Loperspraat – Feest, stress en herfst in september

September is een maand met twee gezichten: enerzijds het stralende staartje van de zomer, anderzijds het verraderlijke begin van verandering. Onder de laatste zomerstralen vierden we verjaardagen en de eerste maanddag van Leah. Daarnaast werd ik overspoeld door werk en wist ik soms echt niet meer waar mijn hoofd stond. Er waren kortom redenen om feest te vieren, maar ook om in de zetel te liggen balen. Zoals alleen Herman van Veen het kan zeggen: we moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan!

De zon scheen op de eerste schooldag en deze leerkracht had er zin in. Niet alleen om weer wat tienergezichten voor me te hebben, maar ook om op een maandag richting het immer bruisende Brussel te trekken. Roos en ik gingen ’s avonds namelijk naar het langverwachte concert van Hozier in het Koninklijk Circus. Zo ontdekten we een andere wijk en vonden we onze weg naar Café Caberdouche op de Vrijheidsplaats. We behoren nog net niet tot de groupies die twee uur voor de deuren open gaan voor die deuren zitten te wachten. Voor ons liever een goede zitplaats dan een staplaats op de eerste rij. Over het optreden kan ik kort zijn: onze Ierse held kwam op, de eerste tonen weerklonken en wij waren helemaal mee. Oh baby, wat kan die man zingen! Niet alleen Hozier zelf stelde op geen enkel vlak teleur, ook de attitude en ambiance die zijn hoofdzakelijk vrouwelijke band uitstraalde, werkten aanstekelijk.

Ondanks het energieshot dat ik kreeg van de steengoede show voelde ik me aan het einde van de eerste schoolweek helemaal uitgewrongen. Ik was kapot, stik op en mijn kinderlijk enthousiasme maakte plaats voor heel wat bedenkingen over mijn job als leerkracht. Dat gevoel overspoelde mij zo hard dat ik het moeilijk had om mezelf staande te houden. Begrijp me niet verkeerd: ik vind nog steeds dat ik een prachtige job heb op de beste school. Plots diende zich ook een grote MAAR aan. Ik spreek misschien in raadselen, maar jullie mogen later deze week een uitgebreidere blogpost verwachten over mijn bezorgdheid omtrent ons onderwijs en de rol die ik daarin als leerkracht heb. Er zijn ook nog zekerheden in het leven: na die heftige eerste week genoot ik volop van een rustig-aan-duurloop. Oef!

September is al sinds mensenheugenis een feestmaand. Zowel ik als mijn lieftallige zusje Roos vieren dan onze verjaardag. Wij lopen niet alleen vaak zij aan zij, we verjaren ook op die manier. Het feest van Roos barstte in alle hevigheid los op donderdagavond toen we ons succesrecept van de zomerbarbecue nog eens herhaalden. Niko was Chef Grill en Hoofd Sauzen. Roos was verantwoordelijk voor de muziek en al het andere lekkers dat op tafel stond. Mijn schamele bijdrage was een eigengemaakte tabouleh (een toppertje, dat wel). Daags nadien was ik aan de verjaardagsbeurt. Ik mocht mijn verjaardag vieren in het gezelschap van een enthousiaste bende vierdejaars leerlingen, aangezien op vrijdag 13 september onze sportieve kennismakingsdag in de bossen van Sint-Joris-Weert doorging. De leerlingen klommen in bomen, sjorden karren, gilden soms erg hard en zongen uit volle borst. Een geslaagde verjaardag! ’s Avonds werd het feest verder gezet ten huize Roos en Niko waar ik trakteerde op echte champagne.

IMG_1173b

Op trainingsgebied was september de laatste kans om voluit te trainen voor de marathon in Brugge op 20 oktober. Roos en ik stonden aan de start van de Leuven Nature trail waar we gezusterlijk 25 kilometer afhaspelden door de bossen. We deden dat aan een stevig tempo onder het goedkeurend oog van de laatste zomerzonnestralen. Na afloop bleken we de eerste twee plaatsen te bezetten in onze leeftijdscategorie. Een mooie opsteker! Als je zowel afstand, als hoogte, als snelheid combineert, dan mag je er zeker van zijn dat je daar daags nadien iets van gewaar wordt in je benen. Ik noemde het een zwaar gevoel. Roos had het over twee stramme stronken (om in het natuurthema te blijven).

Gisteren waren we dan toe aan de kroon op het werk van onze marathonvoorbereiding: voor sommigen de gevreesde, maar voor ons toch vooral gezellige, langste duurloop. Aangezien de weersverwachtingen op z’n zachtst gezegd apocalyptisch te noemen waren, vonden wij het al van veel karakter getuigen dat we überhaupt een lange duurloop zouden lopen. Het bleek een storm in een glas water te zijn. Zo straf was het uiteindelijk niet om door de wind, door de regen, dwars door alles heen onze kilometers gestaag op te bouwen. Doorgaans zijn wij voor een langste duurloop wel tevreden met een kilometer of 30. Gisteren klokten we uiteindelijk af op 33,03 kilometer in iets minder dan 3 uur. Voldoende tijd dus om weer eens goed bij te praten en vooruit te blikken op de marathon. Wederom een zussenmoment om in te kaderen.

Hoewel het nu officieel slechts een week herfst is, was die seizoensverandering al veel vroeger voelbaar. Ik had weer eens koude tenen op de mountainbike en behoefte aan een hete douche na afloop. Ik at al pompoenen. Ik vloekte op de wind die soms een vuil spelletje speelt op de fiets. Na de soms moeizame maand september, richt ik me nu op oktober: marathonmaand tout court. Ik kijk alvast uit naar zondag, want dan staan Roos en ik aan de start van de halve marathon in Brussel. Onze tapering mag dan wel ingezet zijn, een snelle halve marathon lopen behoort zeker tot het plan. May the force be with us!

IMG_1283b

De gedachte – Over motivatie

Toen ik nog Engels gaf aan zesdejaars hadden we het over motivational and inspirational speeches. Een dankbaar onderwerp, want er zijn legio voorbeelden van zulke speeches te vinden. Zo liet de wereldberoemde Yes we can speech van Barack Obama niemand onberoerd en ook de woorden die Malala Yousafzai sprak toen ze de Nobelprijs voor Vrede ontving, konden op veel bijval rekenen. Op dit moment is de toespraak van een geëmotioneerde Greta Thunberg die fel uithaalt naar de wereldleiders brandend actueel, ook op school. Zowel Obama als Yousafzai als Thunberg slagen erin om hun idealen te belichamen in wat ze zeggen. Ze zijn hun boodschap en of je het nu eens of oneens bent met hun discours, het vraagt op z’n minst lef om met zoveel bravoure de massa toe te spreken. Hun speeches zijn een krachtig en goed georkestreerd signaal naar de wereld. Ze inspireren en zetten aan tot nadenken. Ik denk echter niet dat ze daadwerkelijk iets zullen veranderen aan individuele gewoontes en gedragingen. Daar is iets veel eenvoudiger voor nodig.

