Loperspraat – Mijn sportieve plannen voor 2026

Ocharme januari, ik denk dat het één van de meest verguisde maanden is. Doorgaans donkerder dan stiekem gehoopt, winterachtig van aard en de zomer nog ver ver weg. Neem daarbij een portie onrealistische – zogenaamd – goede voornemens (het moet nu ineens anders) en je hebt een ontnuchterende cocktail van desillusie en valse hoop te pakken. Bij mij werkt dat dus niet zo. Januari is voor mij echt dat witte blad waarop er weer volop plannen geschetst en uitgetekend kunnen worden. Met onze Cloud Dancer in gedachten, de kleur van het jaar volgens Pantone, is die lei dit jaar eens zo wit. We vliegen er kortom weer in, aan plannen zelden een gebrek.

Snel zijn en ver vooruit durven denken blijft de boodschap voor wie zich wil inschrijven voor een loopevenement. Vorig jaar was ik er een week niet goed van dat de CPC Loop in Den Haag al uitverkocht was toen wij ons wilden inschrijven. Gelukkig viel er een plan B uit de bus: tot een week voor de race wachten tot startnummers massaal verkocht werden op Marktplaats. Zo liepen wij vorig jaar dus de halve marathon van de CPC als Stella en Annefleur. Hans moest noodgedwongen vertrekken vanuit de laatste startbox. Een prestatie die hem het inhaalmanoeuvre van de eeuw opleverde bij zijn CPC-debuut. We hadden er weer een verhaal bij en een zonnig weekend in Den Haag. Eens zo gemotiveerd waren we om dit jaar braaf in de digitale wachtrij te gaan staan. Met resultaat: we konden een startbewijs voor de jubileumeditie bemachtigen. De CPC viert op 15 maart namelijk zijn 50e verjaardag! Eentje die wij niet zullen missen, deze keer dus gewoon als Joke en Hans, maar met een ongetwijfeld even goed verhaal.

April zal ook dit jaar dé marathonmaand zijn. Het EK bracht ons vorig jaar van Brussel naar Leuven. Om heel veel redenen werd dat een onvergetelijke ervaring. De stad Leuven heeft alles in haar mars om een marathon te hosten. Denk: historisch karakter, een lange rechte Vaart, een overenthousiaste bevolking die in grote getalen komt opdagen als er iets te beleven valt én ook zelf maar wat graag de loopschoenen aantrekt. Het EK bleek een zaadje te hebben geplant voor een boom die ook dit jaar zal bloeien. Op 19 april zal ik aan de start staan van de Leuven Marathon. Het parcours wordt een variatie op dat van het EK. Geen start in Brussel, wel een rondje centrum, een lekker lang stuk langs het water en een passage over het gravel van Meerdaalwoud. Wederom dus een gevarieerde trip down Memory Lane in ongetwijfeld heel mooi gezelschap. Hans, Roos en Joni zullen ook de hele marathon lopen (mogelijk worden er zelfs allianties gesmeed). Papa en Marike lopen de halve marathon. Je hoeft niet te voetballen om thuismatchen te kunnen spelen.

In mei trekken Hans en ik naar de bergen en het buitenland voor een grensverleggend avontuur. We zullen op vrijdag 15 mei aan de start staan van de Trail Alsace by UTMB. Wij lopen de Ultra-Trail des Païens, een mystieke naam die verwijst naar de Keltische roots van de Elzas. Naamgeving en decor is belangrijk, dat weten ze heel goed bij UTMB. Het belooft een hallucinant stuk lopen te worden van maar liefst 109 km met 3900 hoogtemeters. De route brengt ons van Orschwiller naar Obernai langs kastelen en wijngaarden met het ene fenomenale zicht na het andere, dat is toch de romantische benadering. Jullie weten dat ik trails steevast afmeet aan de Chouffe trail en ik heb uit goede bron (Hans) vernomen dat beklimmingen in de Elzas niet technischer zijn dan de Ardennen, maar wel langer. Mijn geheime wapen: een paar spiksplinternieuwe trailstokken. We vertrekken gelukkig ’s ochtends, wat mijn maagdarmstelsel zal kunnen waarderen. Een uitdaging van formaat, dat sowieso, eentje waar we heel erg naar uitkijken! En als Seppe zich een beetje haast op de langste afstand van 156 km kunnen we hem op zaterdagavond zien finishen.

In juni gaan we nog eens terug naar Bouillon. Onze promotie voor de (een beetje) verborgen parel van de Ardennen heeft in kleine kring gewerkt. Joni en Roos zullen op 6 juni present tekenen voor de 100 km. Hans, Sam en ik zullen de 35 km lopen. We proberen Pieter nog te overtuigen om zijn karretje aan te hangen. Het is voor ons een degelijke uitdaging om de trailbenen gaande te houden voor wat nog komen zal. Heel bijzonder dat we er nu in uitgebreid gezelschap aanwezig zullen zijn. En ja hoor, gelukkig zullen we allemaal de Tombeau du Géant te zien krijgen. Ik verplicht nu al iedereen om daar een adembenemende selfie te maken, weer of geen weer.

Na de Trail des Fantômes was ik vorig jaar helemaal klaar met de (te) grote loopevenementen die door hun populariteit uit hun voegen barsten. Mij (ons) zou je niet meer op een trail van Sport Events zien bijvoorbeeld. Hun trails worden steeds opgeschaald en de fomo bij een jong publiek aangewakkerd, wat het loopcomfort niet bepaald ten goede komt. Dat ik dan de Chouffe trail zou missen: so be it! zei ik heel stoer. Tot de tijd me wat milder stemde en ik besefte dat ik met mijn principes vooral mezelf in de voet zou schieten. Ik kan de Chouffe trail simpelweg niet missen. Het avontuur wordt op 4 juli namelijk eens zo groot, want met Hans en Sam gaan we voor de Big Chouffe van maar liefst 101 km. Noem het gerust gekkenwerk, want om dit met ons drieën te doen: hoe ongelooflijk zot is dat?!

Het najaar brengt in september een herkansing voor Hans op de Great Escape 200 km. Hij is er eens zo hard op gebrand om die missie nu wel te volbrengen en ik heb eigenlijk ook wel weer eens zin om in de auto te slapen. In november zou het zou zomaar kunnen dat Den Haag een heel mooi wit konijn uit de hoed tovert. Er zou namelijk een marathon georganiseerd worden in onze oh zo geliefde stad. Als dat ervan komt, dan moet en wil ik daarbij zijn.

Tot slot gooi ik er nog een disclaimer tegenaan. Ik heb een dubbele verhouding met het gegeven dat de loopsport tegenwoordig steeds grootsere en extremere vormen aanneemt. Enerzijds vind ik het jammer als iets gehypet en gekaapt wordt door mensen die op een andere manier in de sport staan dan ik. Anderzijds, wie ben ik om er iets op tegen te hebben dat zovelen zich aangetrokken voelen tot de prachtige sport die lopen is? Bovendien pleit ik net zo goed zelf schuldig aan het langer en extremer maken van uitdagingen. Weet dus dat ik me daar bewust van ben. Wat voor mij altijd zal primeren is het avontuur, de ervaring en verbinding die lopen mij brengt. Let the games begin!

Hip hip hoera voor Sam!

Lieve Sam

Wat een nieuws: jij wordt vandaag 30 jaar! Geboren op 8 januari 1996, het zou een koude maandag geweest zijn. Nu weet jij natuurlijk dat ik graag een verband leg tussen iemands persoonlijkheid en de dag waarop die geboren werd. In jouw geval stemt mij dat tot nadenken. Jij, een maandag?! De productieve laten-we-de-week-maar-ernstig-beginnen-dag waarop doorgaans niet al te veel bijzonders gebeurt? Tot mij te binnen schoot dat jij me eens op een koude maandag in december hebt gebeld of ik die avond mee wilde naar een concert van Zwangere Guy in de AB. Jij laat het leven niet begrenzen door de dagen van de week. Elke dag is een mogelijkheid. Elke dag is een kans om er iets bijzonders van te maken. Jij kan elke dag van de week zijn.

4 jaar geleden leerden we elkaar kennen op een koude, natte zondag in januari in Holsbeek bij de Naturarun, één langgerekte modderloop. Je sprak me voor de start aan, had mijn blog ontdekt en zo ook dat ik lesgaf op de school waar jij een leerling was geweest. Jij haalde mij onderweg in. Ik won de wedstrijd. Nadien gaf je toe dat je mij als mikpunt genomen had, maar dat je toch diep was moeten gaan om me voorbij te lopen. Ondanks ons leeftijdsverschil bleken we heel wat raakvlakken te hebben. Een paar maanden later stonden we samen klappertandend in het startvak op de Champs Elysées voor dé Paris Marathon. Aan de finish vierden we met Roos erbij. We beleefden samen iets heel wezenlijks. Onze vriendschap nam een raketstart en daardoor was je eigenlijk ook meteen deel van de familie.

We zijn in veel opzichten tegenpolen. Ik woon in het dorp, jij in de grote stad. Jij wil zoveel mogelijk mensen ontmoeten en de wereld zien, ik ben het honkvaste gewoontedier. Jij staat een nachtje door te stampen op techno, ik dans alleen met Hans in de keuken. Jij bent de man die zelfs onder de douche naar een podcast luistert, ik ben de vrouw die radiostilte nodig heeft. We zijn het cliché van de extravert en de introvert die elkaar naadloos aanvullen. Zowel vertellers als luisteraars, zowel denkers als doeners.

Jij bent een immer bescheiden alleskunner en alleswiller die werkelijk elke kans aangrijpt om iets mee te maken of om de wereld een beetje beter te begrijpen. Het leven lacht je toe, dat is zo, maar het zou te makkelijk zijn om je weg te zetten als een zorgeloos zondagskind. Juist omdat het leven niet altijd mild voor jou is geweest, wil je het nu eens zo hard leven. Jouw fomo draait niet om erbij willen zijn of gezien willen worden, je ziet elk moment als potentieel interessant. Ik kijk vol bewondering toe hoe jij met een oprecht open blik rondom je kijkt, hoe je je kwetsbaar kan opstellen en ook barst van het potentieel. Toujours invaincu! om het met Stromae te zeggen, jou op het lijf geschreven. Je bent bovendien een vriend die heel veel geeft en, ik zou haast zeggen op een ouderwetse manier, een vriendschapsband ook echt koestert.

Wij overbruggen onze generatiekloof met gemak. Op geen enkele manier voelt het aan alsof onze vriendschap door ons decennium verschil niet in evenwicht zou zijn. Met Hans erbij zullen we in de zomer dus als dertiger, veertiger en vijftiger op pad zijn om 100 km aan te tikken. Hoe bijzonder is dat? Ik kijk nu al uit naar de urenlange bijbabbelsessie en de muzikale verrassingen die je voor ons in petto zal hebben. Het mooie is: met jou erbij stijgt het entertainmentgehalte, maar mag het net zo goed saai zijn. Juist door samen zo’n intense sportieve momenten te beleven, weet je ook echt wat je aan elkaar hebt. Heel veel, dat weet ik al langer.

Geniet van jouw dag! Vandaag toevallig een donderdag, maar wat doet jou dat? Vandaag zeg ik: cheers! en gefeliciteerd! Morgen klinken we op jouw gezondheid en ineens ook op de vriendschap en het leven. Op alles eigenlijk en ineens ook op elke dag. Omdat jij ook zoveel bent in één persoon. Hieperdepiep hoera!

