Klein geluk #6 aan de Noordzee

Ze zeggen dat je ofwel voor de zee ofwel voor de bergen bent. Kiezen is soms verliezen. Aangezien ik dankzij mijn trailervaringen ondertussen een klein beetje kind van de bergen ben geworden, ben ik diep in mijn hart toch het meest een meisje van de zee. Ik heb van de bergen en hun hellingsgraad leren houden. De bergen zijn imposant, ietwat desolaat en altijd oppermachtig, maar mijn band met de zee dateert van mijn vroegste jeugdherinneringen*. De Noordzee blijft indruk maken op mij. In juli kon ik weer vakantie nemen in Den Haag, waar ik op een paar kilometer van het Zuiderstrand verbleef. Laat één ding duidelijk zijn: voor de betere zee-ervaring moet je in Nederland zijn waar zand en zee nog ruimte krijgen, de dijk een boulevard is en de duinen prachtige fiets- en wandelpaden herbergen. Daarom een lijstje met mijn kleine gelukjes aan de Noordzee.

  • eb en vloed, als kind vond ik het zowel fascinerend als onpraktisch, in mijn drukke planning moest ik rekening houden met een concept waarvan het nut me ontging, de fascinatie is overeind gebleven en het woord “getijden” is sowieso een overpeinzing waard
  • golven maken van de zee de zee en geen grote plas water, en ja – ik weet het – dat is wetenschap, maar ik kan nog steeds naar de golven staan kijken alsof het een bovennatuurlijk verschijnsel is dat ik voor de eerste keer aanschouw
  • het schuim van de zee is niet het soort schuim dat je in je bad wil, het is schuim van de natuur, schuim dat zo dik kan zijn dat het aanspoelt op het strand of zelfs in dikke vlokken wegwaait
  • als kind was mijn favoriete strandactiviteit schelpen zoeken, ik kon heel lang wroeten en turen in een hoop schelpen om er de meest kostbare uit te vissen voor mijn verzameling (als ik wenteltrapjes vond was mijn dag geslaagd), uit nostalgie neem ik nog steeds altijd wat willekeurige schelpen mee
  • met zand ga ik niet meer actief aan de slag om kastelen te bouwen, wel kijk ik graag hoe anderen het aanpakken en hoe ze met vuur hun fort verdedigen (je kan er niet omheen dat dit een papa-ding is)
  • ik hou nog steeds van sporen zoeken, volgen en zelf maken: zowel in ongerepte stukken zand, als in een volledig omgewoeld strand
  • blote voetjes in het zand is een must, of het zand nu droog, medium-nat of modderig-nat is: aan water geen gebrek om ze af te spoelen
  • het woord strandwandeling dat schreeuwt gewoon gezelligheid en romantiek, ook als je in je eentje bent, met of zonder zonsondergang
  • (hard)lopen langs en over het strand, met de wind pal op de neus of in de rug, ik krijg daar altijd kriebels in mijn buik van, hoe zwaar het ook kan zijn
  • honden die over het strand lopen lijken altijd blij te zijn, of ze nu wel of geen stok met zich meedragen: je herkent ze aan hun glimlach van oor tot oor
  • de duinen waren in mijn kindertijd nog vrij toegankelijk, hier kon ik praktisch gezien weinig mee wegens te veel zand, wat me altijd zal bijblijven is het educatieve verhaal van helmgras (het woord alleen al)
  • ik zat in familieverband nooit achter een windscherm of onder een parasol, wij waren de actieve familie die genoeg had aan een groot deken als uitvalsbasis om ons zandspeelgoed uit te stallen
  • in mijn tienerjaren hield ik ervan om te lezen op het strand (een keienstrand langs de Engelse kust leende zich daar uitstekend toe), inmiddels mis ik dan toch een stuk meubilair om mijn rug te ondersteunen
  • de vedetten van de zee dat zijn natuurlijk de meeuwen die heer en meester zijn over het water en het zand, niets ontsnapt aan hun nauwlettend oog, het zijn zowel voyeurs als dieven als luchtkunstenaars
  • zwemmen in zee is mijn ding niet (meer), ik kan wel met veel verbazing kijken hoe anderen zich bezighouden op het water: met een scherm, een plank en de wind kan je echt heel veel, al vraagt het wel wat oefening
  • dé Nederlandse ontdekking dat is het strandpaviljoen, in de volksmond de strandtent genoemd: met zicht op zee een glaasje drinken, wat wind erbij, altijd genoeg om naar te kijken, wat een leven!
  • mijn liefde voor de zee weerspiegelt zich tegenwoordig ook in een liefde voor maritiem geïnspireerde kleding, denk: streepjes, schelpen, ankers en een heerlijke retro-vibe
  • het geluid van de zee mag er absoluut wezen, maar aan zee naar een liedje over de zee luisteren is ook aan te raden: mijn favorieten zijn Gente Di Mare van Umberto Tozzi, De zji van Ertebrekers, Heist aan Zee van Bart Peeters en natuurlijk La mer van Charles Trenet
  • als ik in Den Haag naar zee fiets, voel ik meter per meter dat ik mijn doel nader: door de toenemende wind, de zilte geur en de woningen die er steeds meer “zees” gaan uitzien
  • ik heb nooit begrepen waarom mensen, van zodra het maar een beetje warm wordt, in de auto stappen en naar de zee rijden: als kind leek de autorit naar zee alsof we op wereldreis waren, de opluchting als we er ein-de-lijk waren was er eens zo groot om

*we spreken over de tijd dat een appartement op de dijk van De Haan in de paasvakantie nog betaalbaar was voor een modaal gezin met vier kinderen

IMG_2297b

IMG_2293

IMG_2538b

IMG_2484b

IMG_2546b

Het moment – Zes dappere lopers in Houffalize

Houffalize, zaterdag 8 juli – 15u. De 6 lonkt. Ik heb al 59,5 kilometer gelopen. De temperatuur schurkt tegen de 30 graden aan. Samen met een niet te lessen dorst loop ik ook al uren rond met een ongemakkelijk gevoel in mijn buik. Ik loop niet meer met vaart, maar ik loop nog wel. Nu over een lang zanderig pad. Ik kijk uit naar de laatste bevoorradingspost op kilometer 60. Als ik de 6 zie, kan ik echt aan de finale beginnen, ook al zal die langgerekt zijn. Plots doemt daar een bekend gezicht op. Het is geen fata morgana, maar mijn papa die gehuld in zijn zwarte shirt van De Jogclub met mij mee loopt tot aan de bevoorrading. Volgens hem is het nog 800 meter tot de post. 800 meter klinkt onnoemelijk ver weg. En toch ben ik blij. Ik kan dit aan. Ik zal deze klus klaren. Ik loop bovendien in tweede positie en ik ben vastbesloten om die plek niet meer uit handen te geven. Ik zal blijven doorgaan. De 6 is een feit. Ik bereik de post. Ook mama en Niko zijn van de partij. Ik krijg nog een laatste peptalk om de laatste 9 kilometer aan te vatten.

