Als je wil weten of lopen iets voor jou is, dan kan dat met een beperkte sportoutfit. Bij mountainbiken ligt dat veel moeilijker.

Na jaren intensief lopen kroop ik dus op de mountainbike. Mijn lichaam was daar erg tevreden mee: mijn duurhonger werd gestild zonder de impact van het lopen bij elke pas te moeten opvangen. Voor de marathon in Brussel liep ik voor mijn doen een bescheiden aantal kilometers, maar conditioneel stond ik er helemaal dankzij mijn duurtrainingen op de fiets. Dat neemt niet weg dat mijn lichaam ook wel een beetje begint tegen te sputteren door die combinatie lopen-fietsen en de vele trainingen die het moet ondergaan. Zo heb ik me laten vertellen dat een loper kortere spieren heeft in de billen en bovenbenen in vergelijking met een fietser. Dat voel ik dus. Het is binnenin nog wat zoeken naar een evenwicht. Dat neemt niet weg dat de mountainbike voor mij de ideale aanvulling is op mijn looptrainingen.

Voel ik me nu al mountainbiker of duatleet? Nee, niet bepaald. Ik voel me nog steeds een fietsende loper. Voel ik me nu op drie weken klaar voor de Hel? Nee, niet bepaald. Ik begeef me namelijk op onbekend terrein en vulde mijn trainingen in op goed gevoel. Uiteraard kreeg ik tips van mijn broer en papa. ’s Ochtends op nuchtere maag lopen bijvoorbeeld om te wennen aan lopen met een lege tank en zware benen. De omvang van deze uitdaging is echter zo groot dat ik nooit het idee zal hebben dat ik voldoende heb getraind. Om het in zakelijke termen uit te drukken: lopen blijft mijn core business waar ik me helemaal thuis voel. Ik mis mijn duurlopen langs de Vaart. Ik mis mijn vaste looprondjes in het bos. Van tapering is voorlopig dus nog geen sprake. De komende week wordt er nog eentje van hard trainingslabeur. Wie weet voel ik me over een week wel in topvorm?

Loperspraat – Van veel trainen naar rusten in marathonmaand oktober

Oktober was een maand van uitersten. Klimatologisch konden we nog genieten van zomerse herfstdagen, maar toen drong de herfst zich op en werd het een eerste keer echt koud. Ik legde de afgelopen maand 935 sportieve kilometers af: 736 op de fiets en 199 al lopend. Aangezien ik maar liefst 6 (zes!) volledig sportloze dagen doormaakte, mag het niet verbazen dat oktober in absolute cijfers dus een beetje moet onderdoen voor september. Er moest namelijk een marathon worden gelopen en rust is dan een noodzaak. Schouderklopje voor mezelf dat dat ook effectief gelukt is.

De mountainbike (Juan, je weet wel) bracht mij zes keer tot in Tervuren en omgeving. De parcoursverkenning voor de marathon zit daar voor iets tussen, maar ook de mountainbikeroute in het Zoniënwoud die ik nog steeds tot één van mijn favorieten reken. Ik was ook vaak te vinden langs de Demer om kilometers te malen. We situeren ons nu nog in het kleurrijke deel van de herfst waardoor elke omgeving een hoog oooooh-gehalte heeft. Met de fiets langs de Demer is dat niet anders: veel groen (en nu dus geel, oranje, bruin en rood), langs het water kronkelen en af en toe tegen de wind in beuken. Ik fiets nu eenmaal graag langs het water, dus ook de Vaart (tot in Mechelen) is regelmatig van de partij. Een week voor de marathon ging ik voor het eerst eens op Kempische bodem mountainbiken in goed gezelschap van mijn papa en nonkel Mark, beide eveneens in voorbereiding voor de Hel. Mijn eerste rit in een bescheiden peloton. Gastheer, gids en aanvoerder van dienst was Peter, die ons op zijn retro mountainbike over het zanderige en bochtige mountainbikeparcours van Herentals begeleidde. Voor mijn papa was het de eerste echte test met zijn nieuwe Orbea. Die heeft nog geen naam, maar voelt zich al helemaal thuis in de Orbea-Odeyn-familie.

