Marathonpraat – Voorbeschouwing op Milaan van Hans

Binnenkort trekken Joke en ik naar Italië om er de marathon te lopen. Dat is altijd een speciale gebeurtenis, ook al heb je er, zoals Joke, al heel wat gelopen. Het blijft tenslotte “de marathon”, zo mogelijk de meest tot de verbeelding sprekende loopwedstrijd, en bovendien gaan we hem lopen in Milaan. Het wordt voor ons beiden de eerste kennismaking met deze prachtige stad die samen met Parijs toonaangevend is op het gebied van de haute couture en bovendien de geboorteplaats van schrijver Paolo Cognetti.

Voor mij persoonlijk komt er echter nog een extra dimensie bij. Ik loop intussen al heel wat jaren met best wel wat kilometers op de teller en hoewel ik tijdens trainingen en wedstrijden al meermaals de marathonafstand of zelfs langer gelopen heb, heb ik in mijn loopcarrière slechts aan één officiële marathon deelgenomen. In 2015 liep ik in Eindhoven mijn eerste en voorlopig laatste marathon. Kort daarna heb ik besloten dat stratenlopen niet mijn ding zijn en dat ik me voortaan zou “beperken” tot (ultra)trailwedstrijden, het liefst in de Ardennen.

Ik hou van het onvoorspelbare en avontuurlijke karakter van trailwedstrijden; terrein, hoogtemeters, weersomstandigheden, afstand… het zijn allemaal factoren die deze wedstrijden nauwelijks vergelijkbaar maken. En dat is best wel comfortabel, want je wordt niet telkens geconfronteerd met het feit dat je een “betere of slechtere” wedstrijd gelopen hebt dan de voorgaande, wat met de meeste stratenlopen wel zo is. Ook de ontspannen en ongedwongen sfeer die je steevast bij elke trailwedstrijd ervaart, spreekt me heel erg aan. Ik huiver bovendien bij het idee om geruime tijd voor het startschot als vee in een startvak gedreven te worden wat bij stratenlopen dan weer gebruikelijk is.

Maar dan komt Joke Odeyn in je leven, een rasechte marathonloper die gelukkig ook houdt van de trails, al dan niet in wedstrijdvorm. En dan stel je vast dat je het als fanatieke loper niet altijd prettig vindt om aan de zijlijn te staan als er een wedstrijd gelopen wordt, ook al vindt die plaats op het verfoeide asfalt. En voor je het weet gaat de dure eed aan de kant en schrijf je je toch weer in voor een echte marathon. Vorig jaar was er in november al een voorproefje met een deelname aan de halve marathon van Kasterlee, maar die kan je met wat verbeelding nog een halve trailwedstrijd noemen. In Milaan wordt het echter menens; 42,195 kilometer dokkeren over het asfalt tegen de onverbiddelijke klok en kilometertijden die niet liegen. Met een mengeling van opwinding en angst kijk ik ernaar uit, geen idee wat ik kan verwachten.

Of ik weet het eigenlijk wel. We gaan sowieso samen een heerlijke reis naar Milaan beleven, en ook van de marathon zal ik genieten. Mijn 52 jaar oude lijf nog eens voluit de sporen geven, helemaal tegen mijn natuur in het moment van de start pakken (zoals ik van Joke geleerd heb), en dan kilometers lang gààn doorheen het prachtige decor van Milaan. En als ik in dat startvak sta, als vee samengedreven onder de ongetwijfeld luide beat van een of ander opzwepend nummer waar ik verder niks mee heb, dan zal ook ik kippenvel krijgen en stiekem genieten van dat moment, al zal ik dat als doorgewinterde trailloper op geen enkele manier laten blijken.

Het moment – Een vaarwel en tot ziens

Ik noemde maart de maand van de magnolia, de maand van de bloei, van de belofte van de zomer en een nieuw begin. Maart heeft echter ook een donker randje. Op de eerste dag van de lente verloor ik mijn kat Ada. Ze werd 17 jaar. Door de dood van Ada was ik in één klap huisdierloos. Op 18 oktober namen we namelijk afscheid van mijn witte poes Teresa. In december en januari stierven mijn cavia’s Batoul, Bouchra en Loubaba die ook een heel respectabele leeftijd bereikten. Ik verknip geen dozen meer tot huisjes. Ik kan geen vachtjes meer aaien of een kattig lijfje tegen me aandrukken. Het valt me zwaar om te wennen aan het leven zonder huisdieren.

Ada was een rasechte straatkat en volbloed opportunist. Haar leven is geëindigd op een absoluut hoogtepunt. Van één baasje delen met één andere kat ging ze van twee baasjes helemaal voor haar alleen. In Hans vond ook Ada namelijk de man van haar leven. De ooit zo eenkennige Aadje was op slag verkocht en de liefde was wederzijds. Haar schoottijd schoot door het dak. Waar ze bij mij wel eens anoniem een online oudercontact of klassenraad mocht bijwonen, mocht ze van Hans actief deelnemen aan meetings: in beeld met een lichtjes ongeïnteresseerde blik. Ada zocht steeds vaker slaapplekjes op waar ze eigenlijk niet mocht liggen. Haar honger was net zo onverzadigbaar als haar drang naar aandacht en warmte. Je ging niet in de zetel zitten zonder een bezoek te krijgen van Ada De Mensbeklimmer. Vanaf een uur of 5 ’s ochtends kon haar luchtalarm afgaan als een etensmoment tot de mogelijkheden behoorde. Zo lang Ada er was, bleven ook de herinneringen aan mijn andere huisdieren levend. Ze maakte hun gemis draaglijk en hun afwezigheid minder definitief.

Tot ook het kaarsje van Ada stilaan uitging. Ze was niet meer zo gebrand op zetel- of schoottijd. Ze trok zich vaker terug. Toen haar eetlust afnam werd pijnlijk duidelijk dat Ada zelf aangaf dat ze klaar was met het leven. Haar laatste avonden bracht ze door op de radiator in de keuken, achter het gordijn. Zo konden we heel voorzichtig wennen aan avonden zonder Ada. Het is bikkelhard om 5 geliefde dieren op 4 maanden tijd te verliezen. Als collectief leken ze min of meer te beslissen dat hun taak volbracht was. Dat ze een prachtig leven hebben gehad waarin ze graag gezien werden is een troostende gedachte, maar maakt het gemis er niet minder om. Ze zijn niet onopgemerkt gebleven. Ik ben dus niet de enige die hen mist, hoe diep ze ook verankerd waren in mijn leven. De leegte die ze achterlaten voelt op dit moment duizelingwekkend groot. Alles in huis doet me aan hen denken. Ik kom overal relikwieën tegen van vervlogen tijden. Ik had nooit gedacht dat wat verloren kattenbakgrit of een plukje haar me zo verdrietig zou kunnen maken. Voorlopig blijft het kattenhaar aan het gordijn in de keuken dan ook gewoon hangen.

