Marathonpraat – Voorbeschouwing op Milaan van Hans

Binnenkort trekken Joke en ik naar Italië om er de marathon te lopen. Dat is altijd een speciale gebeurtenis, ook al heb je er, zoals Joke, al heel wat gelopen. Het blijft tenslotte “de marathon”, zo mogelijk de meest tot de verbeelding sprekende loopwedstrijd, en bovendien gaan we hem lopen in Milaan. Het wordt voor ons beiden de eerste kennismaking met deze prachtige stad die samen met Parijs toonaangevend is op het gebied van de haute couture en bovendien de geboorteplaats van schrijver Paolo Cognetti.

Voor mij persoonlijk komt er echter nog een extra dimensie bij. Ik loop intussen al heel wat jaren met best wel wat kilometers op de teller en hoewel ik tijdens trainingen en wedstrijden al meermaals de marathonafstand of zelfs langer gelopen heb, heb ik in mijn loopcarrière slechts aan één officiële marathon deelgenomen. In 2015 liep ik in Eindhoven mijn eerste en voorlopig laatste marathon. Kort daarna heb ik besloten dat stratenlopen niet mijn ding zijn en dat ik me voortaan zou “beperken” tot (ultra)trailwedstrijden, het liefst in de Ardennen.

Ik hou van het onvoorspelbare en avontuurlijke karakter van trailwedstrijden; terrein, hoogtemeters, weersomstandigheden, afstand… het zijn allemaal factoren die deze wedstrijden nauwelijks vergelijkbaar maken. En dat is best wel comfortabel, want je wordt niet telkens geconfronteerd met het feit dat je een “betere of slechtere” wedstrijd gelopen hebt dan de voorgaande, wat met de meeste stratenlopen wel zo is. Ook de ontspannen en ongedwongen sfeer die je steevast bij elke trailwedstrijd ervaart, spreekt me heel erg aan. Ik huiver bovendien bij het idee om geruime tijd voor het startschot als vee in een startvak gedreven te worden wat bij stratenlopen dan weer gebruikelijk is.

Maar dan komt Joke Odeyn in je leven, een rasechte marathonloper die gelukkig ook houdt van de trails, al dan niet in wedstrijdvorm. En dan stel je vast dat je het als fanatieke loper niet altijd prettig vindt om aan de zijlijn te staan als er een wedstrijd gelopen wordt, ook al vindt die plaats op het verfoeide asfalt. En voor je het weet gaat de dure eed aan de kant en schrijf je je toch weer in voor een echte marathon. Vorig jaar was er in november al een voorproefje met een deelname aan de halve marathon van Kasterlee, maar die kan je met wat verbeelding nog een halve trailwedstrijd noemen. In Milaan wordt het echter menens; 42,195 kilometer dokkeren over het asfalt tegen de onverbiddelijke klok en kilometertijden die niet liegen. Met een mengeling van opwinding en angst kijk ik ernaar uit, geen idee wat ik kan verwachten.

Of ik weet het eigenlijk wel. We gaan sowieso samen een heerlijke reis naar Milaan beleven, en ook van de marathon zal ik genieten. Mijn 52 jaar oude lijf nog eens voluit de sporen geven, helemaal tegen mijn natuur in het moment van de start pakken (zoals ik van Joke geleerd heb), en dan kilometers lang gààn doorheen het prachtige decor van Milaan. En als ik in dat startvak sta, als vee samengedreven onder de ongetwijfeld luide beat van een of ander opzwepend nummer waar ik verder niks mee heb, dan zal ook ik kippenvel krijgen en stiekem genieten van dat moment, al zal ik dat als doorgewinterde trailloper op geen enkele manier laten blijken.

Het moment – Een vaarwel en tot ziens

Ik noemde maart de maand van de magnolia, de maand van de bloei, van de belofte van de zomer en een nieuw begin. Maart heeft echter ook een donker randje. Op de eerste dag van de lente verloor ik mijn kat Ada. Ze werd 17 jaar. Door de dood van Ada was ik in één klap huisdierloos. Op 18 oktober namen we namelijk afscheid van mijn witte poes Teresa. In december en januari stierven mijn cavia’s Batoul, Bouchra en Loubaba die ook een heel respectabele leeftijd bereikten. Ik verknip geen dozen meer tot huisjes. Ik kan geen vachtjes meer aaien of een kattig lijfje tegen me aandrukken. Het valt me zwaar om te wennen aan het leven zonder huisdieren.

Ada was een rasechte straatkat en volbloed opportunist. Haar leven is geëindigd op een absoluut hoogtepunt. Van één baasje delen met één andere kat ging ze van twee baasjes helemaal voor haar alleen. In Hans vond ook Ada namelijk de man van haar leven. De ooit zo eenkennige Aadje was op slag verkocht en de liefde was wederzijds. Haar schoottijd schoot door het dak. Waar ze bij mij wel eens anoniem een online oudercontact of klassenraad mocht bijwonen, mocht ze van Hans actief deelnemen aan meetings: in beeld met een lichtjes ongeïnteresseerde blik. Ada zocht steeds vaker slaapplekjes op waar ze eigenlijk niet mocht liggen. Haar honger was net zo onverzadigbaar als haar drang naar aandacht en warmte. Je ging niet in de zetel zitten zonder een bezoek te krijgen van Ada De Mensbeklimmer. Vanaf een uur of 5 ’s ochtends kon haar luchtalarm afgaan als een etensmoment tot de mogelijkheden behoorde. Zo lang Ada er was, bleven ook de herinneringen aan mijn andere huisdieren levend. Ze maakte hun gemis draaglijk en hun afwezigheid minder definitief.

Tot ook het kaarsje van Ada stilaan uitging. Ze was niet meer zo gebrand op zetel- of schoottijd. Ze trok zich vaker terug. Toen haar eetlust afnam werd pijnlijk duidelijk dat Ada zelf aangaf dat ze klaar was met het leven. Haar laatste avonden bracht ze door op de radiator in de keuken, achter het gordijn. Zo konden we heel voorzichtig wennen aan avonden zonder Ada. Het is bikkelhard om 5 geliefde dieren op 4 maanden tijd te verliezen. Als collectief leken ze min of meer te beslissen dat hun taak volbracht was. Dat ze een prachtig leven hebben gehad waarin ze graag gezien werden is een troostende gedachte, maar maakt het gemis er niet minder om. Ze zijn niet onopgemerkt gebleven. Ik ben dus niet de enige die hen mist, hoe diep ze ook verankerd waren in mijn leven. De leegte die ze achterlaten voelt op dit moment duizelingwekkend groot. Alles in huis doet me aan hen denken. Ik kom overal relikwieën tegen van vervlogen tijden. Ik had nooit gedacht dat wat verloren kattenbakgrit of een plukje haar me zo verdrietig zou kunnen maken. Voorlopig blijft het kattenhaar aan het gordijn in de keuken dan ook gewoon hangen.