IMG_3272b

Ik liep een laatste echte duurloop drie weken voor de marathon. Het was er eentje om in te kaderen. 27 kilometer lang voelde ik loopplezier en ja, daar word ik heel gelukkig van. Ik kon alleen maar hopen dat het een voorbode was voor de marathon (ja dus). Toen startte de tapering en was het geduldig wachten op meer duurloopplezier. Voor het eerst ging ik ook aan de bak als duatleet. Mijn specifieke duatlontrainingen bestonden uit ruim twee uur goed doorfietsen, een niet al te snelle wissel naar loopkleding, gevolgd door ruim een uur lopen. Mijn papa had me al gewaarschuwd dat je de neiging hebt om snel te lopen vlak na het fietsen omdat je in de cadans van de pedalen zit. De eerste passen waren dan ook een bevreemdende ervaring, alsof ik minder voeling had met mijn onderlichaam. Mijn benen voelden zo soepel aan dat het leek alsof ik geen kracht kon zetten. Dan is het wel handig als je kan meten en ziet dat je eigenlijk vlot aan het lopen bent aan een lage hartslag. Een geslaagde training dus. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Anderhalve week voor de marathon bracht ik een bezoekje aan kinesitherapeut en loopexpert Kathelijn. Mijn blessureleed van het voorjaar werd nog eens opgerakeld, maar die marathon zou ik volgens haar wel aan kunnen. Wie denkt dat je naar de kine gaat voor een deugddoende massage heeft het grondig mis. Ik zag af toen ze de triggerpoints vakkundig uit mijn kuiten kneedde. Ook wist ze weer feilloos een zwakke plek aan te wijzen in mijn loperslijf: de veerkracht in mijn enkels. Daar moet de komende weken nog aan gewerkt worden zodat ik mijn spieren optimaal kan benutten en de kans op een blessure weer een beetje kleiner wordt. Ik geloof Kathelijn. Altijd. Zij weet alles over lopers en hun kwalen. Ik geloof mijn zus Marike ook altijd. Na mijn laatste training voor de marathon zette zij nog eens haar niets ontziende vingers in mijn kuiten.

De marathon van Brussel kwam hier uitgebreid aan bod. 28 oktober 2018 zou ik mijn comeback maken als marathonloper. Dat gebeurde ook. En hoe: ik finishte in 3u24! Ik schrijf het hier op zodat ik het misschien eens zelf geloof. Oktober maakte zijn naam als marathonmaand dus helemaal waar en dat gaf mijn vertrouwen een boost van jewelste. Nu kan ik me helemaal richten op mijn trainingen voor de Hel van Kasterlee. Nog maar 6 weken voor ik daar een uitdaging van een heel ander kaliber aan ga. Het duurbeest in mij heeft dus weer stof tot trainen. De twijfelaar in mij heeft weer stof tot nadenken. November wordt bij deze officieel movember gedoopt.

IMG_3259

Loperspraat – Van de zomer naar de herfst in de maand september

September is altijd een overgangsmaand: de zomer krijgt nog een laatste stuiptrekking vooraleer de herfst zich definitief aanbiedt, mijn leeftijd gaat met +1 omhoog en ik schakel over van vakantie- naar werkritme. De afgelopen maand veranderde ik ook geleidelijk aan van volbloed loper naar lopende fietser. Of fietsende loper, ik ben er nog niet helemaal uit. Die overschakeling beviel me goed. Ik legde al lopend en fietsend zomaar eventjes 1020 kilometer af. 758 kilometer zat ik op het zadel van de mountainbike. 262 kilometer werd ik gedragen door de benenwagen. Een stevig begin van mijn duatlontrainingen, al zeg ik het zelf.

Er werd ook in september weer flink duurgelopen of geduurloopt. Ik sloot de zomervakantie af in stijl met mijn loopklassieker Brussel-Leuven: pittig, maar het gaf vertrouwen. Anderhalve week later was het tijd voor mijn verjaardagsrun: afzien als de beesten, van begin tot eind. Ja, ik denk nu effectief hoe vreselijk was dat! Gisteren liep ik 29,5 kilometer in heel goed gezelschap. Van het huis van mijn kleine zusje naar het huis van de iets grotere kleine zus. Een interprovinciale loop dus langs de Demer en de véloroute. Roos begeleidde mij op de fiets als oefening voor de afsluitende 30 kilometer in Kasterlee. We testten de klank van de box uit, dachten na over de playlist en oefenden met de drinkbushouder op de heuptas. Met een zonnige 15 graden was het ideaal marathonweer. De test was meer dan geslaagd, al had Roos wat zadelpijn en miste ze een inkomend testtelefoontje van Marike. Lopen kan soms zoveel gemakkelijker zijn.