Het moment – En nu op naar 2026!

Lieve lezers

Ik heb een dubbele relatie met wit. Pantone’s Color of the Year 2026 is Cloud Dancer: niet meer of niet minder dan een wit-tint. Het is ergens een heel saaie keuze. Van een bedrijf dat wereldwijd elke denkbare kleur standaardiseert, verwacht je wat meer durf. De base line van hun motivatie is dat de wereld nood heeft aan rust. Denk aan: golvende vrede, tijd om te kunnen ademen en de creativiteit weer ten volle te laten draaien. Je kan daar niet tegen zijn. Wit boezemt echter ook angst in, want op die helderwitte bladzijde of dat kraakwitte tafellaken is elk vlekje meteen zichtbaar. Mijn advies: gewoon doen dat wit. Onze witte kater Phineas is het levende bewijs dat wit ook stoer kan zijn (ik noem hem nu mijn kerstpoes). Een wit hemd is voor mij onmisbaar in elke garderobe. Dat vlekje is er zo weer uit en wit is tijdloos. Bovendien hoeft een liefde voor wit geen kleurloos bestaan tegen te werken.

De wolken die zachtjes voorbij dobberen, ik kijk daar naar uit in 2026. Op professioneel vlak bevond ik me in 2025 in stevig stromende wateren. Ik ging van een winkel terug naar het onderwijs om te werken als leerondersteuner. Een job die heel losjes voortborduurt op mijn carrière als leerkracht, maar me vooral de kans biedt om heel veel bij te leren. Het roer eens omgooien: ik kan het iedereen aanraden. Ook op sportief vlak is het zoeken naar een nieuw ritme. De eerste helft van 2025 mocht er absoluut wezen met het EK marathon in Leuven in uitmuntend gezelschap, een grensverleggende 100 km met Hans en 80 Chouffe-kilometers met Sam erbij. De tweede helft hing met wat meer haken en ogen aan elkaar. Enerzijds is er berusting en dankbaarheid voor wat is geweest, anderzijds nog veel ambitie en gedrevenheid voor wat hopelijk nog mag komen. Die twee zijn ongetwijfeld op de één of andere manier met elkaar te rijmen, ik zoek nog uit hoe precies.

Waren er nog redenen om te dansen? Jazeker! 2025 was het jaar van mijn nichtje Marilou. Er was het memorabele UTMB-avontuur van Seppe en daarbij de ontdekking van Martigny. Het was net zo goed het jaar waarin ik gecharmeerd werd door Zoutleeuw en het jaar waarin ik mijn 40e verjaardag vierde in Parijs. Samen met Hans natuurlijk. We gingen vaak genoeg naar Den Haag om het leven te vieren. Er waren ook onvergetelijke momenten met de kinderen in mijn omgeving die weer rijkelijk met wijsheid in het rond strooiden. Allereerst gaan we naar Leah. Samen met haar broer kwam ze een namiddagje knutselen. Resoluut koos ze voor de prikblok. Uit dik papier met een botte naald een prent prikken, daar is geduld en doorzettingsvermogen voor nodig. Emil haakt vrijwel meteen af en vraagt om assistentie. Leah wil daarentegen zelf de klus klaren. We nemen een loopje met de waarheid door te vertellen dat Hans prenten prikt op zijn werk. Ze lijken mee te zijn in ons verhaal, tot Leah ons ernstig aankijkt en vraagt: is dat echt waar? Een meid die opgroeit omringd door artificiële intelligentie neem je niet zomaar in de maling.

Een ander onvergetelijk van wijsheid doordrongen moment kwam vorige week tijdens de officiële openingsceremonie van de boomhut. Mijn papa bouwde namelijk met recyclagehout een fantastisch mooie boomhut voor de kleinkinderen. Mijn oudste nichtje Laurien, bijna 10 jaar, nam het initiatief voor een plechtig moment en was ceremoniemeester van dienst. Ze schreef een speech en vroeg ook de maker (bompa) om een openingswoord te voorzien. Laurien riep door haar microfoon de aanwezigen op om zorg te dragen voor de boomhut. Het moet een plek worden waar de kinderen kunnen doen waar ze goed in zijn. Gelukkig zijn volwassenen er ook welkom. Als dat geen prachtige vredesboodschap is! Geef kinderen overal ter wereld alsjeblieft een eigen plaats waar hun talenten tot bloei kunnen komen. De kinderen klonken erop met appelsap en nadien dansten we op een kersthit van #LikeMe. Alles voor de nichtjes en neefjes.

Ik werd dus 40, mensen. Mijn leeftijd is helemaal niet meer zo’n issue en dat heb ik onder meer aan Hans te danken. Ik weet namelijk dat ik altijd graag gezien zal zijn. Bovendien deed ik ook een ander inzicht op, met dank aan Simon. We hadden het over relaties en hoe belangrijk het is dat je daar als partners dezelfde verwachtingen over hebt. Hans en ik zijn echt heel hecht samen, we brengen veel tijd samen door en vinden dat ook belangrijk. Sommigen vinden dat klef. Ik beschouw mezelf echter nog steeds als een vrijgevochten vrouw, een individu. Ik val niet samen met mijn relatie of met Hans. Juist door die innige band, word ik gestimuleerd om mezelf te ontwikkelen en ten allen tijde mezelf te mogen zijn. Simon knikte eens en zei: dat is oldskool. Gelijk heeft hij. Ik ben mega oldskool. Ik hou van teksten schrijven en lezen. Ik hou van filterkoffie en lineair tv kijken. Ik hou van Delfts Blauw en bordjes aan de muur. Ik rouw er nog steeds om dat Esprit en Maison Scotch failliet gingen.

Het is echt fijn om 40 jaar en oldskool te zijn. Ik ben nu eenmaal altijd een romantische, dromerige ziel geweest die, soms tegen beter weten in, gelooft in het goede. Dat weerhoudt mij er niet van om mijn bek open te trekken als er onrecht in het spel is. Ik heb daarin veel geleerd van het personage Merel uit de fantastische NPO-reeks Oogappels (kijken die handel!). We leren Merel aanvankelijk kennen als een bikkelharde tante die snoeihard kan uithalen. Zo is er een memorabele scène waarin ze tegen haar baas van leer trekt en uiteindelijk ook ontslag neemt omwille van de loonkloof – het is omdat ik geen piemel heb! Gaandeweg komt Merel echter in het reine met zichzelf en transformeert ze tot een zelfbewuste vrouw die leert dat mildheid en verbinding haar redding zijn. Het heeft geen zin om je te verstoppen achter cynisme of desinteresse. Alleen door je hoop, kwetsbaarheid en angst te laten zien kun je echt contact maken met anderen en voel je je niet meer zo alleen. Dan kan je ineens weer zien hoe bijzonder en krankzinnig mooi het leven is.

Bravo! Lieve lezers, mijn laatste loftrompet van het jaar is voor jullie. Met veel toeters en bellen, een stevige uithaal en in een uiterst creatieve zelfontworpen outfit zou ik jullie, vanop een groot podium, een serenade in een opzwepende driekwartsmaat willen brengen om te vertellen hoe dankbaar ik jullie ben. Het is namelijk dankzij jullie dat ik hier mijn podium krijg, dat ik hier op mijn oldskool manier in de schijnwerpers kan staan. Ik schreeuw het uit voor jullie! Wisten jullie trouwens dat het leven tegen je praat? Door oog te hebben voor wat op je pad komt, kan je ontdekken wat echt belangrijk is. Dat is dan ook wat ik jullie toewens: veel van wat klein en oh zo belangrijk is. Ik heb een spetterend nieuw jaar voor jullie gestrikt. Aan jullie om het uit te pakken. Trek iets wits aan om 2026 tegemoet te gaan of ga volop voor goud en glitter. Het is helemaal aan jullie.

Voilà.

Joke
X

De enige echte eindejaarsvraagjes!

Ik heb altijd van lijstjes en vraagjes gehouden, om zelf te stellen en te beantwoorden. Om me te laten inspireren en om te willen vatten wat eigenlijk niet te vatten is. Een lijstje is geen Heilige Graal van wat waarheid is, maar een momentopname van wat op dat moment belangrijk is. Daarom presenteer ik jullie, liefste lezers, de eindejaarsvraagjes die ik voorlegde aan mijn sympathiek panel van loopvriendjes. Ik vroeg wat hun 2025 van geur, kleur en smaak voorzag en polste alvast naar wat het nieuwe jaar mag brengen.

Roos – de immer enthousiaste en ondernemende sportieve kleine zus

Welke sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven?
– De eerste keer terug lopen. Het gevoel van euforie dat ik het nog kon. Dat heerlijke gevoel van terug die cadans te voelen, de hartslag in de hoogte. Zalig. 
– Mijn eerste trail in gezelschap van Marike. Het was stralend weer, het parcours prachtig en ik was ongelofelijk in mijn nopjes. Ik heb vooral veel genoten en was me er enorm van bewust hoe bijzonder het was, terug lopen en op avontuur gaan.
– Ik had tijdens mijn zwangerschap soms wel schrik dat mijn passie voor lopen zou afnemen, maar dat is gelukkig niet gebleken. Het is wat meer zoeken naar tijd en het vraagt allemaal om meer planning, maar het lukt om terug te lopen en iets op te bouwen. Het is nog meer iets geworden waar ik bewust voor kies om er tijd voor te maken. Dat maakt dat heel gewone loopjes ook vaak heel bijzonder kunnen zijn. 

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Ik heb Sam Fender grijs gedraaid in de aanloop van zijn optreden op Rock Werchter, tot mijn grote teleurstelling werd dat de dag ervoor afgezegd. Daar kan ik nog altijd om balen. 

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
Het was een jaar met minder wilde avonturen en uitstappen en dat was helemaal prima. Mijn koffie thuis, is nog altijd van de beste, mijn eigen melkopschuimer en dan afwerken met een beetje cacao. Toppie. 

Welke luister-, lees- of kijktips heb je?
Sam Fender natuurlijk. 
Ik lees veel boeken met Marilou. Er bestaan geweldige kinderboeken. Mijn absolute favoriet van het moment De jurk van Haas, dat behoort tot de reeks van de Eikenbosverhalen. Het gaat over een haas die vestimentaire problemen heeft om naar een feest te gaan. Het is een boek met flapjes. Marilou kreeg het boek voor Sinterklaas van Bomma, die weet natuurlijk mooie boeken uit te kiezen. 
Ik zit nu al klaar voor een nieuw seizoen Huis Gemaakt, haha! Ik houd van verbouwprogramma’s, maar of het nu een must see voor iedereen is, dat laat ik in het midden. 

Waar kijk je naar uit in 2026?
Er is zoveel om naar uit te kijken. Ik kan zeker enkele zaken opnoemen, maar dan ga je weer enkel de grootste plannen noemen terwijl het niet al te zot hoeft te worden. 

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
Naast een goede gezondheid en nog andere clichés zeker ook mildheid! Dat heb ik bedacht nadat ik tot de orde werd geroepen als een driejarige nadat ik een wat onhandig manoeuvre deed met de fiets. Mildheid voor jezelf en voor je omgeving. 

