Het moment – Welkom in de winkel!

Ik koos dus voor een ander carrièrepad. In september ruilde ik mijn vertrouwde klaslokaal in voor een winkel waar alles rond lopen draait. Ik word al eens winkelmanager genoemd, ook wel sales advisor of store manager. Eigenlijk komt het erop neer dat ik met lopers praat en hen help om een goede loopschoen te vinden. In essentie is mijn carrièreswitch vooral een verandering van decor. Zoals ik vroeger in de klas iets kon delen dat mij nauw aan het hart ligt, zo doe ik dat nu in de winkel. Ik mag uitleg geven, mensen soms eens streng toespreken, maar vooral ook enthousiast zijn. Het helpt bovendien dat ik over de gave beschik om intens gelukkig te worden van een goed georganiseerd rek vol sokken. Na drie maanden in de winkel deel ik graag enkele observaties met jullie.   

  • Je oude loopschoenen meenemen naar de winkel is een goed idee, dat weten ook de meeste klanten. Soms gebeurt dat bewust niet omdat er toch enige schroom is omwille van de slijtage of kwaliteit van de huidige schoen. Ik zie behoorlijk wat retro-versies van loopschoenen. Zo is de Kayano 22 een collector’s item tegenover de huidige versie met nummer 31. Mijn voeten krimpen in elkaar bij de gedachte om te lopen op schoenen van 10 jaar oud.  
  • Met iets minder fascinatie kijk ik naar schoenen die zo vuil zijn dat de modder eraf valt als ze uit de tas komen, al helemaal als ze nog nat zijn van het loopje diezelfde dag. Deze week kreeg ik schoenen in de hand gedrukt die nog dampten van de wasverzachter: een liefdevol gebaar van een klant die haar oude loopschoenen speciaal voor het winkelbezoek in de wasmachine deed onder het mom van “ik kan niet met vuile schoenen komen aanzetten en ze zijn toch versleten”. 
  • Het is erg dankbaar om een loper die op oude of gewoonweg brol-schoenen loopt een nieuw paar te laten passen. Lopen op wolkjes of kussens is een vergelijking die vaak terugkeert. Vaak gaat dat gepaard met heel wat oooh’s en aaah’s, ook wel met de opmerking dat die dikke zool zo groot oogt. Ik heb toch niet zo’n grote voeten? Alles went, dat kan ik je verzekeren. 
  • Ik dacht dat er niet echt een ander woord bestond voor loopschoenen – buiten hardloopschoenen dan. Toch is er een groep Leuvenaars die het heeft over loopsloefen of loopsloefkes. Lopen moet je dan ook eerder uitspreken als lèupen. Ja, wij verkopen dus ook loopsloefen voor wie dat wil. 
  • Er bestaat al eens verwarring over de naam van een merk. Het logo van Asics zorgt ervoor dat het merk ook wel Oasi(c)s of Basics wordt. Ik kan ook begrijpen dat ON niet meteen leesbaar is en het QC of OC wordt. De vaakst voorkomende spraakverwarring is het Amerikaanse Saucony dat volgens sommigen Sauwsoonie is of Sosonie. Het merk dankt zijn naam aan de Saucony Creek, op z’n English dus graag. 
  • Fans die met spanning uitkijken naar een release zijn niet enkel voorbehouden voor de boeken van Sally Rooney. De lancering van de Adrenaline GTS 24 van Brooks deed menig loper de nachten aftellen tot het eindelijk 5 november was en een kersvers schoentje in de Brooks familie voor het grote publiek te beschikbaar was. Kampeerders hadden we niet voor de winkel, wel een klant die drie dagen op rij kwam vragen of de nieuwe Adrenaline er al was. 
  • Nieuwe loopschoenen kopen dat betekent vaak plannen maken. Het EK marathon dat in april plaatsvindt en in lijn van Brussel naar Leuven loopt, doet veel Leuvenaars dromen van die eerste marathon. Ik hoor dan ook vaak: we zijn zoals iedereen in Leuven aan het trainen voor de marathon in april. Het is in dit geval geen overdrijving. 
  • Aan de andere kant van het spectrum hoor ik ook wel eens “ik haat lopen”. Het is met een klein beetje pijn in het hart dat ik schoenen meegeef aan iemand die ze ziet als een noodzakelijk kwaad om in conditie te blijven. Evenzeer meelijwekkend vind ik schoenen die nooit de buitenlucht zullen voelen en gedwongen zijn om hun kilometers op de loopband te slijten. 
  • Wie schoenen past, moet veters strikken. Ondertussen weet ik dat er ontelbaar veel manieren zijn om je veters te binden. Wat dacht je bijvoorbeeld van het zijwaartse strikje, dat ik tot dusver enkel mannen zag maken? Er zijn ook mensen die weinig veters gebonden hebben in hun leven. Dat leid ik toch af aan het dermate trage tempo waaraan ze dat doen en de hoge mate van concentratie die bij de handeling komt kijken. Ergens kan heeft dat ook iets schattigs. 
  • Even aandoenlijk vind ik de zachte hand die sommige klanten hanteren als ze een schoen vastnemen en die voorzichtig teruggeven of – nog mooier – heel behoedzaam de veters in de schoen stoppen voordat die terug de doos in gaat. Dat zijn sowieso mensen die een heel ordelijke kledingkast hebben, denk ik dan.

Het gerief – Een bonte schoenenspecial #2

In mijn voorbereiding richting Berlijn had ik dus een complementair kwartet samengesteld: vier paar schoenen dat mij goed beslagen aan mijn trainingsarbeid zou helpen. Ondanks mijn gebrekkige benenmolen genoot ik volop van die ontdekkingsfase. Er waren zoveel nieuwe schoenen en merken te ontdekken. Als je aan de bron zit, als je vaak loopt en als het niet bij die marathon blijft, dan is het de logica zelve dat het kwartet zich uitbreidt. Ah ja, ik kon mezelf helemaal heruitvinden! Argument van praktische aard: ik had een assortimentje schoenen om in mijn thuisomgeving te lopen en één voor mijn city runs in Leuven, vlak voor ik aan mijn werkdag begin. Met trots stel ik jullie dan ook deel 2 van mijn schoenenfamilie voor.

IMG_5275b

Hoka Clifton 9 – 150 euro
De klassieker van Hoka, dat is deze Clifton. Een no-nonsense schoen met een beperkte zool volgens Hoka normen. Toch voelt de Clifton nog steeds zacht aan. Net zoals de Bondi is het een polyvalente schoen. Hoewel ik hem doorgaans eerder kies voor kortere afstanden, zal ik er morgen de halve marathon in Kasterlee mee lopen. Buiten het echte trailwerk kent hij namelijk geen grenzen en lijkt het mij de aangewezen schoen om mee over een modderig, deels verhard, deels onverhard parcours te lopen. Een degelijk schoentje voor alle seizoenen waar je op heel wat terreinen mee uit de voeten kan en dat bovendien voor een mooie prijs.

IMG_5227b

Brooks Ghost Max 2 – 160 euro
Hier is ie dan… de grote comeback van de Ghost in mijn leven! Het vlaggenschip van Brooks is al aan z’n 16e editie toe. Omdat een beetje meer soms ook de max is, kreeg de Ghost een geüpgradede variant die je herkent aan de dikkere zool. Ik kreeg een paar cadeau van Brooks en een gegeven paard, dat ga je natuurlijk extra kritisch in de bek kijken. Eerste indruk: wat een lelijke schoen is dit! Tweede indruk: hij zit een beetje raar aan m’n voet. Derde indruk: wat loopt hij lekker! De Ghost Max heeft me dan ook positief verrast met een fijn evenwicht tussen stabiliteit, comfort en responsiviteit. Toch wel de max eigenlijk, al zal je er dus geen schoonheidsprijzen mee winnen.

IMG_5282b

Hoka Skyflow – 170 euro
Een schoen die qua geometrie in de sandwich zit tussen de Clifton en Bondi, maar de zool werd uit een ander, veerkrachtiger materiaal gemaakt. Skyflow stelt niet teleur als liefdesbaby uit de Hoka-stal. Hard asfalt zal licht aanvoelen. Ik zal eerlijk zijn: ik kocht deze schoen in eerste instantie omwille van de geweldige kleurcombinatie (over smaak en kleur valt niet te twisten). Om nog eerlijker te zijn: qua gevoel verschilt hij nu ook weer niet heel veel van zijn ouders Clifton en Bondi, die net iets meer identiteit hebben. Een compromis-schoen is de Skyflow allesbehalve. Met een positie in het middenveld zorgt hij voor heel wat vinkjes op het lijstje met loopwensen.

IMG_5235b

Asics Glideride Max – 180 euro
Liefde op het eerste gevoel, het bestaat! Toen de Glideride Max binnenkwam, trok ik de schoen uit nieuwsgierigheid meteen aan. Wat een ervaring! Enerzijds kan je hem met best veel andere schoenen vergelijken door er “zachter” of “sneller” voor te zetten. Een snelle Nimbus bijvoorbeeld, of een zachte Bondi. Anderzijds gaat die vlieger totaal niet op en laat de Glideride Max zich niet zomaar in een hokje proppen. Asics zet de schoen in de markt als een comfortabele duurloopschoen, zelf loop ik er liefst kort en pittig mee. Een bijzondere schoen met een uitgesproken karakter. Ook bij mijn zusjes viel hij in de smaak. Sinds kort kunnen we op onze Gliderides trinnen. Als dat niet geweldig is!

IMG_5296b

Het gerief – Een bonte schoenenspecial #1

De allereerste echte loopschoen die ik kocht was de Ghost van Brooks. Een klassieker der klassiekers, een schoen zonder franjes en pretentie. Ik liep er een paar marathons mee en schakelde over naar Adidas’ Ultraboost, maakte via de Triumph een uitstapje naar Saucony en belandde uiteindelijk bij Nike, wat ik bombardeerde tot “mijn merk”. Ik vond het mooie schoenen, ze zaten mij eigenlijk altijd goed en ik kon ze online goedkoper op de kop tikken. Tot het een beetje op was tussen Nike en mij. Ik vond steeds minder mijn gading in het aanbod. De Pegasus vond ik te weinig schoen, de Zoom Fly wel goed, maar te hoog geprijsd voor wat hij was. Ik verzamelde een leger aan trailschoenen van Nike, echte compromis-schoenen om in landelijk modderig betongebied te lopen, maar eigenlijk veel te hard voor mijn stramme lijf. Het kan dan ook geen toeval zijn dat die carrièreswitch eraan kwam. Ook op schoengebied was het hoog tijd om het roer drastisch om te gooien.

IMG_5003b

IMG_5107b

Het grappige is dat je als ervaren loper denkt wel iets te weten over loopschoenen. Helemaal niks dus als je uit gewoonte altijd bij hetzelfde merk blijft hangen. Geometrie, foams, rockerprofiel, en teensprong. Megagrip, pebax en Vibram. Het duizelde toen ik me professioneel ging verdiepen in de wondere wereld van de loopschoen. Ik kreeg natuurlijk ook de kans om heel veel schoenen te passen en proberen. Zo trok ik weer eens een Ghost aan om meteen te voelen waarom ik er destijds klaar mee was. Mijn schoenenuitzet onderging een renaissance. Op een paar versleten Nikes na had ik werkelijk geen enkele degelijke schoen meer om over de weg te lopen. Daar kwam snel verandering in. Ik deel graag met welke schoenen ik nu loop.