Het is moeilijk te vatten wat deze dag al gebracht heeft. Een geanimeerde start waar ik Roos voor het laatst zie. De intro met Sam en Pieter, wat een plezier! 2 uur lopen met de Hoka boys aan mijn zijde. Na 19 kilometer afscheid van Sam bij de splitsing voor de 50 kilometer. Er volgt ook een afscheid van Pieter, dat toch wel zuur is omdat hij zich niet goed voelt. Na 4 uur lopen is er dan het besef dat ik er nu helemaal alleen voor sta. De goede vibes zullen dus van mezelf moeten komen. Gelukkig volgen er ook veel spontane ontmoetingen met medelopers. En jongens, wat is het warm! Soms voel ik gewoon een warme zon, soms lijkt het alsof ik door de Sahara loop, opstuivend zand incluis. Ik heb zoveel meegemaakt. Dat schiet nog eens door mijn hoofd als ik ein-de-lijk de allerlaatste afdaling inzet en richting de vertrouwde stem van speaker Hans loop. Ik loop 69,5 kilometer in 8 uur en 22 minuten, net zoals vorig jaar goed voor een zilveren medaille.

Ik beloofde jullie een rijke oogst aan trailverhalen. Ik ben namelijk slechts één van de zes of één van de velen. Roos deed het schitterend en was een uur sneller dan vorig jaar. Ze liep een stukje verkeerd en overschreed daardoor de kaap van de 70 kilometer. Dankzij haar superkrachten, een geweldige metgezel én een waterijsje haalde ze de eindmeet. Sam zag sterretjes en ging heel diep om zijn eerste 50 kilometer te kunnen finishen. Pieter moest helaas het avontuur staken na 46 km met maagklachten. Er is ook het sprankelende debuut van Marike en Niko op de 17 km dat naar een vervolg snakt. Er zijn nog veel meer dappere lopers wiens trailavontuur het onze kruiste. Voor nu alvast een heel dikke dankjewel aan onze entourage. Het is hard labeur: een dag rondrijden, aanmoedigen, helpen en er simpelweg zijn op zoveel momenten. Zonder jullie geen Team Trail.

Drie dagen later voel ik me verbazingwekkend fris. Ik kan tal van externe factoren aanwenden om dat te verklaren, maar ik durf ook te zeggen dat mijn lichaam steeds beter went aan zulke monsterlijke inspanningen. In afwachting van het raceverslag kan ik al één spoilertje weggeven: ik verloor liters zweet en een minimum aan bloed omdat ik maar één keer ten val kwam. To be continued!

Het moment – Het schooljaar in een notendop

Vandaag weerklinkt voor het laatst de schoolbel en breien we een eind aan schooljaar 2022-2023. Elk schooljaar is uniek op een eigen manier. Omdat het onderwijslandschap zich in woelige wateren bevindt, maar ook omdat elke klas weer op andere golven drijft. Go with the flow! En bij gebrek aan stroming blijf je gewoon lekker dobberen. Eén ding weet ik zeker: laat je vooral niks wijsmaken, er zit absoluut toekomst in de jeugd van tegenwoordig. Hier volgt een greep uit wat me zal bijblijven van het afgelopen schooljaar.