IMG_3106

Ik liep deze maand twee wedstrijden. Op zondag 9 september fietste ik naar Elsene voor de tweede editie van de XL 10 Miles. Die uitgebreide opwarming was niet nefast voor mijn lopersbenen. Integendeel: ik raasde door de sfeervolle Elsense straten en finishte tot mijn verbazing als tweede. De roem steeg me niet naar het hoofd. Ik nam gewoon mijn fiets uit het verlaten rek en keerde even bescheiden terug huiswaarts. Vorig weekend stond ik aan de start van de Leuven Nature Trail. 25 kilometer van Sint-Joris-Weert tot aan het station in Leuven: een trail met hoog asfaltpercentage. Het weer zat op geen enkel vlak mee. Daags voordien had ik al 3,5 uur in miezerig herfstweer gefietst, maar dat bleek slechts een voorproefje van het echte regenwerk op zondag te zijn, toen de sluizen volledig geopend werden. Met elke kilometer die ik liep, leek ik de overtreffende trap van doorweekt te bereiken: doorweekst. Mijn dri-fit kleding bereikte een verzadigingspunt en werd wet-fit. Volgens mij absorbeerde elk kledingstuk een litertje water. Zeiknatte toestanden dus, maar wel een goede training die me een vijfde plaats opleverde en een wasmachine vol kleding die er droger uitkwam dan hoe ik ze naar huis had vervoerd.

Tussen Juan en mij is het nog steeds dik aan. We hebben al heel wat mooie mountainbikeroutes ontdekt in eigen streek. De ene bolde al wat vlotter dan de andere. Mijn favoriet van de maand was de blauwe route in Tervuren vol met heerlijke grindpaden om hard op door te trappen. Fietsen en nieuwe routes ontdekken betekent in mijn geval ook verloren rijden. Zo stoof ik eens impulsief het Woluwepark in, maar moest ik de grootste moeite doen om weer op bekender Brussels terrein te komen. Ik ontdekte daardoor wel het Rood Klooster en andere verborgen groene parels in onze hoofdstad. Ook de Vaart doet nog steeds dienst als trainingsstrook. Veel groen, maar toch gewoon asfalt om rechtdoor tempo te maken. Het kan allemaal met de mountainbike.

IMG_3071b

Vorige week woensdag tekende ik present als supporter op de Leuvense Scholenveldloop in Park Heuvelhof. Prachtig om te zien hoe al dat klein geweld 600 meter of 1 kilometer trotseert. Meisjes en jongens lopen apart per leerjaar. Het viel op hoe het competitiebeestje bij de jongens prominenter aanwezig is. Hoe ouder kinderen worden, hoe meer ze zich ook bewust lijken te worden van het wedstrijdeffect. Dat levert al eens een traantje of valpartij op. Mijn kampioenen van dienst waren Lieselore en Reinout, de schitterende tweeling van vriendin An. Twee achtjarige atleten die graag en ook heel mooi lopen. Ik ben jaloers op hun paslengte. Ze hebben dat geweldig gedaan!

Voor wie het zich afvraagt: ja, er werd ook gerust (en gelezen) in september. Op mijn verjaardag was dat bijvoorbeeld wel aangewezen na die helse 33,33 kilometer. De afgelopen maand vloog werkelijk voorbij. Misschien kwam dat ook wel door de wind die al eens vaker aanwezig was en sportieve activiteiten wat uitdagender kan maken. Niet elke kilometer van die 1020 was dan ook even hard genieten. Ik heb in ieder geval mijn best gedaan en hoop op meer mooie sportverhalen in oktober. Nog één week en de tapering voor de marathon gaat in. Ik vertel jullie graag een volgende keer wat dat precies inhoudt.

Loperspraat – Multisport en verkoeling in de maand augustus

Een maand geleden strooide ik gul in het rond met complimenten aan het adres van de maand juli. Vol vertrouwen ging ik verder op dat sportieve elan. Ik liep wat meer en sneller in de tweede helft van de zomervakantie en ik haalde een oude sporthobby van onder het stof. Kortom: in juli vond ik mezelf opnieuw uit als loper, in augustus herontdekte ik mezelf als sporter tout court.

Waar het in juli nog bakken, braden en vooral veel zweten was, bood augustus meer verkoeling. Zo liep ik weer eens in de regen en zag ik de natuur steeds groener worden. Lente in de zomer, kan dat? Mijn looptrainingen waren gevarieerd. Ik liep vaker ’s ochtends voor het ontbijt. Velen zullen mij voor gek verklaren, maar ik vind dat een ijzersterk begin van de dag, waardoor mijn energiepeil ongekende hoogten bereikt. Mijn duurlopen bouwde ik gestaag verder uit. Tot twee keer toe ging ik boven de 30 kilometer piepen en mensenlief: wat had ik daar een prachtig uitzicht op een nieuw marathonverhaal! Kilometers malen: het lijkt mijn tweede natuur te zijn.