Disclaimer: dit is geen gesponsorde reclame. Ik krijg van mijn werkgever een aantal loopschoenen per jaar: ik heb daarbij volledig vrije keuze, de rest koop ik zelf (met korting). Wat je hier leest, is dus mijn ongefilterde en onafhankelijke mening.

IMG_4545b

Asics Gel Nimbus 26 – 200 euro
Mijn allereerste paar Asics en ik viel er als een blok voor. Vlak voor we op vakantie gingen in Den Haag nam ik de schoen mee om ermee langs de zee te kunnen hollen. Mijn hamstrings en bil waren erg pijnlijk, mijn benen allesbehalve fris. Wat ik nodig had was een comfortabele, zachte schoen: een loopschoen als een wolk. Bovendien had ik hem net voor de aftrap van de Olympics in de flashy kleuren van de Paris edition. De Nimbus is rijk afgewerkt met een gevoerde hielkap en prachtig bovenwerk. Dat maakt hem ook behoorlijk aan de prijs, daar moeten we niet flauw over doen, maar als comfy duurschoen kent hij zijn gelijke niet. Uitkijken dus naar januari, want dan verschijnt de Nimbus 27! Benieuwd of dat net zo’n beauty zal zijn.

IMG_4958b

“Comfortabel en veerkrachtig asfalt verslinden met de Bondi” – Hans

Hoka Bondi 8 – 170 euro
De Bondi is een topschoen die multi-inzetbaar is. Of het nu is voor een kort ontspannen loopje over een veldweg, een wat langere beton-run of wat snelheidswerk op de piste: de Bondi kan het allemaal. Dankzij de flared stand en het rockerprofiel is het een uiterst stabiele schoen met een vloeiende afrol. Dat is ook de reden waarom hij zo populair is als comfortabele schoen in het dagelijks leven voor wie makkelijke dan wel moeilijke voeten heeft. Laat je niet misleiden door z’n plompe uiterlijk. De Bondi is best licht en biedt een excellent evenwicht tussen demping en responsiviteit. Ik ben dus een Bondi-girl met een blije Bondi-boy aan haar zijde, want ook Hans is fan. Nog iets om naar te reikhalzen: in januari komt de 9e editie uit van deze hartenbreker. Ik kan niet wachten!

IMG_4991b

Brooks Hyperion Max 2 – 170 euro
Naast een comfortschoen en een allrounder was ik ook op zoek naar een snel schoentje voor wat tempo- en intervalwerk. Ik twijfelde lang tussen de Endorphin Speed van Saucony en de Hyperion Max van Brooks. Allebei schoenen met een hoge responsiviteit (of misschien zelf agressiviteit) die je een extra push geven om snel te lopen. De pasvorm en de stabiliteit van de Hyperion Max gaven voor mij de doorslag. Dankzij de pebax-plaat (dat is gewoon plastic) sjees je ermee over de piste of over een strook asfalt, maar zak je niet in als het wat gezapiger gaat. Een schoen die mij nog niet heeft teleurgesteld en die qua looks hoge toppen scheert.

IMG_5101b

Hoka Cielo X1 – 275 euro
Voor de marathon in Berlijn kon ook een wedstrijdschoen niet ontbreken in mijn nieuwe collectie. Met mijn Vaporfly van Nike liep ik toptijden, maar met 200 kilometer op de teller was die wel echt op. De Cielo X1 mag dan wel ietsje zwaarder zijn, zijn extra grammetjes resulteren in een carbon-schoen met een waanzinnige geometrie die een pak meer stabiliteit garandeert dan de smalle leest van een Vaporfly én die heel wat langer zou meegaan. Daarenboven is ook het springveer-effect zoveel meer voelbaar. De Cielo X1 katapulteert je met kracht naar voren. Hoe sneller je loopt, hoe sneller de schoen wordt. De lintachtige veters zijn een minpuntje, maar dat compenseert hij ruimschoots met zijn kleurrijke voorkomen. Een echte eyecather is het. Eentje waar je verduiveld snel mee richting hel en hemel kan lopen.

IMG_5099b

Wordt vervolgd… en je raadt het nooit: de Ghost van Brooks komt nog eens piepen.

De race – Berlin Marathon september 2024

De cijfers: ik finishte mijn 19e marathon in 3:17:31 – met wat verbeelding is dat 2x een 13
De voorbereiding: in één woord moeizaam: loper in crisis
De race: een strak en hoopvol begin, halfweg ging de dimmer aan en liep het al wat stroever en besefte ik dat focussen op tempo en tijd zinloos was en simpelweg de finish halen het doel
De herinnering: een topweekend in héél goed en bijzonder gezelschap, een marathon van mixed feelings all over the place

Wat vooraf ging
Een startnummer voor de Berlin Marathon bemachtigen is geen sinecure. Je kan het geluk hebben uitgeloot te worden, je kan via een organisatie of marathonclub een heel duur plaatsje kopen (al dan niet met een royale bijdrage voor het goede doel) of je kan je als het ware kwalificeren met een snelle tijd. In mijn leeftijdscategorie betekende een Berlin Qualifier lopen onder de 3 uur duiken. Toen ik heel geleidelijk aan steeds dichter naar die magische 3 uur grens begon op te schuiven, begon stilletjes ook de droom van Berlijn te ontstaan. Samen met Sam trouwens: hij moest een tijd onder de 2u45 neerzetten. Vorig jaar bereikten we allebei dat doel, toen ook bleek dat de Qualifiers waren bijgesteld en een sub 3u10 voor mij volstond. Hoe dan ook was samen aan de start staan in Berlijn de bekroning van een prachtig marathonparcours.

Helaas bleek dat het dit jaar sportief gezien bij mij allemaal wat lastiger bolt. Met zware benen en dito gemoed leefde ik daarom toe naar die 29e september. Tot een paar dagen voor vertrek de zin naar avontuur en een goed verhaal doordrong. Ik zou het weekend bovendien spenderen in uitmuntend gezelschap: met Roos en Seppe plus hun skeeleraanhang, maatje Sam en mijn liefste Hans. Ik moest ervan genieten dat was het advies dat ik langs alle kanten te horen kreeg. Geen verwachtingen koesteren en het gewoon allemaal maar laten gebeuren. Een marathon zonder echt plan dus. Ik vroeg me af of dat wel kan.

Vlak voor de start
Om 7 uur stipt hebben we afgesproken om ons in groep naar de start te begeven. Je kan veel zeggen over ons hotel (dat het qua faciliteiten en publiek eerder een jeugdherberg is, dat de kamer van postzegelformaat is voor de prijs van een penthouse met zwembad bijvoorbeeld), maar locatie is alles. Een wandeling van slechts 20 minuten brengt ons via de Spree naar de startzone aan de Bundestag. De sfeer in de groep is verdacht ontspannen. Er is ruimte om de actualiteit van de dag te bespreken, net zoals de nakende presidentsverkiezingen in de VS. Het imposante plein voor de Bundestag is voor de verandering het verzamelpunt voor lopers van heinde en verre. We kiezen een verkeersbord dat ons meeting point zal zijn na afloop van de marathon. Roos vormt met Bobby, Dave en Hans het supportersteam van de dag. Team Marathon bestaat uit Bart, Seppe, Sam en mezelf. Het afscheid doet een beetje pijn, maar omgeven door mijn crew en tienduizenden andere lopers is er geen reden tot eenzaamheid. Sam en ik starten in vak B. Voor de vijfde keer staan we daar zij aan zij te stuiteren van de loophonger, een beetje emo ook wel. Vandaag zal ik mijn 19e marathon lopen en met Sam aan mijn zijde heb ik een bondgenoot om het momentum vast te grijpen.

GVAP3986

De race
Weg zijn wij! De aanloop naar het startmoment mag er wezen. Wauw, dit is groots! Van middenin Tiergarten worden we op de brede allee losgelaten. Als een gigantische kudde dolle beesten stormen we af op Großer Stern, de rotonde waar we daags voordien onze skeeleraars voorbij zagen sjezen. Ik voel me goed. Het doet deugd om te lopen en ik heb er zin in. Ik heb er het raden naar wat er in mijn benen en lijf zit. Focus op een soepele tred, niet als een Malle Mina vertrekken, maar wel het moment van de start pakken (uiteraard: altijd doen). Met een fijn zonnetje en een graad of 9 krijgen we op het snelste marathonparcours ook nog eens het beste marathonweer voorgeschoteld. Na 2,5 kilometer zal ik mijn crew voor het eerst zien. Maar mensen, wat is het druk op dit parcours! Het lijkt een chaotische start van de 20 kilometer van Brussel. Nooit eerder liep ik zo knal in de menigte bij een marathonstart. Het is dan ook niet evident om me te tonen aan mijn supporters. Ik loop helemaal rechts, zij staan langs links. Ik kan ze nog iets toeroepen, maar dan ben ik alweer voorbij gedenderd in mijn razende peloton.

Na 5 kilometer bevind ik me nog volop in de overweldigend aanwezige massa. Ik haal continu lopers in en word zelf ingehaald. Hierdoor is het onmogelijk om een tempo af te stemmen of aan te voelen op basis van anderen rondom je. Er is geen go with the flow, want de stroom watert naar alle kanten uit en bestaat uit tig verschillende snelheden. Het devies van de dag is dus om te focussen op souplesse. Ik moet het gaspedaal met beleid induwen. Ook al moet er vandaag niks, ik wil natuurlijk wel wat. Er is de stiekeme hoop dat ik – zelfs gezien de omstandigheden – een klein beetje boven mezelf kan uitstijgen en in de buurt van mijn 3u09 in Milaan kan komen. Mijn aanslepende hamstrings-malheur is een bezwarende factor, maar er zijn ook verzachtende omstandigheden. Ik loop op de fantastische Cielo X van Hoka, een schoen die zoveel comfortabeler en sneller aanvoelt dan de Vaporfly. Bovendien is en blijft dit de snelste marathon ter wereld. Ook aan ambiance langs het parcours is er geenszins gebrek.

LQYN9440

Via Alt Moabit lopen we na 8 kilometer door de Friedrichstraße de Torstraße in, vlak langs het hotel. Als je van huis bent, gaat er toch een zekere vertrouwdheid uit van de hotelomgeving. De sfeer is opperbest. Mijn benen voelen behoorlijk aan en het belangrijkste: ik heb er nog steeds zin in. Mijn tempo situeert zich tussen de 4’20” en 4’25”. Behoorlijk strak en wellicht te strak om het de volle 42,195 kilometer vol te houden. Voor nu gaat het best goed. En ja hoor, mijn hamstrings en bil voelen als vertrouwd stram aan. Met 11 kilometer op de teller schampen we langs Alexanderplatz om dan nog eens de Spree over te steken richting Kreuzberg. Ik probeer me nog steeds bewust te zijn van mijn cadans. Het einde zal snel nabij zijn als ik geforceerd ga lopen. Aangezien iedereen me heeft ingepeperd om ervan te genieten, is dat ook wat ik probeer te doen. Gek genoeg kan ik hier geen ludiek verhaaltje of lollige anekdote opdissen over wat er zoal rond mij gebeurt. Het lijkt mij allemaal wat te ontgaan: door de drukte, maar ook omdat ik behoorlijk in mezelf gekeerd loop.