Ik heb 14 jaar van mijn leven met Ada en Teresa samengeleefd. Hoe langer mijn dieren bij mij waren, hoe onwaarschijnlijker het leek dat ik ooit zonder hen zou verdergaan. Vorige week besprak ik in de klas het Egidiuslied, een middeleeuws lied waarin de achtergebleven vriend van Egidius zijn knagende gemis bezingt. De Nederlandse dichter en bloemlezer Gerrit Komrij schreef daarover: niet het snijden doet zo’n pijn, maar het afgesneden zijn. Afscheid nemen op zich is verdrietig, maar je kan je ook heel erg richten op wat er gebeurt. Je neemt je dier in je armen tot ze in slaap vallen. Je wil ze nog even heel dicht bij je voelen en in hun oor fluisteren dat ze zo geweldig zijn geweest, dat je ze vreselijk zal missen en nooit zal vergeten. Je kan ze nog bedanken voor alles wat ze gebracht hebben. Maar dan begint het pas echt. Ik voel nu pas hoe ik afgesneden ben van de maatjes die jarenlang kleur en richting aan mijn leven gaven. En dat snijdt langs alle kanten.

Rouwen om een dier lijkt minder voor echt mee te tellen. De wereld draait onherroepelijk hard verder en ik zou soms willen roepen: ho stop! Beseffen jullie wel dat ik de dag moet beginnen zonder mijn katten?! Het voelt elke ochtend nog steeds onwezenlijk om wakker te worden met stilte. Geen ongeduldig getrippel, geen bakjes vullen onder luid gemiauw. Het besef dat de periode waarin wij samen een gezin waren definitief voorbij is, dringt stilaan door. Wat wel helpt is de gedachte dat mijn dieren weer als team herenigd zijn. Ze liggen samen begraven met zicht op bomen en vogels. Mijn gebrek aan spiritualiteit is niet bepaald helpend om me een poezenhemel te visualiseren. Eén ding weet ik wel zeker: mocht die bestaan, het zou er oorverdovend luid zijn.

Loperspraat – Twee zusjes op pad in Den Haag

Maart is de maand van de magnolia. Tijd dus om naar Den Haag te vertrekken en er de CPC te lopen. De City Pier City is een halve marathon waarbij je van de Haagse binnenstad over de boulevard, langs de zee en de pier loopt om dan weer de stad in te duiken. Een vaste waarde op de sportieve kalender. Niet alleen omdat het een prachtig evenement is, maar net zo goed omwille van het logeerpartijtje bij onze familie in Nederland. Roos stapte in de auto met een joekel van een reiskoffer en ook de marathon in haar benen nam wat plaats in. Mijn trolley was wat bescheidener van aard, fysiek heb ook ik al frissere tijden gekend. De laatste maanden spelen mijn rug en hamstrings steeds meer op. Trainen en kilometers maken lukt, maar de zeurende pijn moet ik op de koop toe nemen. Roos had eigenlijk wel zin om een PR uit de benen te schudden. Zelf wilde ik elk excuus aanwenden om niet de race van mijn leven te lopen. De CPC is al lang niet meer het orgelpunt van ons weekendje Den Haag. Veel familiale gezelligheid en gebabbel, koffietjes drinken op een terras en een bezoek aan vintageboetiek Zusjes maakten ons uitje compleet. Ik deel dan ook graag de 5 gedachten rond het sportieve gebeuren die bleven hangen.

Een applaus voor de strijdende loper
Roos vertrouwde me toe dat ze soms het Malieveld en de typerende skyline googelt als ze Den Haag mist. Het Malieveld (eigenlijk gewoon een gigantisch grasveld) herbergt het volledige evenementendorp. Er is altijd ambiance en we maken er ook altijd een rommelige foto van ons twee. Voorafgaand aan de halve marathon worden een 5 en 10 km wedstrijd gelopen. In afwachting van onze eigen start zetten wij ons in de laatste bocht om de staart van de 10 km lopers naar hun finish te schreeuwen. Zwaar afzien en ultiem loopgeluk kunnen heel dicht bij elkaar liggen. We lieten onze stem horen voor elke strijdende loper. Het deed ons beseffen welke weg we zelf hebben afgelegd. Ook bijzonder was de Ada die we luidkeels aanmoedigden en die ons met een subtiel handgebaar bedankte. Nadat ik op 1 maart afscheid moest nemen van mijn kat Ada beschouw ik dat toch als een teken dat ze erbij was (ook al had ze niks met mijn lopersleven).

Een indrukwekkende minuut stilte voor Kelvin Kiptum
Op 11 februari overleed de snelste marathonloper ter wereld op amper 24-jarige leeftijd. Kelvin Kiptum kwam om het leven bij een auto-ongeluk in Kenia. Dat hij nooit een sub-2 marathon zal lopen is jammer voor de sport, veel tragischer is zijn verlies voor de familie die hij achterlaat. In 2020 liep Kiptum de CPC loop in een hallucinant snelle 59 minuten en 58 seconden. Hij was er nu ook weer bij, in de gedachten van iedereen die het muisstil maakte in het startvak om nadien eens zo hard te beseffen wat een feest lopen is. Publiekslieveling Abdi Nageeye won de race trouwens in 1 uur en 21 seconden, een nieuw Nederlands record. Ook hij was wellicht met zijn hoofd bij KK.

Een snelle start, een instorting en een verrijzenis
Het moment van de start pakken is mijn handelsmerk waar menig loper uit mijn omgeving wel eens lacherig over doet. Geheel terecht, als duurloper moet je geen snelle start willen nemen. Ik probeer mezelf dus echt wel in te tomen: door nog steeds raketgewijs weg te schieten, maar niet meer door te willen duwen bij elke stap die ik zet. Kortom geen plankgas vanaf kilometer 1, maar op zoek gaan naar een soepele tred en me concentreren op mijn voeten die semi-moeiteloos over het asfalt tikken. 10 kilometer ging me dat behoorlijk goed af. Met kilometertijden rond de 4″00′ voelde ik de inspanning, maar ook wel dat de benenwagen behoorlijk bolde. Tot ik wat minder beschutting had van het pak en ik de wind begon te voelen. De moed zonk me in de schoenen. Mijn elegante cadans was veeleer hoekig gestamp geworden. Niet doorduwen, ik bleef het mezelf voorhouden, maar ik verloor terrein en dat hakte er mentaal even stevig in. Uiteindelijk beleefde ik wel een heropflakkering in de finale: vanaf kilometer 17 voelde ik me weer sterker worden en maakte ik wat tijd goed. Ik slaagde er zelfs nog in om te genieten van de allerlaatste rechte lijn richting finishboog.

Een beetje doodgaan is onvermijdelijk
Ik gaf mezelf 1u27 om mijn halve marathon te lopen, dat is het equivalent van het marathontempo dat ik in Antwerpen liep. Ik loop vaker halve dan hele marathons (wat op zich logisch is). Altijd weer kom ik tot de conclusie dat ik een betere hele dan halve marathonloper ben. Ik sterf vaker en met meer gevoel voor drama op een halve dan tijdens een hele marathon. Bij de halve afstand moet ik mezelf van in het begin tot een bepaalde grens pushen om daar dan voorzichtig tegenaan te gaan schurken. Soms lukt dat, soms helemaal niet. Bij de hele kan ik de eerste helft vertrouwen tanken en de bakens uitzetten om een zinderende finale in te gaan. Na de eerste helft van mijn halve marathons krijgt dat zelfvertrouwen gegarandeerd een knauw en vind ik het moeilijker om mentaal om te gaan met de afstand die ik nog moet afleggen. Ik finishte mijn 6e CPC uiteindelijk in 1:26:29, anderhalve minuut boven mijn PR, maar wel onder de vooropgestelde 1:27. Missie geslaagd. Ook Roos had een zware strijd geleverd, maar kon met marathon in de benen toch aftikken op een knappe 1:34.