Als het over motivatie gaat, ontkom je niet aan het onderscheid tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie. Externe factoren liggen aan de basis van extrinsieke motivatie. Zo zal een leerling in de eerste plaats studeren omdat als hij slaagt hij bij zijn vrienden in de klas kan blijven zitten en zijn ouders dan niet zeuren. Mogelijk hangt aan een goed rapport ook een beloning vast. Ik merk zelf dat leerlingen in het vierde jaar (secundair onderwijs) heel gevoelig zijn voor beloningen: in de vorm van punten, maar zeker ook complimenten. Het is moeilijker om leerlingen de waarde van intrinsieke motivatie bij te brengen. In de ideale wereld studeert elk kind omdat het zichzelf wil verrijken en echt iets wil bijleren, puur voor zichzelf dus. Aangezien het schoolsysteem toch nog hoofdzakelijk op cijfers is gericht, is het niet evident om leerlingen bij te brengen dat ze in de eerste plaats een mooie en goede tekst moeten willen schrijven.

Ik erger me al eens aan die focus op extrinsieke motivatie die je vaak terugvindt in tijdschriften over lopen of bij andere motiverende raad. Veelal wordt er namelijk van uit gegaan dat een mens bij voorbaat geen zin heeft om te gaan lopen. Het is een opgave, het kost moeite en eigenlijk zegt je lichaam: blijf gewoon thuis. Er worden dan tal van tips aangereikt om toch ergens motivatie te vinden. Bijvoorbeeld jezelf nadien belonen door iets lekkers te eten of drinken. Ook sociale druk lijkt een efficiënte stok achter de deur te zijn. Door samen te gaan lopen, hou je je namelijk aan de gemaakte afspraak. Wie dan nog niet voldoende gemotiveerd is, krijgt de raad om een concreet doel te stellen. Schrijf je in voor een wedstrijd, want dan hebben je trainingen plots zin en nut. Als ik bij elke training hopeloos moet zoeken naar het waarom ervan, zou ik me toch eens de vraag stellen of ik niet beter een andere hobby kan zoeken. Ik vind het bijvoorbeeld redelijk absurd om marathons te lopen als je een hekel hebt aan duurlopen.

Zoals ik in mijn faq uitleg, kost het me weinig moeite om mezelf te motiveren om te gaan lopen. Ik heb er meestal gewoon zin in, ook als de omstandigheden niet ideaal zijn. Lange tijd heb ik dat weggewuifd als ach, dat is voor mij een gewoonte. Die redenering klopt deels. Het heeft mij namelijk ook weinig moeite gekost om die gewoonte aan te leren. Ik heb dat zo beslist en moest mezelf dus niet wekenlang motiveren met allerlei lekkers na een looprondje om toch maar die loopschoenen aan te trekken. Mijn directe motivatie ligt ook niet in de loopdoelen die ik stel. Ik ga in de eerste plaats lopen voor mezelf. Tijdens het lopen (en fietsen) kan ik mijn hoofd verluchten, zoals je dat met je woning ook moet doen om die fris en gezond te houden. Het is een onderhoud van mijn lichaam en geest. Mijn hoofd wordt tijdelijk leeggemaakt, zodat er weer ruimte ontstaat en meer lucht is om te ademen. Je kan om die reden ook bidden of mediteren, maar mijn sacraal me-time moment zit in een loopronde. De tijd die dat kost, betaalt zich terug in kwalitatieve tijd nadien. Met die gedachte heb je geen extrinsieke motivatie nodig om er op uit te trekken.

Om die reden ben ik fan van het boek Atomic Habits van James Clear. Hij pleit voor tiny changes for remarkable results. Als we iets willen bereiken, zijn we te vaak gefocust op een eindresultaat. Ik ga nu lopen omdat ik dan een marathon kan uitlopen. Je hoopt dan, door dit vaak genoeg te herhalen, dat je hier ook naar zal gaan handelen en een gewoonte kan veranderen. James Clear spreekt dat tegen. Volgens hem is het beter om het grootse eindresultaat los te laten en je te richten op je identiteit. Wat voor persoon wil je zijn? Wil je iemand zijn die drie keer per week gaat lopen? Waarom wil je zo iemand zijn? Als je op die manier motivatie kan aanboren, dan kost het je plots veel minder moeite om te lopen en dan is een loopwedstrijd geen stok achter de deur, maar een logisch gevolg van het feit dat je het voor jezelf belangrijk vindt om te gaan lopen.

Afsluiten doe ik met de mooie en uiterst gemotiveerde lopersvoeten van An, mijn lieve collega en vriendin. Enkele weken geleden besloot ze om te beginnen met lopen. Dat was geen vanzelfsprekende keuze nadat er vorig jaar heel veel op haar af kwam en ook het lichaam tegensputterde. Ze volgt een schema waarbij ze geleidelijk aan de loopminuten opbouwt (verstandig!). Natuurlijk vertel ik An vaak over mijn loopavonturen, mogelijk heb ik haar daardoor op ideeën gebracht. De motivatie om vol te houden, haalt ze echter bij zichzelf. Omdat ze plezier haalt uit die momenten, omdat ze dichtbij huis mooie plekken ontdekt, omdat het een manier is om zorg te dragen voor haar lichaam. Blijven gaan, maatje!

WUFH2377b

 

 

Daar zijn ze dan: de faq!

Ik kon niet langer achterblijven. Een website zonder frequently asked questions, kortweg faq, is als een een verjaardag zonder taart of ontbijten zonder koffie. Uiteindelijk ging ik nog redelijk lang faq-loos door het leven. Ik had er namelijk nooit bij stilgestaan dat er überhaupt vragen zijn die vaak aan mij gesteld worden. Ze kwamen echter meteen tevoorschijn toen ik er eenmaal over begon na te denken. *tromgeroffel en trompetgeschal*
Op deze pagina kan je vanaf nu veelgestelde vragen mét antwoorden terugvinden.

En vrees niet, vragen staat nog steeds vrij. Het is niet omdat ik nu kan verwijzen naar “mijn faq” dat jullie geen vragen meer op mij mogen afvuren. Ik zal ze met de glimlach beantwoorden. Verwacht niet dat ik ooit een Q&A* video zal opnemen, want zo hip ben ik echt niet.

Tot slot: mijn lievelingskleur is blauw (en Le Creuset oranje). Mijn lievelingsdier is een kat. Mijn lievelingsgetal is 13. Mijn lievelingsvak op school is taal. Niet zo frequently asked, maar net zo belangrijk.

*Questions and Answers, een filmpje dus waarin je zogenaamd spontaan vragen beantwoordt.