Met 18 kilometer op de teller kijk ik reikhalzend uit naar het halfway point. Ik heb het idee dat ik behoorlijk stand kan houden. Ik loop al eens een kilometertje boven de 4’25”, maar dat zou ik nog geen verval durven noemen. De snelheid van het parcours is trouwens een relatief iets. Geloof me, er zijn heus wel enkele metertjes die omhoog gaan en die ook meteen prikken in mijn pijnlijke hamstrings. Er is ook hier en daar echt wel eens een stukje asfalt dat wat minder bolt. Er staat al eens een paaltje in het midden van de weg. Echt bijzonder is het ook niet wat er allemaal te zien is. 42,2 kilometer is nu eenmaal lang en een ideale weg van start tot finish bestaat niet. Het publiek is echter in grote getalen aanwezig en ook luid. Altijd goed!

Ik tik mijn eerste helft af in 1u34. Een snelle rekensom inclusief schaderapport leert me dat onder de 3u15 finishen niet evident zal zijn. Uitkijken naar kilometer 24, waar ik mijn supporterscrew voor de tweede keer zal zien. Ik hoop een frisse indruk op hen te kunnen maken (niet echt, zo zal later blijken). Onderweg naar mijn persoonlijke cheer zone ben ik meer aan het harken en krabben dan ik wil toegeven. Ik ben terrein aan het verliezen, dat staat als een paal boven water. Het is knokken geblazen om niet al te hard terug te vallen. De aanmoedigingen van mijn supporters neem ik dankbaar in ontvangst. Heel even krijg ik een boost, een soort laatste opleving en dan is het onherroepelijk gedaan met de pret. Na 25 kilometer valt het doek over de semi-goed-nieuws-show. Mijn benenwagen stokt, de motor werkt maar op halve kracht. Ik val terug naar een tempo van 4’50”. Zowel fysiek als mentaal kan ik het niet meer opbrengen om te blijven geven. Dikke vette error. Mijn stijve bil en hamstrings zijn aanweziger dan ooit en ook mijn rug mengt zich in het feestje. Dit is een reality check van jewelste.

OIRR4153

Omdat ik noodgedwongen een pak trager loop, neemt de intensiteit van de inspanning af. Een heel bevreemdende gewaarwording. Ik voel in mijn lijf een stuk spanning dat lost. Ik voel dat het mij ontbreekt aan kracht. De tempoloper is een losloper geworden. Hup en nu genieten! Ik loop de Berlin Marathon! Ik denk aan de ontroerende woorden van Sam in het startvak. Hij zei me dat of het nu goed of slecht gaat, ik altijd mensen zal inspireren omdat ik als geen ander het leven kan omarmen. Slik. Genieten op bevel is lastig. Het staat onomstotelijk vast dat ik vooral voorbij gelopen word. Ik ben het slakje tussen de hazen. Mijn strijdlust heb ik achtergelaten op kilometer 25. Ik weet niet meer hoe ik me voel, hoe ik me wil voelen en met welke mindset ik mijn laatste uur zal ingaan. You run better than the government, lees ik op een stuk karton. Ik weet niet of dat echt een geruststelling is.

Ondertussen loop ik door Wilmersdorf richting Kurfürstendamm. Naar het Westen dus. Ik kan relatief weinig vertellen over mijn laatste 15 kilometer. Ik beleef het in een roes. De omgeving ontgaat mij. Ook een gelletje met wat cafeïne geeft mij geen oppepper. Het enthousiasme van de toeschouwers hoor ik in gedempte versie. Alleen een uitzinnige Mexicaanse delegatie aan KaDeWe met sombrero’s en puntige snorren kan mij nog min of meer wakker schudden. Vanaf kilometer 35 staat het huilen me nader dan het lachen. Ik heb rugpijn. Mijn benen lijken amper van de grond te komen. Ook mijn Garmin is het noorden kwijt. Hij is letterlijk voor geen meter te vertrouwen. De kilometers bestaan eerder uit 800 dan 1000 meter, wat mijn trage kilometertijden wel enigszins verbergt. Genieten behoort niet meer tot de mogelijkheden. Ik zal blij zijn als ik een punt kan zetten achter mijn 19e marathon.

AEME9547

Op kilometer 40 gaat het dan eindelijk naar links richting Unter den Linden. Het einde van mijn calvarietocht is in zicht. Ik zal vrede nemen met een tijd onder de 3u20. Er schiet wel wat door mijn hoofd die laatste 2 kilometers. 5 jaar geleden dacht ik met een marathon PR van 3u21 ooit – als ik echt eens een heel goede dag heb – onder die 3u20 te kunnen duiken. Dat zou het summum zijn, een ongeziene prestatie. Ik kan dus niet anders dan dankbaar zijn. Vandaag loop ik op halve kracht onder wat ooit mijn eigen magische grens van 3u20 was. Ik zie de Joke van 5 jaar geleden voor mij en ik besef wat voor waanzinnig marathonparcours ik heb afgelegd. En dus kan ik met de Brandenburger Tor in zicht niet anders dan lachen. 10 jaar geleden begon ik te lopen en nu loop ik hier gewoon mijn 19e marathon. Eentje die verdorie veel pijn heeft gedaan, waarbij ik er nog niet uit ben of hij nu net veel of weinig krachten heeft gekost, maar hoe dan ook onvergetelijk. Na een allerlaatste aanmoediging van Hans ligt de finish voor me. Na 3 uur en 17 minuten zit het erop. Volgens mijn geheel onbetrouwbare Garmin was de marathon 43,74 km lang. Als ik met krop in de keel mijn medaille in ontvangst neem, komen de tranen. Het is een mengeling van opluchting, ontgoocheling en dankbaarheid. Van gemis ook. Ik kan niet wachten om mijn schatjes weer in de armen te sluiten en eens goed uit te janken. Tijd om te bekomen van dit doldwaze avontuur. Wat een leven! Wat een leven!

BFGL4148

De conclusie
De Berlin Marathon is één van de World Marathon Majors. Een prestigieus manneke onder de marathons dus. Voor mijn startnummer betaalde ik 210 euro, dat is ongeveer het dubbele van een “gewone” marathon. Toch een stevig bedrag. Hoe dan ook was de 50e editie van de Berlin Marathon met 58.000 deelnemers goed voor een recordaantal deelnemers. Dat vraagt om nog eens het woord wahnsinn van stal te nemen. Voor mij hoeft het niet allemaal zo groots te zijn met toeters en bellen. De organisatie is behoorlijk feilloos. Het metroverkeer liep volgens de supporters in de soep en dwarsboomde hun plannen. De app is dan weer de beste in zijn soort, aldus Hans. Berlijn is een geweldige stad met enthousiaste en luide toeschouwers. Van het parcours ben ik niet helemaal wild. Ja, het is functioneel, maar toch ook wel heel veel van hetzelfde. De Berlin Marathon blijft hoe dan ook een icoon. Ik ben blij om eens een klein deeltje te zijn geweest van de Berlin Legend. Misschien komt er ooit een vervolg. Misschien ook niet. Eén ding weet ik wel zeker: je zal mij er nooit, maar dan ook nooit, op skeelers zien.

LXIT0186

Nog enkele weetjes

  • Sam (2:38:36) en Seppe (2:27:10) slaagden er allebei in om hun PR scherper te stellen. Wat een tijden! Seppe won bovendien het combiné-klassement, oftewel het klassement van de gekken.
  • Lid van de skeelercrew en ultraloper Bart zette alle zeilen bij om met een sterke 3:59:26 te finishen op zijn marathondebuut. Zijn conclusie was dat hij toch liever langer en off-road loopt.
  • Bij de elite was het Ethiopië boven. Tigist Ketema won in 2:16:42. Haar landgenoot Milkesa Mengesha had 2:03:17 nodig om de overwinning achter zijn naam te zetten.
  • Vico Merklein en Francesca Porcellato gingen als eerste handbikers over de finish. Marcel Hug en Catherine Debrunner waren dan weer outstanding rolstoelatleten.
  • Onze supporters kregen de onmogelijke taak voor de kiezen om vier lopers aan te vuren die niet bepaald in elkaars buurt liepen. De U-bahn liet hen in de steek, zij ons nooit.
  • Ik probeerde weer eens wat sportgels van 6D. Conclusie: de ISO gels werken voor mij het best. Mijn vier gels gingen behoorlijk vlotjes binnen en veroorzaakten geen gerommel in de onderbuik.
  • Op kilometer 27 was er een Maurten Gel depot. Op dat moment was mijn buik niet toe aan een experimentje. Ik trok wel grote ogen toen ik zag hoe sommigen de bevoorrading aangrepen om hun thuisvoorraad aan te vullen.
  • Mijn vertrouwde marathonshort stuurde ik met pensioen. Ik keek al te vaak met een bezorgde blik naar de naden in het kruis met de hoop dat ze er nog eens een marathon tegenaan konden. Mijn nieuwe short van Asics is 100% goedgekeurd. Een zakje op je bovenbeen voor gels is zoveel praktischer.
  • Beroepsmatig ontwikkelde ik inmiddels een bovengemiddelde interesse voor loopschoenen. Het is overduidelijk: Nike is het aller-populairste merk. Sponsor Adidas was ook behoorlijk vertegenwoordigd. Hoka is in Duitsland duidelijk minder een ding. Onbegrijpelijk.
  • Het was sterker dan mezelf dat ik op de terugweg naar het hotel een analytische blik wierp op de pronatie van Seppe, Sam en Bobby die voor ons uit wandelden (waggelden).
  • Sam had als enige van ons gezelschap de moed en het doorzettingsvermogen om met de trein naar Berlijn te komen. Ergens langs het parcours las ik: You run better than DB!
  • Bart en Seppe kozen bij hun inschrijving (per ongeluk) voor een luxeponcho bij de finish in plaats van een tas om bagage af te geven aan de start. En of het een luxe exemplaar was!
  • Mijn complimenten voor het ontwerp en de uitvoering van de medaille, een prachtexemplaar! De skeeleraars kregen daags voordien dezelfde medaille met aangepaste datum. Bart en Seppe trokken dus dubbel gelauwerd huiswaarts.
  • Over de muur van Klein Orkest blijft voor mij hét lied over de Berlijnse Muur en het IJzeren Gordijn. Alleen de voooowgels vliegen van Oost naar West Berlijn, worden niet teruggefloten ook niet neergeschoten!