Een windstille CPC bestaat niet
Voor iemand die van de zee houdt, heb ik hier nog niet veel over mijn momentje met de zee verteld. Enerzijds is een kilometer over de zeedijk lopen tijdens een wedstrijd niet minder dan magisch te noemen. Anderzijds is het vooral verschrikkelijk zwaar. De kilometers ervoor word ik altijd weer bij de lurven gegrepen door de wind. Zee en wind: het is een onafscheidelijk duo. Zelfs als je denkt dat er nu echt eens geen wind staat of dat het slechts een bescheiden zeebriesje is, dan kom je toch altijd bedrogen uit. Wel probeer ik de passage met zeezicht goed in me op te nemen. Ik ben er nooit rouwig om als ik dan weer mag afdraaien richting de stad om tussen de bebouwing in twee lange lijnen op de finish af te denderen.

Vergis jullie niet, het zal nog heel lang grote liefde blijven tussen het Malieveld, Roos en mij. Er valt altijd iets te beleven in Den Haag. Daarom met stip genoteerd in de agenda: 9 maart 2025!

img_3702b

Het moment – De Druivenmarathon van Roos

Zondag 25 februari 2024 – 8u. Het zonnetje schijnt in Tervuren. In het bijzonder voor mijn zusje Roos en haar loopmaatje Joni belooft dit een mooie dag te worden. Samen zullen ze de Druivenmarathon lopen: 42,2 kilometer in en rond de omgeving van Tervuren en Overijse. Een prachtige streek – dat moet je mij niet vertellen – maar ook wel eentje in de categorie uitdagend. Er lijkt geen metertje vlak te zijn, 3/4 van het parcours is onverhard en het natte weer heeft ervoor gezorgd dat het ook een moddermarathon zal worden. Roos en Joni zijn als duurlopers echter niet bepaald aan hun proefstuk toe. De geoliede looptandem uit het gezegende jaar 1992 finisht uiteindelijk in een knappe 3 uur en 50 minuten, goed voor een zilveren plak voor Roos. Zelf was ik erbij als uitbundige supporter en ook wel een tikkeltje uit opportunisme omdat ik een mooie toer in het Zoniënwoud kon gaan lopen. Voor het betere sfeerverslag geef ik het woord aan Roos.

Ik heb geen idee waar het idee voor dit marathonplan ontstaan is. Ik denk dat Joni erover begon en wat later enkele collega’s die daar in de buurt wonen. De uiteindelijke inschrijving was best wel impulsief: ik was op dat moment in januari niet zo heel veel aan het trainen en ik had ook niet meer heel veel tijd om te gaan “bijtrainen”. De Druivenmarathon leek me een goede voorbereiding op de 58 km van De Jogclub Ultra die we op 1 april zullen lopen.

Dit was zonder twijfel mijn meest ontspannen marathon. De kilometers gingen snel voorbij omdat het parcours zo afwisselend was. Alleen sportgels wegwerken was voor mij geen pretje. Ik begon er nochtans weer enthousiast aan, maar na 20 kilometer had ik al oprispingen en een vervelend gevoel in mijn maag. Op kilometer 25 heb ik dan ook beslist om mijn voeding te laten voor wat het is. Toch liever helemaal leeggelopen aankomen dan al kotsend in de berm. Joni bleef trouwens wel dapper gels eten en kon zelfs pannenkoek en rijsttaart wegwerken. Heel knap. Op kilometer 35 was ik nog heel fris, echt opmerkelijk. Uiteindelijk ging na 40 kilometer dan toch het licht uit. We liepen toen een lang stuk over asfalt, lichtjes oplopend en met tegenwind. Gelukkig kon ik achter Joni lopen en gewoon zijn voeten volgen. Treintjes maken, daar hou ik wel van. We hebben onderweg helaas geen druiven gezien, maar er was wel een bevoorrading door een druivenserre. 

IMG_3661b

Het was echt een geweldige totaalervaring: maximaal plezier en minimale schade aan het lichaam nadien. Ik ben heel fier op onze prestatie! De organisatie was ook erg goed, zoals steeds bij Sport Events. Bijkomend pluspunt was de kaastaart van Au Flan Breton die we aan de finish kregen. Ook een extra meerwaarde dat Joke er was. Je hoeft geen heel peloton aan supporters te hebben, maar eentje die overenthousiast is, dat is wat telt. Ik wens ook iedereen een loopmaatje als Joni toe. Ik mag bijvoorbeeld altijd het tempo bepalen, heerlijk is dat. We hebben onderweg altijd genoeg te vertellen: van oorlogsreportages tot Taylor Swift. En soms puffen we gewoon in stilte verder. Ik mag ook elk pijntje bespreken. We geven tussentijds punten aan hoe onze benen voelen en evalueren dan of het al zwaar was of eerder een makkie. Omdat ik niet kan rekenen als ik loop, neemt Joni de calculaties en navigatie op zich. 

Bedankt, Roos en Joni! Absoluut een prestatie om met trots op terug te blikken. Jullie zijn bikkels! We kijken uit naar jullie 58 kilometer op Paasmaandag. Wordt vervolgd…

IMG_3665b

Een verjaardagskaart voor Marike

Liefste sisje

34 jaar geleden werd jij geboren op een zondag, de dag dat Nelson Mandela werd vrijgelaten na 27 jaar gevangenschap. Ik zei het al eerder, maar het kan geen toeval zijn dat wij uitgerekend op die historische dag een zusje kregen dat in zorgzaamheid en vredelievendheid haar gelijke niet kent. Inmiddels ben je mama van Leah & Emil en een ervaren kinesitherapeut met een specialisatie in de neurologische revalidatie die een eigen praktijk runt. Je bent de lijm van onze familie. Een luisterend oor voor al wie het nodig heeft. Een sportieve doorzetter ook, die hopelijk dit jaar haar langverwachte debuut op de 10 Miles zal maken na een succesvolle trail-passage in Houffalize. Je bent een zus uit de duizend die heeft geleerd om te lachen en te relativeren, om haar chaotische inborst te omarmen en het leven als een wervelstorm te nemen zoals het komt.

Jij blijkt dus een zondagskindje te zijn, al zijn wij vooral geluksvogels met jou in onze buurt. Een zondag biedt een zee aan mogelijkheden voor de immer bedrijvige Marike Odeyn. Zondag bakdag. Zondag loopdag. Zondag familiedag. Zondag tuinwerkdag. Behalve zondag rustdag, want jij werd niet geboren met een zittend gat. Er moet altijd iets gebeuren, er is altijd iets op til. Ik krijg wel eens de vraag of jij het niet erg vindt dat Roos en ik vaak samen op pad zijn. Nee dus, zo werkt dat niet bij zussen. Je bent niet jaloers op elkaar omdat je weet dat ze elk belangrijk zijn op hun eigen manier. Een zus is iemand die een stukje van jezelf meedraagt en je daarom altijd zal begrijpen. Iemand die altijd het goede in je ziet, je onvoorwaardelijk zal steunen en je nooit in de kou zal laten staan.