De afgelopen maand stonden er ook twee wedstrijden op het programma. Op 15 augustus stond ik aan de start van de halve marathon Dwars door Zaventem en op 24 augustus nam ik deel aan de Voerhoekjogging (11,5 km) in Vossem. Beide wedstrijden begon ik met weinig verwachtingen. Kleine pijntjes in beide onderbenen baren me meteen grote zorgen: een sluimerende onzekerheid. Aangezien ik me ook blesseerde tijdens een wedstrijd, durf ik geen blitzstart te maken. In Zaventem begon ik daarom aan een heel gezapig tempo. Ik fietste tot daar en zag die 21 kilometer als een rustige duurtraining. Dat draaide anders uit. Tot kilometer 8 maakte ik me grote zorgen over een pijntje in mijn linkerbeen, dat uiteindelijk helemaal los liep. Net iets over de helft kwam er plots een versnelling uit mijn benen die ik al lang niet meer had gevoeld. Zo finishte ik als 5e vrouw en wat belangrijker was: met een heel goed gevoel. De Voerhoekjogging verliep volgens een gelijkaardig scenario. Ik zou niets forceren en vooral genieten van de omgeving. Halverwege ging de turbo toch aan en begon ik aan een remonte. Vertrouwen tanken, zoals dat heet.

IMG_2867b

De grote ster van de afgelopen maand was de mountainbike. In een heel ver verleden beoefende ik die sport al. Om aan te duiden dat het écht lang geleden is, zeg ik altijd: in de tijd dat ik nog wedstrijdjes kon doen met mijn broer. We spreken hier over mijn 15e tot 18e levensjaren. Toen ik 16 was, deed ik in de zomervakantie een studentenjob om een eigen mountainbike te kunnen kopen. Die is intussen al lang op een schroothoop beland. In juli zei mijn papa dat hij een nieuwe mountainbike zou kopen en dat opende perspectieven voor mij.

Mijn beide ouders zijn fervente lopers én fietsers. Mocht dat nog niet duidelijk zijn: ik heb mijn sportieve genen niet van vreemden. Er was dus een mountainbike “over” en ik kon heel wat fietskleding gebruiken van mijn mama. Zo kroop ik op 7 augustus weer eens op een mountainbike. En wat voor één! We hebben het hier over een 4-jarige Orbea Alma. Wie nu een resem technische specificaties verwacht, zal ik moeten teleurstellen. Ik kan wel zeggen dat ik nu all the way fiets met klikpedalen en schijfremmen. Mijn eerste kilometers fietste ik op vlak eentonig terrein (Vaart en Demer) om wat aan het gevoel te wennen. Dat zat snel goed. Tijd dus om het bos te gaan verkennen. Wat een plezier! Ik beleefde een tweede jeugd, maar dan zonder oplaaiende hormonen en peer pressure.

IMG_2926b

Er is dus een tweede fiets in mijn leven. Ik heb al eens de neiging om objecten te personifiëren. De mountainbike kreeg dan ook een naam. We hebben het vanaf nu over Juan. Orbea is namelijk een Spaans (Baskisch) merk en Juan is De Spaanse variant van Jan, mijn papa’s naam. De liefde voor Juan nam meteen ernstige vormen aan. Zo noem ik hem soms al liefkozend Juanie en wil ik hem liefst van al ook in huis bij me hebben. Eén en al liefde dus. Mijn sportieve actieradius werd dankzij Juan uitgebreid. Tervuren ligt nu echt om de hoek. Ik volgde daar al enkele mountainbikeroutes en die stelden niet teleur. Ook dichter bij huis is er heel wat moois te ontdekken op mijn stoere tweewieler.

Geen nood voor wie gek is op mijn loopverhalen en zich nu bedrogen voelt omdat Jokeloopt nu ook fietst. Ik blijf een loper, zoals ik ook niet meteen geen lezer meer ben omdat ik de film eens beter vind dan het boek. Mijn sportieve ei kan ik nu volledig kwijt in een tweede sport, zodat het gemakkelijker is om mijn loopkilometers binnen de perken te houden. Ik loop nog altijd veel, meer dan wat mensen gemiddeld “normaal” zullen vinden, maar ik bouw meer rustdagen in. Die kleine pijntjes blijven me eraan herinneren dat meer lopen niet altijd nodig is. Juan staat vanaf nu altijd paraat om mij op te vangen.

Maandag begint het nieuwe schooljaar. Ik ga dus weer aan het werk en zal creatiever met mijn agenda moeten omspringen. Dat betekent dat ik wat harder in de dagen zal moeten knijpen om er alles uit te persen. Dankuwel Augustus, u was een prachtige sportmaand!

Duatlonspecial – Wat je moet weten over duatlon, Seppe Odeyn en het WK

Zondag 2 september 2018 is het zover: dan vindt het wereldkampioenschap lange afstand duatlon plaats in Zofingen (Zwitserland). Mijn broer Seppe zal dan opnieuw een gooi doen naar de wereldtitel. In september 2016 bracht hij de titel al eens naar België. Vorig jaar werd hij, net zoals in 2015, vice-wereldkampioen. Hij staat dit jaar voor de vijfde keer aan de start van dit WK. Redenen genoeg dus om jullie een korte inleiding te geven over de – helaas onbekende – duatlonsport, mijn broer die hierin tot de wereldtop behoort en het komende wereldkampioenschap.