 

 

Het portret – 27x Roos

Ze is weer jarig vandaag, dat kleine grootse zusje van mij. 27 jaren staan er nu op haar teller en exact zolang ken ik haar dus al. De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik aanvankelijk niet heel blij was dat de baby geboren werd uitgerekend op de dag voor mijn verjaardag. Ondertussen zie ik alleen maar voordelen in onze verjaardags-tweedaagse. We eten er immers niet minder taart om en hebben eens zoveel restjes. De aarde is rond, zeewater is zout en Roos valt niet weg te denken uit mijn leven. Speciaal voor de gelegenheid 27 keer waarom Roos zo uniek is.

  • Met haar prachtige blauwe ogen, blonde lokken en schattige lachrimpels is Roos een ongelooflijk knappe verschijning.
  • Ze is al 11 jaar samen met Niko. Wat een koppel! Ze maken samen bijzondere avonturen mee, zoals de zoektocht naar een frituur die nog open is op dinsdagavond om 22u.
  • Haar hart klopt sneller voor elk dier. Moor is de gelukzalige kater die bij hen in woont. Zoals alle katten heeft ook hij een heel eigen gebruiksaanwijzing.
  • Door de komst van konijnen Benji en Loulou is ze sinds kort ook konijnenfluisteraar. Kosten noch moeite werden gespaard om die twee gelukzakken een riant buitenverblijf te geven.
  • Ze is een creatief talent. In haar jonge leven naaide ze al honderden kragen en knoopsgaten aan blousen en jurken, voor zichzelf of voor anderen. Ook creatief met papier of zelfs papier-maché behoort tot de mogelijkheden.

VGEO8945

  • Haar eerste marathon liep ze op amper 22-jarige leeftijd. Ze is volgende maand al toe aan nummer 4 en was van de partij bij al mijn marathons.
  • Naast lopen heeft ze ook een verleden als danseres en amazone en pikte ze recent de draad van het inlineskaten weer op.
  • Ze kan zo enthousiast over Harry Potter en The Lord of the Rings vertellen dat ik echt bijna zin krijg om er zelf naar te kijken.
  • Ze is een expert inzake kamerplanten. Die zijn dan ook in grote getale aanwezig in haar woning.
  • Momenteel werkt ze ook aan haar kennis over de berk, een gazon en de groentetuin. Een gevalletje groene vingers dus.
  • Ze laat zich niet afschrikken door zwaar werk. Ik heb haar eens een boom uit de grond zien werken met enkel een schop. Indrukwekkend!
  • Ik ken niemand die zo vaak anderen helpt om hun inboedel te verkassen. Ze weet ondertussen beter hoe mijn meubels in en uit elkaar moeten dan ikzelf.
  • Ze houdt van taart, pannenkoeken en koffie. Van mayonaise, bier en de frituur. Ze houdt van chocomelk, aperol en wijn. En van cornetto’s.

IMG_0549b

  • Roos heeft de ergotherapie op de kaart gezet. Zij is het fundament waar het ziekenhuis op rust. Ze werkt voor tien, staat op haar strepen en is de meest zorgzame persoon die je in de buurt kan hebben.
  • Toen ik zelf een nacht in het ziekenhuis moest blijven, deed het haar zichtbaar pijn om me achter te laten op de spoedafdeling. ’s Ochtends stond ze meteen klaar om mijn tranen op te vangen.
  • Ze zou een geweldige leerkracht zijn. Al twee keer kwam ze op school vertellen over haar werk, telkens met evenveel geduld en toewijding.
  • Je kan bij haar terecht met elke vraag over wond- en littekenzorg. Meestal is haar antwoord dat je Flaminal hydro moet gebruiken.
  • Ze vindt al-tijd de juiste woorden bij eender welk probleem. Soms zwijgt ze wijselijk. Soms spreekt ze me tegen. Soms verandert ze subtiel van onderwerp.
  • Niemand kent zo goed mijn angsten, onzekerheden en ook wel aanstellerijen. Ze stelt zich altijd flexibel op naar mijn toiletverzoeken als wij een hotelkamer delen.

IMG_4205b

  • Voor elke gelegenheid is ze goed gezelschap. Dansen, zingen, shaken, luchtinstrumenten bespelen: eender waar, eender met wie.
  • Ze poseerde met plezier voor zweetfoto’s en ondernam verwoede pogingen om een vettige zweetlok in beeld te brengen.
  • Haar verbeelding kent, net zoals de mijne, weinig grenzen. We praten samen tegen dieren, bedenken voor alles namen en vooral ook heel veel bijnamen.
  • Als ik aan Parijs denk (vaak), dan denk ik aan Roos. Ik zou een boek kunnen schrijven over al die mooie herinneringen.
  • Ze ondergaat gedwee de momenten dat de leerkracht in mij het even overneemt. In Parijs heeft ze eens een dag geoefend om de naam van een kerk juist te kunnen uitspreken.
  • Ze vindt mijn flauwe moppen grappig en lacht zelfs met nog flauwere moppen.
  • Hoewel wij heel vaak met elkaar praten en elkaar ook kunnen begrijpen zonder woorden, raken wij toch nooit echt uitgepraat.

IMG_4182b

Liefste Sisje, het is een eer en een genoegen, een ongekend privilege, een oprecht voorrecht – elke dag weer – om jouw grote zus te mogen zijn. Ik kus mijn beide handjes dat ik 27 jaar geleden voor mijn zevende verjaardag zo’n prachtig verjaardagscadeau kreeg. Van harte proficiat!

 

 

 

 

Het boek – Mijn zomervakantie in 20 boeken

Een zomer zonder boek is als een marathonloper zonder plan: hopeloos verloren. In de zomervakantie prijkt lezen bovenaan mijn prioriteitenlijstje. Ik kies dan bewust voor boeken die ik heel graag wil lezen en waar ik iets van verwacht. Zomerse leestijd is namelijk een kostbaar goed. Het is me deze zomer aardig gelukt om goede keuzes te maken. Van de twintig boeken die ik las, vielen er slechts drie echt tegen. En ook dat is niet erg, want zoals ik ook tegen mijn leerlingen zeg: een boek is nooit verspilde tijd, maar altijd een waardevolle ervaring. Amen.

IMG_1078b

Een eerste inspirerende hoofdrol was toebedeeld aan Grand Hotel, een meesterwerk uit 1929 van de Oostenrijkse schrijfster Vicki Baum. Baums Grand Hotel bevindt zich in het Berlijn van de jaren twintig. Een allegaartje aan personages vindt er grandeur, troost en onderdak. Elk van hen symboliseert een bepaald type persoon uit die tijd, zoals de charmante boef Gaigern die hopeloos verliefd wordt op de eenzame en veel oudere ballerina Groezinskaja. Al snel heb je door dat die op het eerste zicht tegengestelde personages met identiek dezelfde levensvragen en -verwachtingen worstelen. Ik concludeerde dat er 90 jaar later op de automobiel na misschien niet zo heel veel veranderd is en dat we allemaal een beetje Kringelein, Gaigern of Preysing herbergen.