Over kou gesproken. Jij leerde ons dat mensen allergisch kunnen zijn voor de kou en dat is echt geen pretje, zelfs als je in de Kempen woont en niet in Siberië. Ik kan veel daden van jouw zussenliefde benoemen: meefietsen tijdens een ellelange duurloop in barre omstandigheden bijvoorbeeld. In dezelfde categorie valt ook: je verjaardag vieren in de tuin bij een temperatuur rond het vriespunt. Enter het corona-tijdperk. Gezellig met z’n allen rond het vuur, want vieren zouden we je! Gelukkig kunnen we vandaag warmer en dichter van elkaars gezelschap genieten. Met een loopje, een lunch en een stukje taart. Zondag zussendag. Die was ik nog vergeten. Voor ons de allerbelangrijkste.

Liefste Rikkie, ik wens jou een schitterende verjaardag toe. Laat je maar eens goed vieren en geniet van Leah die zal zingen van de koe die zegt I love you en happy birthday to joe! Op naar nog veel meer zondagen samen. Een heel grote cheers op jouw gezondheid!

Joke X

Loperspraat – Mijn sportieve voorjaar van 2024

Sneeuw schreeuwt erom belopen en bewandeld te worden. Elke kans om je sporen in – bij voorkeur ongerepte – sneeuw na te laten kan je dus maar beter met beide voeten aangrijpen. Wielen en sneeuw, dat is een heel ander verhaal. Ellende op de fiets was vorige week mijn deel, maar je zal me niet horen klagen over de winterprik die januari in petto had. Zes dagen op rij kon ik onder een stralende hemel over en door de sneeuw lopen dankzij het sneeuwbommetje dat ons land teisterde. Er gaat iets magisch uit van een sneeuwtapijt dat voor je uitgestrekt ligt. Ook als je niet meer goed ziet waar de gebaande paden liggen, maar wel zo ongeveer weet welke richting je uit wil. Net zoals het nieuwe jaar dat zich beloftevol aandient en een zee aan sportieve mogelijkheden biedt. Ik vertel graag wat meer over mijn voorjaarsplannen.

Na de drukke decembermaand lijkt januari op loopgebied altijd weer een maand van opbouwen te zijn. Hoewel ik kilometers blijf maken en mijn looptrainingen dus nooit stil liggen, voelt het toch alsof ik weer een draadje oppak dat is blijven liggen. De pijntjes van het vorige jaar verdienen nu echt een plan van aanpak. Rug recht en de blik vooruit. Plannen smeden en doelen stellen, samen met de loopmaatjes. Tijd om weer eens te voelen wat er nog in het vat zit. Training mode on. Dankzij Hans doe ik dat tegenwoordig over prachtige en gevarieerde routes en in het allerbeste gezelschap. Mijn eerste wedstrijd staat gepland op 18 februari. Dan zal ik de 26 kilometer lange Ferme Toer Trail lopen in Binkom, een mooi stukje Hageland niet zo gek ver van mijn deur. Een week later staat Roos aan de start van de Druivenmarathon in Overijse. Daar moet ik natuurlijk bij zijn, mogelijk om een kortere afstand te lopen, maar hoe dan ook om mijn zusje te steunen.

Op 10 maart zakken Roos en ik traditiegetrouw af naar Den Haag voor onze geliefde halve marathon, de CPC Loop. Ja, lieve lezers, Den Haag: dat het de stad is waar ik altijd een beetje thuiskom, dat weten jullie al. Wat ik nog niet vertelde, is dat ik er vorig jaar naast de officiële CPC Loop in maart (waar ik gemengde gevoelens aan overhield) ook nog 2 CPC’s in de zomer liep. De tweede helft van juli verbleef ik namelijk in Den Haag, onder andere om te bekomen van de La Chouffe Trail. Ik zou eens echt rust nemen en niet overdreven veel lopen, zo beloofde ik Roos. De eerste week ging dat goed: ik liep wat kortere rondjes over een pad door de duinen en een klein stukje over het strand. Tot ik plots op een onverwacht moment zin kreeg om het CPC parcours te lopen, een halve marathon dus. Ik bestudeerde het parcours nog eens aandachtig en probeerde het zo goed mogelijk te memoriseren. Mijn eerste poging was er één in de gietende regen en met twee kleine vergissingen. Ik gaf mezelf onder een stralende zon een herkansing de dag nadien. De adrenaline van de laatste lijn richting Malieveld en finish voelde ik net zo goed door mijn lijf razen, ook al liep ik braafjes op het voetpad. Deze twee extra CPC’s met parcourskennis had ik al op zak. De echte CPC leek toen nog eindeloos ver weg, maar inmiddels verbazingwekkend dichtbij. Zin in!

2024 zal op marathongebied in het teken staan van de grensverleggende buitenlandse marathon. Ik kijk natuurlijk uit naar mijn marathondebuut op de iconische marathon van Berlijn op 29 september. In het voorjaar staat er ook iets bijzonders te gebeuren: een marathon in Italië, jawel! Hans en ik zouden aanvankelijk de marathon van Düsseldorf lopen nadat we daar heel wat goeds over hoorden. Tot bleek dat die sinds 2 jaar niet meer georganiseerd wordt. Een klein dompertje dat binnen de 10 minuten werd opgelost met een nog mooier plan: de marathon van Milaan op zondag 7 april. Een authentieke stadsmarathon die een prachtige ronde door het hart van de stad belooft. Ze kunnen mij natuurlijk veel wijsmaken aangezien ik nog niet eerder in de Italiaanse modestad was. Mijn doel voor die marathon? In topvorm aan de start staan om alles te geven, maar vooral ook om er samen een mooi reisje van te maken met de nodige cappu’s en wijntjes, voor dan wel na de marathon.

Mogelijk pik ik in februari nog eens een cross mee. Het zou zonde zijn om die gloednieuwe (en inmiddels weer propere) spikes nu al aan de wilgen te hangen. Verder staan er nog twee oude getrouwen op de planning: de 10 Miles van Antwerpen, aangezien het stad sinds mijn marathonoverwinning nu ook een beetje van mij is. Wie weet dit jaar ein-de-lijk met Marike aan de start? Daarnaast – uiteraard – ook de 20 kilometer van Brussel, waar ik toch een klein rekeningetje te vereffenen heb na mijn frustraties van vorig jaar. Met stip genoteerd op mijn supporterskalender: de Jogclub Ultra op Paasmaandag met trailtandem Roos en Joni aan de start, een wedstrijd van 58 (mogelijk modderige) kilometers over het mountainbikeparcours Seppe Odeyn. Voilà, bij deze verklaar ik ook het blogjaar 2024 officieel voor geopend. Dat het ons veel stof tot vertellen mag brengen!

Het moment – En nu op naar 2024!