WWKZ4686

MBAL9057

Loperspraat – De legendarische Great Escape van Hans

Jullie weten al dat Hans een bijzondere man is. Een man die van vele markten thuis is. Een echte trailloper die niet bang is voor een grensverleggend avontuur dat op een mission impossible lijkt. Zo bracht ik hem op vrijdag 13 september naar Maboge waar hij de bus zou nemen naar Ettelbrück in Luxemburg om van daaruit in (een niet zo heel rechte) lijn terug naar Maboge te lopen. Goed voor een trailrun van zo’n 100 mijl, ofte een dikke 160 kilometer. Kortom, een missie die wel wat voeten in de aarde had en ook van het lange type zou zijn. Roos toverde haar auto voor de gelegenheid om tot een camper zodat wij Hans vanaf zaterdagavond van controlepost naar controlepost konden volgen. Op het koudst van de nacht was het een graad of 2. We konden toch wat uurtjes slaap meepikken en slaagden er ook in om de sfeer erin te houden. Hans was duidelijk beter bestand tegen de ontbering. Hij zette en pakte door. Zondagmiddag zagen we hem net na de middag finishen. Na 32 uur en 51 minuten zaten zijn 164 kilometers erop. Ik zei het al: wat een man! Hoe hem dat alles verging? Hij vertelt het jullie zelf.

FHHO3873

Toen ik in 2017 besloot me op trailrunning toe te leggen en de stratenlopen links te laten liggen had ik geen duidelijk omlijnd plan of doel. Ik wilde deze “discipline” rustig ontdekken; zo vaak mogelijk in de natuur lopen, over onverharde paden, het liefst zo ver mogelijk van de drukte en het lawaai. Ik liep dus af en toe eens een trailwedstrijd in de Ardennen, maar nog vaker trok ik er gewoon in mijn eentje op uit om ergens in de natuur een mooie trail te lopen.

Ik begon ook steeds vaker langere afstanden te lopen en zoals ik altijd gedaan heb bouwde ik dat rustig op. Hoewel ik na verloop van tijd ook steeds vaker verder dan de marathonafstand liep, en dus theoretisch gezien een ultraloper werd, vond ik het wat overdreven om mezelf dat predicaat toe te kennen.

In 2023 ontmoette ik Joke tijdens de La Chouffe Trail 70 km en wat er daarna allemaal gebeurde, kan je uitgebreid lezen elders in deze blog, maar het gaf sowieso een boost aan mijn loopambities en meer bepaald met betrekking tot het “ultratrailen”. Toen ik het er met haar eens over had om me in te schrijven voor een 50 mijl wedstrijd was haar reactie: “Waarom ga je niet meteen voor 100 mijl?” Dat was het zetje dat ik nodig had om eens iets gek te doen en zo geschiedde… Ik schreef me in voor de Bello Gallico 100 mijl in december 2023. Helaas sloeg in volle voorbereiding het noodlot toe. Eind november verstuikte ik tijdens een rustig trainingsloopje mijn enkel. Met de moed der wanhoop en tegen beter weten in verscheen ik toch aan de start, maar mijn enkel liet het onderweg meer en meer afweten en na 14 uur en 101 kilometer moest ik noodgedwongen de strijd staken hoewel ik me verder nog prima voelde. Ik stapte uit met een dubbel gevoel; een DNF in deze wedstrijd, maar wel mijn afstandsrecord op 101 kilometer gebracht. Ik kon me al wat beter verzoenen met het label ultraloper.

Mijn herstel van die blessure werd eind februari helaas nog eens doorkruist door een spierscheur in mijn kuit die ik opliep tijdens een trailwedstrijd in Binkom en terwijl ik het loopjaar 2024 al compleet de mist zag ingaan, bleef Joke bij hoog en bij laag beweren dat 2024 een top-loopjaar zou worden voor mij. En ze heeft echt wel gelijk gekregen; achtereenvolgens verzamelde ik in de volgende maanden PR’s op de marathon (in Milaan) en de 20 km van Brussel, zette ik samen met Roos een mooie tijd neer tijdens de 10 miles in Antwerpen, liep ik in juli samen met Joke en Sam de La Chouffe Trail 70 km en in augustus samen met Roos en Joni de Trail des Fantômes 48 km, ging ik tijdens een weekend in de Ardennen 60 km hiken en liep ik 44 kilometer tijdens de 4 uur van de Mollekestrail. Kon ik er meer klaar voor zijn om een nieuwe poging te wagen om die 100 mijl te verslaan? Ik denk het niet…

Het weekend van 13 tot 15 september stond al heel lang in mijn agenda met stip genoteerd: the Great Escape. Ik citeer even de website: “Escape from the Ardennes! 160 km doorheen het mooiste dat de Ardennen te bieden hebben. Trek je stoute schoenen aan, stap uit de dagelijkse sleur, en begin te dromen van wijdse open vlaktes en de mooiste landschappen. Je zal 160 km aan trails ontdekken, aan beide zijden van de Belgisch-Luxemburgse grens, in het hart van de Ardennen. Onderweg tal van kleine ontdekkingen – een historisch kruis, oude muren, kleine beekjes en rivieren – en grootse uitzichten. Feërieke mist, een vluchtige glimp van een hert, de geur van vers gemaaide velden, je zal overdonderd worden met indrukken die je ‘Great Escape’ tot een memorabele ervaring zullen maken.”

Het concept kort samengevat: je start op zaterdagochtend om 4 uur samen met 199 andere lopers in het Luxemburgse Ettelbrück, om na meer dan 160 kilometer in de loop van zondag aan te komen in het Ardense dorpje Maboge. Onderweg overwin je meer dan 6.000 hoogtemeters, zie je twee keer de zon opkomen, passeer je 8 controleposten en beleef je het mooiste van wat de Ardennen te bieden hebben.

Een wedstrijd van die omvang loop je niet zomaar, ook logistiek is dit een ingewikkelde operatie. In 3 van de 8 controleposten (na 40, 80 en 120 kilometer) kan je een “dropbag” laten plaatsen met daarin allerhande spullen; droge kleding en schoenen, verzorgingsmateriaal, voeding en drank enz… Je moet op voorhand goed nadenken wat je waar en wanneer denkt nodig te hebben, rekening houdend met het geschatte tijdstip, de weersvoorspellingen, het terrein en noem maar op.

Slaap is ook een “dingetje” tijdens deze wedstrijd; je weet dat je sowieso de nacht van zaterdag op zondag al lopend zal doorbrengen, maar omdat de start plaatsvindt op zaterdagochtend om 4 uur is de nacht daarvoor ook al gehypothekeerd. Je kan dit op verschillende manieren proberen op te lossen die allemaal gemeen hebben dat er in de praktijk van slapen niet zoveel in huis komt.

Ik heb op vrijdag vakantie genomen om in de loop van de dag nog zoveel mogelijk te slapen. Wel, ik heb veel in mijn bed gelegen maar nauwelijks geslapen. ’s Avonds hebben we dan nog samen thuis gegeten en rond half tien bracht Joke me naar Maboge voor het ophalen van mijn startnummer en de afgifte van mijn dropbags. We kwamen daar aan rond 23 uur, deden het nodige en probeerden daarna nog enkele uren onder een dekentje in de auto een beetje te rusten, wat ook niet echt lukte. Om 2 uur vertrok dan de bus die de lopers naar de start in Ettelbrück zou brengen en ook hier was een poging om de ogen te sluiten tevergeefs. Je komt dus eigenlijk al aan de start met een nacht slaapachterstand.

En dan de start… eigenlijk voel je je al een beetje zielig en ellendig na die slapeloze nacht, gepakt en gezakt met een best wel zwaar trailvest op je schouders. Je lichaam heeft op dat tijdstip eigenlijk helemaal geen zin om het op een lopen te zetten. Het is koud en donker en de stationsbuurt in een Luxemburgs stadje is ook niet meteen een opbeurende plek. Na een korte briefing zet de kudde zich in beweging om de komende pakweg 30 uur in beweging te blijven, een lange kolonne lichtjes die je op de hellingen voor en achter je ziet voortbewegen.

Start

Zaterdag 04u00 – start Ettelbruck – km 0,0

Ik begin aan het avontuur met een klein hartje, geïntimideerd door de eindeloosheid van wat nog komen gaat, meer dan 160 kilometer en waarschijnlijk meer dan 30 uur onderweg. Je verstand kan dit onmogelijk vatten en begint hier heel erg tegen te protesteren. “Ik wil hier eigenlijk helemaal niet zijn”, is een gedachte die meermaals door mijn hoofd flitst.

Toch moet je trachten jezelf tot bedaren te brengen en die gedachten te bannen; je probeert enkel nog in het moment zelf te zijn, je te concentreren op de ene stap na de andere zetten en niet verder te denken dan de volgende controlepost. Je kijkt in het begin ook uit naar de zonsopgang die je hopelijk een beter gevoel zal geven en je probeert aansluiting te vinden bij groepjes lopers die jouw tempo lopen omdat samen toch makkelijker lijkt dan alleen op dit moment.

IMG_3942b

Een eerste mentale opsteker is het moment waarop we vanop een hoogte door de nevel in het dal de lichtjes van Bourscheid-Moulin zien, een prachtig feeëriek zicht dat een bevoorrecht gevoel geeft deze mooie dingen te kunnen beleven tijdens dit uitzonderlijk avontuur.

Kort na een prachtige zonsopgang komt dan eindelijk de eerste controlepost in zicht. We lopen net op een heuvelrug op dat moment, beneden in het dal hangt er mist, wij zien de zon opkomen in een heldere staalblauwe lucht. Het is nog erg koud, ik heb een jasje en handschoenen aan maar ben van plan om die uit te doen in de controlepost.

IMG_3946b

Zaterdag 07u37 – CP8 Bourscheid – km 23,7

Ik eet hier twee sandwiches met choco en vul mijn drank aan. Ik schud ook het vuil en de steentjes uit mijn schoenen, iets wat ik later nog vaak zal herhalen om blaren zoveel mogelijk te voorkomen. Wanneer ik opnieuw vertrek en we vanop de hoogte waar de controlepost zich bevindt naar beneden lopen stel ik vast dat het toch nog te koud is om mijn jasje uit te doen. Ik trek zelfs opnieuw mijn handschoenen aan.

IMG_3947b

Het uitzicht is wondermooi en wanneer we afdalen in de vallei lopen we via een prachtige route langs een ravijn in de buurt van Dirbach. We passeren de “Doigt de Dieu”, een indrukwekkende rotsformatie die hoog boven de vallei uittorent. Enkele kilometers verder wordt het dan toch echt te warm en trek ik alsnog mijn jasje uit. De warme zon op onze rug tijdens de beklimmingen vormt een groot contrast met de koude nacht tijdens de eerste uren na de start.

Op naar Hoscheid dan, waar we over een “graat” uit de vallei zullen klimmen. Ik zag deze al op heel wat foto’s en het is een hoogtepunt waar ik al geruime tijd naar uitkijk. En de realiteit stelt ook echt niet teleur. Samen met enkele andere lopers pauzeren we hier even om de omgeving in ons op te nemen en enkele foto’s te maken. Van hieruit is het nog slechts enkele kilometers tot het volgende controlepunt, het eerste met een dropbag.

IMG_3955b

Zaterdag 9u57 – CP7 Hoscheid – km 37,6

Op deze controlepost drink ik wat soep en cola, controleer ik mijn materiaal en vul aan wat nodig is. Ik wissel ook mijn kousen en doe een “grote boodschap” na wat aanschuiven. Het vergt best wel wat concentratie, zo’n uitgebreide bevoorrading; foute keuzes of beslissingen hier kunnen in een later stadium van de wedstrijd leiden tot opgave zoals later nog zou blijken. Goed nadenken en zorgvuldig en methodisch te werk gaan is dus de boodschap, maar tegelijk wil je ook niet té veel tijd verliezen.