Ook in Elke ochtend de zee van de Duitser Karl-Heinz Ott speelt het hotelleven een rol. Sonja blikt terug op haar leven waarin ze dertig jaar lang een hotel uitbaatte samen met haar inmiddels overleden man. Het is het soort leven waarin de onderhuidse pijn steeds voelbaarder wordt en het geluk ver zoek is. Sonja belandt uiteindelijk in een afgelegen plaatsje aan de Welshe kust waar ze dagelijks meerdere uren naar de zee kijkt. Daar gaat een zekere rust, maar ook dreiging van uit. Zonder meer een schot in de roos van Ott, die niet voor niets de Duitse Julian Barnes wordt genoemd. In Birk van Jaap Robben speelt de zee net zo’n gemeen spelletje met de jonge Mikael. Hij woont met zijn ouders op een afgelegen eiland tussen Schotland en Noorwegen. Contact met de buitenwereld is er amper. Mikaels wereld wordt nog kleiner als zijn vader Birk spoorloos in zee verdwijnt en zijn moeder langzaamaan de controle verliest. Een verhaal waar de tragiek zich vanaf de eerste pagina aankondigt en dat je daardoor niet kan lossen.

IMG_1084b

Ik mocht deze zomer nog maar eens ervaren hoe rijk de Noorse literatuur is. Een eerste parel was het minimalistische Buiten de orde van Tomas Espedal, waarin een oudere weduwnaar zijn liefdesbreuk met een jongere vrouw probeert te verwerken. Espedals romans vallen op door hun fragmentarische aard. Buiten de orde lijkt uit een hoop brokstukken te bestaan die de verteller één voor één bestudeert en navertelt. Dit maakt van Espedals stijl niet de meest toegankelijke. Ik liet de flarden die het verhaal vormen gewoon over me heen komen en werd meermaals geraakt door de schoonheid van Espedals proza.

Een andere Noor die een heel gevoelig snaar kon raken was Tarjei Vesaas met Het ijspaleis (1963). Het is het verhaal over de korte, doch intense vriendschap tussen Unn en Siss, twee meisjes die opgroeien op het Noorse platteland. Het ijspaleis is de naam van een indrukwekkend natuurverschijnsel: een bevroren waterval waar je in kan ronddwalen. Unn gaat in haar eentje op ontdekking in het mysterieuze ijspaleis en keert niet meer terug. Siss is ten einde raad. Dit boek was voor mij de absolute topper van de zomervakantie. De unieke personages overweldigen en vanaf de eerste woorden was ik geïntrigeerd door de wereld die Vesaas creëert, net zoals hij dat deed in De vogels.

IMG_1024b

Tot slot las ik nog drie boeken met een bijzondere, zeg maar compleet losgeslagen, vrouw als hoofdpersonage. Het meest bevreemdende boek was zonder enige twijfel De vegetariër van de Zuid-Koreaanse schrijfster Hang Kan. Nadat de jonge vrouw Yeong-hye een vreselijke nachtmerrie heeft, beslist ze van de ene dag op de andere om vegetariër te worden. In Zuid-Korea is vegetarisme een behoorlijk choquerende daad. Voor Yeong-hye is dit het begin van het einde. Haar ultieme streven is namelijk om een boom te worden. Jawel.

IMG_0970b

My Year of Rest and Relaxation van Ottessa Moshfegh gaat over een jonge vrouw die besluit om zichzelf een jaar lang te drogeren met slaap- en kalmeringspillen. Moshfeghs toon is aanvankelijk licht en humoristisch waardoor je niet meteen stilstaat bij de motieven achter de bizarre beslissing om in narcotic hibernation te gaan. In tegenstelling tot wat je misschien verwacht, biedt een gedrogeerde verteller meer dan voldoende stof tot vertellen. Gaandeweg passeren er namelijk personages met een serieuze hoek af en kom je ook meer te weten over de trieste voorgeschiedenis van het hoofdpersonage. Een zelfde patroon valt te ontwaren in Eleanor Oliphant Is Completely Fine van Gail Honeyman. Eleanor houdt zichzelf voor dat ze volkomen tevreden is met het door routine gedomineerde leven dat ze leidt, waarbij ze elke vorm van sociaal contact zoveel mogelijk uit de weg gaat. De waarheid is echter genuanceerder dan dat. Eleanor is een personage dat mijlenver van je af staat, maar toch kan je niet anders dan meteen heel veel sympathie voor haar te voelen.

IMG_1066b
Mijn metekind Leah is nu al voorbestemd om een grote lezer te worden

Dit was mijn boekenzomer 2019. Hup, vooruit! Nu gaan lezen!

*****
Het ijspaleis – Tarjei Vesaas

****
Birk – Jaap Robben
Buiten de orde – Tomas Espedal
De ijsmakers – Ernest Van der Kwast
De vegetariër – Han Kang
Eleanor Oliphant Is Completely Fine – Gail Honeyman
Elke ochtend de zee – Karl-Heinz Ott
Glorie – Patricia Jozef
Grand Hotel – Vicki Baum
Het menselijk lichaam – Paolo Giordano
Het slagveld – Jérôme Colin
Kamers Antikamers – Niña Weijers
My Year of Rest and Relaxation – Ottessa Moshfegh
Nultijd – Juli Zeh
Sofia draagt altijd zwart – Paolo Cognetti

***
Lieve Céline – Hanna Bervoets
Tussen april en september – Tomas Espedal

**
De avond is ongemak – Marieke Lucas Rijneveld
De verboden tuin – Wessel te Gussinklo

*
Het wordt spectaculair. Beloofd. – Zita Theunynck

IMG_1089b

 

Loperspraat – Mijn loopkalender voor het najaar

Of je nu vindt dat het nog zomer is of al herfst: het najaar staat zachtjes op de deur te kloppen in gezelschap van zijn goede vriend het loopseizoen. Regen en wind zijn misschien niet meteen de weerselementen die de loper op zijn pad wenst, maar eigenlijk is een streepje grijs in najaar veel geschikter loopweer dan de zomerse warmte. Gedaan dus met zonnecrème smeren op een bezwete rug, weg met de dehydratatie en de pijnlijke schuurplekken! En als de duisternis zijn intrede doet, moet je maar denken aan de woorden van Leonard Cohen: there’s a crack in everything, that’s how the light gets in. Ik doe graag uit de doeken welke loopdoelen Roos en ik met stip in onze agenda hebben genoteerd. Aan plannen geen gebrek!