Lieve lezers

De laatste dag van het jaar is een zondag, hoe mooi is dat? We zeggen dit jaar vaarwel op de laatste dag van de week en verwelkomen een nieuw jaar op een maandag. Het is het soort structuur waar ik blij van word. Een oudejaarsbericht schrijven zou ik inmiddels een traditie kunnen noemen, ook daar hou ik van: een moment om even stil te staan bij wat is geweest. Een plechtig afscheid dat tegelijkertijd een begin is. Ik zal echter niet proberen om het jaar te vatten in een woord of het te voorzien van een label. Wat dan weer niet wil zeggen dat er niks te zeggen valt over 2023. Oh ja, wat was het intens! Oh ja, wat was het een bewogen en bijzonder jaar! Dat schoot ook door mijn hoofd toen ik vandaag tijdens mijn laatste kilometer van de Eindejaarscorrida over de Grote Markt liep. De zon scheen en de klokken begonnen te luiden. Ik had 12 kilometer geknald door de bochtige Leuvense straten. Voor het eerst sinds lang dacht ik: wat kijk ik uit naar wat het nieuwe jaar me zal brengen.

Mijn 2023 laat zich netjes in tweeën breken zoals ik daar erg kundig in ben met mignonettes van Côte d’Or. De eerste helft ging verder op het donkere pad waar de afgelopen jaren me hadden gebracht. Bonjour tristesse in het kwadraat. Elke dag zat er een ongenode gast bij mij aan tafel om me te confronteren met mijn angsten. Ik moest knokken om het hoofd boven water te houden. Er waren absoluut sportieve hoogtepunten en mooie familiemomenten, maar de duistere ondertoon was knagend en zeurend aanwezig. Het ging meestal niet goed met mij. Daar kwam stilaan verandering in toen de zomer losbrak. Om die reden zou ik 2023 onvergetelijk en bevrijdend durven noemen. 2023 bleek een jaar te zijn waarin minder meer werd. De cijfers van mijn jaar illustreren dat. Ik liep en fietste “slechts” 12.419 kilometer bij elkaar, ik las “amper” 35 boeken en dit is “maar” mijn 42e blogpost. 2023 was echter een topjaar. Ik kon een stadsmarathon op mijn naam schrijven en 2x onder die magische 3 uur marathongrens duiken. Maar vooral: de kleine en grote Joke vonden in Hans hun vriendje voor het leven. Door te lezen, te schrijven én te dromen vond ik de liefde. Beter wordt het niet, geloof me.

Mijn Spotify Wrapped bevestigde dat ik het afgelopen jaar weer wat meer lucht en licht in mijn leven kreeg. Mijn topnummer bleek Out of My Head van First Aid Kit te zijn, ik beluisterde het maar liefst 311 keer. Een song zoals alleen de Zweedse zusjes Söderberg het kunnen brengen: hoop verpakt in een melancholisch jasje, net waar ik behoefte aan had. Ik luisterde het vaakst naar hun muziek in februari. Ook George Ezra bleek – toch wel verrassend – één van mijn best beluisterde artiesten te zijn. Hallo ongedwongen popsong! Vooral het aanstekelijke Dance All Over Me luisterde ik erg vaak. Juli bleek dan weer de maand van Mumford & Sons te zijn. In september was het al Crowded House wat de klok sloeg en oktober was voorbehouden voor good old Leonard Cohen.

Over de sportieve staart van 2023 valt ook nog wel wat te vertellen. Een week na mijn debuut op de cross liep ik de 44 kilometer van de Meerdaalwoudtrail. Man, wat zag ik daar af! Vanaf kilometer 15 voelde ik dat het niet mijn dag zou worden. Het was harken en krabben, bergop taffelen en door de modder ploeteren in het zog van mijn maatje Sam, die gelukkig heel wat boeiende verhalen te vertellen had. Zelfs voor een ervaren afstandsloper is 30 kilometer nog lang als het pijn doet. Enfin, ik haalde de finish en moet niet te hard zeuren, want ik werd tweede achter de bijzonder sympathieke Babette. Roos en Joni, die andere looptandem, beleefden veel plezier aan hun 30 kilometer. Mijn jeugdvriendin Elizabeth stond bovendien aan de finish en zo kwamen er heel wat lijntjes van mijn leven samen. Na een warme douche en een boterham voelde ik weer wat leven door mijn lijf stromen en begonnen we aan onze supportertocht van Hans, die maar liefst 101 kilometer bij elkaar liep tijdens de Bello Gallico. Een inspirerende tour de force om heel trots op te zijn!

Voor nog meer inspiratie en de betere levenswijsheid kan ik altijd terecht bij mijn 4-jarige oogappel en metekindje Leah. Dit jaar kwam ze het kerstfeest door zonder builen of blutsen. Ze kreeg bovendien een kinderfototoestel van Bomma, wat een echte hit bleek te zijn. Foto’s van mensen maken is leuk, maar foto’s van het meubilair maken zo mogelijk nog leuker. Sta eens stil bij de kleine dingen in je omgeving en beschouw het alledaagse niet als vanzelfsprekend. Check. Leah zegt vaak “subiet” als je haar vraagt om iets te doen. Laat de dingen wat meer op hun beloop. Take it easy. Check. En tot slot, toen ze op de wc zat zei ze plots uit het niets “privacy”. Ik dacht eerst dat ik het niet goed begrepen had en vroeg haar het nog eens te herhalen. Pri-va-cy, zei ze, nog net ietsje luider. Je grenzen aangeven en bewaken in het leven. Check.

Ik mocht het afgelopen jaar mijn 5e blogverjaardag vieren. Mijn allerliefste en dierbaarste lezers, wat ben ik jullie dankbaar! Dat zeg ik niet voor de eerste keer, maar ik kan het niet genoeg benadrukken. Jullie zijn de vlam in de pan van deze blog, het kloppende hart, mijn drijfveer om te blijven schrijven over wat mij zoal bezighoudt. Dankzij jullie heb ik van deze plek een volwaardige hobby kunnen maken die me zo ontzettend veel gebracht heeft. Mijn laatste woorden zijn dan ook – traditiegetrouw – voor jullie. Ik wens jullie een schitterend 2024 toe. Dat het jullie veel geborgenheid en genegenheid mag brengen, veel slaap- en sportplezier met dromen groot en klein. Ik wens jullie de allerlekkerste koffie of gewoon veel gezelligheid en een spinnende kat op schoot of gewoon een hartverwarmend moment. Neem het jaar zoals het komt, maar bovenal: blijf dromen.

Joke
X

Loperspraat – Mijn debuut in de cross

Zaterdag 9 december liep ik mijn eerste cross. Bij de masters welteverstaan, dat zijn de 35plussers onder de lopers. Bovendien was dit niet alleen mijn eerste veldloop, maar was het meteen ook het Belgisch Kampioenschap. Ik heb dus voor het eerst in mijn leven een wedstrijdlicentie op mijn naam staan. Plaats van gebeuren was het park van Laken. Je hoeft geen kenner te zijn om te weten dat in onze hoofdstad geen meter vlakke grond te bespeuren is. Lopen in Brussel is altijd een uitdaging. De voet van het Atomium was het prachtige decor voor wat eigenlijk de generale repetitie was voor het Europees Kampioenschap veldlopen van de “echte atleten”. Daags nadien zouden zij op datzelfde parcours rondes door de modder lopen. Ik leg jullie graag in 12 stappen uit wat ik allemaal heb meegemaakt op die druilerige zaterdagnamiddag.