Joni – kan ons nog eventjes jaloers maken met prachtige loopplaatjes uit Ierland

Welke sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven?
Zonder twijfel de Wicklow Ecotrail, met start en finish in Bray, onze hometown in Ierland. 47 kilometer en 1800 hoogtemeters door ronduit prachtige landschappen. Gietende regen, maar uitzonderlijk goede benen en een ijzersterk gevoel. Sport was dit jaar meer dan anders een uitlaatklep. Een manier om orde te scheppen in de dagelijkse project-chaos en verantwoordelijkheden.

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Die kwam er pas laat op het jaar, met het album van Yong Yello en Rosalía (Taylor Swift was helaas een teleurstelling). We waren jammer genoeg net te laat voor tickets voor het optreden van Rosalía in Antwerpen. Het absolute hoogtepunt was echter het concert van Amble in Wexford, in de zomer, amper een paar weken nadat we hun album ontdekten. Zo’n avond die perfect klopt, en nog lang blijft nazinderen.

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
De beste koffies kwam van ‘The Swans on the Green’ wat dé favoriete ontbijtplek blijft van de Waterleau collega’s, vlakbij de site. Mijn collega Toon passeert er elke ochtend trouw voor twee iced lattes. Ik ben er vrij zeker van dat ze dankzij de Waterleau passage hun uitbreiding hebben kunnen financieren. In Bray zelf heeft ‘Gata Nera’ ons hart gestolen. Uitgebaat door Italianen die al een tijd in Bray wonen en ondertussen ook vrienden zijn geworden. Jana passeert er meermaals per week om op te warmen na haar zwemmetje in zee. En dan zijn er natuurlijk nog de eigenaars van onze BnB. Echte koffiekenners, die elke instelling van hun machine tot in de puntjes beheersen. Een koffiemoment met hen is altijd een plezier en vaak vergezeld van verse scones.

Welke luister-, lees- of kijktips heb je?
Omdat ik dit jaar dagelijks anderhalf uur in de auto zat, heb ik heel wat podcasturen op de teller staan. Maandag begon steevast met Welkom to the AA, gevolgd door de wekelijkse populaire sportpodcasts. Op woensdag kijk ik altijd uit naar Achter De Schermen. Dat vaste ritme werkte verrassend rustgevend in de auto, maar toch ga ik het autorijden het minst missen van heel het Ierland avontuur.
Het boek Ierland van Peter Vandermeersch is een klepper, maar heel vlot geschreven en heel herkenbaar voor ons. Na het lezen van zijn boek kan je je helemaal inleven in ons avontuur en wil je ongetwijfeld zo snel mogelijk naar Ierland afreizen! Derry Girls is dan weer een meer van de pot gerukte serie op Netflix over een paar schoolkinderen die zich afspeelt tijdens de troubles; grappig, maar ook met een paar leerrijke referenties naar het verleden!

Waar kijk je naar uit in 2026?
Naar onze terugkeer naar België, al willen we tegelijk ook nog maximaal genieten van de laatste maanden in Ierland. Van de gewoontes die we hier hebben opgebouwd en vooral van de vriendschappen. Ik kijk ook uit naar tijd voor middagloopjes, de marathon van Leuven, een festivalzomer, en wie weet zelfs een 100 km met Roos!

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
Meer tijd met vrienden, meer momenten in de natuur en af en toe een echte gsm detox. Soms is dat alles wat nodig is.

Simon – sportbeest en gevoelsman van het mooie leven

Welke sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven?
– De marathon in Leuven was qua beleving in de stad een absoluut hoogtepunt. Door een blessure heb ik niet gepresteerd waar ik voor getraind had, maar ik ben wel heel blij met de unieke ervaring.
– Na mijn hartablatie me kunnen kwalificeren voor het WK gravel in Singen (NL) op een bijzonder lastige omloop die eerder voor de klimmers was gemaakt. 
– Op de Gran Fondo van Pamplona gefietst met Miguel Indurain en in de kopgroep gezeten met Louis Leon Sanchez. 

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Clouseau leg ik niet heel veel op, maar heeft me emotioneel enkele keren geraakt, zowel op Marktrock als in het Sportpaleis met ‘Altijd heb ik je lief’.

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
Ik heb niet meer nodig dan een zonnig terras en aangenaam gezelschap.

Welke luister-, lees- of kijktips heb je?
Het heruitgezonden ‘Lili & Marleen’ geeft me veel jeugdsentiment en nostalgie. 

Waar kijk je naar uit in 2026?
Op 13 januari ga ik terug onder het mes voor een nieuwe ablatie. Hoop terug te kunnen sporten zonder hartkloppingen/stoornissen en dus gezond te mogen zijn.  

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
In deze woelige tijden hoop ik dat er snel weer ‘vrede’ is en dat de Russen niet doorgaan, ik wil niet denken aan een mogelijke WOIII.

Hans – mijn mannetje en doorgaans betrokken partij in mijn verhalen

Welk sportieve momenten van 2025 zullen je nog lang bijblijven?
– Het absolute hoogtepunt was om samen met Joke de Trail Godefroy in Bouillon te lopen. Dat was Jokes eerste 100 kilometer trail en het was heel bijzonder om samen met haar dat avontuur aan te gaan. Hoe we dit samen beleefd en volbracht hebben was ook een mooie illustratie van het mooie en sterke koppel dat wij zijn.
– Verder vond ik het ook bijzonder om voor de allereerste keer de CPC halve marathon te lopen in Den Haag. En hoewel ik met het startnummer dat ik overgenomen had in de allerlaatste wave moest vertrekken en mijn wedstrijd één lange inhaalrace was (ik ben zelf nog nooit zo weinig ingehaald tijdens een wedstrijd) heb ik echt wel genoten van de sfeer en het parcours.
– Last but not least was het EK marathon tussen Brussel en Leuven ook van het type “kippenvel”. Hoewel ik nooit een échte marathonloper zal worden wegens teveel asfalt en te weinig kilometers, vond ik dit toch wel een heel speciale wedstrijd met enorm veel sfeer. De bloedende tepels nam ik er met veel plezier bij.

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Tja, dat vind ik een moeilijke vraag. We hebben samen naar heel wat artiesten geluisterd, vaak als “voorbereiding” voor een optreden dat we zouden bijwonen; Bryan Adams, Robbie Williams, Barbara Pravi, ZAZ… Verder hadden we ook nog onze “Duitse playlist” en de “Bouillon playlist” die regelmatig de revue mochten passeren, vaak in de auto. En dan was er Pommelien die er op een of andere manier in geslaagd is heel wat luisteruren te kapen bij ons allebei. Last but not least waren ook de vaste waarden als Leonard Cohen en Froukje nooit ver weg.

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
Zonder twijfel in Den Haag, maar zeker ook thuis, gezellig samen in de zetel.

Welke luister-, lees- of kijktips heb je?
Ik heb het voorbije jaar weer heel wat gelezen. Ik verwacht dat ik voor het einde van het jaar de kaap van 50 boeken zal halen, dus het zijn vooral leestips die ik kan delen. De volgende boeken prijken met stip aan de top van wat ik gelezen heb in 2025, en dat betekent wel wat want ik heb eigenlijk nauwelijks boeken gelezen die ik niet goed vond;

  1. I.M. (Connie Palmen)
  2. De herinnerde soldaat (Anjet Daanje)
  3. De menselijke smet (Philip Roth)
  4. Zwarte september (Sandro Veronesi)

Waar kijk je naar uit in 2026?
– Op sportief vlak: naar de Trail Alsace by UTMB, een dikke 100 km rennen door de Elzas samen met Joke. En ik wil in september nog eens een gooi doen naar de Legends Great Escape trail 200 km na mijn DNF in 2025 door een ongelukkige val.
– Op familiaal vlak: naar een tweede kleinkind in juni.
– En uiteraard naar alle leuke kleine en grote momenten samen met mijn liefste schat; samen lummelen, lopen en lezen, koffie en lekkere wijntjes drinken, musea, theater en concerten bezoeken, vakantie, Den Haag…

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
Vrede, liefde, vriendschap en een warme thuis

Pieter – multisporter en Chouffemaatje met bijzonder sympathieke familie

Welk sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven?
Het is lastig om slechts één moment te kiezen uit 2025, een jaar waarin het op sportief vlak nooit heeft stilgestaan, zowel voor mijzelf als voor de mensen om me heen. Daarom buig ik de vraag een beetje om en kies ik voor twee topweekends!
– Het La Chouffe-weekend is sowieso altijd een hoogtepunt. Dit jaar verkende ik vrijdag op de fiets zeven uur lang de wegen tussen Borchtlombeek en Houffalize met mijn ‘halfbroer’ Stijn. Zaterdag hebben we ons geamuseerd met het supporteren voor Hans, Sam en Joke op de lange trail. Zondag mochten Stijn en ik Lisa vergezellen tijdens haar eerste stapjes in de trail wereld op de 36 km. Hoe langer ik sport, hoe meer ik geniet van samen actief zijn met mensen om wie ik geef, in plaats van alleen te focussen op mijn eigen wedstrijden.
– Het tweede weekend was natuurlijk de marathon van Lisa in Valencia! Ze is nu officieel een Marathon Woman. Het was prachtig om te zien hoe ze groeide tijdens haar voorbereiding en hoe ze, ondanks wat kwaaltjes, karakter toonde en er volledig doorkwam.

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Als ik mijn Spotify Wrapped mag geloven ben ik helemaal betoverd door Herman Van Veen. Met ‘Toveren’ stond hij op 1 met 145x beluisterd! Toch kies ik tijdens het sporten voor de ‘goede’ marginale remixen van Soundcloud.

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
Tegenwoordig op de indoortrainer of tijdens de sporadische coffee rides. Maar het best was hij toch in Gaios een klein stadje op het eiland Paxos waar boten spotten de grootste bezigheid was.

Waar kijk je naar uit in 2026?
Mijn zus trouwt in de zomer en in oktober staat mijn eerste Ironman gepland dus 2026 zal zeker weer een goed gevuld jaar worden!

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
Een sportief en gezond jaar! Waar ze kunnen genieten van alles rond hun en hopelijk door de sport of andere hobby’s mensen kunnen leren kennen waar ze nog veel plezier mee kunnen beleven, zoals ik met Joke en alle anderen doorheen de jaren.

Sam – alleskunner en met hem erbij is alles een feest

Welk sportief moment van 2025 zal je nog lang bijblijven?
Het WK wielrennen in Rwanda mogen beleven was een droom waar ik al jaren lang mee in mijn hoofd zat en het was een unieke ervaring die me nog jarenlang zal bijblijven. Niet alleen omdat het indrukwekkend was om de beste wielrenners ter wereld aan het werk te zien, maar ook omdat het het eerste WK wielrennen in Afrika was. Hoewel er veel controverse hing rond het WK, was het een ronduit prachtige ervaring voor iedereen die er bij was!

Wie beheerste jouw muzikale soundtrack in 2025?
Ik ben een fervente fan van muziek luisteren terwijl ik werk, zonder lyrics weliswaar, daardoor beheersen Hans Zimmer, Ludovico Einaudi, Gibral Alcocer en soortgelijken mijn hitlijsten. Daarbuiten was ik dit jaar vooral onder de indruk van de nieuwe albums van Bad Bunny en Dave. Zeer verschillende muziek, maar beide muzikanten slagen erin om met hun unieke stijl de kleine en grote momenten van het leven te vertellen.