De olympische sport triatlon zal bij velen bekender in de oren klinken met de Ironman-competitie als bekendste wedstrijdenreeks over de volledige afstand. De atleten zwemmen 3,8 kilometer, fietsen er 180 en sluiten af met een marathon, goed voor 42,2 kilometer lopen. Mijn broer nam dit jaar deel aan maar liefst drie Ironmans: Texas in april, Lanzarote in mei en Tallinn in augustus. Hij eindigde telkens nét buiten de top 10. Dat is heel straf voor iemand die zegt dat hij nog wedstrijdervaring moet op doen in de grote triatlons en die niet geboren werd als waterrat. Duatlon wordt ook al eens verward met de olympische wintersport biatlon, een langlaufwedstrijd waarbij de atleten onderweg met een geweer op doel moeten schieten. Mijn broer zou hier waarschijnlijk goed in zijn, maar bij gebrek aan sneeuw en een wapenvergunning kan hij zich hier niet op toeleggen.

seppe2

Duatlon bestaat uit drie onderdelen: de atleten lopen eerst, springen dan op de fiets en sluiten weer af met een loopnummer. Net zoals er ook kwart- en halve triatlons georganiseerd worden, verschillen ook de afstand en aard van het parcours van een duatlon. Zo is het Belgisch kampioenschap bijvoorbeeld een cross duatlon over de korte afstand, waar dus met een mountainbike wordt gefietst. Er bestaat ook een Belgisch en Europees kampioenschap over de lange afstand (10-60-10). Seppe behaalde al titels in beide disciplines en is ook zesvoudig winnaar van de Hel van Kasterlee. Een wedstrijd die zich niet voor niets de zwaarste winterduatlon ter wereld noemt. Op de Kempische bodem van Kasterlee wordt 15 kilometer gelopen, 118 kilometer gemountainbiket, om de benen nog eens finaal los te gooien met een run van 30 kilometer. Aangezien er gestreden wordt in december zijn de weersomstandigheden onverbiddelijk: kou, ijs en nattigheid behoren dan ook tot het vaste repertoire.

seppe3

Het is overigens op die Kastelse grond dat mijn broer zijn eerste stapjes (en trapjes) in de duatlonsport zette. Als ik juist kan tellen, was het op 24-jarige leeftijd dat hij de overstap maakte van het wielrennen naar de duatlon. In dit oprechte portret van Vojo Magazine dat vorig jaar over hem verscheen, kan je daar meer over lezen. Ik vertelde hier al dat hij naast zijn professionele topsportleven als duatleet en triatleet ook nog een job als vertegenwoordiger voor fietsenmerk Orbea heeft. Dat betekent trainen in vrije momenten en dus in alle vroegte of donkerte: over toewijding gesproken. Duatlon is een kleine wereld die weinig bekendheid geniet in het medialandschap, maar het is niet zomaar een opstapje naar de triatlon. Het prijzengeld ligt daar echter hoger, de sport kent meer prestige en triatleten hebben bijgevolg een grotere sterrenstatus dan mijn broer. Jammer, want Seppe Odeyn is een naam die klinkt als een klok in het duatlonmilieu en zijn wereldtitel in 2016 leverde hem ook een nominatie op de longlist voor sportman van het jaar op.

Het wereldkampioenschap lange afstand duatlon behoort tot de Powerman-competitie, zeg maar de Ironman van de duatlon. Seppe won in februari nog een Powerman-wedstrijd op Mallorca. Op de Powerman-ranking eindigde hij in 2016 op nummer 1. Seppe Odeyn is met andere woorden dus de Rafael Nadal van zijn sport, maar dan zonder Aston Martin. Het Zwitserse Zofingen is de vaste locatie voor het WK duatlon lange afstand. De wedstrijd is een klepper van formaat en omvangt 10 kilometer lopen, 150 kilometer fietsen en een afsluitend loopnummer van 30 kilometer. In 2016 volbracht Seppe dat kunstje in 6u23. Wie durft nu nog te beweren dat duatlon het kleine of minderwaardige broertje is van triatlon? België heeft overigens een stevige reputatie in de duatlon. De betreurde Benny Vansteelant schreef vijf wereldtitels op zijn naam, diens broer Joerie haalde er drie binnen en Rob Woestenborgs was goed voor één zege in Zofingen.