Ik vertrek hier opnieuw met een klein hartje, we hebben tenslotte nog altijd meer dan 120 kilometer voor de boeg. Gelukkig kan ik aansluiten bij een groepje luidruchtige Nederlanders. Onder andere omstandigheden zou ik dit misschien niet zo leuk vinden maar nu vormt het een welgekomen afleiding en schuiven de kilometers haast ongemerkt voorbij.

Zaterdag 13u54 – CP6 Kautenbach Chateau – km 57,5

Enkele kilometers voor de volgende controlepost loop ik wat weg van het groepje en ik kom net voor hen aan bij een middeleeuws kasteel. Ook hier tank ik weer routineus bij. Ik eet (een sandwich met choco) en drink (cola) wat en maak mijn schoenen leeg. Ik heb een goed gevoel en voel me sterk. Nog “slechts” een dikke 20 kilometer tot het halfweg punt waar ook een warme maaltijd wacht. Dat geeft een burger moed; vanaf de helft kan je beginnen aftellen en “gaat het alleen nog bergaf”. Ik ga dus goedgezind opnieuw op pad.

Zaterdag 17u27 – CP5 Clervaux – km 78,8

De warme maaltijd die de organisatie voorzien heeft in deze controlepost moet je wel eerst verdienen; we wijken hier enkele steile en technische kilometers af van de route en hoewel deze kilometers uiteraard ook meetellen valt het psychologisch toch zwaar om dit heen-en-weertje te moeten doen.

Ook hier maak ik weer een stand van zaken op van mijn materiële en fysieke toestand; ik laad mijn horloge op aan mijn powerbank, controleer mijn materiaal voor de nacht die eraan komt, wissel mijn shirt, vul mijn eten en drank aan… Bij het wisselen van mijn kousen stel ik vast dat ik ondanks alle voorzorgsmaatregelen toch blaren begin te krijgen. Gelukkig heb ik Compeed pleisters mee en een van de vele fantastische vrijwilligers die deze wedstrijd rijk is, knipt ze tot het gewenst formaat en brengt ze aan.

Vervolgens eet ik een groot bord pasta met lekkere veggie saus en veel kaas. Een ultra trail wedstrijd is ook een eetwedstrijd zegt men wel eens en dat is niet gelogen; je verbruikt gigantisch veel energie en je moet die voorraden eigenlijk permanent aanvullen, het liefst zoveel mogelijk met “echt” eten, aangevuld met wat snelle energiebronnen zoals gelletjes (al dan niet met cafeïne). Niet meer kunnen eten, bijvoorbeeld omdat je misselijk wordt, is een van de grootste oorzaken van problemen tijdens dit soort wedstrijden. Niet eten = geen energie = game over. Gelukkig beschik ik over een zeer welwillend maagdarmstelsel dat prima blijft functioneren en kan ik de ganse wedstrijd met goesting en smaak blijven eten.

Ik heb hier in mijn dropbag ook een lange broek maar ik besluit die niet mee te nemen omdat het droog zal blijven en ik niet verwacht dat het té koud zal worden. Dat zou later een tactische fout blijken te zijn die ik gelukkig niet duur zal betalen.

Na een grote boodschap ga ik opnieuw op pad richting Asselborn waar Joke en Roos me een eerste keer zullen opwachten. Ze hebben de wagen van Roos ingericht als kampeerplek en zullen mij in de volgende controleposten telkens opwachten om te supporteren en me de nodige moed in te spreken (meer mogen ze ook niet doen volgens het wedstrijdreglement).

De nacht valt nu heel snel en het koelt al behoorlijk af maar omdat ik een stevig tempo kan aanhouden blijf ik zelf lekker warm. Ik voel me ook heel erg goed en kijk ernaar uit Roos en Joke te zien binnen enkele uren.

Zaterdag 22u00 – CP4 Asselborn – km 98,4

Wanneer ik aankom in de controlepost spot ik Roos en Joke meteen. Ook hier weer maak ik mijn schoenen leeg en neem ik een wrap met kaas (die Roos maar niks vond, maar ik vind hem heerlijk). Ik eet de helft op en neem de rest mee voor later. Ik spendeer hier niet zoveel tijd en wil graag snel opnieuw op pad voor wat het zwaarste deel van de wedstrijd zou blijken te zijn.

8cf13271-c68f-478c-b750-8530d4552cd0

Op weg naar Vissoule nu. Ik keek eigenlijk uit naar deze etappe omdat die voor een groot stuk over voor mij heel bekend terrein loopt door de vele vakanties in deze regio. In de praktijk viel het helaas best tegen omdat het heel erg zwaar was. Het wordt nu heel erg koud en mistig en de temperatuur daalt richting vriespunt. Tijdens deze etappe steken we de Belgisch-Luxemburgse grens over die zich boven de 500 meter bevindt in open en dus onbeschut terrein. Hier en daar is het ook erg modderig wat een vlotte doortocht niet echt makkelijk maakt.

Onderweg vervang ik de batterij van mijn hoofdlamp en beluister ik een podcast van De Jogclub om de tijd te doden.

Zondag 1u40 – CP3 Vissoule – km 118,0

Verkleumd kom ik aan in een troosteloos en ijskoud Vissoule. Joke en Roos mogen gelukkig mee binnen in de controlepost waar we een soort slagveld aantreffen van lopers, zittend en liggend, gewikkeld in dekentjes. Achteraf zou blijken dat de koude, en dan vooral het hier niet op voorbereid zijn, tot het gros van de opgaves geleid heeft. Ik eet een hotdog en drink een tas koffie, en met een dekentje om me heengeslagen evalueren we de situatie. Ik heb spijt dat ik die lange broek niet meegenomen heb in Clervaux maar maak het beste van wat ik wel mee heb, waaronder mijn regenjas en wat extra buffs.

Na een grote boodschap en wat “anti-chafing creme” op enkele strategische plekken verman ik me en ga opnieuw op pad, de koude nacht in.

cce95ce4-e6d8-4d23-bb33-c54fcb14b0bd

De uren die volgen lijken eindeloos te duren. Het stuk van Houffalize naar Bonnerue is best ellendig, het zijn de moeilijkste uren van de nacht en ik heb het gevoel dat alles bergop gaat. Door het slaaptekort in combinatie met het schijnsel van mijn hoofdlamp maak ik ook voor de allereerste keer in mijn leven kennis met hallucinaties. Iets waar je ervaren ultralopers wel eens over hoort vertellen en nu maak ik dit dus zelf mee, zij het in milde vorm. Af en toe zie ik in het bos dus grote gebouwen en dieren die er uiteindelijk niet blijken te zijn. Vreemd en ook best wel grappig.

Zondag 5u35 – CP2 Bonnerue – km 133,3

Ik arriveer in Bonnerue op wat waarschijnlijk het koudste moment van de nacht is, net voor de ochtend. Joke en Roos mogen hier helaas niet binnen omdat het er al erg vol zit. Hier ligt opnieuw een dropbag, dus ik doorloop voor de derde keer de intussen vertrouwde routine. Ik eet ook twee lekkere croques maar durf mijn kousen niet meer te vervangen omdat ik bang ben dat ik de pleisters op mijn blaren los zal trekken. De pijn valt nog erg goed mee en dat zou ik zo lang mogelijk zo willen houden.

Grote boodschap, zalf aan de poep en weer op pad. Stevig het tempo erin om het warm te krijgen, al is dat na meer dan 130 kilometer gemakkelijker gezegd dan gedaan. Gelukkig is er het vooruitzicht op de tweede zonsopgang.

IMG_5051b

Ik  kom nu aan in de vallei van “les deux Ourthes” in de buurt van Nisramont en wie deze regio kent weet dat je hier vooral heel erg moeilijk bewandelbare paden vindt door de ontelbare rotsblokken en boomwortels. Intussen kan ik door de bomen en de mistslierten heen de opgaande zon zien schitteren in het water van de Ourthe, al heb ik door de fysieke en mentale vermoeidheid al mijn concentratie nodig om hier niet te struikelen zodat de magie van dit moment helaas een beetje aan me voorbijgaat.

Het draaien en kronkelen van het pad langs de meanderende Ourthe desoriënteert je zodanig dat je op den duur geen idee meer hebt in welke richting de volgende controlepost ligt. Gelukkig loopt het parcours hier geregeld samen met dat van de Trail des Fantômes die ik in augustus liep zodat ik hier en daar toch wat herkenningspunten vind.

BXTL2942

Zondag 9u10 – CP1 Le Hérou – km 148,9

Ook hier staan Joke en Roos weer paraat; ik zie ze nu voor de eerste keer bij daglicht. Ik neem hier een korte pauze, trek mijn regenjas uit, eet en drink een beetje en neem een chocolade wafel mee voor onderweg. Even rusten en dan op weg voor de laatste etappe. Minder dan 20 kilometer nog, maar zoals vaak zit het venijn in de staart.

4a35dd1c-89c2-4a98-9acb-7bd640ba2662

Het is een traditie bij de Legends trails dat het “beste” tot het laatste bewaard wordt. Een heel moeilijk en technisch stuk, de hele tijd steil klimmen en dalen, wortels, rotsblokken… Van de oever van de Ourthe naar Le Cheslé op handen en voeten klimmen op een bijna verticale helling. Voor ik aan die klim begin trek ik eerst nog even mijn warme kleding uit aangezien het intussen toch weer best warm begint te worden.

Boven aangekomen hang ik dan mijn karretje aan een groepje lopers uit de Kempen (denk ik) wat ook weer wat afleiding biedt. Ik heb nu een heel dubbel gevoel; enerzijds heb ik het erg zwaar, mijn benen en voeten doen pijn, dalen wordt steeds moeilijker, maar anderzijds weet je gewoon dat je gaat finishen, al is het moeilijk om dat nu al te laten doordringen.

In de allerlaatste 4 kilometer krijgen we dan nog een helling van 2 kilometer voorgeschoteld waarin we 120 meter moeten stijgen, gevolgd door een even lange afdaling terwijl je benen en voeten het nu echt wel gehad hebben. Het uitzicht onderweg op Maboge maakt gelukkig een en ander goed.

IMG_3961

Zondag 12u50 – Finish Maboge – km 164,6

Eindelijk is het zover. Ik kom aan onder luid gejuich van Joke en Roos over een niet echt duidelijk aangegeven finishlijn om dan de zo begeerde medaille in ontvangst te mogen nemen samen met een blikje Kerel bier dat er meteen aan moet geloven. Heerlijk is dat!

Ik ben superblij en ook erg opgelucht dat ik het gehaald heb, dat alles goed verlopen is en dat ik bovendien ook wat heb kunnen genieten van dit prachtig avontuur, want dat was het echt wel. Eindelijk durf ik nu ook zonder schroom te zeggen dat ik een ultraloper ben, en omdat ik voor mezelf graag wil bewijzen dat dit geen toevalstreffer was, staat – opnieuw met stip – in mijn agenda in het weekend  van 13 tot 15 december genoteerd: de Bello Gallico 100 mijl, waar ik toevallig nog wat “unfinished business” mee te regelen heb.