Ik heb 14 jaar van mijn leven met Ada en Teresa samengeleefd. Hoe langer mijn dieren bij mij waren, hoe onwaarschijnlijker het leek dat ik ooit zonder hen zou verdergaan. Vorige week besprak ik in de klas het Egidiuslied, een middeleeuws lied waarin de achtergebleven vriend van Egidius zijn knagende gemis bezingt. De Nederlandse dichter en bloemlezer Gerrit Komrij schreef daarover: niet het snijden doet zo’n pijn, maar het afgesneden zijn. Afscheid nemen op zich is verdrietig, maar je kan je ook heel erg richten op wat er gebeurt. Je neemt je dier in je armen tot ze in slaap vallen. Je wil ze nog even heel dicht bij je voelen en in hun oor fluisteren dat ze zo geweldig zijn geweest, dat je ze vreselijk zal missen en nooit zal vergeten. Je kan ze nog bedanken voor alles wat ze gebracht hebben. Maar dan begint het pas echt. Ik voel nu pas hoe ik afgesneden ben van de maatjes die jarenlang kleur en richting aan mijn leven gaven. En dat snijdt langs alle kanten.

Rouwen om een dier lijkt minder voor echt mee te tellen. De wereld draait onherroepelijk hard verder en ik zou soms willen roepen: ho stop! Beseffen jullie wel dat ik de dag moet beginnen zonder mijn katten?! Het voelt elke ochtend nog steeds onwezenlijk om wakker te worden met stilte. Geen ongeduldig getrippel, geen bakjes vullen onder luid gemiauw. Het besef dat de periode waarin wij samen een gezin waren definitief voorbij is, dringt stilaan door. Wat wel helpt is de gedachte dat mijn dieren weer als team herenigd zijn. Ze liggen samen begraven met zicht op bomen en vogels. Mijn gebrek aan spiritualiteit is niet bepaald helpend om me een poezenhemel te visualiseren. Eén ding weet ik wel zeker: mocht die bestaan, het zou er oorverdovend luid zijn.

Loperspraat – Twee zusjes op pad in Den Haag

Maart is de maand van de magnolia. Tijd dus om naar Den Haag te vertrekken en er de CPC te lopen. De City Pier City is een halve marathon waarbij je van de Haagse binnenstad over de boulevard, langs de zee en de pier loopt om dan weer de stad in te duiken. Een vaste waarde op de sportieve kalender. Niet alleen omdat het een prachtig evenement is, maar net zo goed omwille van het logeerpartijtje bij onze familie in Nederland. Roos stapte in de auto met een joekel van een reiskoffer en ook de marathon in haar benen nam wat plaats in. Mijn trolley was wat bescheidener van aard, fysiek heb ook ik al frissere tijden gekend. De laatste maanden spelen mijn rug en hamstrings steeds meer op. Trainen en kilometers maken lukt, maar de zeurende pijn moet ik op de koop toe nemen. Roos had eigenlijk wel zin om een PR uit de benen te schudden. Zelf wilde ik elk excuus aanwenden om niet de race van mijn leven te lopen. De CPC is al lang niet meer het orgelpunt van ons weekendje Den Haag. Veel familiale gezelligheid en gebabbel, koffietjes drinken op een terras en een bezoek aan vintageboetiek Zusjes maakten ons uitje compleet. Ik deel dan ook graag de 5 gedachten rond het sportieve gebeuren die bleven hangen.

Een applaus voor de strijdende loper
Roos vertrouwde me toe dat ze soms het Malieveld en de typerende skyline googelt als ze Den Haag mist. Het Malieveld (eigenlijk gewoon een gigantisch grasveld) herbergt het volledige evenementendorp. Er is altijd ambiance en we maken er ook altijd een rommelige foto van ons twee. Voorafgaand aan de halve marathon worden een 5 en 10 km wedstrijd gelopen. In afwachting van onze eigen start zetten wij ons in de laatste bocht om de staart van de 10 km lopers naar hun finish te schreeuwen. Zwaar afzien en ultiem loopgeluk kunnen heel dicht bij elkaar liggen. We lieten onze stem horen voor elke strijdende loper. Het deed ons beseffen welke weg we zelf hebben afgelegd. Ook bijzonder was de Ada die we luidkeels aanmoedigden en die ons met een subtiel handgebaar bedankte. Nadat ik op 1 maart afscheid moest nemen van mijn kat Ada beschouw ik dat toch als een teken dat ze erbij was (ook al had ze niks met mijn lopersleven).

Een indrukwekkende minuut stilte voor Kelvin Kiptum
Op 11 februari overleed de snelste marathonloper ter wereld op amper 24-jarige leeftijd. Kelvin Kiptum kwam om het leven bij een auto-ongeluk in Kenia. Dat hij nooit een sub-2 marathon zal lopen is jammer voor de sport, veel tragischer is zijn verlies voor de familie die hij achterlaat. In 2020 liep Kiptum de CPC loop in een hallucinant snelle 59 minuten en 58 seconden. Hij was er nu ook weer bij, in de gedachten van iedereen die het muisstil maakte in het startvak om nadien eens zo hard te beseffen wat een feest lopen is. Publiekslieveling Abdi Nageeye won de race trouwens in 1 uur en 21 seconden, een nieuw Nederlands record. Ook hij was wellicht met zijn hoofd bij KK.

Een snelle start, een instorting en een verrijzenis
Het moment van de start pakken is mijn handelsmerk waar menig loper uit mijn omgeving wel eens lacherig over doet. Geheel terecht, als duurloper moet je geen snelle start willen nemen. Ik probeer mezelf dus echt wel in te tomen: door nog steeds raketgewijs weg te schieten, maar niet meer door te willen duwen bij elke stap die ik zet. Kortom geen plankgas vanaf kilometer 1, maar op zoek gaan naar een soepele tred en me concentreren op mijn voeten die semi-moeiteloos over het asfalt tikken. 10 kilometer ging me dat behoorlijk goed af. Met kilometertijden rond de 4″00′ voelde ik de inspanning, maar ook wel dat de benenwagen behoorlijk bolde. Tot ik wat minder beschutting had van het pak en ik de wind begon te voelen. De moed zonk me in de schoenen. Mijn elegante cadans was veeleer hoekig gestamp geworden. Niet doorduwen, ik bleef het mezelf voorhouden, maar ik verloor terrein en dat hakte er mentaal even stevig in. Uiteindelijk beleefde ik wel een heropflakkering in de finale: vanaf kilometer 17 voelde ik me weer sterker worden en maakte ik wat tijd goed. Ik slaagde er zelfs nog in om te genieten van de allerlaatste rechte lijn richting finishboog.