seppe1

Naast Seppe Odeyn worden ook Søren Bystrop (Denemarken), Gaël Le Bellec (Frankrijk) en Felix Köhler (Duitsland) tot de kanshebbers op de wereldtitel gerekend. Bij de vrouwen is het de vraag of de Britse Emma Pooley haar vijfde kampioenschap op rij kan winnen. Om alvast wat in de sfeer te komen, kan je hier een uitgebreid videoverslag van de race in 2016 bekijken: de editie die mijn broer dus won. Vanaf 1:14:00 zie je hoe hij op de finish afstormt, applaus in ontvangst neemt van enthousiaste Zwitsers en letterlijk door het lint mag gaan. Andere aanwezige elementen zijn: een Belgische vlag, een vreemde hond als mascotte, zonnebloemen en zelfs cheerleaders. Stand up for the champion! In het interview met de kersverse wereldkampioen kan je zien en horen dat mijn broer ook welbespraakt is in het Engels. Om het met de samenvattende woorden van de interviewer te zeggen: You started like a rocket, you finished like a champion!

Wie zich bij wijze van voorbereiding nog verder wil verdiepen in de sportieve carrière en avonturen van mijn broer, kan zich inlezen op Seppes website en blog. Jullie willen nu natuurlijk helemaal niets missen van dit wereldkampioenschap. Er is helaas geen plaats meer in de auto’s van de familieleden en supporters die naar Zofingen afzakken en Sporza beseft nog niet dat deze race uitzendwaardig is. Niet getreurd: je kan de wedstrijd volgen via livestreaming op de gloednieuwe Powerman Zofingen site. Ik zeg: kijken en supporteren!

Het moment – Een fietsuitstap naar Brussel

Brussel heeft mijn hart veroverd sinds ik er de eerste keer de 20 km liep in mei 2014. Die belevenis heeft een diepe indruk nagelaten en van mij de loper gemaakt die ik nu ben. Lopen door Brussel is dan ook een uitzonderlijke ervaring. Ik wist niet dat onze hoofdstad zo groen en glooiend is. Brussel associeerde ik met overvolle en ongezellige winkelstraten, enkele teleurstellende toeristische hotspots en onveiligheid. Onbekend is onbemind, zo bleek maar weer eens. Ik vertelde al eens dat Parijs voor mij het Brussel van Frankrijk is, waardoor ik dus ook omgekeerd kan zeggen dat Brussel het Parijs van België is. Bruxelles, ma belle!

Ik liep inmiddels 2x de marathon van Brussel, 2x de halve, 4x de 20 km en 1x de 10 Miles van Elsene. Voldoende bewijslast om aan te tonen dat ik graag in Brussel loop. Mijn sportieve honger is echter niet zo gemakkelijk te stillen. Zoals dat ging met Tervuren, gebeurde het dus 2 jaar geleden ook dat ik eens met de fiets tot in Brussel reed. Ik deins namelijk niet terug voor een uitdagende fietstocht en het Jubelpark ligt op 25 kilometer van mijn deur, de Grote Markt op om en bij de 29 kilometer. In de zomervakantie van 2016 werd het een bijna wekelijkse uitstap, maar ook in het najaar fietste ik al tot daar. Ik neem jullie graag mee op virtuele fietstrip. Noot: liefde maakt blind, vergeet dat niet.

IMG_2852b

Het Park van Tervuren bevindt zich dus halverwege de route naar Brussel. Van daaruit gaat het verder over de Tervurenlaan. Dat stuk werd recent heraangelegd. Dikke kus voor degene die heeft beslist dat het fietspad daar wel een upgrade kon gebruiken. Waar je daar vroeger over een smal en hobbelig strookje vlak langs de drukke autoweg reed, is dit sinds kort een luxe fietspad: heel breed met een glad oppervlak en duidelijk gescheiden van het autoverkeer. Je kan hier als fietser niet anders dan lyrisch van worden. Deze fietssnelweg brengt je na een langgerekte klim tot bij Quatre-Bras ofte het Vierarmenkruispunt, dat ik vooral kende van de verkeersinformatie. Na enkele oversteken fiets je vervolgens het Brussels hoofdstedelijk gewest in over een glooiend fietspad dat langs de rand van het Zoniënwoud ligt. Het fietspad vol barsten toont aan dat hier nog werk aan de winkel is.

IMG_2844b

Na een welkome afdaling kom je uiteindelijk aan in Sint-Pieters-Woluwe. Voor de liefhebbers: daar bevindt zich het Trammuseum. Het verkeer wordt er drukker en je moet aandachtig de fietsbewegwijzering volgen. Mocht dit nog niet duidelijk zijn: met de fiets naar Brussel betekent continu berg op en berg af rijden. De laatste beklimming is de venijnigste. Ik liep mezelf al 8x in de vernieling op dit schijnbaar nooit eindigende stuk bergop van de Tervurenlaan en ik ben wellicht niet de enige. Met de fiets is het niet veel aangenamer. Ouderwets stoempen op de pedalen en vooral niet meteen denken dat je er bent: dat is de raad die ik kan geven. Tot daar plots licht opdoemt aan het einde van de tunnel en je het topje van het Jubelpark ziet. Ik zou haast zeggen dat dit een magisch moment is.