Last but not least zou ik graag Joke en Roos heel erg willen bedanken. Meer nog dan een fysieke uitdaging is een ultra een mentale beproeving. Hoe hard je het wil speelt een grotere rol dan je lichamelijke grenzen. Als je na eindeloze uren doorheen de koude en donkere Ardense bossen en velden bij een controlepost dan eindelijk twee lieve bekende gezichten ziet die je verzekeren dat je goed bezig bent en dit zeker aankan, dan geeft dat een enorme boost om door te blijven gaan. Dit fantastische zussenteam heeft heel wat koude nachtelijke uren doorstaan, geduldig wachtend tot ik eindelijk opdook bij een controlepost en tussendoor pogend wat te slapen in de koffer van een ijskoude auto. Dankjewel, lieve schatten!

Einde 1

Einde 2

Einde 3

Het moment – Waanzin op wielen in Berlijn

Ik ging naar Berlijn en nam niet mee: skeelers met grote wielen, bescherming voor hoofd en ledematen, een vloeiende techniek en heel wat durf. De skeelermarathon op wielen van Roos en haar mannen leverde al straffe verhalen op. Zaterdag 28 september was het skateteam van De Jogclub dan ook voor de derde keer op de afspraak. Toch met hier en daar een klein beetje angstzweet onder de oksels. Hans en ik zouden voor het eerst aanschouwen hoe de durvers van dienst zich aan hoge snelheid door Berlijn waagden. In tegenstelling tot de vorige edities van dit evenement volgde de skeelermarathon niet het parcours van de marathon op zondag. De organisatie koos ervoor om de skeeleraars vijf rondes te laten afleggen met start en finish aan de Brandenbürger Tor. Wij namen als toeschouwers plaats aan de Siegessäule om ons team aan te vuren. En of we onder de indruk waren.

Allereerst verdient de uitrusting van onze delegatie ter plekke een vermelding. Een kamer delen met vijf, inclusief uitrusting en materiaal: ik kan jullie verzekeren dat je daardoor een stevige hoop spullen bij elkaar ziet. Zo snel en waaghalzerig als je skeeleren met snelheid voorstelt, zo is het ook echt. We hadden amper tijd om de eerste doorkomst van Bart Swings (veelvuldig winnaar van de skeelermarathon) te verwerken en daar denderde het ene na het andere peloton van topatleten aan ons voorbij. In spanning wachtten we af tot de eerste doortocht van ons team. Seppe en Bobby vormen niet alleen een hecht podcast-duo, ze zijn ook brothers in arms op wielen. Roos behoeft geen introductie meer, ze is de vrouw en stuwende kracht van het gezelschap. Dave was getooid in zijn werkbroek zonder de twijfel de coolste. Na een pijnlijke val in het voorjaar was hij op tijd in vorm om door Berlijn te jassen. Bart, een trail- en ultrarunner die eigenlijk niets met asfalt heeft, maakte het gezelschap compleet. Geheel tegen zijn lopers-DNA in, koos hij er – net zoals Seppe – voor om deel te nemen aan de combiné. Dat wil zeggen: de marathon skeeleren op zaterdag en de marathon lopen op zondag. Gekkenwerk.

WIGJ4177

TWJT8191

Fun fact: er was een tijd dat ik overwoog om de Berlin Marathon te skeeleren. Wie de finish van de marathon op wielen haalt, kan zich namelijk zonder loting inschrijven voor de lopersmarathon. Wat ben ik blij dat ik inmiddels snel genoeg loop om een startnummer voor Berlijn te kunnen bemachtigen. We zagen Seppe en Bobby werken in hun tandem. Roos mocht dan één en al plezier en souplesse uitstralen op haar skeelers, mijn zusterhart kon het amper aan om haar aan dik 30 km/u voorbij te zien sjezen. Das ist wahnsinn! om het met de gevleugelde woorden van Wolfgang Petry te zeggen. Door het aangepaste parcours en een venijnige wind werden er geen PR’s neergezet. Seppe, Bobby en Roos vertrokken in een vroegere startwave, maar misten daardoor ook wat aansluiting bij het pak. Het was dus heel hard werken tegen de wind in. Meer een tactische race dan een spel met treinen. Wat een schouwspel, wat een avontuur. Hoedje af voor onze skeelerhelden!

IMG_5169b

Marathonpraat – Op een sukkeldrafje naar Berlijn

Ik liep nooit eerder een marathon in september. Jammer, want september is een mooie maand die zich uitstekend leent om marathons te lopen. Altijd maar dat eindeloze wachten tot oktober! Samen met de laatste zomerzon voelde ik mijn goede vorm verdwijnen – dacht ik toch. Er ging geen uur voorbij zonder dat ik aftelde naar die ene dag in oktober dat het weer zou gaan gebeuren. Dit jaar loop ik wel een marathon in september: dé Berlin Marathon! Jawel! De jubileumeditie van die ene iconische wedstrijd met het allersnelste parcours en de allerbeste toppers aan de start. De marathon waarvoor je best een qualifying time kan lopen om zeker te zijn van een startbewijs. Een marathon waar je niet omheen kan, maar op dit moment naar mijn gevoel vooral een marathon die veel te vroeg komt. Een beetje ongelegen zelfs. Het hele pijnpunt van mijn sportieve jaar 2024 is dat het voor geen meter bolt. Hoe hard ik ook mijn best doe om daar verandering in te brengen, ik lijk steeds weer op dezelfde muren te botsen.

Flashback naar september 2021. De covid-houdgreep wordt steeds minder nijpend. Ik verbaas mezelf met een PR op de 20 km van Brussel die doorgaat in september en hetzelfde gebeurt op de uitgestelde editie van de 10 Miles in Antwerpen. Het staat in de sterren geschreven dat ik mijn PR op de marathon naar de maan zal lopen. En dat gebeurt ook. De marathon van Rotterdam is de plaats van afspraak. Ik vertrek boven mijn stand, bekoop dat met een zeer pijnlijke rondje Kralingse Plas, maar ik finish wel in een hallucinante 3:07. Ik kan nog sneller, weet ik vlak na de finish. Uit het niets lijk ik een heel grote stap voorwaarts te hebben gezet. In het voorjaar van april 2022 leer ik Sam kennen op weg naar Parijs. Met veel moeite schud ik daar een 3:06 uit de benen. Hoe vlot het op fysiek vlak gaat, zo moeizaam gaat het in mijn hoofd. In het najaar van 2022 ben ik een paar weken thuis: op en overspoeld, ik moet op krachten komen. Het weerhoudt me er niet van om in Amsterdam een meesterwerkje bij elkaar te lopen en 3:01 te laten optekenen. Sub3 lopen is nooit mijn ambitie geweest, maar nu kan ik er niet meer om heen: die sub3 wordt een doel in 2023.

Mentaal ben ik nog steeds een wrak, maar in april 2023 sta ik wel op de afspraak in Rotterdam. De sub3 is een feit met een verbazingwekkend vlotte 2:58. Ik spartel verder in het donkere gat waarin ik me bevind. Ik blijf ook hard trainen. De zomer is het moment van de grote ommekeer. Ik loop begin juli een sterke Chouffe trail in tropische temperaturen, maar – eigenlijk veel belangrijker – ik leer Hans kennen. Mijn leven staat totaal op z’n kop. Ik ben verliefd en zonder dat ik het echt besef loop ik op training met een ongezien gemak. Alles lijkt vanzelf te gaan. Wat ik van de marathon in Antwerpen dat najaar mag verwachten, weet ik niet. Mijn sub3 heb ik al op zak. Ik weet dat ik er nog wel wat tijd van kan af pitsen, al is dat geen must. Ik leef geheel ontspannen toe naar die dag en beleef daar een droom die ik nooit bij elkaar had kunnen fantaseren: ik win de marathon van Antwerpen in 2:54. Op die marathonwolken drijf ik nog wat verder in het najaar. Ik win de halve marathon van Kasterlee en ook op de Eindejaarscorrida in Leuven zet ik een mooie tijd neer.

Hans en ik maken samen heel wat loopplannen, waaronder de marathon van Milaan in het voorjaar. Samen naar Italië voor een marathon: hoe geweldig is dat! Het is moeilijk om in die marathonvoorbereiding een punt aan te wijzen waarop het minder begint te gaan. Beetje bij beetje krijg ik steeds meer last van de hamstringblessure die al jaren sluimerend aanwezig is. Hoe semi-moeiteloos ik de afgelopen jaren leek te lopen, er was wel één en ander gaande, daar heb ik het ook over in bijna elk raceverslag uit die periode: een stijve hamstrings maakt altijd deel uit van het feest. Ook in Antwerpen was die van de partij. In 2024 lijkt het alsof de peesaanhechting van mijn hamstrings beslist heeft om een prominentere rol te spelen. Het kost me meer moeite om mijn tempo’s te halen, ik herstel steeds wat minder goed. Dit gaat wel weer voorbij, hou ik mezelf voor.

Ik word nog steeds begeleid door mijn wonderkine Kathelijn en er lijkt niet meteen reden tot ongerustheid. Tot ook mijn rug steeds vaker stijf en heel pijnlijk is. De marathon van Milaan wordt er eentje van afzien en veel gas terugnemen, een worsteling zoals ik die al lang niet meer heb meegemaakt op mijn geliefde afstand. Maar ach, het was een geweldige ervaring en je kan niet altijd top zijn. Met mijn rug en hamstrings gaat het inmiddels steeds meer bergaf. Ook in mijn dagelijks leven ervaar ik behoorlijk wat pijn. Tijd om actie te ondernemen. Er volgt een consult bij de sportarts en een MR-scan van de rug, later ook het bovenbeen. Daaruit blijkt dat ik niets onder de leden heb wat mij ervan weerhoudt om kilometers te maken. Het mindere nieuws is dat er wel degelijk wat schort aan mijn peesaanhechting en de nabijgelegen zone, een blessure die niet eenduidig te behandelen is en zich ook niet laat labelen.

Ik richt mijn pijlen op de Chouffe trail die ik begin juli samen met Hans en Sam zal lopen. Twee mannen in topvorm en dat zal ik geweten hebben. Op een vlak stuk asfalt heb ik het minste last van mijn pijntjes, alles wat off-road is en hoogte heeft, kost moeite. Ik zie dus serieus af in en rond Houffalize. Maar, er is nog steeds een medisch plan van aanpak: na de trail volgt een echogeleide infiltratie om mijn pees tot rust te brengen. De harde randjes van mijn pijn trekken wat weg, het hardnekkige is er eventjes af. We trekken 2 weken naar Den Haag om vakantie te nemen. Rust, zeelucht en het goede leven samen zullen me ongetwijfeld goed doen. In goed gezelschap hobbel ik af en toe eens over een duinpad of over het strand. Ik heb nog steeds pijn, maar probeer het even te laten voor wat het is. Na de vakantie vlieg ik er weer in en dan zet ik alles op alles om optimaal voorbereid aan de start te staan in Berlijn.