Een beetje doodgaan is onvermijdelijk
Ik gaf mezelf 1u27 om mijn halve marathon te lopen, dat is het equivalent van het marathontempo dat ik in Antwerpen liep. Ik loop vaker halve dan hele marathons (wat op zich logisch is). Altijd weer kom ik tot de conclusie dat ik een betere hele dan halve marathonloper ben. Ik sterf vaker en met meer gevoel voor drama op een halve dan tijdens een hele marathon. Bij de halve afstand moet ik mezelf van in het begin tot een bepaalde grens pushen om daar dan voorzichtig tegenaan te gaan schurken. Soms lukt dat, soms helemaal niet. Bij de hele kan ik de eerste helft vertrouwen tanken en de bakens uitzetten om een zinderende finale in te gaan. Na de eerste helft van mijn halve marathons krijgt dat zelfvertrouwen gegarandeerd een knauw en vind ik het moeilijker om mentaal om te gaan met de afstand die ik nog moet afleggen. Ik finishte mijn 6e CPC uiteindelijk in 1:26:29, anderhalve minuut boven mijn PR, maar wel onder de vooropgestelde 1:27. Missie geslaagd. Ook Roos had een zware strijd geleverd, maar kon met marathon in de benen toch aftikken op een knappe 1:34.

Een windstille CPC bestaat niet
Voor iemand die van de zee houdt, heb ik hier nog niet veel over mijn momentje met de zee verteld. Enerzijds is een kilometer over de zeedijk lopen tijdens een wedstrijd niet minder dan magisch te noemen. Anderzijds is het vooral verschrikkelijk zwaar. De kilometers ervoor word ik altijd weer bij de lurven gegrepen door de wind. Zee en wind: het is een onafscheidelijk duo. Zelfs als je denkt dat er nu echt eens geen wind staat of dat het slechts een bescheiden zeebriesje is, dan kom je toch altijd bedrogen uit. Wel probeer ik de passage met zeezicht goed in me op te nemen. Ik ben er nooit rouwig om als ik dan weer mag afdraaien richting de stad om tussen de bebouwing in twee lange lijnen op de finish af te denderen.

Vergis jullie niet, het zal nog heel lang grote liefde blijven tussen het Malieveld, Roos en mij. Er valt altijd iets te beleven in Den Haag. Daarom met stip genoteerd in de agenda: 9 maart 2025!

img_3702b

Het moment – De Druivenmarathon van Roos

Zondag 25 februari 2024 – 8u. Het zonnetje schijnt in Tervuren. In het bijzonder voor mijn zusje Roos en haar loopmaatje Joni belooft dit een mooie dag te worden. Samen zullen ze de Druivenmarathon lopen: 42,2 kilometer in en rond de omgeving van Tervuren en Overijse. Een prachtige streek – dat moet je mij niet vertellen – maar ook wel eentje in de categorie uitdagend. Er lijkt geen metertje vlak te zijn, 3/4 van het parcours is onverhard en het natte weer heeft ervoor gezorgd dat het ook een moddermarathon zal worden. Roos en Joni zijn als duurlopers echter niet bepaald aan hun proefstuk toe. De geoliede looptandem uit het gezegende jaar 1992 finisht uiteindelijk in een knappe 3 uur en 50 minuten, goed voor een zilveren plak voor Roos. Zelf was ik erbij als uitbundige supporter en ook wel een tikkeltje uit opportunisme omdat ik een mooie toer in het Zoniënwoud kon gaan lopen. Voor het betere sfeerverslag geef ik het woord aan Roos.

Ik heb geen idee waar het idee voor dit marathonplan ontstaan is. Ik denk dat Joni erover begon en wat later enkele collega’s die daar in de buurt wonen. De uiteindelijke inschrijving was best wel impulsief: ik was op dat moment in januari niet zo heel veel aan het trainen en ik had ook niet meer heel veel tijd om te gaan “bijtrainen”. De Druivenmarathon leek me een goede voorbereiding op de 58 km van De Jogclub Ultra die we op 1 april zullen lopen.

Dit was zonder twijfel mijn meest ontspannen marathon. De kilometers gingen snel voorbij omdat het parcours zo afwisselend was. Alleen sportgels wegwerken was voor mij geen pretje. Ik begon er nochtans weer enthousiast aan, maar na 20 kilometer had ik al oprispingen en een vervelend gevoel in mijn maag. Op kilometer 25 heb ik dan ook beslist om mijn voeding te laten voor wat het is. Toch liever helemaal leeggelopen aankomen dan al kotsend in de berm. Joni bleef trouwens wel dapper gels eten en kon zelfs pannenkoek en rijsttaart wegwerken. Heel knap. Op kilometer 35 was ik nog heel fris, echt opmerkelijk. Uiteindelijk ging na 40 kilometer dan toch het licht uit. We liepen toen een lang stuk over asfalt, lichtjes oplopend en met tegenwind. Gelukkig kon ik achter Joni lopen en gewoon zijn voeten volgen. Treintjes maken, daar hou ik wel van. We hebben onderweg helaas geen druiven gezien, maar er was wel een bevoorrading door een druivenserre. 

IMG_3661b

Het was echt een geweldige totaalervaring: maximaal plezier en minimale schade aan het lichaam nadien. Ik ben heel fier op onze prestatie! De organisatie was ook erg goed, zoals steeds bij Sport Events. Bijkomend pluspunt was de kaastaart van Au Flan Breton die we aan de finish kregen. Ook een extra meerwaarde dat Joke er was. Je hoeft geen heel peloton aan supporters te hebben, maar eentje die overenthousiast is, dat is wat telt. Ik wens ook iedereen een loopmaatje als Joni toe. Ik mag bijvoorbeeld altijd het tempo bepalen, heerlijk is dat. We hebben onderweg altijd genoeg te vertellen: van oorlogsreportages tot Taylor Swift. En soms puffen we gewoon in stilte verder. Ik mag ook elk pijntje bespreken. We geven tussentijds punten aan hoe onze benen voelen en evalueren dan of het al zwaar was of eerder een makkie. Omdat ik niet kan rekenen als ik loop, neemt Joni de calculaties en navigatie op zich. 

Bedankt, Roos en Joni! Absoluut een prestatie om met trots op terug te blikken. Jullie zijn bikkels! We kijken uit naar jullie 58 kilometer op Paasmaandag. Wordt vervolgd…

IMG_3665b

De gedachte – Over zeeën van tijd

Naar aanleiding van Singles’ Day begon ik in november 2022 aan een blogconcept met de werktitel Over alleen zijn. De 11e dag van de 11e maand bestaat uit vier 1’tjes op rij die de singles overal ten velde willen vieren en hen vooral aan het kopen wil krijgen. Ik haalde mijn neus op voor deze marketinghype die uit China kwam overwaaien. Op dat moment was ik al geruime tijd een singletje, al zal je mij dat woord enkel horen gebruiken binnen de context van de jaren 90 toen ik met mijn zakgeld cd-singles ging kopen*. Nog steeds word ik lichtjes geagiteerd als ik het woord single hoor als aanduiding voor iemand die zich niet in een amoureuze relatie bevindt. Ik wilde de cultus rondom het single-dom zijn pluimen ontnemen. Ik vind het nog steeds raar dat er een etiket bestaat voor iemand die geen relatie heeft, maar dat de pendant double niet bestaat. Discriminatie op semantisch niveau die zich ook maatschappelijk liet voelen. Bovendien voelde ik verzet tegenover alles wat het alleen-zijn verheerlijkte: de single-status als lifestyle, ik was niet mee. Ik maakte die blogtekst nooit af omdat ik me ergens ook een enorme zeikerd zou voelen als ik eens haarfijn zou gaan uitleggen waarom single zijn geen lachertje is. 