Waar smaakte jouw koffie of ander drankje het best?
De Chouffe na de Chouffe trail begint stilaan toch een traditie te worden. Ik ben geen fan van bier, maar na een hele dag lopen in de warmte is er toch weinig dat beter smaakt! Zeker als je het kan delen met de vrienden waarmee je de hele dag op pad was.

Welke luister-, lees- of kijktips heb je?
Voor de muziekliefhebbers raad ik de podcast ‘Fela Kuti: Fear No man’ aan, in 12 afleveringen word je meegenomen door het leven van de grondlegger van Afrobeat en leer je in een klap ook veel bij over de geschiedenis van Nigeria. Als je de artist Fela Kuti nog niet kent, zal het een fijne ontmoeting zijn met zijn muziek!
Voor de mensen die meer fan zijn van Nederlandstalige podcasts, raad ik ‘Op zoek naar Marlotte aan’. Ik wil er niet te veel over zeggen, want dat zou de spanning spoilen, maar wees klaar voor een plotwending in elke aflevering.
Ten slotte kan ik als kijktip ‘Le choix de Sonia’ meedelen. Het is het verhaal van een vrouw die in de nasleep van de aanslagen in Parijs 10 jaar geleden voor een keuze stond die de rest van haar leven zou bepalen. Ze toont het gezicht van iemand die niet wou buigen voor de angst die terrorisme ons probeert in te wrijven. Nog maar te zien tot 14 februari 2026 op VRT max, dus snel bij zijn!

Waar kijk je naar uit in 2026?
Op loopvlak was 2025 een iets minder jaar dan 2024, blessures hebben iets te vaak roet in het eten gegooid. Ik hoop dus vooral op een blessurevrij jaar in 2026 met als hoogtepunt de 100 km trail in La Chouffe in juli met mijn favoriete loopmaatjes Hans en Joke. Daarnaast kijk ik er ook enorm naar uit om samen met mijn vriendin Sintija in haar thuisland haar eerste marathon te lopen tijdens de marathon van Riga!

Wat wens je de wereld en ook de bloglezers toe voor 2026?
Geluk begint in het hoofd, ik wens dus iedereen voornamelijk een goede mentale gezondheid toe en dit zou voor sommige wereldleiders waarschijnlijk ook helpen 😉 

Het moment – Terug naar de Hel

Zondag 21 december 2025 was de kortste dag van het jaar. Met een graad of 10 deed niets vermoeden dat dit het begin van de winter was en bovendien de donkerste dag. Als de zon schijnt in Kasterlee, dan doet ook niets vermoeden dat je daar in de hel bent beland. Ik had me nochtans op het ergste voorbereid. Onder mijn jas droeg ik een soort herdersgilet waarmee je zelfs in een tochtige stal toasty warm blijft. Mocht dat niet volstaan, dan had ik in de auto nog een extra jas en handschoenen (beide officieel m’n warmste exemplaren). Na 100 meter wandelen deed ik m’n muts uit en gingen ook een paar knopen van de jas open. In 2017 was ik voor het laatst als supporter aanwezig in de Hel van Kasterlee en de 4 edities dat ik ging supporteren waren ronduit bar te noemen. Maar nu voelde ik het vuur van de hel dus branden.

Lang verhaal kort: de Hel van Kasterlee wordt de zwaarste winterduatlon ter wereld genoemd: een urenlange strijd in en rond een sporthal, wat zanderige bosjes en velden in de Kempen. Op het programma staat 15 kilometer lopen, 125 kilometer mountainbiken om af te sluiten met een loopnummer van 30 kilometer. Je bent daar makkelijk een dag zoet mee, afhankelijk van het weer natuurlijk dat in putje winter doorgaans bikkelhard is. De Hel is een familie-evenement pur sang omdat mijn broer Seppe die iconische wedstrijd al 10x kon winnen. Mijn papa en ik deden ook 4x mee. Ik maakte mijn debuut in 2018 toen ik in een sneeuweditie naar een bronzen medaille kon lopen en fietsen. Onvergetelijk! Mijn laatste deelname dateert van 2022, toen was het ijzig koud, maar wel betoverend mooi (en de race voor mij veel te snel).

Ik keerde dus terug als supporter. Seppe zou namelijk bij zijn 13e deelname op zoek gaan naar een 11e titel. Hans kende De Hel alleen van de verhalen en wilde het spektakel ook wel eens live beleven, goed wetende dat daar een risico aan verbonden was: zin krijgen om zelf deel te nemen. Het parcours lag er razendsnel bij en dat betekende dat Seppe in een kopgroep van 4 om 11u al 70 km had gefietst. Met de familie verzamelden we in Het Bosje: een dennenbosje achter de sporthal wat door de verfrissende boslucht en de pittoreske dennenappels echt promotie is voor mountainbiken in de winter. De relatieve warmte was een veelbesproken onderwerp en natuurlijk ook Seppe zelf die als een jekko op een Orbea over het parcours raasde. Eveneens familietraditie langs de zijlijn dat is de uitgebreide bevoorrading van Marike. Denk aan een buffet in camionette-stijl: belegde pistolets, platgedrukte, maar wel heel lekkere croissants, zelfgebakken wafels en koekjes. De eigen energie op peil houden is net zo belangrijk om als supporter het beste van jezelf te kunnen geven.

Met 4 koplopers op de fiets zou de race beslist worden in het afsluitende loopnummer. Natuurlijk gun ik mijn broer de overwinning het allermeest. Anderzijds vind ik dat je ook als supporter met niet-winnen moet kunnen omgaan als je een decennium lang zus van de winnaar bent geweest. Seppe zou het moeten hebben van zijn raketstart bij de 30 km, dat was mijn voorspelling. Het was dan ook even schrikken en slikken toen Nick Peers op indrukwekkende wijze, met soepele tred en vastberaden blik, als eerste de tent uitkwam. Seppe volgde op ongeveer een halve minuut. Dat lijkt niet veel, maar begin er maar aan om zo’n gat dicht te lopen als je al ruim 4 uur topsport in de benen hebt zitten. Dankzij de live tracking konden we de race op de voet volgen. Na 2,5 km was Seppe al tot bij Nick gelopen. Op de beelden achteraf zouden we zien hoe hij twee venijnige versnellingen nodig had om de enige koploper van toch wel een beetje zijn Hel van Kasterlee te worden. Na de passage aan de sporthal (het loopnummer bestaat uit 2 rondes van 15 km) en een behoorlijk ruime voorsprong was het duidelijk: Seppe was overtuigend op weg om zijn 11e overwinning binnen te halen. Na 6 uur en 34 minuten mocht hij de deur van de Hel weer openen om op de rode loper binnengehaald te worden. Het klinkt allemaal dramatisch en het is nog eens zo beklijvend als je het live meemaakt: uit je dak gaan op Kind van de duivel en Highway to Hell om te beseffen dat het toch fantastisch is om in het kamp van de winnaar te zitten. Wat een ongelooflijke tour de force van die broer! Een raket, ik zei het al.

Kriebelt het nu om zelf nog een keer mee te doen? Dat is dubbel. Enerzijds: ja natuurlijk! omdat het een ongelooflijke zotte race is om als atleet deel van uit te kunnen maken. Anderzijds: nee natuurlijk niet! omdat ik weet hoeveel tijd en energie het van je najaar vraagt om die vele (donkere en natte) trainingsuren op de fiets te maken. Bovendien is ook in de Hel van Kasterlee de trend van alle loopevents zichtbaar. Er wordt een steeds groter en professioneler publiek bereikt. De looptijden zijn belachelijk snel, de mountainbikes steeds duurder en de carbonschoen een evidentie. Ik heb me altijd al geïntimideerd gevoeld in die omgeving, ik heb het gevoel dat ik me er nu nog minder zou thuis voelen als loper die ook wel eens wil fietsen.

Het fotografische bewijs van ons moment in de Hel komt niet alleen van mezelf, maar ook van Roos en Leah, die ook weer van de partij was en samen met Emil liefst van al eet om de verveling tegen te gaan. Gelukkig staken wij ook ons beste beentje voor om de jeugd te vermaken, een rondje foto’s maken hoorde daar bij. Het was een geslaagde dag in Kasterlee.

Loperspraat – Een toertje Ierland met Joni

Ierland is een land dat tot mijn verbeelding spreekt. Om te beginnen hebben de Ieren een rijke muzikale geschiedenis met Mr Eurovision Johnny Logan en Eimear Quinn, maar bovenal natuurlijk met Hozier. Michel Sardou’s Les lacs du Connemarra bezingt op lyrische wijze de indrukwekkende landschappen van de Ierse Connemarra regio en als je de spectaculaire performers van Riverdance aan het werk ziet, dan wil je gewoon gevoel voor ritme hebben. Tot slot mogen we Sally Rooney niet vergeten, één van de grande dames van de hedendaagse literatuur. Ik was nog nooit in Ierland. Nu ben ik natuurlijk niet de meest reislustige persoon, maar ik denk dat het gure weer er mij van weerhoudt om plannen in die richting te maken. Gelukkig hebben we Joni om Ierland op de kaart te zetten! Hij woont en werkt er nu al ruim een jaar. Hoe dat zo komt en waarom lopen in Ierland echt wel de moeite is, dat vertelt hij zelf!

Joni, heb jij echt Ierse roots of hoe ben je daar verzeild geraakt?
Dat zou inderdaad kunnen, want Ierland heeft een enorme emigratiegeschiedenis en er leven naar schatting ongeveer 70 miljoen mensen met Ierse roots wereldwijd!  Maar in mijn geval is het anders gelopen: ik ben in Ierland terechtgekomen met de taak om drinkwater te voorzien en afvalwater te behandelen voor de nieuwe Diageo (Guinness) brouwerij net buiten Dublin. Waterleau levert daar een turnkey installatie en ik heb het volledige traject van de grondwerken tot de finale oplevering opgevolgd. Eén jaar na de start van de werken haalden we de first brew en in maart 2026 zal de installatie op volle capaciteit draaien. Daarna keer ik terug naar België.

Hoe zou je “de Ier” omschrijven en heeft die een hart voor lopen?
Voor mij is de Ier vooral warm, gastvrij en behulpzaam, vaak met een opvallend luide stem (handig in de pub). De afgelopen jaren is er een duidelijke verschuiving van drink- naar sport- en loopcultuur. Dat merk je aan de vele recreatieve loopclubs, de enorme populariteit van parkruns en het grote aantal loopwedstrijden, die meestal snel uitverkocht zijn. De loopmicrobe heeft zich razendsnel verspreid.

Is lopen in Ierland net zo’n hype als in de Lage Landen?
Gaelic football, hurling en rugby blijven de populairste jeugdsporten, maar de gemiddelde werkende Ier trekt tegenwoordig met plezier zijn opvallende loopschoenen en fel T-shirt aan om in groep te gaan lopen. De marathon van Dublin had dit jaar ruim 60.000 registraties voor de loting en had dus probleemloos drie keer kunnen uitverkopen. Ook de Boston Marathon blijft tot de verbeelding spreken bij veel Ieren. Leuk weetje: dit jaar won een 19-jarige Ierse atlete de vrouwenwedstrijd. Indrukwekkend.