Het is helaas niet vanzelfsprekend om te trainen. Ik werk 4 dagen per week bij Vedette Sport in Lier. Dat betekent vroeg opstaan om de verplaatsing met de auto te maken. Op werkdagen kan ik alleen gaan lopen om 5 uur ’s ochtends. Echt geen lachertje. Ik ben niet vooruit te branden. Mijn hele lijf is stijf. Met de beste wil van de wereld kan ik dit geen training noemen. Ik hou wel vol. Ik moet en zal kilometers maken. Het zit soms ook serieus tegen. Op 1 augustus ga ik keihard onderuit op een onverwacht modderstuk en knal ik met de achterkant van mijn hoofd op het asfalt. Een doktersbezoek en 8 hechtingen in mijn hoofd later weiger ik nog steeds om dit als een slecht voorteken te beschouwen. Ik mag lopen met mijn wonde, maar dat geeft wel een vervelend trekkerig gevoel aan mijn hoofd. Het is niet bepaald bevorderlijk voor het loopplezier.

Terwijl ik naarstig op zoek ben naar iets van snelheid in mijn benen, blijft het schipperen tussen wat praktisch en lichamelijk haalbaar is op training. Ik kan niet ongestoord kilometers vreten. Het is zaak om nu zo efficiënt mogelijk te trainen. Ik kom tot het besluit dat ik het mezelf in mijn trainingen niet onnodig lastig moet maken. Dat doe ik door 1) zo min mogelijk hoogtemeters te maken 2) een makkelijke ondergrond te kiezen 3) in te zetten op snelheid, meer dan op lange duurtrainingen 4) de moed erin te blijven houden. Niet gaan lopen of niet kunnen lopen is nog altijd veel erger, dan niet vlot kunnen lopen. Ik trek ook vaker naar de piste, want als het gaat over een goedbollende ondergrond dan ben je op de prachtige atletiekpiste van Tienen aan het juiste adres.

Er zijn in augustus zeker goede loopmomenten. Ik voel soms dat mijn motor als vanouds kan aanslaan, dat mijn benen mooie tempo’s kunnen lopen en dat alles wat ik heb opgebouwd de afgelopen jaren niet volledig is weggeveegd. Het zit nog in mij, het komt er nu alleen moeizaam en wat sporadischer uit. Er zijn ook genoeg mindere momenten. Trainingen dat ik geen deuk in een pak boter loop, dat ik veel pijn heb en nadien ook moet bekomen. Op die momenten zie ik het allemaal niet meer zitten en weet ik niet hoe ik in godsnaam de afstand van 42,2 kilometer kan uitlopen. De pijnlijke conclusie is dat dit niet de marathonvoorbereiding op Berlijn was waar ik op gehoopt had.

Elke medaille heeft twee zijdes, ook in dit verhaal. Ik weet dat het niet meer dan normaal is dat de positieve flow die ik de afgelopen jaren beleefde nu is weggeëbd. Ik wil heel dankbaar zijn voor alles wat ik tot nu toe al heb mogen meemaken in mijn sport. Ik besef ten volle dat ik nog steeds een behoorlijk stuk kan lopen, dat ik überhaupt nog kan lopen. Er is geen reden tot paniek. De rebelse pees die mij nu in een sukkelstraatje duwt, zal op een dag weer een toontje lager gaan zingen, aldus de kine die nog steeds wonderwerk verricht. Mijn broer beleefde vorig jaar een sportief baaljaar met blessureleed en kon zich ook niet voorstellen dat hij een jaar later vice-wereldkampioen duatlon zou worden. Er is voldoende hoop, geen reden om te zitten kniezen in een hoekje.

En toch is dat wat ik doe. Balen, sakkeren en diep zuchten. Omdat lopen beladen is geworden. Ik word zowel tijdens mijn trainingen als in het dagelijks leven geplaagd door die zeurende pijn in mijn hamstrings. Net nu lopen ook mijn werk is, voel ik me slechts een schim van de loper die ik was. Er is een onevenwicht tussen de in- en output. Lopen geeft mijn hoofd wat rust, maar vult het ook weer met onzekerheden. Een klassiek verhaaltje over een vicieuze cirkel die zich moeilijk laat doorbreken.

It will be a great day and your training will be worth it schreef de organisatie in het bericht met mijn startnummer 26238. De marathonmodus in mijn hoofd is ontregeld. Ik durf niet meer te vertrouwen op mijn lichaam. Ik weet wel dat als dat startschot klinkt, ik ervoor zal gaan. Net zoals ik het maximale uit mijn trainingen heb proberen te persen – gezien de omstandigheden – wil ik nu kijken wat erin zit – gezien die vervloekte omstandigheden. Niet door per se met het mes tussen de tanden te willen lopen, wel door het moment te pakken. Bovendien kijk ik heel erg uit naar de trip. Samen met Hans naar Berlijn. Samen ook met Seppe en Roos die de marathon op zaterdag zullen skeeleren. En natuurlijk met Sam die (net zoals Seppe trouwens) zondag ook aan de start zal staan om van die 50e Berlin Marathon een feest te maken. Ik ben nog steeds een enorme gelukzak. Een marathon in september dus, het is eens iets anders, zo blijkt wel.

De gedachte – Over de zomer van 2024

Mag er nog een streepje zomer zijn tussen het herfstgevoel dat september domineert? Graag! Tijd voor een korte terugblik op de zomer van 2024, die toch wel wat anders dan anders was. Het was een mooie zomer. Met anders is helemaal niks verkeerd. Dit is wat me ervan zal bijblijven.

Ik zweette minder. Het weer was wat milder. Soms ronduit slecht, soms ook heerlijke zomertemperaturen zoals je die alleen in films ziet. Ik hou van de verschillende seizoenen en daarom ook aan de variatie in zomerdagen. Mij hoor je in ieder geval niet klagen als het eens wat wisselvalliger is. Niks zo goed tegen een zweetaanval als een verfrissend windje.

Ik ging naar Den Haag met Hans. Twee weken mochten we vakantie vieren in mijn – inmiddels onze – favoriete Nederlandse stad. En of dat goed was! We sleepten stapels boeken mee en lazen heel wat bij elkaar. We kochten nog wat extra boeken. We dronken koffie en wijntjes. We babbelden en lachten veel. We maakten wandelingen over het strand. We kregen gezelschap van Roos & Niko en gingen zwemmen in zee. Wat een leven!

TOKD9676

Ik liep in juli wat minder. Hoewel ik verbazingwekkend vlot de trap op en af kon na de Chouffe trail, voelde ik toch dat het tijd was om eens wat meer relatieve looprust in te lassen. Even dus niet meer trainen met een bepaald doel voor ogen, maar gewoon lekker gaan lopen. Al was het vooral “gewoon gaan lopen”. Het liep niet bepaald vlotjes in juli. Waarover later meer.

Ik ontdekte enkele literaire parels. Mijn leestrein maakte vaart in juli. Tijdens ons verblijf in Den Haag dook ik weer eens in de Italiaanse literatuur. Een absoluut hoogtepunt was Ballade van het bos van Maddalena Vaglio Tanet, een ontroerend verhaal over eenzaamheid en verbinding, een donker verhaal ook dat zich afspeelt in een bos, maar op de één of andere manier toch licht blijft. Net zo raak vond ik Mijn zusje en de zee van Donatella Di Pietrantonio, een boek over de onvoorwaardelijke zussenliefde en de zee: hoeveel mooier kan het zijn?

IMG_4642b

Ik was aan het werk. Bij Vedette Sport in Lier dus, waar ik heel veel leerde over loopschoenen. Ik kwam ook vrijwel meteen tot de vaststelling dat er nog ontzettend veel te leren valt en dat ik aan Stefanie en Geert twee heel waardevolle collega’s heb. Ik was (en ben nog steeds) zo in de ban van mijn nieuwe vakgebied dat ik vaak droom over een bepaald type schoen. Dat kan de Bondi van Hoka zijn, maar net zo goed de Guide van Saucony. Wordt vervolgd.

Ik leerde Lier kennen. Best wel een flinke stad met een echte winkelstraat en chique boutiques, zij aan zij met behoorlijk wat leegstand. De Zimmertoren bleek eerder klein te zijn, de Markt was dan weer groot. Tijdens mijn middagpauze zat ik al eens op een terrasje en werd ik fan van Feliks en Cabane, koffiebars waar je echt premium flat whites kan drinken. Een andere ontdekking was de inspirerende kunstenaarswinkel De Grote Kat.

Ik besefte dat niks zo heerlijk is als met de fiets gaan werken. Ik maakte amper kilometers op de fiets en wat vervloekte ik op den duur mijn autoritten van en naar Lier. Fileleed, een ongezien angstaanjagend onweer en een sterretje in mijn voorruit: een mens zou voor minder met tegenzin in de auto stappen. Fiets op en naar het werk, niets zo eenvoudig en ontspannend.

Ik ging naar Suikerrock. Samen met Hans, ons eerste festival. Al beschouwden we het eerder als een openlucht concert. Na het optreden van Joost was ik lichtjes overprikkeld, maar konden we gelukkig weer opgelucht ademhalen toen bleek dat Tienen niet bepaald storm liep voor onze hoofdact: Froukje. Op het Bietenplein maakte ze er een heel intiem, maar toch uitbundig feestje van. En zo werden wij nog grotere Froukje-fans dan we al waren.

Ik maakte uitstapjes. Met de zusjes trok ik naar Antwerpen voor de derde editie van het zussenweekend. 36 uur zusterlijk gezelschap, veel bijpraten, koffietjes drinken en vintage shoppen. Heerlijk herbronnen dus. Met de familie trokken we naar La Roche voor de Trail des Fantômes, een gezellig samenzijn in een typisch Ardens huis. Ondanks de onbetrouwbare wifi probeerden we de Olympische Spelen te volgen en hadden we een interessant gesprek over roddelen. Conclusie: bij roddels is het cruciaal dat de persoon in kwestie ze niet hoort. Onthoud dat!

IMG_4544b

Het moment – Een feestelijke zangstonde voor Roos

We schrijven 12 september en dus een hip-hip-hoera voor mijn kleine zusje Roos: groot geboren en nu 32 levensjaren op de teller. Een bijzonder zusje dat een belangrijke rol vervult in mijn leven, vroeger en nu, sommige dingen zullen nooit veranderen. Net zoals het belang van muziek. Roos verkoos immers de sfeer van Rock Werchter boven het zweet van de Chouffe trail. Ze speelt feilloos een breed scala aan luchtinstrumenten, heeft gevoel voor ritme, timing én dansmoves. Roos heeft altijd iets over muziek te vertellen. Ze is – meer dan ik – mee en heeft vaak een verrassende aanrader. Samen beleefden wij al heel wat avonturen, steevast met elk een eigen soundtrack. Gaande van Eurosong en de betere beat op het sportevenement tot het rijke oeuvre van First Aid Kit, Florence & The Machine en Hozier. Hier volgt een muzikale trip down memory lane als eerbetoon aan de jarige.

Girls Just Wanna Have Fun van Cyndi Lauper heeft niet alleen een toepasselijke titel, maar is ook één van de songs bij uitstek die op geen enkele van onze playlists mag ontbreken. Een geslaagde mix tussen ambiance en een laagje melancholie. We like!

Kom terug van Spinvis werd eens zo betekenisvol toen er een einde kwam aan de tijd dat Roos en ik in hetzelfde appartementsgebouw woonden in Heverlee. Roos en Niko verhuisden en ik gaf hen een grote mok waarop ik het refrein schreef van deze Nederlandstalige parel.