Het zegt vooral veel over hoe ik me op dat moment voelde. Ik was graag alleen en ik vond van mezelf ook dat ik goed alleen kon zijn. Tijdens een drukke dag kon ik verlangen naar het moment dat ik alleen zou zijn, veilig in mijn thuishaven van waaruit ik dagelijks met mijn bootje vertrok en er weer naartoe roeide als het mij te veel werd. Het kostte mij geen enkele moeite om avonden alleen te spenderen, in de zetel met een boek bijvoorbeeld. Om een weekend geen sociale afspraken te hebben en helemaal alleen te kunnen beslissen hoe ik mijn sportieve activiteiten zou inplannen. Ik kon zo vroeg opstaan als ik zelf wilde. De rommeltjes in huis waren helemaal alleen van mezelf. Ik kon elke dag kiezen wat de pot schafte. Bovendien werd ik graag gezien door mijn nabije omgeving. Ik was sociaal liefdevol omringd. Er was altijd iemand die met mij een koffie wilde gaan drinken. Ik was een plantrekker die in haar eigen wereldje de baas was. Ik vond dat ik best goed kon thuiskomen bij mezelf.

Er was ook een keerzijde aan de medaille. Ik voelde vaak een onbestemd, maar wel heel groot gemis. Mijn thuis was net zo goed een plek waar ik mezelf in hardheid onderdompelde. Ik werd soms doodmoe en besluiteloos omdat ik werkelijk over alles moest nadenken en elke beslissing er één van mezelf was. Voor iemand die al een neiging heeft tot overpeinzen is de denklast als alleenwonende bijzonder hoog. Ik kon geen enkel klusje uitbesteden. Ook financieel voelde ik veel druk. Ik moest bovendien vaak de aanname ontkrachten dat ik meer tijd zou hebben dan iemand die een gezin had. Een huishouden van één persoon draaiende houden met één persoon is net zo goed heel veel werk. De norm lijkt te zijn dat je niet alleen bent en dat versterkte het gevoel dat ik me onbegrepen, ongehoord of irrelevant voelde. Ik voelde me best vaak eenzaam en ik moest ook steeds harder mijn best doen om dat voor mezelf te blijven ontkennen.

Ik ken een raadsel over eenzaamheid, het gaat als volgt: wat doet pijn en telt voor twee? – Spinvis

Ik heb echt heel gezellige kerstdagen met mezelf beleefd waarbij ik vooral blij was met de vrijheid die ik had om mijn eigen feestje vorm te geven. Wat steeds vaker pijn ging doen was om thuis te komen bij alleen mezelf nadat ik een weekend met zussen of ander goed gezelschap had gespendeerd. Ik had dan wel huisdieren die blij waren met mijn thuiskomst, maar ik werd ook weer teruggeworpen op het bikkelharde regime dat ik mezelf had opgelegd. Thuis kon ik mijn wagentje niet aankoppelen aan dat van een ander. Ik verzeilde vaak in aanslepende interne dialogen met een ontmoedigende ondertoon. Mijn vrijheid ging behoorlijk beklemmend aanvoelen omdat mijn referentiekader alleen op mezelf was afgestemd. De tijd die voor me lag leek eindeloos, maar de eisen die ik stelde aan de opvulling ervan waren torenhoog.

Ik hou van de zee en ik hou ook van de muziek van de Nederlandse singer-songwriter Froukje. Haar recentste album Noodzakelijk Verdriet zou ik een jankplaat in positieve zin durven noemen. Er is de afgelopen weken nog geen dag voorbij gegaan dat ik niet naar Froukje heb geluisterd. Het nummer Zeeën van liefde katapulteerde me helemaal terug naar de periode in mijn leven dat ik alleen was. Van alles dat erg is, is het alleen doen het ergst – het allerergst. Herkenbaarheid alom. Hoe vaak ik me reddeloos en afgedreven voelde. Dat ik echt niet wist wat ik in hemelsnaam aan moest met zeeën van tijd. Ik zal de verdrietige kant van die periode niet snel vergeten en dat hoeft ook niet. Het was immers niet al kommer en kwel. Ik leerde ook heel veel over mezelf en daar heb ik nog dagelijks iets aan. 

Zoals dat hier tegenwoordig gaat op mijn blog krijgt een initieel triestig verhaal een sprookjesachtige wending. Ik ben nu niet meer alleen, ik ben samen met Hans en wij zijn toch echt wel het koningspaar van de sfeer en gezelligheid. Ik ervaar nu hoe fijn het is om met z’n tweeën te zijn, om de zeeën van tijd op te vullen met zeeën van liefde. Om samen aan zee te zijn, er samen te wandelen en te lopen. Soms uitgelaten pratend, soms zwijgzaam zij aan zij. Ik heb nu een echt klankbord. Iemand die met mijn grapjes lacht en mij ook aan het lachen brengt. Iemand om ’s avonds mee in de zetel te zitten, ieder weggedoken in een boek, maar wel arm tegen arm om te voelen dat we niet alleen zijn. We zijn elk een 1’tje, maar samen zijn we zoveel meer dan 2. 

*Mijn eerste single kreeg ik op mijn 12e: het onnavolgbare La tribu de Dana van Manau, een Franse hit nota bene. Ik zal dat schijfje voor eeuwig bewaren, daar kan geen Spotify tegen op.

Een verjaardagskaart voor Marike

Liefste sisje

34 jaar geleden werd jij geboren op een zondag, de dag dat Nelson Mandela werd vrijgelaten na 27 jaar gevangenschap. Ik zei het al eerder, maar het kan geen toeval zijn dat wij uitgerekend op die historische dag een zusje kregen dat in zorgzaamheid en vredelievendheid haar gelijke niet kent. Inmiddels ben je mama van Leah & Emil en een ervaren kinesitherapeut met een specialisatie in de neurologische revalidatie die een eigen praktijk runt. Je bent de lijm van onze familie. Een luisterend oor voor al wie het nodig heeft. Een sportieve doorzetter ook, die hopelijk dit jaar haar langverwachte debuut op de 10 Miles zal maken na een succesvolle trail-passage in Houffalize. Je bent een zus uit de duizend die heeft geleerd om te lachen en te relativeren, om haar chaotische inborst te omarmen en het leven als een wervelstorm te nemen zoals het komt.