Hoe ziet jouw loopomgeving eruit? Wat moeten we ons daarbij voorstellen?
Wij wonen in Enniskerry, de toegangspoort van de kust richting de Wicklow Mountains. Ik kan de berg af lopen richting de zee naar ons looppark, ideaal voor intervals, of verder tot aan de kliffen voor een scenic cliff run. Als ik de berg oploop, sta ik al snel in de Wicklow Mountains en wordt het klimmen. De Great Sugar Loaf is hier de lokale trots. Ierland was ooit één van de meest beboste landen en is nu bij de kaalste van Europa. De bossen zijn dus relatief klein en vaak moet je betalen voor toegang met de wagen.

Loop je daar vaak in gezelschap of vaker alleen?
Meestal in gezelschap. Op dinsdag en donderdag sluit ik na het werk aan bij de Bray Runners in het park vlakbij waar we wonen. We staan daar gemiddeld met een dertigtal lopers. Jana loopt ook regelmatig mee. Na een gezamenlijke opwarming kiest iedereen een groepje voor de intervaltraining. Donderdag train ik met een sneller groepje (Paul, Rori en Robert) en dat is altijd best pittig. Dinsdag ben ik blij als Karla er is, met wie ik train met als (mijn) doel haar richting de Olympische Spelen te krijgen 😝 Zaterdag loop ik de wekelijkse parkrun, 5 km all-out, en richting de marathon was dat mijn lange tempoloop aangezien het al 15 km lopen is heen en terug van het park. Op zondag loop ik soms alleen of ga ik met vrienden of collega’s een nieuwe trail ontdekken.

Je liep drie weken geleden de marathon van Dublin in een toptijd! Hoe is die race je bevallen?
Het was één van de hoogtepunten van het jaar, zeker omdat de marathon symbolisch samen viel met de ‘first brew’ van de brouwerij. De weken ervoor waren erg intens en stresserend. Op de dag zelf verliep alles ideaal: de club had een bus geregeld en we konden vlak bij de start omkleden in een huisje van een clublid. Dat zorgde voor een uitzonderlijk ontspannen start, wat welkom was op een koude en regenachtige dag. Met twee clubgenoten mikte ik op een sub-3. We plaatsten ons netjes voor de 3-uur pacers. Door de grote massa was het geen vliegende start en ging de eerste kilometer trager dan gepland, maar dat was prima aangezien de meest gehoorde tip was om vooral niet te snel te starten. Al snel vond ik mijn ritme en genoot ik met volle teugen van de supporters, zo’n 300.000 volgens de organisatie. Het was ook fijn om nog eens door Phoenix Park te lopen, waar ik voor onze verhuis altijd trainde. Jana, vrienden en clubleden stonden luid aan te moedigen. Door de nieuwe levensstijl in Ierland, de aangepaste club trainingen, maar toch ook een goede consistentie was het idee om de eerste 35 km sub-3 tempo te houden en dan te kijken of er nog een versnelling in zat. Ik had echter geen superdag en de benen voelden verkrampt. Ik koos ervoor om iets te vertragen om veilig onder de 3 uur te finishen zonder blessure. Uiteindelijk finishte ik in een ook wel dramatischere tijd van 2u59’50. Net zoals het project: just in time. Afsluiten deden we in onze geliefde Harbour Bar in Bray. Een topdag.

Is de marathon van Dublin kortom een aanrader?
Ierland en Dublin zijn leuke vakantiebestemmingen en de marathon past daar perfect in. Je moet wel rekening houden met het weer, dat soms kan tegenvallen en met de meer dan 200 hoogtemeters. Het is vooral een wedstrijd voor de beleving die ideaal te combineren is met een rondreis. Enkel overkomen voor de marathon of om hier je PR te lopen zou ik minder aanraden. Mooi meegenomen: de trails in Ierland zijn absoluut de moeite. Drie weken voor de marathon liep ik de Wicklow EcoTrail (47 km, er is ook een 80 km variant) en dat is echt een aanrader: kleinschalig, pittig en prachtig.

Welke (loop)doelen staan er nog in jouw agenda?
De komende weekends zitten al vol met andere activiteiten, dus dit jaar staat er niets groots meer op de planning. Misschien nog eens op zoek naar de lokale corrida. Volgend jaar loop ik in maart de Wicklow Half Marathon als afscheid en ik heb me ook ingeschreven voor de marathon van Leuven. Daar zou ik het liefst willen pacen 😀

De gedachte – Over motivatie

Laat ik meteen een ballonnetje doorprikken: ik heb soms ook pijn aan mijn goesting, dat ik dus niet bepaald sta te springen om te gaan lopen. Omdat het slecht weer is, omdat ik moe ben of omdat ik weinig tijd heb. Met veel zin voor dramatiek roep ik dan uit: oh nee, het regent! Toch weerhoudt dat stemmetje mij er eigenlijk nooit van om die loopschoenen aan te trekken voor een rondje. Het is een vraag die ik vaak krijg: waar haal je de discipline vandaan om te gaan lopen? Waarom ben je gemotiveerd om dat vol te houden? Ik denk dat het een combinatie is van goede gewoontes, de ervaring die mij leert dat ik altijd iets positiefs overhoud aan een looprondje en intrinsieke motivatie: ik ben een loper. Ik moet kortom mezelf niet elke keer overtuigen van het nut of plezier ervan. Het is geen moetje op mijn to-do lijst. Zelfs nu ik veel minder wedstrijden loop en in se weinig concrete doelen heb om naar toe te werken.

Het hoe en waarom van motivatie zie ik ook terugkomen in mijn werk als leerondersteuner*. Ik begeleid een aantal jongeren die zelf zeggen dat ze geen motivatie hebben om voor school te werken. Het zijn 17-jarige jongens** die een label*** en een hobbelig schoolparcours met zich meedragen. Naar school gaan vinden ze op zich wel ça va, maar het werk dat erbij hoort krijgen ze niet georganiseerd. Hun uitstelgedrag leidt er juist toe dat school alom aanwezig is in hun leven, wat weer nefast is voor hun motivatie. Nochtans barsten ze van de goede intenties: ze willen immers geen gedoe of gezeur thuis over slechte punten. Het schoolleven is ook niet niks: 7 uur per dag op de schoolbanken zitten, van vak naar vak hossen met elke leerkracht weer z’n eigen stijl en als je dan thuis bent, kan je nog eens leerstof gaan verwerken. Anderzijds voelt dat zelfs voor een gedemotiveerde leerling niet aan als een marteling op elk moment van de dag. De vraag is dus hoe je jongeren een vorm van schoolplezier kan laten ervaren.

Vorige week sprak coach Erik Michels over mentale kracht bij ultralopen. Waarom kan je met eenzelfde fysieke voorbereiding de ene race alles aan en geef je er bij de andere de brui aan? Motivatie is een eerste belangrijke factor: hoe graag wil je iets echt? Hoe ver en diep ben je bereid om voor dat doel te gaan? Ten tweede speelt de perceptie van de inspanning een rol: hoe zwaar voelt iets aan? Tot slot is ook het zelfvertrouwen dat je putte uit voorgaande ervaringen bepalend. In mijn sportieve gloriejaren was ik bereid om te sterven om die ene tijd te kunnen lopen. Mijn leven was grotendeels gebouwd rond lopen. Trainingen voelden door die drive nooit echt als loodzwaar aan en omdat ik keer op keer mezelf verbaasde, had ik een arsenaal aan ervaringen die bevestigden dat ik het kon. Voor die 17-jarige die wil slagen om erdoor te zijn (want dat betekent geen zagende ouders), voelt een uur studeren voor Frans aan als een loodzware opdracht. Echt succesvol is die attitude in het verleden niet gebleken, waardoor het in de sterren geschreven staat dat de inspanning ook deze keer een maat voor niets zal zijn. De toets voor Frans wordt ingevuld met een DNF als voorbereiding.

Ik heb geen toverstaf om dat stramien met wat hocus pocus te doorbreken. Ik begin met te luisteren en ga op zoek naar wat hen wel interesseert, zowel op school als daarbuiten. Ze kunnen namelijk wel 4x per week stipt op tijd op de basketbaltraining komen mét de juiste schoenen. En eigenlijk vinden ze de lessen geschiedenis wel ça va omdat de leerkracht chill is. We kijken dan samen naar hun goede en minder goede gewoontes na school. Hoe zit het met de balans tussen inspanning en ontspanning? Is een ontspannende activiteit wel echt ontspannend? Op welke momenten studeren ze het best? Atomic Habbits van James Clear blijf ik een relevant boek vinden omdat het in kaart brengt hoe je goeie gewoontes kan aanleren. Dat is één deel van het verhaal.

Motivatie komt niet op bestelling. Leerkrachten denken vaak dat motivatie tot succes leidt. En wie is er nu niet gemotiveerd om succes na te jagen? Het omgekeerde is juist waar: succeservaringen leiden tot motivatie. Een succeservaring kan zowel betekenen dat je een bepaald doel bereikt, zoals slagen voor een toets, maar net zo goed een moment dat je denkt yes, ik kan een antwoord geven op die vraag! Voelen dat je goed bezig bent, geeft vuur en kracht om ervoor te blijven gaan. 1 kilometer kunnen lopen, geeft het vertrouwen om voor die 2e te willen gaan. Omgekeerd geldt ook dat een gebrek aan succeservaringen ertoe leidt dat je afhaakt. Ik veranderde van werk omdat ik het gevoel had dat ik chronisch te kort schoot. Wat positief was, belandde in een ijsberg van het zal toch niet genoeg zijn. Cynisme kan een schip wel degelijk tot zinken brengen, die ramp wilde ik koste wat kost afwenden.

Ik heb het graag over de kracht van dromen en mijn naïviteit die ik niet per se als een zwakte beschouw. Doorgaans kies ik ervoor om te geloven in het goede van mensen. In het onderwijs red je het niet als je niet ook heel naïef kan zijn. Je moet potentieel en groeikansen durven zien door een realistische bril. Met diezelfde bril kan je een oog ontwikkelen om succeservaringen te detecteren. Een focus op wat wél goed gaat in een proces is geen slap beloningssysteem à la hoera, je krijgt een sticker! Het is de sleutel om dat proces te leren omarmen. Leren doe je niet enkel door te vallen en weer op te staan, daartussen ligt een heel scala aan stappen. Als betrokken volwassene is het belangrijk om jongeren inzicht te geven in hun eigen gedrag door te kijken naar obstakels op hun (leer)pad, maar net zo goed naar die blinkende kant van de medaille. Laat mij ondertussen dansen van vreugde bij elke stap, hoe ogenschijnlijk futiel ook, die gezet wordt.

*De kerntaak van mijn job is om leerlingen, leerkrachten en scholen structureel te ondersteunen opdat elk kind maximaal kan leren. Ik kom dus op verschillende scholen, zowel in het lager als het secundair onderwijs.
**Ik ondersteun momenteel veel meer jongens dan meisjes.
***Met een label bedoel ik een diagnose ADHD, ADD, ASS of nog iets anders, maar het kan net zo goed een label zijn dat door de buitenwereld wordt opgeplakt.