  • Mevrouw, heeft u al eens een monsterboete gehad? Mevrouw, vindt u dat een knappe man? Leerlingen kunnen heel directe vragen stellen, bijvoorbeeld als je ze uitlegt wat een monsterboete is of als je een reclameposter met man onder de douche bespreekt.
  • De interessante klasgesprekken over wat het betekent om Belg te zijn, in welke mate onderwijs ook opvoeding is of het nut van de pedagogische tik.
  • De openheid van leerlingen, zoals de 17-jarige jongen die nog steeds verwend werd met Sinterklaas: Ja, maar dat is gewoon omdat mijn ouders zich 12 jaar na de scheiding nog steeds schuldig voelen.
  • De origineële spelfouten, bij werkwoordsvormen geldt doorgaans: bij twijfel doe iets met een d! Zo krijg je dus bestondt, werdt, heefd, deedt, legd en hoord. Heel gek. Het Ros Beiaard werd het Ros Bejaard. En euthanasie is toch eigenlijk uithanasie.
  • De verwarring van dementie en dimensie. Hij kwam van een andere dementie. Mijn oma leed aan dimensie. Duidelijk toch?
  • De conclusie dat Duits een hoekige taal is.
  • De mooie verhalen over literatuurbeleving. Een meisje las Bezonken rood van Jeroen Brouwers omdat het haar Oma’s lievelingsboek was. Een jongen vertelde hoe hij met zijn ouders een boekenvergadering hield om te beslissen welk boek hij zou lezen. Een andere jongen koos in de bib altijd voor boeken met blauwe letters op de cover.
  • De integratie van Engelse werkwoorden, interacten en judgen zijn bijvoorbeeld helemaal ingeburgerd in het Nederlands van jongeren. Ze maken soms zelfs een vertaalslag van het Nederlands naar het Engels. Zo kwam een leerling tijdens een groepswerk vragen wat “met gezwinde pas” betekende, waarop ik “snel of haastig” zei. Komt hij terug bij zijn vrienden en zegt: ja guys, dat betekent zo smooth.
  • De promotiecampagne van Air Up drinkflessen werpt duidelijk z’n vruchten af. Ik zag ze in alle kleuren op de banken verschijnen, vaak met bewonderende blikken van klasgenoten. Heel fijn dat onze kinders daardoor meer water drinken.
  • De populariteit van Vinted is eveneens een feit. Ik deed in elke klas een kleine rondvraag en daaruit bleek dat toch 3/4 van de leerlingen (jongens en meisjes) wel eens kleding kocht of verkocht via de app.
  • De intrede van de afritsrok. Ik kende natuurlijk een afritsbroek, maar zag dit schooljaar ook voor het eerst een rokversie. Heel apart.
  • De hoodie is nog steeds helemaal in. Eén van mijn klassen noemde ik eens de hoodie-club toen op een dinsdagochtend maar liefst 18 van de 23 leerlingen een trui met kap droegen.
  • De skinny jeans is helemaal passé. Tegenwoordig draag je een broek liefst zo baggy mogelijk. Voor de ultieme baggy experience kan je best niet alleen een écht breed model kiezen, maar neem je dat ook nog eens twee maten te groot. Succes verzekerd.
  • De totale afwezigheid van kraagjes. Ik zie slechts sporadisch eens een blouse of hemdje met een kraag. Gelukkig doe ik als fan van de kraag heel erg m’n best om dat gemis te compenseren.
  • De hoofdtelefoon draag je als een halssieraad. AirPods lenen zich dan weer uitstekend als oordecoratie. Ik wil niet weten hoe vaak ik de afgelopen 10 maanden vroeg om alsjeblieft die hoofdtelefoon of oortjes op te bergen.
  • De batterijen van laptops, dat zijn wispelturige beestjes! Zelfs na een hele nacht opladen geven ze er de brui aan na een lesuur. De adapter is stuk, het stopcontact werkte niet… er zijn tal van redenen waarom de laptop (verplichte kost bij ons op school) niet opgeladen is. Gek genoeg doen die problemen zich nooit voor bij de batterijen van smartphones.
  • De smartphone als ultiem communicatiemiddel, zowel bij leerlingen als hun ouders. Ik nam de gsm af van een jongen en gaf hem bijgevolg een nota in Smartschool. Nog geen halve minuut later kwam op de gsm een berichtje binnen: Gij, stommerik! Hebt ge nu weer uw gsm in de les gebruikt! De vader had duidelijk zijn meldingen ingeschakeld op zijn eigen smartphone.

Het sonnet anno 2023

Maar mevrouw, gedichten zijn zo vaag en diep! Toch weten mijn leerlingen van het vijfde jaar wel wat te doen met een poëtische opdracht. Zo ook met het sonnet dat ze een nieuwe, frisse jas moesten geven. Ik gaf hen de keuze uit 10 bekende (vertaalde) sonnetten van onder andere Jan van der Noot en Joachim du Bellay. De opdracht was om het sonnet modern te maken zodat het helemaal 2023 klonk. Artistieke vrijheid was een must om de beelden en inhoud te actualiseren. De taalregisters mochten volledig opengetrokken worden. De enige voorwaarde was dat het herwerkte sonnet nog steeds de typerende vorm van 14 regels had.

Euh, mevrouw?! Wat is een sonnet eigenlijk? Het sonnet is een klassieke dichtvorm die door de strakke structuur en opbouw dé dichtvorm bij uitstek was tijdens de renaissance van de 15e en 16e eeuw. Sonnetten gingen meestal over de Grote Thema’s des Levens, denk aan: de liefde en de dood, doorspekt met een vette vleug nostalgie. Renaissancedichters maakten gretig gebruik van beelden uit de natuur en stijlfiguren zoals de paradox en tegenstelling om contrast te creëren. Enige vorm voor dramatiek was hen daarbij niet vreemd. Zo schreef de Italiaan Francesco Petrarca in de 14e eeuw honderden sonnetten over zijn onbeantwoorde en dus redelijk onmogelijke liefde voor Laura.

Er schuilt een stukje Petrarca in ieder van ons. Met trots publiceer ik hier vijf hertaalde sonnetten.

Liefde is muziek door je airpods zonder iets te horen
Het is geen bereik hebben, maar toch TikTok kijken
Het is springuur hebben, maar toch vroeg opstaan
Het is als de Kardashians zonder drama

Het is een tatoeage nemen ondanks de pijn
Het is als chatten met je vrienden alleen in je kamer
Het is genieten van quarantaine in tijden van corona
Het is denken aan Rock Werchter tijdens de examens

Het is studeren en er plezier uit halen
Het is de opmerkingen van een leerkracht liefhebben
Het is Selena Gomez met maar 3 volgers op Instagram

Maar hoe kan de mens de liefde liken en disliken
En het toch sharen met elkaar
Ondanks alle comments?

Vicky, Lena & Luka naar Francesco Petrarca
Gelukkig als een gepensioneerde, die veel heeft gewerkt
Of als een student, die door de wereld reist
En wijsheid en voldoening vindt in zijn bestaan
En nu geniet van het leven op zijn eigen manier.

Wanneer zal ik de geur van kebab weer ruiken
boven de straten van mijn geliefde stad
De pleinen en cafés, waar ik ben grootgebracht
die onvergelijkbaar zijn met de duurste villa's

Die vertrouwde plek, waar ik ben opgegroeid
Die oude buurt, die nu zoveel verandering heeft ondergaan
Meer dan die moderne huizen met hun luxueuze interieur

Meer dan de skyline van een grote wereldstad
Meer dan de schittering van een exotische zonsondergang
Meer dan het avontuur op onbekend terrein

Daan & Ayoub naar Joachim du Bellay
Sonnet 130

Mijn lief, je hebt geen ogen waarin je kan verdwalen
Lippen als stijve lijntjes op elkaar
Geen huid gebruind door warme vakantiedagen
Sluik en doordrenkt door de regen is jouw haar

Op Instagram zag ik de kaaklijn van Angelina Jolie
Niet te vergelijken met jouw bolle wangen
En zelfs de geur van mijn aftershave trekt mij meer aan
Dan de lucht die jij in de kamer laat hangen

Ook al vind ik het fijn om jouw stem te horen
Ga ik toch liever naar een foute fuif
En al loopt een model met een rechte rug, hoofd naar voren

Slenter jij door de straten, lichtjes voorovergebogen
En vraag jij je nu af, waarom blijf ik jou trouw?
Wel, er is niemand anders waar ik meer van hou

Lilith & Layla naar William Shakespeare
Ik zag mijn schoonheid in de avondschemering
In het donker, zittend vanachter
Van de bus, alleen, lezend, schitterend
Leunend tegen het raam, de motor ronkend.