Jij blijkt dus een zondagskindje te zijn, al zijn wij vooral geluksvogels met jou in onze buurt. Een zondag biedt een zee aan mogelijkheden voor de immer bedrijvige Marike Odeyn. Zondag bakdag. Zondag loopdag. Zondag familiedag. Zondag tuinwerkdag. Behalve zondag rustdag, want jij werd niet geboren met een zittend gat. Er moet altijd iets gebeuren, er is altijd iets op til. Ik krijg wel eens de vraag of jij het niet erg vindt dat Roos en ik vaak samen op pad zijn. Nee dus, zo werkt dat niet bij zussen. Je bent niet jaloers op elkaar omdat je weet dat ze elk belangrijk zijn op hun eigen manier. Een zus is iemand die een stukje van jezelf meedraagt en je daarom altijd zal begrijpen. Iemand die altijd het goede in je ziet, je onvoorwaardelijk zal steunen en je nooit in de kou zal laten staan.

Over kou gesproken. Jij leerde ons dat mensen allergisch kunnen zijn voor de kou en dat is echt geen pretje, zelfs als je in de Kempen woont en niet in Siberië. Ik kan veel daden van jouw zussenliefde benoemen: meefietsen tijdens een ellelange duurloop in barre omstandigheden bijvoorbeeld. In dezelfde categorie valt ook: je verjaardag vieren in de tuin bij een temperatuur rond het vriespunt. Enter het corona-tijdperk. Gezellig met z’n allen rond het vuur, want vieren zouden we je! Gelukkig kunnen we vandaag warmer en dichter van elkaars gezelschap genieten. Met een loopje, een lunch en een stukje taart. Zondag zussendag. Die was ik nog vergeten. Voor ons de allerbelangrijkste.

Liefste Rikkie, ik wens jou een schitterende verjaardag toe. Laat je maar eens goed vieren en geniet van Leah die zal zingen van de koe die zegt I love you en happy birthday to joe! Op naar nog veel meer zondagen samen. Een heel grote cheers op jouw gezondheid!

Joke X

Gelukkige Gedichtendag!

Jawel, het is weer Gedichtendag! De aftrap voor de Poëzieweek 2024 is daarmee een feit: een week waarin alle talige registers worden opengetrokken, de taal zegeviert en we onze voelsprieten kunnen afstellen. De deur openzetten voor een gedicht dat betekent namelijk lucht door je hoofd laten stromen en eens goed rondkijken. Het thema van de Poëzieweek is “thuis”. De Nederlandse dichter en auteur Edward Van de Vendel schreef het Poëziegeschenk Kom nog even naar mij kijken straks, 10 gedichten over je thuis voelen.

Ik liet mijn leerlingen van het vijfde jaar in de klas nadenken over wat een thuis is. Wat telkens terugkeerde, was dat het een plek is waar je jezelf kan zijn en waar je veilig bent met daarbij een resem herkenbare familietaferelen. Met die insteek vulden ze op een beeldende manier “Mijn thuis is waar” aan. Restte mij enkel nog om een compilatie te maken van hun woorden en beelden.

Mijn thuis is waar

het stil mag zijn
stilte nooit awkward is
we samen kunnen zwijgen
drukte rustig wordt
mijn gedachten pauzeren
ik vrij ben

ik kan ademen
ik aan niks moet denken
ik zowel zing als vloek
ik kan kiezen en verliezen
ik geen rol hoef te spelen
ik als een zwerver kan rondlopen
ik mijn gênantste pyjama draag

Den Dreef is
mijn Playstation staat
mijn spullen rondslingeren
mijn bed me in slaap wiegt
mijn kat ijsbeert tot ik er ben

mijn tandenborstel vrolijk zoemt

ik geen Nederlands moet spreken
ik boterhammen met choco eet
ik mijn roots kan proeven
ik “ya vengo” roep als het eten klaar is
ik elke dag moet afwassen
ik veel te vaak de tafel dek
kraanwater het beste smaakt

we pistolets eten op zondag
we de dag beginnen in kamerjas
de keukentafel iedereen kent
en er soms ruzie is

de zomers beginnen in de tuin
de muren mij beschermen
de muren geen oren hebben
de wanorde welig tiert

het normale bijzonder is
alleen zijn niet eenzaam is
eenzaamheid aangenaam is
de realiteit niet bestaat

altijd iemand op me wacht
altijd ergens een lamp brandt

Mijn thuis is waar ik steeds weer thuiskom.

Onthoud dat iedereen zich in poëzie kan thuis voelen. Ik zeg: cheers op de poëzie!

Loperspraat – Mijn sportieve voorjaar van 2024

Sneeuw schreeuwt erom belopen en bewandeld te worden. Elke kans om je sporen in – bij voorkeur ongerepte – sneeuw na te laten kan je dus maar beter met beide voeten aangrijpen. Wielen en sneeuw, dat is een heel ander verhaal. Ellende op de fiets was vorige week mijn deel, maar je zal me niet horen klagen over de winterprik die januari in petto had. Zes dagen op rij kon ik onder een stralende hemel over en door de sneeuw lopen dankzij het sneeuwbommetje dat ons land teisterde. Er gaat iets magisch uit van een sneeuwtapijt dat voor je uitgestrekt ligt. Ook als je niet meer goed ziet waar de gebaande paden liggen, maar wel zo ongeveer weet welke richting je uit wil. Net zoals het nieuwe jaar dat zich beloftevol aandient en een zee aan sportieve mogelijkheden biedt. Ik vertel graag wat meer over mijn voorjaarsplannen.

Na de drukke decembermaand lijkt januari op loopgebied altijd weer een maand van opbouwen te zijn. Hoewel ik kilometers blijf maken en mijn looptrainingen dus nooit stil liggen, voelt het toch alsof ik weer een draadje oppak dat is blijven liggen. De pijntjes van het vorige jaar verdienen nu echt een plan van aanpak. Rug recht en de blik vooruit. Plannen smeden en doelen stellen, samen met de loopmaatjes. Tijd om weer eens te voelen wat er nog in het vat zit. Training mode on. Dankzij Hans doe ik dat tegenwoordig over prachtige en gevarieerde routes en in het allerbeste gezelschap. Mijn eerste wedstrijd staat gepland op 18 februari. Dan zal ik de 26 kilometer lange Ferme Toer Trail lopen in Binkom, een mooi stukje Hageland niet zo gek ver van mijn deur. Een week later staat Roos aan de start van de Druivenmarathon in Overijse. Daar moet ik natuurlijk bij zijn, mogelijk om een kortere afstand te lopen, maar hoe dan ook om mijn zusje te steunen.