IMG_2723b

IMG_2725b

De fietsmarkering brengt je via een parallelle baan bij het Jubelpark. Jammer dat dit gewoon een autoparking is als er geen loopevenementen plaatsvinden. In het park zelf zie je altijd wel lopers en picknickers. Je rijdt Brussel nu binnen via het Schumanplein door de Europese wijk, waaronder het imposante Berlaymontgebouw. De militaire bewaking maakt duidelijk dat de internationale belangen van deze wijk enorm zijn. De autochaos is alom aanwezig. Het is heel bijzonder om hier met je fiets te cruisen, al helemaal als je over de Wetstraat langs het Warandepark rijdt. Vervolgens kan je kiezen om rechtdoor richting centrum te gaan of linksaf te slaan om zuidelijker af te zakken.

Tegenwoordig kies ik voor de tweede optie. Via Zavel rij ik naar het Justitiepaleis waar je een mooi uitzichtpunt hebt. Ik ga al eens langs voor wat shopping bij de geïntegreerde AS Adventure-Juttu winkel die zich in de buurt van het Louizaplein bevindt. Vervolgens fiets ik verder naar de Hallepoort om in de wijk Sint-Gillis aan te komen. Hier vind je de mooie boekenwinkel Les Yeux Gourmands en de Sint-Gilliskerk die op een gezellig plein ligt. Het is dan echt wel hoog tijd voor een rustmoment, wat ik altijd vind bij café Maison du Peuple. Een welverdiende 10/10 voor sfeer en gezelligheid en een uitgelezen kans om in gezelschap van een goed boek de cafeïnelevels weer op peil te brengen. Ik kan de flat white van harte aanbevelen. Het is dat ik nog naar huis moet rijden, maar anders zou een mojito mij daar ongetwijfeld smaken.

IMG_2746b

Bij deze lofzang hoort ook een kritische noot. Fietsen in Brussel is geen evidentie. Het stadscentrum wordt nog steeds gedomineerd door de auto. De meeste chauffeurs rijden er met hun beide voeten op het gaspedaal, met één hand op het stuur en één hand op de claxon. Dit neemt niet weg dat er wel degelijk is geïnvesteerd in fietsmarkeringen: op de meeste plaatsen is op het wegdek aangeduid waar de fietsers rijden en fietsroutes worden duidelijk aangegeven. Met de veiligheid van de zwakke weggebruiker werd echter bitter weinig rekening gehouden. Zo moeten fietsers vaak het rijvak van de bus volgen. Dat lijkt mij een gemakkelijkheidsoplossing: we kalken wat fietsjes op die baan en we hebben ruimte gegeven aan de fietser. De buschauffeurs zijn niet echt tuk op een occasionele fietser. Op straten met vier banen wordt voor een verkeerslicht een heel groot vak voorzien waar fietsers moeten plaatsnemen voor de auto’s. Ik kan je verzekeren dat het heel wat assertiviteit vraagt om daar als fietser moederziel alleen in plaats te nemen om van zodra het licht op groen springt als een duvel uit een doosje te vertrekken, terwijl je het aanstormende verkeer in de gaten houdt en probeert om niet in een tramspoor terecht te komen met enkele claxonnerende auto’s achter je als het niet snel genoeg gaat. Op een rotonde lijk je als fietser onzichtbaar te zijn. Je merkt aan de dappere aanwezige fietsers dat ze zich een assertief-agressieve attitude hebben aangemeten om zich te wapenen tegen het overheersende autogeweld. Bungeejumpen klinkt avontuurlijker, maar is bijlange niet zo gevaarlijk.

IMG_2744b

Fietsen in Brussel is dus een mogelijkheid voor ervaren en zelfverzekerde fietsers. Hou daar rekening mee. Ik reken mezelf wel tot die groep. Voor wie dat niet ziet zitten, biedt het openbaar vervoer voldoende mogelijkheden om je in Brussel te brengen en te verplaatsen. Een fietsuitstap naar Brussel stelt mij in ieder geval nooit teleur. Inspanning en ontspanning gaan hand in hand: zo heb ik het graag. Ik hoop dat de liefde tussen mij en Brussel nog heel lang mag blijven duren.