Loperspraat – De legendarische Great Escape 2.0 van Hans

De voorbereiding
2024 was het jaar waarin ik kennis maakte met de ultratrails van het lange type. Ik liep twee “honderdmijlers” in de Legends reeks; de Great Escape in september en de Bello Gallico in december. Vooral de Great Escape smaakte naar meer. Deze wedstrijd vindt plaats in mijn geliefde Ardennen, het weer is in september doorgaans nog best mooi en er is nog behoorlijk wat daglicht. Bovendien besloot de organisatie van de Legends trails een versie 2.0 van hun legendarische trailwedstrijden te maken, lees: een upgrade van 100 mijl naar 200 kilometer, een gewijzgd startuur van zaterdagochtend 4 uur naar vrijdagavond 8 uur en een aangepast parcours, nog steeds gebruik makend van de permanent bewegwijzerde Escapardenne (Eisleck en Lee) Trail, maar dan in de andere richting en met een extra lus in de Luxemburgse Ardennen.

Het kriebelde dus weer om deze uitdaging aan te gaan, en na een goedgevuld “wegseizoen” (de CPC halve marathon in Den Haag, het EK marathon tussen Leuven en Brussel en de 20 kilometer van Brussel) pakte ik samen met Joke in het voorjaar en de zomer lekker door met de langere trails. We liepen samen de Trail Godefroy de Bouillon (100 kilometer), de Chouffe Trail (80 kilometer) en een licht ingekorte Trail des Fantômes (65 kilometer). Als kers op de taart liepen we in september ook nog een toertje in de Zwitsere Alpen. Aan de voorbereiding zou het dus niet gelegen hebben, ik had ook meer kilometers in de benen dan het jaar voordien op hetzelfde moment.

De week voor de wedstrijd
Ik denk dat ik zelden zo rustig naar een wedstrijd toegeleefd heb als ditmaal. Ik maakte me op een bepaald moment zelfs wat ongerust of ik het wel serieus genoeg opvatte. Anderzijds is het natuurlijk ook zo dat je, naarmate je dit soort dingen vaker doet, je beter kan inschatten wat je kan verwachten en je zelfvertrouwen groeit. Gelukkig begon het in de laatste weken voor de wedstrijd dan toch te dagen, vooral wanneer ik met de praktische voorbereiding bezig was, voelde ik de kriebels in mijn buik.

Er komt wel wat bij kijken; lijstjes maken met het benodigde materiaal, kopen wat er nog ontbreekt, het parcours bestuderen, de wedstrijd plannen… Joke zou ook nu (helaas zonder Roos deze keer) vanaf de tweede nacht komen supporteren in de checkpoints. Dat betekende dus dat we ook nog een slaapplek moesten organiseren in de auto.

Zelfs het bananenbrood (“het is wel lekker maar smaakt toch wat teveel naar banaan”) dat Joke opportunistisch gemaakt had van wat zij overrijpe bananen noemde kreeg een plekje in de planning. Ik zou het verdelen in porties voor onderweg: lekker en voedzaam, de ultieme ulra-voeding.

De dag van de start
Uiteraard nam ik de vrijdag van de start verlof zodat ik nog even kon uitslapen en alles rustig kon inpakken. Ook Joke was thuis, dus we genoten nog van een fijn dagje samen, want als alles volgens plan verliep zou ik de volgende twee dagen en nachten ergens in een Ardens bos vertoeven.

Doorgaans heb je tijdens dit soort lange wedstrijden de mogelijkheid om zogenaamde dropbags te gebruiken; een tas met alles wat je onderweg nodig kan hebben. Dat gaat van eten en drinken, over droge kleding en extra schoenen tot verzorgingsmateriaal (pleisters…) en “elektronica” (reserve batterijen, een powerbank…). Tijdens deze wedstrijd kon je er een laten plaatsen na 84 kilometer (Clervaux), na 124 kilometer (Heiderscheid) en na 163 kilometer (Hoscheid). Het is altijd een hele klus om te bepalen wat je in welke tas steekt, omdat je ook rekening moet houden met het moment in de wedstrijd (dag of nacht), de weersvoorspellingen, het terrein enz… Gelukkig kan je na verloop van tijd terugvallen op je ervaring en wat je geleerd hebt tijdens eerdere wedstrijden. Je startpunt is dus steevast de lijstjes die je in het verleden al gemaakt hebt.

Naast de dropbags is er uiteraard ook je trailvest dat je onderweg zal dragen en dat naast de voor de hand liggende spullen ook een best lange reeks verplichte items moet bevatten; een regenjas, een regenbroek, EHBO materiaal, een reddingsbivvy (lees: een reddingsdekentje in slaapzakvorm), 1,5 liter water en voldoende eten, een hoofdlamp met reservebatterijen, een beker, een fluitje en een GSM. Die dingen neem je niet zomaar mee; wanneer je in een Ardens bos in het holst van de nacht in de problemen komt kunnen ze voorkomen dat die problemen hele erg grote problemen worden.

Naar de start
Het hoofdkwartier van de race bevindt zich in Clervaux (Luxemburg). Hier moet iedereen zich aanmelden voor de wedstrijd en het is ook de finishlocatie waar ik zondag in de loop van de dag hopelijk zal aankomen. Dat aanmelden moet gebeuren voor half zes, dus we vertrekken rond half drie richting Luxemburg voor een rit van een kleine twee uur.

In de “Hall Polyvalent” van Clervaux is het gezellig druk en heerst een opgewonden sfeer. Voor je je startnummer kan ophalen word je eerst onderworpen aan de controle van het verplicht materiaal; je trekt een kaart waar enkele voorwerpen op afgebeeld staan en je moet aantonen dat die in je trailvest zitten. Is dit niet in orde, dan is het verdict onverbiddelijk en mag je niet starten. Wanneer je de test succesvol doorstaan hebt, krijg je je startnummer en wordt er een GPS tracker aan je trailvest bevestigd. Hiermee kan iedereen (de organisatie, maar ook de supporters) ten allen tijde volgen waar elke deelnemer zich bevindt. De tracker heeft ook een functie die je nooit hoopt nodig te hebben: een SOS-knop.

De volgende stap is het afleveren van de dropbags op de juiste stapel en dan kan ik aanschuiven voor het pre-race diner. Ik neem afscheid van Joke voor de komende 24 uur en werk daarna een groot bord rijst met groentensaus naar binnen.

De busrit naar La Roche
Om 18 uur krijgen we een briefing in de gekende “Legends stijl”; er worden niet te veel woorden (in drie talen) aan vuil gemaakt, de essentie is “volg de pijlen, hou het veilig en veel plezier”.

Buiten staan de bussen die ons naar de start in de buurt van La Roche zullen brengen al te wachten. Ik stap op een bus en zoek een vrij plekje naast iemand die er ook niet echt spraakzaam uit ziet. Tijdens de busrit wil ik graag nog even rustig ontspannen, want dat zal straks voor een lange tijd niet mogelijk zijn. De meeste passagiers zitten ook min of meer rustig voor zich uit te staren of hebben hun ogen gesloten. Hier en daar ontspinnen zich wel gesprekken die – hoe kan het ook anders – onveranderlijk over allerhande spectaculaire ultratrail wedstijden gaan. Ook weer traditiegetrouw gaat het er bij een groepje Nederlanders dan weer wat luidruchtiger aan toe. Met de nodige branie praten ze zichzelf en mekaar het nodige zelfvertrouwen aan.

Tijdens de rit, die bijna anderhalf uur zal duren, zien we de zon ondergaan. Het belooft een mooie zachte nazomeravond te worden, ideaal om deze wedstrijd te starten.

De start aan het “Parc à Gibier”
Via enkele kleinere boswegen manoeuvreren de bussen zich naar het “Parc à Gibier”, net buiten La Roche. 200 lopers stappen uit de 4 bussen en heel wat onder hen gaan eerst nog snel op zoek naar een plekje in het bos om hun blaas te ledigen.

Vervolgens wordt het materiaal aan een laatste controle onderworpen. Ik strik mijn veters nog eens extra zorgvuldig, de hoofdlampjes worden op het hoofd gezet en de eerste lichtjes gaan aan, hoewel het nog niet echt donker is. Dat zal nog even duren. De sfeer is opgewonden en beheerst uitgelaten. Een gezonde mix van spanning, zenuwen en goesting hangt tussen de deelnemers. Ik krijg al “een hongerke” en eet een stukje bananenbrood van Joke. Iedereen verzamelt zich langzaam aan een soort denkbeeldige startlijn. Geen opzwepende muziek hier en ook geen startschot. Enkel een ambachtelijk aftellen van tien naar nul en de meute zet zich omstreeks acht uur uitgelaten in beweging. We starten met een afdaling, dat is altijd fijn. Ik probeer me te beheersen en niet te hard van stapel te lopen, het is nog heel ver en heb geen zin om nu al een letterlijke misstap te begaan.

De eerste kilometers tot CP1
Tempo zoeken in zo’n lange wedstrijd is niet makkelijk. Het voordeel is dat je er wel veel tijd voor hebt. In tegenstelling tot mijn deelname aan de Great Escape het jaar voordien voel ik me veel rustiger en heb ik meer zelfvertrouwen. De eindeloze uitdaging die voor ons ligt voelt niet meer zo bedreigend aan en ik probeer vooral te genieten van het onderweg zijn. Het is nog behoorlijk warm, een beetje zwoel zelfs, en een blik rond mij leert dat iedereen al aan behoorlijk aan het zweten is. Ik loop in T-shirt maar het zware trailvest op mijn rug maakt het extra warm.

Na een viertal kilometer komen we op het parcours van de vorige editie, zij het dan dat het toen de laatste kilometers waren en dat we nu in de andere richting lopen. We krijgen het zicht op Maboge beneden in het dal nog eens te zien en dat is altijd een blij weerzien.

Na 6 kilometer bereiken we de oevers van de Ourthe en die zal de komende 20 kilometer nooit ver uit de buurt zijn. We hebben nu het meest technische deel van het parcours voor de boeg, en bovendien wordt het snel donker en is het hoofdlampje intussen echt wel nodig om te zien waar je loopt. We maken niet spectaculair veel hoogtemeters, maar de hellingen die we moeten nemen zijn heel erg steil en het pad is bezaaid met boomwortels en rotsblokken. Ik ken de omgeving vrij goed en weet dat we enkele erg mooie plekken met spectaculaire uitzichten zullen passeren, maar in de duisternis die intussen totaal is, zijn dit nu enkel diepzwarte gaten.

Rond kwart voor elf kom ik aan in het eerste checkpoint (CP1) bij le Hérou. Een jaar voordien was dit het laatste checkpoint, was de zon net opgekomen en kon ik de finish ruiken. Nu bijten we nog maar net de spits af. Ik werk routineus mijn lijstje af; wat eten en drinken (cola), mijn flessen bijvullen, schoenen even leegmaken (steentjes…). Ik hou het kort en ga na een klein kwartiertje al opnieuw op pad.

Van CP1 naar CP2
Ik had al een paar keer haasje-over gespeeld met Filip Germeys, een zeer ervaren ultraloper. Nu besluit ik me in zijn spoor te nestelen. Hij houdt een perfect tempo aan, zowel bergop, bergaf als op de technische stukken. Soms is het gewoon comfortabel om achter iemand aan te hobbelen en zelf niet te moeten nadenken over je tempo. Ik blijf wel uiterst voorzichtig en geconcentreerd lopen, want een kleine onoplettendheid kan hier grote gevolgen hebben.