Op 10 maart zakken Roos en ik traditiegetrouw af naar Den Haag voor onze geliefde halve marathon, de CPC Loop. Ja, lieve lezers, Den Haag: dat het de stad is waar ik altijd een beetje thuiskom, dat weten jullie al. Wat ik nog niet vertelde, is dat ik er vorig jaar naast de officiële CPC Loop in maart (waar ik gemengde gevoelens aan overhield) ook nog 2 CPC’s in de zomer liep. De tweede helft van juli verbleef ik namelijk in Den Haag, onder andere om te bekomen van de La Chouffe Trail. Ik zou eens echt rust nemen en niet overdreven veel lopen, zo beloofde ik Roos. De eerste week ging dat goed: ik liep wat kortere rondjes over een pad door de duinen en een klein stukje over het strand. Tot ik plots op een onverwacht moment zin kreeg om het CPC parcours te lopen, een halve marathon dus. Ik bestudeerde het parcours nog eens aandachtig en probeerde het zo goed mogelijk te memoriseren. Mijn eerste poging was er één in de gietende regen en met twee kleine vergissingen. Ik gaf mezelf onder een stralende zon een herkansing de dag nadien. De adrenaline van de laatste lijn richting Malieveld en finish voelde ik net zo goed door mijn lijf razen, ook al liep ik braafjes op het voetpad. Deze twee extra CPC’s met parcourskennis had ik al op zak. De echte CPC leek toen nog eindeloos ver weg, maar inmiddels verbazingwekkend dichtbij. Zin in!

2024 zal op marathongebied in het teken staan van de grensverleggende buitenlandse marathon. Ik kijk natuurlijk uit naar mijn marathondebuut op de iconische marathon van Berlijn op 29 september. In het voorjaar staat er ook iets bijzonders te gebeuren: een marathon in Italië, jawel! Hans en ik zouden aanvankelijk de marathon van Düsseldorf lopen nadat we daar heel wat goeds over hoorden. Tot bleek dat die sinds 2 jaar niet meer georganiseerd wordt. Een klein dompertje dat binnen de 10 minuten werd opgelost met een nog mooier plan: de marathon van Milaan op zondag 7 april. Een authentieke stadsmarathon die een prachtige ronde door het hart van de stad belooft. Ze kunnen mij natuurlijk veel wijsmaken aangezien ik nog niet eerder in de Italiaanse modestad was. Mijn doel voor die marathon? In topvorm aan de start staan om alles te geven, maar vooral ook om er samen een mooi reisje van te maken met de nodige cappu’s en wijntjes, voor dan wel na de marathon.

Mogelijk pik ik in februari nog eens een cross mee. Het zou zonde zijn om die gloednieuwe (en inmiddels weer propere) spikes nu al aan de wilgen te hangen. Verder staan er nog twee oude getrouwen op de planning: de 10 Miles van Antwerpen, aangezien het stad sinds mijn marathonoverwinning nu ook een beetje van mij is. Wie weet dit jaar ein-de-lijk met Marike aan de start? Daarnaast – uiteraard – ook de 20 kilometer van Brussel, waar ik toch een klein rekeningetje te vereffenen heb na mijn frustraties van vorig jaar. Met stip genoteerd op mijn supporterskalender: de Jogclub Ultra op Paasmaandag met trailtandem Roos en Joni aan de start, een wedstrijd van 58 (mogelijk modderige) kilometers over het mountainbikeparcours Seppe Odeyn. Voilà, bij deze verklaar ik ook het blogjaar 2024 officieel voor geopend. Dat het ons veel stof tot vertellen mag brengen!

Het moment – En nu op naar 2024!

Lieve lezers

De laatste dag van het jaar is een zondag, hoe mooi is dat? We zeggen dit jaar vaarwel op de laatste dag van de week en verwelkomen een nieuw jaar op een maandag. Het is het soort structuur waar ik blij van word. Een oudejaarsbericht schrijven zou ik inmiddels een traditie kunnen noemen, ook daar hou ik van: een moment om even stil te staan bij wat is geweest. Een plechtig afscheid dat tegelijkertijd een begin is. Ik zal echter niet proberen om het jaar te vatten in een woord of het te voorzien van een label. Wat dan weer niet wil zeggen dat er niks te zeggen valt over 2023. Oh ja, wat was het intens! Oh ja, wat was het een bewogen en bijzonder jaar! Dat schoot ook door mijn hoofd toen ik vandaag tijdens mijn laatste kilometer van de Eindejaarscorrida over de Grote Markt liep. De zon scheen en de klokken begonnen te luiden. Ik had 12 kilometer geknald door de bochtige Leuvense straten. Voor het eerst sinds lang dacht ik: wat kijk ik uit naar wat het nieuwe jaar me zal brengen.

Mijn 2023 laat zich netjes in tweeën breken zoals ik daar erg kundig in ben met mignonettes van Côte d’Or. De eerste helft ging verder op het donkere pad waar de afgelopen jaren me hadden gebracht. Bonjour tristesse in het kwadraat. Elke dag zat er een ongenode gast bij mij aan tafel om me te confronteren met mijn angsten. Ik moest knokken om het hoofd boven water te houden. Er waren absoluut sportieve hoogtepunten en mooie familiemomenten, maar de duistere ondertoon was knagend en zeurend aanwezig. Het ging meestal niet goed met mij. Daar kwam stilaan verandering in toen de zomer losbrak. Om die reden zou ik 2023 onvergetelijk en bevrijdend durven noemen. 2023 bleek een jaar te zijn waarin minder meer werd. De cijfers van mijn jaar illustreren dat. Ik liep en fietste “slechts” 12.419 kilometer bij elkaar, ik las “amper” 35 boeken en dit is “maar” mijn 42e blogpost. 2023 was echter een topjaar. Ik kon een stadsmarathon op mijn naam schrijven en 2x onder die magische 3 uur marathongrens duiken. Maar vooral: de kleine en grote Joke vonden in Hans hun vriendje voor het leven. Door te lezen, te schrijven én te dromen vond ik de liefde. Beter wordt het niet, geloof me.

Mijn Spotify Wrapped bevestigde dat ik het afgelopen jaar weer wat meer lucht en licht in mijn leven kreeg. Mijn topnummer bleek Out of My Head van First Aid Kit te zijn, ik beluisterde het maar liefst 311 keer. Een song zoals alleen de Zweedse zusjes Söderberg het kunnen brengen: hoop verpakt in een melancholisch jasje, net waar ik behoefte aan had. Ik luisterde het vaakst naar hun muziek in februari. Ook George Ezra bleek – toch wel verrassend – één van mijn best beluisterde artiesten te zijn. Hallo ongedwongen popsong! Vooral het aanstekelijke Dance All Over Me luisterde ik erg vaak. Juli bleek dan weer de maand van Mumford & Sons te zijn. In september was het al Crowded House wat de klok sloeg en oktober was voorbehouden voor good old Leonard Cohen.