Op zondag 22 september tekenen we present voor de tweede editie van de Leuven Nature Trail. Het woord trail in combinatie met Leuven is wat misplaatst. Een juistere beschrijving is: een groene looproute over een grotendeels off-road parcours. Roos en ik zijn ingeschreven voor de langste afstand van 25 km. Wat dit evenement uniek maakt, is dat je aan de finish in Leuven de trein naar Sint-Joris-Weert neemt, waar de startlijn ligt. Van daaruit gaat het door het Meerdaalwoud naar vertrouwd gebied in Heverleebos en via Abdij van Park naar de finish aan het station in Leuven. Vorig jaar vond ik deze wedstrijd geen onverdeeld succes, aangezien de regen bijna constant met bakken naar beneden kwam. Bovendien werd ik dan ook nog eens doorweekt op de fiets, zowel op de heen- als de terugweg. Ook mijn optimisme kent grenzen. Ik hoop dus op een drogere tweede editie en kijk uit naar het samen lopen met Roos.

De afgelopen zes jaar liep ik in oktober ofwel de halve ofwel de volledige marathon in Brussel. Dit jaar staan we op zondag 6 oktober aan de start van de halve marathon. Het parcours vertoont veel overeenkomsten met de 20 kilometer van Brussel, maar de halve marathon kent een kleiner deelnemersveld. Zowel start als finish verlopen dan ook wat rustiger. Het plan is om nog eens plankgas te geven. Na de gemiste CPC Loop in het voorjaar liep ik immers nog geen halve marathon in wedstrijdverband. Mijn snelste halve marathon in Brussel liep ik in 1:37 (2017). Ik heb heel veel zin om onder die tijd te duiken, al vind ik het ook een beetje jammer dat ik niet aan de start sta van de hele marathon. Ik liep die al drie keer en heb aan elk van die marathons heel mooie herinneringen. Dit jaar zal ik dus dubbel zo hard van de kilometers van de halve moeten genieten.

Ik loop mijn oh zo geliefde marathon in Brussel niet omdat Roos en ik op zondag 20 oktober samen de marathon in Brugge zullen lopen. Wij kozen voor deze relatief jonge marathon omdat Roos haar persoonlijke marathontijd (PR voor de insiders) wil verbeteren. Daar kan je maar beter een vlak parcours voor kiezen en dat vind je dus in Brugge en niet in Brussel. Voor Roos wordt Brugge haar vierde marathon. Haar PR staat momenteel op 3:43 (Rotterdam 2016). Ik zal als haar persoonlijke haas of pacer alles uit de kast halen om die tijd onder de 3:40 te brengen. Eigenlijk is dit dus niet minder dan een droom die uitkomt. Mijn taak bestaat eruit om een constant tempo te lopen zodat Roos haar wagonnetje kan aanhaken, wat uit de wind wordt gezet en niet moet rekenen. Uiteraard zal ik haar met mijn doorgedreven aanmoedigingen ook tot het uiterste drijven. Als dat al nodig is, want Roos verkeert in topvorm. Professionele pacers stappen na 30 kilometer uit de wedstrijd, ik ga door tot het bittere eind, zodat we zij aan zij kunnen finishen. Dat deden we ook bij ons marathondebuut in 2015, toen er van hazen geen sprake was.

Na ons marathonavontuur gaat het in november richting de Kempen, meer bepaald naar het doorgaans modderige Kasterlee. Op 17 november lopen we daar de halve marathon: een familiegebeurtenis waarbij het altijd slecht weer lijkt te zijn en er vaak een Odeyn ten val komt. November wordt sowieso een zware trainingsmaand omdat ik dan in volle voorbereiding ben voor de Hel van Kasterlee, want jawel: ook dit jaar zal ik eraan geloven. Op zondag 22 december zal ik weer het onderste uit de kan halen om te finishen in de zwaarste winterduatlon ter wereld. Ik kan ook weer rekenen op Roos als trouwe begeleider. Vorig jaar werd ik dus onverwacht derde. Daarom leek het vanzelfsprekend dat ik me een tweede keer aan dit spektakelstuk zou wagen. Ik kijk met gemengde gevoelens naar de komende trainingsmaanden. Langs de ene kant heb ik er veel zin in. Ik focus me nu vooral op de voorbereiding van de marathon. Langs de andere kant herinner me maar al te goed hoe nat, koud, donker en eenzaam de trainingen in november kunnen zijn. Wekelijks was ik toen zo’n 20 uur aan het fietsen en lopen en daarnaast gaat mijn leven natuurlijk ook gewoon verder. We zien wel hoe het mij dit jaar bevalt.

Vergeet niet om morgen kaarsjes te branden, vingers te kruisen en duimpjes op te houden. Mijn broer strijdt namelijk vanaf 9u voor de wereldtitel duatlon in het Zwitserse Zofingen! Go Brobro!

 

 

Loperspraat – Nog meer zomer in augustus

Joepie! Morgen ga ik terug naar school! Na 9 weken ben ik weer helemaal opgeladen voor een nieuw schooljaar. Hoewel ik weinig concrete plannen had in augustus gebeurde er toch behoorlijk wat. Op sportief gebied bouwde ik de trainingen weer op in het kader van de najaarsplannen. Ik ging ook op uitstap en telde elke dag af tot Leah zou komen. Toen ze eenmaal geboren was, wilde ik haar natuurlijk zo vaak mogelijk zien. Naast mijn belangrijke rol als meter was er nog tijd om te lezen. Boeken werden verslonden, waarover later meer. Er was zelfs ook nog tijd om te barbecuen met Roos en Niko in hun paradijselijke tuin. Dit alles werd overgoten met mijn muzikale ontdekking van de maand: The Cat Empire! Ik ontdekte de Australische band van Felix Riebl very old school via de radio. Ik hoorde Brighter Than Gold (opzoeken!) en hoorde plots wat voor geweldig nummer dat is. Het bijhorende album Steal the Light overspoelde mij met trompetgeschal, latino invloeden en heel veel positieve energie. Net wat ik nodig had op de fiets, al lopend of gewoon liggend op mijn terras.

Ik nam een vliegende start in augustus. Na tien dagen had ik al meer bij elkaar gefietst dan tijdens de maand juli. Heel verwonderlijk is dat niet, want in juli deed ik het rustiger aan in aanloop naar en na afloop van de La Chouffe trail. Met die verjaardagsviering van Juan zat het dus wel snor. Voor de najaarsmarathon die ik zal lopen, was het tijd om de trainingsarbeid terug op te drijven. Ik blijf grote fan van de combinaite fiets- en looptraining. Het is voor mij de ideale manier om duurinspanningen te trainen zonder uren aan een stuk te moeten lopen. Ik verbaas me er steeds over dat ik best vlot kan lopen na anderhalf uur op de mountainbike te zitten. Er stonden ook enkele “gewone” duurlopen op de planning, waarbij ik steeds te koppig was om water mee te nemen, met als gevolg dat ik serieus gedehydrateerd thuis aankwam. Eigen schuld, dikke bult. Helaas had mijn rug er niet altijd evenveel zin in. In juli was er al enig gesputter te bespeuren, de afgelopen maand was het hek helemaal van de dam en werd mijn tere rug steeds stijver, strammer en stroever. De opgelegde mobilisatie-oefeningen van de kinesitherapeut konden slechts matig soelaas bieden. Zoals wel vaker, bleek het plots als vanzelf weer beter te gaan met die rugperikelen en heb ik er nu nog weinig last van.