Af en toe raken we toch even het spoor bijster, zij het kortstondig. De wegwijzers van de Escapardenne Trail (een wit golfje op een blauwe achtergrond) zijn niet reflecterend, dus je moet ze telkens proberen te “vatten” in de straal van je hoofdlampje. We navigeren ook wel op het sporthorloge, maar ook dat is geen sinecure op de kleine kronkelende paadjes in de vallei van de Ourthe.

De valpartij
Na 28 kilometer, omstreeks half een, steken we eindelijk via een brug de oostelijke Ourthe over. Dit is het verlossende signaal dat het meest technische deel eindelijk achter de rug is. We hebben nog een vijftal kilometer te gaan tot het tweede checkpoint, maar lopen in de buurt van de camping “Les Cabanes de Rensiwez” toch nog een klein stukje verkeerd. Het gebeurt wel eens dat wanneer een loper een afslag mist, het treintje dat achter hem of haar loopt kuddegewijs gedwee volgt tot er toch een of andere wakkere ziel opmerkt dat we van de route afgeweken zijn.

Na 31 kilometer, het is nu bijna half twee, slaat het noodlot toe. We moeten een heel steile helling afdalen en hoewel ik heel voorzichtig ben glijden mijn voeten plots weg (een denappel, een losse steen?). Mijn benen zwiepen de lucht in en ik land keihard op mijn onderrug en ribben. Ik slaak een luide kreet en enkele lopers die wat verderop zijn vragen me of ik oké ben. Dat lijkt op het eerste zicht zo te zijn, ik check alle lichaamsdelen en alles blijkt nog te functioneren. Wanneer ik rechtsta en verder de helling probeer af te dalen voel ik meteen mijn rugspieren pijnlijk verkrampen. Ik strompel naar beneden en moet dan nog eens heel stijl omhoog. Ik verbijt de scherpe pijn en besluit dat ik sowieso verder moet naar het checkpoint dat niet meer zo ver weg is. Wanneer ik op het plateau kom op een veldweg tussen de weiden bel ik even naar Joke om te vertellen wat er gebeurd is. Ik heb erg veel pijn en ben pessimistisch over het verder verloop van de wedstrijd.

Oplapwerk in CP2
Na 34 kilometer, rond kwart voor twee kom ik aan bij het checkpoint in Bonnerue. Gelukkig is dit een checkpoint in een gebouw. Ik vraag bij aankomst meteen of er iemand met medische kennis aanwezig is en gelukkig is een van de vrijwilligers spoedverpleegkundige. Ze onderzoekt me snel en na enkele testen concluderen we dat de “verwondingen” meevallen en niet meteen een acuut gevaar vormen. Ik krijg een pijnstiller en we spreken af dat we een half uurtje afwachten om dan de situatie te evalueren. Ik eet intussen een hotdog met mosterd en drink wat cola op een veldbedje.

Na een half uur begint de pijnstiller te werken, en de scherpte van de pijn is wat weg. Ik denk dus dat ik wel in staat ben om mijn weg te vervolgen. Ik overleg nog even met de vrijwilliger en ze vertelt dat op het volgende checkpoint, binnen 20 kilometer, een kinesist aanwezig is die ze op de hoogte van mijn komst zal brengen en die me dan ook even verder kan oplappen. Ik vul mijn flessen bij, trek mijn jasje aan want het is intussen afgekoeld. Ik begin ook wat te rillen omdat de adrenaline weggetrokken is en ik zal waarschijnlijk ook niet meer zo snel kunnen lopen waardoor ik minder zal opwarmen.

Opnieuw op pad, de lange tocht naar CP3
Ik vertrek en probeer meteen even te lopen, maar dat blijkt een hopeloze zaak te zijn. Ik krijg pijnscheuten in mijn rug en ribben en mijn spieren verkrampen meteen. Dat belooft dus een lange tocht te worden, maar ik besluit het stap voor stap aan te pakken en niet te ver vooruit te denken. Door het half uur vertraging in het checkpoint heb ik wel behoorlijk wat tijd verloren en zak ik weg in het klassement, en omdat ik traag vorder word ik met de regelmaat van de klok ingehaald door de deelnemers die zich nog achter mij bevonden

Na 44 kilometer kom ik rond 4 uur in de ochtend aan in Houffalize. Dit is gekend terrein voor mij; tijdens vele trailwedstrijden en vakanties heb ik hier al best veel tijd doorgebracht en paden bewandeld en belopen. Toch ziet alles er in het donker helemaal anders uit. Je verliest elke referentie en tast toch letterlijk en figuurlijk een beetje in het duister.

Rond kilometer 50 passeer ik in Tavigny, het is nu ongeveer 5 uur ’s ochtends. Ik haal dus nog ongeveer 6 kilometer per uur wat gezien mijn toestand niet slecht is, maar ik weet dat het in deze fase van de wedstrijd veel te traag is. Ik word op dit punt ook ingehaald door de rode lantaarns van de race (een gezellig en sfeervol groepje Nederlanders), waardoor ik het twijfelachtig genoegen krijg de lantaarn te mogen overnemen. De ochtend komt er stilaan aan, maar voor de zonsopgang moet ik toch nog enkele uren wachten.

Kine afspraak in CP3
Om 6 uur kom ik aan in het checkpoint in Buret, met 55 kilometer op de teller. De Nederlanders zijn er ook nog en nemen hun tijd om wat te rusten, te eten en drinken. Ik ben de laatste deelnemer die in hier arriveert en ik zie dat men toch al stilaan met de opruim bezig is, wat wel wat confronterend is.

De vrijwilliger/kinesist die op de hoogte was van mijn komst neemt gelukkig wel haar tijd om me even grondig onder handen te nemen. Ze begint met wat massage en frictie om de geblokkeerde spieren los te maken, manueel en met de “massagegun”. Het is heel erg pijnlijk maar het helpt wel mijn verkrampte rug even te ontspannen. Ze tapet vervolgens mijn rug ook nog in en werkt af met wat “coldspray”. Ik neem nog wat eten en drinken, vul mijn flessen bij, bedank de vrijwilligers voor hun goede zorgen, zelfs voor de allerlaatste loper, ik passeer nog even langs het toilet en ga weer op pad.

Ook hier ben ik dus toch weer een klein half uur tijd “verloren”, tijd die ik eigenlijk niet heb, want de klok tikt onverbiddelijk verder. De Nederlanders maken nog niet meteen aanstalten om opnieuw te vertrekken, dus ik laat de rode lantaarn hier voorlopig even achter.

Tijd om te evalueren en na te denken
De toch loopt (gaat eigenlijk) nu richting de Luxemburgse grens, die als waterscheidingslijn tussen de stroomgebieden van de Maas en de Rijn het hoogste punt vormt van het parcours. De ideale plek dus om de zon te zien opkomen, en dat is toch altijd een van de mooiste momenten tijdens ultratrails waarin je een nachtje moet “doorsteken”.

Na 63 kilometer, rond kwart voor 8 (ik ben dus bijna 12 uur onderweg), krijg ik een telefoontje van Joke die net wakker is en vraagt hoe het met me gaat. Ik vertel dat lopen te pijnlijk is, dat stappen wel gaat maar dat ik daardoor eigenlijk te traag ben. Ik sta bovendien op het punt weer ingehaald te worden door de rode lantaarns die langer dan ik in het laatste checkpoint gebleven zijn. Ik vertel haar ook dat het eigenlijk een beetje uitzichtloos is, maar dat ik er mentaal nog niet klaar voor ben om op te geven. Het telefoontje doet me wel deugd en ik stap verder richting het volgende checkpoint in Troisvierges.

CP4 buiten in Troisvierges
Omstreeks kwart over negen, 71 kilometer in de benen, kom ik aan bij het checkpoint net buiten Troisvierges. Dit is er weer eentje dat in een tent opgezet is en ik kom hier het groepje Nederlanders en nog wat andere deelnemers opnieuw tegen. Ik hang nu echt wel “aan de rekker”. Bovendien moet ik een grote boodschap doen en sanitair is uiteraard niet voorzien in de tent. Dat wordt dus straks even de bosjes induiken waardoor ik ongetwijfeld de rode lantaarn weer snel in mijn bezit zal krijgen.

Ik vul mijn voorraden opnieuw aan en vul mijn flessen deze keer deels met cola en deels met water; ik begin heel erg moe te worden en hoop dat de cafeïne mij een extra “kick” zal geven.

Van Troisvierges naar Clervaux, mijn laatste etappe
Ik begin nu heel erg de vermoeidheid van het “nachtje doorsteken” te voelen. Ik denk ook dat door mijn trage tempo, mijn lichaam te weinig geactiveerd wordt om wakker te blijven. Ik gebruik alle truken van de foor om de moeheid te bestrijden, maar niets helpt; een podcast beluisteren, eten, cola drinken, cafeïne kauwgom… Uiteindelijk probeer ik zelfs even op een picnicbank een powernapje te doen van een tiental minuten.

Ik ben er nu stilaan klaar mee. Ik bel met Joke en vraag of ze me kan komen ophalen in Clervaux. Ik ga deze etappe van 17 kilometer nog uitlopen, maar dan zal het stoppen. Om kwart voor een ’s middags, na 16 uur en drie kwartier kom ik aan in Clervaux. Ik heb net geen 88 kilometer in de benen. Puur fysiek voel ik me eigenlijk nog heel erg goed; omdat ik zo weinig gelopen heb voelen mijn benen nog best fris aan en ik heb geen enkele blaar gekregen. Mijn rug en ribben blijven echter erg pijnlijk, dus opnieuw beginnen lopen en tijd goedmaken zou sowieso niet aan de orde zijn. Ik zal later bij het bestuderen van de uitslagen ook zien dat ik in Clervaux aangekomen ben, meer dan twee uur na de deelnemers die een dikke 27 uur later net binnen de tijdslimiet zouden finishen. Ik had dus met de moed der wanhoop misschien nog kunnen verderlopen, maar vroeg of laat zou ik toch tegen de tijdslimiet aangelopen zijn waardoor ik uit de wedstrijd gehaald zou zijn.

Ik moet nog even wachten op Joke, die de hele rit naar de Ardennen nog moet rijden, dus ik maak van de gelegenheid gebruik om wat te rusten, te eten en te drinken, en ik versier ook een lift in de bestelwagen van twee vrijwilligers om alvast een van mijn dropbags te gaan ophalen in Hoscheid. De andere in Heiderscheid zullen we later oppikken onderweg naar huis.

Even later komt ze aan in Clervaux en vervolgens laat ik me lekker naar huis rijden, toch ook een beetje blij dat ik straks lekker in mijn eigen bed kan slapen. Een DNF in een wedstrijd is nooit fijn, anderzijds is er in dit soort meer extreme wedstrijden altijd een reële kans dat het gebeurt. Het omgaan met die kans op falen is voor een deel ook de aantrekkelijkheid van deze evenementen. Het is dan ook verkeerd dit als een mislukking te zien; ik heb weer een pak ervaring opgedaan en ik ben bijna 17 uur op pad geweest, tijdens de nacht en de dag in die prachtige Ardennen, met nog altijd een kleine 90 kilometer op de teller, wat iets is waar veel mensen enkel maar van kunnen dromen.