De bus stampend vol, alle ogen op haar gericht
Zon scheen op haar gezicht
Nooit eerder zag ik zoiets mooi
De statige huizen vervagend achter haar

Zo hard sprong ze uit de massa
Haar schoonheid de omgeving bestralend
Lezend in haar romantisch boek.

Zachte blik in haar ogen
Rijker dan alle crypto ter wereld
Sindsdien denk ik alleen maar aan haar.

Jonas & Wout naar Jan van der Noot
Gelukkig, als Kris Jenner, die haar familie tot de top heeft gesleurd,
Of als Wouter Beke die de kinderen niet uit hun lijden bracht,
Gegeneerd en bedroefd zijn schone reis geëindigd,
En nu in zijn gezin baalt van zijn afgelopen jaren.

Wanneer zal ik mijn gsm weer wegleggen
In die wereld van sociale media waarin ik word geabsorbeerd,
De tijd en het plezier, het doel van mijn leven,
En die geen individu aan mij kan schenken?

Die ene trui, gedragen en uniek, boeit mij meer
Dan ‘t leeuwenpak van Kylie Jenner,
Meer dan haar dure manen onze charmante wol,

Meer dan de rode diamanten van Doja Cat,
Meer dan ‘t peperdure pak van Ronaldo,
Meer mijn slay trui dan het zicht van rijkdom.

Jozefien & Lisa naar Joachim du Bellay

Het moment – De magie van sub 3

Dag allerliefste lezertjes

Ik stuur jullie even een bericht vanuit hogere sferen. Mijn beide voetjes staan dan wel nuchter op de Tiense grond (het gewone leven gaat immers verder), mijn hoofd is nog niet geland. Ik zweef ergens tussen de Euromast en de Erasmusbrug. Ik kijk uit over Rotterdam-Zuid, Ahoy en De Kuip. Ik hoor het ritmische getrommel van loopschoenen langs de Kralingse Plas. Ook het gejoel van Rotterdam Blaak tot op de legendarische Coolsingel gonst nog na. Met momenten oorverdovend, zonder volumeknop. Ik proef nog een restje chemische banaan: de eerste sportgel die ik zo rond 10u40 wegwerkte. Er tekent zich een dikke vette glimlach af op mijn rode kop, maar ook een bedenkelijke frons. Is dit echt gebeurd? Zondag 16 april waren de marathonwolken boven Rotterdam voor de gelegenheid niet roze, maar grijs. Ook zonder ideale weersomstandigheden had ik amper 2 uur 58 minuten en 15 seconden nodig om de finish te bereiken van mijn 16e marathon. Ik voel de magie van sub 3.

Intens, dat is het woord dat steeds terugkeert als ik het over de Rotterdam Marathon heb. Ook deze derde keer was het een grensverleggende ervaring. Het voelt behoorlijk onwezenlijk dat ik 37 kilometer lang bulkend van het zelfvertrouwen over dat parcours kon razen. Verbeten en met een enorme focus. Een vrouw met een plan dat wonderwel in de juiste plooi leek te vallen. Marathon mode on en gaan met die banaan! Ik kon afrekenen met mijn kwelduivels in Kralingen. Het gaat lukken! schreeuwde Roos toen ik aan mijn laatste 5 kilometer begon. De sub 3 lag voor het grijpen. Net daarom voelde ik de daver op mijn lijf. Natuurlijk deed alles pijn en sloeg de twijfel genadeloos hard toe. Ik kon de sub 3 ruiken en voelen. Ik was bang om hier en nu ten onder te gaan. Om er op het allerlaatste moment nét naast te grijpen. Het vraagt tijd om die wirwar aan emoties te sussen met Oef, het is gelukt! 

Een marathon lopen in minder dan 3 uur lijkt zowel een handvol seconden als een paar dagen te duren. Ik loop mijn race nog steeds. De droom van de sub 3 was een redelijk prille droom. Hooguit een half jaartje oud. Ondanks alles durf ik nog heel stout te dromen. Dromen zijn een houvast: mooi om na te jagen, maar het is niet per se een noodzaak om ze te verwezenlijken. Uiteindelijk loop ik marathons omdat ik zo graag loop en omdat lopen mij al zoveel moois gebracht heeft. Als dromen werkelijkheid worden, wil je dat moment koesteren, maar is het zwarte gat ook onvermijdelijk. Mijn beentjes zijn verbazingwekkend fris, het hoofd is doodop. Rotterdam heeft mij overdonderd.

Heel even dacht ik dat er weinig te vertellen was over deze race. Haha, niks van dat! Ook in mijn hoofd was het niet bepaald windstil. Jullie willen waarschijnlijk wel weten welke aparte observaties en bedenkingen er gedurende die krappe 3 uur door mijn hoofd schoten. Hoe ik met de druk van de tikkende klok omging. Hoe waanzinnig dit avontuur weer was. Wel, dat verhaal komt eraan: in geuren en kleuren, smaken zelfs, de enige manier waarop ik het kan vertellen. De bedanking krijgen jullie nu alvast. Omdat Team Sis dankzij jullie allemaal sterker dan ooit was. Mijn nummers 13 en 23009 tonen hoe immens gelukkig ik mij mag prijzen deel uit te maken van zo’n straffe equipe. You’re the best. Simply the best.

Met een diepe (ietwat stramme) buiging en een warme groet
Joke X

Het moment – Team Sis naar Rotterdam!