IMG_0686b

Naast de Dossinkazerne bezocht ik met mama ook het Africamuseum in Tervuren. Dat was jaren gesloten voor renovatiewerken en ik was dus benieuwd hoe het er nu uit zou zien. De ligging aan het park van Tervuren en het gebouw zelf zijn indrukwekkend te noemen. Het museum is onderverdeeld in verschillende ruimtes waar telkens een ander aspect van Afrika centraal staat. Wij begonnen ons bezoek met de zaal over taal en cultuur. Het viel meteen op dat er wordt ingezet op interactiviteit en dat er dus ook op een jonger publiek gemikt wordt. De zaal met de opgezette dieren over de Afrikaanse fauna en flora is wellicht de bekendste. Leuk om te zien allemaal, maar wij misten wat overzicht en duiding in het museum. De koloniale beelden die controverse uitlokten, worden wel van een toelichting voorzien, maar daar bleef het dan ook bij. Na ons bezoek aan de Dossinkazerne vonden we dat het Africamuseum toch kansen onbenut laat.

IMG_0756b

En nu dus terug naar school. Om de voorschoolse spanning aan te wakkeren, kocht ik wat schrijfgerief en een nieuwe brooddoos. Ik moet eerlijk zeggen dat ik die eerste schooldag best spannend vind. Wie zal er allemaal voor mijn neus zitten? Zullen de leerlingen wel naar mij luisteren? Zal ik mijn leerkrachtige vaardigheden niet verleerd zijn? Uit ervaring weet ik dat ik die doorgaans niet verlies tijdens de vakantie. De komende weken zal het weer puzzelen zijn om schoolse en naschoolse activiteiten te combineren. Morgen bijvoorbeeld, als ik samen met Roos naar het langverwachte concert van Hozier in Brussel ga. Het is nog lang niet voorbij die mooie zomer!

 

Het moment – En toen was Leah er

Dinsdag 20 augustus 2019 was een mooie zomerdag die nog stralender werd toen ik het verlossende nieuws kreeg dat de dochter van Marike en Peter geboren was. Ze kreeg de prachtige naam Leah. Na Laurien en Vik is ze het derde kleinkind van mijn ouders. Ik werd voor het eerst meter, Seppe werd voor het eerst nonkel en Roos werd voor de derde keer tante. Familie-uitbreiding dat is altijd een heuglijke gebeurtenis. Roos en ik liepen dan ook met gehaaste pas door de ziekenhuisgangen met Niko in ons zog. Liefst van al hadden we iedereen die ons passeerde door elkaar geschud en geroepen dat onze zus (!) een baby (!) had gekregen (!). En toen zagen we Leah dus voor het eerst. Met sprekend gemak overtrof ze de verwachtingen. Er schoot van alles door me heen. Ik wilde haar tot in het kleinste detail bestuderen zodat ik nooit zou vergeten hoe ze er haar eerste uren uitzag. Ik wilde de kersverse ouders vastpakken en niet meteen loslaten om te laten weten hoe fier ik op hen was. Uiteindelijk deed ik alles een beetje, denk ik.

KLCT9356

De zwangerschap werd in intieme familiale kring aangekondigd op kerstavond. Toen het nieuws officieel was, konden we openlijk aftellen naar de komst van de garnaal, zoals Roos en ik haar aanvankelijk noemden. Zo groot was ze namelijk in het prille begin. Roos en ik smeedden heel veel plannen: we zouden de garnaal de wereld laten zien, alle creatieve en sportieve registers opentrekken, een tante-dag per maand opeisen en ga zo maar verder. We waren er rotsvast van overtuigd dat die garnaal een jongen zou zijn. Ik droomde zelfs eens dat de baby de naam Louis kreeg. Tot Peter via de telefoon gevleugelde woorden sprak: ijsje, ijsje, ijsje, wij krijgen een meisje! We trokken meteen een nieuw blik met plannen open en een nieuwe fase in het grote aftellen was aangebroken. Wachten kan lang duren.

WKQU1013

In maart kreeg ik van Marike een lief kaartje met de vraag of ik meter wilde zijn van hun eerstgeborene. Wat een eer! Tijdens het marathonweekend in Parijs bespraken we uitvoerig onze naamvoorkeuren. Ik overliep alle leerlingen die de afgelopen jaren in mijn klas hadden gezeten en ik bedacht ook de waanzinnigste namen die slechts matig enthousiast onthaald werden. In mei bevond ik me als meter in een geprivilegieerde positie. Ik kreeg het ontwerp van het geboortekaartje te zien mét De Naam. We gingen naar de stoffenwinkel en stelden een kleurenpalet samen voor de doopsuikerzakjes en enkele onmisbare babyspullen waar ik als creatieve meter voor zou zorgen. Op basis van het ontwerp en de kleuren van het geboortekaartje kozen we voor wit-zwarte stoffen met okerkleurige of gouden accenten en driehoekjes. Het was de eerste stap van een top secret missie waar we later over zouden communiceren als codewoord sesam, een vondst van Peter. Ik praat graag, maar ik zwijg ook graag als er geheimen gedeeld worden. Om Roos op een dwaalspoor te zetten, verkondigde ik af en toe dat de baby Veronica zou heten en later schudde ik zelfs Kuki uit mijn mouw. Heel geloofwaardig was dat niet.

IMG_0943b

De prototypes voor de doopsuikerzakjes werden eind juni unaniem goedgekeurd door de ouders in spe, mede dankzij de stijlvolle gouden Leah-labels. Ik maakte drie verschillende zakjes: een klein ritszakje, een sleutelhangerzakje volgens dit patroon en een stropzakje. Nadien voegde ik nog sleutelhangers toe aan het assortiment. De timing voor Leahs komst was perfect. De zomervakantie begon en ik trok me een week terug in mijn hobbykamer. Er rolden niet alleen zo’n 90 zakjes van onder mijn naaimachine, maar ook naamslingers, dekentjes en aankleding voor het park. Een wolkenkussen bijvoorbeeld, anno 2019 onmisbaar voor elke pasgeborene. Zo zagen ook de eerste stuks van de exclusieve Flat White Petite collectie het levenslicht: babykleding die ik maakte met restjes van zelfmaakprojecten voor mezelf. Leah zal dus kunnen twinnen en zelfs trinnen met de voltallige familie.

IMG_0977b

Leah is nu ruim een week oud. Ze is zonder enige twijfel de knapste, liefste en bijzonderste baby die ik al ooit gezien heb. Het straffe is dat ze daar helemaal niets voor moet doen. Ze is voorbeeldig als ze vredig in de wieg ligt te slapen. Ze is een net meisje als ze een heel bescheiden babyscheetje laat. Ze is schattig als ze met een voldane blik dicht tegen mama aan van haar maaltijd bekomt. Ze is ontzettend knap als ze ogenschijnlijk nonchalant met haar blauwe ogen in het rond kijkt. Haar charme is ongezien.