De coach
Niemand minder dan mijn broer Seppe Odeyn sleurde me mee in dit cross-avontuur. Hij vroeg of ik deel wilde uitmaken van het mixed relays team (4×1000) van DCLA, de Leuvense atletiekclub waar ik mijn eerste stappen in het lopersleven zette. Er bleken in de club namelijk geen vrouwen bereid te zijn om hun zaterdagnamiddag op te offeren voor een kilometertje modderlopen. Ik beschouwde het als een eer om ergens voor gevraagd te worden – al was het bij gebrek aan beter – en zei dus volmondig ja. Een Borlée-momentje in onze familie, dat zag ik wel zitten. Helaas weerhield een hamstringblessure Seppe ervan om zelf te lopen en nam hij dus de rol van coach Jacques Borlée voor zijn rekening, een rol die hij met veel toewijding vervulde.

De opwarming
Opwarmen is doorgaans niet aan mij besteed. Voor een explosieve race van 5 kilometer is dat wel aangewezen. Ik volg dus gedwee het advies van Seppe om in de regen met een jasje wat op en neer te lopen, want dat is blijkbaar wat opwarmen inhoudt. Ik doe dat met mijn trailschoenen langs het parcours. Warm lopen is geen overbodige luxe. Het regent hard, de lucht is grijs en de wind van de partij. Volgens mijn coach is dit het ideale cross-weer en wie ben ik om hem tegen te spreken.

De callroom
Vooraleer de 48 vrouwen van mijn reeks op de startzone worden losgelaten, moeten we wachten in een callroom. Een grote witte tent, waar officials spikes controleren, je je chip aan je schoen bevestigt en je vervolgens officieel geregistreerd wordt door over een mat te lopen. De callroom-tent is hermetisch afgesloten. Je moet op tijd aanwezig zijn en de klok telt af tot je er weer uit mag. Nagelbijten voor mij, want ik ben behoorlijk onder de indruk van het hele gebeuren. Zo dadelijk zou ik voor het eerst op spikes gaan lopen. Zou ik dat wel kunnen? Tot overmaat van ramp blijk ik ook willekeurig geselecteerd te zijn om bij wijze van test (die generale repetitie voor het EK dus) samen met 4 andere vrouwen officieel voorgesteld te worden aan het (op dat moment afwezige) publiek. Een mens zou voor minder stress krijgen.

De startzone
De flappen van de tent gaan open. We mogen eruit! Aan de startzone krijgen we nog de kans om wat warm te lopen. Eindelijk kan ik dus voelen hoe die spikes lopen op een drassig grasveld. Het gevoel zit gelukkig meteen goed. Ik kan gewoon lopen zoals ik dat gewend ben, de spikes geven me alle grip die ik nodig heb op de zompige ondergrond. Tijd voor mijn acte de présence als zogenaamde topper (ahum) die op een officiële aankondiging mag rekenen. Ik krijg instructies van de cameraman hoe ik naar het grote scherm toe moet lopen en waar ik halt moet houden om goed in beeld te komen. Op dat moment wil ik er juist alles aan doen om helemaal niet op te vallen, om op te gaan in de menigte en te verdwijnen in de anonimiteit. Helaas. Ik voel me zowel diep gegeneerd als vereerd en ik probeer toch het moment te pakken.

De modder 
Veldlopen of crossen in België dat wil zeggen in de modder lopen, vechten tegen de blubber op een stuk grond of veld waar je geen grasspriet meer in herkent. Nu heb ik behoorlijk wat ervaring met modder in een bos, maar modder in een park is toch van een heel andere orde. Het is vooral heel veel nattigheid waar je enkeldiep in wegzakt. Vettige modder die zo nat is dat je na een paar passen volledig besmeurd bent. Een pap die er alles aan doet om je lichaam naar beneden te trekken. Een zware beproeving die ook het kind in je wakker maakt.

TWUJ5341

De spike
Door modder lopen doe je dus op spikes: minimalistische loopschoentjes waarin je vier pinnen draait die houvast geven in een zompige ondergrond. Ik kan jullie vertellen dat het een systeem is dat echt werkt. Een klassieke loopschoen met wat profiel in de zool kan die stabiliteit niet evenaren. Ik liep met best veel vertrouwen, maar wel net ietsje behoedzamer door de bochten. Hoogmoed kan al eens voor de val komen. Seppe regelde trouwens spikes voor mij en, toeval of niet, hij koos voor Nikes. De Nike Zoom Rival Distance zijn bij deze getest en goedgekeurd!

De start
Het moment van de start pakken, ik hou daar van. Niks doseren dus de eerste kilometers van een duurloop, maar gewoon meteen fors het gaspedaal indrukken om dan een goed bollend tempo te vinden. De startstrook die we hier voorgeschoteld krijgen is er eentje om in te kaderen: tientallen meters breed, lichtjes naar beneden hellend om dan meteen omhoog te knallen. Mijn explosiviteit is duidelijk een werkpunt. Ik moet harken om de eerste 100 meter aansluiting te blijven houden met het pak. Gelukkig merk ik na ongeveer 200 meter en een eerste helling dat mijn motor goed aanslaat. Ik ben gelanceerd en het enige wat ik nu moet doen is blijven doorduwen. Alles geven! Dat is wederom de raad van Coach Seppe.

De race
Mijn individuele race bestaat uit 5 kilometer met veel draaien en keren, pittige hoogtemeters en modder dus. Veel modder. De eerste ronde is er eentje van een kilometer. Ik ga hard. Bergop kan ik wat vrouwen inhalen. Die eerste kilometer loop ik aan 4’10”, wat me vertrouwen geeft. Ook de tweede ronde kan ik behoorlijk goed tempo blijven maken. Ik loop in 8e positie. De derde en vierde ronde zijn elk 1,5 km lang en bevatten dus nog wat extra venijnige lusjes en klimmetjes. Na 3,5 km zie ik sterretjes. Dit is zo hard niet mijn afstand! 5 kilometer is te lang om mijn kruissnelheid op een zwaar geaccidenteerd parcours te blijven aanhouden en te kort om in een gelijkmatig tempo te kunnen vallen. Bovendien wordt het parcours meter per meter zwaarder. De laatste anderhalve kilometer is echt sterven, maar ik slaag erin om mijn 8e plek te behouden. Een top 10 plaats op een Belgisch Kampioenschap: ik kan er alleen maar heel tevreden mee zijn.

De chip
Na de finishzone worden we terug naar de tent geleid waar we de chip van onze schoen moeten losmaken. Ik heb mijn veters stevig gestrikt. Logisch toch? Een spike moet blijkbaar goed strak zitten en je wil echt geen schoen verliezen in de modder. Met mijn modderige en verkleumde handen probeer ik mijn dubbele knoop los te peuteren. Na heel wat gewrik kan ik alleen maar concluderen dat er geen beweging in te krijgen is. Mijn veters en dus mijn chip zitten muurvast. Een volgende stresspiek dient zich aan. Ik word verwacht in die vervloekte callroom voor het aflossingsnummer! Iemand van de organisatie probeert mij te helpen, maar ziet als enige oplossing “couper”. Niet dus, met de moed der wanhoop blijf ik 10 minuten lang pulken en trekken aan mijn veters tot er schot in de zaak komt en ik de chip kan inleveren.