Over de sportieve staart van 2023 valt ook nog wel wat te vertellen. Een week na mijn debuut op de cross liep ik de 44 kilometer van de Meerdaalwoudtrail. Man, wat zag ik daar af! Vanaf kilometer 15 voelde ik dat het niet mijn dag zou worden. Het was harken en krabben, bergop taffelen en door de modder ploeteren in het zog van mijn maatje Sam, die gelukkig heel wat boeiende verhalen te vertellen had. Zelfs voor een ervaren afstandsloper is 30 kilometer nog lang als het pijn doet. Enfin, ik haalde de finish en moet niet te hard zeuren, want ik werd tweede achter de bijzonder sympathieke Babette. Roos en Joni, die andere looptandem, beleefden veel plezier aan hun 30 kilometer. Mijn jeugdvriendin Elizabeth stond bovendien aan de finish en zo kwamen er heel wat lijntjes van mijn leven samen. Na een warme douche en een boterham voelde ik weer wat leven door mijn lijf stromen en begonnen we aan onze supportertocht van Hans, die maar liefst 101 kilometer bij elkaar liep tijdens de Bello Gallico. Een inspirerende tour de force om heel trots op te zijn!

Voor nog meer inspiratie en de betere levenswijsheid kan ik altijd terecht bij mijn 4-jarige oogappel en metekindje Leah. Dit jaar kwam ze het kerstfeest door zonder builen of blutsen. Ze kreeg bovendien een kinderfototoestel van Bomma, wat een echte hit bleek te zijn. Foto’s van mensen maken is leuk, maar foto’s van het meubilair maken zo mogelijk nog leuker. Sta eens stil bij de kleine dingen in je omgeving en beschouw het alledaagse niet als vanzelfsprekend. Check. Leah zegt vaak “subiet” als je haar vraagt om iets te doen. Laat de dingen wat meer op hun beloop. Take it easy. Check. En tot slot, toen ze op de wc zat zei ze plots uit het niets “privacy”. Ik dacht eerst dat ik het niet goed begrepen had en vroeg haar het nog eens te herhalen. Pri-va-cy, zei ze, nog net ietsje luider. Je grenzen aangeven en bewaken in het leven. Check.

Ik mocht het afgelopen jaar mijn 5e blogverjaardag vieren. Mijn allerliefste en dierbaarste lezers, wat ben ik jullie dankbaar! Dat zeg ik niet voor de eerste keer, maar ik kan het niet genoeg benadrukken. Jullie zijn de vlam in de pan van deze blog, het kloppende hart, mijn drijfveer om te blijven schrijven over wat mij zoal bezighoudt. Dankzij jullie heb ik van deze plek een volwaardige hobby kunnen maken die me zo ontzettend veel gebracht heeft. Mijn laatste woorden zijn dan ook – traditiegetrouw – voor jullie. Ik wens jullie een schitterend 2024 toe. Dat het jullie veel geborgenheid en genegenheid mag brengen, veel slaap- en sportplezier met dromen groot en klein. Ik wens jullie de allerlekkerste koffie of gewoon veel gezelligheid en een spinnende kat op schoot of gewoon een hartverwarmend moment. Neem het jaar zoals het komt, maar bovenal: blijf dromen.

Joke
X

Het boek – De lezer en het interview

Een lezer heeft altijd iets te vertellen. Met dat idee liet ik mijn leerlingen van het vijfde jaar ergens aan het begin van het schooljaar een lezer uit hun omgeving interviewen. Tijdens de voorbereiding in de klas wierp ik mezelf gewillig op als vrijwilliger om te testen welk type vragen een boeiend antwoord opleveren. Ik hoopte bovendien dat mijn doorgaans niet bepaald boekminnende kinderen door middel van een persoonlijk verhaal wat meer te weten zouden komen over waarom mensen wél graag lezen en wat dat voor hen betekent. De geïnterviewde lezer moest iemand uit hun omgeving zijn die jonger dan 12 of ouder dan 18 was. Mama’s werden daarbij het vaakst onderworpen aan een vragenvuur naar hun leesgewoontes, op de voet gevolgd door de lezende papa’s. Oma’s en opa’s waren eveneens van de partij, net zoals de broers, zussen en goede buren. Dit zijn opdrachten die ik met heel veel plezier lees omdat ik een inkijkje krijg in het leven van mijn leerlingen en wie hen zoal lezend omringt. Reden te meer om uit al dat moois wat met jullie te delen.

Laat ik beginnen met wat een zee van herkenbaarheid bleek te zijn voor heel wat geïnterviewde lezers: de jeugdauteurs die een bijzonder plekje hebben veroverd in lezende kinderharten en zaadjes hebben geplant om lezertjes te laten groeien. Twee namen steken daar met kop en schouders boven uit: wie anders dan Roald Dahl en de Harry Potter boeken van J.K. Rowling. Daarnaast keerden ook Jan Terlouw, Thea Beckman en Astrid Lindgren vaak terug als vroege leesherinneringen. Net zo herkenbaar lijken de redenen te zijn waarom mensen zo graag lezen: het is de ultieme vorm van ontspanning waarbij je je terug kan trekken in je eigen hoofd, maar wel in een andere wereld. Lezen verruimt je blik en houdt je hoofd gezond. Het gaat om je kunnen inleven in personages. Heel wat lezers hebben daardoor al eens moeten afkicken van een verhaal. Uitgeverijen die in tijden van crisis beknibbelen op covers en vormgeving zouden dat beter niet doen. Een boek keuren op basis van de omslag is namelijk de uitgelezen manier om een keuze te maken. Het papieren boek is nog lang niet passé, net zoals de liefde voor een eigen bibliotheek of die van de plaatselijke gemeente.

IMG_3386b

Mijn leerlingen peilden in hun interviews vaak naar dat ene lievelingsboek of boeken die levens hebben veranderd. In het Nederlands bleek dat meermaals Sprakeloos van Tom Lanoye te zijn, Oorlog en terpentijn van Stefan Hertmans en ook De zondvloed van Jeroen Brouwers. In de categorie non-fictie staat Rutger Bregman met stip op nummer 1 met zijn De meeste mensen deugen. Ook heel wat populaire titels van de afgelopen decennia passeerden de revue. Om te beginnen De schaduw van de wind van Carlos Ruiz Zafón dat menigeen in betovering heeft gebracht, net zoals De alchemist van Paolo Coelho en Het parfum van Patrick Süskind. In de categorie “raak eens een gevoelige snaar” werden velen (begrijpelijk) geraakt door Stoner, de verborgen parel van John Williams. De liefhebbers van het tranendal vonden hun gading bij Hanya Yanagihara’s A Little Life. De meest recente titel die de gemoederen beroerde bleek Where the Crawdads Sing van Delia Owens te zijn.