IMG_0927b

Wij hebben het niet alleen getroffen met ons nichtje, zij heeft het ook getroffen met haar ouders. Peter laat geen moment onbenut om te cocoonen met zijn dochter. Hij houdt uitgebreide statistieken bij over haar gewicht en de voedingen. Marike moedert en zorgt voor Leah alsof ze nooit anders gedaan heeft. Samen zijn ze toegewijde ouders die met veel liefde en geduld een warm nest geven aan hun dochter. Toen Seppe voor het eerst vader werd, viel het me ook op hoe makkelijk hem dat afging. Ik gloei van trots als ik mijn broer of zus in die ouderrol zie. Ze zijn de papa en mama die volledig in lijn ligt met hun karakter. Ondanks dat alles anders is, lijkt het daardoor alsof er eigenlijk helemaal niks veranderd is. Ik heb zelf geen kinderen en ik weet niet of dat zal veranderen. Nu ben ik meter en die rol neem ik ter harte. Ik kan niet wachten om Leah voor te lezen en met haar door het bos te wandelen. Ik ben nu al stapelverliefd op haar. Hou jullie vast, ze komt eraan: Leah gaat de wereld veroveren.

IMG_0972b

De gedachte – Mijn voedingsprincipes

Het kookboek staat nog steeds aan het roer van de boekenmarkt. Aan zowat elk groente is een boek gewijd, net zoals aan specifiek kookgerei. Vergeet de ovenschotel, het is nu de bokaal – ofte jar – die het mooie weer maakt in de keuken. Schrijven over eten is hip, je eten fotograferen is de normaalste zaak van de wereld, die foto’s delen ook. Kookboeken zijn vaak inspirerend en vervlochten met een specifieke levensstijl. Langs de andere kant moeten we heel veel tegenwoordig. Gezond zijn bijvoorbeeld en gezond eten dus. Sommige kookboeken lijken bijbels te zijn van een uitgedokterde voedingsreligie. Dat is jammer, want zo lijkt het alsof je je moet beperken tot een bepaalde voedingsleer. Kiezen is verliezen, geldt zeker op gastronomisch gebied. Mijn voedingsgewoontes veranderden de afgelopen jaren toen ik steeds meer begon te sporten. Soms sloeg de slinger te ver door. Ik concludeerde dat ik daar niet gelukkig van werd en dat het leven te kort is om honger te lijden. Daarom stel ik jullie met de nodige nuchterheid en geheel vrijblijvend mijn persoonlijke voedingsprincipes voor.

  1. Koolhydraten zijn niet des duivels (en koffie ook niet)
    Variatie is het sleutelwoord van een gezonde voedingsstijl. Daarom zal ik nooit een bepaalde voedingsgroep volledig uitsluiten. Koolhydraatarm eten is tegenwoordig in. Ik begrijp dat niet zo goed. Vetten, suikers en koolhydraten zijn net zo goed essentiële voedingsstoffen als vitaminen en proteïnen. De verhoudingen moeten kloppen. En hoewel elke dag twee liter koffie drinken wellicht iets te veel van het goede is, maakt dat van een koffiedrinker nog geen drugsverslaafde.
  2. Elk lichaam is anders
    Uit Het sportkookboek van diëtiste Stephanie Scheirlynck leerde ik dat er verschillende lichaamstypes bestaan. Kort gezegd maakt de ene mens gemakkelijk spieren aan, slaat de ander makkelijker vet op en blijft nog een andere slank ongeacht wat hij erdoor jaagt. Als die drie types identiek hetzelfde zouden eten, zouden ze er nog steeds verschillend uitzien. Dat impliceert ook dat slank zijn, niet per se gelijk staat aan gezond zijn. Als sporter is het de kunst om het maximale uit jouw lichaam te halen. Het heeft dan weinig zin om je blind te staren op een bepaald gewicht.
  3. Denk niet in termen van “zondigen”
    Het is vaste koek bij elk dieet: eenmaal per week mag je zondigen. Ik vind dat een heel triestig idee. Je zit een week hongerig op je tandvlees, mag jezelf sussen met de saaiste koek van het schap en als je dan één keer echt iets mag eten wat je heel lekker vindt, dan heet dat een zonde. Probeer er dan maar eens onbeschaamd van te genieten. Als ik elke dag zou eten alsof het mijn laatste dag is, dan zou ik altijd taart eten. Dat is niet zo verstandig en die taart zou me niet meer zo goed smaken. Taart als zondig beschouwen, is een brug te ver. Nooit taart eten, dat is pas een zonde.
  4. Calorieën tellen maakt je ongelukkig
    De Amerikaanse top marathonloopster Shalane Flanagan legt in Run Fast. Eat Slow. uit dat je je niet moet focussen op calorieën, maar moet kiezen voor indulgence food. Kies dus voor voedzame producten die je een voldaan gevoel geven, zodat je je lichaam voedt en niet louter vult. Minder calorierijke light-producten zijn niet per se gezonder dan de volle variant. Wegen, meten en tellen maakt vaker ongelukkig dan dat het iets bijbrengt. Het exacte aantal calorieën dat een product bevat, is namelijk geen exacte wetenschap, laat staan hoe jouw individuele lichaam dat verbrandt. Gebruik calorieën desnoods als een leidraad, maar vertrouw op je gevoel en eet dus gewoon kaas en Griekse yoghurt.
  5. Negeer de Nutri-Score
    Op diverse producten kan je een Nutri-Score terugvinden die je met een cijfer van A tot E aangeeft hoe gezond een product is. Het zou aangetoond zijn dat dit label daadwerkelijk aanzet tot gezondere voedingskeuzes. Ik heb daar ernstige twijfels bij. De Nutri-Score is eerder een calorie-index. Alles wat hoog is in calorieën scoort automatisch laag. Zo creëer je absurde situaties waarbij olijfolie, volle yoghurt, kaas en gerookte zalm als ongezond worden bestempeld en diepvriesfrieten, kant- en klare maaltijden en hamburgerbroodjes zogenaamd gezonde alternatieven zijn. Het moet echt niet gekker worden.

Omdat ik én veel sport én geen vlees eet, word ik vaak in het hokje van de gezondheidsfreaks geplaatst. Ik vind gezond eten belangrijk, maar je gezond verstand gebruiken en bewuste keuzes maken belangrijker. Gezond eten is voor mij geen doel op zich. Net zoals ik niet alleen loop om marathons te kunnen lopen. Ik vraag behoorlijk wat van mijn lichaam en dus moet ik dat goed verzorgen. Daarom zal ik altijd tijd maken om te koken en te eten. Ik eet veel groenten en fruit omdat ik dat lekker vind, niet omdat het moet. Ik eet niet alleen maar groenten en fruit omdat andere dingen ook lekker zijn en mijn lichaam meer nodig heeft dan dat om goed te kunnen functioneren. Je hebt slechts één lichaam om je leven mee te leven. Laat ieder voor zich beslissen wat en hoe die eet. Ja, ik beken dus: ik eet behoorlijk gezond, maar ik eet vooral heel erg graag.