Ik kan heel veel redenen bedenken waarom ik zo graag marathons loop. Mijn marathonavonturen hebben er bijvoorbeeld voor gezorgd dat ik ondertussen op verschillende plekken, ver van mijn huisdeur verwijderd, op de één of andere manier thuiskom. In Rotterdam bijvoorbeeld. Het is steeds weer een blij weerzien met de stad die ik even chaotisch, bruisend als inspirerend vind. Ik kom er ook telkens een beetje thuis bij mijn goede vriendin Machteld. Zelf heeft ze helemaal niks met lopen, maar ze zal nu al voor de derde keer herberg spelen voor mij en een deel van mijn entourage. Jawel, het gaat wel degelijk gebeuren: morgen sta ik aan de start van mijn 3e Rotterdam Marathon, de 16e marathon op mijn palmares. Mijn zusjes en mama reizen mee af om me te ondersteunen op elke denkbare manier. En Sam is er ook weer bij. We kennen elkaar nu een dik jaar en dit is al de derde marathon waar we samen naartoe hebben geleefd.

4 jaar geleden zong ik luidkeels I’m still standing bij marathon nummer 10 in Parijs. Het waren turbulente jaren geweest, maar ik stond er nog steeds. Wel, de turbulentie is er niet minder op geworden. Integendeel. Ik durf niet meer luidop te zeggen dat ik er nog sta. Wat ik wel weet, is dat ik mijn beide handjes mag kussen omdat ik me nog steeds in deze avonturen kan storten. Dat die onvervalste loophonger niet is afgenomen. Dat lopen mij nog steeds zoveel geeft. Lopen is een sport voor einzelgängers, dat heb ik lang gedacht. Kilometers malen doe je uiteindelijk toch vooral alleen, net zoals die marathon tegemoet treden. Sinds mijn schoonbroertje Niko bij de Remy Boys voetbalt en Roos dus behoorlijk vaak langs de zijlijn van een voetbalveld staat, snap ik veel beter waarom het zo plezant is om deel uit te maken van een ploeg. Om als een team op dat veld te samen, iets op te bouwen en ergens naartoe te werken. Al helemaal nu de Boys vandaag hun kampioenstitel uitgebreid zullen vieren. Anderzijds besef ik nu meer dan ooit dat ik ook een soortement van team heb. Team Sis is niet alleen een ode aan mijn twee fantastische zussen (sisters, of sisjes zoals wij elkaar noemen), maar bij uitbreiding aan iedereen in mijn omgeving die mij helpt om een gelukkige loper te zijn.

ac295cd2-7492-4d60-bfd3-21270c590c87

Om die zussenliefde in marathonstijl te vieren, maakte ik natuurlijk nieuwe sweaters. Mijn inspiratie haalde ik onder andere bij het ploeggegeven door ons rugnummers te geven. Wie ons een beetje kent, weet waarom ik de trotse 13 ben, Roos als een blij ei de 12 draagt en Marike de onbetwiste 11 is. Er is nog een Odeyntje dat een sweater kreeg: Laurien, ons nichtje, wiens gespiegelde 22 een hartje is. Met mijn rijke verbeelding en liefde voor de metafoor, kost het me geen enkele moeite om heel wat symboliek in de nieuwe sweaters te verwerken. Hun gecolorblockte voorkomen is een bont allegaartje lapjes dat toch een geheel vormt. Er zitten resten sweater in van het Invaincu-project van Amsterdam, maar ook de Parijs-truien van vorig jaar én 2019 (zie het kleine Arcje op de mouw van Laurien). Je neemt immers altijd een stukje van de vorige marathons mee naar het nieuwe plan. Bovendien moest ik wat stukken “tegen de richting in knippen” en tegendraads zijn, daar hou ik wel eens van. De prachtige gezichten-stof in het voorpand staat voor de verbinding. Allemaal door middel van lijnen met elkaar verbonden. Het ene gezicht kan niet helemaal van het andere worden gescheiden.

480f464c-892b-487f-b716-3b2087cb34d7

1f553976-af4c-4b76-9ae1-f89c1c38f1b3

2a6a016d-1ae7-4ea0-a37b-7ceb0f46ff5d

De droom van de sub-3 staat nog overeind. Hoe moeilijk ik het soms ook heb, ik durf te vertrouwen op mijn marathonmodus. Makkelijk is het nooit, moeilijk kan er heel veel. Mijn vorige marathons in Rotterdam kenmerkten zich door de intensiteit. Het waren marathons waarbij ik meer dan ooit moest knokken om recht te blijven. Ik wil er nu ook voor gaan en dat is heel veel waard. Het avontuur lonkt. Bring it on! Ik denk aan Seppe, die in Berlijn op vrijdagavond kreupel uit de auto stapte, zaterdag de marathon skeelerde en zondag de marathon nét onder de 2u30 liep, gewoon omdat hij het zo graag wilde. Ik denk aan de verbetenheid van Roos tijdens haar ultra-avontuur. Aan de pitbull die in Marike huist. Ik denk aan Bashir die hoopt op goede omstandigheden om in Rotterdam zijn Europees record scherper te stellen. Ik denk zeker ook aan Koen, die ik in het najaar in Brussel kon spreken. Inspiratie in overvloed! Ik kan ook niet anders dan denken aan de Joke van 2016 die zichzelf verbaasde door onder de 3u30 te duiken en dacht dat het een verhaaltje “eens maar nooit weer” zou zijn. Daarom denk ik ook aan de Joke van 2021 die met haar 3:07 hoopte ooit eens een 3:05 te kunnen lopen. Dromen mag niet, dromen moet.

De afgelopen tijd heb ik mogen ervaren hoeveel mensen met mij meeleven naar dit avontuur. Hoe omvangrijk Team Sis eigenlijk is. Ieder formuleert op haar of zijn manier woorden ter aanmoediging of steun. Ik heb mijn stinkende best gedaan om dat allemaal ergens in mijn gekke hoofd op te slaan. 42,195 kilometer is lang genoeg om aan al die supporters te denken. Om mij geruggesteund te voelen als ik weer aan de lus des doods begin rond de Kralingse Plas, als ik sterretjes zie, als het vliegen als waggelen aanvoelt. Wat marathondag ook brengt, Rotterdam zal altijd Rotterdam blijven. Team Sis is er klaar voor!