De aflossing
De mixed relays worden gelopen in teams van 2 mannen en 2 vrouwen die elk 1 kilometer voor hun rekening nemen. Aan teamgeest geen gebrek bij DCLA, ook al ontmoet ik mijn teamgenoten voor het eerst. Vanuit de callroom gaan we weer richting startzone. De sfeer is ontspannen. We worden verwacht bij het grote scherm om als team voorgesteld te worden. Een echte team-move hebben we niet, dus ik stel voor om gewoon overtuigend te zwaaien. Er staan slechts 7 teams aan de start, een podiumplaats zou tot de mogelijkheden behoren. Startloper Loïc loopt meteen hard van stapel en geeft in tweede positie het spreekwoordelijke stokje door aan Mona die eveneens als een kanonskogel haar kilometer als tweede aflegt. En dan is het aan mij om de eer van DCLA te verdedigen. Ik geef alles wat erin zit. Het parcours ligt er weer wat zwaarder bij en, eerlijk is eerlijk, ik zie af. Ik word voorbij gelopen door Caroline die me ook versloeg op het individuele nummer. Uiteindelijk kan ik als derde wisselen met Steven, een man met tonnen ervaring die de bronzen plaats voor team DCLA kan consolideren.

De podiumceremonie
En zo behaal ik dus als lid van een team een bronzen medaille op een Belgisch Kampioenschap. Voor het slotakkoord van deze regenachtige zaterdag gaat het weer richting callroom. Ik kan die tent inmiddels echt niet meer zien of ruiken. We worden in formatie verwacht voor de podiumceremonie. Hier hebben we al die jaren keihard voor getraind, zou je dan kunnen zeggen, maar bij ons ligt het net ietsje anders. Het zijn de teams van Rieme en Lokeren die beslag leggen op het goud en zilver. Hoe dan ook klinkt het Belgische volkslied. We zetten onze petjes af en vooral Loïc en ik zingen luidkeels mee. Wat een dag!

OFNX4827

De conclusie
Ik wist op voorhand niet wat ik ervan zou mogen verwachten, maar ik kan alleen maar positief terugblikken op dit avontuur. De cross is als (marathon)loper een leuke uitlaatklep: eens iets helemaal anders, goed om kracht en explosiviteit te trainen. De meeste veldlopen zijn trouwens wat langer dan 5 kilometer, wat mij net wat beter zou moeten liggen. Mede door de zware omstandigheden – die eerder in mijn voordeel spelen – was ik stikkapot aan de finish, maar voelde ik me ook verbazingwekkend snel weer hersteld. Ik zat ’s avonds niet met loden benen in de zetel, wel met benen die door de modder hebben gewroet. Papa, Hans en Roos testten trouwens de supportersbeleving. Hoewel een cross door het compacte parcours heel wat spektakel kan bieden, viel dat hier toch tegen. De organisatie had in de generale repetitie weinig aandacht voor de supporter, wat resulteerde in een namiddagje koukleumen voor gevorderden. Ik heb in de cross niet mijn nieuwe roeping als loper gevonden, maar aangezien ik nu een wedstrijdlicentie, CrossCup-startnummer en spikes heb, is de kans reëel dat ik me in 2024 nog eens aan wat crossen in de buurt waag.

Het moment – Hoe het de afgelopen tijd liep

Ik dacht dat als ik niet zou trainen voor de Hel van Kasterlee ik in november zeeën van tijd zou hebben. Ik had gehoopt dat ik absoluut geen last zou hebben van kou en nattigheid. Dat ik bespaard zou blijven van het leed dat wintertenen heet. Ik zou elke novemberdag fris en monter aanvatten. Ik zou boeken lezen aan de lopende meter. Ik zou zenner dan zen zijn. Ik zette de maand hoog in met een heel ontspannende herfstvakantie. Geen mountaibikestage om kilometers te malen, wel veel zeteltijd en een tripje naar Oostende. Ik kwam écht tot rust. Ook zonder voorbereiding op de zwaarste winterduatlon bleek november echter een pittige maand te zijn, ongetwijfeld de natste sinds 1985. Ik zag af tijdens mijn woon-werkverkeer op de fiets. Op school was het als vanouds koud waar niet tegenop te kleden valt en alle hens aan dek om het werk rond te krijgen. Lopen deed ik ook vaak in gure omstandigheden. Gelukkig was er voldoende tegengewicht om het najaarsleed te verzachten, in de vorm van sportief plezier en herfstige gezelligheid.

Laat ik jullie meteen maar geruststellen: Juan leeft nog, maar sinds de maanden eindigen op -ber hebben we samen helemaal niets meer ondernomen. Ik zou het kunnen wijten aan de lekke achterband waar hij nu al een maand of 2 mee in de veranda staat te staan. De waarheid is dat mijn mountainbikehonger momenteel onbestaande is. Bovendien kan ik die lekke band niet anders dan als een teken van bovenaf beschouwen: een herinnering aan mijn bewogen Hel-editie van 2021 en nog maar eens het bewijs dat het materiaalgedoe van de fietser niet aan mij besteed is. Ik heb het me met andere woorden nog geen seconde beklaagd dat ik niet deelneem aan de Hel. Al fiets ik natuurlijk nog heel wat kilometers bij elkaar. Tony, mijn trekkingfiets, ziet er dan ook uit alsof we dagelijks in het bos gaan crossen, de modderduivel in hoogst eigen persoon die geen meter off-road aflegt. De nieuwe fietssnelweg tussen Boutersem en Leuven (waarover later meer) heeft mijn fietsritten naar een hoger niveau getild, maar Tony ziet zonder meer af.

Een tweede geruststelling: ik loop nog. Uiteraard! Ik heb zo lang mogelijk proberen na te genieten van die ongelooflijke dag in Antwerpen: de winst in een marathon en een nieuw PR. De weken nadien probeerde ik het wat rustiger aan te doen. Niet trainen, gewoon gaan lopen. Mijn hamstrings- en bilspieren bleven hardnekkig hun best doen om zich te laten voelen. Het leek hallucinant dat ik zo’n lang stuk had kunnen lopen aan zo’n stevig tempo. Ik probeerde het allemaal wat meer te nemen zoals het komt. We zien wel. Al wilde ik er wel staan bij die andere highlight van het najaar: de halve marathon van Kasterlee, een vaste waarde op de loopkalender van Team Odeyn. Vorig jaar scheen de zon en kon ik er de overwinning op mijn naam schrijven, toch wel mijn mooiste van 2022. Dit jaar was eens zo bijzonder omdat we met een heel uitgebreide familie-delegatie aan de start stonden.