Het moment – Een bezoek aan de Kazerne Dossin in Mechelen

Een bezoek aan de Kazerne Dossin zou voor iedereen verplichte kost moeten zijn. Je zou er opnieuw en opnieuw moeten langsgaan zodat een vreselijk deel van onze geschiedenis niet vergeten wordt. Tot die conclusie kwam ik maandag nadat ik het museum verliet. Ik ben spendeerde er 2,5 uur samen met mama. We waren danig onder de indruk. De militaire kazerne stamt uit de 18e eeuw en beleeft een gitzwarte periode tijdens de Tweede Wereldoorlog. Tussen juli 1942 en september 1944 was het een deportatiecentrum waar ruim 25.000 Joden en enkele honderden Roma en Sinti gedeporteerd werden naar het concentratiekamp van Auschwitz-Birkenau. Amper 5% overleefde de horror. Lang geleden bezocht ik de Dossinkazerne al eens met school. Ook dat bezoek hakte er flink in. Als leerkracht besef ik hoe belangrijk herinneringseducatie is. Nu besef ik dat die ook verder dan het onderwijs moet reiken.

In een korte introductiefilm krijg je te zien dat jodenhaat van alle tijden is. De Jood zit als slechterik diepgeworteld in ons verleden. Reeds in de middeleeuwen worden Joden gestigmatiseerd en bruut vermoord, net zoals heksen. Karikaturale afbeeldingen presenteren hen als bedriegers en dieven. Voor de doorsnee middeleeuwer stond het als een paal boven water dat het Joden waren die Christus eigenhandig aan het kruis hebben genageld en ook de aanleiding hebben gegeven tot die vreselijke daad. Judas, de verrader, zou ook een Jood zijn. Kortom: de Jood is de grote boeman en bijgevolg ook pineut van de westerse geschiedenis. In de introductiefilm wordt ook verwezen naar andere genocides uit de 20e eeuw. Ze tonen aan dat als de ander gedehumaniseerd wordt, de gevolgen niet te overzien zijn.

IMG_0872b

Op de eerste verdieping van het museum staat de historische achtergrond van het nazisme en de aanleiding tot Hitlers vervolging van de Joden centraal. Het mechanisme van de massa wordt blootgelegd. Bij een gigantische foto van joelende festivalgangers op Tomorrowland lees je hoe de kracht van de massa werkt: je eigen “ik” verdwijnt, je wordt opgeslokt en meegesleurd in de euforie. De totalitaire dictatuur die in 1933 ontstaat in Nazi-Duitsland maakt daar handig gebruik van. Stelselmatig worden Joden steeds meer rechten ontnomen. Ze mogen zich enkel onder heel strikte voorwaarden in het openbare leven vertonen. Ze mogen hun beroep niet meer uitoefenen en moeten naar aparte scholen gaan. Ze worden kortom steeds meer de ander, steeds minder mens. Volgens Hitler zijn ze een zwak ras dat verjaagd moet worden om het bloed te zuiveren.

Op de tweede verdieping staat angst centraal. Joden worden ook in België geviseerd en opgejaagd. Als de Tweede Wereldoorlog losbarst, zijn ze voorgoed hun recht op een eigen leven kwijt. Vluchten, onderduiken of je vreselijke lot ondergaan? Je kinderen achterlaten of mee de dood in sleuren? Het zijn hartverscheurende beslissingen die je moeilijk een keuze kan noemen. De cijfers over de Dossinkazerne zijn bikkelhard. Met elk mensonterend transport vanuit Mechelen werd een duizendtal Joden vervoerd naar Auschwitz-Birkenau. Soms overleeft niemand het concentratiekamp. Hoogst uitzonderlijk zijn er 30 overlevenden. Het museum eindigt op de derde verdieping dan ook met dood als centrale thema. Tal van portretten, brief- en beeldfragmenten geven een gezicht aan de gruwel. Die individuele verhalen hebben overeenkomsten, maar uiteindelijk is elk verhaal uniek. Elk mensenleven is immers uniek. Elk mensenleven dat verloren is gegaan, is er één te veel.

IMG_0876b
Deze grijze muur heeft enkele gekleurde portretten: die van Holocaust-overlevers

Verspreid over het museum hoor je in vijf delen de beklijvende getuigenissen van vijf overlevers. Ik volgde het verhaal van Marie Pinhas. Ze werd in 1931 geboren in Griekenland en emigreerde een jaar later met haar ouders naar België. Het gezin woont in Laken, waar beide ouders werken. Marie heeft nooit beseft dat zij Joods was. Op school werd ze la petite Grecque genoemd en thuis wordt het joodse geloof niet gevolgd, maar het christelijke. Om die reden weigert haar vader hen als Joden te laten bestempelen. Ook als de dreiging toeneemt, probeert hij angstvallig hun Joodse identiteit te verhullen. Het gezin duikt onder, wordt verklikt en belandt in juli 1944 in de Dossinkazerne. Ze maken deel uit van het 26e en laatste transport vanuit Mechelen naar Auschwitz. Voor de medische keuring komt Marie oog in oog te staan met engel des doods, Josef Mengele. Ze liegt over haar leeftijd, waardoor ze niet rechtstreeks naar de gaskamers gaat, maar slavenarbeid moet verrichten: haar enige kans om te overleven. Ga naar Marie luisteren om het volledige verhaal te horen. Je zal een kranige dame zien die op haar veertiende abrupt volwassen werd.

IMG_0889b

We eindigden bij de kunstinstallatie Left Luggage van Willy Baeyens. Hij zocht een manier om zijn bezoek aan de Dossinkazerne te verwerken en begon daarom ingetogen olieverfportretten te schilderen van Joodse kinderen die de Holocaust niet overleefden. Uit het ene schilderij ontstond een volgend. Dit resulteerde uiteindelijk in ruim 100 portretten die in oude reiskoffers werden geplakt. De koffers liggen semi-nonchalant over de ruimte verspreid alsof ze uit een vrachtwagen zijn gevallen. In een filmpje geeft de kunstenaar uitleg bij de totstandkoming van de installatie. Ik had gemakkelijk een uur kunnen kijken naar die schilderijen. Ze hebben me diep geraakt, net zoals het verhaal van Marie dat deed.

img_0891b.jpg

Meer informatie over de Dossinkazerne vind je hier. Wacht niet te lang als je Left Luggage wil bewonderen: deze tijdelijke expo is nog tot 15 september gratis te bezichtigen tijdens de openingsuren van het museum.