Aan liefhebbers van het klassieke werk was er absoluut geen gebrek. Ik was verheugd dat Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Márquez, één van mijn lievelingsklassiekers vaak vernoemd werd. Ik kon me ook helemaal vinden in de vermelding van A Farewell to Arms, mijn lievelingswerk van Ernest Hemingway. John Irving scoorde met The World According to Garp. Jane Austen en haar Pride and Prejudice vertegenwoordigde de geëmancipeerde vrouw in de 19e eeuw met verve. Ik las een lofzang op Don Quichot waardoor ik nu toch lichte druk voel om me eens aan die klepper te wagen. Er bleken ook heel wat fans van het (zwaardere) Russische werk onder de geïnterviewde lezers. Misdaad en straf en de mentale helletocht van Raskolnikov kwam vaak terug. Ook Lolita werd geprezen om het taalspel dat Vladimir Nabokov op de lezer loslaat. Het vurigste pleidooi kwam zonder twijfel van een lezer die in het spoor van Boelgakovs De meester en Margarita een reis door Rusland had gemaakt. Ze las de roman inmiddels 4x in het Nederlands en 3x in het Russisch.

IMG_3354b

Heel wat lezers droomden van literaire dates met hun favoriete auteurs of personages. Zo was er een mama die maar al te graag een romantische avond met Bart Moeyaert wil doorbrengen omdat ze, geboeid door zijn schrijfstijl, meer wil weten over hoe hij in het leven staat. Een papa wilde postuum iets gaan drinken met Jeroen Brouwers omwille van de geniale wijze waarop hij zijn eigen hoop en verlangens deelt in zijn oeuvre. Hij had ook vragen over het schrijfproces van de naar verluidt Beste Pen van de Nederlandstalige Literatuur. Er was ook een oma die een ontmoeting met Isabel Allende wel zag zitten. Ze zou haar willen vragen hoe het nu gaat met haar kinderen en de moeilijke relaties die ze heeft gehad met de mannen in haar leven. Ook de politieke situatie in Chili zou een gespreksonderwerp kunnen zijn. Van levensreddende aard zou de ontmoeting tussen een papa en Werther uit Het lijden van de jonge Werther zijn. Om te kunnen voelen hoe diep de liefde kan snijden en met de hoop de jongeman te kunnen redden van de ondergang door middel van een goed gesprek en wat medeleven.

Lezers kunnen een heel intieme band hebben met een auteur. Een mama las Gloed van Sándor Márai toen ze haar partner leerde kennen. Het verhaal over onvoorwaardelijke liefde was zowel herkenbaar als toepasselijk voor dat bijzondere moment in haar leven. Ze heeft het boek om die reden al meermaals herlezen en schreef nadien ook een gedicht voor haar partner dat geïnspireerd was op dit boek. Er was ook een grote fan van Haruki Murakami die al zijn boeken gelezen heeft en ongeduldig wacht op nieuw werk van de Japanse topauteur. Erg herkenbaar vond ik de manier waarop ze beschreef hoe Murakami als geen ander zijn lezer kan meeslepen in zijn eigen universum en de bespiegelingen die hij geeft op het leven. De sfeer die hij creëert is uniek, verslavend zelfs, meer dan dat de plot belangrijk is. Ook mijn favoriete Noorse auteur Karl Ove Knausgård werd geëerd omdat iemand van hem leerde dat er juist een enorme kracht uitgaat van je kwetsbaar durven opstellen.

IMG_3375b

Het meest kwetsbare verhaal kwam van een papa die zichzelf op de één of andere manier kon herkennen in het personage Frans Laarmans uit Elschots oerklassieker Kaas. Laarmans is een klerk bij een scheepvaartmaatschappij die via zijn broer (een dokter) veel contacten van hogere stand heeft. Zo komt hij in contact met een kaasmaker die iemand zoekt om zijn kaas te verkopen. Hij gaat het kaas-avontuur aan, maar vanaf het begin weet hij dat hij er niet voor geschikt is. Hij beschikt over de nodige capaciteiten, maar heeft niet de overtuiging om er vol voor te gaan. Hij voelt zich een bedrieger. In dit personage herkent mijn vader een verborgen zelfrelativering, het gevoel dat ondanks alles wat je wil zijn en probeert te zijn, het een soort van façade of masker is en je eigenlijk weet dat je maar een showman bent. Dat je volledig ontoereikend bent voor het echte, publieke leven, en je voelt dat je ook academisch of als vader en echtgenoot tekortschiet.*

IMG_3364b

Onder de lezers waren er ook wat die (al dan niet stiekem) ooit droomden van een carrière als schrijver. Zo was er een papa die vertelde hoe hij ooit geprobeerd heeft om zijn gedachten op papier te zetten in een boek over zijn eigen leven. Hij begon hieraan toen hij 25 jaar oud was, met de bedoeling het als een soort therapie te gebruiken. Na het schrijven van één hoofdstuk besefte hij dat het niet zo goed hielp als hij verwachtte en is hij gestopt met schrijven.* We zullen dus nooit weten welk literair talent er al dan niet verloren is gegaan. Er was ook een leerling die haar schrijvende oma had geïnterviewd. Volgens mijn oma is schrijven altijd een verborgen talent van haar geweest. Ik ben het hier niet mee eens, mijn oma heeft mensen laten lachen dankzij taal, ze heeft haar mening kunnen en durven uiten en ze heeft zo veel mensen kunnen ontroeren met haar gedichten en verhalen, waaronder ik. Dan is schrijven toch geen verborgen talent? Nee, dan is schrijven een passie. Ik kan met trots zeggen dat mijn oma een schrijfster is. Misschien niet degene die zij verwacht had te zijn, maar ze is er één op haar eigen originele manier, haar manier om mijn schrijfster te zijn.*

Uit de teksten van mijn leerlingen leerde ik wat een reading slump is. Ik werd een beetje jaloers op een persoonlijke bibliotheek die maar liefst 1300 boeken telt. Ik ben bovendien erg benieuwd naar The Killers van Hemingway, een kortverhaal waarin zogenaamd niets gebeurt, maar waarin de spanning te snijden is. Ik ben al mijn leerlingen zoals steeds veel dank verschuldigd voor de inspiratie. In het bijzonder deed ik iets met de teksten van Aisha, Alex, Amos, Ana, Babette, Bagas, Bas, Bo, Camila, Daan, Eva, Florentina, Ilham, Jan, Jaira, Jana, Janne, Jesse, Jitte, Jozefien, Jules, Juul, Kamiel, Kasper, Lars, Lena, Leon, Leylani, Lila, Lilith, Loes, Lore, Louis, Lucien, Margo, Marit, Marjan, Matthia, Mats, Merel, Mina, Mira, Mohamed, Myrthe, Nena, Nika, Noor, Pablo, Pauline, Pixie, Rebecca, Roos, Sam, Sophia, Stan, Stephanie, Vos, Wietse, Yara, Vicky en Zakaria. De citaten aangeduid met een * heb ik letterlijk overgenomen.

IMG_3381b