Still Young van The Cat Empire zongen we luidkeels mee tijdens de laatste loopronde in de Hel van Kasterlee editie 2019. Ik zag af dat het geen naam had, maar dat we altijd jong en samen zouden blijven werd toen voor de eeuwigheid vastgelegd.

The Best van Tina Turner zal voor ons altijd onlosmakelijk verbonden blijven met de 20 kilometer van Brussel en onze genesis als lopers. Die dag verlegden wij grenzen. Wij waren simpelweg de besten. Punt.

Everywhere van Fleetwood Mac was aanvankelijk een lievelingsliedje van Roos waardoor ik er ook van ging houden. Een topper uit de eighties met de betoverende stem van Christine McVie. Omdat het altijd goed is als wij samen zijn.

Diamonds van Rihanna zongen we luidkeels mee na de marathon van Amsterdam in 2022. Onder andere op de terugweg in de auto. Ik met de krop in de keel, want wij mochten onszelf samen dan wel als schitteringen aan de hemel beschouwen, weldra kwam er een eind aan het zusterlijk samenzijn.

Technology van Milow omdat Roos van Milo houdt en ik helemaal niet. Maar Roos zou Roos niet zijn als ze niet zou tolereren dat ik grapjes maak over zijn muziek, wat toch weer getuigt van grootsheid langs haar kant.

Come di van Paolo Conte bracht Roos instant aan het lachen toen ze het voor het eerst hoorde bij mij. Een lied dat begint met wha-wha-wha-wha-wha, daar moet je dan weer Joke voor heten om dit in alle ernst af te spelen. Sindsdien is het onvermijdelijk dat Paolo Conte mag wha’en als Roos langskomt.

Les Champs-Elysées van Joe Dassin zing je natuurlijk als je over de beroemde avenue in Parijs wandelt. Je zou ook denken dat je niet de enige bent die dat dan doet, maar in onze lange Parijs-geschiedenis samen, kruisten wij nooit eerder een duo dat dit aandurfde. Bizar.

Ik wil dat je liegt van Hannah Mae en Maksim is volgens Radio 2 de zomerhit van 2024 en daarom ook die van Roos. Door de jaren heen bouwde ze een innige band op met het concept “zomerhit”. Niks om je over te schamen!

Hipperdepiep, hoera! Een heel gelukkige verjaardag gewenst, sisje!

Loperspraat – Een heroïsch toertje trailen in La Roche

We zijn nog niet klaar met de trail-exploten voor deze zomer. Op een haperende livestream zag ik zaterdag 10 augustus aan Café Den Erpel in Maboge hoe Bashir Abdi naar Olympisch zilver snelde. Zwaar onder de indruk waren we. Nog dieper onder de indruk waren we van Roos, Hans en Joni die op dat moment aan hun Trail des Fantômes bezig waren. 48 kilometer lopen met 2050 hoogtemeters in de omgeving van La Roche: dat is trailen voor gevorderden. Ons trailteam finishte heel sterk in 6 uur en 57 minuten. Een prestatie om je hoed voor af te nemen. Onze zweterige pet ging eveneens af op zondag voor Marike en Niko die hun tanden zetten in het parcours van de 23 kilometer en die missie met glans volbrachten.

Zelf maakte ik deel uit van het supportersteam dat elke bevoorradingspost present stond om onze traillopers van de nodige aanmoedigingen te voorzien. Een dag lang supporteren vraagt ook wel wat doorzetting. Mijn 2-jarige neefje Emil zorgde zo nu en dan voor een verrassing in zijn pamper. Aan mijn metekindje Leah, een kranige meid van bijna 5, probeerde ik uit te leggen dat wachten wel saai is, maar dat het daarom juist leuk kan zijn. Zowel Marike als mama vielen bovendien ten prooi aan Siska de wesp. Gelukkig was Niko er om logistiek het hoofd koel te houden. Roos, Hans en Joni behoeven weinig introductie. Tijd om hen het woord te geven en hun ervaringen te delen.

12527_20240810_090615_391382687_socialmedia

Roos’ Trail des Fantômes in drie woorden: klimmen – dalen – lopen 

Wat vond je het leukste aan deze trail? Zonder twijfel het parcours, je loopt echt zo goed als continu in het bos. De omgeving is prachtig. Alle soorten hellingen en afdalingen komen aan bod. Ook de bosomgeving varieert, soms diep in het bos, dan weer langs een klein stroompje, dan weer over bergflank of tussen metershoge beplanting. Het verveelt nooit. 

Wat was het lastigste? Wat deze trail prachtig maakt, maakt hem ook loodzwaar. Het is continu geconcentreerd lopen. Ik kende één heel lastig momentje, op 5 km voor het einde was er een stuk asfalt. Je zou denken dat je dan blij bent dat je weer even kan doorlopen of eindelijk eens niet moet klimmen of dalen, maar juist dat lukte me niet meer. Ik zag het toen even niet meer zitten. Gelukkig was ik in gezelschap, zij stelden me gerust en dan gaat dat moment ook zo weer voorbij. Eens terug in het bos kwam ik er weer door.  

12527_20240810_142355_391387374_socialmedia

Wat is daarbij iets dat je niet snel zal vergeten? Je doet zoveel indrukken op tijdens een trail, dat is elke keer weer een intense ervaring. Er schieten me nog dagelijks enkele nieuwe herinneringen te binnen. Wat veel indruk heeft gemaakt, zijn de afdalingen met behulp van een touw, omdat ze zo steil zijn. 

Een complimentje voor je mede-lopers? Dat ze de beste zijn! Hans noemt zichzelf een tractor, maar ik vind hem eerder een Ardens trekpaard. De definitie (even opgezocht): Het Ardens trekpaard is een gespierd paard op korte benen. De Ardenner is onvermoeibaar en energiek als het op werken aankomt, en is tevens verrassend wendbaar. Dit combineert hij met een kalm, gewillig en vriendelijk karakter. Ongelofelijk hoe hij hellingen kan trotseren en met die stokken gewoon omhoog huppelt. We maakten het mopje, de eerste helft van de trail is de opwarming voor de tweede helft. Ik denk dat Hans bij de finish was opgewarmd en nog 48 km verder had gekund. Met Joni vorm ik een vaste trailtandem die dit jaar al meerdere keren in actie kwam. Ik heb aan zijn zijde, of vooral achter hem, al meerdere keren zwaar afgezien en dat was nu uiteraard niet anders. Daar weet hij perfect mee om te gaan en dat is wel een kunst. Een extra compliment moet ik hem geven om zijn moppen met thema “traillopen”.

12527_20240810_090919_391361506_socialmedia

Hans’ Trail des Fantômes in drie woorden: brutaal – wondermooi – zomer

Wat vond je het leukste aan deze trail? Het was de vierde keer dat ik de Fantômes liep. In 2018, 2019 en 2020 nam ik al deel aan respectievelijk de 27, 33 en 41 kilometer, en hoewel ik het een van de zwaarste trails vind is het tegelijk ook veruit de mooiste. Je hebt een mooie mix van bos, open veld, lopen langs en door de Ourthe en bovenal prachtige vergezichten. Dat ik dit nu kon beleven in het gezelschap van Roos en Joni én bovendien met een schare enthousiaste supporters (waaronder mijn lieve schat) langs het parcours was niet alleen de kers op de taart, maar gewoonweg een volledige extra taart op zich.

Wat was het lastigste? De Fantômes heeft weinig of geen beloopbare hellingen. Als het omhoog of omlaag gaat is het doorgaans gruwelijk steil, vaak glijden, handen – en voetenwerk en af en toe is er een touw gespannen om min of meer veilig boven of beneden te geraken. Als het dan al eens vlak is, dan is dat meestal langs de oevers van de Ourthe, waar je dan weer geconfronteerd wordt met wortels, rotsen en laaghangende takken. Dat alles sloopt op den duur je benen.

IMG_4830b

Wat is daarbij iets dat je niet snel zal vergeten? Het was mijn allereerste trail-weekend in de Odeyn familiekring en dat was best wel een bijzondere ervaring. Op zaterdag zelf lopen en bij elke bevoorrading luidkeels aangemoedigd worden door je supporters en op zondag zelf supporteren voor de andere lopers. Wat ook heel erg duidelijk is (en dat had ik vorig jaar al mogen ervaren toen ik nog geen deel uitmaakte van Team Odeyn); je supportert niet alleen voor je “eigen” lopers, neen, iedereen die passeert krijgt evenveel luide en enthousiaste aanmoedigingen. Heerlijk!

Een complimentje voor je mede-lopers? Ik besefte op voorhand erg goed wat ons te wachten stond, maar ik denk dat de techniciteit van het parcours voor Roos en Joni een beetje een verrassing was, en bovendien zijn trails ook niet iets wat ze heel vaak lopen. Ik wist dus dat het best zwaar zou worden voor hen, maar ze hebben het echt fantastisch goed gedaan. Ik stond (liep) op een bepaald moment echt met verbazing te kijken welk strak tempo Roos nog kon aanhouden na de laatste bevoorrading, met Joni en ikzelf als wagonnetjes achter locomotief Roos. Ook Marike en Niko hebben me in positieve zin verrast tijdens hun trail op zondag onder nog warmere omstandigheden dan die van zaterdag. Ook een schitterende prestatie van allebei!

12527_20240810_154349_391391151_socialmedia

Joni’s Trail des Fantômes in drie woorden: kuitenbijter – panoramisch – framily

Wat vond je het leukste aan deze trail? Door het gevarieerde en uitdagende landschap was je geen moment met je horloge bezig en vlogen de kilometers voorbij. Dankzij het gezelschap en de supporters onderweg was deze editie nog zoveel leuker dan die van vorig jaar. Bonuspunten voor Roos haar ‘Trajl’ moppen.

Wat was het lastigste? Geen tijd om in te lopen, want we kregen onmiddellijk lastige single tracks voorgeschoteld. Het uitdagende parcours zorgde ervoor dat er niet veel (adem)ruimte was om gezellig bij te babbelen. Daarbij was het als sociale media verantwoordelijke geen sinecure om mijn gsm al lopend en zwetend te ontgrendelen en filmpjes te maken. Respect voor de vloggers! 

12527_20240810_102020_391363723_socialmedia

Wat is daarbij iets dat je niet snel zal vergeten? De dag na de trail gingen we supporteren voor Niko en Marike en stapten we de uitloper vanaf de tweede bevoorrading tot de top van de steilste helling. ‘Hebben we dit echt opgelopen!?’ vroegen Roos en ik ons luidop af. Leah was ondertussen met bloemen in de hand haar enthousiaste zelve.

Een complimentje voor je mede-lopers? Ondanks het feit dat we overal wel een Hans zagen passeren, kan ik je verzekeren dat er geen straffere Hans bestaat dan de onze. Wat een rust, flair en bovenal krachtige benen heeft deze man! Welke superlatieven vallen er nog te bedenken om te beschrijven hoe (mentaal) sterk Roos is!? Vijf kilometer voor het einde niet meer kunnen om dan een kilometer verderop aan de kop te lopen om het tempo te bepalen. Ik verdenk haar meerdere levens te hebben! Bovendien heeft ze altijd nog de luciditeit voor een mopje of een rake opmerking. 

12527_20240810_155757_391374875_socialmedia

IMG_4864b