3805e319-4f62-416e-8986-e33ef478d142

Het moment – En Roos die liep 58 kilometer

Paasmaandag 10 april 2023 – 8u10. Aan de sporthal Bart Swings in Herent hangt een ontspannen sfeertje. De 136 deelnemers aan De Jogclub Ultra staan nochtans voor een serieuze beproeving: 58 kilometer lopen over de mountainbikeroute Seppe Odeyn. Onder hen niemand minder dan Roos Odeyn. Met 5 marathons en 1 ultra-trail mag ze zich bij de meer ervaren duurlopers rekenen. Er is een officiële start en finishplek. Er is geen tijdsregistratie en dus geen eersten of laatsten. Het borstnummer vertelt wat de langst gelopen afstand van de loper in kwestie is. Nummer 42 is dan ook erg populair.

IMG_1188b

Roos Odeyn draagt met trots haar nummer 68. Naar aanloop van dit evenement bleek al dat ze in bloedvorm verkeert. Klaar om komaf te maken met elk van die 58 kilometers. Voor dat krachtexploot kan ze niet alleen rekenen op een degelijke voorbereiding en een klaargestoomd lijf, maar ook op goed gezelschap. Al lopend is dat Joni met nummer 42, misschien ook wel gekend als aanvoerder van de Remy Boys. Een voetballer die graag loopt, ze bestaan wel degelijk. Een andere aanwezige Boy is Niko, voor de support op de fiets. En dan is er nog een trio Odeynen, eveneens op de fiets (geen mountainbike). Om 9u weerklinkt het startschot. Weg zijn zij. Seppe zal als koploper de weg tonen (hij ging daags voordien extra pijlen aanbrengen), Ultrahendrik is de man in het midden en Bobby zorgt ervoor dat elke loper veilig thuiskomt.

IMG_1195b

IMG_1203b

IMG_1207b

IMG_1211b

Ultralopen vraagt een groot hart voor lopen, een gezonde dosis doorzetting en veel geduld. Aftellen heeft geen zin. Een dipje is onvermijdelijk, een klopje hier en daar ook. De benen worden steeds wat strammer. De geest steeds wat ijler. Het aantal hoogtemeters van de mountainbikeroute Seppe Odeyn mag dan eerder beperkt zijn, het blijft een hoofdzakelijk off-road gebeuren. Modder dus, veldweggetjes, grint, putten in het wegdek en de Mollekensberg langs elk mogelijk pad op en af. Ondergetekende reed zich met haar trekkingfiets meermaals vast in de modder en ging een keer onderuit in de Herentse klei. Wie wel overeind bleef was die ijzersterke Roos Odeyn. De vrouw van staal bleef er schik in hebben. Geen spierkramp kon haar stoppen. Ain’t no mountain high enough, zeker de Mollekensberg niet. Het venijn zit ‘m vooral in de aanloop naar de staart van het monster. Joni bleef steeds zijn opgewekte zelve, ook toen hij in voetbaltermen aan zijn achtste speelhelft begon. Al trommelend op haar luchtdrumstel ging Roos de laatste kilometer in. Het is weinigen gegeven om met zoveel flair een ultraloop te finishen.

Na 5 uur en 19 minuten tikten Roos en Joni het bord aan, daarmee waren ze officieel gefinisht in deze waanzinnige looptocht. 58 kilometer lopen, hallelujah wat een ongelooflijke straffe prestatie! Wat een dag! Wat een inspirerend avontuur! Jullie wisten het al, maar ik zeg het nog maar eens: Roos Odeyn is een bikkel en ik haar trotse zus.

IMG_1215b

IMG_1219b

Tegenwind, wegenwerken en een streepje muziek

Maart 2023 was niet mijn maand. Er was de belofte van het sportieve voorjaar en een zonnige lente. Plannen om naar toe te leven. Genoeg klein geluk om mijn hartje aan op te halen, om eens goed mee te lachen ook. Ik besef dat ik ergens onderweg de licht- en luchtigheid ben verloren. Misschien viel die geruisloos uit mijn broekzak tijdens een looptraining. Mogelijk waaide ze met een ruk weg als een pet waarbij de wind onder de klep schiet. Donkere wolken pakken zich samen boven mijn gemoed. Ik bevind me al langer in turbulente tijden. In het najaar was er geen ontkennen meer aan en zette ik stapjes terug. De voet moest van het gaspedaal. Weg met de vermijding, ik leerde hulp te aanvaarden. Mijn houvast was de doldwaze sportieve flow waar ik me in bevond. De ene na de andere unieke ervaring diende zich aan. Mits wat moeite leek het onmogelijke mogelijk. Ik trek gelukkig nog steeds met plezier mijn loopschoenen aan. Lopen is nog steeds wat mij blijer en frisser maakt, zoveel meer dan een uitlaatklep. Het vraagt echter steeds meer om mezelf staande te houden. Op 16 dagen voor de Rotterdam Marathon had ik dat liever anders gezien, al besef ik ook dat het nu eenmaal niet anders is.

Hét nieuws van de maand was dat onze Frank Deboosere met pensioen ging. De eeuwig optimistische weerman die er een halszaak van maakte om zich nooit, maar dan ook echt nooit, negatief uit te laten over het weer. De natuur kon immers regen gebruiken, jeej! De windmolens zijn toch zo blij met die wind, joepie! Ik liet mezelf wel eens een oogrol ontvallen als Frank weer overdreven enthousiast een barslecht weerbericht de wereld in stuurde. Nochtans zou ik mezelf ook omschrijven als een meteorologisch positivist. Als grote fan van de Vier Seizoenen (en dan vooral Vivaldi’s Summer in G Minor) ben ik ervan overtuigd dat elk seizoen z’n voordeel heeft. De maat is echter vol: ik ben helemaal klaar met de grilligheid van maart. Sinds mijn CPC-strijd is met name de wind mij een doorn in het oog. Kan het nu alsjeblieft eindelijk eens stoppen met waaien?! Zowel tijdens mijn looptrainingen als mijn dagelijkse steenwegritten op de fiets word ik geteisterd door wind. Of het nu strakke winden, dan wel rukwinden of windstoten zijn: ik ondervind daar last van. Zo ook afgelopen zondag tijdens de halve marathon in Gent waar ik samen met Roos en Sam aan de start stond. Het was een regenachtige dag en als het regent, lieve mensen, dan waait het doorgaans ook. Neem daarbij een parcours met behoorlijk wat draaien en keren, lastige steentjes incluis, een Gent dat grijs afstak tegen de koninklijke allures van Den Haag en je begrijpt dat ik er niet de halve marathon van m’n leven liep. Dankzij de lead-out van Sam kon ik nog afklokken op een 1:25, maar een echt goed gevoel hield ik er niet aan over. Roos daarentegen, die ging weer als een speer. Ze verbeterde haar amper 2 weken oude PR van de CPC met weer een minuutje. She’s on a roll! Volgend jaar gaat ze Karel Sabbe achteraan in de Barkley Marathon, let op mijn woorden.