Loperspraat – Bouillon revisited

Na onze warme 102 km in Bouillon werd het snel duidelijk dat ik nog eens terug wilde (moest) naar de stad die mijn hart veroverd had. Geen ontkomen aan, want de Tombeau du Géant die zat nog in mijn kop. Huh, watte? Het uitzicht op het Graf van de Reus is dé bezienswaardigheid voor wie erop uit trekt in Bouillon. Niet voor niets is het uitzonderlijk natuurlijk erfgoed van Wallonië. Wat je mag verwachten: een uitzichtpunt op een meander van de Semois, waarbij het stukje omsloten land een heuvel met kruisvormige bebossing heeft. Met wat verbeelding (die ik in overvloed heb) zie je daar dan het graf (= kruis) van een reus (= groot). Op 14 juni liepen Hans en ik er dus langs met +60 km in de benen. Net op het moment dat het uitzicht ons pad kruiste, begon het reuzehard te regenen en was het zaak om snel te schuilen bij de bevoorrading. Wat ik gemist had, dat werd achteraf duidelijk. En zoals dat gaat bij mij: eens iets in mijn hoofd zit, gaat het er moeilijk uit.

Een gegronde reden dus om nog eens terug naar Bouillon te gaan. De zomer zat al boordevol met trailavonturen en zo bleek een herfstige zondag in oktober het uitgelezen moment om een trailtje te gaan lopen in Bouillon. 19 oktober was een herfstdag uit de boekjes: bladeren in alle kleuren en vooral nog rijkelijk aan de bomen. Bovendien was het droog en fris, maar niet zo koud dat het guur is. Hans stippelde een rondje uit waarbij we naar de Tombeau zouden lopen via de twee klimmen die er ons ook in juni hadden gebracht. Als je iets wil herbeleven, dan kan je het maar beter goed doen. In totaal zouden we 15 kilometer lopen en 660 hoogtemeters overwinnen: de perfecte afstand om een gevarieerd parcours te krijgen zonder al te diep in het krachtenarsenaal te moeten tasten.

En of het een blij weerzien was toen we Bouillon binnenreden! Het vertrek van onze route lag bovenaan het chateau van Godfried. Ik stuiterde zowat naar beneden van enthousiasme. Richting Semois, langs het hotel waar we in juni verbleven en dan ging het meteen goed omhoog. Ik ging ook écht goed omhoog met dank aan een hulpmiddel: de trailstokken van Hans! Helemaal geïnspireerd door de UTMB die we langs de zijlijn meemaakten en vooral door de beelden nadien van een oppermachtige Ruth Croft die als een jekko naar boven pikkelt met haar stokken, besefte ik dat het moment wellicht is aangebroken om trailstokken te gaan gebruiken. In mei zullen we ons namelijk aan een volgend (buitenlands) 100+ avontuur wagen. Dat ik in het verleden mijn trails zonder stokken liep, heeft niks te maken met koppigheid of principes. Ik liep vroeger 1x per jaar een lange trail in de Ardennen: de Chouffe trail, die dan ook nog eens goed beloopbaar was. Om enkel voor die gelegenheid stokken van 200 euro aan te schaffen, daar zag ik de noodzaak niet van in. De tijden veranderen en zo ook de loper. Bij de volgende trailgelegenheid zullen jullie Joke Odeyn met stokken aan het werk zien!

Terug naar onze route. Vanaf de oever konden we ergens hoog in het bos een uitkijkpunt zien. Hans verwerkte dat in het revisited-parcours. Wat echter vanop afstand een bescheiden vogelkijkhutje leek te zijn, was in realiteit een indrukwekkende constructie van trappen met een nog impressionanter uitzicht op het door de Semois omgeven Bouillon. We waren nog geen half uur onderweg en deze trip was nu al helemaal geslaagd. Op naar Botassart, want dat is de plek waar je moet zijn om de reus te spotten. We liepen eerst langs diens graf, maar dat is natuurlijk maar een bospaadje langs het water. Tot het weer omhoog ging en ik “mijn” stokken weer kon gebruiken. Hup hup hup tik tik tik. Ik had de smaak helemaal te pakken. In al mijn enthousiasme kon ik alleen maar heel snel naar boven willen. En toen waren we er dus echt: bij dat iconische uitzicht, de enige echte Tombeau du Géant! Op geen enkele manier stelde hij teleur. We namen dan ook uitgebreid de gelegenheid om hem goed te fotograferen, het betere selfiewerk kon niet ontbreken, want dat is uiteindelijk wat iedereen doet die daar een kijkje komt nemen.

We waren ongeveer halverwege met een uurtje op de teller, op naar deel II van ons weerzien met Bouillon. Ik kreeg nog tips om met de stokken te lopen. Bergaf gebruikte ik ze niet, maar zelfs op een gewoon stukje vals plat over asfalt, voelde ik de winst met het getik aan mijn zijde. Jullie voelen het: de stokkentest was eigenlijk meteen al volledig geslaagd. Eens iets in mijn hoofd zit, gaat het er moeilijk uit. Het klim- en daalwerk wisselde elkaar af. Via een heel bijzonder paadje passeerden we huizen waarbij gelijkvloers en verdiepingen door elkaar leken te lopen. Een bevreemdende situatie, maar zo gaat dat nu eenmaal als je een stad met hoogteverschillen hebt. Ons restte nog een bescheiden klimmetje naar het kasteel om dan moe, maar vooral heel voldaan te kunnen finishen zoals we dat in juni ook deden. Ah ja, want herbeleven dat kan je maar beter grondig doen.

Ik mocht van Murrie niet te veel reclame maken voor Bouillon, geen eigenlijk. Bouillon is stiekem een verborgen parel, zo eentje waar je een goede verhouding hebt tussen toeristische faciliteiten en het lokale, authentieke karakter. Dus, lieve lezers, zeg het misschien niet voort en laten we een beurtrol maken zodat we daar niet met z’n allen over de koppen gaan lopen of massaal met de auto aan de Tombeau du Géant parkeren. Trek je wandel- of loopschoenen aan, zodat Bouillon dat über-gezellige stadje met Franse vibes aan de Semois kan blijven.

Loperspraat – Een lege agenda met andere plannen in 2025

Het is vandaag precies 2 jaar geleden dat ik de marathon van Antwerpen won. In een knaltijd van 2u54 schoot ik daar naar de overwinning van mijn leven. Een ongelooflijke ervaring: iets waar ik nooit van had gedroomd dat mij simpelweg overkwam. Die 22e oktober was de ultieme bekroning van mijn sportieve topjaren 2021-2023. Ik ben die overwinning alleen maar meer naar waarde gaan schatten. Dat ik dus echt als eerste over die finish liep en dat lint mocht vastgrijpen. IJzersterk was ik. Antwerpen zal voor altijd een stukje van mij blijven. Ik zou zot zijn als ik niet voor eeuwig dankbaar was om als recreatieve loper zoiets te mogen meemaken. De afgelopen jaren ging het allemaal wat minder vlot. Er is het verhaal van de aanslepende hamstrings- en rugklachten, het verhaal van het mentale herstel dat tijd kost. Het is daarom een beetje zoeken waar mijn loopdoelen en -ambities liggen.

Ik heb belachelijk lang kunnen pieken in mijn wonderjaren. Akkoord, ik trainde hard, maar alles leek vanzelf te gaan. Winnen is bedwelmend, daar ga ik niet over liegen. Ik loop niet om op te scheppen met prestaties, maar op het podium kunnen staan, is wel iets dat tot de verbeelding spreekt. Ook op mijn blog zijn het de teksten over grootste prestaties die het best gelezen worden, jaar na jaar. Ik ga geen marathon meer winnen of sub3 lopen. Dat is helemaal prima. Ik heb daar echt vrede mee. Ik wil iemand zijn die loopt omdat lopen de allermooiste sport is die er bestaat: goed voor hart, hoofd en lijf. Het is bovendien de sport waarin ik onvergetelijke familiemomenten beleefde, vriendjes leerde kennen en natuurlijk Hans. Die emotionele factor neemt niet weg dat ik nog steeds ambitieus en gedreven ben. Ik hou ook nog altijd van het gevoel eens goed te kunnen op- en doortrekken. Om je benen aan te vuren en de hartslag eens goed de hoogte in te jagen.

Toch is dit dus een oktobermaand waarin ik geen marathon zal lopen. Er was nochtans een plan: de marathon van Keulen op 5 oktober. Duitsland, dichtbij huis: leuk! dacht ik in het voorjaar. In de zomer koos ik voor het langere trailwerk, goed wetende dat die najaarsmarathon geen potentieel piekmoment zou zijn. In augustus zag ik het best wel zitten. Ik zou nog wat op de piste trainen om die benen weer eens echt aan te vuren. Viel dat lelijk tegen. Op alle vlakken eigenlijk. Na onze geweldige beklimming in Martigny leek ik met elk loopje aan kracht in te leveren. Ik was niet vooruit te branden. Tempo lopen zat er niet in. Mijn benen voelden zwaar aan. Ik had vaak rugpijn. Lopen voelde aan als moeten trainen en dat betekende ook moeten presteren. Ik was mentaal en fysiek niet fris genoeg om een strijd te kunnen leveren. Een marathon lopen om hem te kunnen finishen, daar zou ik geen vreugde uit halen. Het was een bevrijding toen ik besliste om forfait te geven voor Keulen.

Door doelloos te kunnen lopen herwon ik mijn loopplezier. Ik liep de afgelopen weken waar ik zin in had en trok me niet al te veel aan van hoe het ging. Geleidelijk aan ging het ook steeds beter. Er zit weer poeier en jus in de benen. Op een week loop ik zo nog steeds makkelijk 60 km bij elkaar omdat ik het lopen als mindfulness echt nodig heb. Hans en ik lopen nog steeds heel graag samen. We gingen zondag weer op trailavontuur in Bouillon (waarover later meer!). In de zomer ergerden we ons al wat aan de drukte op trailevents. Lopen is een hype. Iedereen loopt! Dat doet me oprecht plezier. Ik wil niet het alleenrecht claimen op loopevenementen. Maar als organisaties alleen maar bezig zijn met races op te schalen en de fomo aan te wakkeren, dan voel ik mij niet aangesproken om deel te nemen. Ik ben even helemaal klaar met het wedstrijd- en evenementengebeuren. Geen halve marathon in Brussel, Antwerpen of Kasterlee voor mij. We lopen wel de Velpe-Mene trail hier in de buurt om het lokale groen wat beter te leren kennen.

Juist door even weg te blijven van die evenementen, de druk en de drukte die ze creëren kan ik mezelf terugvinden als loper. Ik wil mezelf niet zien als een schim van de winnares in Antwerpen. Lopen brengt mij nog steeds heel veel. Oh ja, er zijn dus zeker plannen voor het voorjaar. Misschien werden die zelfs gesmeed tijdens een gezellig loopje met onze halve Ier Joni en Roos op de fiets. Er staat ook weer een groots trailavontuur op de planning. Ik blijf gewoon heerlijk wegdromen. Het najaar biedt zoveel gezelligheid. Ik bulk van de creatieve plannen. Ik wil veel lezen. Hans en ik hebben heel wat uitjes gepland, naar het theater en museum. Ik ben dan misschien wel in de herfst van mijn loopcarrière. Het is nu pas dat ik echt zie hoe prachtig mooi die herfst is als je rond je kijkt.