SLWK3348

WIQA9914b

IMG_2895b

Op voorhand kon ik me niet voorstellen dat ik 21,1 kilometer lang snelheid zou kunnen maken op een verraderlijk off-road parcours. 3 weken na de marathon was ik redelijk hersteld, maar trok er wel nog één en ander. Ik had dus geen idee wat ik mocht en kon verwachten. Veel zo bleek. Ik denderde door de modder op mijn ooit citroengele Nikes. Ik schoof ook heel wat af omdat ik niet met trailschoenen liep. Uiteindelijk won ik in een tijd van 1u29! Marike maakte haar debuut in Kasterlee, net zoals Hans die een ijzersterke tijd liep. Roos genoot met volle teugen van haar debuut als haas. Papa maakte dan weer zijn comeback, eentje die naar meer smaakte. Seppe werd in stijl tweede. En ik besefte nog maar eens wat een gelukzak ik ben om zo goed omringd mijn sportieve avonturen te kunnen delen.

Inmiddels voelen mijn hamstrings weer wat soepeler aan dankzij een groot onderhoud bij mijn kinesitherapeut. Een opluchting, want er staat nog behoorlijk wat op de sportieve planning om de staart van 2023 in te vullen. Om te beginnen is morgen een bijzondere dag in mijn loopcarrière. Ik maak namelijk mijn debuut op spikes, in de cross, met een wedstrijdlicentie op een Belgisch Kampioenschap én een aflossingsnummer. Op vraag van Seppe ben ik deel van het mixed relays team van DCLA en zal ik dus 1000 meter lang alles geven in het park van Laken om de clubkleuren te verdedigen. Aangezien ik dan toch ter plaatse ben, heb ik me meteen ook ingeschreven voor het individuele BK cross bij de masters: rondjes lopen door de modder met wat hoogte en dat over een afstand van 5 kilometer. Het wordt een klein beetje sterven, dat weet ik nu al. Een nieuwe loopuitdaging waar ik zowel met angst en beven als met een gezonde honger naar avontuur tegenaan kijk.

Iets minder ver buiten mijn comfortzone ligt dan weer de Meerdaalwoudtrail waar ik volgende zaterdag aan de start zal staan. 44 kilometer door het bos lopen past net iets meer in mijn straatje. Zij aan zij met Sam trouwens, die altijd in is voor een trailavontuurtje. Roos is ook van de partij en loopt de 30 km met ultra-loopmaatje Joni. Blijkbaar kan en wil ik de modder van december toch niet helemaal missen. Op de laatste dag van het jaar hoop ik weer eens ouderwets te knallen op asfalt. Na enkele jaren afwezigheid loop ik dan de 12 km van de Eindejaarscorrida in (mijn semi-hometown) Leuven. Aan decemberplannen geen gebrek dus. Wordt vervolgd!

Marathonpraat – Voorbeschouwing op Antwerpen van Sam

Over een week staan Sam en ik aan de start van de marathon in Antwerpen. We leerden elkaar anderhalf jaar geleden kennen in aanloop naar de marathon van Parijs. Het smeedt een band: samen staan klappertanden in een startvak op de Champs Elysées. We vonden elkaar als vrienden en loopmaatjes. Sindsdien liepen we nog drie marathons samen. Het is te zeggen: we vertrekken samen, maar het 27-jarige fenomeen Sam Niyonzima finisht ruim voor mij. Antwerpen wordt zijn vijfde marathon. Reden tot feest dus, ook omdat Antwerpen voor Sam toch een soort thuismatch is. Naast een ijzersterk marathon-PR van 2u47, schudde hij dit jaar ook nog een 1u13 op de 20 kilometer van Brussel uit de benen én mag hij zich sinds kort de snelste advocaat noemen. In Antwerpen is Sam echter meer dan ooit een man met een missie: onder de 2u45 lopen is het doel.

Mijn kant van het verhaal is dat er met Sam in je leven altijd iets gebeurt. Er is altijd iets gaande, er valt altijd iets te vertellen. We deelden dit jaar al veel emotioneel bewogen (sportieve) momenten, enkele knotsgekke avonturen en een memorabele autorit van en naar de Vogezen. Of het nu eerder het diepgravende dan wel het luchtigere werk is: we hebben altijd iets te bespreken. Sam is iemand die heel graag leert en proeft van het leven. Dat werkt aanstekelijk. Als de onbetwiste old one van ons twee ben ik dan ook mee met het reilen en zeilen in het Brusselse advocatenwereldje en de techno scene. Ik weet ook hoe het is om te communiceren met spraakberichten of FaceTime en kon zo meegenieten van een beklimming van de Tafelberg in Zuid-Afrika. Hoe Sam naar de marathon van Antwerpen toeleeft, vertelt hij jullie graag zelf.

77006171-6bf2-4eb1-8594-ba749e0222c4

Ik train nog steeds met een trainingsschema op basis van hartslag. Eind juli ben ik terug specifiek beginnen trainen voor deze marathon. In de zomer ging dat heel goed. Ik liep nooit eerder zoveel kilometers in de voorbereiding van een marathon: rond de 1000 kilometer in 3,5 maand. In juli liep ik 330 kilometer, een record! De 50 kilometer trail in Houffalize begin juli was heel zwaar, maar ik ben naar mijn gevoel snel hersteld. Mijn lichaam kon de trainingen goed aan. Ook in augustus liep ik veel. Ik ging heel diep bij de 16 kilometer van Dwars door Zaventem onder andere. Op vakantie in het Zwarte Woud kon ik heel mooi lopen, maar maakten de hoogtemeters het ook zwaar. Ik heb toen misschien een beetje te veel gedaan. Een week na mijn vakantie begon ik last te krijgen van mijn achillespees. Ermee lopen lukte niet. Dus toen heb ik veel oefeningen gedaan en dat hielp wel. Na 10 dagen looprust was ik begin september in Berlijn en daar ging het gelukkig weer veel beter. De afgelopen drie weken heb ik telkens meer dan 80 kilometer per week kunnen afwerken.

Mijn doel is om in Antwerpen onder de 2u45 te lopen, dat betekent een gemiddelde snelheid van 3’53” per kilometer. Ik kijk uit naar de ervaring. Het is de eerste marathon in eigen land sinds mijn marathondebuut in 2021. Ik heb geprobeerd om zoveel mogelijk supporters op te trommelen. We zullen dus zien of ze ook in grote getalen komen opdagen. Bij deze een warme oproep aan de lezers van de blog om ons te komen aanmoedigen. De finish ligt aan het MAS. Ik weet niet zo goed wat ik van het parcours en de marathon mag verwachten. Met een 1000-tal deelnemers is het een relatief kleine stadsmarathon, dus we zullen zien. Het is niet zoals Parijs, Amsterdam of Rotterdam waar je op het einde nog tussen volk loopt. Ik vrees dat het nu een eenzame wedstrijd zal zijn. Op het einde zijn er dan ook nog eens heel veel bochten, wat allesbehalve ideaal is, dus het zal niet simpel zijn om onder die 2u45 te lopen. Ik heb wel veel zin om het avontuur aan te gaan, aangezien ik me met die tijd kwalificeer voor de marathon van Berlijn in september 2024. Om daar samen met Joke aan de start te kunnen staan, is toch een extra motivatie om er in Antwerpen alles uit te halen.

c0348a23-ab99-4f3b-a9ad-f1e006425dc4