SQQH0117

Ik word ook geplaagd door wegenwerken. Op mijn fietsroute naar school liggen drie stukken weg open. De situatie: mobiele lichten die altijd op rood staan, autobestuurders die zich ergeren, wachten, nog wat wachten en dan over een geïmproviseerd fietspad voorbij de werf. Het wegdek wordt weer wat opgelapt, fundamenteel wordt de mobiliteit op de steenweg er zelden beter van. Lastig, maar niks waar ik van wakker lig. De echte terreur zijn de wegenwerken die in mijn hoofd plaatsvinden. Sinds een paar maanden volg ik een intensief therapeutisch traject om de PTSS aan te pakken waar ik al veel te lang mee leef. Enerzijds is er de opluchting dat ik mijn verregaande angst en stress gerelateerde klachten bij de wortels aanpak, anderzijds betekent dat ook teruggaan naar de oorzaak ervan. Dat maakt heel veel los. Er worden diepe kraters in het wegdek geslagen. De imposante brokstukken liggen ernaast en ik vraag me af hoe dat ooit weer zal passen. Wat bloot komt te liggen is onontgonnen terrein. Pure chaos. Uitzichtloos, moeilijk voor te stellen dat daar ooit weer een strakke asfaltstrook zal liggen met slechts enkele subtiele breuklijnen die verwijzen naar de bouwval die ooit was. Mijn werk is zowel een afleiding als een vlucht. Sporten is dat ook. Er is op dit moment geen gulden middenweg. Het is wachten bij die wegenwerken (soms geduldig, soms met een vloek), wetende dat ze op een dag minder hinderlijk zullen zijn en ook erop durven vertrouwen dat ze op een andere dag tot de verleden tijd zullen behoren.

Ik heb heel veel lieve mensen om me heen die me met zorg omringen, maar ook in de muziek vind ik troost en afleiding. Mijn Spotify playlists werden weer wat uitgebreid met respectievelijk De Janklijst, De Troostlijst en De Vechtlijst. Bovendien maakte ik ook een 90’s Throwback lijst die mij helemaal terug katapulteert naar mijn jeugdjaren. De tijd dat ik keihard Self Esteem van The Offspring meebrulde (I’m just a sucker with no self esteem), wij met z’n allen Britney Spears en Christina Aguilera leerde kennen, Aqua muzikaal hoge toppen scheerde met Barbie Girl, maar Seppe en ik ook fan waren van Krezip, Nirvana, The Radios en Eminem. Kortom een gezellig bont allegaartje.

Begin februari gingen Roos en ik naar het concert van First Aid Kit in de AB. Johanna en Klara Söderberg zijn Zweedse zussen met een gitaar die fantastisch zingen, een folkduo wordt dat blijkbaar genoemd. We waren het erover eens dat ik eerder Klara was en Roos Johanna (we zagen het al helemaal voor ons hoe wij samen een band zouden vormen). Je zou hun songs wat melancholisch en triestig kunnen noemen. Toch behoren ze wat mij betreft absoluut tot de troostende hoopgevende categorie. Hun recentste album Palomino bevat alleen maar pareltjes, vooral het meeslepende Out of My Head luisterde ik al honderden keren. Dezelfde vibe vind ik ook bij een heel wat ouder album: Temple Of Low Men van Crowded House. Niet toevallig de plaat van Four Seasons in One Day, wat ik vorig jaar bombardeerde tot voorjaars-janklied. Voor de French touch heb ik dan weer Zaz, wiens stem nooit verveelt, of ze nu over Parijs of over de liefde zingt. Tot slot kleurt ook I Don’t Live Here Anymore van The War On Drugs mijn voorjaar. Wat een topplaat! Als het echt tijd is voor wat licht- en luchtigheid in het leven, dan is er gelukkig nog The Masked Singer. Dankzij Minotaurus ben ik weer helemaal verslingerd aan Queen en dan vooral The Show Must Go On. Drama doet het altijd goed, ongeacht de tijd of het moment.

Ziezo, het is paasvakantie. Tijd om rust te nemen. Ik ga de verbinding en vriendschap opzoeken. Koffie drinken, lezen en lopen. Wat creatieve projecten hervatten. Wind mee of tegen, de kriebel om helemaal naar die Rotterdam Marathon toe te leven komt eraan. On a river, I’m floating down the stream and back again om het met de zusjes Söderberg te zeggen. Zussen hebben eigenlijk altijd gelijk.