Het moment – Fietsen, lopen en lezen in Tervuren

Ik leerde Tervuren kennen op 28 maart 2015. Toen nam ik voor het eerst deel aan de Furaloop*. Roos en ik zouden zo’n twee maanden later onze eerste marathon lopen. Ik herinner me nog goed dat we samen met onze papa in de auto zaten te wachten. Het regende en eerlijk gezegd hadden mijn zus en ik er niet zoveel zin in. Mijn zelf opgestelde marathonschema was best pittig en we hadden dus al heel wat kilometers afgelegd die week. Te veel eigenlijk. 16 kilometers in het Zoniënwoud lopen, klonk op dat moment dan ook niet meteen als muziek in onze oren. Het bleken uiteindelijk 16 prachtige kilometers te zijn, die ik onverwacht ook nog eens snel afwerkte. Sindsdien is het dik aan tussen Tervuren en mij.

IMG_2839b

In oktober 2015 liep ik voor het eerst de marathon in Brussel, die net zo goed Brussel-Tervuren-Brussel zou kunnen heten. Via de beruchte Tervurenlaan komen de marathonlopers in het Park van Tervuren. Ik had op de kaart van het parcours natuurlijk gezien dat daar rond de vijvers wordt gelopen, maar in mijn gedachten was dat een bescheiden vijver. Zo één van het formaat waar je in 10 minuten wel rond bent. Niet dus: in het Park van Tervuren is niets klein. Adjectieven als majestueus en prestigieus zijn hier op hun plaats. Het park heeft dan ook een koninklijke geschiedenis. Koning Leopold II zag alles groots en bouwde het park en de Tervurenlaan uit aan het einde van de 19e eeuw volgens zijn persoonlijke royale standaard. Wie het graag wat chiquer heeft, mag dan ook zeggen: de Warande van Tervuren of het Warandepark. Het is als loper op z’n zachtst gezegd imponerend als je over een autovrije Tervurenlaan langs de Jazzfontein een ronde door dat park loopt.

IMG_2049b
Ik kocht in mei een nieuwe fiets. Die testte ik meteen met een ritje naar Tervuren. Waar anders zou de Cortina Blue Lake beter kunnen poseren dan hier?

Een jaar later liep ik weer de Furaloop en begon het mij te dagen dat Tervuren niet zo ver van mijn woonplaats ligt, aangezien er op het einde van mijn straat een wegwijzer staat met “Tervuren 13”. In oktober 2016 zou ik voor de tweede keer de marathon van Brussel lopen. Een marathon die ik al eens liep en die tot op 13 kilometer van mijn woonst passeert: dat is een uitgelezen kans om het parcours wat grondiger te (ver)kennen. Zo fietste ik dus voor die marathon in Brussel een paar keer tot in het Park om van daaruit het verraderlijke stuk van de vijvers tot aan Sint-Pieters-Woluwe te lopen en terug. Die marathon zou mij niet meer hebben liggen. Ik wist exact welke kilometers op- of aflopend waren en dat het stuk rond de vijvers toch zo’n 5 kilometer lang is. Of het door die parcoursverkenning kwam of niet: de marathon die ik op 2 oktober 2016 liep, beschouw ik nog altijd als mijn ultieme marathonervaring. Ik finishte als 8e vrouw in 3:22:30. Sindsdien is het nog dikker aan tussen Tervuren en mij.

IMG_2716

Mijn innige vertrouwensband met Tervuren dient soms louter sportieve redenen. Dan fiets ik tot daar in looptenue en loop ik langs de vijvers verder het Zoniënwoud in. Een mooie looproute die nooit teleurstelt. Soms is de insteek van mijn fietstocht ook van louter ontspannende aard. Als Joke naar het Park van Tervuren gaat, dan neemt ze mee: de krant, een boek en een thermos koffie. Voor zoetigheid of een goed brood kan ik bakkerijen Au Flan Breton (Tervuren centrum) en Vogelaers (Vossem) van harte aanbevelen. Het Park van Tervuren werkt als mijn persoonlijke zen-master. Je bent er nooit alleen, maar er gaat een enorme rust uit van die plaats. Ook de eenden daar lijken vredevoller met elkaar om te gaan. Je komt er niet zelden een paard en ruiter tegen. Er wordt gepicknickt en de hond wordt uitgelaten. Eerlijk is eerlijk: het elitaire sfeertje blijft ook anno 2018 nazinderen in de Warande van Tervuren. De doorsnee wandelaar in het Park paradeert meer dan dat hij stapt. Aangezien mijn prinsessengehalte bijzonder laag ligt, hou ik het daarom bij op mijn favoriete bank zitten en lezen.

IMG_1318b

Het Park van Tervuren ligt ook halverwege mijn fietsroute naar Brussel. Morgen vertel ik jullie graag meer over mijn uitstapjes naar onze hoofdstad. Toerist in eigen land!

IMG_2159b

*De Furaloop gaat inmiddels door het leven in een hipper jasje: de Fura 10 Miles.