Het moment – Klein geluk #5 met een kat in huis

Er is er één jarig. Hoera! Hoera! Mijn mooie witte Teresa werd vandaag 17. Wat de jarige miep deed op deze heuglijke dag? Genieten van haar leven, zoals alleen zij – en bij uitbreiding een aanzienlijk deel van de kattige bevolking – dat kan. Boeken over en met katten als lifestylegoeroes en zenmasters zijn nog steeds razend populair. Begrijpelijk ook. Er zijn weinig dieren die zo’n enorm je m’en foutisme uitstralen en zich daar geen seconde slecht bij voelen. Mijn Libanese prinsessen Ada en Teresa kwamen 14 jaar geleden bij mij wonen. Al die tijd deelden we stoel, bank, bed, lief en leed. Een mooie aanleiding voor een nieuwe opsomming van kleine gelukjes. Hoewel, met het ego van een kat in gedachten, kan ik het maar beter hebben over grootste geluksmomenten. Want, met een kat in huis:

  • gaat geen milligram warmte verloren – kortom, een zegen in tijden van energiecrisis, werkelijk elke zonne- en verwarmingsstraal wordt optimaal benut, of dat nu is door urenlang op de verwarming te liggen, op het venstertablet, op een uitgelichte plek op de planken vloer of nét dat ene plekje op bed waar de zon neerstrijkt
  • leer je echt wat een gewoontedier is – in die mate dat ze mij wijzen op mijn eigen onbewuste gewoontes, blijkbaar zijn er verschillende manieren waarop ik mijn stoel onder de tafel schuif en loop ik met een specifieke tred door de keuken als het etensmoment is aangebroken
  • heb je geen alarmsysteem meer nodig – je neemt geen kat in huis omwille van de afschrikwekkende verschijning, toch is Teresa mijn waak-kat: als ik er niet ben, houdt zij burcht en buurt nauwlettend in de gaten, de buren durven amper voorbij te lopen als de Generaal op haar troon zit
  • weet je je meubilair echt naar waarde te schatten – er zijn tig manieren om in een zetel te liggen – al dan niet slapend, maar ook om in bed te luieren zonder te slapen, ook blijkt het ene stoelkussen al wat meer ingezakt te zijn dan het andere
  • durf je niet veel te weigeren – mijn katten vragen geen aandacht, ze eisen die meestal op een dermate dwingende manier dat je hun die aai niet kan ontzeggen omdat je bang bent dat je een aangetekend schrijven van de FOD Dierenwelzijn mag verwachten als je hun wens niet inwilligt
  • ga je anders naar dozen kijken – katten en dozen dat is heel grote liefde, of de doos nu groot of klein is: er is een doos voor elke kat en een kat voor elke doos, kartonnen dozen genieten natuurlijk de voorkeur, maar ook plastic exemplaren hebben zo hun voordeel
  • kan je ook mooie spullen kopen – mijn duurste interieurstuk was lange tijd mijn hoogwaardige krabpaal, Duitse kwaliteit in 100% natuurhout, ik werkte de kattenbak netjes weg in een kastje van Ikea en ik ben dolgelukkig met de huisdierenlijn van Le Creuset waardoor mijn dames nu eten uit azuurblauwe kommen met cachet
  • weet je dat het ene zacht niet het andere is – mijn katten zijn geen kieskeurige eters, wel hebben ze uitgesproken voorkeuren voor de ondergrond waarop ze slapen, de ene dekbedovertrek is de andere niet, een gebreide sprei is niet hetzelfde als een geweven: zacht en volumineus dat blijkt de ideale combo te zijn
  • prijs je je gelukkig dat het geen mensen zijn – ik vraag me wel eens af hoe mijn katten als mens zouden zijn: eigenzinnig excentriek, achteloos achterdochtig, neurotisch narcistisch en wellicht behoorlijk onuitstaanbaar
  • besef je dat je nooit echt alleen bent – het mooie aan huisdieren hebben die ook letterlijk altijd in je huis wonen, is juist dat het dieren zijn met hun eigenheid en vaak onbevattelijke momenten, maar dat er toch raakvlakken zijn waardoor je kan samenleven in een harmonieus gezinsverband

IMG_8152b

Gelukkige Gedichtendag!

Poëzie is taal die feestviert en om die reden is Gedichtendag niets minder dan een feestdag. Dit jaar is vriendschap het thema van de Poëzieweek met besties Miriam Van Hee en Hester Knibbe als boegbeelden. Op school is er nooit een tekort aan vriendschap én poëzie. Mijn vijfdejaars namen een dichtbundel naar keuze mee om in te grasduinen, zich te verwonderen en eens achter de oren te krabben, want wat wordt hier nu eigenlijk mee bedoeld?! Korte gedichten die quote-achtig aanvoelen vallen dan ook in de smaak. Ze dachten nog eens goed na en formuleerden zelf een uitspraak over poëzie.

IMG_0541b

Poëzie is therapie
Poëzie is niet in hokjes denken
Poëzie is het enige dat de taal kan verslaan
Poëzie is je kleine zusje dat (te) veel vragen stelt
Poëzie is een canvas en jij bent de kunstenaar
Poëzie is een rimpel die kan denken, fronsen en lachen
Poëzie is een sprint in slow motion
Poëzie is als praten met vrienden: het gaat over niets en alles tegelijkertijd
Poëzie is als een sleutel, je moet gewoon nog de juiste deur vinden
Poëzie is zoals de Mona Lisa: mooi, maar niemand weet waarom
Poëzie is als een optische illusie: prachtig, maar niet te begrijpen
Poëzie is net zoals een uil: met grote ogen naar de wereld kijken
Poëzie is de kleine wegen nemen om de gebaande paden te vermijden
Ik weet dat poëzie onmisbaar is, ik weet alleen niet voor wie
Alles wat ik voel en zie wordt met de juiste woorden poëzie
Wriemeldiertjes zijn de poëzie van de wereld

IMG_0536b

Zelf werd ik geraakt door een gedicht van Jef Aerts. Hij bracht in 2006 de dichtbundel Voor je er bent uit die hij opdroeg aan het kind dat op komst was. Inmiddels is zij een meisje van 16 jaar dat een boek van haar papa mee naar school nam. Een ode aan mijn favoriete boom, de berk en de fantasie. Hopelijk liggen er vanavond takken in mijn bed. Cheers op de poëzie!

Middag in het bos

Ik leek wel op bezoek, die middag
in het bos, toen een berk vroeg of ik nog wist
hoe wij ooit samen zaten

toe, ruisten haar blaadjes, zeg dat je
me eerder zag en ik voelde dat ze het meende
onder haar zilverwitte bast

vertel me nog een keer, zei ze, oktober
in de mist, ik fluisterde wat over niets
zocht naar woorden tussen gras

er is een berk die ik al heel lang ken, dat zei ik
thuis aan tafel en merkte toen ik ging slapen
dat het bed vol takken lag.

Jef Aerts

IMG_0556b